Skip to main content

Full text of "Geschiedenis van het Nederlandsche zeewezen"

See other formats


Google 



This is a digital copy of a book that was prcscrvod for gcncrations on library shclvcs bcforc it was carcfully scannod by Google as part of a project 

to make the world's books discoverablc onlinc. 

It has survived long enough for the copyright to cxpirc and the book to enter the public domain. A public domain book is one that was never subject 

to copyright or whose legal copyright term has expired. Whether a book is in the public domain may vary country to country. Public domain books 

are our gateways to the past, representing a wealth of history, culture and knowledge that's often difficult to discover. 

Marks, notations and other marginalia present in the original volume will appear in this file - a reminder of this book's long journey from the 

publisher to a library and fmally to you. 

Usage guidelines 

Google is proud to partner with libraries to digitize public domain materials and make them widely accessible. Public domain books belong to the 
public and we are merely their custodians. Nevertheless, this work is expensive, so in order to keep providing this resource, we have taken steps to 
prevent abuse by commercial parties, including placing lechnical restrictions on automated querying. 
We also ask that you: 

+ Make non-commercial use of the files We designed Google Book Search for use by individuals, and we request that you use these files for 
personal, non-commercial purposes. 

+ Refrainfivm automated querying Do nol send aulomated queries of any sort to Google's system: If you are conducting research on machine 
translation, optical character recognition or other areas where access to a laige amount of text is helpful, please contact us. We encourage the 
use of public domain materials for these purposes and may be able to help. 

+ Maintain attributionTht GoogXt "watermark" you see on each file is essential for informingpeopleabout this project and helping them find 
additional materials through Google Book Search. Please do not remove it. 

+ Keep it legal Whatever your use, remember that you are responsible for ensuring that what you are doing is legal. Do not assume that just 
because we believe a book is in the public domain for users in the United States, that the work is also in the public domain for users in other 
countiies. Whether a book is still in copyright varies from country to country, and we can'l offer guidance on whether any specific use of 
any specific book is allowed. Please do not assume that a book's appearance in Google Book Search means it can be used in any manner 
anywhere in the world. Copyright infringement liabili^ can be quite severe. 

About Google Book Search 

Google's mission is to organize the world's information and to make it universally accessible and useful. Google Book Search helps readers 
discover the world's books while helping authors and publishers reach new audiences. You can search through the full icxi of this book on the web 

at |http: //books. google .com/l 



1, Google 









> ■ ■ 1 ; 




./Ooglc 



1, Google 



1, Google 



1, Google 






V' 




ihV^Ic 



\ 



-Google 



1, Google 



Dj 



0ESCHIEDENI8 



NEDERLAJ^DSCHE ZEEWEZEN. 



I DiBiiizcdb, Google 

k 



1, Google 



> 



D,-!-ih'Google 



d.A 




It HuMi- Hl/l Hi,l l.,<,\inhlp 



V Google 



GJ^ESOHIEDENIS 

i 
NEDERLAIDSCHE ZEEl 



ian. Mb. J. C. de jonge 



TWEEDE DRUK. 



V*nattne4cKA met de uesebton UDtHleningen Tan den OTeleden Sehrfjn 
ender taaist tu Jbi. J. K. 1. ra Jottm. 



VXJUVÈ DÏBL. - 



HAARLEM, 

A. C. KRUSBHAN. 
1863. 



1, Google 



DiBiiizcdb, Google 



TNH^OUD. 



VUPDE TIJDPERK. 

(TI&TOLO KM slot). 
OVER DEN TOESTAND VAK HIT NÏDEBI.ANDSCHE ZEBWXZSN 
EN DK TCBBETKRIMOEN DAARIN QEBEAQT, VAV HET BEOIX 
DBS BNOELSCHRN OOKI.OOS TOT AAH DX SLOOPINB VAN 
HZT aSHEENEBEST DER TEBEENIGDE NEDSELANDEN. 

Ao. 1780 — 1795 . . • Blz. 1. 

KBUGSTEBKIOTINOXK EN ANDEEE OBBEDBTENI3SEK, VAN DEN 
WAPENSTI1.8TAND EN DAAKOf GEVOLGDEN TKEDE HET 
ENGKlJiND, TOT AAN DE INNEHINQ VaN HET OEXEENE- 
BB9T DOOR DB PEANSCHES. Ao. 1783—1795 . .^ . . " 64. 

ZESDE TIJDPERK, 

VAN DE OEOOTE 3TAATS0HWENTEI.IN0 DES JAARa 1795, 
TOT AAH Dt ONDBRNEUINQ TSQEN IBBI.AND EN DEN 
ZRESt^AG VAN KAUFERDUIN , 11 OCTOBER 1797. . . . u 201. 
ON1>KK,NÏMINO TEQEN IERLAND EN ZEE9LAQ VAN KAMPER- 
DUIN, 11 OCTOBER 1797 * 284. 



^ PlUKING DER POETEBTTKN EN PLATEN. 
I»ortret vsn j. h. tui EnrBsnonr Blï. 46. 

- - CHBIBTIliJI COKSBLIB " 'W' 

• mtïB piniDB 203. 

X>lAD -wwi den («««Ug \^ Kamperdain , 11 October 1797, kort na iet 

daortirelien der B»tagfKhe Unie.. • 8^- 



366712 

DiBiiizcdb, Google 



DiBiiizcdbjGoogle 



INHOUD. 



OEBEURTENISSBN NA DEN ZEBSLAG VAN KAHPIROUIN , 11 
OCTUBBR 1797; OVEROAVB van 's LANDS ESKADER Bil DE 
TI.IBTSK; TBSDE VAN A1IIEN3, 27 HAART 1802. . . .Blz. 429. 

VAN DSN VREDE VAN AHIENS, TOT AAK DB INLIJVING IN 

HET FSANSCHE KBIZBBBIIK, 1802-1810 " 522. 

BIJLApEM " 683. 



PLAATSING DBB PORTRETTEN EN PLATEN. 
Portret vaa wiebd aublb '. Bb. IH. 

. -ca. TIR HÜILL - B40. 

. -Baste van Jbr. Mr. ;. c. si jorob TegcDoïtr ita THd . 

PignratïeJ' p1*n der positie vm 'almdi rioot onder de Vliater Bli. 461. 

Zegels van geeomiDitteerJe Riden, ISgO—lB?? Onder de Byttgao . 

ZubIb tad geoommitteerde Bideo ea der H«ripe tm 1T4S— 1849.. . - - 



V Google 



BEEIGT VOOR DEN BINDER. 



Bij het inbinden van het Tyrde Deel gelieve de Binder het 
portret van Wiird Adxi^, bij dit ^tak gevoegd, te plaatsen tegen- 
over bladzijde 154, en het Portret van Jhr. Mr. J. C. de Jonoe 
tegenover den titel van het Eerste, h^ van het Vijfde Deel. 



V Google 



GESCHIEDENIS VAN HET 
NEDERLAJ^DSCHE ZEEWEZEN. 



VIJFDE TIJDPERK. 

(TEBTOLQ EN SLOT). 

A-. 1780—1795. 



OVER DEN TOESTAND TAK HET NEDETILANDSCBE ZEEWEZEN 
KN BE VERBETERINGEN DAARIN OEBRAQT , VAN HET BEGIN 
DBS ENGEfiSCHEN OORLOOS TOT AAN DE SLOOPINO VAN HET 
GEUËEKEBEST D£B VEREENIODB NEDERLANDEN. 

Alvorens wij overgaan tot het verhaal van hetgeen bij het 
zeewezen na het herstel van den vrede met Groot-Brittanje 
in Europa voorviel, en wat door 's Lands zeemagt aldaar 
tot aan de groote omwenteling, die de vernietiging van het 
Gemeenebest ten gevolge had, verrigt werd, willen wij een' 
blik werpen op zijn toestand in die jaren, en aanwijzen, 
welke verbeteringen daarbij ingevoerd werden , en welke men 
verder beproefde daar te stellen , doch waarvan de verwe- 
zenlijking om verschillende redenen geen plaats vond. 

Zoo groot de verwaarloozing van het zeewezen was in het 
tijdperk, 't welk den jongsten oorlog met Engeland vooraf- 
ging, waardoor het tot eene nog nimmer gekende laagte 
verviel; zoo groot was de ijver, om dat zeewezen, niet lang- 
zamerhand, maar op eens, te herstellen en tot eene hoogte 
te brengen, die het sinds meer dan eene halve eeuw niet 
bereikt had, toen de krijg met deze Mogendheid als aan- 
staande kon beschouwd worden, en vooral nadat hij was 
V. i 



V Google 



Z QESCUIEDBNIS VAN HET 

uitgebroken. Mogt men bij dat herstel niet alecbts met 
ijver, maar ook met beradenheid zijn te werk gegaan! Mogt 
vooral de belangstelling in bet zeewezen niet voorbijgaande 
geweest zijn , en de oude gebreken , welke het zoo vele ma- 
len kwelden, zich niet spoedig op nieuw hebben geopen- 
baard! Dan zou de gesteldheid van het Nederlandsche zee- 
wezen , die aanvankelijk zoo veel goeds deed hopen , in deze 
jaren hebben kunnen worden wat zij wezen moest, en het 
Gemeenebest de eervolle plaats die het vroeger onder de 
Zeefflogendheden besat, maar nu bijkans door eigen schuld 
verloren had, hebben kunnen herkrijgen. Doch burgertwis- 
ten, laauwheid, onwil en wat al niet meer, deden spoedig 
den ijver verflaauwen en onverschilligheid geboren worden , 
waarvan het gevolg was , dat de zeemagt van den Staat meer 
en meer verzwakte, en de pogingen tot verbetering tegen- 
gewerkt en verijdeld werden. Het een en ander gaan wij 
beknopt ontwikkelen. 

Welk eene geestdrift velen, vóór en bij het uitbreken 
van den oorlog met Engeland, bezielde om de vervallen 
zeemagt binnen den kortst mogelijken tijd te herstellen en 
tot eene sterkte op te voeren , dat zij den trotscheo Brit 
kon tuchtigen en vernederen ; welke voorstellen tot aanbouw 
van nieuwe en verbetering der oude oorlogsschepen daaruit 
voortvloeiden , en hoe men , tot volvoering van die voorstel- 
len, krachtdadig de hand aan het werk sloeg, is reeds vroe- 
ger ' gezegd. Wij zullen dus daarop niet terugkomen , maar 
mededeelen , wat gedurende deze jaren , in het algemeen , 
voor de zeemagt gedaan werd. 

Binnen den tijd van twaalf of dertien jaren , dat is , van 
1777 tot 1789 werden niet minder dan zes en veertig oor- 
logsschepen van 60 tot 76 stukken, te weten, negen van 
74 tot 76, negen en twintig van 60 tot 68 en acht van 50 
tot 56 stukken op 's Lands werven of op die van bijzondere 
personen, bij aanbesteding, gebouwd. Daarenboven werden 

■ U. IV, bl. 303—394, 441 , 4?I en ap andere pUatHD. 



V Google 



HBDERLANDSCHB ZBEWSZEN. 3 

er tie» fr^atten van 40 tot 46, een gelijk getal van 36, 
acktticM oorlogsvaartuigen van 16 tot 26 en acht van 8 tot 
12 stukken , vervaardigd , ongerekend eenige kotters en der- 
geUjke ligtere bodemB, die gekocht werden; te zamen uit- 
makende een getal van ttoee en negentig oorlogsschepen. ' 
Tot den aanboaw dezer nieuwe schepen , tot het herstel der 
oude, tot aanvnlling der magazijnen, tot uitrusting en be- 
manning der vloten en eskaders, werd in datzelfde tijdsbe- 
stek de zeer aanzienlijke som van vijf en zeventig millioen 
megen kot^erd gulden te koste gelegd, ongerekend de gel- 
den, die daartoe uit het last- en veilgeld werden besteed 
en welke nog eeuige millioenen bedroegen, en ongerekend 
hetgeen de Admiraliteiten uit hare gewone inkomsten daar- 
voor bijdroegen , en tot instandhouding van het kostbare en 
omslagtige bestuur van het zeewezen, het 'onderhoud der 
worven , de bescherming des handels en andere belangen 
aanwendden. Van deze 75 millioen hadden de gezamenlijke 
Bondgenooten in den jare 1789 omtrent zéatig millioen, de 
provincie Holland alleen ruim vier en veertig millioen hon- 
derd tien duizend gulden betaald, doch de overige vijftien 
millioen waren onvoldaan gebleven. * 

Sedert dien tijd tot aan de groote onwenteling vermin- 
derde de aanboaw aanmerkelijk, of liever beduidde zeer 
weinig. Van 1790 tot 1795 werden niet meer dan zes schepen 
gebouwd , waaronder slechts twee van linie , de overige waren 
fr^atten of kleinere vaartuigen. ' De vrede met Engeland, de 
daardoor ver0aauwde ijver der Bondgenooten voor het zee- 



t Zie den Stut aohterdil Deel. Het meerendeel werd gsboawd toucheD ITTSao 17S4, 
tocB 40 icbepeii tan GO toi 7B itekken Teltooid a{ op stapel geiet werden. 

: Zie de lielaDgTijke Tabellen geroegd b<] de gedrukte JUnnoric, houdende het ge- 
neraal Xapport van i* Ferionele Comnuetie vtM hef De/eneUvieten , A<. 1TS9, en 
ia het bjfzonder Taliel d*. O, inboadende eane ReeapilDlatie tan betgeen door ds gen- 
BKnlgke Pronnciea ee door ieder bnnner toot de leemagt b«taald en niet betaald «u. 
jfoUaod aUeen betaalde in ieta meer dan Tier jartn, van 177S tot in bet begin van 
J7SS, mim 27 miltioen voor het leewezen, lie Sa.tan HoU. 18 Maart 1783; eu 
na ]778 tot 1789 mim 19 en een half millioen voor arnhmuB, en ruim 2& en een 
balf milli*»»" ''O"' «Üficrfiiij. 

3 Zie den Staat i* de M^n aebter dit Deel. 

, 1» 



V Google 



4 GESCHIEDENIS VAN HET 

wezen , onverschilligheid , gelcisgebrek en de oorlog met Frank- 
rijk waren de voornBme oorzaken van dien minderen bouw. 

Er zijn bij den grooten aanbouw, welke voornamelijk tij- 
dens en kort na het uitbreken van den Ëngelachen oorlog 
plaats vond, eenige belangrijke bijzonderheden op te mer- 
ken, te weten; de wijs, waarop de schepen gebouwd wer- 
den; hunne vergrooting in vergelijking met die van vorige 
tijden; hunne wapening. 

De vervallen zeemagt met bedaard overleg, met ijver, doch 
tevens met behoedzaamheid te herstellen, werd in die dagen 
van opgewondenheid onvoldoende geacht. Men wilde haar 
binnen den kortst mogelijken tijd op eens herscheppen en 
in staat stellen den verwaten Biit te tuchtigen. Dien ten 
gevolge werden niet slechts op alle Lands werven zoo veel 
schepen te gelijk op stapel gezet als zij konden bevatten , 
en de werven met dat doel vergroot en verbeterd, maar 
ook de bouw van onderscheidene schepen van Unie werd 
openlijk aan bijzondere personen aanbesteed , naar het voor- 
beeld van hetgeen ten tijde van den Raadpensionaris joban 
BB wiTT geschied was. Dan , dit doende , vergat men , dat 
tot het boawen van linieschepen , die aan de tegenwoor- 
dige vereischten zouden voldoen, vrij wat meer vereischt 
werd dan in die tijden; dat praktijk alleen in deze dagen 
ongenoegzaam was en grondige theorie mede gevorderd werd. 
Bovendien waren door het gelijktijdig opzetten van zoo vele 
oorlogsschepen, in een oogenblik dat de arsenalen der Ad- 
mirahteiten bijkans ontbloot, de voorraad van scheepsbehoef- 
ten hier te lande gering, 'en de vaart op de Oostzee door 
den oorlog bijkans gesloten was, de benoodigdheden voor 
den bouw niet of zeer schaars te bekomen. Men was uit 
dien hoofde verpligt , in plaats van Noordsch , meerendeels 
Rijnsch, in plaats van droog, groen of versch hout te ge- 
bruiken. Ook werden de schepen, vooral in de eerste jaren, 
met zoo veel overhaasting' gebouwd, uitgerust en in dienst 

■ Oter die oierhiHsling klaagde de Adoiinliteit *in Amatccdaio in md acbrllien ud 
H. H. Mog. ran S Aogiutog 1184, xie Set. H. H. Xog. 10 Aagastos Tin d>t jur. 



V Google 



NEDERLAHDSCHi: ZESWEZEN. 5 

geateld, dat het binnenwerk onmogelijk droegen kon, waar- 
door bet hout spoedig vervuurde , en dat kwaad , 't welk 
ook in onze dagen, nu zoo vele ontdekkingen gedaan en 
zoo groote vorderingen in wetenschappen gemaakt zijn, met 
de meeste voorzorg nog niet geheel is kunnen overwonnen 
wordeo , zich eeilang bij vele schepen openbaarde , in sommi- 
ge zich wijd en zijd verspreidde en deze ten eenemale on- 
bruikbïiar deed worden of tot zware herstellingen verpligtte. 
Aan deze omstandigheden moet , althans grootendeels , toe- 
geschreven worden , dat van de linieschepen , die tusschen 
de jaren 1780 en 1784 gebouwd werden , vóór den jare 1796 , 
dus binnen den tijd van twaalf en zestien jaren, tien^ van 
60 tot 74 stukken, als ganschelijk onbruikbaar moesten ge- 
sloopt of verkocht worden , benevens twee of drie fregatten , 
terwijl er drie linieschepen,* een, twee of drie jaren na 
hunnen bouw onder zulke zonderlinge omstaudigheden ver- 
gingen, det men die rampen meende te moeten toeschrijven, 
't zij aan misbouw , 't zij aan het bezigen van slecht hout. . 
Van den anderen kant verdient het loffelijke vermelding, 
dat men bij den aanbouw der oorlogsschepen in deze jaren , 
althans op 'sLands werven, zich ten nutte maakte de vor- 
deringen , die de kunst van bouwen bij de overige zeemo- 
gendheden, met name bij de Ëngelscheu en Franschen, 
gemaakt had. 

Men zal zich herinneren , det de Afgevaardigden der Ad- 
en de Adiocut-ViKU] v*i( dik doof ia ecu' brisr nu IS FnbruirEj 1791 un dn 
Stadboidet, beragtends in 'BKoningi Hnis-Arcbier, wurin bj) gcbreef: "De g«*olgtii 
Tkn'de wreHge on ovcrhautige timmerlngen nn Bcïepen , dis ïn IT80 «n 1781 lyn 
gcordonucert , beginntn licfa (c openbBrcn. Sm iet in din jarvn ■anbeitMde en op ata- 
pcl gtiette achepen (de Sepluitm iiQ 74 itiikll«n), ia by cm ouuwkeurig ondenoek 
io een' zeer alecbten atut beroDdcn etn." 

' To «eteo! tfo Nepluiim en de Prin Matirili na 74, dt Kortfoar , Frini 
Willem, Oterijittl, Noord-HoUand , HtrtlelUr , Weit-Vrieiland , Ootler- e» ITei- 
tergoo, t^d 60 tot 68 atakben. 

■ NadtsTtjk de UMt ivo. 68, die eenikUps in den jarc 1TS2 in ds Noordxee omaloeg; 
de Drenthe, die in den slorm tin 1784 io de gulF lea Nu-bosne vcrijltg, en deJIol- 
iaad, die in 178S op de kost van Afrika itrindde. Vao dit laatite aehip werd itellig 
in de nn Terhnnile Saagsche Bt*oigMi 17S7 s^iegd, dat het fergaan na dat aekip 
9ok MD gebreken ip den Irouw mout tMgewbreren warden. 



V Google 



6 GE8CUIKDENI8 VAN HBT 

miraliteiten , bij huu verslag aangaande de verbetering van 
bet zeewezen , ' ook bet nuttige en noodzakelijke betoogdea , 
om , gelijk de Admiraliteit van Amsterdam doorgaans en 
die van de Maze somwijlen reeds sedert eenige jaren had- 
den gedaan , naar het voorbeeld der overige volken , de oor- 
logsschepen van alle CoUegien grooter van omvang te maken , 
opdat zij beter bestand zouden zijn, zich met de magt des 
vijands te meten. Aan dit voorstel werd, zoo veel mogelijk, 
bij het herstel der zeemagt gevolg gegeven. De toestand der 
zeegaten, die, vooral dat der Maas, in de laatste vijftig 
jareo zeer verergerd waren , liet niet toe gelijk onder Koning 
wiLLEU III, driedekkers uit te brengen, zoodat het onraad- 
zaam geacht werd zoodanige schepen te bouwen ; doch bij 
den bouw der schepen van minder charter werden de beve- 
len , te dien aanzien door Hunne Hoog Mogenden uit- 
gevaardigd,' opgevolgd. Hierdoor overtroffen de zeventi- 
gers, die in deze jaren gebouwd werden, de negentigers 
die ten tijde van Koning willeh van stapel gelaten werden , 
in lengte, wijdte en holte; de zestigers van deze dagen de 
zeventigers van dat vroegere tijdperk, en dit was hetzelfde 
geval met de schepen der overige charters. ' Voorzeker eene 
merkelijke verbetering ; daar hoe grooter de schepen gebouwd 
worden , zij ook des te steviger en van zwaarder hout en 
ijzer moeten zijn zamengesteld , waarvan het gevolg is, dat 

1 Zie D. IV bl. 400. 

3 By Sa. tan S. R. Kog. 30 5«pt«mbeT 17S2. Dit buluit ii in vela opiiglea 
mcrknuriüg, >1l wurin. (ot zelfa ia büiaaderhcdcil , wordt voorgaach reien , op Itoe- 
daoige wy* it Khepsn d«r TencblilsDde cturtera io bet vervolg beboarden geboaod te 
worden, net unuryzing der boogte en dikte dec mut«D eai. 

■ Om lieh bieniD nndsr te oTertoigen, vergelijke rnen Stut I acbtei dit D«el 
en Sliit VlI io Deel III. De negeoHger» onder Koning «tLLEM wiren ITO tot 
1T6 Toet lang, 43 lot 46 wijd en IS tot 17 hol; de levealigera 156 voet tang, 40 
tot 42 wyd en IE tot 15^ hol. Ia dit tt}dp«rk waren de zeveaiigerf ITB— 180 lang, 
48 tot 49 wijd en £0 tot i2 hol; da zirtigeri 100 tot 167% ling, 43tot47 wijd en 
IQ tot 20^ bol, en atdui wu ook het vencbil b^ de mindere chirten. Ondei deze 
mogen bjjiondet vefmeld worden da CrDgatlen ran 40 tot 44 ea van 36 atokken, die 
tydaoa Koning willik en nog lang daarna hnn geicbat in twee lagen voerden, en 
142 en 115 voet lang waren. Tbans werden eenige gebouwd net éjne laag, en deie 
waren 149 i 1(10 en 139 lot 14a voet lang. 



V Google 



NSDBRLAND8CHE KRBWBZBN. 7 

zij tot aanval en verdediging meerdere geschiktheid bezitten; 
eene verbetering, die daarom vooral te roemen is, omdat 
zij niet eene of twee Admiraliteiten betrof, maar door al 
de CoUegien zonder ODderscheid ingevoerd werd. 

Prijzenswaardig voorzeker waren deze en andere verbete- 
ringen , waardoor vooral uitmuntten de Amsterdamscfae sche- 
pen , die zulks te danken hadden aan den rusteloozen ijver 
van den kondigen equipagiemeester williau hay , ' door 
wien schepen gebouwd werden, welke in alle opzigten aan 
de vereischten voldeden en de bewondering der vreemden 
tot zich trokken. Intusschen liet de bouw der schepen m 
drase jaren, over het algemeen, evenwel nog veel te wen- 
schen over ten aanzien van hunne inrigting. Die inrigting 
bleef, alhoewel deswege bepaalde verordeningen door Hunne 
Hoog Mogenden waren vastgesteld , * even als vroeger , zeer 
veTschillend , en elke Admiraliteit , zonder zich aan de overige 
te storen , ging daarin haren gang , zoodat hier de geschut- 
poorten hooger, daar lager, hier wijder, daar naauwer wa- 
ren , en al het verdere op ongelijkmatige wijs ingerigt werd. 
Het verdeeld en onzamenhangend bestuur van bet zeewezen 
was daarvan de oorzaak. ' 

Eene andere verbetering , welke in deze jaren plaats greep , 
was het koperen der oorlogsschepen. 

Zoo wel hier te lande als bij de andere Zeemogendheden 
werd tot na het midden der achttiende eeuw de aloude wijs 
van dubbelen der oorlogsschepen gevolgd, bestaande in het 
bespijkeren der met koehuiden bekleede kiet met eene on- 
telbare menigte kleine ijzeren spijkers. Dan, de ondervinding 
bad reeds lang geleerd , dat deze manier van dubbelen on- 
voldoende was, zoowel om de schepen tegen de alles ver- 



1 Hv KI» de nmn i«n john m&t, die in 1121 iaat buitah en dath uit Bngli; 

herwMrti kwam, m tot adriitent na dan meMtei MbNpatinimenain by d« Amite 

damaclie AdDinlitcit ungeitald waid. Zie D. IV, bl. £61. 

" Bij ?crmBtde Stt. tu SO Scptembei 1782 en rui 31 Murt 1788. - 

3 De Lniteiuuit-AdDiirul w. tan wassikaeb lilugt defwege in eane Mamoria vo 

dan Früu, door b«m den 19 Murt 1783 onderttekand , en weDieht, dat ook dit Te 

beterd moge «orden. Dit bduigryke ituk berait in bet Hnii-Arcbier dea Koninga. 



1, Google 



GBSCHIEDENIS VAN HET 



nielende paalwormen te behoeden, als om het spoedig vuil 
worden en de daardoor veroorzaakte traagheid in het zeilen 
te verhinderen. Onderscheidene proeven waren genomen om 
dat kwaad te verhelpen , maar geen daarvan had aan de 
verwachting beantwoord. Eindelijk kwam men in Engeland 
op het denkbeeld, de schepen met eene koperen huid te 
bekleeden. De eerste proef' daarvan werd in 1758 of 1761 * 
genomen, toen een fregat, de Jlami genaamd, van eene 
koperen huid werd voorzien. Deze nieuwe uitvinding, hoe 
nuttig ook, vond hevigen tegenstand bij velen, zoodat er 
nog ruim vijftien jaren verliepen, alvorens zij bij de Konink- 
lijke zeemagt in gebruik raakte. Van toen af verminderde 
. het vooroordeel van jaar tot jaar , en weldra vond ilien in 
de Britscbe Marine geen schip meer, of het waS met eene 
koperen huid beslagen. 

De voordeden , welke de Britsche oorlogsschepen , door 
bunnen langeren duur, sneller zeiling, gemakkelijker stuur 
als anderzins, ten gevolge dezer uitvinding hadden verkre- 
gen, ontgingen niet dengenen, die met de zorg voor het 
zeewezen te dezen tijde in de Nederlanden belast waren. 
Zij begrepen teregt dat, wilde men aan de overige volken 
niet ten achter blijven, het noodig was, bij het herstel der 
eeemagt ook van deze uitvinding gebruik te maken. Pe 
Admiraliteit van Amsterdam, die in het aanwenden van 
nuttige inrigtingen gemeenlijk de overige Collegien vooruit- 
ging, nam van de koperen huiden de eerste proef in den 



I Veel TToeger tobUnt Dten hier te Imdi datrnieda iiroeTen ^BDomen te hebban, 
doch die spoedig te hebben laten uren. Althaos de Luiteannt- Admiraal w. tan was- 
SEHAÏK spreekt daarvan in iljne vermelde Memorie, zeggende; "dit bj] meende te we- 
ten, dat in onio naiigatie de koperen haiden in «origo tUden aaa echepen tijn geap- 
plicaerd, maar niet lang, of züd ireder «fgelsteo, omdat zj) de yzeren bonten spoedig 
JDTnlen." W^beh, Aloudt e» Sedtnd. lehetpiboiHB , bl. SST, z^ deawegt, dat 
man te ijjoen tfjde hiel te lande ook wel dan gealigen lood of koper tnaachan de spD- 
fcera inTocgde. Volgene aommigen, zon piet bbtn reeds bedacht ganeeit zt|a de aehe- 
pen met koper te lekleeden. De Denen beproefden, in bet tniddea derieveotiende eeuw, 
hnnne acbepen met dunne pUten van lood te baleggen. 

» Volgens CHARNOCK, Siil. of Marine Architeelm-e , T. III, p. 801 in nS8i 
Yolgena jakeb, Ifmal EUl. of Oreat Britaintmm 1193—180$, T. l.p. BB, in 1781. 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWBZBN. 9 

jare 1777. Drie of vier jaren later volgde de Admiraliteit 
van de Maze dat voorbeeld; in 1783 die van het Noorder- 
kwartier en in 1786 die van Zeeland. ' Deze eerste proeven 
voldeden echter niet ten volle aan de verwachting, zoo om- 
dat de koperen bekleedingen verkeerd waren aangebragt, 
als omdat, en wel voornamelijk, het ijzerwerk daardoor werd 
aangedaan. Dit laatste bezwaar, 't welk ook in onze dagen, 
na zoo groote vorderingen in de wetenschappen, niet geheel 
is opgeheven kunnen worden , hield de uitbreiding van het 
koperen in deze gewesten tegen , en scheen kracht bij te 
zetten aan het vooroordeel , 't welk bij velen tegen deze nieuwe 
uitvinding bestond. De raad der kundigste zeeofiicieren * en 
de dagelijksche ondervinding van de groote voordeden , welke 
gekoperde schepen boven andere hadden , overwonnen echter , 
althans gedeeltelijk, de bezwaren en zegevierden over de 
vooroordeeleo. Het getal der gekoperde oorlogsschepen nam 
dien ten gevolge van jaar tot jaar toe; doch menige bodem 
behield nogtans tot aan de omwenteling van 1795 de spij- 
kerhuid, alleen omdat men niet kon besluiten, de oude 
gewoonte te laten varen. * 

< Uit de door den brand van 8 Jaunaril 1S44 veraielde Nol. der Admir<dittit tiiai 
AMuterdam e» de Mate, tüd 1777 «n 1780, en uit unUekeiiiogaD ca brÏBVeD, mij 
door den Vin-Adinirut tin dkh veldkn medegedeeld. 

= Hieronder behoorde de ka|ii[du Gioar 7. 8. tak bilahdt, die den 29 Mei 17S5 
in eenea, mü door den Vice-Adniinil tan hen telden raedegedceldsa brief, aan den 
Advocaat- FiicBsI van der uoof, dis ecuij^ zwirigheden omtreot het kojiersn der 
Bchep«n gefippeid had, onder anderen, dit merkwaardig antwoord ^af: "Ih vour mg 
ben zoodanig nn bet gewigt Dvertaijgd , dat aiet> ter n-ereld mlJ ïn oorlogitijden loudo 
kunnen eagageeren, het co mm an dement van een ongekopert achip aan te nemen, ala 
moatende dit het TCrliiia lan mijn eer, zonder eenig nnt voor bet Land, nl zich ile- 
|>en." In 173G ecbrecC de kundige kapitein taillamt reeds; "£en ongekoperd schip is 
thans geen ooriogsachip meer." Zie ^ijne Werktuir/lcvrtdige laciottaingtn van de sU- 
Kerlriitg dtr wind eit xee op aen lehïp, bl. 193, wut een geheel hoofdstak gei onden 
VDrdt oier het koperen der schepen. 

s HieroTer klaagde onder anderen, tan kinbbibobn id eeD'brief aan den Prins, Tan 
S Julij 1790, «aaria hü acbreef, dut nn eskader, deeb nit gekoperde, deels ait on- 
gekoperde Behepen bestaando, de grooUte belemmering lerooriaakle. Eene dcTgetfJke 
klagt treft men aan bij c. de jono , Beiien naar de Kaap de Goede Hoop , Ierland 
en lHooneegtn 1791—1797. D. I, bl. IIB en 120. De Baron D'Eacuar tan heisbn- 
OOBD, XoUaitdê ro«m, D. VI, St. I, bl. 421, Tergitte zieh dns, toen hjj beweerde, 
dat in 178< reeds al dd» oarlageachepea met koper gedobbeld waren. 



1, Google 



10 GESCHIEDENIS VAN BET 

Ook de wapening der oorlogsschepen werd in deze jaren 
verbeterd. Langzamerhaad was reeds vóór dezen tijd, althans 
bij sommige Admiraliteiten, het geschut verzwaard, opdat 
de schepen zich krachtiger zouden kunnen- verdedigen , en 
den vijand meerdere afbreuk toebrengen; doch het was voor- 
namelijk in deze dagen dat die verbetering uitgebreid werd, 
ja een Staatsbesluit werd genomen, waarbij de verzwaring 
en de gelijksoortigheid van het geschut op alle schepeu van 
hetzelfde charter vastgesteld werd. 

De oorlogsschepen van 70 stukken voerden te dezen tijde 
geschut van betzelfde kaliber, als waarmede de tachtigers 
en negentigers tijdens het Stadhouderschap van wili.eh III 
gewapend waren; de zestigers dat van de zeventigers en 
tachtigers; de vijftigers van de zestigers en zeventigera uit 
den tijd van dien Vorst, en op deze wijs waren alle, althans 
de meeste ook der ligtere schepen en vaartuigen, bij en 
sedert den Engelschen oorlog van zwaarder geschut dan 
onder Koning willeu voorzien. ' 

Intusschen achtte men deze verbetering, boegewigtig ook, 
niet voldoende, omdat er in de wapening nog veel onge- 
lijkmatigheid overbleef, daar de eene Admiraliteit haar op 
deze , de aodere op . gene wijs inrigtte ; sommige Collegien 
zware, andere ligtere stukken bezigden, 't geen vooral bij 
de tegenwoordige wijs van slag leveren in linie zeer nadee- 
lige» gevolgen kon na zich slepen. Op voorstel der provincie 
. Holland , namen de Algeraeene Staten dus , op den 30 Sep- 
tember des jaars 1786, dienaangaande een besluit, waarbij 
voor ieder charter der oorlogsschepen bepaald werd met welke 
soorten van geschut deze zouden gewapend worden. Daarin 
werd , onder anderen , vastgesteld , dat alle zeventigers voort- 
aan in de onderste batterij geen ander geschut dan 36 pon- 
ders, de zestigers 30 of 24 ponders zouden voeren, en in 

' Ik tredfl, am voor aomtnige lezers niat verreleDd ts wordea, ia gaens byzoader- 
bcden, mur vervgie diegenra, welke in deze roor het leewezen gewigtigs laak belug 
itellni, naar dnn SUat hicrachUr, welke behoott vergeleken Ie worden met Slaat X, 
D. IV. 



V Google 



NEDIBLANDBCHE ZEEWEZEH. 11 

de bovenste 24 en 18,' met last aan de Admiraliteiten, 
zich van du af daar naar te regelen. Belangrijk besluit voor- 
zeker, omdat daardoor eenigermate voorzien werd in bet 
gemis van zwaardere schepen, en de Nederlandsche zeelie- 
deD daardoor in staat werden gesteld, beter dan tot hiertoe 
het hoofd aan de Britten of Fraaschen te bieden , wier vlo- 
ten sinds de laatste jaren veelal uit sterk gewapende schepen 
zamengesteld waren. Naar deze voorschriften werden , over 
het algemeen , van nu af de oorlogsschepen gewapend , doch 
door het oozamenhangend en verdeeld bestuur van het see- 
wezen bleven er echter ook in dit opzigt nog zeer vele af- 
wijkingen bestaan. 

Wij moeten nog iets omtrent de wijs van wapening üer 
schepen in deze jaren vermelden , de invoering , namelijk , 
der carronnades. 

Deze soort van kanon werd in den jare 1774 uitgevon- 
den door eeoea Schotschen geschutgieter , ca.rkon geheeten, 
□aar wien het genoemd werd. * Het onderscheidt zich hierin 
van het gewone scheepsgeschut , dat het ligter en korter 
is, minder plaats inneemt, door minder manschappen en 
vlogger kan bediend worden , en naarmate van zijn gewigt , 
kogels van ongemeene zwaarte schiet. Deze carronnades ge- 
raakten spoedig in gebruik bij de Britacfae zeemagt, en 
werden, wegens hunne erkende nuttigheid, daarbij ras zoo 
algemeen , dat in den jare 1781 reeds 429 Engelsche oor- 
logsschepen en vaartuigen daarmede gewapend waren. * De 
Franschen namen eerst twintig jaren na deze uitvinding 
de carronnades onder hun scheepsgeschut op. Daarentegen 



ivZie den Staat achter dit deel, viariD cene Tolledige opglTe te tinden ii raii de 
wij» Tin wapening, looali die door H. H. Mog. in genoemd bealait bepMÜd en in dat 
*aa 31 Haart 17S3 nader bereitigd werd. 

i Sommige leiden de benaming if vaa het Scholiahe riek CarroH, waar de eenU 
earroQiiadet gemaakt werden; doch de Eagelache schrijven leggen, dat lekere carron 
ie üitTond, die mogelük door zijne oitgeitrekte rabryken zijnen nsim aan genoemd 
ilA gaf. 

' Zie JAna .Ifaval MUt. of Qrtat Britain, T. I. p. EB, encH.nuri.x, Voyage 
ioM ia Qraade Breiagne, T. J, p. 104 el tmw. 



V Google 



12 GESCHIEDENIS VAN HET 

werden zij reeds te dezen tijde bij het Nederlandaclie zee- 
wezen ingevoerd. In September 1780 werden, op last van 
den Stadhouder, de eerste proeven daarmede op het strand 
te Scheveningen , in het bijzijn van eenige zee- en artille- 
rieofficieren genomen, welke zoo gunstig uitvielen,' dat de 
Admiraliteiten van de Mazeen van Amsterdam onmiddellijk 
eenige stukken van dat geschut ontboden, waarmede, na 
goedkeuring, achtervolgens onderscheidene fregatten en min- 
dere oorlogsvaartuigen , en ook enkele linieschepen gewapend 
werden.' De omstandigheid echter, dat dit geschut minder 
ver draagt en ook niet zoo wis schiet als het gewone , schijnt 
de reden te zijn, dat het bij de Nederlandsche zeeofficieren 
geen' zoo grooten bijval vond als hij de Britsche, en dat 
men vooral dat gebruik daarvan op de linieschepen min doel- 
treffend keurde. Hoe dit zij , de opneming der carronnades 
strekt, nevens de verdere vermelde verbeteringen, ten bewijze, 
dat men te dezen tijde overtuigd was van het nut en de 
noodzakelijkheid, zoo veel mogelijk eenen gelijken tred met 
de overige Zeemogendheden te houden in de uitrusting der 
oorlogsschepen. 

De aangewezene verbeteringen waren niet de eenige, die 
gedurende deze jaren in het belang van bet zeewezen be- 
raamd en uitgevoerd werden. 

De provincie Holland, waar verre weg het meerendeel 
der ^rlogsschepen , vooral te dezen tijde , gebouwd en uit- 
gerust werd, was, voornamelijk na het verloopen van het 
zeegat der Maas, onvoorzien van eene bekwame haven of 
bergplaats voor de oorlogsschepen , bijzonder voor de schepen 
van linie, waarin zij gedurende den winter behoorlijk tegen 
ijsgang konden beveiligd en in vredestijd opgelegd worden. 



Het rapport daarmn beniat in het Hnia-Archier des Konings. Tot de ConiniisBie , 
WLDT aisriUan éeie proeven gedMU werden, behoorden, o. ». de Vice-Admirul 
, de Schontfln- bij -nacht ptcHor en zoutuaw, en de k»piteins wai en tab 
tnee carrooDtdea die beproerd werden, iriren door den Zeenwschen 
zeekkpitein tan kinckel uit EngeUed medegehragt. 

> Op de Engebehe achepeD komen te deien tgde ook csrrannidcs van IS en 68 pond 
Toor; docb by de onze beb ik geene zira*rdere dnn v»b S6 pond aangetroffen. 



V Google 



NEOEKLA^'USCUK ZEJSW£Z£N, 13 

en van waar zij met onderscheidene etreken van Ëet kompas 
gemakkelijk in zee konden loopen. Meermalen liad men het 
gemis van zoodanig eens haven of bergplaats , bijzonder in 
de nabijheid van het Texelsche zeegat, waar de vloten en 
eskaders thans gemeenlijk vergaderden, gevoeld, en allen 
die in den btoei der zeemarjt .belangstelden, hadden veel- 
vuldige gelegenheid gehad op te merken, dat er vaak weken, 
ja maanden verliepen, om oorlogsschepen van Amsterdam 
over het Pampus naar Texel, of omgekeerd van Texel naar 
Amsterdam te brengen , terwijl men bovendien genoodzaakt 
was , de uit zee gekomen schepen , wanneer zij slechts eenige' 
aanmerkelijke schade hadden bekomen, uit gebrek aan be- 
kwame gelegenheid elders, buiten dienst te' stellen en naar 
de werf te Amsterdam op te zenden. Het gemis van zoo- 
danige bekwame bergplaats of haven werd nimmer echter 
zoo sterk gevoeld als bij het uitbreken der jongste geschillen 
met Engeland en vooral na het begin des oorlogs met dat 
Rijk. Men zocht dus naar middelen , om in dat gemis te 
voorzien , en hierin slaagde men naar wensch. 

Het eerste , waarop men bedacht werd , was het vinden 
van eene bekwame berg- en legplaats der oorlogsschepen 
gedurende den winter, bijzonder met oogmerk om ze tegen 
iJBgang te beveiligen. De kapitein ter zee en equipagiemees- 
ter van het Amsterdamsche Collegie, willi.\u hay en de 
kapitein jan hendrik van kinsbekoen waren hierbij vpor- 
namelijk ' werkzaam. Aan dezen gelukte het, in den jare 
1780 eene daartoe geschikte plaats op te sporen in het zoo- 
genaamde Oude Veer, gelegen tusschen het Amsteldiep en 
den vasten wal omtrent de Zyp , tegenover het westen van 
het eiland Wieringen. Aldaar vonden zij eene geul, wer- 
waarts de zwaarste schepen zich veilig konden begeven en 
meer dan 30 schepen tegen ijsgang en andere ongevallen 
bewaard waren. Van deze nieuwe berg- en legplaats maakte 

■ Oot Sb Schout- bij -uBcht lodrwuk tan dtiandt, en de Inpitcini o. shissjIEBT 
en F. a. Rriaf tan bti.ii(»t. Uit di: «erbnndc Nol. der Ailmiralileil enn Amiter- 
dam. 1780. 



V Google 



14 Q£8CmED]{NIS VAN BET 

men dadelijk en ook in de volgende winters gebruik, zoo- 
dat de oorlogsacliepen van nu af niet meer verpligt waren, 
elk najaar naar Amsterdam teruggebragt te worden. 

Dan, hoe nuttig deze nieuwe berg- en legplaats in de 
gegevene omstandigheden ware , liet zij nogtans veel te wen- 
schen over. De oorlogsschepen moesten zich daar benen reeds 
vroegtijdig begeven, waardoor een gedeelte van den tijd, , 
gedurende welken zij nog hadden kunnen dienen, verloren 
ging; hun geschut eu alle andere zwaarten moesten worden 
geligt, 't geen veel tijd, moeite en geld kostte, en waardoor 
zij bovendien geheel weerloos werden, terwijl er wederom 
somwijlen in de lente weken en maanden verliepen , alvorens 
zij de bergplaats konden verlaten, omdat zij eene gunstige 
gelegenheid moesten afwachten. 

Het een en ander verleyendigde het denkbeeld dat bij 
sommigen reeds vroeger gerezen was , om het Nieawediep , 
bij den Helder, 't welk tot dus verre alleen eene legplaats 
voor koopvaarders was, te hervormen in eene bekwame ha- 
ven voor oorlogsschepen. 

Het schijnt, dat de reeds vermelde willtam may, te dien 
tijde kapitein ter zee, doch die wegens zijne uitstekende 
bekwaamheden kort daarna tot equipagiemeester bij de Ad- 
miraliteit van Amsterdam benoemd werd, het eerste denk- 
beeld daarvan geopperd heeft. In 1776, tijdens den oorlog 
tegen Marrocco met een fregat zich in de Middellandsche 
zee bevindende, zond hij deswege een plan aan den Raad- 
pensionaris VAN Bi.EYSWTK. ' Omtrent denzelfden tijd of kort 
daarna * gaf een waterbouwkundige , bkandliot genaamd , 
zijne bedenkingen in het licht, en ontvouwde de middelen 
die behoorden aangewend te worden, om het gewenschte 



1 Dit xcgt HAT iu eene onder ile papiemi nn 'sKoningi Hnii-Arahier bernatende 
Memorie, door hem den S April 1790 aan Prins willrii V ingelmrrd. Ntrg«na vond 
ik dit elders vermeld, mair er bestaat geene ledfn . om hieraan in het minate te tiryrelen. 

• RlNDOBP, Xemories, D. I, bl. 141 , ïegt, «prekende ran het jaarl78i, "reedi 
eaoigen jaren gdedcn," Itit werk verdient over het hier behaodelde onderwerp op de, 
aangehaalde pUata nagetien te vorden. 



1, Google 



N£U£RLANB8CHE ZEEWEZEN. 15 

doel te bereilcen. De Admiraliteit van Amsterdam , voor wie 
deze zaak Tan het uiterste gewigt was, bragt haar met 
goedvinden ?aii den Frins-Ërfstadhouder onder de aandacht 
der Staten van Holland, ' bij wie de regering van Amster- 
dam , die geen minder belang in de verwezenlijking van 
deze aangelegenheid had, wist te bewerken, dat weinige 
dagen daarna de Stadhouder verzocht en gemagtigd werd ' 
om , nevens eenige leden der Staten , van de Gecommitteerde 
Raden en der Admiraliteit van Amsterdam, "het onderzoek 
ea de finale executie van deze zoo hoog noodige en heil- 
zame zaak op zich te willen nemen, en hoe eerder zoo be- 
ter ten uitvoer te doen brengen." 

De Stadhouder, die zich het ontwerp zeer aantrok, had 
reeds , ruim een jaar vóór dat gezegd besluit door de Staten 
van Holland genomen werd, door den Mathematicus van 
het Am&terdamsche Collegie, bernabqtis docwes, zoon van 
den kundigen cornelis dotjwes, van wien wij vroeger met 
lof gewaagden , ' twee kaarten van het Nieuwediep doen 
vervaardigen, naauwkeurig aanwijzende de peilingen, door 
dezen aldaar verrigt en zijne bevinding omtrent de gesteld- 
heid dier zeehaven. * Hierdoor overtuigd geworden van de 
mogelijkheid der uitvoering, begaf de Prins zich, genoeg- 
zaam te gelijkertijd dat het besluit bij Holland doorging, 
naar den Helder, waar hij den toestand van het Meuwe- 
diep in oogenschouw nam, eene nadere peiling bijwoonde, 
en waar verder overlegd ■ werd wat tot bereiking van het 
heilzaam oogmerk strekken kon. * Nu werd spoedig de hand 



1 Db brief dier iJminlitcit dïenungunda , van 10 April 1781, i> to Tindeo in de 
NederU Jaarboekat vu 1781, bl. 86B-871. 

■ > Xat. State» van SoOand. SO April ITSI, mede te rindeo ia de Nederl. Jaar- 
boeleem Tin dat jur, bl. 872. De aitvoering veii deie latk op te dr^en, alToreni tiet 
plan ontworpcD vu, «a« ODregelmatig; doch bendorp zegt, dat mm dit wel doea 
moeat uit bs«fde tui ds «tedelgke betengea, die neh daaitegen xoudeo verzelteD. Dn 
NoordboilMdwbe iteden ïerzcttcdeii er EÏeh dati ook iterk tegen , doch TmehtFlooi. 
Zie RBHAORP. cit. , bl. 143. 

1 n. IV, bl. 383. 

• Uit de na verbrande Ifot. der Admiraliteit ea» Amtlerdam van 10 April. 1780. 

* Zie RENPOBP eit., bl. I44, 156 ea volg. 



V Google 



16 GESCHIEDENIS VAN UUT 

aan het wer^ geslageu , bestaande voornamelijk hierin , dat , 
tot het wegnemen of althans verminderen eener bank, de 
Hersens genaamd, die in den mond van het Niêuwediep tag, 
het vaarwater tusschen de Hollandsche kust en den Zuidwal 
door middel van dijken vernaauwd, de stroooi aldus ver- 
meerderd en de noodige diepte door sterkere schuring ge- 
maakt werd. Met onafgebroken ijver en het gelukkigste 
gevolg werd dat groote en gewigtige werk, gelijk dit er- 
gens ' genoemd wordt , voortgezet en naar evenredigheid van 
liet groote belang, met geringe kosten voltooid. Weinige 
jaren na den aanvang, zeilden linieschepen en fregatten. 
Oost- en Westindische schepen en koopvaarders ongehinderd 
in en liepen met gemak uit het Nieuwediep, 't welk ecne 
veilige legplaats ook met den zwaarsten ijsgaog en bij de 
hevigste stormen aanbood, en waar men somwijlen meer dan 
honderd vijftig schepen bijeen zag. ' 

' Dan , hoe gewigtig deze nieuwe haven voor het Neder- 
landsche zeewezen in het algemeen, en voor de Admiraliteit 
van Amsterdam in bet bijzonder was, er ontbraken daaraan 
nog gebouwen of loodsen , om de goederen en behoeften der 
uit zee teruggekeerde en onttakelende schepen te hergen en 
op te slaan; er ontbraken werven, om de oorlogsschepen te 
kielen, herstellen' en vertimmeren. 'sLands Regering en de 
Stadhouder ' waren overtuigd van het belang , 't welk er in 

■ In de Termelde Memorie »n den eqnipagïc meester vat. 

> Id ITSS lagen doariu de Jtpiter, de Vrijheid en de Admiraal-Oeaeraal vm 
74, de Frinsei Louite van £4, 'do Hector tih 44, de Amaxotni en Zephir vaa SC 
Btukken, benevens eenige kleinere aorlogsvaartnigen. Den 11 Febrnarfj 1789 achrcefdo 
Ad Tocwt- Fiscaal tam der hoof aan dcD Frinsi "Ik beb met veel plaïBir hetNiepwe- 
diep gezien; Ibl leesehepen hebben er te gelgk gelegen, en geen heeft er wexeomk 
geleden." Originele brief, berustende in 's Koningi Uuit-Arcbief. 

1 Den 2 December ITSi stelde HolUnd reeds by H. II. Mog. voor, om eene Com- 
missie te bsnocmen, o. a. , tot bet nttvinden van eene plaats bij of omtrent Teiel, tot 
reparering der scbepen, oellie beicfaadigd nit zee kwamen. Den 23 JanDarj] I7B3 werd , 
Dp voorstel van Z. U. zoodanige Commissie benoemd, die oog in betzelfde jaar rap- 
port deed. Vervolgens werden deswege nog verschillende bealuittn genomen en de plan- 
nen ontworiien, en den 1 Augastns 1T8G werd het Admiraliteits-Callegie van Amster- 
dam, lelh gelast, i!e kosten vea de aan Ie leggen nerven cnE. op te geven; doch de 
zaak bleef om do in den tekri vermelde oorzaken zander gevolg. Er scbyot ook een 



1, Google 



N£DER.L&NDSCUE ZEEWEZÏN. 1/ 

het bouwen van zoodanige bergplaatsen en het aanleggen van 
zalke werven gelegen was, en plannen werdeo daartoe met 
veel zorg ontworpen; doch de binnenlaadsche onlusten be- 
letteden eerst die plannen ten uitvoer te brengen, vervol- 
gens de ongunstige toestand der geldmiddelen en de onver- 
sclülügheid der provinciën omtrent het zeewezen, terwijl, 
eindelijk , de oorlog, door de Fransche Republiek dit Gemeene- 
best aangedaan en de vermeestering van het vaderland , zulks 
onnu^lijk maakten. Eerst in onze dagen werden die plannen , 
op veel ruimere schaal dan oorspronkelijk bepaald was, ver- 
wesenlijkt , waardoor het Nieuwediep thans eene der schoonste 
havens niet alleen van het Vaderland is, maar van geheel 
Europa mag genoemd worden. £ere intosschen zij den Stad- 
houder, eere mannen, gelijk rendoep, van der hoop, van 

STRAAI.EN, HAT, VAN KINABERGEN, BRANDLIQT, DEN BEROER 

en anderen, die allen medewerkten om zulk een nuttig en 
gewigtig werk, te midden van onrustige tijden eu terwijl 
van alle zijden kreeten over de verwsarloozing van het zee- 
«ezea opgingen , daar te stellen ! Zulk een gedenkteeken we- 
derspreekt beter dan redeneringen die beschuldiging. 

Te zijner plaatse is vermeld, ' dat het schoone dok, te 
Vlissingen onder willem III aangelegd, in den jare 1744 
door eene verzakking in de zeesluizeu was onbruikbaar ge- 
worden , doch dat , niet zonder medewerking van den Stad- 
houder WILLEM IV, zes jaren later de hand aan het herstel van 
dit dok geslagen en het in 1753 wederom voltooid werd. Sedert 
dien tijd was het dok door de onverschilligheid omtrent het 
zeewezen en uit gebrek aan de noodige gelden tot onderhoud , 
langzamerhand op nieuw in verval geraakt , zoodat het zich 
thans wel niet in eenen gansch onbruikharen , maar nogtans 
zeer gebrekkelijken toestand bevond, en men er geen nut 
van kon trekken , vooral bij de meerdere grootte der tegen- 

plan gvneat te iQn om eta Tort tot Tcrdedigiog Tin het Nïenwcdiep aan tt leggen; 
dttians begaf it Priaa in Jnlij 1769 lich d^rRaarla , om ilurofEr met dcskninligen te 
vuilplegen ; doch ook hietvin Iwam oiela. 
I D. IV , bl. Ï97. 

V. 2' 



1, Google 



18 OE8CUIBDGNIS VAN HIT 

woordige oorlogsschepen , teo zij er merkbare verbeteringeD 
werden aaogebragt. 

Het bevreemdt geenszins, dat deze toestand de aandacht 
trok dergenen, die aan het roer van Staat stonden, terwijl 
de oorlog met Groot-Brittanje blaakte, en er eene zeer groote 
behoefte bestond aan eene zoo schoone leg- en bergplaats 
als VlissiDgen bezat , waar de oorlogsschepen niet alleen dea 
winters veilig waren , maar ook van al het noodige konden 
voorzien worden en spoedig zee kiezen. ' Op voordragt der 
provincie HoUaiid en naar aanleiding van een nader voorstel 
van den Prins Stadhouder , ' werd in het begin des jaars 
1783 eene Commissie benoemd, bestaande uit de Advocaten- 
Fiscaal der Admiraliteiten Amsterdam en Zeeland , van deb 
HOOP en BTEENGRAcuT, den Vice-Admiraal keynst en den 
Scbout-bij-nacht van kinsbergen, met toevoeging van twee 
waterbouwkandigen , qoudkiaan * en den berger, aan welke 
Commissie, onder anderen, werd opgedragen, de gesteld' 
heid van zakes en omstandigheden der haven van Vlissin' 
gen , met betrekking tot het in- en uithalen van oori 
schepen in en uit het dok aldaar naauwkeurig te onderzoekeo, 
Vier maanden daarna * werd door deze Commissie een om- 
standig verslag ingediend, waarin zij de verbeteringen, die 
aan de haven ea het dok behoorden gedaan te worden; 
ODtvouwde en de nuttigheid daarvan aanwees. * Ban , ofschoon 



> By deu gsleg«a1ieid werd in een du atutartokken hsriDPerd, dat H. H. Mag. bf) 
Km. tiD 20 Janfj 1765 «iren gcnooduikt geweul, de Adminlileit vu Auuterduo 
UD te Mbryveq, bet fregat 7 Sof rm Souburj/i itroin mogeljjk our Fortimoath 
te lendae, ara i>a ijjne bekouiene achide te heratellea, dewjjl luiki hier te lande met 
den noodigen ipoed niet kon geschieden! 

) Zie Bé>. van S. ff. Tdag. lui 2 en 13 December 1782 en SS Juiuirtj 1T8S. 

1 Deie weed rervugen door T. i. criutz, 

« Op den 23 Mei ITSS. Zie Bes. dim B. H. Mog. Tan dien dag. Kt Rapport, 
met de daarb|j behoorende teekeningen , kuiten en berekeDingen , bcrnat nog op 'i RQki 

* Die verbeteringen moeiteD in «abt jaren voltooid ifjn, en zonden hoofduhelyk be- 
ataan in de geheele *emiiawing <raa bet lehoeiwerk, in het aitdicpen van het dok, in 
het verlengen van het Weaterboofd, Iwt nttdicpen van de biitenhaven eni. De koaten 
werden berekend op ^2ST,2Ti.I0, daaronder niet gerekend het droogedok, waarvan 



V Google 



K£DEBLANDSCHE ZEÏWEZEN. 19 

de Stadhouder de voorstellen, in dit verslag vervat, ten 
sterkste ondersteunde, verliepen er echter door den gebrek- 
kigen regeringsvorm en de burgertwisten welke het Vaderland 
teisterden , nog ruini drie jaren , alvorens de fiondgenooten 
besloten , hunne toestemming tot bet bewerkstelligen dier 
verbeteringen te geven en de noodige gelden verleenden. ' 
De uitvoering daarvan werd aan de Admiraliteit van Zeeland 
opgedragen, doch onder de uitdrukkelijke en allezins billijke 
voorwaarde, dat bet herstelde dok van Vlissingen te allen 
tijde zou moeten dienen "ten gerieve van alle des Lands 
schepen , zonder onderscheid tot welk Collegie der RepubUek 
zij mogten behooren." 

Een jaar na het nemen van dit besluit, werd met het 
herstel der haven en vao het dok een aanvang gemaakt, 
't welk door verschillende omstandigheden, bijzonder door 
den oorlog met de Fransche Republiek , zeer vertraagd werd. 
Dien ten gevolge werd het niet eerder dan in den jare 1 7tt4 
voltooid, doch op zulk eene uitmuntende wijs, dat de Com- 
missie, die dadelijk na de omwenteUng belast werd met 
het in oogenschouw nemen van 's Lands Marine , er niet 
alleen geene aanmerkingen op maakte, maar getuigde, * "dat 
de haven en het dok te Vlissingen van het eerste aanzien 
waren;" eene getuigenis, welke bij de toeomalige geestge- 
steldheid ten opzigte van het vroegere bewind voor eene 
hooge lofspraak mag gehouden worden. 

Den dag, waarop de Bondgenooten tot het herstel der 
haven en van het dok van Vlissingen besloten , werd dezelfde 
Commissie, welke die haven en dat dok had opgenomen, 
uitgenoodigd , ook de andere zeehavens en dokken, geschikt 
tot berging van 's liands schepen van oorlog , in oogenschouw 



de plaatiing nin doeltKfnd gcMideeld werd, ta dit, ma het bibondcn wiiH, gehfel 
behoorde te «ordea Tenteowd, «urom de Commiuie aumuddc, het toonlinog Ie 
laten nuten. 

■ By Sn. va» B. H. Mog. ym 1 Aug. ITSS. 

« In liet BappiiTt vu den IB via BJaeimuiid 179G, bet eenle jur dei Bitnif- 
■ehe vriiheid. 

2' 



1, Google 



20 GBSCII1BDBNI8 VAN H£T 

te nemea, en hare gedachten mede te deelen aangaande de 
verbeteringen, die daarin konden gemaakt worden. Zij vol- 
deed aan die uitnoodiging , en in bet volgende jaar ' werd 
ook omtrent deze aangelegenheid door haar een uitvoerig 
verslag ingeleverd. Doeb de hevige tegenstand, welken de 
daarin vervatte voorstellen ontmoetten van de zijde der Ad- 
miraliteiten en steden die bij de zaak belang hadden , het 
gebrek aan de noodige geldmiddelen en de daarop gevolgde 
oorlog beletteden , dat aan de ontworpen plannen gevolg 
gegeven werd. 

De klagten , welke reeds ten tijde van Prins willeh UI * 
gerezen waren over den gebrekkigen toestand van het zoo- 
genaamde hok of dok, waarin de oorlogsschepen, toebe- 
hoorende aan de Admiraliteit van Amsterdam , bewaard wer- 
den, waren veeleer toe- dan afgenomen, en deden zich in 
deze jaren op nieuw booren, nu bet getal der oorlogaecbe- 
pen zoo zeer vermeerderd was. Dit dok was zoo sterk aan- 
geslijkt , dat de schepen aldaar diep in de modder lagen , 
zeer schielijk doorzakten en hanne kracht verloren. Welke 
nadeelen daarvan voor de nu pas berrezene zeemagt te wach- 
ten waren , behoeft niet gezegd te worden , en hoe zeer de 
dienst door deze ongunstige gesteldheid belemmerd en ver- 
traagd werd, bleek onder anderen daaruit, dat men in den 
jare 1784 vier en veertig dagen noodig bad, om bet schip 
de Vrijheid van 74 stukken uit bet dok in vlot water te 
brengen. * 

Deze ongunstige toestand bewoog den kundigen en ijveri- 

1 Op den 20 Jany 1T8T. Ook dit Rapport, met de diErby beboomdB ktartui , tea- 
kïDtDgen eai. bcrait in het Rf]ks-Archier. Dan fl Aag. durainvolgende werd rerslig 
otci dit nppart by H. B. JJog. gdun, m(*r door d«n kort diarop geiolgden am- 
mekcer lan xaken m andere ïd dea tekst vennelde Tadcnen bleof dcie nuttige laak 
londei verder geralg. 

* VBTgelyk D. III, bL BS~B8. 

* Sa^port der CE>i>naiwie co» ji«f Dtfmnnwte», U. SQ. Miaachieo gaf deie in 
h«t oogvallende amitendigheid Mn de Admiraliteit Ttm Amsterdam aiDleiding, om ham 
klagtm te hemieowen. Zeker ii het, dat ig den G Aag. 17S1 deswege e«a' brieT aan 
H. U. Mog. ichreer, waarin zy ep verbetiriDg van bet dok «androng. Zie Set. M. 
ff. Mog. 10 Aiig. ns*. 



V Google 



TfEDERI'ANDSCUS ZEEWEZEK. 21 

gen equipagiemeester william may, een ontwerp te inakea 
tot bet bedijken eii aitdiepen van 'a Xiands dok, 't welk 
door de Admiraliteit van Amsterdam voorloopig goedgekeurd 
zijnde, vervolgens, op haren last, door hem, met mede- 
hulp der bekwame waterbouwkundigen, bbuininqs, gou- 
DRiAAN en cREDtz, uitgewerkt en gewijzigd werd. Naar dit 
plan werd de arbeid in den jare 1789 of 1790 begonnen 
en de ontworpen dijk gelegd, doch de sluis, die daarin 
moest gebragt worden, was bij de omwenteling die vijf 
jaren later plaats vond, nog niet daargesteld, vermoedelijk 
wegens de zware lasten, waaronder het genoemde Collegie 
en het geheele Vaderland gedurende den oorlog met de 
Fransche Republiek gebukt gingen. ' 

Behalve de opgenoemde verbeteringen werden er in deze 
jaren nog andere ondernomen en volvoerd. Wij bedoelen 
hiermede het herstellen van de gebouwen, het op nieuw 
inrigten en vergrooten van de werven , bijzonder der Admi* 
raliteiten van het Noorderkwartier en in Vriesland , die door 
de verwaarloozing van het zeewezen en de uitputting der 
geldmiddelen van die beide CoUegien deerlijk in verval ge- 
raakt, en bij den grooten aanbouw te dezen tijde ten eene- 
male onvoldoende waren. Ook de inwendige inrigtiug der 
arsenalen, die in orde en spaarzaamheid over het algemeen 
veel te wenschen overlieten , werd bij sommige Admiralitei- 
ten verbeterd , met name bij die van Amsterdam , alwaar 
de Advocaat-Fiscaal van der hoop, niettegenstaande de 
tegenkanting welke hij ondervond, veel goeds bewerkte. * 
Meer bepaaldelijk mag melding gemaakt worden van de 
oprigting van twee hospitalen, waarvan het eene te Helle- 
voetsluis, en het andere te Ënkhuizen gebouwd en in ge- 



1 Sa reed* Mngehwlde menoile nu den MekapiUin eo eqnipsgiemeeiter w. kat 
•an den Priiu-SUdhonder , A». IT90, Tei^leket) roet hst Bapporl omtrtttt 't La»dt 
Marime, k'. 1TS5. bl BS. 

9 Brief TiB TAH DIK HOOP UU dm Prin», wur h^ «eb uar bekli^ OTer dia 
tegenkmtiiig, voonl nn den kant imi den GiuT bintimci tait ksooh, lid dei 
Adminliteit. 



1, Google 



22 QKSCH1BDENI8 VAN HET 

reedheid gebragt werd. Tot biertoe werden de zieke of ge- 
kwetste zeelieden op hospitaalschepen of in de gasthuizen 
der steden verpleegd, maar welgeordende gestichten ter 
hunner verzorging ontbraken. Te ragt oordeelde men zulks 
een wezenlijk gebrek, waarin nu door het bouwen dier twee 
hospitalen voorzien werd, die wel te wenschen overlieten, 
doch voor het doel zeer bruikbaar waren. ' 

Hoe gewigtig al de vermelde verbeteringen waren , achtte 
men ze onvoldoende voor den voortdurenden bloei der pas 
herrezene zeemagt; er moest meer gedaan worden. Dit werd 
in onderscheidene geschrifteo betoogd, van welke vele luttel 
waarde hadden, maar van welke eenige, opgesteld door 
mannen van kunde en ervaring, zeer verdienstelijk* mogen 
genoemd worden, en die ook niet zonder invloed bleven op 
hetgeen door den Stadhouder, eenige Staatslieden en zee- 
officieren in deze jaren tot verbetering van het zeewezen 
gedaan werd. 

Er waren thans vele oorlogsschepen gebouwd , eene nieuwe 
haven werd aangelegd, de werven en dokken werden ver- 
beterd en vele andere zaken tot nut van het zeewezen ver- 
rigt; maar wat beteekende dit alles, indien men geen zorg, 
geene voortdurende , .onafgebroken zorg droeg voor het be- 



I Uit de DD Tcrtrande Verhalem der Haagiche Sttoignta, vsn 1788—1796 «m de 
Sti, tMÈK U. K. Mog, van 31 Mei, 4 en 80 Sepi, S co SO Oet. an 17 Dec. 17S8, 
en Sei. va» Solland Tin 13 Sept. , Z, S en 80 Oct. en !8 Nov. 178:). Het hoapi- 
tasl (e HBlIeiaeUIuis , ttan de ODitx|jde baiten die plaiti opgecigt, werd eerit ran hout, 
durni Tan «teen opgetrokken en met graehtan omgeven. Dat te Eakbciien had vn». 
gCT g«diend Toor liBnongieterfj, Beide konden 6 of 600 zieken bevittui. 

' UierondFr behooren vooruamelQk: Eenige bedenMngen oeer de renu^ van de 
repuilieJfc in Holland, 1783, zonder oaam , doch gachreTcn door den kapitein Graaf 
r. ». TIN nTLiNDT. en wel, zoo als my uit een' brief ran viH deb uoop aan 
deu Prins is gebleken, op verzoek van dieo Advocaat-Fiacsnt ; Zeematudroom , door 
T&H KiNauKBQEH, Amsterdam 17Sli Memorie oser de middeleH ter *\teoering na» 
kei adviji, den 88 Maart 1788 Mitgebragt , om een vatte post op den itaat van 
oorlog te brengen tot eene jaarlijjeeeie eq*ipagie, in het 1' D-, 1° Stnk Tan het 
Zeemane Handboek, door denzeirdeo . zijnde oorapronkeljk eene memorie van T«l( 
DIB HOOP, doch met unmerkingm van jah KlHaoKBoM, en nitgegevan zonder bei- 
der medeweUu, loa sla tam sus boop aebreef aan den Prini, m eenige anders 



V Google 



NEDKRLANDSCHE ZEBWEZBN. 



hoorlijk in staat hoaden der zeemagtP De onderviodiDg van 
hetgeen tusschen den Utrechtschen vrede en den EogebcbeD 
oorlog gebeurd was, bad de jammerlijke gevolgen geleerd 
der verwaarloozing van het zeewezen. Wat wonder, dat men 
bij de herrijzing der zeetnagt hierop zijne aandacht vestigde P 
Om dat doel te bereiken, bestond er slechts één middel, 
te weten, niet langer aan de willekeur der provinciën over 
te laten het verleenen van de onmisbare geldmiddelen tot 
onderhoud en uitrusting der oorlogsschepen, maar tot dat 
einde jaarlijks op den staat van oorlog eene bepaalde Bom 
en vasten post te brengen, ten einde Collegien, ook in 
vredestijd, wanneer de zeemagt gewoonlijk uit geldsgebrek 
bet meest verwaarloosd werd, ia staat te stellen tot het 
doen der vereiscfate herstellingeo aan 's Lands schepen eo 
van die uitrustingen, welke de omstandigheden vorderden 
of raadzaam maakten. 

Het eerste voorstel dienaangaande werd op den 30 Sep- 
tember 1782 ter vergadering van Hunne Hoog Mogeaden 
gedaan , ' bij welke gelegenheid de Prins-Stadhouder op de 
aanneming van dat voorstel ten sterkstea aandrong, daar- 
voor als reden aanvoerende: "opdat de Staat binnen korte 
jarea oiet wederom mogt vervallen in denzelfden toestand 
van weerloosheid , waarin dezelve vóór den aanvang des oor- 
logs geweest was, ea waarvan dagelijks, niettegenstaande 
alle inspanning van krachten , de ongelukkige gevolgen ge- 
ziea werdea." Zes maaoden later werd dit voorstel nader 
overwogen en een plan ingediend, zoo omtrent het getat 
oorlogsschepen , dat jaarlijks , in vredestijd , behoorde in dienst 
gesteld te worden , als aangaande de gelden die daartoe zou- 
den benoodigd zijn. ' De Advocatea-Fiscaal bisdou ea van 



1 Zie JEm. coa S. M. Mog. tu dien dag. 

s Se: R. S. Hag. SI Hurt LT83. Vuigcoa dtt pliD loudcn er, bfjiopdartot oefe- 
ning der Dfflciercn va mmaiehap{i«n , in Tredealjjd, jurlfjlci ia dienat geiteld worden 
EM «cheiien Ttn 60, lea Tin KO, uht fragatten tui S6 tot 40, Tier tid 80 atakken 
y zea adTfJaiigten , te houd bemud met S9I)0 liopptni, belii]*e de lebepea, dis dooi 
de Coll^ien nog boTendien tot beKherming vu den buidel uit bmuie gewone inkom- 



V Google 



24 GESCHIEDBN18 VAK HET 

DER HOOP , de Vice-Admiralea eeïnst en zoktman , de Schout- 
bij-nacht van kiitsbergen en andere zeeofficieren waren hoog 
iDgenomeB met dat ontwerp, en deden alles wat in hun ver- 
mogen was om het te bevorderen, terwijl door de drukpers 
kundige mannen huunestem deden booren, om bet voorstel , 
als ten uiterste nuttig en noodzakelijk, aan de Natie aan te 
bevelen. Men mogt dus verwachten, dat deze zaak de ge- 
wenschte uitkomst zou opleveren; doch weldra werd er eene 
andere . wending ' aso gegeven , en eerst na verloop van ne- 
gen jaren , toeo een nader en meer bepaald voorstel was ge- 
daan, ' kwamen de Bondgenooten tot een besluit. Te weten, 
op den 7 September des jaars 1792 stelden Huane Hoog 
Mogenden vast , dat er voortaan op den buitengewonen staat 
van oorlog zou worden gebragt eene som van één millioen 
tachtig duizend galden voor de kosten van eene jaarlijksche 
uitrusting , aanbouw en herstel van schepen van oorlog , ' 
daaronder niet- begrepen de gewone huishouding der Admi- 
raliteiten, noch de jaarwedden der Ambtenaren en verdere 
behoeften van het zeewezen. Inderdaad een belangrijke maat- 
regel, welke de heilzaamste gevolgen had kunnen hebben 
en ongetwijfeld zou gehad hebben , bijaldien hij gepaard 
ware gegaan met het voldoen der Bchulden en lasten , welke 
de Collegien ten gevolge der nalatigheid en wanbetaling van 
de meeste provinciën genoodzaakt waren geweest, van het 
begin des Eagetschen oorlogs tot dezen tijd, op zich te la- 
den; en vooral, wanneer het Vaderland gedurende eene reeks 
van jaren het voorregt had mogen genieten in rust te blijven. 
Dan , de voorstellen tot de zoo noodwendige ontlasting der 



■Ud zonden worden uitgernrt. Hel bedrtg vin deie boileogewone, mur vuCe uitrai- 
ting nerd geraamd cp Sfii^.OOO gulden. 

1 Zio Bet. ff. ff. Mog. 20 Dccaiabor 1733, wiarin illcen Toorgealigea irerd , eene 
lakere ■om op den «tut Tsn oorlog te brengen tot bet oDderboud der ichepett, doch 
wtirbö Tan geene jaar^jkMhe nitmiting meer getproken irerd. 

3 Nunemic in den jare 17St) door de Commiaaie van bet DefeDaiewtzeu , wuroTer 

> Zie Mm. Tan dien dagt «ak te vinden ia de Stdtrl. Jaarloékm rin ITSS, bl. 
JIW en volg., neer bjjiondet bl. 1201. 



V Google 



NZDERLANDSCHE ZSEWEZKN. 25 

Admiialiteiten , üooder welke zij, ook bij bet invoeren van 
den 'üieuweD maatregel, onmogelijk zich van bare veelvul- 
füge pligten en Terpligtingen konden kwijten, werden voor- 
eerst ter zijde geschoven, en de oorlog, die eerlang tusschen 
het Gemeeuebest en de Franscbe Republiek uitbrak , belette 
daarop te rug te komen. DaareDboven waren de bij het ver- 
melde besluit toegestane gelden, onder de omstandigheden, 
io welke het Vaderland toen verkeerde, ten eenemale onvol- 
doeode, en de ondergang van den Staat der Vereenigde 
Gewesten maakte san de vastgestelde bepalingen weldra een 
einde. Hoe goed de maatregel op zicb zelven ware, leverde 
hij dus niet die vruchten op, welken men er zich va ii voor- 
- speld had. In één opzigt was en bleef hij nogtans van ge- 
wigt, namelijk dat het zeewezen daardoor eene meerdere 
eenheid en vastheid verkreeg, waardoor voorbereid werden 
de grootere en meer afdoende maatregelen, die na de om- 
wenteling des jaars 1795 ingevoerd werden. ' 

Een tweede, met de voorgaande in verband staande, aan- 
gelegenheid van algemeen belang voor het zeewezen hield 
ook den Stadhouder, de Staatslieden en eenige der voor- 
naamste zeeofficieren in deze jaren bezig , te weten , het op- 
rigten van een in vasten dienst blijvend corps de Marine. 

Men zal zich herinneren, dat er ten tijde van den Raad- 
pensionaris JOHAN DE wiTT ecD corps mariniers opgerigt werd , 
't welk gewigtige diensten in de roemrijke oorlogen met 
Groot-Brittanje bewees; dat dit corps vervolgens te niet ging ; 



■ Er vcTd ta gelijk met het lerhiadclde punt ook gciudpleegd orer de rnig, boe 
groot de leemagt nu den Stut in Tiedatjjd son behoorea te zijn ; doch daar deze 
rudplegiogea zonder gevolg bleien, gaan wy die met atlliwijgen voarbij, ea Ternezen 
deimge naar bet in rele opziglea zeer belangrijlie Rapport der CantaiiU van IkI 
Defengieaezat, A". 1789, fagzonder op bl. 43 en de Bijlage, lilt. D. WU nillen al- 
Iseli hieiuit opteekBneo, dat de Vice- Admiralen eethbt en zoutman ran oordeel «aren , 
dat 'a I«iida zeemagt Ia iredealijd moest butaan nit SI achepen van linie en 42 fre- 
gattm, mittgaden eenige ■drijijagten; doch dat de Gedeputeerden dei Admiraliteitan 
voldoende echtten eene zeemagt, zamengeatcld nit 40 linieachepen , te veten, iwinlig 
TUI 74, tien van M, tiat nn ë4, gewapend elg zeitigeni 40 fregatten, nemdgk 
twaa^ "nn 40, tetrtU» van 3S en vetrHen van EO itnkken, tMnetent 10 of 18 klei- 
nere TaartDigen. 



V Google 



36 GESCHIEDENIS VAN HET 

dat WILLEM III, nog alleen Stadhouder zijnde, pogingen 
aanwendde tot het opriglen van een vast corps zeelieden ; 
dat die pogingen nogtans niet gelakten , en dat hij eerst na 
hevige tegenkanting in latere jaren, toen hij tot de waar- 
digheid van Koning van Engeland verheven was , er in slaagde , 
drie regemenlen mariniers daar te stellen , van welke gedu- 
rende den Successieoorlog met goed gevolg gebruik werd 
gemaakt i dat na den Utrechtschen vrede deze regementea 
werden ontbonden; dat de druk der tijden en de spoedige 
dood van Prins willem IV het voornemen om eenigeregemen- 
ten matrozen op te rigten , beletteden ten uitvoer te brengen , 
en er geene nieuwe regimenten mariniers eerder werden op- 
gerigt dan onder de voogdijscfaap van den hertog van bruns- 
WYK, die wist te bewerken, dat een uit Berbice terug- 
gekeerd regement, onder de benaming van mariniers, in 
dienst werd gehouden. ' Dit regement en een , tweede , 
't welk later daarbij gevoegd werd, waren nog aanwezig, 
maar zij dienden niet op 's Lands schepen , en werden of 
als de gewone landmagt in deze gewesten , of en voor- 
namelijk, volgens hunne oorspronkelijke bestemming, in 
de Westindiscbe volkplantingen gebruikt. Er bestonden dus 
bij het uitbreken der geschillen met Engeland geene eigen- 
lijk gezegde mariniers, waarmede de vloot van den Staat, 
bij het groot gebrek aan matrozen, kon bemand worden; 
er bestond geen vast corps scheepssoldaten en matrozen , 
zoodat de kapiteinen, tot merkelijk ongerijf van den dienst, 
genoodzaakt waren , telkens wanneer hun het bevel over een 
schip opgedragen werd , zooveel scheepssoldaten en matrozen 
aan te werven als noodig waren. 

Het was dit gemis van een vast en geregeld corps scheeps- 
soldaten of mariniers en van matrozen, die te allen tijde, 
zoo in oorlog als in vrede, ten dienste der oorlogsschepen 
konden gebezigd worden , 't welk de aandacht van den Stad- 



1 Zie over dit >llet brcederD.I, bL 6S8 eo Tolg.; D. III, U. 94—97,171—172. 
645-547 en D. IV, W. 369. 



dby Google 



NBDBRLA NDSCHE ZEXWIZEH. 27 

hoader Prins wiu^u V tot zich trok, toen de geschillen 
met Groot'Ërittanje vaQ dag tot dag een' ernstiger keer 
nameo. 

Naar het scbijnt, ' is het de Zeeuwsche kapitein ter zee 
VAN KII4CKEL, die 'teerst da&rvan het denkbeeld opperde. 
Deze zich naar Duitscfaland begeven hebbende om, bij bet 
groot gebrek aan zeelieden hier te lande, volk voor zijn 
schip te werven , stelde aan den Stadhouder voor , aldaar , 
en wel bijzonder in Wurtemberg, voorloopig 2000 man zee- 
müiHe, gelijk bij die noemde, te werven, waartoe hij, naai- 
hij zich vleide , verlof zou bekomen , cd waarin hij niet twij- 
felde te zullen slagen. Dit voorstel schijnt aan den Stadhou- 
der bfibaagd te hebben, zoodat, toen de provincie Hollaud 
iD het begio des jaars 1781 , * bij gelegenheid der raadple- 
gingen over de vermeerdering der tandmagt, er op aandrong, 
dat een gedeelte van het nieuw te werven krijgsvolk op 
's liOnds oorlogsschepen en tot armades ter zoe zou gebruikt 
wordeu, de Stadhouder, na de zaak met ^e Advocaten- 
Fiscaal BISDOM en VAM DER Boop en den kapitein van kins- 
BERQBM nader te hebben onderzocht, daaruit aanleiding nam, 
om aan de bondgenooteu , drie maanden later , ' voor te dragen 
het oprigten van een corps de Marine. Dit corps zou bestaan 
uit 6000 man, naar het Reglement, onder Koning willbm 
vastgesteld j verdeeld worden in drie regementen, ieder van 
twee bataljons , en gedeeltelijk zamengesteld zijn uit grenadiers, 
gedeeltelijk uit kanonniers of matrozen. Het geheele corps 



> Ik leg uaOT itl ichijnl; want troegtr Toiid ik durvm onder bet SUdhoodcrBchap 
nn wiLLEif V geenc meldiDg gemuit, eo de itraki te ittmttlita brief iln den ka- 
pitriD IA7I KIHCKKL il bet eerate itali dit durtan ipTeekt. Ik hoade dai fut kihckel 
loor deD OBlverpcr vid dit plan, en gienizias tan xensbïoqek, looali menzon kun- 
nen opmaken nit ^IJne Ltii*iubt$eArijirinff , door den Staatirisd M. C. tan hall, bl. 
129 , tweede nitgare. Van kimibshoxh beiorderde bet noglani met Teel ijrei. Een pak- 
ket, in het Hnii-Areliief dei Koning beraitends, en tot opiebrift Toerende: StuJcheu, 
raJcande ant op U riffte» corpt «on Marmieri en Cad^en corpt ntxtr de Marint 
1779 an Tolg. , beeft m^ Teel liebt ofer deie luk gegeven. 

> Zie MtM. nm H. B. Xog. 12 Junatq 17SI. 

> Op den 17 Apnl 1781. Zie üm. m» B. S. Mog, Tin dien it%. 



V Google 



28 UKBCHIEDENIS VAN HET 

ZOU staan onder de bevelen van den Stadhouder, atsA.dmi- 
raal-Generaal ; de regementen en bataljons onder die van 
vlagofficieren , de compagnien onder die van kapiteia^n en 
luitenants ter zee. Dit corps zou blijvend zoowel in tijd van 
vrede als vao oorlog zijn , en aan geen der Admiraliteits- 
CoUegien verbonden wezen, maar gebruikt worden op zoo- 
danige schepen als noodig zou bevonden worden, zonder 
onderscheid te maken tot welk Collegie zij behoorden. ' Met 
eenstemoiigbeid, zoo zeldzaam in deze dagen van onrust, 
en die ten bewijze strekt, hoezeer men algemeen overtuigd 
was van de nuttigheid* der oprigting van dusdanig vast corps , 
namen de provinciën nog vóór het einde van het jaar * het 
voorstel aan, verklarende Zeeland alleenlijk, dat het onver- 
mogend was, tot verwezenlijking van dat ontwerp iets bij 
te dragen. 

Alles scheen dus aan te duiden , dat eindelijk een vast 
corps de Marine zou worden opgerigt , 't geen de heilzaam- 
ste gevolgen voor het zeewezen voorspelde. De Prins aarzelde 
dan ook niet , om in het volgende jaar de hoogere en lagere 
bevelhebbers van dit nieuwe corps te benoemen, wordende 
tot kolonel van het eerste of lijfregement van zijne Hoogheid, 
de Vice-Admiraal hartbinck, en van de beide andere re- 
gementen de Luitenant- Admiraals willsu van was8£naer 
en HOEUFT aangesteld , terwijl de verdere vlagofficieren , waar- 
onder de Vicc-Admiralen beïnst en zoutman en de Schout- 
bij-nacht VAN KIN3BEBQEN, tot Luitenant- Kolouels of Ma- 
joors, en een aantal zeekapiteinen waaronder vele die bij 
Doggersbank of elders hadden uitgemunt, tot Kspiteinen- 
Commandanten benoemd werden. Eindelijk, werden nog de 
Schout-bij -nacht tan kinsbbroek tot Adjudant-Generaal van 
den Stadhouder, in zijne betrekking van Admiraal-Generaal, 
en de kapiteinen ter zee, Graaf van welderen en Baron 



1 Da Tennoldc itakkao uit het Huu-Arcfaiaf; de Bei.ta»S.H. Jtfi^.Tui 11 April, 
1 JanQ eo 2S October 17SI. 

■ Op dsn El December 1T81. Zie Ret. ra» S. X. Mog. ven dien dtg. 



V Google 



NBU£ftI.AND5CH£ ZEEWEZEN. 29 

TAN KiNCKEL, de ODtwerper van dit corps, tot adjudantcD 
aaDgesteld. ' 

Dan , hoe nattig de oprigting vaa dit corps ware en ve- 
len daarin belang stelden, werd de verwezenlijking daarvan 
vertraagd, zoowel door de verklaring van Zeeland, als om- 
dat de oorlog waarin men gewikkeld was, zoo vele andere, 
dringend noodige zaken vorderde. Zoodra echter de hoop 
op vrede zich begon te vertoonen , wendde de Stadhouder 
pogingen aan , om het reeds goedgekeurd ontwerp ten uit- 
voer te brengen. Doch in plaats van tot de oprigting, waar- 
toe hij gemagtigd was , over te gaan , meende hij uit groote 
naaawgezetheid , alvorens een gewijzigd, naar het scheen, 
voor het zeewezen nuttiger plan dan het vroegere aan Hunne 
^Hoog Mogenden te moeten voordragen.' Het gevolg hiervan 
was, dat er nieuwe beraadslagingen aanvingen ia de verga- 
deringen van de Staten der provinciën , bij wie intusschen 
de belangstelling ia deze zaak, na de oorlog met Groot- 
Brittanje weldra scheen te zullen eindigen, merkelijk ver- 
flaauwd was. De meer en meer toenemende inwendige bur- 
gertwisten en beroerten deden bet plan spoedig geheel uit 
bet oog verliezen , zoodat er zes jaren verliepen , zonder dat 
iets naders deswege vernomen werd. Eerst nadat orde en 
rust hersteld waren, en de Stadhouder het volle bezit zijner 
waardigheden had herkregen, kwam de oprigting van het 
corps de Marine op nieuw ter sprake. De Prins deed des- 
w^e op den 17 Maart 1789* eene bepaalde voordragt ia 
den geest zijner vroegere voorstellen , doch op eene veel 
kleinere schaal,^ terwijl de Commissie van het Defensiewe- 



■ Zie OTCT iea bcDoemin^eo meer in bet btJlolldcT: 4t Nederl. Jaarboeken 1782, 
St. 1, bl. 446— «60, BH TAN HALL, LeveHibeicirijviag vso vak i[K»Bi»aBN, bl. 
189, tweede aitgsTe. 

* Op deo 1 April 1TB3. Zie Bei. van E. J7. Mog. tu dim dig. Deaiby werd 
bet getal grenadien vemiiDderd, cd dit der kaaoaniers of metroieD Termeerderd. 

* Zie Set. van B. H, Mag. len dien deg. 

* Volgena dit ïoontel, rou bet eorp? alechtl be*taan oit twee regementen , iedornili 
twee bataUoB». elli baUljuii ■a.a 'iJF cooijngnien , in het gebcel Bterk ruim ITOO man, 
gedeelMfib nit grenidiHs, goileellelijk uit coiiilApi^lt lamengMteld. 



V Google 



30 GESCHIEDENIS VAN HET 

zen bijna gelijktijdig de Duttigheid ea noodzakelijkheid van 
zoodanig corps mede betoogde. ' Doch de kostbaarheid , ook 
zelfs van dit vernainderde plan , hield de Bondgenooten terug^ , 
daaraan bunne. goedkeuring te verleenen. * 

Dit bewoog den Prins, na rijp overleg met den Raad van 
State, een ander gewijzigd en minder kostbaar plan voor 
te drageii, dat, in verband met een tweede voorstel, naar 
het oordeel van deskundigen, de heilrijkste vraobten voor 
het zeewezen beloofde. Dit plan bestond in de oprigting van 
een corpa Scheeps- of Zeeartiileriaten , en bet tweede , daar- 
mede naauw verbonden voorstel, in bet verleenen van va^^e 
jaarwedden aan een behoorlijk getal zeeofficieren van hooge- 
ren en lageren rang boven de nu reeds door de Admirali- 
teiten bezoldigde en boven die, welke bij genoemd corps 
zouden geplaatst worden, gelijk mede aan eenige schippers 
en stuurlieden. 

£r bestond bij 's Lands zeemagt een dringende behoefte 
aan bekwame artilleristen , * en het was meer dan tijd, dat 
men tot vorming van een vast corps daarvan overging. In 
den jongsten Ëngelschen oorlog had men op nieuw het ge- 
mis ondervonden van lieden van die soort welke niet alleen 
zelve door langdurige oefening de behoorlijke kennis van het 
bedienen van het geschut hadden verkregen, maar die bo- 
vendien in staat waren, den matrozen daarin behoorlijk on- 
derwijs te geven en voor te gaan. Het was uit dien hoofde, 
dat de Stadhouder, op raad eo aandrang van de Luitenant- 
Admiralea eeïnst en zodtman, en van den Vice-Admiraal 
van KiNSBERQEN, thans voorstelde zoodanig corps scheeps- 
artilleristen op te rigteu , bestaande in zes compagnien , sterk 
840 man, verdeeld in drie divisien, ieder aangevoerd door 
een' vlagofBcier, 't welk, onder het oppergebied van den 

1 In hur B^port dt., bl. 4S. 

* Er knm ias Tin de oprigtÏDg nu faet etgeDlylc g«iegd« eorpt de Muio* niati, 
loodat meD ïn eenen zeer bepuldcn tin moet Dpvaltin wat omtnnt bal TcnrexenlQkeii 
van dat plan piegi «ordt b[) u. c. tan ham,, Lnm va» J 
Isa, tvndi nUgaTc. 

■ Mea vergelyke biermede D. IV, U. 867—268. 



V Google 



NEDKKLANJ>SCH£ ZÏKWEZEN. SI 

Admiraal-Greneraal , zou staan onder de beveleo van eeaen 
LoiteDant- Admiraal , die tevens zou belast wezen met het 
toezigt over bet geheele corps. ' 

Gelijk in het tijdvak dat op den Utrechtschen vrede volgde, 
was er vóóf en ten tijde van bet uitbreken der jongste ge- 
schillen met Engelaod, een groot gebrek aan luitenants en 
onderoflicieren bij de zeemagt van den Staat, zoodat om 
die reden somwijlen oorlogsscliepen weken, ja maanden 
moesten' blijven liggen, en meu tot aanvulling der ontbre- 
kende genoodzaakt was, min bekwame koopvaardij schippers 
tot officieren aan te stellen, en ongeschikte zeelieden tot 
dekofficieren te bevorderen. De oorzaak van dit gebrek was 
daarin gelegen, dat na bet bijleggen der twisten met Groot- 
Brittanje onder de Prinses-Gouvernante, vele jongere offi- 
cieren en onderofficieren uit hoofde van de weinige uitrus- 
tingen die er plaats vonden , en wegens gemis van vaste 
jaarwedde, even als tijdens de langdurige rust na den 
Utrechtschen vrede , den dienst verlaten en zich naar Oost- 
indië begeven hadden * of elders hun fortuin waren gaan 
beproeven. En had de oorlog tegen Marocco niet eeoig 
meerder leyen aan het zeewezen bijgezet , vermoedelijk zou 
dit gebrek van jaar tot jaar toegenomen zijn , en de zeemagt 
bij het uitbreken van den Engelschen oorlog zich in dat 
opzigt in eenen zeer jammerlijken toestand bevonden hebhen. 
Dat kwaad had men door een krachtig en afdoend middel 
kannen voorkomen, wanneer men aan de luitenants en on- 
derofficieren , of althans aan een gedeelte van hen , even als 
aan de vlagofficieren en oudste kapiteinen , eene vaste jaar- 
wedde had toegestaan , ook wanneer zij buiten werkelijken 
dienst waren. Dan , dit geschiedde niet , en men bleef op 



> ZtB hst ComMiaioir Advit nn cl«n Priu co tu don Baid nu Stits, lehtcr ie 
XUtiva ea» S. S. Mog. tu SS Febrnaru 1T91 un de BDüdgcDootcn ; ook tcTindcB 
JD de JSad4rl.Jaarboeke»Vl%l, St. I, bl. lU-STS, fo. bgiDodcr bl lUO Tolg. «d SGT. 

1 Hel gcUl der InitsDSDla en onderofficiaren die lich En 1764 en roJgende jaren Dur 
Ooatiadiè b^aveD, wu awiienlük. Onder ds ofBcierea bcTondeu ueb «illkh en iA- 
a en anderen. 



1, Google 



ESCHI£D£NI8 VAN H£T 



den oudeo weg die vac het begin der Republiek gevolgd 
was, voortgaan, om, namelijk, alle luitenants en onderoffi- 
cieren, zoodra zij buiten dienst gesteld waren, geheel aan 
hun lot over te laten. Zoolang het Gemeenebest gedurig 
zeeoorlogen voerde, werd de schadelijkheid van dezen stel- 
regel niet of minder gevoeld , dewijl er toen ruime gelegen- 
heid was om il) dienst te zijn, te blijven of te komen ^ doch 
bij langen vrede en geringe uitrustingen openbaarden zich , 
gelijk na den Utrechtschen vrede en vóór den Ëngelschen 
oorlog, daarvan de schroomelijke nadeelen. 

Die nadeelen trokken de aandacht van den Stadhouder 
wiJ^LEM V, die, toen de hernieuwde geschillen met Enge- 
land meerdere uitrustingen begonnen noodzakelijk te maken, 
de Admiraliteiten van de Maze en Amsterdam op den oo- 
zekeren en ongelukkigen toestand der mindere officieren en 
op^e schadelijke gevolgen daarvan voor de zeemagt van den 
Staat oplettend maakte , en deze coUegien wist te bewegen , 
uit hare gewone middelen, even als aan de vlagotlicieren 
en oudste kapiteinen, aan de twaalf oudste luitenants van 
haar Ck>llegie eene vaste jaarwedde toe te leggen , en de 
maandgelden der vier en twintig oudste luitenants te ver- 
hoogen. ' Zeer zeker was dit eene verbetering, maar die, 
vooral bij de uitbreiding der zeemagt in de laatste jaren , 
onvoldoende was. De Vice-Admiraal haetsinck deed nog 
eene nadere poging tot verbetering van bet lot der mindere 
officiereu,* doch die zonder gevolg bleef, terwijl de oorlog 
en de burgertwisten deze belangrijke aangelegenheid weldra 



1 HIJ de«d hst Toorttcl daiitoe in eene Mi^ive rm II Dec. 1779. ])e Admiraliteit 
van AmitBidim gtt bt,n toestsmmiDg vier dageu later, doch onder loorbebond. dat 
de Prina bü de eerste gunitige gclcgeafacid loa benerken, dit de Boodgenooten de 
vaats jaarnedden londeD ToldoeD, De jaarn'eddea werden bepaald op 300 galden 'ajaan; 
de maandgelden verhoogd van i)0 lot 16 gulden. Uit de thant veibnnde Nof»U» der 
Admiraliteit dim Anuterdam, ITTS. 

» Hö itelde den i Dec. 1780 aan de Admiraliteit van Amiteriam voor, een wttt 
tarpt luiteninta bij het Collegie op te riglen , beataande nit SO laitenanta, verdeeld in 
drie klaucn. ii-dcr met rene jurwedde van 300 giildeD, en maandgelden naar mate 
ïBi de klaaM, waarlae ij) behoorden. Doch hiervan kwam oieCa. 



1, Google 



N£D£aLAND$CHE ZEEWEZEN. 33 

uit het oog dedea verliezen. Er verhieven zich nogtans van 
tijd tot tijd stemmeD , die de noodzakelijkheid betoogden 
niet alleeD der verbeteriug van het lot der mindere officieren, 
maar van bet ia dienst houden van een vast corps zeeofli- 
eieren,' en daarbij wezen op de groote voordeelen, welke 
Groot-Brittanje en Frankrijk daarvan trokken;' met welk 
gevoelen staatslieden , zoo als de Advocaten-Fiscaal van der 
HOOP en BISDOM, zich vereenigden.- Dit gaf den Stadhouder 
aanleiding om, in verband met zijne voorstel},en omtrent 
het corps de Marine, deswege herhaalde voordragten te 
doen , doch die de goedkeuring der provinciën niet mogten 
erlangen. De Personele Commissie van het Defensiewezen 
verklaarde zich desniettemin , in haar verslag , openlijk voor 
een vast corps zeeoflicieren en onderofficieren , ' met welk 
gevoelen de Commissie tot regeling van de aandeelen der 
provinciën in de algeineene lasten , zich vereenigde. ' Op 
deze wija werd de aandacht der Bondgenooten op die aan- 
gelegenheid gevestigd , en langzamerhand won de overtuiging 
van het nut der instelling van een vast corps zeeofficieren 
meer en meer veld. Nu oordeelde de Stadhouder, dat het . 
geschikte oogenblik gekomen was, om een nader voorstel 
te doen , en meende hij zich te mogen vleijen , dat het met 
eene gunstige uitkomst zou bekroond worden. Dienvolgens 
deed de Prins, in het begin des jaars 1791, daaromtrent 
eene voordragt, hierop nederkomende , dat aan een zeker 
getal vlagoSicieren en kapiteins. Commandeurs of Kapitein- 
Luiteoants, welke rang vroeger lang in wezen, doch sedert 
afgeschaft was en nu zou hersteld worden , alsmede aan een 
zeker getal luitenants, boven en behalve de zeeofficieren van 



1 Dit deed Tootal ia Orasf t. a. lts bti.i.hdt, in zj)iie reedt veroiBlde belïDgrgks 
brocliDre: Smige bedenkingen over de zeemasf oo" <^ Stpvhlieh, in HolUnd 17S3. 
Ook TAH tINSBKBOiN ia lyuc geMbrifteD. Buiden btagUn zdIIib in veib&nd met bet 
toen DDtworpeu cd reeds door H. H. Mog. goedgekcDide plan tot oprigting tbd een 
eorp* de Marine, 'tgeen tater leine!. 

> Zie buT Bapport, bl. 4S en 49. 

) Zie bet Eappori der PernmeU Commune van het Ftnantieipezen , bl. 29&, en 
dB Bplage litt. B, bl. 36 en 37. 

V. 3 



V Google 



34 QESCBIBDBNI3 VAN HET 

oadeTDclieidene rangen die reeds door de Admiraliteiten be- 
zoldigd werden , of die , als tot het corps scheepsarttlleristen 
behoorende, aU zoodanige bezoldigd zonden worden, mits- 
gaders aan eenige scbippers en -stunrliedea, eene vaste jaar- 
wedde zou worden toegekend. ' 

Et verliep ruim anderhalf jaar eer al de provinciën over 
deze beide en andere, met de geldmiddelen van den Staat 
in naauw verband staande gewigtige aangelegenheden zich 
verklaard en ze goedgekeurd hadden, wanneer, einde- 
lijk, op den 7 September des jaars 1792, Hunne Hoog 
Mogenden tot het besluit konden overgaan , en dit ook wer- 
kerkeiijk deden , dat het door 2ijne Hoogheid voorgestelde 
corps scheepsartilleristen zon opgerigt , en de door den Stad- 
houder voorgedragene vaste jaarwedden zouden toegekend 
worden. * 

Van DU af werd door deze nuttige maatregelen het lot 
der hoogere et} lagere bevelhebbers van 's Lands zeemagt 
verzekerd, en het uitzigt geopend dat, door een aanzienlijk 
gedeelte der officieren en onderofficieren een vaat bestaan te 
verzekeren , de zeemagt van den Staat niet meer tot die 

■ Dit getal bedroeg 62 zoo TltgoScieren >Ia Inpiteiia, ieder tegen'/TEO; S2 kipi- 
teiea. die nog geen kapiteiaa tnktameoten konden bclcomen, en Comraandenra of K&- 
pileio-LmteDiDtt , tegen ^l&O; de luitenenta zouden verdeeld worden in drie klissen, 
wierv&D twee eene vute wedde londen genielen. Asn 62 Initenenti der ecntt klisse en 
un Conoiindeari of KaLpitein-Iioltenanta , dia ïn die hoadanigheid nog geene jesrwedde 
kondan hekonioii, ieder ^SGO; san ISD laiteniDle van de tweede kloue en loileuants 
nn de eerate klaaae, die dat traktement nog niet konden genieten, ieder eene jiar- 
wedde Tan ƒ300, einde1)jk. tan SS achippen en even looreel atnorlieden, ieder eens 
jaarwedde van ƒlKO. Van dit getal zonden behooren te worden afgetrokkeD de ofBcic- 
ren, die by de eompagnien aeheepaartilleriiteD londen warden geplaatst, ilimede die- 
gene, welke alreedi door de Collegien alt de gewone inkomaten betaald werden, wiar- 
omtrent eenige wfjzigingen ToorgedrageB werden, onder anderen, dat 69 Initenantg der 
derde klatae van wege de Admiraliteiten jaarwedden zonden geoieten. Zie het Conciliaiotr 
Advia vaa Z. JT. en den Saad tan Slate, achter de Sn. tan JET. H. Mog. Tan £2 
Febr. 1T91. ook te vinden in de Nad. Jaarb. 1791. St. I, b1. IM en volg, en meer 
bepaald op bt. 194—199, 2a9— ST2. 

\Rtt. van S. B. Mog. 7 Sept. 1792, ook te viDden in de Jfei. Jaarb. 1792, 
8t. II, bl. 1100 volg.i meer bepield bl. ]U1~11G0, 1244—1249. Deie vaate trak- 
tementen bedroegen /lS3,730i bet corps scbeeptartillertstea /ie3,6aD, (e zamen 
/ 297,400. 



V Google 



NEDERLA.NDSCUE ZEEWEZSN. 35 

laagte zou zakken, waartoe zij ua den Utrechtachen vrede 
vervalleo was, ja, dat bet baar nimaier zou ontbreken aan 
bekwame aanvoerders. Van den anderen kant werd door de 
opiigÜDj van het corps scheepsartilleristen , hoewel misschien 
niet geheel voldoende, ia eene wezenlijke behoefte voorzien, 
en men mogt zich voorstellen , dat dit corps de kweekschool 
zoa worden van ervaren zeelieden , aan wie men ook te 
dezen tijde zoo groot gebrek had. Men haastte zich dan 
ook . een begin te maken met de oprigting vsn dat corps. 
Eerlang werd de Luitenant-Admiraal johan arnold zout- 
man , aia dankbewijs voor zijne trouwe diensten, in den 
roemrijken zeeslag van Doggersbank bewezen, door den 
Stadhouder tot Inspecteur en Commandant van het corps 
scbeepsartilleristen benoemd; en toen deze weinige maanden 
later overleed, werd die waardigheid aan den Luitenant- 
Admiraal, Ridder jan hendrik van kinsberqbn opgedra- 
gen. Doch hierbij bleef het niet: niet lang daarna sloeg 
men de band aan bet werk , en .slaagde er in , om de kleine 
helft van het bedoelde corps tot stand te brengen, waarvan 
de manschappen door gedurige oefening en door de onver- 
moeide zorg van hunnen Opperbevelhebber, binnen zeer 
korten tijd eene buitengewone bedrevenheid verkregen. Staats- 
Vlaanderen en bet beleg van Sluis bij den inval der Fran- 
schen kunnen daarvan getuigen, waarvan de scbeepsartille- 
risten evenzeer door ervaring als moed uitblonken en meer 
dan een hunner den heldendood stierf. 

Wij zouden hier nog kunnen gewagen van andere ont- 
werpen tot verbetering van het zeewezen, zoo als: tot op- 
rigting van een kadettencorps voor den zeediemt, waarvan 
een uitgebreid plan door 'van einsberqen ' ingediend werd 

1 Dit plan berutt ïn b«t Hau-Arcbitf du Konüigi, in ds briefinweling lan tah 
■ iirsBBRimi met Prina willek V. Het werd dan ZQ Hurt 1TS3 doai hem asn den 
Slulboader ingeleverd. Het k^Et[«ncorp> lou beilua uit 200 jon^lieden, via 13 tot 
17 jireo , kinderen »d leden der Haoge Regering, der riddprachmp of etemhetibeiide 
■tcdeo , of *>n officieren, loo Ier zee &l< te Und. Het Land zon loor het geheele corpe 
moetea beiorgen inwoning, apiji en drenk, en sanrankelyk eene boekerij. Ter inwo- 
nÏDe ircrd vereiuht een leer raim bnii in eene of andere laeplaatj, lierst op Texel. 

3» 



1, Google 



30 OS8CHIEDSN18 TAN HET 

aan den Prios, dat de Stadhouder, aU voor den voortdu- 
renden bloei der Marine van het uiterste gewigt, zeer ver- 
langde te verwezenlijken, doch 't geen door omstandigheden 
van verBchiUenden aard belet werd; — tot herziening en 
verbetering van den Jrtikelbrief , door de Admiralen oaAVE 
en BCHRiJVER reeds te vergeefs beproefd, waaruit men thans 
onderscheidene barbaarsche voorschriften en niet meer bruik- 
bare bepalingen wenscbte weg te laten en den Artikelbrief in te 
rigten overeenkomstig de behoeften des tijds , ' maar welke 
wenach nu evenmin als vroeger vervuld werd; laatstelijk, — 
tot het doen ophouden der schaflin^ aan boord van 's Lands 
schepen voor rekening der bevelvoerende officieren , en die 
voortaan voor rekening van den Staat te doen geschieden; 
doch welk ontwerp van den beginne af zoo vele bedenkin- 
gen ontmoette' en zulk eene hevige tegenkanting thans en 
ook in latere jaren ondervond, dat de staatslieden, noch 
van dezen tijd, noch zelfs die der Bataafsche Republiek, 
het raadzaam oordeelden, dezen nuttigen maatregel door te 
zetten, en het voor eenen vreemden Vorst, op Hollands 
troon gezeten , bewaard bleef, dien eindelijk goed te keuren 
en in werking te brengen. Dan, daar geen dezer ontwerpen. 



Allo daakbeeld vin *chool behoorde by deie inrigtiog rermedcD ta vordeo, en alles 
op eenen nilitairt» voet te i^jn. Au bet boofd dar inrigtlng ion ataan een kapitein 
tn lea 1 onder bem vier Initananle ter zee, een offieier der artillerie en genie, een 
■diipper, een ccnatapel eni. Verder londen ar weien profèaaoren en lectoren in de 
malheiil, in de hittarie en geogripbie, een tcheepibonitmeeiter , een teekentneeiter , 
een ondarwfjier in bat Engelach , in bet Franaeh . in bet ictieriiien en bet teekenen. 
Het opperbettanr xon toeverlionwd worden aan twee GeeonmiteeTde lUden ter Admi- 
nlileit, twee Tlagofflcieren en een Üirectenr-Generul. Er zonden vier kitnen of divi- 
nen iQn. De helft der kadetten lou gedorende Jol^ en Aagnitni met een fregat van 
24 (tukken naur zee gaan. De bekwaamaten , den onderdom van 17 jaren bereikt beb- 
bende, xouden, ela adelliorateli , op 'a Landi aebejien geplaatat worden, doch niemand 
kon véjr ijjn SOtte Jaar tot luileniuit worden bevorderd, ten xg h(| lieh bgiondcr bad 



I Een verbeterd ontwerp van den ArtikelbrieC wae door de Afgevaardigden der Ad- 
miraliteiten in I7B9 reedi aan den Prina ingediend ; lie Sapport der Pertanele Com- 
DHwM vaa kul DefauietBeiBn, bl. 63, maar ten gevolge van den ourlog met de 
Frantche Republiek en andere omatandigheden had zulks geen verder gevolg. 

) Zie Support cit., bl. 53 en Bglagi D van dat rapport, bl. 3! en volg. 



V Google 



NBDBBLANDSCHB ZSEWEZBN. 37 

hoe heilzaam ook, verwezenHjkt werden, zullen wij ons niet 
laoger daarmede bezig hoiiden. Liever maken wij nog mei* 
ding van eene even menacblievende , ats voor den welstand 
der zeeofficieren nuttige inatelUng, die in de laatste jaren 
van dit tijdperk tot sUnd kwam. Wij bedoelen het Fondt 
tot onderstand van behoeftige zeeoffideren, van hunne loe^- 
toen en weezen. 

Het was reeds sinds etteUjke jaren de wensch geweest 
van ooderacheidene zeeofficieren , dat zich eene gunstige 
gelegenheid mogt aanbieden , om gelden bijeen te brengen 
tot het verleenen van onderstand aan diegenen hunner, die 
zulks te eeniger tijde zouden benoodigd hebben , of wel aan 
hunne weduwen en weezen, ten einde op deze wijs bet lot 
der officieren te verzekeren, hen een onbekommerd leven te 
doen leiden en aldus den welstand van het corps zeeoflQcie- 
ren te verhoogen. Zoolang het meerendeel der zeeofficiereo 
geene vaste jaarwedden genoot, was echter aan de vervul- 
ling van dien wensch niet te denken, en waren alle pogingen 
daartoe vruchteloos. Naauwelijks had 'aljands hooge regering 
die jaarwedden verleend, of de Vice-Admiraal tan ktnb- 
'bekgkn, de edele en ijverige bevorderaar van alies wat met 
de belangen van het zeewezen in verband stond, ontwierp, 
met medewerking van eenige andere zeeofficieren , een plan 
tot oprigting van zoodanig fonds, noodigde zijne krijgsmak- 
kers dringend nit daaraan deel te nemen, en verklaarde 
bereid te zijn, het met een aanzienlijk geschenk te begifti- 
gen. ' Dat plan vond algemeen bijval en mogt de goedkeu- 
ring van den Admiraal-Generaal erlangen, ' zoodat dit fonda 
in het begin des jaars 1794 tot stand kwam, en eenige 
zeeofficieren door de leden van het corps werden gekozen, 
aan wie de zorg en het toezigt over dit fonds opgedragen 

I Zie At pUi in de Hid. Jaarl. 1T9S, St. I, b1. 81. Vah iiNiBiiKaiit bcx>d Mm 
gift van EOOO gulden un, tut* hfj ontahgeD bleef van de deelDeming un hat hnii- 
boadelgk bettnar vin het (outt. 

1 Zie Iftd. Jaarh. 1794, St. I, bl. 2S0 volg. Vergeljjlc Mmo^ op wxobkaab. 
Vod. Svt., O. XXIX, bl. lei volg. 



V Google 



SS GESCHIEDENIS TAN HET 

werden. De kort daarop gevolgde omwenteling vernietigde , 
helaaa! spoedig de schoooe uitzigten, welke dit weldadig 
en meascblievend ontwerp voor velen opende. 

Ën zoo worden wij als van zelven geleid tot de beschou- 
wing der zeeofBcieren van dezen tijd en van hetgeen som- 
migen hunner tot verbetering' van den zeedienst gedaan 
hebben. 

De luide en herhaalde klagten, door den Laitenant-Ad- 
miraal schruver aangeheven over den jammerlijken toestand 
der zeemagt in zijne dagen, over het verval der krijgstucht 
en de onkunde van de meeste officieren , waren , hoe vele 
vijanden zij hem berokkenden, niet verloren gegaan. Zij 
vonden weerklank bij enkele zijner tijdgenooten , en de door 
hem nagelaten geschriften, ofschoon nimmer door den druk 
gemeen gemaakt, gingen van hand tot hand over, en spoor- 
den het volgende geslacht aan om mede te werken tot de 
invoering der door hem zoo vurig verlangde verbeteringen. 
Ook hetgeen door den vierden willeh gedaan was tot het 
verspreiden van meerdere kundigheden onder de zeeofficie- 
ren en tot opwekking eener betamelijke eergierigheid onder 
hen , was niet vruchteloos geweest. De zeevaartscholen , door 
zijne zorg gesticht, waren de kweekplaataen van bekwa- 
me jonge zeeofficieren geworden, en het uitzigt dat hij op 
hunne bevordering had geopend, deed hen met ijver de 
baan der eere intreden. De geschillen met Groot-Brittanje , 
éenige jaren na 's Vorsten overlijden ontstaan , en de daarop 
gevolgde oorlog met de Maroccanen , hadden mede eene 
gelukkige uitwerking op de geestgesteldbeid en de ontwik- 
keling der kundigheden van de zei^fficieren in het algemeen, 
en van die der jongere in het bijzonder. Terwijl gene den 
naijver opwekten en hen in aanraking bragten met de kun- 
digste zeelieden der wereld , bood deze hun ruime gelegen- 
heid , om zich grondig te oefenen , niet slechts in de zeevaart , 
maar ook in de regelen van den militairen dienst. Op deze 
wijs bezat Nederland bij het uitbreken van den Engelschen 
oorlog reeds een corps zeeofficieren , waaronder er zich nog , 



V Google 



NRDERLANDSCH£ ZEEWBZEN. SV 

voornamelijk onder de meer bejaarden , wel bevonden , die 

den ouden slender bleven volgen en verbeteringen als aclia- 

delijke nieuwigheden met verachting verwierpen, maar dat 

toch tevens was zamengesteld uit mannen van kunde en 

onderviDdiog , en uit jonge oiBcieren, bezield met geestdrift 

voor het vak , wien meerendeels nog ervaring ontbrak , .doch 

die beloofden, eenmaal eene eer van het zeewezen, de roem 

van het Vaderland te zullen worden. Getuigen de namen 

der beide Graven van bïlandt, van zoutman, eeïnst, 

DBDEL, VAN KINSBEEGBN, MILVILL , OOKTflCYS , SCHREB- 
DER HAKINOHAN , VAN GENNEP , STARING, de twee VAN BRAAMS, 
BENTINCK, BOSCH, VAILLANT , RÏNEVELD, fiOLS , GOBIDS , 

PRXKENios, VAN HALM, ABERSON, ZEEWOi.D , en onder de 
jongeren, de blotsskn van tresixino, de ver heolls, 
CAFELLEN, KUVEL, CAHBIER, RDtscB en meer anderen. Ge- 
tuige vooral de roemrijke zeeslag van Doggersbank, waarin 
de Nederland&cbe zeeofKcieren voor het eerst, na een ver- 
loop van bijkans tachtig jaren, wederom deel namen aan 
een algemeen gevecht, in 't welk zij, ofschoon strijdende 
tegen de best geoefende zeelieden , zulk eene koelbloedig- 
heid en bedaarden moed aan den dag legden, dat zij zich 
de bewondering van vriend en vijand waardig maakten en 
verwierven. 

Hoe groot de verbetering van het corps zeeofBcieren te 
dezen tijde ook ware, en welk eene gelukkige uitwerking 
zulks natuurlijk op de zeemagt uitoefende, bleef er Qvenwel 
nog vrij wat te wenscben over. Het Vaderland was geens- 
zins, wel is waar, gelijk sommigen wanen, bij het uitbre- 
ken der geschillen met Groot- Brittanje , ontbloot van een 
eerbiedwaardig corps zeeotflcieren , veelmin was het , zoo als 
anderen meenen, de oorlog met dat rijk, die dat corps, 
om dus te spreken, schiep. Maar er bleef, hoe goed dit 
corps ook zamengesteld ware, daarbij nog vrij wat te wen- 
schen over. Vele officieren misten theoretische kennis, of 
deze was bij hen zeer gebrekkig ; de ^krijgstucht was nog 
altijd zwak, de dienst ongeregeld, ^n militaire geest heerschte 



V Google 



40 GESCHIEDENIS VAN HET 

wel op sommige schepen, maar was niet door het geheele 
corps verspreid. 

^oolang de meeste vakken van wetenschap die thans voor den 
zeeoSicier als onmisbaar beschouwd worden , door de aanvoer- 
ders der vloten , eskaders of schepen, tot welke Mogendheid 
ook behooreode, niet beoefend werden, en men het voldoende 
oordeelde, de zeevaart en oorlogskunst bijkans uitsluitend door 
ondervinding of praktijk aan te leeren , bestond er voor de 
Nederlanders, die zich aan 's Lands zeedienst toewijdden, 
weinig noodzakelijkheid zich kundigheden te verwerven , 
welke ook door andere natiën veronachtzaamd werden. Dan 
die tijden waren lang voorbij. De meeste volken, bijzonder 
de Britten en Franschen, hadden ingezien, dat ondervin- 
ding of praktijk alleen voor zeeofficieren niet voldoende was , 
eo deze hadden zich met ijver toegelegd, om al die vak- 
ken van wetenschap zich eigen te maken welke zij noodig 
of nuttig meenden te .zijn; om de vorderingen na te gaan 
die de wetenschap meer en meer maakte , en zich daarvan tot 
verhooging hunner kennis te bedienen. Dit had vooral plaats 
in dat ongelukkige tijdperk na den Utrechtschen vrede , toen 
het Nederlandsche zeewezen schandelijk verwaarloosd werd, 
en er dien ten gevolge, ook bij de meeste zeeofficieren van 
het Gemeenebest, een geest van bekrompenheid heerschte, 
die, als het ware, het kenteeken van dat tijdvak der Va- 
derlandsche geschiedenis is. Zij stoorden zich , uit dien hoofde, 
op weinige vereerende uitzonderingen na , geenszins aan het- 
geen bij de overige volken omging, zagen daarop met on- 
verschilligheid en minachting neder, versmaadden al wat 
nieuw was en hielden zich onveranderlijk aan het oude. Van 
daar de klagten van den Luitenant-Admiraal schrijver over 
de onkunde van de meeste Nederlandsche officieren in die 
dagen, bijzonder in vergelijking met die der Britten en Fran- 
schen. ' Van daar zijne onvermoeide pogingen om, bij het 

< SCHBIJTEB tMmde ÏD hst Verbaal wegcDi xtJD eommuidBDieat ia 1747 en 1748, 
de keonü der Fruiche zeeoffieieieD , en Toi^de er bjj: "Tut schande na bet earp* 
(NederiudKhe) neofflöereD ii het g«tit Mer klein, die tioh in de Iheorit van him 



V Google 



NEDSBJ.ANDSCHK ZEEWEZEN. 41 

te dien tijde zoo atgemeen gemis van keonis der vreemde 
talen, de beste werken over het zeewezen, door Britten en 
VraDschen in het licht gegeven, te doen vertalen en alzoo 
aan zijne landgenooten bekend te doen worden. ' Van daar 
zijn streven, om de verbeterde werktuigen, in Groot -Brit- 
tanje of Frankrijk uitgevonden of zamengesteld , en die al- 
daar met goed gevolg gebezigd werden, bij het Nederland- 
sche zeewezen in te voeren. Maar de meeste zijner tijdgenooten 
bleven doof voor zijne klagten, en verachtten zijne pogin- 
gen of verzetteden er zich hevig tegen. ' Enkelen nogtans 
juichten ze toe en lieten zich door het mislukken daarvan 
niet afschrikken. Ën hier onder behoorde in het bijzonder 
de Graaf lodewijk van bylanot, wien schrijver zelf on- 
der de weinige zeeofficieren van zijnen tijd noemt , die door 
kennis en ijver uitmuntten. ' Deze, die teregt voor een' der 
kuudigste zeeofficieren van dit tijdperk gehouden werd, en 
ondervinding met grondige kennis vereenigde , opgewekt, naar 
het schijnt, door/de klagten van schrijver en door de be- 
boeften welke daaraan bij het Nederlandsche zeewezen na 
eenen langdurigen vrede bestond, ondernam wat de genoemde 
Jjiiitenant-Admiraal voorgeslagen had, doch niet had kunnen 
volbrengen. Wenscbende zijne landgenooten, meer bepaald 
het corps zeeofiicieren , bekend te maken met de vorderin- 
gen die de krijgskunst ter zee bij andere volken gemaakt 
had, gaf hij in bet licht een hoogst belangrijk werk, tot 
opschrifl voerende : Zee-tactick , of grondregiden der krijga- 
iwnde ter zee,* waarvan het eerste gedeelte bevatte eene 



etgn dienst oefcueD," leggeodi Terdei, dat menig 1rapil«in zelfa Diet de noodzakdgke 
of Imatitelylc nitgevoaden of lerbctcide iiulrumentai beut, 

■ Zie de l^at der werken, die h|| BeDachte in oma lul te doen oreibreDgen, in de 
Boekzaal van ITGi, en bg la FAaaoE, AatmerHugeti ooer Itt plan van dea hwr 
Jmiienant-Admiraal c. scHUiv» eni., '■ Gnranhage 1765, bl. 61. 
I Bijr. de bovengenoende la farque. 
s Id zyn aang^eild VerbiKÜ. 

* Het beetaat uit tvee deelen ia 4o, gedrukt te Amiterdim , A». 1767, de opdragt 
aan Prins wiXlkn V en de Voorrede Terdienen gelsiiD te worden. Het wia, ofieliDOD 
)X)atbaaz, zoo sterk genxhl, dat liet binnen weinige jaren uitierkodit werd. Van bt- 



1, Google 



42 0£SCHIKDENI8 VAN HBT 

beschrijving der evolutien of maooevrea, bij zeegevechten in 
gebruik , toegelicht met de ooodige af beetdingea , en waar- 
van het tweede behelsde eene omstandige opgave der seinen, 
en de wijs waarop men zich in vloten of bij eskaders daar- 
van behoorde te bedienen. Het is waar, dit werk kan op 
oorspronkelijkheid geene aanspraak maken, daar het grooten- 
deels eene vertaling is. ' De Graaf van btlandt erkent 
dit zonder omwegen; doch hem komt noglans de lof toe, 
dat hij zijne landgenooten, bijzonder zijne medeoflicieren , 
vele van welke de Frsnsche taal niet verstonden, er het 
eerst mede bekend maakte; dat hij bovendien vele nuttige 
verbeteringen daarin maakte, het met belangrijke bijvoegse- 
len verrijkte, en het bijzonder in het stelsel der seinen zeer 
vereenvoudigde. Welk een' gewigtigen dienst de Graaf van 
BïLANDT bewees met de uitgave van dit werk, het eerste 
dat in Nederland over de zee-taktiek het licht zag , ' behoeft 
naauwelijks gezegd te worden. Door deze uitgave werden de 
zeeofScieren in staat gesteld , zich in de theorie van hun vak 
te oefenen, en leerden zij de hoogere krijgskunde, waarvan 
de meeste onwetende waren, kennen. En wie zal zeggen, 
hoe velen, vooral onder de jongere officieren ï daardoor op- 
gewekt zijn, niet langer het oude alleen voor te staan en 
zich op eigen ondervinding te verlaten, maar het nieuwe 
tevens te onderzoeken en ia gebruik te brengen en zich op 
de theorie van hun vak toe te leggen? 

Zijn voorbeeld spoorde andere verdienstelijke zeeofficieren 
aan , eenigzins later ook liunne denkbeelden bekend te maken 

LANDT legt, dut blJ («t (aiiieiia(«lliiiK t>d Ut werk meermalen den rud van den toen - 
■aaligen (^ammandcnr t. h. t&h jiinsbkbqen heeft ingewoDDca. 

I Van de T\teHque navaU <m TYmti dei Stralalitnu et ia Siynaua etc , pat Mr- 
Ie Vicomte biöot uk KoBOoüEa, eopi*. iea vaitseamx du Sm, Ao. 1763- Liter , in 
1T7T, hooi de Schout- bij -niuiht tan btlandt een dUdw boek, betrekkelyk da &iNM 
voor een eilcader, aaa de Admirstiteït tbd Amateidam aao, waaromtrent bij aan dat 
Cullegie ichreef, dat hü gedarende iljnc reii naar de Weitindiën het doeltreETendo daar- 
van bad oodervondeD , hebbende hy daarran eenige eiemplarengnoDdeiiaaii denSehont- 
bij nacht betn9t eti den kapileio tak smaBEBGEH , die zieh in de Middel landsehe loe 
bcTonden. 

T zi^t dit ia zijne Voorrede, en my ii ook geen vroegei bekend. 



1, Google 



NEDSBI.iLND3CIIE ZESWEZEN. 43 

en aldus de grondige kundighedea bij de zeemagt van den 
Staat te helpen bevorderen. Tot deze behoorden voorname- 
lijk de kapitein jan olphert vaillant en de Ridder van 

KIN8BBKQEN. 

Welk zeeofScier van onzen leeftijd is niet bekend met de 
Werktuigkundige heschottwinff van de uitieerHng der wind en 
zee op een scMp, van dèn bekwamen kapitein vaillant, en 
acht het niet zeer hoog? Dit werk, ten dienste van jonge 
zeeofficieren opgesteld, bevat een' schat van kennis, onmis- 
baar ook nog in onze dagen voor hem, die zich aan den 
zeedienst toewijdt. Het behelst vooral zeer nuttige voorschrif- 
ten, om een schip wel te kennen en wel te besturen, en 
deelt gewigtige bijzonderheden mede omtrent de zeevaart en 
de oorlogstaktiek , terwijl bet verder belangrijke wenken in- 
faoadt tot bevordering van den welstand en den bloei van 
het zeewezen. ' 

Twee jaren vro^r gaf vaillant e«i werk ait over de 
Stuurmanskunat , waarin hij het, voor de zeevaarders in het 
algemeen en voor de zeeofficieren ra het bijzonder, belang- 
rijke vraagstuk behandelde, op welke wijs men op zee de 
- lengte kan berekenen ; ' een vraagstuk , voor welks volledige 
beantwoording vroeger aanzienlijke belooningen door 's Lands 
Hooge Begering waren uitgeloofd , waarmede men zich in 
de laatste tijden , zoo in Engeland als Frankrijk met goed 
gevolg had bezig gehouden , doch dat hier te lande was ver- 
waarloosd, 't welk de kapitein vaillant nu voor het eerst, 
naar de in beide rijken verbeterde manier, zijnen landgc* 
nooten mededeelde, en waarmede hij zich alzoo zeer ver- 
dienstelijk maakte, en waardig den lof, hem deswege door 
beroemde geleerden toegezwaaid. ' 



I Het a gtdTDkt in éin deel in 8°. te Amsterdim Ao. 1786 , m ii ook jredcelletijk 
ie TerialiDg »ii een Vnnieb werk: Ie MamM^vrUr oa» boubdë di villbdust, idmt 
*rfj gev'olgd ^ "ct vele wyiiglugeD, bjJvoegaeleD cd vsrbetelingeD. 
: Gedrokt te Amtterdun bij o. h. tan kevlik, 1784. 

3 Tbd TAit swiHDiK SD «[(UWLAND, iu de VooTTsde Tcmi At VeTha»d«h«g over 
J^gt èepttaici dvr leagti op iM, in den eenten jaargang van den Almasaeh tendieti- 
tie der teelteden voor het jaar ITSS. Bj) deie gelegenheid magikali cene merliwiaT- 



V Google 



44 GESCHIEDENIS VAN HET 

De liefde tot de wetensch&p, welke van kinbbërgen be- 
zielde, en zijne zacht om die ooder ziJQe landgenooten , 
bijzonder onder zijne krijgsmakkers te verspreiden, is alge- 
meen bekend. Zijne geschriften over de zeevaartkuode eu 
den oorlog ter zee, door hem zelven uitgegeven of door de 
zorg van anderen aan bet licht gebragt, getuigen dit boven- 
dien, overvloedig. In aller handen is nog zijn Zeemana 
Handboek , ' dat voor den jeugdigen zeeofficier bestemd , in 
zijnen tijd door geen van deze kon gemist worden, en zeker 
veel heeft bijgedragen tot de vorming van dat aanzienlijk 
getal bekwame jongere officieren , welke de laatste jaren van 
dit tijdvak , opleverde. Doch hij wilde ook nuttig aijn voor 
meer geoefenden , en zorgde uit dien hoofde , dat een werk 
het licht zag , 't welk in de omstandigheden waarin het Va- 
derland verkeerde, toen de oorlog m?t Groot-Brittanje het 
hevigste woedde, door allen, die het met het Gemeenebest 
wel meenden , met belangstelling ontvangen werd. Wij be- 
doelen zijne Grondbeginselen der Zeeiaktiek, een werk, dat 
wel gedeeltetijk ontleend was uit hetgeen de Graaf van 
BYLANDT reeds voor eenige jaren had in het licht gegeven, 
maar waarin van kinsbergen ook nieuwe, uit eigene on- 
dervinding geputte krijgsbewegingen mededeelde, en 't welk 
bovendien korter en bruikbaarder was. Dit geschrift droeg 
niet slechts de goedkeuring der ervarenste Nederlandsche 

dige «et«nBcliap]jalijke gebcartsnig tru dszen tijd niet roet >tliEnugen voorbijgaan, dat 
' het op lODTslei van den Raad en Advocaat- FiacasI TtH UEft KOOF ivh, dat ieit Eoo 
nullige AlBumachj ia Daioigiojj ran den Bril^cfaen Nautieal AUiumaeh, ten dicneta 
der Ned«Tlandaclie leeiaart Id hot algemeen, en tsd bat Nedcriandiche leewezea in 
bijzaniler. werd aaDgeTaogen , waartoe de beroemde i H tïh swindeh en r. miiiw- 
LaND. benevens a. hulst tak kcdi.eh door ie AdmiraUteit van Amsterdam benoemd 
nerden. Het opmerkelijk bealait dier Admiraliteit deswege is v6ót den eenten jaargang 
ie vindeD. OnafgebrokeB werd die AlmcauKh van 1T8S tot 1S11 uitgegeven , gednrmde 
de Franaehe over beerich ing geacboraoht en in 18tB door medewerking van den oonpron- 
kelykeD Toorateller, den toenniatigen Seeretarii Tan Staat voor de Mariae, van oia 
HOOP , hervat en wordt tot op deaen t^d voortent, 

1 Ooiapronkelyk wu dit Saudhoek gtichreTen door den kapitein lUKtum lik- 
BBEOHTa, een verdieDttelyk zeeofficier van de ecrate helft der achttiende eenw, van 
wicn ik iprak D. IV, bl. 158, doch bet werd docT ta» KUrsBSEaaN gro«t«l|)ki ver- 
meerderd en verbeterd. 



V Google 



1, Google 



IUUbi,< MfffflifJUM, 




V Google 



NSDEBLANDSCHE ZEEWEZEN. 45 

zeeofficieren weg, maar genoot daarenboven de eere van ia 
het Duitsch , ja zelfs in het Russisch te worden overgezet. ' 
Een derde werkje. Korte itUeiding voor den oorlog ter zee, 
eerst in latere jaren ui^egeven , ' maar vroeger reeds in 
bet bezit van velen, had eene dergelijke strekking en be- 
vatte insgelijks vele nuttige aanwijzingen , wenken en raad- 
gevingen. 

Van KiNSBEKGEN bewees nog een' anderen gewigtigen 
dienst aan het zeewezen , met het verbeteren der Seinen , 
zoo bij dag, als bij nacht en mistig weder. De wijzigingen 
en vooral de meerdere vereenvoudiging, daarin door den 
Graaf van bylandt gebragt , waren , zulks had de onder- 
vinding geleerd, ten hoogste nuttig, doch de door beui 
verbeterde seinen hadden met de vroegere dit gebrekkige 
nog gemeen, dat zij alleen van bepaalde plaatsen gegeven 
werden. Hietdoor was men verpligt, om geene verwarring 
te veroorzaken, zich bij het doen der seinen tot de allerbe- 
langrijkste en meest voorkomende zaken te bepalen. Maar 
bovendien gebeurde bet dikwerf dat, bij het verliezen van 
masten , stengen of ra's , waaraan de seinen , ingevolge het 
tot dus verre in gebruik zijnde stelsel, moesten geheschen 
worden , de seinen of in het geheel niet , of slechts zeer 
gebrekkig konden gedaan worden. Het nadeelige daarvan 
had VAN KiNSBEEOEN in den jare 1773 ondervonden, toen 
bij in Russischen dienst zijnde , te midden van het ge- 
vecht tegen de Turksche vloot bij Soudjouk-Kalé , zijne 
voorsteng verloor en hij daardoor buiten staat gesteld werd, 
een noodig sein te doen. ' Dit gebeurde gaf hem vooma- 



I Het werd in 1T83 nilgcgcTCD door da zorg ran den toeiimiligen laiteDant ter fee 
G. A- VBB HVELL, Amtlerdsm ïd 8i>. , ea in ITSB ook te AmtterdaiD ia bat DDÏtiwii , 
gnder den titel: Axfa^gtgrittde dtr StetaHick. Zie varder: h. c. tin hali, Xernw- 
betcirijving vos viN KwaBBloEH, b1. 139, tweede uitgtia. 

1 Door c. i.. lucur, oad-ieeuffleier, Zutpben ITBS, I D. l». 

> Zie het Vootberigt van bet QeitefaU Zevaboet k". 1791, ca m. c. «ah hall, 
Leve»»btm:lunjvHtg vof tak iiHRHiiBetN , bl. 41 en 31S, tweede uitgave. Ik kan 
Ecbter niet annnanen hetgeeo de heer vin hall aldur legt, dat van KJKaiiKftaiN, 
bj) gelegeobeid van dit geveabt, bet eent ia «erkiii^ bragt bet doen aeinen op on- 



V Google 



46 tiKSCHl£U£NIS VA» U£T 

melijk aanleidiDg om eeoe nieuwe en verbeterde wijs van 
seinen uit te denken en in te voeren, hierin bestaande, dat 
de dag-seinen geene vaste bepaalde plaata meer hadden . 
maar onverschillig op die plaats of plaatsen opgeheschen 
werden, waar de bevelvoerende officier oordeelde, dat zij 
het beste door het schip of de schepen, die de bevelen , 
door het sein bepaald, stonden uit te voeren, gezien kon- 
den worden; waardoor bovendien het voordeel vermeerderd 
en alle te allen tijde konden gedaaa worden, zonder dat 
het verlies van rondhouten daarin eenige verhindwing kon 
brengen. ' Naar dit nieuwe stelsel werden de dag-seinen 
geordend en geschikt door den Luitenant-Admiraal reïhst 
en den Vice-Admiraal van kinsbergen, waarna zij in een 
groot Generaal Seinboek ' bijeengebragt en op hoog be- 
vel bij herhaling uitgegeven werden. Dit seinboek verdrong 
de tot dus verre door de vlagofficieren , ieder naar eigen 
willekeur', gevolgde en dikwerf zeer van elkander afwijkende 
manieren van seinen , werd tot algemeenen regel bij 's Lands 
zeemagt aangenomen , en is nog heden ten dage bij de Ne- 
derlandsche oorlogsschepen in gebruik. 

Hetzelfde stelsel werd door van kinsbergen toegepast op 
de nacht- en mistseinen , die , even als de dag-seinen , in een 
Generaal Seinboek werden opgenomen en thans nog bij onze 
schepen als algemeene regel gevolgd werden. De vuren of 
lantarens, die tot dus veire, even als de vlaggen, op be- 
paalde plaatsen geheschen werden, konden van nu af naar 
goeddunken, maar in zekere vastgestelde orde of rigting, 
worden uitgestoken. De kanonschoten, die bij het uitsteken 
der vuren, veelvuldig waren, werden tot weinige beperkt, 
en de verschillende tusschentijden , die bij het doen van 

iMpinldB plutien, door hem nit^cTDadBii. Het wcgscbieten na zijne voonUng gaf heni 
«anlcidii^, on het te doea ictattai, legt bet Tuorberigt van het Omerale ZeUtbotk, 
doch liernit volgt gseDi^ins, d&t bü znlki Dnmiddellijk io dit govechl gedua beelt. 
Ed boe loD dat mogclIJlc geüeeat xyn, znuder dat de onder hem gettelde officieren >!■ 
Toren» met de nienne soort van adnen waren bekend gefuakt ? 

' Zie het Voorberigt voor bet OeatraU 3rinbotli. 

9 VooT bet eerat werd hst oitgegeven in fol. in het jut 17U1. 



V Google 



NBD£RLANI>BCHE Z££W£Z£N. 47 

nacht- of mistseineQ met het geschat in gebruik waren en 
dikwerf tot verwarring of misverstand aanleiding gaven, wer- 
den afgeschaft, en vervangen door één enkel tusschenpoozen. ' 
Er zijn er, die de eere der uitvinding van dit verbeterde 
sünen-stelsel aan van kinsbeboen betwisten, en het toe- 
schrijven aan den Franschen kapitein ter zee du pavillon; 
doch de daarvoor bijgebragte redenen schijnen onvoldoende, 
en men mag, naar hel ons voorkomt, veeleer aannemen, 
dat beiden genoegzaam gelijktijdig hetzelfde stelsel uitge- 
dacht hebben. Hoe dit z^ , van kinsbekoen zelf zegt dien- 
aangaande, dat de Nederlanders en Franschen de eersten 
geweest zijn, die seinen op onbepaalde plaatsen gebragt 
hebben ; dat de Britten eerst eenige jaren later een begin 
gemaakt hebben die na te volgen , en dat het Nedertandsche 
Seinboek bovendien voorschriften bevat, die bij geene an- 
dere natie te vinden waren. ' 

Nog in andere opzigteo maakte van einsbebgen- zich ten 
hoogste verdienstelijk omtrent het Nederlandsche zeewezen. 

Van kinsbeboen telde onder zijne tijdgenooten , vooral 
onder de jongere officieren die onder hem dienden of ge- 
diend hadden, velen die hem hoog achten, beminden en 
zijne bekwaamheden hemelhoog verhieven. Maar er waren er 
ook velen , bijzonder onder zijne krijgsmakkers die met ge- 
lijken rang bekleed of boven hem gesteld waren, die hem 
geen goed harte toedroegen en zijne kundigheden, vooral 
ala zeeman, niet boven het middelmatige stelden. Tndien 
men zich kan verlaten op de getuigenis van nog levende 
tijdgenooten en op het oordeel dat omtrent hem tot ons ge- 
komen is , dan was het gevoelen dezer laatsten niet geheel 
ongegrond, ofschoon daartegen getuigenissen bestaan van 
ervaren zeeofficieren , die in geene regtatreeksche betrekking 



. > Zie Korte lehelt tan stenua «ocAfinsaii door dm Siddtr i. a. viM eins- 

B8RCIKH, AmaUrdam 1782 cd fact Oeneraal Sachl-Zeiiibotk. 

I Korte lüUiding voor den oorlog Ur xee door de» Bidder vau tiNRBBRoEH, 
uiéffeff^f>ei' lioor c, x. uadiai, oud-ieeofflcier, bl. 90. Vsigelgk ook vam hall, 
XjevMMbetchrijnHff vos tah KUtasKaaix , bl. él cd SIS, tweede ail^TB. 



V Google 



48 QESCfllBDENlS VAN HBT 

tot hem stonden en hem grootea lof, ook als zeeman , toe- 
zwaaijen. ' Dat hij overigens bij sommigen zijner krijgsmak- 
kers niet zeer bemind was, moet, naar het schijnt, aan bij- 
zondere omstandigheden toegeschreven worden, voomameiijlc 
aan zijn hoofsche manieren, aan de bijzondere gunst , waarin 
hij bij den Prins en het Vorstelijk geslacht stond, aan na- 
ijver wegens zijne spoedige bevorderingen, en nog meer aan 
zijne misschien te ver gedreven zucht naar eer en lof, die in 
vele zijner daden doorstraalde en soms den schijn van ijdel- 
heid verkreeg. Deze zwakheden , welke het anderzins in vele 
opzigten regtschapen karakter van den waarlijk edelen en 
grootmoedigen van KiNSBBaGSN ontsierden , verwekten mis- 
noegen en nijd bij sommige zijner krijgsmakkers , waaraan 
misschien gedeeltelijk het ongunstig oordeel ten aanzien zijner 
kundigheden als zeeman moet toegeschreven worden. Doch 
hoe ongunstig dat oordeel ook ware, daarin kwamen zij 
overeen en stemden in met zijne aanhangers en bewonderaars, 
dat hij waa een uitmantend militair, en dat 's Lands zee- 
magt aan hem veel, zeer veel verpligt is voor hetgeen hij 
gedaan heeft tot herstel der krijgstucht , tot verbetering van 
den dienst en tot het opwekken van den krijgsmansgeest. 
De scheepsjournalen die hij heeft nagelaten, de geschriften 
die wij van hem bezitten , zijne nog levende tijdgenooten , ja 
zijn roem die tot ons is gekomen , bevestigen tuide en krach- 
tig de waarheid van dat oordeel. 



1 n bedoel hier den toenmttigeD laitenint tan rtneteld, in zyne Bai*e naar de 
mdieUandiehe xee «Pi. b1. 81 m voarat d«n lupitrin c. de iono, \aXa Schoiit-b|j- 
nacht BE lovo tan RomHBOao, Ttnnie rtiie wtar de MiddeUaitdtehe zet, bL 
816. "Welligt," Hgt Stit aldaar, "heeft de Hepnbliek Dooit een eikadar in xee gehad, 
wurin bare offioieren meer kundighedeii bebben kannen verkrygen, din in dit door 
den Kidder Tu( KlNaeilBOEN gecommandeerd. Het bekwaam maken Tan inbaltemen ia 
hierin (in het dagelijka exerceren) zyo eenig doeliril , en ook hiettoe beeFt by byiondere 
talenten. Vele, leer Tele «orden er in eenen Admiraal gororderd, en deie bevelhebber 
vereenigt er een loo groot aantal in zich, dat men met geroitheid beireren kan, dat 
de natanr hem tot e«D Ttootvodgd gsTormd en verordend heeft." Daarentegen opperde 
de AdToctat-Fiacaa] tan dee hoop, die tan simbberhen anderiins lear genegen «m, 
in ren' brief aan den Frïni, de gedachte, "of tan KlNanKRQEN geen grooter officier 



„Google 



NSDEK1.ANOSCHK ZEEWKZEN. 49 

Bij het verval van het zeewezen a& den Utrechtschen vtede , 
was ook de krijgstucht, die in de liüaterrijke dagen van het 
Gemeenebest zoo streng gehandhaafd vi^erd en eene der steun- 
pilaren van 's Lands vloot was , langzamerhand verslapt en 
eindelijk op vele schepen ganschelijk verwaarloosd, zoodat er 
grove ongeregeldheden , niet slechts bij de geoieene seelieden , 
maar ook onder de officieren plaats vonden. Hiermede ging, 
als van zelve, de verachtering van den dienst gepaard; want- 
waar kan deze geregeld en naar behooren geschieden , als 
de krijgstucht ontbreekt? Niet alleen dus, wij spreken in 
bet algemeen, dat men geenszins toepaste de vorderingen, 
die in dat opzigt bij andere zeemogendheden gemaakt wa- 
ren, maar het bestaande, hoe gebrekkig ook naar den tijd 
gerekend, verviel ten deele. En hoe zou bij eene zeemagt, 
die dos gesteld was, een krijgsmans-, een militaire geest 
hebben kannen bestaan? De langdurige vrede op zichzelven 
had reeds veel medegewerkt tot uitblussching van den ijver, 
het eergevoel, de eerzucht, waarvan de vroegere zeehelden 
blaakten, en die in hunne bedrijven, ook nog ten tijde van 
Koning wiij.em en gedurende den Successieoorlog, helder 
doorstraalden. Maar nu wanorde zich overal vertoonde, de 
dienst verwaarloosd werd , en 's Lands Marine bij inlander 
en vreemdeling in minachting kwam; nu werden de vonken 
van het vour, dat hier of daar nog in het hart van den 
zeeman sprankelde, uitgedoofd, en de militaire geest , waar- 
door TROMF den Spanjaard versloeg, en de rtitter den 
Brit vernederde, ten eenenmale uitgedoofd. 

Aan den Luitenant-Admiraal schrijver komt deeeretoe, 
dat hij het eerst 'sljands overheden en zijne landgenooten 
oplettend maakte op het diep verval der krijgstucht, van 
den dienst en van den krijgsmansgeest bij de zeemagt van 
den Staat; dat hij middelen aanwees om die te herstellen, 
en door eigen voorbeeld toonde, op hoedanige wijs men be- 
hoorde te werk te gaan omdat doel te bereiken. Zijne stroeve 
en ligt geraakte inborst, waardoor hij zich vele vijanden 
maakte, en zijne te ver gedreven strengheid, deden nogtans 
V. 4 



V Google 



50 r.EScmüüENis van het 

sijne pogingen grootendeels mislukken. Hij vond echter on- 
der de zeeofficiereo navolgers , en de aandacht was door hem 
op deze belangrijke aangelegenheid gevestigd. De krijgstucht 
werd van nu af min of meer hersteld, de dienst verbeterd 
en een militaire geest begon zich, vooral gedurende ea na 
de geschillen' met de Britten onder de Prinses-üouveroante, 
hier eo daar te vertoonen. De Graaf lodewijk van byi/Andt, 
de Vice-Admiraal reykst, de kapiteinen dedel , mei-vii^l, 
00RTHVÏ8 , VAiLLANT , VAN BYLANDT en audereu bragten 
daaraan veel toe. Maar het waa vooral van kinsberoen, 
die daaraan een nieuw leven gaf, en door zijne daden en 
schriften, als het ware, eene omwenteling daarin bewerkte. 
Eene der oorzaken van de verwaarloozing der krijgstucht 
en van den scheepsdienst was gelegen in het gemis van be- 
paalde voorschriften. Aan deze is minder behoefte, wanneer, 
gelijk in de dagen van den grootsten bloei der zeemagt, er 
veelvuldige en sterke uitrustingen plaats vinden , doch in 
tijden van rust en bij het schaars in zee zenden van een klein 
getal schepen, gelijk na den Utrechtachen vrede, zijn zij 
onmisbaar, zal de krijgstucht niet verloren gaan en de dienst 
niet meer en meer verslappen. En van deze voorschriften 
bestond slechts bij de Nederlandsche Marine één enkel, ver- 
vat in het Handboekje voor den Zte-Leerling , geschreven voor 
omtrent veertig jaren door kapitein m, lambbeghts, dat in 
aller handen, maar zeer onvolledig en hoogst gebrekkig was, 
vooral bij de vorderingen die het zeewezen elders gemaakt 
had. Van kinsberoen, pnder den toenmaligen kapitein Graaf, 
VAN BYi,ANDT eu andere kundige scheepsbevelhebbers, als 
Commandeur, eenige zeetogten gedaan hebbende, had het 
gebrekkige van het eenige werkje 't welk voor den scheeps- 
dienst bestond, en de behoefte aan meer volledige en doel- 
treffende voorschriften , vooral voor jongere zeeofficieren , leeren 
kennen. Dit spoorde hem aan, een beter handboek uit te 
geven, den titel dragende van: Korte Inatruciien , betreffende 
de Zeedienst. ' waarin hij hetgeen in het Handboekje van 

1 uitgegeven t« ADuterdtm by iak HOBTKaai, zonder jair, doch idór het vertrek 



1, Google 



NKD£BLANDSUU£ ZG£W£Z£N. 51 

kapitein i^ambrechts gevonden werd, zeer uitbreidde, aan- 
vulde wat daaraan ontbrak, verbeterde 'tgeea daarin ver- 
keerd wa.a , en waarin hij bovendien , ala met den scheeps- 
dienst in oaauw verbaod staande, mededeelde zijne denkbeelden 
omtrent de ondergeschiktheid , de krijgskunst , den loffelijken 
naijver, de middelen om dien op te wekken en de kundig- 
heden die in eenen zeeofficier vereischt werden. 

Kort na de uitgave van dit werkje, ging van kinpbeb- 
OBN tijdelijk in Russischen zeedienst over, deed veel onder- 
vinding daarin op, en leerde vooral uit de militaire inrig- 
tingen dier natie kennen wat tot den krijgsmansstand gevorderd 
werd, hoe de krijgstucht behoorde gehandhaafd en bevor- 
derd te worden, en welke middelen men moest aanwenden 
om den dienst, ook ter zee, in alle deeleo zoodanig in te 
rigten , dat hij aao het voorgestelde doet beantwoordde. , 

Tq het Vaderland teruggekeerd, maakte hij een nuttig 
gebruik van zijne vermeerderde ondervinding en verkregen 
keunis , en paste die zooveel mogelijk op het zeewegen toe. 
Op de beide fregatten , de j^r^o en de Amphitjile , en later 
op het linieschip de Admiraal- Generaal , waarover het gebied 
hem achtervolgens toevertrouwd werd, bragt bij de krijgs- 
tucht en den scheepsdienst , zooals hij die verstond, in wer- 
king , en wekte aldaar op en moedigde , zooveel in hem was , 
aan den militairen geest. Alle getuigenissen komen daarin 
overeep , dat deze oorlogsschepen de modellen waren van 
'sLands vloot in orde, geregeldheid, naauwgezette pligts- 
betrachting, ijver, vlugheid en welwillendheid, doch tevens 
van strenge krijgstucht en stipte uitvoering der bevelen. 
Geen dag ging voorbij , zoo de gelegenheid zulks slechts 
eenigermate toeliet, of èn matrozen èn soldaten werden ge- 
durende eenen geruimen tijd geoefend. Van kinsberqen zelf 
schepte er behagen in, dit in eigen persoon te doen. Dan 
stond hij met fonkelend oog en streng gelaat voor of bij 

^^j, YAtt KlNaBBBOEN Ut» RiiBisnd in 1771, toen hy nog CommandsDr ter ws wu, 
walken tite' hij op den titel roert, achriJreDils bij zich aog kinsbekoen, en niet tan 
„ggxKOBH, 't geeu cent na ifjne terugkomst uit Kiulaad «anviog. 

4. 



1, Google 



53 GESCHIEDENIS VAN UET 

het volk; gaf met juistheid en snelheid zijne bevelen, en 
vorderde ook, dat deze met juistheid en snelheid werden 
ten uitvoer gebragt. Wie zich onderscheidde, werd beloond, 
die zijn pligt verzuimde, gestraft. ' Naauwgezet in den dienst. 
was hij minzaam, zelfs gemeenzaam buiten dienst. Ro- 
venal er zich op toeleggende, de geaardheid zijner schepe- 
lingen te kennen en langs dien weg op haune zedelijke 
gesteldheid te werken , wist hij door wel gekozen onderschei- 
dingen zijne zeelieden, van den eenen kant, tot pligtsbe- 
trachting aan te sporen , maar wendde , van den anderen 
kant, alle middelen aan, door doeltreffende vernederingen 
en straffen hen van het kwade af te houden, en wanneer 
zij dit bedreven hadden , tot het goede te doen terugkeeren. 
Het was een belangwekkend schouwspel de schepen , door 
hem gevoerd, te aanschouwen. Zijne kajuit had geen ander 
sieraad dan de afbeelding van den Grooten frederik , wien 
hij hoogelijk bewonderde, als zijnde naar zijne meening het 
toonbeeld van eenen volmaakten knjgsheld. Het zeil, waar- 
achter hij sliep, prijkte met de portretten van trohp en de 
BüTTER. ' Overal, van boven tot beneden, was alles in de 
uitnemendste orde en derwijze ingerigt, ook zelfs wanneer 
het schip op eene veilige rede lag, als of de strijd zoo zou 
aanvangen. Zijne matrozen, tegen de gewoonte van dien 
tijd, in raonteriug van verschillende kleuren' gekleed, be- 
stonden meestal uit jong , rap volk , dat , bijaldien het den 
scheepsdienst niet reeds verstond, dien spoedig aanleerde, 
en gezwind en met juistheid het geschut behandelde. Geene 
betere soldaten werden op eenig schip gevonden dan bij hem; . 



I Z«et IwluigTilk b de bsBcliryTing dis men vaa 
citicn *ui lijD boord untreft , in den Tweeden der VUr brüttti uit 71*z«E , getcKree- 
vea aan anten dtr NtderlandKhe» Sdtltn, gedrukt te Amiterdim, b|] «. boltrop 
1771). Jammer, dit de Stubrud ir. c, tan hall ie niet gekend hertt, toen hij het 
leien van tak kihsbibobh achreef; ik ontddite ie eerat later op de KanÏDklyke Bi- 
ïlioUieek. 

: Dfielnie brier d» Teicl. 

1 V«B HUKLL, Alganeene Seheejadimut , bl. 323. 



V Google . 



NEDEIILAND8CHE ZREWEZEN. * 53 

zijne grenadiers' waren eene uitgelezene keurbeode, die de 
algemeene bewonderiog door voorkomen en geoefendheid ver- 
wekten. Zorgvuldig was hij io de keuze zijner onderofficieren , 
van welke bij wist dat zooveel afhing. Wie hunner zich met 
ijver van zijnen pligt kweet, werd ruim beloond; de tragen 
en nalatigen strengelijk getuchtigd. ' En wat zullen wij zeg- 
gen van de officieren die onder hem dienden? Hij stelde 
er zich eene eer en een genoden in, de jongere officieren 
behoorlijk te onderwijzen en te doen onderwijzen, zoowel 
in het theoretische gedeelte van den scheeps- en militairen 
dienst, als ook eo vooral in bet praktische, gevende uit- 
drukkelijk en hij herhahng aan de scheepskapiteinen die 
onder zijne hevelen stonden, den last, hen in de gelegen- 
heid te plaatsen , zich naar behoorea te oefenen. ' Op deze 
wijs vormde hij eene kweekschool van kundige zeeofËcieren , 
die der zeemagt later tot luister verstrekten. Nog leven twee 
dier uitmuntende mannen, de Maarschalk ver huell en de 
Graaf van HEïnEtf, beiden thans grijsaards, die hunne op- 
leiding aan vak kinsbebgen te danken hadden, en door 
uitgebreide kunde en treffelijke daden hebben bewezen , waar- 
dig te zijn de zorgen, aan hen door den Nederlandschen 
vlootvoogd gewijd. 

Maar van kinsbergen achtte het niet voldoende, door 
raad en daad op de aan hem vertrouwde schepen alleen de 
orde en krijgstucht te handhaven en den militairen geest op 
te wekken; hij wenschte al hetgeen daartoe door hem ge- 
daan werd, ook op de overige 's Lands schepen ingevoerd 
te zien en dienzelfden geest aldaar te zien heerscfaen. Met 



> Hy kad ook lomwi)l«i jigen san boord, oitgeiocbt jong volk, dat digelfjki Dur 
bet wit leerde Mhicten, en b|} gerecbt in de msraen werd ^pJutHt. Zie aEEsn. Or- 
der* en icorte itatr%t:tien , bl. 16. 

: Zie hDofdstnk XXVIIl eh XXXIII, in de AlsefneeM Sckeipsdiend , door c. A. 
viK Hiiei^ den titel drsgrade: Ordtri voor de Htertn Ondero^cifren omtrent Aet 
letre» der Mairooxen , n> order» eoor de Seere» Oaderoffieiere» der troepe». 

3 Meerdere Toorbeelden komen hiarTin Toor in het beUngqjke, op '■ Ryke- Archief 
berustende orgioele Verlatd of Jotvrnaal <id tah KiHSBEKasN, gebonden gednreiide 
lijDCD togt Dur en in de Middellandiebe lee 17Sé— I7S6. 



V Google 



54 GESCHIEDENIS VAN HET 

dat doel gaf hij in het licht of deed door jongere officieren , 
die zijn vertrouwen genoten, bekend maken verachillende 
geschriften , ' waarin op vatbare eo beknopte wijs medege- 
deeld werd alles wat door hem omtrent dea scheepsdienst 
in het algemeen, en omtrent debehandeling van het geschut, 
dat gewigtig gedeelte van den scheepsdienst, in het bijzon- 
der, op zijne eigene schepen, met al de verbeteringen die 
zijn verblijf in Rusland en latere ondervinding hem geleerd 
hadden, in gebruik was, ingerigt naar de behoeften van de 
verschillende rangen en met aanwijzing der .pligten , koo 
door de officieren, onderofficieren en adelborsten, als door 
de soldaten en matrozen in acht te nemen, en met ontvou- 
wing der middelen tot handhaving en bevordering der krijgs- 
tucht en tot opwekking van eenen edelen naijver. Door het 
verdeelde bestuur van het zeewezen en het gemis van over- 
eenstemming tusschen de zeeofücieren der verschillende Col- 
tegien, ja tusschen de hooge ambtenaren dier staatsligcha- 
men, ' bereikte van kinsberoen niet geheel en al zijn doel. 
Desniettemin hadden zijn voorbeeld en zijne gescnriften eenen 
zeer gunsigen invloed, bijzonder op de jongere officieren 
der Amsterdamsche Admiraliteit, bij wie hetgeen hij deed 



I HierUw behoonn de twee aitgnven ran : de Schteptdientt , door l, tr. viH iikb- 
BEHOEN, uUffigemn door c. u. ter uiim,h I7S1I qu 17S2i Zaakelijk eii gromiig 
oniierieiji om mei een ichip vaH oorlog f e man oeujTeren , roor de heeren Adelèor- 
tten op 's Landt ichip, deti AdmiToal-Otneraal , mlr/egeven door a. AALaEKS. Jui- 
teniint ter lee; Ord«rt «» korte Insiructien, ttilgegeven door a. UKEBTa , CammaD- 
dear ter zee, Mithemntieus , ITSO. Het it D., 5 St. van het Zeemant Sandboet, 
HandeleMde over de praclicalt icieepiarlUleru , onder ioeiigt om vah UHSBEKarü 
uitgegeven door A. HEïuUEHDtNaER, cuuatapel-mqoor op '» l»Jii» xhip d' Admiraal- 
Omeraal iTS2; Eiercifien met het geichnt eiu. door den Sidder y\M SINSBBKaKN, 
uilgegecen door den luHenaai c. A. ter üuell 1781, ea later (ia 1798), doch 't 
geen vroeger rcedi in m . s. bekend waa : Korta inltiding voor den oorlog ter zee door 
den Sidder van einsbehoen, aUgegeven door c. A. MaOKaT, ond-zeeoScter. 

- Zoo heerechte gedureude ds burgertHÏBten Tiïdr I73T groole (erdeeidbsid tattchen 
den AdiDcaat-Tiacaal ran bet Amslerdamache Cüllegie, tan dIR UOOf, en dien van 
de Maie, piETER FAULUS; «Q Uter in het Collegie van Amsterdini nlien , tnauhen 
TAn DSB nooF en het lid van dat Collegie, Graaf bentinCk TaH rhodn , die ten 
hoTe xcer wel gecien «a>. Beide deie hadden hnnne gunstelingen en aanbaDgen onder 
de oUcieren- beide werkten elkandei ten itetkate tegen, tot geeo gering nadeel ven de 



V Google 



NEDERLA.NDSCHE ZEEtVEZEN. 00 

en wat hij in zijne werken voorschreef, vrij algemeen navol- 
ging vond ea door vele met gretigheid werd aangenomen. Hier- 
door vormde zich , vooral bij het genoemde Collegie , een corps 
jeugdige ofBcierea, dat door kennis en oefening uitmuntte. 
Maar kennis en oefening, hoe onmisbaar, zijn bij den 
krijgsuao niet genoeg, om hem met ijver zijnen pligt on- 
der allerlei omstandigheden te doen betrachten. Zijne geest- 
drift moet opgewekt en levendig gehomien worden. Ue op- 
perhoofden kunnen daartoe veel toebrengen, met de onder 
hen gestelden te wijzen op dappere daden , door mederaak- 
kera bedreven, en door hmine belangstelling te doen blijken 
in degenen, die door moed of beleid hebben uitgemunt. 
Van K1N8BERGBN was biervan geheel doordrongen en liet . 
geene gelegenheid voorbijgaan , om de geestdrift onder den 
zeelieden van den Staat op te wekken. Met dat inzigt vierde 
hij telkens, wanneer hij in zee was, op plegtige en feeste- 
lijke wijs met zijn scheepsvolk den heugelijken vijfden Au- 
gustus, den gedenk waardigeu dag van den zeeslag op Dog- 
gersbank , waaraan bij zelf zulk een gewigtig deel had genomen, 
en waarop de Nederlandsche zeemagt zich met roem bad 
overladen. ' Met datzelfde doel maakte hij, zich in den jare 
1785 aan het hoofd van een eskader in de Middellandsche 
zee bevindende, bij dagorde aan al de officieren en man- 
schappen bekend de heugelijke tijding, door hem ontvangen , 
wegens de luisterrijke overwinning , door 's Lands schepen 
onder den Kapitein -Commandeur riEiEa van braam nabij 
Malacca op den Regent van Riouw bevochten; verklarende 
te vertrouwen, dat zij bij dusdanige gelegenheid met even- 
veel moed en beleid zich van hunnen pligt zouden kwijten, 
"als houdende het eskader, waarover bij de eer bad het ge- 
bied te voeren, zoo braaf, dapper en geoefend alseeneenig 
dat de zee bebouwde;" hen tevens aanmanende, ter eere 
van hunne dappere krijgsmakkers in Indië driemalen Hoezee/ 
aan te heffen , en hen onthalende onder het ophijseben der 

1 fTg^haal ui Jtmrtiaal vbo iea Scliont-bij-n»fht v 



V Google 



56 GESCHIBOENIS VAN HET 

dubbele Frinsenvlag van den grooten top. ' En toen het 
Vaderland., eenige jaren later, door den onregtvaardigen 
oorlog, welken de Franscbe Republiek het aandeed, in 
groot gevaar geraakte, beijverde van kinsberoen zicb niet 
minder om de geestdrift onder de ofücierea en manschappen 
van 's Lands zeemagt op te wekken , niet slechts met hen 
door onvermoeiden en rusteloozen ijver voor te gaan, maar 
ook door hen telkens tot getrouwe en ijverige pligtsvervul- 
ling aan te sporen, de kloekheid en het beleid van zooda- 
nigen, die zich onderscheidden, openlijk aan 'a Lands vloot 
bekend te maken en hen met eenig bewijs zijner goedkeu- 
ring te beloonen. Ja, hij stelde er zoo hoogen prijs op om 
de aloude geestdrift onder het scheepsvolk te doen herleven , 
dat hij. Luitenant- Admiraal, bet niet beneden zich achtte, 
eenen eenvoudigen zeeman, niet in 's Lands dienst, maar 
die door zeldzame onverschrokkenheid de eerste dagen van 
het Geraeenebest herinnerde , een openbaar bewijs van zijne 
belangstelling te schenken. 

Is het vreemd, dat va» kinsberoen door dit alles de 
hoogachting en liefde, zoo van zeeofficieren als matrozen en 
soldaten, in ruime mate verwierf? en behoeft men zich tevens 
er over te verwonderen, dat de zeemagt van den Staat, na 
al hetgeen tot hare verbetering bij en na den Ëngelschen 
oorlog werd gedaan, een geheel ander aanzien had en in 
eenen geheel anderen toestand verkeerde dan veertig jaren 
vroteger? Zoo zeer de krijgstucht toen gebrekkig was, orde 
en geregeldheid gemist werden , vele officieren onkundig 
waren, de militaire geest bijkans was uitgeblascht , en de 
zeemagt van den Staat daardoor zich blootgesteld zag aan 
den spot en de minachting der Britten ; zoo zeer werd thans . 
over het ' algemeen , eene strenge krijgstucht gehandhaafd , 
orde en geregeldheid, zooveel mogelijk, in stand gehouden , 
muntten vele officieren door theoretische kennis en onder- 
vinding, uit, en heerschte er, vooral onder de jongere offi- 



1 VeTlwü of Journaal * 



1, Google 



N£D£BLAND6CHE ZEEWEZEK. 57 

eieren, eeo loffelijke krijgsmansgeest; zoodat de zeemagt van 
het Gemeenebest , hoewel in vele opzigteD nog achterstaande 
bij die der Britten, ja zelfs der Pranschen , echter, gerekend 
Baar de langdurige verwaarloozing en het diep verval , waartoe 
EÏj na den (Jtrechtsche vrede van lieverlede vervallen was, 
en in aanmerking genomen de omstandigheden waarin bet 
Vaderland verkeerde en het gebrekkige bestuur waaronder 
zij stond, kon en mogt gezegd worden aanmerkelijke ver- 
beteringen te hebben ondergaan en eene eervoile plaats on- 
der de zeemagten van dit werelddeel te beslaan. Dat erken- 
den de Britten zelven , waarvan van kinsberqen een treffend 
blijk ondervond. Deze, in 1790 met een eskader op de rcede 
van Spithead liggende, mogt het genoegen smaken, dat de 
beroemde Admiraal Lord howe, ongevergd, ruimen lof toe- 
zwaaide aan het Nederlandsehe eskader wegens de orde, 
naauwkeurigheid en zamenstemmende werking, die hij daarbij 
had waargenomen, met betuiging, dat hij het zich tot eene 
eere zou rekenen , zulke kundige en ervaren officieren als 
zich daarop bevonden, onder zijne bevelen te mogen heb- 
ben, en het eskader, zoo noodïg, aan de spitse zijner vloot 
te stellen. ' Voorwaar, een onwedersprekelijk bewijs voorde 
veranderde denkwijs der Britten ten aanzien van de Neder- 
landsche zeemagt, doch tevens van den verbeterden toestand, 
waarin zij thans,- ook volgens het oordeel van naijverige 
vreemden , in vergelijking met vroegere jaren , verkeerde. 

Dan , hoeveel goeds en nuttigs er iu dezen tijd voor het 
zeewezen gedaan was, en hoe aanmerkelijke verbeteringen 
het had ondergaan , er bleef nog een groot gebrek over , 
door hetwelk , zoolang het niet weggenomen werd , het zee- 
wezen steeds die kracht en ontwikkeling missen zou, welke 
velen daar aan toewenschten. Wij bedoelen het verdeeld 
en gebrekkig bestuur der Admiraliteits-Collegien. Herhaalde 
eo ijverige pogingen werden in deze jaren aangewend om 

1 Deze beUngryke bljzondsTlirid komt voor in tnee briereD vm den Vice-Admirul 
VAN KINSBJtRQEN UD Prini wiuiN V, tu 2B JalQ «n 13 Ssptembcr 1790, beide 
it) '•Koning! Hnit-Arcbief. 



V Google 



58 GESCHIEDENIS VAN BET' 

dit gebrek te verhelpen en weg te nemen , doch vooroordeel , 
pFovincialismus, flaauwheid en gemis van belangstelliog ver- 
ijdelden die pogingen. Wij besluiten dit hoofdstuk met de 
ontvouwiag van hetgeen dienaangaande voorviel. 

Het was eene sinds iang door de ondervinding bewezen 
en thans gedurende den Ëngelschen oorlog op nieuw geble- 
ken zaak , dat het bestuur van het zeewezen door vijf A d- 
mlraliteitS'Collegien zeer gebrekkig was; dat geeoe eenheid 
bij die iigchamen bestond; dat het zeewezen door tegenstrij- 
dige belangen dikwerf verlamd werd; dat het met zeer veel 
omstagtigheid gepaard ging ; dat de noodige klem ontbrak , 
en dienvolgens tot traagheid en misverstand bij de uitvoering 
der gegeveoe bevelen aanleiding gaf; dat het uit zijnen aard 
de verspilling van aanzienlijke sommen veroorzaakte, de naauw- 
keurige en gelijke inning der in- en uitgaande regten , de 
gewone inkomsten der CoUegien, in den weg stond, en, 
om van geene andere misbruiken te gewagen, de gelijkma- 
tigheid in bouw en uitrusting der schepen, in de werving, 
in de soldij en het onderhoud der zeelieden belette. 

Reeds in de eerste tijden van het Gemeenebest had men 
getracht dat kwaad te verhelpen door de oprigting van een 
Oollegie Superintendent, aan welks gezag de verschillende 
Admiraliteiten onderworpen werden; doch door den naijver 
,cn het eigenbelang der provinciën werd deze nuttige instel- 
ling reeds na een verloop van slechts vier jaren weder af- 
geschaft. ' Meermalen waren later pogingen aangewend , en 
nog in deze eeuw door den Raadpensionaris -van si.inge- 
i-ANDT en Prins willem IV, om dergelijk hoofdbestuur op 
nieuw in te voeren, maar zij waren telkens verijdeld, en 
het was met de bedoeling om meerdere eenheid en veerkracht 
in het bestuur van het zeewezen te brengen, dat door den 
Stadhouder willem V gedurende den Ëngelschen oorlog de 
vroeger vermelde geheime Raad of zoogenaamd Departement 
VaD Marine benoemd was geworden. 

1 Zie hicromr in hrt breede D. I, bl. 18S— 1S9. 



V Google 



NEDEIILANDSC»E ZESWËZBN. 59 

Hoewel deze Raad zeer nuttig was, en nog veel nuttiger 
had kunnen zijn, ja, indien men zich daarvan op eene ge- 
paste wijs bediend had , ' het gezag van den Admiraal-Ge- 
neraal beter dan immer te voren had kunnen doen werken 
en bevestigen, was bij nogtans onvoldoende, om weg te ne- 
men de veelvuldige gebreken , die in de geheele inrigting van 
het zeewezen, bijzonder der vijf Admiraliteiten bestonden, 
en op nieuw en duidelijk openbaar geworden waren. Om 
die gebreken ganschelijk te verhelpen , behoorden de vijf 
collegien afgeschaft en door één enkel hoofdbestuur vervan- 
gen , of althans zoodanig gewijzigd te worden , dat door het 
hoofdhestaur , uit weinige kundige personen zamengesteld 
en voorgezeten door den Stadhouder, als Admiraal-Generaal, 
alle maatregelen genomen en alle bevelen gegeven werden, 
en de Collegien , zoo zij in wezen bleven , voortaan niets 
meer dan uitvoerders dier maatregelen en bevelen zouden 
zijn. Hiervan was de Prins overtuigd, daarin versterkt door 
den Advocaat-Fiscaal van der hoop, den Ridder van kins- 
BBRGEN en andere personen , die belang in bet zeewezen 
stelden. ' Maar de moeijelijklieid der tijden en het weinig 
vast karakter van den Vorst hielden hem terug, zelf des- 
wege voorstellen te doen. Het gevolg daarvan was, dat van 
de zijde dergenen die misnoegd waren over den gang der 
zaken in het algemeen , en over de behandeling der aange- 
legenheden van de zee in het bijzonder, een onderzoek ge- 
vorderd werd naar de oorzaken van de bij het zeewezen be- 
staande gebreken en naar de middelen tot bun herstel, 
waaruit voortvloeide de benoeming eener Commissie, aan 
welke dat onderzoek opgedragen werd. ' 



I 1d bet felite van de ïorgcrtniiten verloor de Prins den luit eu den moed om de 
nken, bffioader die tbd het leftweien, af te doen, cd liet loin* weken lang da ituk. 
ken onafgedaan liggen, lot groot nideel van zgn gezag. Veelvnldige klagten daarover 
komen toot in de brievan van van dir HOor sn anderen aan den Sttdhooder. 

1 In 1783 hielden lij lich reedi bezig met het ontirerpen van plannen deiwcge. 

s Dexe , reeds meer dan eenm»*] vermelde PersoneU Cammiuit ta» het Defemie- 
Keien «erd bepaatdeljjk door }1. H. Mog, benoemd b|) Reaolatie van 4 Mei l?8fi. 



V Google 



60 GESCBIBDKNIS VAN HET 

Met ijver kweet deze Commissie zich van de haar opge- 
dragene taak, waarbij zich vooral onderscheidde de Advo- 
caat-Fiscaal der Maze, fietzr paclvs, die het kwaad met 
wortel en tak wenschte uit te roeijen. Door verschillende 
omstandigheden echter, bijzonder door de hevige burgertwis- 
ten met de daarop gevolgde omwenteling, en de aftreding 
en vervanging van een gedeelte der leden , verliepen er ruim 
vier jaren, alvorens de Commissie hare werkzaamheden vol- 
tooide. Moeijelijk en zeer gewigtig was het door haar inge- 
stelde onderzoek, maar tevens duidelijk en hoogst belangrijk 
het verslag, door haar uitgebragt, waarin zij den toestand 
vau het zeewezen getrouwelijk deed kennen, de daarbij be- 
staande gebreken aanwees en de middelen tot herstel voor- 
droeg. Onder deze laatste behoorde in de eerste plaats de 
oprigting van een algemeen bestuur over het zeewezen, be- 
staande uit één eenig Departement , dat den naam zou dragen 
van Baad ter Admiraliteit. Deze Raad, aan welks hoofd zou 
staan de Stadhouder, als Admiraal-Generaal, zou bestendig 
gevestigd zijn te 's Gravenhage , en al de werkzaamheden 
op zich nemen , die tot dus verre door de vijf Collegien 
verrigt waren, waarmede dus die Collegien zouden verval- 
len , en het zoo zeer verdeelde , omslagtige en zwakke be- 
stuur eenvormig, eenvoudig en krachtig zou worden. ' 

Gelijk men kon verwachten , was het gevoelen over dit 
voorstel , 't welk , bijaldien het doorging , hoe heilzaam ook 
voor het atgeineene welzijn, vele- bijzondere belangen zoo 
van personen als steden zou krenken, zeer uiteenloopend. 
Er waren er die het luide toejuichten en alles wat in hun 
vermogen was aanwendden, om het door de Bondgenooten 
te doen goedkeuren en ten uitvoer leggen. En hieronder 
behoorde voornamelijk de Raadpensionaris van Holland , lau- 
RLNs PiËTEK VAN DE SPIEGEL. Deze vermaarde Staatsman 
was hoog ingenomen met het ontwerp tot afschaffing van 

1 HoogitbeUngrgk ïa hetgeen men omtrent dit pant breedvoerig; betoogd Tiodt in 
het OenerdU Rapport van dt PertoneU CommUtU va» htt StfenntiBezen , bl. 
10~-2S, wunau «y fer«||zen. 



„Google 



NEDBilLANDSCilE Z££WEZEN. 61 

bet, gelijk hij het noemde, gedrogtelijk zamenstel der Ad- 
miraliteits-Collegien , en tot oprigting van eeaen zeeraad. "Hoe 
schoon, hoe eenvoudig," dus schreef hij eenige jaren later 
in zijne gevangenis, ' "zoude het niet geweest zijn, eenen 
aigemeenen zeeraad te hebben , op den voet van den Raad 
van State ; een' zeeraad , die onder dészelfs bestuur zoü ver- 
eenigd hebhen al wat bijzondere Admiraiiteits-CoHegien thans , 
afgezonderd en veeltijds tot malkanders schade , bezateu ; 
een generaal CoUegie, tot hetwelk zouden behoord hebben 
al de schulden en inkomsten van de afzonderlijke CoUegien, 
de schepen, de magazijnen, de werven; uit hetwelk al de 
bevelen zouden voortvloeijen , voor zoo verre dezelve tot de 
Admiraliteits-Coüegien behoorden ; eindelijk , een CoUegie , 
in hetwelk de waardigheid van Admiraal-Generaal juist op 
hare plaats zou gesteld en waarlijk nuttig voor het Land 
gemaakt worden." Doordrongen van dat gevoelen, beijverde 
TAN DE SPIEGEL zich, de door de Commissie voorgestelde 
hervormiDg te doen plaats grijpen. Dan , hij vond eenen 
zeer hevigen tegenstand, want er waren er zeer velen, die 
zich met kracht tegen die hervorming verzetteden en niets 
nalieten wat zij meenden dienstig te kunnen zijn tot het 
doen mislukken van het ontwerp. Door zijnen invloed wist 
VAN DE SPIEGEL echter te bewerken, dat de Landprovincien, 
oa vele vruchtelooze pogingen , eindelijk hare toestemming 
tot bet ontwerp toezeiden; maar Vriesland, doch bijzonder 
Holland en Zeeland weigerden zulks volstandig, en span- 
den alle krachten in , om het voorstel niet te doen doorgaan. 
Verschillende redenen werkten daartoe te zamen. Gehecht- 
heid aan het oude, een karaktertrek der Nederlandsche 
natie, deed veten de voorkeur geven aan hetgeen sinds twee 
eeuwen bestond boven hetgeen nieuw was en nog daarge- 
steld moest worden. Het gemis van de overtuiging, dat het 
nieuwe bestuur beter en minder kostbaar dan het tegen- 
woordige zijn zou, hield ook velen ter goeder trouw terug. 

■ 2fadenki»ge» tuit wnm Staatmnan, bl. 00. 



V Google 



G2 ÜESCHIEDENIS VAN HST 

Maar het was vooral naijver, eigenbelang en vrees voor 
verlies van gezag eo welvaart , die de drie aan zee gelegene 
provinciën aanspoorden , om zich krachtdadig tegen de voor- 
gedragene hervorining te verzetten. Bij de aannemiDg van 
het voorstel vraren toch die provinciën, was vooral Holland 
beducht, dat zij het overwigt, 't welk zij tot dus verre in 
het bestuur van de zeezaken hadden, zouden verliezen; was 
Holland, dat tot hiertoe drie vijfde der leden van de Ad- 
miraliteits-CoIlegien benoemde, doch volgens het ontwerp 
slechts vier van de zestien leden van den Kaad ter Admi- 
raliteit zon aanstellen, bekommerd, dat zijn invloed zeer 
verzwakt zou worden. Bij dit alles kwamen de belangen van 
Amsterdam , Rotterdam , Middelburg en der andere steden 
die gedurende eene reeks van jaren de zetelplaatsen der 
Admiraliteits-CoUegien geweest waren , of waar werven en 
arsenalen bestonden , die bij de oprigting van den nieuwen 
Raad en de vereenvoudiging van het bestuur de daaruit 
voortspruitende voordeelen zouden moeten missen. Voegt 
hierbij dat heirleger van hoogere en lagere ambtenaren , die 
van hunne posten en betrekkingen stonden ontslagen of vrees- 
den daaruit te zullen verlaten worden. Is het wonder, dat 
de voorgestelde maatregel, onder eene staatainrigting gelijk 
die van het Gemeenebest, misnoegen en tegenstand verwekte? 
Die tegenstand was, bijzonder in Holland, zoo algemeen 
en zoo hevig, dat de Raadpensionaris van db spikbel, 
ofschoon een zeer groot gewigt aan de uitvoering er van 
blijvende hechten, het raadzaam oordeelde, om verregaande 
oneenigheden te voorkomen , daarop vooreerst niet verder 
aan te dringen, "wel overtuigd zijnde," gelijk hij later 
schreef .' "dat de noodzakelijkheid van verbetering eer- 



1 OvtrdaMnytn va» em Slaaftman, bl. 61. Een igner bewesgredcDen , wsarom 
h|t mceade durop niet Terder t« maeUn undriagta, wts, zoo ils hfj icgt, dit hem 
Mne DndeTBteDning Ak hij meende te hebben, ontviel. Wurschtjolijk bedoelt bfj dlar- 
inede den Stadhouder , die bier , gelijk dikwerf . weifelde. Van DE Spiegel wu 200 sterk 
OTBitnigd vsn het not en bding der eficballinft vnn de Ad mi ralitcits- Col leliën, det faij 
in zyne Ovirdtnkitigeii verkleert, dat hy genoodzuikt lüu geweeit zyn bet Rudpen- 



1, Google 



NËUERLANU8CUE ZEEWKZKN. C3 

lang zoo zeer gevoeld zou worden, dat men onvermijdelijk 
tot andere maatregelen zou moeten komen." Door de niet 
lang daarna gevolgde omwenteling en zijne ontzetting vaa 
de door hem bekleede waardigheid, mogt het den verdien- 
Btelijken Staatsman niet gebeuren , het door hem met zoo 
veel ijver voorgestaan ontwerp te verwezenlijken. Anderen, 
door een' geheelen omkeer van zaken begunstigd, volbrag- 
ten weinige jaren later dit groote werk; maar wie zal aan 
VAN DK spiEQïL de ccre weigeren, den weg daartoe voor- 
bereid te hebben? 

Het bestuur van het zeewezen bleef dus met zijne veel- 
vuldige gebreken tot aan de slooping van het Gemeenebest 
bestaan, zoo als het vóór twee eeuwen door een' zamenloop 
van toevallige omstandigheden opgerigt was. Ue Admirali- 
teits-Collegien, afhankelijk van de willekeur der provinciën 
en belast met zware schulden , waren onvermogend datgene 
te doen , wat het belang der zeemagt vorderde. Aan nieu- 
wen bouw van schepen kon niet gedacht worden; vele der 
oudere lagen uit geldsgebrek in de dokken te verrotten , en 
het stond geboren te worden dat , niettegenstaande de groote 
opofferingen, door de Bondgenooten tijdens den Kngelschen 
oorlog gedaan , de zeemagt eerlang wederom tot dezelfde 
laagte zou zinken , waaruit zij met zoo veel moeite en kos- 
ten opgeheven was. Thans brak de oorlog met Frankrijk 
uit. 's Lands verdediging eiscbte de uitrusting van vele groote 
en kleinere schepen; doch de middelen daartoe ontbraken. 
Schulden moesten op schulden gestapeld worden om in de 
meest dringende behoeften te voorzien , waardoor de Admi- 
raliteiten tot den trearigsten toestand vervielen. De jaarwed- 
den, soldijen en kostpenningen bleven onvoldaan, het werf- 
volk werd niet betaald, en de renteheffers en leveranciers 
riepen te vergeefs om hetgeen hun wettig toekwam. 

In deze gesteldheid verkeerden de Admiraliteiten , toen 



sii>ii*riucb>p neder te itggea, bijaldiea men de geweaicbte Tsranderingen Diet wilde 
invoeren. Hjj beaehouwde het dai, geluk men tKanl iprcekt, ali eene quention de 
porte/èuUk. 



V Google 



GESCHIEDENIS VAN HET 



het Gemeenebest door de FiaDSche legermagt vermeesterd 
werd. Na rees een kreet van verontwaardiging over die ge- 
steldheid uit de raadszalen van de vertegenwoordigers des 
volks. Men beschuldigde den Stadhouder, de leden der Ad- 
miraliteiten , allen die tot bet zeewezen in betrekking gestaan . 
hadden, van schandelijke nalatigheid, verkwisting en andere 
opzettelijke misdragingen; doch bet scherpste onderzoek zelfs 
heeft de gegrondheid dier beschuldigingen niet kunnen sta- 
ven. ' De oorzaak van die gesteldheid was voornamelijk ge- 
legen in de inrigting van het bestuur des zeewezens en in 
de afhankelijkheid der Admiraliteits-Collegien van de pro- 
vinciën. Tot wegneming van dit laatste kwaad hadden de 
Bondgenooten besloten, doch de oaistandigheden hadden de 
uitvoering belet. Maar het bestuur van het zeewezen met 
'al zijne gróote gebreken was blijven bestaan, en er was 
geene verbetering te verwachten, ten zij het door een een- 
vormig, meer eenvoudig en krachtiger vervangen werd. Dat 
begrepen de verstand igsten dergenen, die door de omwen- 
teling het roer van het Bewind tn handen kregen, en bin- 
nen weinige weken werd tot stand gebragt het door van 
DE SPIEGEL zoo gcHefkoosde ontwerp, ter verwezenlijking 
waarvan die Staatsman jaren lang te vei^eefs gezwoegd had. 



K RIJG SVBREIQTIN GEN EN ANDERE GEBEURTENISSEN, VAN DEN 
WAPENSTILSTAND EN DAAROP GEVOLGDEN VREDE MET EN- 
GELAND, TOT AAN D£ INNEMING VAN HET GEHEKNEBEST 
DOOR DB FRAN3CHEN. A°. 1783 — 1795. 

Met de toetreding van het Gemeenebest tot den tusschen 
de oorlogvoerende Mogendheden gesloten wapenstilstand hiel- 



> BouwüNs in bet bekeode werk: Aan zijne Commitlenien, i 
andere beethoofdeD dei revolalia, geslatgd. 



„Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWÜZEN. 65 

den de vijandelijkheden tosschen Nederland en Groot-Brit- 
tanje op ; doch de twisten , welke tot den oorlog aanleiding 
hadden gegeven, waren daarmede niet uit den weggeruimd. 
en het bleef onzeker, of de te Parijs door de wederzijdsche 
gezanten geopende onderhandelingen wel de gewenschte uit- 
komst zouden opleveren. Het was dus raadsaam , met veel 
omzigtigheid te werk te gaan, ook betrekkelijk tot de zee- 
magt van den Staat, daar, bij het afbreken der onderhan- 
delingen, de .vijandelijkheden ieder oogenblik konden hervat 
worden. Er verliep daardoor een geruime tijd, alvorens Beoe 
scheepsmagt van eenig belang zee koos. ' 

Het eerste eskader , 't welk de havens van den Staat ver- 
liet , was dat , 't welk bestemd werd tot het overbreDgeo 
van den Amsterdamschen Pensionaris van bekckkl, benoemd 
tot gevolmagtigd Minister van den Staat bij het jeugdige 
Gemeenebest vau Noord -Amerika. Ter volbrenging van dien 
last vertrok op den 25 Jonij 1783 uit Texel een smaldeel, 
zamengeateld uit de linieschepen de Overijssel van 68 en 
de Erfprins van 54, het fregat de Briel, van 36 stukkeu , 
en de brigantijn de Wijidhond, gevoerd door de kapïteinen 
RiBHBRSHA, LOUIS ABEBSON eu BOLS, CD door den luitenaot 
GovERTs, De heen- en wederreis leverde over bet algemeen 
niets merkwaardigs op, doch één schip, de Erfprins, trof 
tfsEie ontzettende ramp. 

Dit schip, eenigen tijd in zee geweest zijnde, werd lek, 
zoodat men iedere wacht vier voet water moest pompen. De 
kapitein abebson gaf daarvan kennis aan den kapitein bie- 
UEKSMA, bevelhebber van het smaldeet, die daarop liet we- 
ten, dat de voorschriften van den gezant niet toelieten , naar 
hem te wachten. De beide andere schepen, de Ooerrijssel 



I Id dien taatcheDtjjd legde de Vice-Adniirul f 
nime oonoak dei weikeloaiheid na ie leemagt faield, het opperbevel nn de riool 
nedsT, ID werd bet door den Piini opgedragen aan dra Vice-Admirul p. h. eithst. 
Alvorens echter bood haktsinck een zeer omstïodig lenlag lan zyne Tsrrigtingen ga- 
darende ij)n eomnianda •■[! H. H. Mog. aan, 't welk in druk werd a>t|ctgeven, onder 
den titel i\a: Verhaal tan den Viee-Admiraal uiRtsinci 1780—17142, 1 11. Tul. 
HjJ «eraocht daarop de goedkeuring van U. H. Hog. , doch dece bleef ichCerwege. 

V. 5 



1, Google 



60 G£8CH1£££M1S VAN HIT 

eo de Briet, ziBttedeo das de reis voort, zijnde de brigan- 
tiJD de Wlndhond reeds vroeger van het eskader afgeraakt. 
De Erfpritis bleef dien ten gevolge alleen , ' zonder in de 
mogelijkheid te zijn de andere schepen van nabij te volgen, 
aangezien deze veel sneller zeilden, omdat zij gekoperd wa- 
ren, 't geen met den Erfprins niet het geval was. Zoolang 
het weder bedaard bleef, was er geen gevaar; doch onge- 
lukkig werd ABERSON , den 19 September op de Noorder- 
breedte van omtrent 87 graden, door eenen allerhevigsten 
storm beloopen, welke, behalve andere zeer aanmerkelijke 
schade , het verlies van den groeten en bezaansmast en van 
de voorsteng veroorzaakten. 2oodra de storm bedaard was, 
rigtte ABERSON noodmasten op en wendde verder alles aan 
wat een kundig en kloek officier bij dergelijke omstandig- 
heden doet en doen kan. In dezen ellendigen toestand zwierf 
hij gedurende negen weken, aanhoudend worstelende met 
tegenwind, telkens herhaalde stormen en eene verbazend 
hooge zee, zonder dat er mogelijkheid was land te krijgen. 
Deze stormen en hooge zeeën deden den Erfprins genoeg- 
zaam uit elkander werken en de lekken klaarblijkelijk ver- 
meerderen, zoodat de hoop op behoud meeren meer begon 
te verflaauwen en de toestand der bijkans uitgeputte equi- 
pagie, die zich naauwelijks het noodige levensonderhoud 
kon verschaffen, van dag tot dag akeliger werd. Dit duurde 
tot den 25 November, toen het schip, 24 mijlen van Kaap 
Cod gekomen , zelfs met vijf pompen niet langer boven wa- 
ter was te houden en in den namiddag werkelijk begon te 
zinken. Ruim drie honderd zielen, waaronder drie luitenants, ' 
werden bij deze ontzettende gebeurtenis door de zee verzwol- 
gen , en niet meer dan veertig personen , waaronder de ka- 
pitein ABERSON zelf , hadden het geluk , weinige oogenblikken 



1 KapitcïD ABEUON ni ijIdg offlciercn ddddsn het urn Inpiteia siEViBtUA leerta 

kwadtt, dat hy ben in intic een toeiUnd uu hun lot oierltet. £r Tislea durovec later 
kltgUn, doch xonder dit er eea gengtcljjk onderzoek op «Dlgde. 
t Da luiteDSDta hkshubiub, iqi en de jongste uk winibb. 



V Google 



NEDEKLANDSCUE ZEBWEZEN, 67 

vóór het schip in de diepte verdween , door eene Amerikaan- 
sche brik te worden behouden. ' 

Weinige weken na bet vertrek van dit eskader, kwam 
een ander, onder bet bevel van rfen Scbout-bij-nacbt biet- 
vBiiT, uit de Westindische volkplantingen, waar eenige dier ■ 
schepen gedurende den ganseben oorlog Iiadden moeten blij- 
ven , in Texel binnen. Ook dit eskader verloor bij de terug- 
reis een van zijae schepen , doch gelukkig niet met zulke 
treurige omstandigbeden , als dat 't welk de gezant van 
KERCKEL naar Fbiladelpbta overbragt. Dit eskader, bestaande 
uit zes linieachepen en fregatten benevens eenen kotter, 
verliet met tien gewapende en ongewapende koopvaarders 
den 6 April des jaars 1783 de haven van Cura9ao. Naauwe- 
lijks was bet eea korten tijd in zee geweest , of twee zware 
lekken werden ontdekt aan de Nassau Wèilburg , van 54 
stukken, gevoerd door den kapitein qysbert shissaert, 
zijnde een meer dan twintigjarig schip, dat door bet lang- 
durig verblijf in Westindië veel geleden had. Deze lekken , 
die met nog andere vermeerderd werden, namen 200 sterk 
toe, dat SHissAEaT, na bijkans acht weken gezworven te 
hebben, op S7 graden en een half Noorderbreedte gekomen, 
zich genoodzaakt vond , ten einde de 826 aan hem vertrouwde 
zielen aan geeneu gewissen dood ter prooi te geven , zijn 
schip te verlaten en op drie andere schepen van het eskader 
over te gaan, waarmede hij en de zijnen in het Vaderland 
aankwamen. ' 



1 Op het KQlu-Archisr benut eta >rtchrift «in den zeer oantindigen biief, nelken 
die kapilein wegens bet Tïiliea via lija acbiji, den IS December I78S, Ie Boeton un 
dea SUdhouder schreef. Een brief vin dienielTdeD ktpitein UD den Schoat-by- nacht 
TAM EiHSEBBenH il ^drntt in de Nadert. Jaarioakeit. A«. 17S4, bl. ïSl— 336. 
Verkeerdelijk voedt aldur opgegeven, dat er «techtt 14 perunen louden liJn gered i 
dit moet 40 zijn, MoaU bigkt nit de nsamifjit, bij den brief un den Prins gevoegd. 
Het dooi ABEKBOH bij deiB noodlottige gebeurteniB gebonden gedrag werd later goed- 
gekeurd , en hem door H. H. Mog. vergoeding voor ztjne geleden verliezen toegestaan. 
Zie £«. va» M. R. Mog. 31 December 17S4. 

I Uit brieven rsn den Schnnt-by -nacht biktvelt en vso da kipiteinen lUaTDBBOoT 
an o. SMiasAEKT aan den Prtni vau Oranje en san di^a Griffier vao H. II. Mog., en 
nit het ooripronkelyk Bapport van den boveo genoemden Schout- bij nacht «regens igna 

■6« 



„Google 



68 GlSCmSDBNIS VAN UBÏ 

Op den 20 October van hetzelfde jaar trof het zeewezen 
eene derde ramp. Al bet kruid van heC ter reede van Texel 
liggende schip van 52 stukken, Rijnland, gevoerd door den 
kapitein muldee, was gelost en naar Amsterdam gebragt, 
zuodat er slechts eene kleine boeveelheid overgebleven was 
om seinschoten te doea. Die geringe voorraad geraakte , 
hoogst vermoedelijk door de onvoorzigtigbeid van den con- 
stapel, in brand, met dat ougelukki^ gevolg, dat de vlam 
zich snel over den geheelen bodem verspreidde, bliisschen 
onmogelijk werd, 8 man het leven verloren, 38 gekwetst 
werden en de overige 178 niets dan het lijf konden bergen. 
Daar er op dat oogenblik onderscheidene andere oorlogssche- 
pen, onder bevel van den Schout-bij-nacht van kinsbergen, 
op de reede zich bevonden , bad dit ongeval zeer noodlottige 
gevolgen hebben kunnen na zich slepen, doch door doel- 
treffende bevelen en met iuspanning van krachten slaagde 
men er in, het brandende wrak tegen den wal te brengen, 
en aldus de overige schepen voor rampen te bewaren, ' 

Inmiddels waren de voorloopige voorwaarden des vredes 
tusscben dezen Staat en Engeland te Parijs geteekend, waar- 
mede de redenen vervielen, om welke tot dusverre geen es- 
kader naar de Middellandsche zee gezonden was. Thaas werd 
een aanzienlijk eskader, daartoe bestemd, waarover het ge- 
bied door den Stadhouder opgedragen werd aan den Vice- 
Admiraal pieter hendrik reynst, nadat deze van het op- 
perbevel over 'sLands schepen en fregatten binnen de havens 
dezer Gewesten was ontslagen, welke betrekking nu de vrede 
met Engeland genoegzaam hersteld was, verder onnoodig 



rairigtingea in Weatindie, «n bst ToorgcTalIcne op lyn retour, btraatenda op hat Byb- 
ArobisT. Het (gedrag na imibsabkt werd !>Ut door eeaeii boogen leelirtJgiTud onder- 
ioaht,-door welken iifj vso alle ImJop kingen Trggesp roken , en verklaard werd altea te 
hebbcD UDgewend, "wit men van een bedurd , kundig en oplettend afflcier kon Terwkch- 
tea." Zie het ronnii in d« Nederl. Jaarboelce» ITSS, bl. 1713 en Tolg. 

1 £r bealut «en gegradeerde pUit, vooratallende dit ongeval. De biJionderhedeD i|)d 
ooIleaDd oit de brieien en rapporten trb dea Sobont-by-Dsobt t4N KiiraBiBQiH , Je , 
brieven ran den Advocaat -Fiacail tak dkk hoof aan Print wilueh V en de ptocea- 
■takkan tot deie zaak bolrekkslyk, alle berualeude in het HDJa-Aichief des Koning*. 



1, Google 



NSSERI.A!fDSCH£ ZEEWEZBN. 69 

geacht werd. ' Dit eskader 't welk naar de Middellandsche 
zee gezonden werd, om de zich aldaar reeds bevindende 
oorlogsschepen te versterken, en verder te doen wat voor 
den Ijande, de zeevaart en den handel noodig en nuttig 
mogt zijn , was zaoiengesteld uit één schip van 74 , vijf van 
60 tot 68 en twee van 44 stukken , latende de Vice-Admi- 
raal zijne vlag waaijen van de Vrijheid, van 74 stukken, 
kapitein a. u. c. stakinoh. ' 

Den 13 December 1783 vertrok het eskader uit Texel, 
en liet na eenen vrij voorspoedigen togt, den 11 Januarij 
het anker op de reede van Mallaga vallen, uitgenomen het 
fregat Uarlingen , 't welk wegens schade te Cadix had moe> 
ten binnen loopen. Tien dagen vertoefde het eskader voor 
deze stad , waarna het den togt voortzette. Tot in den nacht 
tusschen den 2 en 3 Februarij viel er niets van aanbelang 
voor , doch toen het eskader in de golf van Narboime was geko- 
men, stak zeer onverwachts een hevige storm op, die spoe- 
dig tot een orkaan aangroeide, en twee volle etmalen met 
onafgebroken , ja toenemend geweld woedde. Binnen weinige 
uren was het eskader verstrooid en verkeerde het in het drei- 
gendste gevaar. De zeilen van alle schepen sloegen in flar- 
den , zonder dat het mogelijk was ze te bergen , veelmin 
andere aan te slaan. Van sommige brak het roer, van andere 
de roerpen; deze verloren hunne masten, gene hunoe sten- 
gen. De zee kookte, bruischte en stond hemelhoog. Ontzet- 
tende golven overstelpten en versmoorden als het ware de 
schepen , en sleepten alles daarop weg en vernielden wat 



I Verbaal tan den TUe-Aimiraal BETHitT wfgenl lypc terrigtingHi , Tin ZOJin. 
1783 (ot 2S Fcbr. 1T36, ia het oorapronkelyke op '■ Ryki-ArcbW uDweiig. 

I De overige lebqwn «ireii: da AimiraeA de Enyler , Frint WiUen, Drenthe, 
de Hercvle* en NoordSollaiid , 'su 80 tot 68 italiken, geroerd door dso Schont- 
by-naeht wiLLtM tak B«*iX, en de kapiteio» cobnelfb tam OEWMKP, b. c. shis- 
SABRT, Pirï«» MELTILL eD DAK1IL JA» TaH BINBTILD, TieEBKOt ds fregattfll SoT- 

Ungen va Medea Tin 44 «tnkkeo , kapitein) C. b. Oruf vak bechtiben en i. o. 
TAltLAHT. Nog waren Toor het eskndeT bestemd de Piel Seyn tïd 51, de PalUi* 
Tsn 44 en de Cere* Tan SS itnkkgn, doch deze kregen TerTolgnu eene andere b«- 
■temming. t 



V Google 



70 GESCHIEDBNES VAM HET 

tegenstand bood. Ofschoon geen of weinig zeil voerende, 
helden de schepen zoo sterk , dat zij met de nokken der on - 
derra's in zee werden geslingerd en het halfdck nu en dan 
onderhing, terwijl de snel zich opvolgende stortzeeën in som- 
mige bodems het water, niettegenstaande het aanhoudend 
pompen, tot eene hoogte van 8, 12 tot 13 voet deed stij- 
gen, waardoor watervaten en spijskasten losgerukt, tegen 
elkander geslingerd en manschappen tusschendeks van het 
leven beroofd werden. De bejaardste zeeman betuigde, nim- 
mer zulk een orkaan te hebben bijgewoond; menig stoat 
matroos verbleekte bij zoo dreigende en zoo langdurige ge- 
varen. 

Het vlaggeschip de Vrtjhad werd op de kust van Minorca 
bezet, en geraakte niet dan door geweldig prangen boven 
de klippen van dat eiland. De Admiraal de Ruyter verloor 
zijn gansche boventuig. Het schip 'Prins Willem verkeerde 
in den schrikkelijksten toestand en liep meer dan eenmaal 
het uiterste gevaar , om tegen de rotsen van het eiland Minorca 
verbrijzeld te worden. Van den Noord- Holland sloegen al 
de masten over boord; zijn roer brak, en het jammerlijk 
gehavende schip zwierf dagen lang, als een wrak, ginds 
en herwaarts, tot het eindelijk, na het doorstaan van on- 
noemelijke gevaren, tegen de verwachting van alle schepe* 
lingen , behouden , doch gansch reddeloos , door eenige roei- 
vaartuigen te Ajaccio binnen gesleept werd. Geen beter lot 
trof den Hercules , dïe den grooten en bezaansmast verloor , 
en andere zware schade bekwam. Bijkans acht voeten water 
inkrijgende, bevond deze bodem zich in eene jammerlijke 
gesteldheid en stond den schepelingen niet anders dan een' 
wissen dood voor oogen; doch ten laatste gelukte het nog 
den kapitein mei-vill, tegen aller verwachting, eerst eene 
reede bij Majorca en daarna Port Mahon te bereiken. Het 
fregat Medea was, even als de overige schepen, lang en 
meermalen aan dreigende gevaren blootgesteld, en de be- 
velhebber, kapitein vaillant, zag zich, tot behoud van 
schip en leven, genoodzaakt eenige twaalfponders in zee te 



V Google 



HEDEBLANDSCBE ZESWEZSK. 71 

werpen; maar dat freg;at, hoewel mede veel schade beko- 
mende , weèrstood nogtans de woede des orkaaos op eene , 
verwonderlijke wijs, en kwam te Napels zonder aanmerkelijk 
verlies biuaeD. Daarentegen trof het schip Drenthe eeae 
ontzettende ramp. Deze vier eo zestiger, na den storm ge- 
durende den eersten nacht te zijn doorgeworsteld, sloeg des 
morgens ten 8 ure van den 3 Februarij ooi , en zonk met 
de 450 zielen welke hij bevatte, in de diepte des afgronds 
neder , zonder dat de Noord- Holland en de Medea , in wier . 
nabijheid deze vreeselijke gebeurtenis plaats vond, eenige 
hulp konden bieden of zelfs één enket man- redden. Derge- 
lijk lot had ligtelijk alle, ten minste de meeste schepen, 
bij zulk een' orkaan en den hulpeloozen toestand, waar- 
toe ieder schip spoedig verviel, kunnen treffen, maar de 
Voorzienigheid waakte over de schepelingen, en velen hunner, 
wij mogen het vertrouwen, zullen de waarheid hebben er- 
kend van het gezegde, dat een der tegenwoordig zijnde 
officieren ' met een hart, van dankbaarheid vervuld, ter 
neder schreef: "Toen de kunst stil stond en geene hulpmid- 
delen meer aanbood, reikte de Almagtige de hand toe — 
en wij waren gered." 

Slechts drie schepen , de Vrijheid, de Jdmiraal de Buy- 
ter en de Prins Willem, bereikten, na het bedaren van den 

1 C. SE lOHQ, tocD lis ceTsIc liiitcDtiit dicDcnde op den Priix Willtm, l«t«r de 
Sehoat-lig -nacht di jono van bouehbubo, in ig"' Ttcefdt Seiie naar it MiddtU 
landMcht tee, «ur bg viD hl. S4 — 60 eenc Inendige be«chry>ing geeft rin den )torm 
en de gsvnen die het nkideT, liyioDdel het Mhip wurop hf] zich beionil, doantopd. 
Eene oiet minder omitandigB en beliDgrjjkB beschrlJTiDg omtrent hetgeen de Noord- 
HoUaad, kspiteio D. J. TAN RTNEviLD. io den itorm onderhand, lindt jntv, in de 
Rti:e naar de MlddellandicAe lee, dooT zijnen zoon N. A. taH ktiietei.d, 2 deelen , 
AmiteldsDi A". 1803. Overigeui i> het hier medegedeelde verhaal ontleend nit het Jmr- 
naal van den Vtce-Adniraal reinst ; uit da brieven van dien VïcE-Admirail en der 
hapiteinen riH oehkep tn vaillant. voorkomende ia de Ned. Jaorh. Ao. 1784, hl. 
33S — 339, 79S— TOT, en aït l«ee blieven van den kapitein meltill aan de Admira- 
liteit vui de Mue, met hfvoegïng van een aittretiel nït lijn Joamul , door de id- 
niiialiteit aan H. H. Hog. medegedeeld en meer andere itokken. Zie voorti Vemdg 
Vadtrl. Sut. O- TllI, hl. 16—18. Er beitaan drie gegraveerde atbeeldingen, voor- 
tteUesde ds vooruaamate vaorvallm gednrende den rtorm, en d« lampeo. aan het ea- 
kadef OTergekoaien j deie dragen geen naam van den maker- 



V Google 



72 GKSCUIEDENJS VAN HET 

storm, Toulon, de aangewezene verzamelplaats. Zoodra de 
VicB-Admiraal kevnst aldaar was aangekomen, aam hij de 
noodige maatregelen om deze schepen te doen herstellen , 
en stelde bij tevens middelen in het werk, om aan den 
Noord-Holland en den Heredes eenige onmisbare behoeften 
toe te zenden , waardoor zij in staat werden , zich na ver- 
loop van eenige weken mede naar Toulon te begeven, ten 
einde aldaar hun herstel te voUooijen. 

De Vice-Admiraal reyhst vond, bij zijne komst te Ton- 
lon , aldaar liggende het schip de Kortenaer van 64 stukken , 
kapitein 't hoopt , 't welk eenige dagen later gevolgd werd 
door de Gelderland van 64, den Admiraal Tromp en de 
Alkmaar, ieder van 54 stukken en den kotter de Mercuwr , 
gevoerd door de kapiteinen b. c. staerinq , die , als oudste , 
het opperbevel over deze schepen had gevoerd, i. a. blots 
TAN TRESLONQ, HECKERS en ORTT. Dezc Bchepeu , dte vroe- 
ger dan het eskader naar de Middellandsche zee vertrokken 
waren, hadden de gewone geschenken aan den Mej van Al- 
giers overgebragt, en 'dezen Vorst in de. beste gezindheid 
jegens den Staat verlaten; doch waren gedurende den storm 
van den 3 en 4 Februarij mede aan zeer groote gevaren 
blootgesteld geweest, waaraan zij door de nabijheid van de 
Algiersche kust ter naauwernood waren ontkomen. 

Eerlang ontving de Vice-Admiraal het bevel , zonder uit- 
stel eenige schepen naar de Vlaamsche eilanden te zenden , 
ten einde op de verwacht wordende Oostindische retour- 
schepen te kruisen; waarop de Schout-bij -nacht van braam 
met vier schepen derwaarts vertrok. Van den anderen kant 
begaf de kapitein vaillant zich met zijn fregat Medea naar 
Smyrna ter bescherming van den handel, en verlieten de 
Prina Willem en de Alkmaar de haven van Touion, om 
een geschenk van kruid, touwen en andere scheepsbehoeften 
aan den Dey van Algiers over te brengen. ' Weinige weken 



■ Zie oTer ieitn togt en het verbljjf oDzer leelieden t« Alj^n, d« Mogebulde Tandt 
Bai» Tin c. m jono, bl. 111—272. 



V Google 



NKDBBI'ANDBCHS ZEEWBZBN. 73 

latrar ontvÏDg de Vice-Admiraal reïnst den last, met zijn 
eskader ten spoedigste Daar faet Vaderland terug te keeren; 
'waarop hij den 81 van Bloeimaand met de schepen de Vrij' 
heid en de Aüsmaar , waarbij zich nog het fregat HaHin- 
gen, voegde, de terugreis van Toulon naar het Vaderland 
aannam , waar hij op den 28 Julij te Vlissingen het anker 
liet vallen, • 

De reden , waarom de Vice-Admiraal ebtnst zoo onver- 
wacht opontboden werd en te Vlissingen, en niet in Texel 
bionenviel , . was daarin gelegen, dat er sinds eenigen tijd 
ernstige geschillen ontstaan waren tusschen Keizer Jozef 
II, als Hertog van Braband eo Graaf van Vlaanderen, en 
tusacfaen het Gemeenebest, zoo over de grensscheiding, als 
over bet bezit van Maastricht, schuldvorderingen en andere 
onderwerpen. In dien toestand van zaken achtte men het 
raadzaam, eene meer of min aanzienlijke zeemagt bij de 
hand en op de Schelde vereenigd te hebben, waarover het 
gebied aan den genoemden Vice-Admiraal opgedragen werd. 
Onder de vorderingen, welke Keizer jozef, met minach- 
ting en openlijke schending der bestaande verdragen, in de 
eerste plaats deed , hehoorden de vrije vaart op de Schelde 
voor zijne onderdanen , de onbelemmerde handel op de In- 
dien en de ontruiming der aan de Schelde liggende forten. 
Ed opdat men verzekerd zou zijn , dat hem zulks ernst was , 
liet de Keizer ter kennisse van de Algemeene Staten bren- 
gen, dat hij reeds van nu af aan de Schelde beschouwde 
als geheel en ten eenemale geopend en vrij ; en dat hij dien 
ten gevolge besloten had, onmiddellijk de vaart op die rivier 
te herstellen, met last, dat bijaldien men van de zijde der 
Republiek op eenigerlei wijs de vlag des Keizers mogt hoo- 
nen , Zijne Majesteit zulks zou aanmerken als eene oorlogs- 
verklaring en eene regtstreeksche daad van vijandschap. ' 
Keizer jozef, steunende op de zwakheid van bet Gemee- 

I Het DtBermRlen ungebMldt Jaantaal co* rfa» Vice-Admiraal xithst en iQne 
briereii •«» H. H, Mog. 

* Xe*. fXM J7. JT. Mog. 85 Aog. 1TS4. 



V Google 



74 QBBCHlEDENia VAN HET 

nebeet, dat bijkans zonder tegenstreven zijne vroegere vor- 
dering omtrent de teruggave der Barrières had toegestaan , 
twijfelde er niet aan , of ook deze nieuwe vordering zou 
weldra worden ingewilligd. Dan hierin vond hij zich merke- 
lijk bedrogen. Het gold thans, wat naar het oordeel der 
meerderheid in die dagen met de Barrières geenszins faet 
geval was, eene levensvraag voor het Gemeenebest; het gold 
den bloei of den ondergang des handels en der scheepvaart ; 
bet gold een door ruim honderd jaren bevestigd denkbeeld , 
dat vaak de gemoederen meer dan wezenlijke gebeurtenissen 
in beweging brengt. De Bondgenooten , wel verre deze nieuwe 
vordering toe te geven,, besloten, den dag na het ontvan- 
gen van de mededeeling des Keizers, aan al het beschikbare 
krijgsvolk bevelen uit te vaardigen, zich gereed te maken, 
ten einde op het eerste bevel naar de bedreigde grenzen te 
kunnen uitrukken , en tevens de vrij aanzienlijke scheeps- 
magt, welke reeds voor Vlissingen vereenigd was, te doen 
vermeerderen met onderscheidene schepen en vaartuigen, en 
de zeegaten van den Staat, waar zulks noodig mogt zijn, 
door wachtscbepen te doen beveiligen. Daar men echter, 
bij het handhaven der regten van den Staat, alles wenschte 
te vermijden wat dezerzijds tot vijandelijkheden aanleiding 
zou kunnen geven, werd den Vice-Admiraal rkïnst te gelijk 
gelast, met alle mogelijke voorzigtigheid en bescheidenheid 
ten aanzien der vlag van Zijne Keizerlijke Majesteit te werk 
te gaan , en al hetgeen voor eenige beleediging van die vlag 
zou kunnen worden aangezien, te vermijden, doch niet min- 
der krachtdadig de Schelde, alsmede de kanalen van het 
Sas, Zwim en andere daarmede van de zijde der Republiek 
in verband staande zeegaten, ingevolge het vredesverdrag 
van Munster, gesloten te doen houden.' 

Zoodra de Vjce-Admiraal reïnst dezen last had ontvan- 
gen, gaf hij de noodige bevelen tot het gesloten houden 
der Schelde en der voorzeide kanalen aan zijne officieren in 

i Sta. eau H. S. Mog. SS Aog. nS4. 



V Google 



NEDBRLANDSCHE ZBBWBZEN. 76 

liet algemeen, en in het bijzonder aan den kapitein vak 
'voLBERGEN , die met zijn fregat de PoUuw hooger op de 
Schelde had post gevat. Vervolgens narti hij verschillende 
andere maatregelen die hij noodig en nuttig achtte, waar- 
toe behoorde het zenden van eenige oorlogsscbepen naar de 
Noordzee en in het Kanaal, tot bescherming van den han- 
del en om op de Vlaamsche kusten te kruisen. Doch bovenal 
versterkte hij de meest bedreigde punten met verschillende 
schepen en gewapende vaartuigen , wier getal inmiddels was 
toegeDomeD, zendende, onder anderen, de scbooner de Dol- 
phijn, gevoerd door den luitenant t. t. cuperds, en den 
kotter de Zeemeeuw, kapitein pibter tan de wateren, de 
Schelde hooger op, om onder de bevelen van den kapitein 
VAW ToLBEBOBN aldaar te blijven. ' 

Men had kunnen en mogen verwachten , dat de Keizer , 
nu de ernstige meening der Nederlandsche Regering openbaar 
werd, de opening der Schelde des noods met' kracht van 
wapenen te beletten , zijn voornemen , om die opening met 
of zonder toestemming van het Geraeenebest te bewerkstel- 
ligen, zou hebben laten varen. Doch het bleek ras, dat die 
Vorst nog steeds dezelfde bedoelingen bleef aankleven, en 
wilde beproeven, door eene stoute daad te verkrijgen 't geen 
zijne bedreigingen tot dus verre niet hadden kunnen bewer- 
ken. De volgende gebeurtenis wees het duidelijk aan. 

In den morgen van den 8 October, tusschen zeven en 
half acht ure, kwam eene koopvaardijbrik, Louis genaamd, 
gezagvoerder vas iseghem, onder Keizerlijke vlag van Ant- 
werpeD de Schelde afzeüen, en naderde 'sLands schooner, 
de Dolphijn, gevoerd door den luitenant cüpehos, die een 
half kanonschot boven zijnen Commandant, den kapitein 
VAN voLBERGEN, voor Stokagte, in de nabijheid van Saftin- 
gen , ten anker lag. Zoodra de luitenant cnpSRUs , dat vaar- 
tuig gewaar werd, zond hij zijnen luitenant van Dooan 
derwaarts, die den schipper van den Louis praaijende, ver- 

1 Verhaal of Journaal van de» Tteg-Admiraal beihm. 



V Google 



76 GESCHIEDENIS VAN HET 

maande te ankeren, 't geen door dezen geweigerd werd, 
zeggende, dat hij van Zijne Keizerlijke Majesteit in last had 
naar zee door te zeilen. Kort daarna kwam de brik onder 
bereik van het geschut des Dolphijns , waarop cdperds een 
schot met los kruid op baar liet doen, en den schipper nu 
zelf toeriep, hem vragende: "Of hij naar zee moest?" 't geen 
door dezen, onder het vertoonen van een papier, met Ja 
beantwoord werd, waarop de luitenant hem verzocht bij 
te draaijen, hem tot vier- of vijfmalen toeroepende, "dat 
hij bevelen had, hem niet te laten voorbijzeilen," onder 
bijvoeging, dat zoo hij niet bijdraaide, hij op hem vuren 
zou. De schipper antwoordde op nieuw, dat hij niet bij- 
draaijen wilde en naar zee moest, waarop cupekus eerst een 
schot met scherp voor over deed, en hem, toen hij desniet- 
tegenstaande bleef voortzeilen , na hem nogmaals te hebben 
vermaand, de volle laag gaf; 't geen het gevolg had, dat 
de brik oogeoblikkelijk bijdraaide en het anker uitwierp. 
Thans begaf een der officieren zich aan boord van de brik, 
aan wien de gezagvoerder het reeds door hem vertoonde 
papier ter hand stelde, zijnde een Keizerlijk, met het wa- 
pen van dien Monarch gezegeld bevelschrift, waarbij van 
I8EGHEU gelast werd, zich met zijne brik regt&treeks van 
Antwerpen naar zee te begeven, en hem en zijn volk uit- 
drukkelijk werd verboden , zich te onderwerpen of te ge- 
hoorzamen, 't zij aan bet praaijen, 't zij aan het onderzoek 
van een der schepen of vaartuigen van de Republiek der 
Vereenigde Nederlanden welke hij op de rivier de Schelde 
zou mogen ontmoeten, en waarbij hem en zijn volk desge- 
lijks verboden werd, eenige verklaring te geven aan de tol- 
kantoren van het Gemeenebföt op die rivier of dezelve op 
eenigerhande wijs te erkennen. 

Terwijl de kapitein van volbergen de Keizerlijke brik 
onder behoorlijke bewaring deed houden , zond hij onmiddellijk 
na het gebeurde den luitenant van doorn met een schriftelijk 
verslag na dpn Vice-Admiraal 'rbïnst te Vlissingen, met 
last om aan dezen verder mondeling atle inlichtingen te 



V Google 



N£DERLAMDBCHE ZEEWEZBN. 77 

geven ; na ontvangst van welk verslag de Vice-Admiraal zon- 
der verwijl aan den Stadhouder berigt zond van bet voor- 
gevaUene. 

Intusscfaen ontving de kfinein vak volbekoen op den- 
zelfden dag , ja slechts zeer vreinjge uren na het gebeurde , 
eenen brief van den Prins, den vorigen dag geschreven en 
met den meesten spoed overgebragt, doch door eene niets 
beduidende omstandigheid te laat bij hem ontvangen , om 
de daarin vervatte bevelen toepasselijk te kunnen maken op 
het tegenwoordige geval. ' Daarbij gaf de Stadhouder, naar 
aanleiding van eene nadere en stellige mededeeling van wege 
den Keizer, dat het vuren op een der vaartuigen onder 
Keizerlijke vlag zou worden gehouden voor eene oorlogsver- 
klaring of werkelijken aanval, aan den genoemden kapitein 
eenige nadere voorschriften , in de hoop , daarmede alle ver- 
keerde uitlegging omtrent het beleedigen der Keizerlijke vlag 
te voorkomen, üeze voorschriften hielden hoofdzakelijk in , 
dat kapitein van volbergen het verwachte vaartuig wel 
zou kunnen doen aanhouden en des noods , ingeval van vol- 
strekten onwil, doen bezetten en bewaren, maar met de 
meeste bescheidenheid en zonder daartoe van het kanon of 
het geweer gebruik te maken. Dan de zaak was gebeurd en 
er bestond geeae mogelijkheid, om die als niet gebeurd voor 
te dragen, zoodat, bijaldien de Keizer aan zijne bedreigin- 
gen gevolg gaf, niets anders dan een' gevaarlijken oorlog 
te wachten stond. Er waren dan ook velen hier te lande, 
die zich daarover ernstig bekommerden; doch nog meerderen 
verheugden zich , dat de nadere bevelen des Stadhouders te 



■ De bode, die dcD n>rig«D dig nit 'i GmTenhtge nrtrolc, wu reedi Icd half rQf 
'b morgSDs te Bergen-op-Zoom ; loodst, iodiiD by dadelijk de rcii bad IcuiDeii voort- 
letUD, de bevaten van Ata Prips nog tydig graoeg ud den kapitein tak tolberoch 
hkdden knuoea ter bind gesteld warden, gm liet achietea te TDorkomea; doeh ky werd 
door bet lage water te Bergen -oji -Zoom opgehaiidBO , zoodat kapitcig vak volbebqih 
niet T&ïr 12 nre '■ middagt die bevelen oot^ing. Vaa zulk een kleine omstandigheid 
bad ligt vrede a( oorlug kangeii afhangen. Zie Sei. van E. H.Mog.%iOiAoimtl'iH, 
ook gedrukt in de Stierl. Jaariotkn ITSü, bl. 3W) Tolg. 



V Google 



78 UESCUIEDENIS VAN HET 

laat wareo gekomcD, en aldus de eer en het onbetwistbare 
regt van dea Staat waardiglijk gehandhaafd waren. 

Gelijktijdig met de brik Louis, deed eene andere Oosten - 
rijksche koopvaarder eene dergelijke poging, doch in omge- 
keerden <ziu. Op den eigen dag dat voornoetude brik de 
Schelde kwam afzakken , verliet een tweede vaartuig , de Fer- 
loachting genaamd, gevoerd door schipper pittenhov£N, en 
aan welks boord zich drie personen bevonden die , naar het 
schijnt, daarop gesteld waren om toe te zien wat er gebeu- 
ren zou , de reede van Ostende , doch door harden wind 
was het genoodzaakt eenige dagen vóór die haven ten anker 
te blijven, In den namiddag van den 15 October kwam deze 
brik, met Keizerlijke vlag, het zeegat van Vlisstngen binnen 
stevenen, waarop haai door de bevelvoerders van de nabij- 
liggende schepen van oorlog, de Alkmaar, en Admiraal 
Tromp, en het fregat Marlingen, drie officieren te gemoet 
werden gezonden , om aan den gezagvoerder af te vragen , 
werwaarts zijne bestemming was. Deze beantwoordde zulks 
met de verklaring, dat hij van den Keizer in tast had, langs 
de rivier de Schelde naar Antwei^en te varen. Overeenkom- 
stig de latere voorschriften van den Stadhouder , vroegen die 
officieren nu zijn bewijs van inklaring en andere stukken, 
waarop de schipper hun ter hand stelde een Keizerlijk be- 
velschrift, geheel van denzelfden inhoud als dat, 't welk 
door den kapitein van iseohem vertoond was. Thana ver- 
zochten zij beleefdelijk en bij herhaling den schipper, van 
zijn voornemen af te zien, daar hunne bevelen medebragten, 
hem zulks niet te mogen toestaan , doch dat .verzoek vood zoo 
weinig ingang, dat pittenhoven en de drie vermelde per- 
sonen telkens antwoordden , dat zij bij de eerste gelegen- 
heid aan hunnen last zouden voldoen. De drie officieren be- 
volen daarop uit naam van Hunne Hoog Mogenden, dat 
voornemen te laten varen, onder bijvoeging, dat bijaldien 
zij desniettemin het zouden trachten ten uitvoer te brengen, 
de onaangename gevolgen voor hunne rekening waren. Maar 
ook die vermaning geene betere uitwerking doende, zagen 



V Google 



NEDKSLANDSCUE ZEEWZZEH. 79 

zij- zich eindelijk verpligt, bezit van het vaartuig te nemen, 
eene w^acht daarop te stellen en het onder het bereik van 
het geschat van het Adiniraalschip op de reede van Vlis- 
singea te brengen. ' 

Wij zullen ons niet verdiepen in de bezwaren, welke uit 
deze beide voorvallen , bijzonder uit het schieten op bet met 
de Keizerlijke vlag voorziene schip dat d^ Schelde afzakte , 
voortsproten; nog in bijzonderheden treden omtrent de on- 
derhandelingen , waartoe die bezwaren aanleiding gaven ; 
evenmin als aangaande de pogingen, door de Fransche Re- 
gering gedaan tot afwending van den oorlog, waarmede 
Keizer josep meer dan ooit dreigde en waartoe hij ernstige 
toebereidselen maakte. Wij laten dit alles over aan de be- 
schrijvers der Staatsgescbiedenis van het Vaderland, en be- 
palen ons uitsluitend tot hetgeen door bet zeewezen te mid- 
den dezer geschillen en onder de langdurige onderhandeUngen 
verrigt werd. 

De Algemeene Staten , met dezelfde gematigdheid als tot 
hiertoe willende handelen, gaven bevel, de twee in beslag 
genomen vaartuigen vrij te geven, mita het eeoe naar Antwerpen 
en het andere naar Ostende terugkeerde , 't geen de gezagvoer- 
ders aannamen , en waarop de beide schepen ontslagen wer- 
den\ Doch de gelijker tijd was men bedacht, maatregelen 
van voorzorg te nemep. De Prins, zoodra hij van het ge- 
beurde met den Louis onderrigt was, gelastte den Vice- Ad- 
miraal BEYNST, geene vijandelijkheden te plegen dan nadat 
die van de zijde des Keizers zouden gedaan zijn , doch tevens , 
dat hij, wanneer hij desw^e in het zekere onderrigt was, zich in 
dat geval , "zonder nadere bevelen af te wachten ," daartoe kon 
bevoegd houden, en alsdan aan de Oostenrijkers, als ver- 
klaarde vijanden van den Staat, alle mogelijke afbreuk toe- 



1 De beids TeTtulen ilJn ontlcead ait d« dMTtoe bctrekkelykc liriercn sa diubü bc- 
faooreode BQlageD tm den Vice-Admirul bstnbt, den kipitcin tan tolbekoek, den 
luiteoant cupekds eni., illt dooi den Frio» ud H. U. Mog. medegedeeld. EcDÏge 

dier stokken it)a gedrukt in Je Naderl. Jaarboeken. A». 1?8S. Vergelijk ook Vedolg 

op «TiOEMAE», Vadtrl. HUI. D. VII, bl. 8S0 en ïolg. 



V Google 



SU 'GBSCBIIDBNIS VAN HST 

brengen. Bovendien gaf hij den Vice-Admiraal in bedenking , 
om de Schelde nog door een of meer schepen te doen op- 
zeilen, tot versterking van den kapitein van volberokn en 
tot bijstand van de langs die rivier liggende Nederlandsche 
forten. Eindelijk, gaf de Prins aan den Vice- Admiraal in 
overweging, om een of twee ligte vaartuigen naar zee te 
zenden, om de koopvaarders en oorlogsschepen van het ge- 
beurde te onderrigten en te waarschuwen , en zoo het noodig 
mogt zijn, deze laatste met nog eenige te versterken. ' Dien 
ten gevolge begaf de kapitein Graaf van rëcutbren , met 
het fregat Hartingen, zich naar de Schelde en vatte aldaar 
post. Niet lang daarna werden de Gelderland, kapitein e. 
c. STAERiNG en de sloep, de I^Tias, kapitein cahbier, naar 
zee gezonden, om de haringvloot op te zoeken, te dekken 
en binnen te brengen, 't geen naar wensch gelukte. Ook 
werd de kapitein helvill door den Vice-Admiraal gelast, 
met zijn schip de HeraUes en de brik de Ajaic, luitenant 
BE PETEBSEN , ult te zeilen , en tusschen de Hoofden en 
Vüsaingen te kruisen, ten einde dat vaarwater te beveiligen. 
Den 9 November keerde melvii.l van dezen in dit jaarge- 
tijde moeijelijken kruistogt, op welken hij gedurig met stor- 
men en ruw weder had te kampen, behouden te Vlissingeu 
weder, maar bragt het berigt mede van een treffend onge- 
luk, aan de Ajax overgekomen. In den nacht van den 28 
en 29 October, namelijk, was die brik, door een lek on- 
der water, op de hoogte van het eiland Wight gezonken, 
en van de 75 man die aan boord waren, had men ook met de 
uiterste inspanning , niet meer dan dertig kunnen redden. On- 
der de slagtoffers werd de luitenant db petebsen geteld, die 
we] op den Herculea had kunnen overgaan , maar door pligt- 
besef gedrongen , als een braaf officier , den hem toevertrouw- 
den bodem niet eerder willende verlaten dan nadat al zijn 

I De PriDs, nt x^aea Rud ran Marins genidpleegd te hebbea, land deze btrelea 
dsD in October 17S4 «>n iea Vica- Admiraal rrtüït, en deelde den inhoud dier orden 
dea Tolgeoden dig aea bet Bewigne iin U. H'. Hog. mede, door welke iQ ten Tolk 
goedgekeurd werden. Beerele Btt. vos M. H. M.og. Il Oetober ITM. 



V Google 



NISDEKLANDSCUE ZBBWEZEN. 81 

volk zoa behouden zijn, met bet meerendeel zijner schepe- 
liDgen eene prooi der golven waa geworden. ' 

Het zou langwjjlig en nutteloos zijn, bijaldien wij in bij- 
zonderheden mededeelden al wat nog gedurende dit en het 
volgende jaar gedaan werd tot het gesloten honden der Schelde 
en tot bescherming van hel grondgebied van den Staat , 
voornamelijk der provincie Zeeland, van de zeezijde. Om 
dezelfde reden gaan wij met stilzwijgen voorbij al hetgeen 
te dien tijde verrigt werd tot bescherming des koophandels 
en der scheepvaart, voor wier beveiliging men meende dub- 
bele zorg te moeten dragen , omdat ket niet ongegronde 
gerucht liep, dat er ettelijke kapers in Engeland uitgerust 
werden, die, naar men beweerde, onder Keizerlijke vlag 
zee zouden kiezen , zoodra de oorlog uitbrak. * Alleen meenen 
wij te moeten zeggen , dat er voortdurend eene meer of min 
aanzienlijke zeemagt op de Zeeuwsche stroomen bijeenge- 
houden, en de uit- en toegangen der Schelde zorgvuldig 
gadegeslagen werden; dat de vertrekkende en terngkeerende 
koopvaarders steeds door een behoorlijk getal schepen van 
oorlog werden begeleid, en er onafgebroken een vrij talrijk 
eskader in de Noordzee kruiste, om een wakend oog te 
houden op de bewegingen der Oostenrijkers of dergenen, 
die zich onder Keizerlijke vlag mogten vertoonen. Dit alles 
hield op met het sluiten van den vrede, of, want tot eigen- 
lijke vijandelijkheden kwam het gelukkig niet, om juister 
te spreken, met het bijleggen der zwevende geschillen tus- 
schen het Gemeenebest en den Keizer, door het sluiten, 
eerst van eene voorloopige overeenkomst op den 20 Septem- 



1 Joaroul nn dan Vice-Admirut uth«t, va Jfedl. Jaari. 1TS4, b1. 1T4S. 
j Dit maskte een punt vkq DTerwegiog ait by het Dqnitement vtn Mariiw tu Z. 
H. , gelijk ik zie ia de Sot\Um cii. tan het Dtparltaant, Op Toordngt vu den 
Prios werd zelfs de Nedarlandsche gezant by bet bot tbh Londen door H. H. Mog-, 
bJI SeereU Sel. ca» 8 NovembeT 1784 gelast d*amur een nuuwkenrig ondenoek te 
do«D. lUeds itztüUe muBd, Startte Bei. H. H. Xog. 82 November 1TS4, gaf die 
gezant het borigt, dat er nerkelijb TerBcheideoekapers ncrden nitgeraat, die men meeade , 
dat bij eeiie iredebreak tegen den Nederlandschen haodel onder Keizerlyke vlag loiid^i 
aitloopen. 

V. 6 



1, Google 



Ö3 UESCHI£DENIS VAN UET 

ber, en daarna van een vaat verdrag te Parijs op den 8 
November des jaara 1785. Van na af was de verdere be- 
wakinf; der Schelde en het begeleiden der koopvaarders on- 
noodig, zoodat het nieerendeel der oorlogBschepen en gewa- 
pende vaartuigen afgedankt, en de Vice-Admiraal retnst 
van het opperbevel over de zeemagt van den Staat in Zee- 
land door den Stadhouder ontslagen werd. ' 

Deze gelukkige afwending van eenen oorlog, welke vér- 
uitziende gevolgen had kunnen hebben , had het Vaderland 
voornamelijk te danken aan de tusschenkomst en ondersteu- 
ning van Frankiijk. Welke de bedoelingen der staatsdiena- 
ren van dat rijk daarmede geweest zijn , zullen wij thans 
niet onderzoeken; het zij genoeg, dat zeer velen hier te lande, 
bij wie de booge ingenomenheid met Frankrijk door ziJD 
gedrag bij het sluiten van den vrede met Engeland min of 
meer verflaauwd was, thans luide toejuichingen aanhieven 
over de gewigtige diensten, welke dat rijk bij het afwenden 
van den krijg en het bevorderen van het verdrag met den 
Keizer had bewezen ^ juichtoonen, die nog hooger rezen, ja , 
schier tot onbegrensde geestdrift klommen , toen , twee dagen 
na het sluiten van dat verdrag, een verbond van vrede en 
onderlinge verdediging en hulpbetoon met datzelfde Frank- 
rijk aangegaan werd. Ën zal men het dan vreemd vinden, 
dat bij degenen, die zoo zeer met Frankrijk en zijn Ko- 
ning en zijne staatsdienaren ingenomen waren , het verlangen 
ontstond, een openlijk bewijs van achting, eerbied en erken- 
telijkheid voor de bewezene diensten aan den dag te leggen? 
Wij zullen hier geen gewag maken van de feesten , welke 
in dien geest gevierd werden, noch van de gedenkpennin- 
gen , aan lodbwijk XVI en zijne 'ministers ten geschenke 
aangeboden, maai ons alleen tot het zeewezen bepalen. Naar 
aanleiding van een voorstel der stad Amsterdam, werd op 
den 19 Januari] 1786 ' door de Afgevaardigden v^n Holland 

' Journaal of Verbaal van dien Vice-Adenraal, wurio d ds btJMDdCTbedini om- 
tn'Dt ile verriglipgrii der zeciDiigt ia dis dageo fevondni worden. 

: Ma. van B. S. Mog. 19 Juimry 1786 ea Sn. van MoUand 13 Jtoiurü ITSft. 



V Google 



NÜDEBLANSSCUE ZE£W£ZXN. Ö3 

in de vergadering van de Algemeeoe Staten de voordragt 
gedaan , dat de Giezanten van het Gemeenebest bij bet hof 
van Frankrijk zouden worden gelast, op eene plegtige wijs, 
uit naam van Hunne Hoog Mogenden, aan Zijne Allerchris- 
telijke Majesteit boogstderzelver erkentenis te betuigen voor 
al de blijken van toegenegenheid en edelmoedigheid door 
Zijne Majesteit in de laatste oolasteo gegeven , alsmede het 
genoegen over het onlangs gesloten verbond , en dat Hunne 
Hoog Mogenden hoopten, dat het Zijner Majesteit niet on- 
aangenaam zou zijn , dat hoogstdezelve tot een kenteeken 
van deze hunne gevoelens Zijne Majesteit verzochten, wel 
te willen aannemen twee schepen van oorlog, die Hunne 
Hoog Mogenden reeds te dien einde in gereedheid deden 
brengen, om vervolgens naar zoodanige zeehaven van Frank- 
rijk te zenden, als Zijne Majesteit zou verkiezen. Eenigen 
tijd later ' werd , mede door de Afgevaardigden van Holland , 
nader voorgesteld, om tot geschenk te bestemmen de twee 
door de Admiraliteit van Vriesland voltooide liniescbepen 
van 74 stukken , Vriesland en Stad en Lande , welke we- 
gens hunnen boaw , vorm en inrigting daartoe bijzonder 
geschikt waren, en thans nog alleen behoorden opgetuigd 
en gewapend te worden , om naar eene der Franscbe havens 
te kunnen worden vervoerd. Deze voorstellen vonden in- 
tusschen bij de Bondgenooten niet dien bijval, welken 
men zich daarvan had voorgesteld; zij werden slechts door 
twee provinciën. Vriesland en Zeeland, door de laatste nog 
onder zekere voorwaarden , goedgekeurd. En wat het geven 
van het geschenk betreft, dit bleef geheel achterwege door 
eene bijkans ongelooflijke en nogtans ontwijfelbaar ware om- 
standigheid. De beide tot het geschenk bestemde vier en 
zeventigers waren op de werf te Harlingen gebouwd en lagen 
gereed om uitgebragt te worden ; doch nu men daartoe zou 
overgaan, bleek het, dat zulks uit hoofde van de naauwte 
der bruggen en het diepgaan der schepen, in de gesteld- 

< Set. B. H. Xog. 1 Hei 1786. 



V Google 



o4 GESCIIIEUENIS VAN ü ET 

heid waarin de havea zich bevond, onmogelijk was, en niet 
dan met aanmerkelijke verwijding der haven en zware kos- 
ten ' zou kunnen geschieden. Voor zoo verre wij weten, zijn 
tot op den huidigen dag de eigenUjke oorzaken niet bekend 
geworden van deze zonderlinge en bijkans onverklaarbare 
omstandigheid. * Het meest waarschijnlijke is, dat de Admi- 
raliteit van Vriesland , welker bestuur in die dagen zeer veel 
te wenschen overliet , in deze , gelijk in vele andere zaken , 
met eeoe onbegrijpelijke zorgeloosheid is te werk gegaan, 
of dat de scheepsbouwer eenen on verschoon lijken misslag 
heeft begaan. Doch hoe dit wezen moge, de bezwaren tegen 
het uitbrengen van twee zulke schoone schepen maakten te 
dezen tijde veel gerucht en verwekten geen gering misnoe- 
gen, vooral bij degenen, die ze tot een geschenk voor den 
Franschen Koning bestemd hadden. Er werd wel eene Com- 
missie uit 'de vergadering van Hunne Hoog Mogenden be- 
noemd , om de zaak te onderzoeken , en door haar middelen 
voorgesteld, ten einde de bezwareu uit den weg te ruimen, 
doch de ongelukkige toestand , waarin de geldmiddelen der 
Admiraliteit van Vriesland verkeerden , de toeneming der 
burgertwisten en de daarop gevolgde omwenteling, beletteden 
maatregelen in 't werk te stellen , zoodat de beide bodems op de 
werf van Harlingen ongebruikt bleven staan, en eindelijk, na 



1 Duitoa behoorden uicnwe, opitttdyk vemirdigde kamaelen, en d« buitmbiTeii 
Tsiw^d te warden. 

- Er varen er, die zclin un kwide tronir en ^iw< opiet toeschreven, dt>cb durvnor 
hcsUan geene iCdoeDde gronden, en het liomt m^ foor, dit het tlteenain verregaande 
ooeehtiaamheid of domheid moet toegeach reren worden. Dat dit denkbaar is, bewijit 
een loonil, niet leng geleden in Engeland gcbeard. In Jnl^j 1843 liep degroote eloom- 
boot Ortai Bniava, «in dniiend paiidenkracliten , en wMrvau de Voiteo BO.OOO pond 
Blerl. <l,OaO.O(H) gnidcn) bedroegen, vin da werf te Briatol af, doch toen men dit 
TiarCuig nit het Dok wilde brengen, bleek bet, dit de drempel Tin de ilniedenr twee 
voelen te hoog wis. ddi het icbip diirover te doen gaan, eu het gelukte niet dan na 
inipinning van de nitente krichlen lulkt ten uilToer te brengen, Hid dewetktuigbonde 
in onze dagen znlke groote vorderingen niet gemaakt, de Oreat Britain ion in bet 
dok van Briitol hebben moeten blyren liggen, gelgk de twee IJnielchepen in de kiren 
vao Hirlingen. Van kwade tronw is naglan*, voor zooverre ik weet, de icheepalioawer 
(lor stoainboot door niemand verdacht geworJen. 



1, Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWËZL^. 03 

verloop van zes jaren , voor sleet verkocht eu gesloopt werden. ' 
Begeven wij ons thans weder naar de Middeltaodsche zee, 
werwaarta een eskader, ter vervanging vau dat ouder den 
Vice- Admiraal betmst, zeer weinige dagen na deszelfs terug- 
komst vertroklien was, aangevoerd door den Schout-bij -nacht 
JAN HENDRIK TAN K1N3BERGBN. De aanleiding tot de zending 
van dit eskader was in bet algemeen de bescherming des 
bandels en der zeevaart, en het vertoonen van 'sLands vlag 
aan de fiarbarijscbe en andere Mogendheden. In het bijzon- 
der werd daarmede bedoeld de oefening onzer zeelieden, 
waarom aan den Schout- bij -nacht uitdrukkelijk gelast werd,' 
het eskader te doen manceuvreren , betzij in groote manoeu- 
vres, hetzij om andere noodige zcemanskennis te verkrij- 
gen , zoo van havens en kusten als anderzins. Ër waren 
echter ' meer bepaalde redenen voor het zenden van het 
eskader, bestaande in de zwevende en reeds vrij hevig ge- 
worden twisten met den Keizer, en in de geschillen, die 
reeds sedert eenige jaren tusschen de Republiek van Vene- 
tië en dezen Staat over eenige handelsaan gelegenheden waren 
ontstaan , en die thans tot zulk een uiterste gekomen waren , 
dat men niet zoider bekommering was voor het uitbarsten 
van eenen oorlog. * 

t Hen Tiodt omtrent deie ziak leer recl in de Sei. van JI. H. Mog, en v*d Hol- 
leBKi dei jamn 1786. Het belangrijkste ituk dssromtnut i« het gednilita Sapport tib 
den tocnmaligen Pcntionaria vin Gondi, h. tah wijn, en indere Gcdejinteerden tot 
bet oDdenoek van bet Kin intïe wezen der Admiraliteit in Vrieilind, itn opzigte nas 
it mojfttijkitid , om nt d« ha/Ben mm Barïinyen ia kalen de iaee oorlogtKhepen , 
gedettineert tot w» preeaU aan den Koning van Frankriji, nitgeliragt in de Ter- 
pdning ran H. U. Mag- na S AngutuB 1T86, met de daarby ïehoorende ihjlii^mi. 
Zie hierorei' ni(jne LnenMbéickrijmng va» h. tab wcjn. 

- By art. 8 ven de hem door den Prins, ■!■ AdmirMl-OeneruI, gegevene Instructie, 
Toorkomende in de meermalen aangehaalde Notulen van het D^artement van Marine 
va» Z. ff. 

1 In de InatTnetie Tiwr tan KiHSBEsaEK vindt men deswege niets, doefa dit zal om 
staatkundige ndenen nagelaten z|jn ; maar van elders blijkt het, dat bi) uog geheime 
voonchrirten had, bgionder omtrent bet geval, wanneer de oorlog met den Keiier mogt 
nitbreken. Zie Vervolg raderl. Biet., O. IX, bl. 8B1. 

* De »ik betreft bet leeweien niet, waarom ik er mij niet in m1 verdiepen. Men 
kan er de gedmbte Rei. van H. R. Mog. en lan SoUand over mzicn. Een beknopt 
Tcrhaal komt er Tan voor in bet Vervolg der Vadert. Hiit., Tl. IX, W. 829—357. 



V Google 



SD QEBUHIEDENIS VAN HET 

Het eskader was aldus zamengesteld : de Admiraal Tjerk 
Hiddes de Vries van 68 stukken , kapitein van der bs£T8 , 
welk schip reeds was vooruitgezeild , odi den gezant van 
Marocco naar zijn Vaderland terug te brengen i de zich nog 
in de Middellandsche zee bevindende linieschepen Frina 
Willem en Noord-HoUand van 64 stukken , het fregat Meeiea 
van 44 stukken, kapiteinen van gennep, van etneveld 
en VAiLLANT, alsmede de Jvpiter van 74 stukken, kapitein 
p. j. GERVAis , op welk Bchip de Schout-bij -nacht zijne vJag 
hijschte; de twee fregatten de Tijger en de PaUaa, van 44 
stukken, gevoerd door de kapiteinen fredkeik siqisuond 
Graaf van btlandt en jan herhanüs van KiNSBERa£N, 
jonger broeder vau den Schout-bij-nacbt; ' eindelijk, de 
kotter de Brak, kapitein a. q. c. de virieü. 

Den 2 Augustus 1784 verliet van kinsbergen met zijn 
schip, benevens den Tijger, de PaUaa en de Brak, het 
zeegat van Texel en zeilde regelregt naar Mallaga, de ver- 
zamelplaats van het eskader, voor welke stad hij den Prins 
Willem en den Noord-Holland vond, en waar zich eerlang 
de overige schepen bij hem voegden. Van daar begaf hij 
zich naar Touloo, welke haven het eskader, na het doorstaan 
van eenen vrij hevigen storm in de golf van Narbonne , den 
24 October bereikte. ' 

Te dezer stede gekomen, ontving de Schout- bij -nacht een' 
brief van den Stadhouder, inhoudende het berigt van het 
gebeurde op de Schelde met de brik deu Dolphijn , en den 
last, om de schepen van het eskader gereed te houden, 
niet alleen den Nederlandschen handel en de zeevaart in 



1 Van UNBBESaEN noemt duen, inhetna ta Tomelden JouniiHiI, meermileB ijjnea 
broeder; hfj wu ds derds en jongitc z^ner broeders. Het it dna niet joiit wat de 
Stittaraad n. c. tak hall legt op bl. 7 vm het Leven va» i, n. tav kinsbieoen, 
dat daie tQn broeder reeds róór den BBHTing; van den EngelKben oorlog '« Lancia lee- 
dienat vorliet. Zie verder Seite naar de XiddtUandtche iet, door h. a. tak kthe- 
YBLD. bl. 79. 

1 Eese onutaildige beaohiiJTing Tan dezen logt Tindt meD bg DB lOKO, TlMSda 
Seize naar de XiddeUandieie tte, bl. 316 volg. en ook bj) tan rthbtbld dt-, 
bl. 80 en 81. 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEBWEZEN. 87 

de Middellandsche ssee op de best mogelijke wijs te dekken , 
en ingeval vod zekere, ofsctioon oQverhoopte tijdiDg wegens 
-dadelijke gepleegde vijandetijkbedeD van de Oostenrijksche 
zijde, ook zonder nadere bevelen, aan de Keizerlijken alle 
mogelijke afbreuk te doen, maar ook, om zoodanige schik- 
kingen te maken , dat de Nederlandscbb koopvaarders in de 
Middellandsche zee van tijd tot tijd vaa Mallaga naar het 
Vaderland zouden kunnen begeleid worden. * 

Overeenkomstig deze bevelen , nam de Schoot-bij-nacht 
stoodanige maatregelen, als hij tot handhaving der eer van 
den Staat en tot beveiliging van den handel 't meest gepast 
in de tegenwoordige omstandigheden achtte. Hij deed den 
kapitein van der beets naar Smyrna ^rtrekken , om de 
zich aldaar bevindende Nederlandsche koopvaarders onder 
zijne bescherming te nemen en onder zijn geleide naar het 
Vaderland terug te brengen. De overige oorlogsschepen zond 
hij naar Marseüle, Livomo. Barcelona en andere aan de 
Middellandsche zee lig^nde havens , om te vernemen , of 
ook aldaar koopvaarders waren, die den wil naar deze ge- 
westen hadden en ze in dat geval tot Mallaga te geleiden, 
waar zij andere oorlogsschepen van den Staat zouden ont- 
moeten. In Februarij 1785 begaf de Schout- bij -nacht zich 
in eigen persoon met bet fregat de Medea naar Uenua, op 
bet gerucht, dat de Keizer in die haven en te Llvorno sche- 
pen deed opkoopen, welke ter kaapvaart op den Nederland- 
schen handel zouden worden uitgerust, doch welk gerucht 
hij bevond ongegrond te zijn. Ëenige weken later verspreidde 
zich een ander gerucht , 't welk naar het scheen , meer ge- 
grond was dan het vorige , te weten , dat de oorlog tusschen 
Venetië en den Staat op het punt stond uit te breken , en 
dat reeds een Veiietiaansch eskader van negen linieschepen , 
zes fregatten en eenige kleinere vaartuigen had zee gekozen , 
't welk door een ander van gelijke sterkte stond gevolgd te 

I Bfj bróf TUI den Frioi t» 10 October 1784, door Z. H. den 11 diermunduii 
bet Seereat BevAgne vcm S. H. Xog. medegedeeld en door bstieliB goedgekeurd. 
Seer. Se*, ixm H. H. Xog. H Odobei 1T84. 



V Google 



88 UESCHIEDBNI8 VAN HET 

worden. Zoodra van kinsbergen deze tijding vernometi had , 
deelde bij die aan den Stadhouder mede, en ontvouwde 
daarbij, dat de magt. waarover hij het bevel voerde, on- 
voldoende was om aan de Veoetiaaen het hoofd te bieden ; 
welk voorstel zoo veef ingang vond, dat er aan vier schepen 
last gegeven werd, tich onmiddellijk naar de Middellandscbe 
zee tot versterking van het eskader te begeven. ' Gelukkig 
verwezenlijkte zich de vrees van eenen oorlog met Venetië 
niet, alhoewel de reeds zoo vele jaren hangende twisten 
geenszins bijgelegd werden. De versterking vao Let eskader 
was intusscheo niet onnuttig, daar van kinsbergen gebruik 
maakte van het vermeerderd getal zijner schepen , om de 
vlag van den S^aat voor verschillende, anderzins zeldzaam 
bezochte havens te vertoonen, en aldus de belangen van den 
handel en den eerbied voor het Gemeenebest te bevorderen. 
Gedurende het verdere verblijf van het eskader in de 
Middellandscbe zee viel er niets van bijzonder belang voor. 
Het voornaamste bestond hierin : dat aan den kapitein van 
EïNEVELD, met 'sLands schip Noord- Holland, opgedragen 
werd, den Baron van dedbh tot den gelder, benoemd 
gezant bij de Ottomannische Porte, met zijn gezin en ge- 
volg van Marseille naar Constantinopel over te brengen. Wat 
op dien togt voorviel ia elders vermeld. ' Vervolgens wer- 
den , eerst de Medea , kapitein vaillant , naar Tunis , daarna 
de Tijger, kapitein van bïlandt, naar Algiers, en einde- 
lijk, de Windkond, luitenant bloys van tresi^no, naar 
Tripoli gezonden, ten einde ook die Barbarijsche Staten de 
Nederl^ndsche vlag te doen zien, derwaarts geschenken of 
namens den Schout-bij-nacht mededeelingen over te bren- 
gen, en tevens de vriendschappelijke betrekkingen aan fe 
kweeken. Eindelijk geleidde de Schout-bij-nacbt, met den 



1 neis ichopsD warcn: de Jlhtmar vu 56 ilnickcn, kspiUin B[ciiiKB, de Aim- 
raal van Brakel, kapitein deltos , ile ^nkdt WMUntd, laitenint blots tan nu- 
LONO, en de kotter da Weip, kapitein THEODOiirs irideiie tan capelli. 

> In de msenmleD Termelde Raue naar de JRditUartdsulte xee » door den Ar- 
ciipel naar ConttantiuopoleH , door K. A. tak btmkteld. 



„Google 



NEDBRLANDSCBE ZEEWEZEN. b9 

•Tttpiter , de Jlhnaar , de Medea en de Wesp, in het laatst 
van Augustus en het begin van September des jaare 1785, 
den Koning en de Koningin van Napels bij hunnen pver- 
togt van Livomo naar de hoofdstad van faun rijk, werv/aarts 
zij iD groote staatsie vertrokken met een Napolitaansch es- 
kader, vergezeld van drie Engelsche fregatten en twee Mal- 
thezer galeijen. Vak kinsbergen meende die eer aan den 
Koning en de Koningin te moeten bewijzen , niet slechts 
vegens hunnen hoogeo rang, maar ook en wel voornamelijk, 
om daardoor de genegenheid van den Monarch voor den ' 
Staat meer en meer te winnen en tevens de belangen dea 
handels te bevorderen. Dat hij zijn oogmerk, althans gedeel- 
telijk, bereikte, blijkt daaruit, dat de Koning, ten bewijze 
zijner erkentenis en goedkeuring, aan van kinsbergen zijne 
met diamanten omzette beeldtenis ten geschenke gaf. ' Overi- 
gens hield de Schout-bij -nacht zich met zijnen gewonen ijver 
bezig , om waiineer de gelegenheid zich daartoe aanbood , 
voor den Nederlandschen handel zorg te dragen en alles 
gade te slaan en te onderzoeken, wat daarvoor nu of in 
het vervolg nuttig zou kunnen zijn. Te gelijk ging hij 
voort met het vlijtig oefenen zijner officferen en manschap- 
pen, liet tot dat einde door dezen verschillende manoeuvres 
verrigten , kusten en havens opnemen , en zond ze her- 
en derwaarts, om meerdere kennis te doen verkrijgen, en 
te gelijk den eerbied voor de vlag van den Staat te ver- 
meerderen. Den 16 Februarij 17S6 nam de Schout-bij-nacht, 
met den Jupiter , Noord- Holland, welk schip inmiddels uit 
Constantinopel was teruggekeerd, de Tijger, de Medea en 
de brik de Leeuw, die voor eeuigen tijd bij het eskader was 
aangekomen, de terugreis aan, blijvende de overige oorlogs- 



I De Sbutsraad k. c. van hall legt in het Lnen va» tm iiNaBiROEH, 1)1. 135 
(IS8 ran den 8d«i druk), "dat ds School - bg - nKcht , ilt liDord •■□ ita vtoot, dien 
(tatigen togt op cchb hem aigene en wurdige wfjze, dre (Qn Viderltnd eer anndeed, 
zdf beatnnrde," doch biervaa apreekt van KiiraDiRHEii in lyn Jownaal geen enkel 
woord, en faet is ook niet doikelQk, AtX hg in tegenwoordigheid thq den Koning bet 
havel sal geroerd bebben, om niet te i^^n, dat de Briteche kapiteinen lieh dMTSim 
zeker niet zonden hEhhen onderworpen. 



V Google 



90 OESCRIBDEN18 VAN HBT 

schepen, behalve de l'allas, die vroeger was wedergekeerd,' 
in de Middellandscfae zee. ' 

De opvolger in het opperbevel vaD het ^kader, dat io 
de Middellacdsche zee zou vertoeven , was de kapitein ivs- 
TU8 BOOT, dezelfde, die gedurende den Engelschen oorlog 
het gebied over 's Lands schepen te Curacao gevoerd en veel 
tot behoud van die belangrijke volkplanting toegebragt had. ' 
Deze was reeds eenige weken vóór het vertrek van tan 
KiNsBBRGEN, met ziju scMp Overijssel van GH stukken, te 
'X'oulon aangekomen , en had het opperbevel van den Schout- 
bij-nacht overgenomen. Het eskader, dat onder zijne beve- 
len gesteld werd, was, voornamelijk wegens het bijleggen 
der geschillen met den Keizer, zwakker dan de beide vorige, 
en bestond behalve uit den Overijssel, uit drie schepen van 
5Ü, één fregat van 34 stukken, eene brigantijn en twee 
kotters. * 

Gedurende tien maanden voerde kapitein boot het bevel 
over dit eskader. Daar ook nu, even als in den laatsten tijd 
onder van kinsbergen, overal diepe rust bleef heerscfaen, 
bepaalden zich zijne verrigtingen tot het beschermen van 
den handel, het vertoonen der vlag in verschillende havens 
en het overbrengen van geschenken aan , en het bevestigen 
der betrekkingen met de Barbarijsche Mogendheden. Hij 
zelf begaf zich, met zijn schip de Overijssel en de brigan- 



■ Dit aehip, gmoerd door deo kijiitein tin kinsbebobn, hid mactMi teruggeroepen 
worden, omdat de AdminUtcit van Vriftiland, kbd irie het ïshoorde, bii[teii stutwu, 
hflt Isiiger te ondcrboDileii. IM Schoittby-nacfat bad t« Tonlan uitaigeDB mïddeteii ifj""' 
broeder moeten oDdenleaacn, om zijn toIIi i»n hongsr niet ta doen omkonjen ; nra 
groot was de verwarring en uitpattiog b(j dia Admiraliteit. 

- Het verbaal van dezen togl it voorn imetijk ootleand uit bet oorapmnlcelyke op 
'■ Rijke -Arebief beruttende, hoogit belangryke en reedi vroeger vermeide Joanutai «f 
Verhaal Tan tin kchsbehoeK; ciit zijne brieveo aan den Oiiffiec tui H. H. Mog. 
en uit da msemuüen aaugebaalde Reizen Tin DS jobq en raH btkbtels. 

1 Zie D. IV, bl. 468. 

4 Te wetm: de Bataeier en Alkmaar Tan 50, de Bralctl van se atnkken, kapi- 
teinen bfeholbr, riciim en deltds, laUr na het orerlQdeD van dkltdi, kapitan 
I. A. BLOis TAN TRESLOüa, de Arand van £4 atnUcen, kapitein hasbchop, de bh- 
gant^n de Wynihoiti, luitenant, daarna kapitein, c. t. blotb tak TBxabona, en de 
kotiers dt Weip en de Brak, kapitetnen PALk en dk jono. 



1, Google 



NKDBRT.ANDSCBE ZEKWEZEN. 91 

tijn de Jf'tjtd&otui , in het begin van Maart 1786 oaar Mal- 
tba, om den Grootmeester namens de Algemeene Statea 
te begroeten en hem een geschenk aan te bieden. Kort 
daarDa vertrokken de Batavier en de Arend oaar Algiers, 
Tanis en Tripoli , om de gewone geschenken over te bren- 
gen , naar welke laatste stad de Batavier en de Jlkmaar 
nogmaals werden gezonden, om eenige moeijelijkheden te 
vereffenen. De kapiteinen, die deze schepen voerden, ont- 
vingen duidelijke bewijzen der vredelievende gezindheid van 
deze drie Roofstaten , waartoe de tegenwoordigheid der zee- 
magt. die de Staat sinds eenige jaren in de Middellandsche 
zee onderhield , en de geschenken , die telkens door haar 
werden overgebragt, niet weinig medewerkten. Voorts wer- 
den door den kapitein boot eenige van zijne oorlogsschepen 
naar Genua. Livorno, Cagliari, Napels en Marseille gezon- 
den, om bescherming aan den Nederlandschen handel aan 
te bieden , terwijl hij , ingevolge zijne voorschriften , van elke 
gunstige gelegenheid gebruik maakte, om door zijne onder- 
hebbende schepen manoeuvres te doen verrigten en spiegel- 
gevechten te doen houden. 

' Met deze verrigtingen verliep zijn tijd van verblijf in de 
Middellandsche zee. Den 6 December des jaars 1786 kwam 
de kapitein pietek mbi.vill met een. ander eskader tot zijne 
aflossing opdagen, aan wien boot het bevel overgaf. Zeven 
dagen later verliet hij met al de onder hem staande sche- 
pen, uitgenomen de Weap en de .Brak , .Toxüon , en keerde 
terug naar bet Vaderland , waar bij , na op de reede van 
Mallaga door eenen hevigen storm met zijn schip Overijssel 
in groot gevaar geweest te zijn, in Maart des volgenden 
jaars behouden aankwam. ' 



1 Het verbMl ia antlnud att het op bat Bg ka -Archief bern«tcnde oonpronkelj; 
Sapport of Journaal ru ita kipïtcin iustus boot, iMjnu tijne reit 
JfuiL»f ower '> I-aad* eitadtr ia dt Midd^lUmdtcha iet , begiuiieitde mat dtn 4 JVri 
I78fi M* eimdigde ep dtn 12 Maart I78T, en uit ifins brieven un den Griffier ran 
H. H. Alog. Vei^lyk ook de Derde Beiie •oor de JUiddeUandtcie tee, door c. db 
lOtlo , ai* kapitein ierieeiet ietiel voerende over 'i LaaJi iatler de Sralc , 1° Drci. 



1, Google 



UZ GESCHIEDENIS VAN HET» 

Bij de komst van den kapitein boot verkeerde het Vader- 
land in eenen zeer betreurenawaardigen toestand: de inwen- 
dige twisten , die reeds sedert zoo vele jaren hadden gewoed , 
waren tbans tot zulk eene hoogte geklommen, dat eene 
' groote menigte ingezetenen de wapenen had opgevat, eu 
biirgerbenden het land doorkruisten. Bijkans overal heerschte 
regeringloosheid. De magt en het gezag der Algemeene Staten 
en van den Stadhouder werden miskend en versmaad. De 
provinciën hielden in der daad op Bondgenooten te zijn , 
en stonden vijandig tegen 'elkander over. In Gelderland, 
dat met eenige andere provinciën de zijde van den Prins, 
die met zijn geslacht reeds vóór geriiimen tijd 's Gravenbage 
had verlaten, gekozen had, werd eene legermagt tegen Hol- 
land en Utrecht bijeen getrokken. In beide die provinciën 
werden aiie krachten ingespannen , om aan deze tegeruiagt 
tegenstand te bieden, waartoe door de Staten van Holland 
eene Commissie benoemd was, die te Woerden haren zetel 
had gevestigd , en aan welke eene bijkans onbeperkte magt , 
tot het aanwenden van middelen ter verdediging was opge- 
dragen. Naar het voorbeeld van deze, was door de Regering 
van Amsterdam eene dergelijke Commissie aangesteld, om 
voor de veiligheid dier stad in het bijzonder zorg te dragen, 
en aan welke mede een ruim gezag was toegekend. 

Het WR8 wel niet mogelijk, dat het zeewezen, te midden 
van Kulk eene tweedragt en van zoo zware beroerten , niet 
min of meer het nadeelige daarvan ondervond , en dat geen 
der zeeothcieren daaraan deel nam. Niet slechts dacht geen 
mensch onder de tegenwoordige omstandigheden aan de ver- 
wezenlijking der groote plannen tot verbetering der zeemagt, 
voor weinige jaren zoo luide gevorderd en met zoo veel drift 
doorgedrongen, maar men betwistte zelfs den Stadhouder 
de magt, welke hij en zijne voorzaten, in hoedanigheid van 
Admiraal-Generaal, tot dua verre hadden uitgeoefend. Wat 
meer is, het waa bij de tegenwoordige beroerten zeer be- 
zwaarlijk , in de gewone behoeften der zeemagt te voor- 
zien, ja sommige provinciën onttrokken zich daaraan open- 



V Google 



N£D2KI.ANDSÜilE ZEBWEZBN. !>3 

lijk. ' Het gevolg hiervan was, dat de Admiraliteiten, reeds 
door de nalatigheid en traagheid der BoDdgeoooten in moeije- 
lijken toestand verkeerende, thans naauwelijks zich de mid- 
delen wisten te verschaffen voor het hoog noodige en onmisbare. 
Dan dit was niet de eenige uitwerking der burgertwisten 
op het zeewezen. Er badden daarbij voorvallen plaats, welke 
de kenteekencQ dea tijds droegen, en die uit de omstandig- 
heden , waarin het Vaderland verkeerde , voortvloeiden. 

Door de Woerdensche Commissie van Defensie waren 
velerlei maatregelen genomen , om Holland en de stad Utrecht 
van de landzijde in staat van verdediging te stellen tegen 
den aanval, welken men van den Gelderschen kant verwachtte. 
Dat voorbeeld werd gevolgd door de te Amsterdam geves- 
tigde Commissie , aan welke de verdediging dier stad in het 
bijzonder was opgedragen. Ban nu meenden beide Commis- 
sien , dat er ook middelen bij de hand moesten genomen 
worden, om Holland en Utrecht en bepaaldelijk Amsterdam, 
V8D de zijde der rivieren en van de Zuiderzee te beveiligen, 
en tevens, om allen aanvoer aan den vijand te beletten, en 
tegen verraad en overval te waken. Ër werden dus maatrege- 
len genomen om, gelijk men dit noemde, in de Zee-Jmiade* 
te voorzien. Te dien einde werden, op last der eerstgenoemde 
Commissie, ettelijke gewapende vaartuigen uitgerust, die, 
gelijk in tijden van oorlog, op de voornaamste punten der 
Hollandsehe rivieren post vattcden en aldaar als uitleggers 
dienden. Diezelfde Commissie droeg aan* de Gecommitteerde 
Raden van het Noorderkwartier op , de noodige schepen gereed 
te doen maken , om op de Zuiderzee en elders werkzaam 
te zijn , en vertrouwde het bevel over die vaartuigen aan den 
zeekapitein adriaan braak. * De Amsterdamsche Commissie, 



■ Zoo baitdsD de StatcD tbd Geldsrlsod, by ReiolDtie vin S September 17SS, ge- 
kit "om bQ pTDiritie met de beUling lan de uken t>d de Me «til te Etun." ZieliDn- 
DBD brier aan H. H. Mog. tan 28 Oolober 1T8T , in d« £w. van H. U. Mog. nu 
i Hovenihci Tao dat Jaar. 

: Zie MiMMive van B. dlok ia de Bei. van JToüand, 15 NoTember 1TS7. 

s Zie de fermelde JltUtic* van blok. 



1, Google 



94 QESCUIBDÏNI8 VAN HET 

van hare zijde, zoud met overleg der Commissie te Woer- 
den, in het begin van Junij des jaars 1787, twee gewapende 
kagen en twee jagten , ieder met 35 koppen bemand , onder 
bet bevel vao den Schout van bet Watergeregt, naar de 
Zuiderzee, om het vervoer van oorlogsbehoeften en volk, 
dat vao de eene 'naar de andere plaats mogt ondernomen 
worden, te beletten. Bij deze voegden zich nog andere ge- 
wapende vaartuigen , met name een onder den luitenant ter 
zee MOLENAAR, en een tweede, de kotter de Hector , ge- 
voerd door den kapitein tet zee paulus hbndrie van pelt, 
aan wien tevens het gebied over al de op de Zuiderzee 
kruisende Amsterdamsche gewapende vaartuigen opgedragen 
en de titel verleend werd van Opperbevelhebber der Navale 
magt van Hun Edel Groot Mogenden, de Heeren Staten 
van Holland en West vriesland. Kort daarna werd hun getal 
nog vermeerderd met twee kanonneerbooten , die de Amster- 
damsche Commissie van de in die stad gevestigde Admiraliteit 
had opgevorderd, onder voorgeven, dat deze, even als in 
vroegere moeijelijke tijden, enkel tot verdediging der stad 
en der eigendommen van de Admiraliteit souden dienen. 
Deze gewapende vaartuigen, bijzonder die op de Zuiderzee, 
ofschoon zonder voorweten, veel min met toestemming der 
Algemeene Staten of van den Adi^iraal-Generaal , als hoofd 
van 's Lands zeemagt , in dienst gesteld , voerden desniette- 
genstaande de vlag, den wimpel en de geus van den Staat, 
en wat nog erger was , pleegden menigerlei daad van geweld , 
waardoor geene geringe belemmeringen aan de handeldrij- 
vende ingezetenen werden berokkend. Zij ontzagen zich niet, 
op de jagten van den Raad van State en der Staten van 
Gelderland en Vriesland , alhoewel met 's Lands vlag of met 
die der provincie waar zij te huis behoorden , prijkende , 
met scherp te schieten , ze Le doen bijdraaijen en door ge- 
wapende manschappen te doen onderzoeken. De rivier de 
Eems werd door deze vaartuigen bezet en de Zuiderzee on- 
veÜig gemaakt. Geen schip kon voorbijzeilen zonder te wor- 
den aangehouden en doorzocht; uit eenige werden brieven, 



V Google 



NKDERLANDSCHE ZËBWEZEN. 95 

krijgsbehoefleD en ook goedereo van bijzondere personen 
geligt ; sommige opgebragt. En dat alles ging gepaard met 
zulk een getier, zoo vele bedreigingen en zoodanige geweld- 
dadigheid, dat deze daden den schijn hadden, niet door 
NederlaDders tegen Nederlanders, maar door vijanden tegen 
vijanden geptee^ te worden. ' Is het wonder, dat over deze 
handelwijs ongerastheid in de overige gewesten, en bij de 
andersdenkenden een hevig misnoegen ontstond? De Stad- 
houder , benevens de Staten van Gelderland , Utrecht en 
Vriesland hieven luide klagten aan over de gewelddadighe- 
den , door de üollandsche gewapende vaartuigen gepleegd , 
en bragten sterke vertoogen tegen de miskenning van het 
wettig gezag en het misbruik van 's lands vlag bij de ver- 
gadering van Hunne Hoog Magenden in; ja twee dier ge- 
westen * bestempelden de verrigtingen van deze gewapende 
vaartoigen openlijk met den naam van Zeerooverij. De Staten 
van Zeeland gingen verder. Ziende wat in Holland gebeurde , 
en vreezende dat uit dat gewest gewapende manschappen, 
't zij burgers 't zij krijgslieden, in hunne provincie zouden 
binnentrekken; maar vooral bekommerd over de gewapende 
schepen , die in de Maas , de Kil en het Haringvliet lagen , 
en alle naar Zeeland komende vaartuigen aanhielden , onder- 
zochten en zelfs uit sommige goederen ligtten , gaven niet 
alleen een bevelschrift uit tegen het intrekken van zoodanige 
manschappen, maar gelastten bovendien de te Middelburg 
gevestigde Admiraliteit, onmiddellijk eenige ligt gewapende 
schepen uit te rusten en op geschikte plaatsen post te doen 
vatten , om een wakend oog te houden , Zeeland tegen eenen 
overval te beschermen, en den handel en de scheepvaart 
hunner ingezetenen te beveiligen. ' 



■ Zie Toonl den brief der Radeo da FursteDdomi Oelre, gciebreven dan SS Jnly 
17ST, vermeld m de Bti. der Slattn-Oentraal 3 Augmtiu 1787, eo in de JUi.va» 
XeUoMd TUI deieUde dagtaelteBing, (raarby de dairtoe behoORnde BfjUgen ook goTiHi- 
den worden. 

' GeldeiUnd en Utrecht. 

> PaUieatie dn Staten ttm ZeeUnd nn dea 12 Jnlfj 1787, De verdere bfjionderhe- 



V Google 



96 OSSCUlEUJiNiS VAN UEI 

Terwijl men aldua te Amsterdam eo elders eigendunkeiijk 
te werk giag , vond een bevel , door den Prins , als Adnuraal- 
Generast uitgevaardigd, sterke tegenkanting en vervrekte zelfa 
opschudding. Er lagen namelijk te dezen tijde zeïlree twee 
oorlogüscliepen op de reede van Texel en even zooveel in het 
Vlie , te weten , het fregat Medemblik en de kotter de Sala- 
mander , bet fregat de Polios en de kotter de Snelheid, ge- 
voerd door de kapiteinen dkcker, tcllskem en bodricjos, 
benevens den Initenant uinxt. De Prins, vernomen hebbende 
wat et op de Zuiderzee omging, zond bevel aan deze zee- 
officieren, niet zonder naderen last zee te kiezen, gevende 
daarvan kennis aan üunne Hoog Mogenden, met bijvoeging, 
dat bij zulks gedaan had, om Hunne Hoog Mogenden in 
staat te stellen , uit die schepen , welke te diep gingen om 
zelve gebruikt te worden, spoedig te kunnen bemannen de 
vaartuigen, die zij zouden gelieven te doen uitrusten tot 
beveiliging van den handel en de vrije vaart op de Zuiderzee. ' 

Zoodra dit bevel en deze mededeeling waren bekend ge- 
worden, en zich bovendien het gerucht verspreid had, dat 
deze zeeotficieren den last badden bekomen , alle gewapende 
vaartuigen der Woerdensche en Amsterdamsche Commissien 
van Defensie aan te houden en des noods in den grond te 
boren , namen de Afgevaardigden der stad Kotterdam , of- 
schoon dat gerucht door niets bevestigd werd , daaruit aan- 
leiding, om het aan de vergadering der Staten van Holland 
mede te deelen, en voor te stellen, aan de drie binnen de 
provincie gevestigde Admiraliteiten te gelasten, niet te ge- 
doogen , dat hare schepen , vaartuigen , geschut en wat dies 
meer ware , door den Admiraal-Generaal , regtstreeks of zijde- 
ling, anders zouden worden gebruikt dan tot bescherming 
van den handel en de zeevaart der ingezetenen van deze 
Gewesten buiten 'sLands, op straffe, dat de Staten geene 

diD zija ontleend nit wneu omataodigea brief der Adminliteit y»a Zeeluiil au H. \L. 
Hog. Tin 27 Angnstns 1787 ea daartc» hehoorenile Bylageo, 

' Minuut van den brier veq den Prinu lan den Advocaat- Fiscaal tin iikb boof, 
ran 12 Jolü 17S7, berasteade in 's Koninga Uuia-Arobief. 



vGoo^I. 



NEDEKLANDSCBS ZEEWEZEN. 97 

betaling zoaden doeo aan zoodanige ofBcteren , die zich in 
eenige binDealanitscbe geschillen zouden laten gebruiken, en 
de goederen der drie Hollandsche Collegien in beslag zouden ge- 
nomen worden, indien onverhoopt aan deze bevelen niet wierd 
voldaan. ' Alhoewel zoodanige voordragt, alleen op een los 
gerucht gegrond, en gedaan in een oogenblik, dat onder- 
scheidene Lands vaartuigen op de rivieren den handel en 
het verkeer der ingezetenen belemmerden , als zeer zonderling 
mag beschouwd worden , en de naauwkeurigheid der berigten , 
waaruit die voordragt was voortgevloeid , door de leden , die 
met het onderzoek dezer voordragt belaat waren geworden, 
zelfs in twijfel getrokken werd , weerhield zulks echter de 
Staten van Holland niet, reeds des anderendaags het voor- 
stel der Afgevaardigden van de stad Rotterdam goed te keuren 
en aan te nemen, met bijvoeging van den last aan de Admi- 
raliteiten van Amsterdam en het Noorderkwartier, onder wie 
de ter reede van Texel en het Vlie liggende oorlogsschepen 
behoorden , zorg te dragen , dat hare schepen . die bestemd 
waren om nit te loopen , ten spoedigste zee zouden kiezen. ' 
Gelijk van vroege tijden af het zeevolk aan de Prinsen 
van Oranje gehecht was en vele zeeotticieren in dat gevoelen 
deelden , was dit thans wederom het gevat. Die gehechtheid , 
bijzonder der zeeofficieren , was te dezen tijde zeer toegeno- 
men door de verdenking welke tegen hen waren gerezen , door 
de beschuldigingen die tegen hen ingebragt, en de vergui- 
zingen die bijna dagelijks in openbare geschriften hun in- 
gedaan werden. Het geheele corps zeeofficieren, met uitzon- 
dering van twee of drie kapitein^n en ettelijke luitenants, 
die zich in dienst der tegenpartij begaven , had zich uit dien 
hoofde openlijk geschaard aan de zijde van de Stadhouders- 
gezinden , en allen die tot bet zeewezen behoorden , zagen met 
weemoed en verbittering de omstandigheden waarin het Vader- 
land thans verkeerde, en wenschten niets vuriger dan dat 



b(. „at, Bolla»d 17 Jalij IT8T. 
Iti. tan SoOaitd iS Jaljj 1T8T. 

V. 



V Google 



öö QBSCH1EDKN13 VAN UET 

eene tegen-omwenteling den Prins in zijne aloude waardig- 
heden mogt herstellen. Velen waren echter buiten 'slands, 
en de meeste overigen hielden zich atil, den loop der ge- 
beurtenissen afwachtende. Enkelen nogtans konden in hun- 
nen zeemansboezem de gevoeteos waarmede zij bezield waren , 
niet smoren, en deden dit op eene wijs, die niet van ou- 
voorzigtigheid was vrij te pleiten en hun vele onaangenaam- 
heden berokkende. Dit was met name het geval met de 
reeds genoemde kapiteinen decker en tdi.i.eken, die met 
hunne schepen op de reede van Texel lagen. 

Deze beide officieren , vurige aanhangers van den Frins 
en het Huis van Oranje , verbolgen over het leed , dien Vorst 
en zijn geslacht aangedaan, in gramschap ontstoken over 
het gedrag der zeeotücieren die thans de Zuiderzee met ge- 
wapende vaartuigen doorkruisten , en tevens , naar het schijnt, 
opgewonden door den juist ontvangen last van den Admi- 
raal-Generaal , om .vooreerst niet naar zee te zeilen, hadden 
in eene der herbergen aan den Helder, gelijk zij later be- 
weerden, onder alkander, als vrienden, doch in tegenwoor- 
digheid van eenige ingezetenen die daarvan eeu kwaad gebruik 
maakten, zich hevig voor den Prins en tegen de zooge- 
naamde Patrioten uitgelaten, en daarbij, vooral tullekbn, 
zich menig woord op zeemanswijs laten ontvallen, dat in 
de tegenwoordige omstandigheden beter ware gezwegen ge- 
weest. Zoodra de Gecommitteerde Raden van het Noordei"- 
kwartier, die meerendeela tegen den Stadhouder gestemd 
waren, zulks vernamen, werden eenige leden uit hun mid- 
den, vergezeld van een bende ruiters, naar den Helder 
gezonden, die beide kapiteinen, tcllbken niet zonder 
hevigen tegenstand, als rustverstoorders en oproermakers , 
in hechtenis namen, gelijk mede den luitenant ter zee £qi- 
Dius VAN BKA.AM, die op boogen toon het ontslag van zijnen 
bevelhebber, den kapitein tulleken, zou hebben komen 
vorderen. ' Deze handelwijs van Gecommitteerde Raden werd 

1 Zie het gmiUndig verslag txd dit gebaurde, evrairet niet uapirtijdig, in den brieT 



1, Google 



NEDBRLANDSCUEZEEWEZBN, 99 

door de meerderheid dei Staten vau Holland oamiddellijk 
goedgekeurd, en aan de Admiraliteiten van Amsterdam en 
het Noorderkwartier, waaronder de kapiteinea deckeb en 
TUI.T.EKEN behoorden , gelast , den kotter de Salamander en 
het fregat Medemhlik ten spoedigste van andere bevelhebbers 
te voorzien , en beide schepen zoodra mogelijk zee te doen 
kiezen , terwijl aan de Gecommitteerde Raden opgedragen 
werd de voortzetting der reeds aangevangene regtsvervolging 
tegen de in hechtenis genomen zeeotticieren. ' Dien ten ge- 
volge werden andere bevelhebbers voor die beide schepen 
benoemd en kozen zij weldra zee. De drie zeeofficieren wer- 
gevankeUjk naar Hoorn gevoerd, waar de kapitein decker 
en de luitenant van braau wel voorloopig op vrije voeten 
werden gesteld, doch onder voorbehoud, steeds nader ter 
verantwoording te kunnen worden opgeroepen, en onder 
verpligting, zich niet buiten eene der drie Westvhesche 
steden te mogen begeven. De kapitein Tni.iiBKEN daarentegen 
bleef buiten toegang in hechtenis tot na de omwenteling ^in 
September 1787, en zelfs de zware eisch, niettegenstaande 
hij steeds volhield onschuldig te zijn, werd tegen hem ge- 
daan, om uit 'sLands dienst ontzet, daartoe onbekwaam 
verklaard , gedurende vijf jaren gevangen gehouden en eeuwig 
verbannen te worden, met betaling van alle kosten. Doch 
naauwelijks had de omwenteling plaats gevonden , of hij werd 
op verzoek zijner moeder en aandrang der Afgevaardigden 
van de stad Hoorn, door de Staten van Holland kost- en 
schadeloos ontslagen en van alle vervolging ter zake waarom 
hij in hechtenis genomen was , bevrijd. ' Een dergelijk besluit 
werd , op voorstel derzelfde Afgevaardigden , omtrent de twee 
andere officieren , oecker en van braah genomen , waarbij 



Tin Gccoiomitteerdi Raden Tin het Noordcrkwirüsr, TnMoraendB in de JE#(. tKM 
BMamd TU 20 Jnlg 17S7. 

I Seê. tan SoUaad 21 Jolg 1781. 

* Zie bet requeat Tin igne moeder en bet diarop genDmen beilnit der Stiteo in da 
Sei. vam SoUand 26 September 17ST. In dat reqoett beneerde il{ne moeder, dit 
hetgeen bij gezegd hid , illeeatDMcbeu goede vrienden geiehied, terdnaiden lergrnotwu. 

7« 



1, Google 



100 OESCUIEDKNIS VAN HET 

teveoa het vonnis dat tegen lien gewezen was, vernietigd werd- ' 
2kio lang de burgertwisten aanhielden , duurde ook bet 
bezetten der Holiandsche rivieren en van de Zuiderzee met 
gewapende vaartuigen, nam men zelfa maatregelen om hun 
getal te vermeerderen , en bleven die vaartuigen voortgaaD , 
met allerlei overlast den ingezetenen aan te doen. Naauwe- 
lijks echter was eene Pruissische legensagt tot herstel vao de 
voormalige orde van zaken binnen het Vaderland gerukt en 
de daardoor bewerkte omwenteling tot stand gekomen , of 
de tot dus verre vruchtelooze , doch nu hernieuwde bevelen 
der Algemeene Staten , waarbij de Staten van Holland de 
hunne thans ook voegden, om de gewapende uitleggers, 
kanonneerbooten en andere dergelijke vaartuigen onverwijld 
te stellen onder de bevelen der Admiraliteit waaronder zij 
zich bevonden,* hadden de gewenschte uitwerking, behalve 
omtrent de vaartuigen die te Amsterdam te huis behoorden , 
daar deze stad nog eenigen tijd volhield zich te verdedigen. 
De Admiraliteit van de Maze vaardigde dadelijk den I&st 
uit aan de gezagvoerders van alle binnen haar distrikt lig- 
gende gewapende vaartuigen, de vroegere bevelen, van wel- 
ken aard ook, aan te merken als vervallen en ingetrokken, 
geen onderzoek of wachtschoten meer te doen, hunne man- 
schappen binnnen scheepsboord te houden , en eene strenge 
krijgstucht te handhaven; dragende aan den kapitein van 
voLBBBOEN op, alles wat mogelijk was aan te wenden tot 
redding en bewaring dier vaartuigen, en van de zich daarin 
bevindende Landa goederen. Voor de meeste kwamen nog- 
tans deze bevelen te laat, daar drie door de Fruissen ge- 
nomen en als goede oorlogsbuit verkocht, en andere door 
bet volk verlaten , in den grond geboord of verbrand waren , 
zoodat er slechts één of twee ter naauwernood aan een der- 
gelijk lot ontsni^eff. ' 

I By Met. HM Jlvüand 26 S«pt. 1T8T , mwriu d« voontngt Tan Hoon te Tinden i*. 
1 Bei. van HóOand IS September 17ST. 

' Zie de brieven der Admirelileit van de Maze aan de SlaUn van Holland, «mi 21 
ea 25 September 1T8T, in de Br: ra» HoUand Tan 24 en 86 September b. a. 



V Google 



IfEUBRLANDSCHE ZEEWBZEN. 101 

De Admiraliteit van Amsterdam, door de omstaudigbeden 
gedwongen, had, zoo als gezegd is, aan de Commissie tot 
Defensie dier stad afgestaan twee kanonneerbooten , uitsluitend 
Ier verdediging, gelijk zij meende, van Amsterdam. Zoodra 
er echter klagten waren ingekomen over het misbruik dat van 
die vaartuigeD gemaakt werd, had zij deze schepen op her- 
haald bevel van Hunne Hoog Mogenden teruggevorderd en 
den kapitein van pelt , den luitenant molenaar en nog 
eenige andere jonge zeeofficiercn , die uit den dienst der 
Admiraliteit tot dieo der Commissie van bet Defensiewezen 
overgegaan waren, ter verani woording opontboden. Dan de 
Conimissie wees de teruggave der beide schepen van de hand, 
en de zeeofticieren , onder voorwendsel dat zij geen twee 
heeren konden dienen, weigerden de bevelen der Admirali- 
teit te gehoorzamen. De nadere bevelen van de Algemeene 
Staten vonden geen meerderen ingang, evenmin als de last, 
door de Staten vaa Plolland na het herstel van het gezag 
des Stadhouders' uitgevaardigd. Integendeel, de gewapende 
vaartuigen bleven niet alleen in de Zuiderzee kruisen onder 
dezelfde officieren die ze tot nu toe gevoerd badden, maar 
naar mate de aantogt der Fruissische legermagt den toestand 
van Amsterdam bedenkelijker maakte, namen ook de vorde- 
ringen der Stedelijke Regering en der Commissie van het 
Defensiewezen toe. Zij eiscbten van de Admiraliteit meerdere 
vaartuigen, en drongen er op aan, dat door haar onmiddel- 
lijk twintig stukken geschut, eene groote menigte bommen 
en kogels , een aanzienlijk getal snaphanen , sabels , pistolen 
en andere wapenen en behoeften zouden worden afgegeven, 
onder bedreiging, dat indien door haar niet zonder uitstel 
aan deze vorderingen voldaan wierd, zij zich van die be- 
noodigdbeden met geweld zouden meester maken, waartoe 
reeds vlotschuiten met manschappen voor 's Lands werf gereed 
lagen , en de gewapende burgers , die zich sinds eenigen tijd 
ia 'sLands Magazijn gelegerd hadden, vermoedelijk de hand 



3 Op dra 18 Septemiwi ITST. 



V Google 



102 GE8RH1EDENIB VAN HET 

zouden leenea. Wat stood aaa de Admiraliteit bij zulke be- 
dreigingen te doen ? Willigde zij de gedane vorderingen io , 
zij laadde eene groote verantwoordelijkheid op zich , en wie 
verzekerde, dat de gedane eischeo door geene meerdere en 
, belangrijker zouden gevolgd woixlen ? Weigerde zij , daaren- 
tegen , aan de vorderingen , op zulk eene wijs gedaan , geboor 
te geven, dan stelde zij de kostbare bezittingen, haar toe- 
vertrouwd, aan plundering en berooving bloot; ja, wat meer 
is, haar tegenkanting kon het sein worden tot het oproer, 
waarmede de zoo verdeelde Btad sinds lang bedreigd werd. 
De Admiraliteit koos wijsselijk den middelweg. Buiten staat 
het kwaad te beletten, gelastte zij hare ondergeschikten, aan 
de Commissie van Defensie af te geven al hetgeen door haar 
gevorderd was, doch voegde tevens daarbij de verklaring, 
dat zij zulks alleen deed door geweld , en de gevolgen daarvan 
geheel Jiet voor degenen , die de vorderingen gedaan badden. ' 
De bewerkers dezer maatregelen bereikten dus hun oogmerk, 
maar de vruchten die zij daarmede beoogden, plukten zij 
niet, daar Amsterdam weinig tijds daarna een verdrag sloot 
met den Hertog v&n brcnswijk, Opperbevelhebber van bet 
Fruissische leger, en zich al de door de overige leden van 
Holland genomen besluiten omtrent den Stadhouder eo het 
herstel der vorige orde van zaken liet welgevallen, waar- 
mede het aanwenden van verdedigingsmiddelen van zelf op- 
hield. Dien ten gevolge werden degewapende vaartuigen, het 
meerendeel van het geschut, de wapens en andere oorlogs- 
behoeften aan de Admiraliteit teruggegeven. * Wat betreft 
de zeeoificieren , zoo van dit als de andere Collegien , die ia 
dienst der beide Commissien van Defensie geweest waren , 
deze keerden niet weder, maar de meeste bunner, waaronder 
ook de toenmalige luitenant en later vermaard geworden Bataaf- 
sche Admiraal jan willeh de winter , verlieten het Vaderland 

I Al de ditrtoe betickluijke briereB dsr Adminlitait van Amitirdan an vardar dairbtl 
beboarsDde stokken x{|n ts liadBD in de Bet. van SoUand van U m 26 September 
1T8T. Be Admiraliteit lohreef dergelijke briereii aaa U. H. Uog. 

' Sei ta» M. S. Mog. en van MóOaitd Tin 17 October I78T. 



V Google 



NEDERI.ANDSCHE ZEEWEZKM. 103 

en' namen naar Braband of Frankrijk de wijk. l)e vrees voor ecne 
geregtelijke vervolging bewoog deze zeeoiScieren tot dien stap. 
Ër was, namelijk, door Hunne Hoog Mogenden, opvoer- 
dragt der Afgevaardigden van de provincie Zeeland , kort na 
het herstel der voormalige orde van zaken , ' aan de ver- 
schillende Admiraliteiten gelast . ten spoedigste op te geven , 
of er , en welke ofBciereo van hare CoUegien zich bevonden , die 
buiten de toestemming der Admiraliteit of van Zijne Hoogheid , 
als Admiraal-Generaal, in dienst waren getreden of gebleven 
van anderen , en , nadat aan dien last voldaan was , werd aan 
voornoemde Collegien opgedragen , ' omtrent het gedrag van 
al de officieren die in dat geval geweest en over wie ernstige 
klagten gerezen waren, door de Fiscalen der Collegien een 
onderzoek te doen aanvangen en tegen degenen , die bij dat 
onderzoek zouden kannen worden bevonden vermoedelijk 
schuldig te zijn , een geregtelijke vervolging te doen instellen , 
en van den uitslag daarvan aan Hunne Hoog Mogenden 
berigt te geven. Tegen drie kapiteinen ter zee die uitgeweken 
waren , werd zoodanige regtavervolging ingesteld en over hen 
door de Admiraliteit van Amsterdam vonnissen gewezen, te 
weten, de kapiteinen jan sei^, adriaan braak en paulus 
HENDBiK VAN PELT. De cersto werd onschuldig verklaard en 
van de tegen hem ingebragte beschuldigingen vrijgesproken , 
doch veroordeeld in de kosten wegens zijn niet verschijnen 
voor den regter. * De beide. laatste daarentegen , werden van 
hunne betrekkingen ontzet, onbekwaam verklaard den Lande 
in eenige hoedanigheid te dienen, verbannen uit de zeven 
provinciën, braak voor den tijd van tien, van pelt voor 
den tijd van vijftien jaren , en beiden veroordeeld in de kosten. * 



I Bf JCra. J. M. Mog. 28 Septamber 17BT. 

> BQ Sm. M. B. Mog. SB Ootobei 1787. 

I Sbu )nA een oogmblik lish tta diD dienit dw Commiuia lu het IMcDiicwcian 
nt^aaAta , dooh kort durap durvooi beduikt. 

* iBgekonm brief der Adminlitcit Tin AmaterdUD bQ H. H. Mog. E Mei 1789, 
net de ToiiDiiKa ■!• B(jligen. Bitii wig deztlfde kmpitein, die Drer hel acliip tfefi-/- 
priu in den MMlig vin Doggeribank het berel geroerd bid. Ni 1790 werd b|) tot 
Viee-Adminal verhsvFD en atierf in de Wcttindii. 



„Google 



104 GESCHIEDENIS VAN HET 

Voor ZOO verre ons bekeod is geworden ,. werdefl geene ge- 
regtelijke vervolgiugen ingesteld tegeo de luiteDaDts ter zee 
die zich in dienst der Commissien van Defensie badden be- 
geven, en wel, naar het schijnt, om deze reden, dat de 
zeeoSiciereQ beneden den rang van kapitein door geenen eed 
aan de Generaliteit waren verbonden, en dua de voornoemde 
luitenanta , met den overgang tot den dienst der Commissien 
van Defensie, in zeker opzigt konden geacht worden noch 
tegen de Algemeene Staten, noch tegen den Stadhouder, 
als Admiraal'Generaal, aan wie het zeewezeii onderworpen 
was , regtstreeks te hebben misdaan. ' Voorzeker eene zonder- 
linge verhouding, die verklaard moet worden uit het weinig 
aanzien dat m vroegere tijden en nog te dezen tijde aan den 
rang van luitenant ter zee verbonden was, en aan de on- 
vastheid, welke die betrekking thans nog grootendeels aan- 
kleefde. 

Het gebeurde bij het zeewezen gedurende de burgertwisten 
had , behalve voor de beide vermelde kapiteins , nog een nood- 
lottig gevolg voor een' zeer aanzienlijk ambtenaar bij de Adnai- 
raliteit van de Maze, te weten, voor den Raad en Advocaat- 
Fiscaal van dat Collegie, fieter paulds. Deze Staatsman, 
toegerust met zeldzame gaven en veelvuldige kundigheden , 
maar door zeer opgevronden denkbeelden bezield , had, ofschoon 
in zijne betrekking van Fiscaal regtstreeks aan het gezag van 
Hunne Hoog Mogenden onderworpen , en als lid van het 
Departement van Marine in naauwe betrekking tot den Stad- 
houder, als Admiraal-Generaal, staande, eene voorname rol 
gespeeld in de jongste gebeurtenissen welke in de provincie 
Holland waren voorgevallen, en zich betoond een der ijve- 
rigste tegenstanders van den Prins. Dit gedrag werd hem, 
als Generaliteits-ambtenaar, na het herstel der voormalige 
orde van zaken, zeer euvel geduid, en zetfs te dien aanzien 
bij Hunne Hoog Mogenden eene openlijke beschuldiging 
tegen hem ingebragt, welke ten gevolge had, dat hij eerst 

■ Zie aa*.'H. H. Mog. IB Dec«nib«r 1787- 



V Google 



NEDEBJ.A.HDSCHE ZEEWEZEN. 105 

in zijne betrekking geseborst, en na een opzettelijk onder- 
zoek, van zijnen post, als door zijne daden het vertrouwen 
van de Algemeene Staten en van den Stadhouder hebbende 
verloren, onteetwerd, onverminderd de vervolging in regten ,- 
die tegen hem zou kunnen of mc^en worden aaogevangen. ' 
Hoe zalk eene ontzetting bij staatsbesluit , zonder gehoord 
te zijn , een man van zoo vurigen geest als pietsb padlus 
moet getroffen hebben, laat zich ligtelijk beseffen, en ver- 
moedelijk heeft de wrevel, daardoor verwekt, in latere jaren, 
toen hij op nieuw eene gewigtige rol op het staatstoooeel 
speelde, invloed gehad op zijne daden. 

Wij hebben vroeger gezegd , dat de kapitein melvill den 
6 December L786 met een eskader te Toulon aankwam , en 
het bevel van 's Lands zeemagt in de Middellandsche zee 
overnam van den kapitein jubtus fiooT. Dit eskader bestond 
uit één schip van 64 stukken, de Dordrecht, waarvan mei,- 
viLi, zijne vlag deed waaijen, drie fregatten van 36, twee 
van 24, een kotter en eene brik, beide van 16 stukken.* 

Dit eskader werd , na een verblijf van twaalf maanden in 
de Middellandsche zee, afgelost door een ander van genoeg- 
zaam gelijke sterkte, * onder den kapitein van de Maze jan 
scHREDDEB HARiNGMAN , 't welk in den zomer des jaars 1789 
wederom vervangen werd door een eskader, bestaande uit 
vijf fregatten van 24 tot 40 stukken , benevens twee brikken , * 



1 JtM. B. S. Mog. e, 13 FebniBriJ 17. 23 en S3 Apiil 1T8S. 
1 Het ukadcr w» aldus zameDgeitcli! : Dordrecht 64 itakkeD, Kapitein -CommsD- 
daot p. UKi.TLLL; jl«f Hof S<nAiiTg , Meefni» ta Jaton Tan 36 stokkEB, ka|.itcln> 
a. 1. VAN EON, L. ABiRSON en A. O. c. DE TiRiBV ; het ZtepooTi en ia Solpüjn 
Tu 14 stiiklcea , kapiteina i. tan wofitaiL en j. ostt tak niEXHooDe; d« kotter 
de Brat, kapitein c. DB JONo, en da brik dt Ltmm, InitenaDt van anorsNiAT, 
bfida «m 10 itakkea. 

3 Het eikader onder den kapitein habinbhan wat aldna lamengetteld: DéytvKai^ 
itokken, kapitein i. s. habimoxah; Ciutor, PaUat ea TAotn van 44 itukken, ki- 
piteim t. ». tan cafellc, w. l. boueicius en d. uARiNOHANi Medembliki^tiiaft- 
ken, kapitein deckeki de brik de Foit, kapitein iullekbn, en de kotter de Sntt- 
ieid, Isi tenant HUfXT. 

* Dit nkader beitond oit de Tolgende lebepen: Rtetor en Ceniavnu van 40 gtnk- 
ken, Sehont-bö'Daebt c. h. ]iui,dbb, en kt'pitein i. i. 't isoorc; Meemin S6 (tak- 
ken, kapitein a. a. tan otekveik; de Waaixaamkeid en de Arend, ïi stukken , 



V Google 



lOB GESCHIEDENIS VAN HET 

aangevoerd door den kapitein, later, gedurende dezen togt 
tot Schout-bij -nacbt beDoemden.c. h. MULDEa. In het middea 
des jaars 1791 volgde hierop een eskader, zamengesteld uit 
één scbip van 60, één van 50, twee fregatten van 36 en 
30 stukken, een kotter en eene brik,' onder deo Vice- 
Admiraal willeh van braam. Een jaar daarna werd deze 
scheepsmagt verwisseld met een eskader ' onder den kapitein 
FREDEKiK 3I0ISMUND VAN BTLANDT , die wegcD 3 de dreigende 
omstandigheden waarin het Vaderland ten aanzien van Frank' 
rijk geraakte, spoedig uit de Middellandsche zee opontbodeo 
werd, doch eenige zijner schepen aldaar achterliet, en in 
het laatst des jaars 1793 vervangen werd door deo van Jca- 
pitein tot den rang van Schout- bij -nacht bevorderden piETEa 
HELViLL, aan het hoofd van een vrij aanzienlijk eskader, 
waarmede hij in September des volgenden jaars in Neder- 
land terugkeerde. 

Bijaldien wij een aaneengeschakeld verhaal wilden mede- 
deelen van de kruistogten en verdere verrigtingen dezer op- 
eenvolgende eskaders, zouden wij vele min belangrijke bij- 
zonderheden moeten vermelden en in herhalingen vervallen, 
daar zij zich allen zonder onderscheid bezig hielden met de 
bescherming van den handel en de zeevaart dezer gewesten 
in de Middellandsche zee, met het zoo veel mogelijk onder- 
houden der vriendschappelijke betrekkingen tusschen dezen 
Staat en de Barbarijsche Mogendheden, het, tot bereiking 
van dat doet, overbrengen van geschenken aan dezelve, en 
tot wegneming der tusschen die Mogendheden en den Staat 



kapitdins j. L. Boscu ea bloti jas TitBSLONOi de brikksn dt Kempkaan n VUe- 
gendt Fifci, klpileÏD* f. bürbk en P. HiRTaiHCK; kotter dt Pantser, luileninl F. 

J. COOLIH TIN HORT. 

1 Dit eikader wu aldns; QeUtrliuid, H atakksa, Vies-Admiraal williv Ti' 
BBAAii; Sraktl, it itokken, kapitein a. a. bou; XtMffetimdimd , 3B itokken, ka- 
pitein I. TAN FBER; iet Ztapoard, £4 atakken , kapitein o. tah ubgheiii de bnt 
de KempltaaM, H itakken en de ketter d« JPantlktr. 

i Te «eten: Otlderland, Si alnkkeii, kapitdo tas btlardt; d«Cattor, Matak- 
ken, kapitein o. «. aoniuBi itl zitpaarS, dt Tott eo de WaakiaamieU, U 
(takken, ktpileina o. tan xeicbbii, TUiilsKKit «n liitentnt tan bahel; kotter J< 
, kapitein hihxt en dt Lgnx, Initenant MAT. 



V Google 



NEDERLANDSCHB ZEEWEZEN. 107 

gerezene geschillen. Wij zullen ons du3 alleenlijk bepalen 
tot het allervoornaamste van 't geen bij het verblijf dier es- 
kaders io de genoemde zee gedurende de acht vermelde 
jaren , dat is, van het einde des jaars 1786 tot in den zo- 
mer van 1794, vooniel. 

Tijdens het eerste verblijf van kapitein helvill in de 
Middellandsche zee ontstond er onverwachts de vrees voor 
eeoe vredebreuk met Marocco, met welk rijk het Gemeene- 
best, na eenen langdurigen oorlog, gedurende de laatste tien 
jaren steeds ia goede verstandhouding verkeerd had. ' Die 
vrees sproot voort uit een hevig misnoegen van den Keizer 
over de stinksche handelwijs van eenen Tripolitaan , waaraan , 
naar de Vorst meende, ook een Nederlandsche schipper zou 
deel genomen hebben , * en uit zijne 'verklaring dat , bijal- 
dien deze en andere in die zaak betrokkene schippers niet 
op eenen bepaalden tijd voor het hof te Mogador verschenen 
om verantwoording van hun gedrag te geven , al de verdra- 
gen , en daaronder ook die met het Gemeenebest , als ver- 
broken , en de oorlog aU verklaard zou beschouwd worden. 
Zoodra melvill hiervan onderrigt werd , zond hij drie 
zijner fregatten onder den kapitein joan van woensel naar 
Tanger , zoo om berigten in te winnen wegens de ware ge- 
steldheid der dingen, aU om den Maroccaneu ontzag in te 
boezemen. Vervolgens liepen deze schepen langs de geheele 
kust van dat rijk en vertoonden zich een en andermaal voor 
la Kacbe en Salée, van welke zij de ligging en den toegang 
opnamen. De kapitein van woensel wendde zich te gelijk 
schriftelijk tot den Keizer met het verzoek om eene gunstige 
en spoedige beslissing; welk een en ander zulk eene goede 
uitwerking had, dat de Vorst zijne onbillijke vorderingen liet 
varen en betuigde, den vrede met Nederland te zullen bewwen. ' 

I Zm D. IV, b1. RTS. 

> Men aie dairoTcr; di lotia. Derde Seit naar de Middeüamdiehe tte, O, I, 
U. 17i en *o%., dig, ili Mggrtnige, een gstronw lenlag geeft Tan het gtbenrde met 
Utroeeo te dezen tQds. 

Ondencheidene lirievcD tno den kapitein tan wobnsil un TI. H. Mog., en ud 



1, Google 



108 OEScaiEDKNIS VAN HET 

De geschillen met Marocco schenen hiermede bijgeleg^d 
te zijn. Dit echter was niet meer dan Bchijn; want. naau- 
welijks was het eskader van den kapiteio mf.lvill door dat 
van den kapitein jan schreduer haringuak vervangen, of 
deze ontving het berigt, dat in de gezindheid van den Kei- 
zer eene groote verandering gekomen was; dat bij wel DÏet 
regtstreeks den krijg verlangde, maar toch zeer ontevreden 
was over het kruisen der fregatten van den Staat in het 
vorige jaar langs zijne kusten ; dat hij zulks als eene belee- 
diging aanmerkte, en uit dien hoofde in het zekere wilde 
weten, of het Gemeenebest met hem in oorlog of vrede 
wenschte te leven ; dat hij , om die zekerheid te erlaogen , 
nadrukkelijk verklaard had te begeeren, dat Hunne Hoog 
Mogenden hem op eenen bepaalden tijd eenea gezant zou- 
den zenden, en dat bijaldien zij dit niet deden, bij zelf 
een' gezant en vijf fregatten zou zenden naar Amsterdam , '. 
met last, om aldaar twintig dagen te vertoeven en alsdan 
terug te keeren met de tijding van vrede of, oorlog; in welk 
laatste geval, hij de gemelde vaartuigen naar Amerika zou 
doen vertrekken, om alle Hollandsche vaartuigen te nemen 
en op te brengen. * 

Ten gevolge van deze tijding, zond de kapitein haring- 
man, die zich op dat oogenblik te Napels bevond, de fre- 
gatten de PaJlas en Castor , onder de kapiteinen bouricius 
en VAN CAFELLE, Onmiddellijk naar Gibraltar om een wakend 
oog op de bewegingen der Maroccanen te houden , en zoo 
zij vijandelijkheden mogten aanvangen, de noodige bescher- 
ming aan den Nederlandschen handel te verleenen. Ruim 
drie weken later volgde hij zelf, nadat bij van deAlgemeene 
Staten bevel had bekomen, ia hoedanigheid van gezant,' 



den Griffler van H. H. Mog. inboDdendc een omitandig veralag vui bet getiBttlda, U- 
ruiten op het R^ki-Arefaief. 

I Dta» verUariDg heelt Teel oTereeakomit met de overmoedige bedrdging in 17TS: 
rie D. IV , bl. 364. 

! Smr. 'Ra. aan S. S. Mog. 4 AjiriJ 1788, en brief Ttn den liipitein t. r. tah 
C&FKI.LB uit Ttnger 11 Febrnarl) 17SB uo H. U. Mog. 

3 Hij verd ils zoodanfg benoemd bg Ster. Re>. van H.H.Mog.jvt UAprill788. 



V Google 



NEDERI.ANUSCIIE ZE£WEK£N. 100 

zich naar den Keizer van M&rocco te begeven, ten einde 
langs dezen weg de gerezene geschillen op eené minnelijke 
■wijs bij te leggen. 

Den 24 Junij 1788 stapte barinqman, ter volvoering van 
dezeD last , te Tanger aan wal ; doch er verliep een geruime 
tijd, alvorens de Keizer, die een gedeelte zijner onderdanen 
't welk in opstand geraakt was, te vuur en te zwaard ver- 
volgde en vernielde, hem de stad Mequinez kon aanwijzen 
om hem gehoor te verleenen. Hier werd hij , even als vóór 
achttien jaren de Vice-Admiraal roemer vi-aco , ' door den 
Keizer en de Grooten des Rijks met de meest onderschei- 
diog ontvangen, doch niet dan nadat hij vete kostbare, 
meest onverpUgte geschenken aan den Alleen heerscher en 
zijne hovelingen rondgedeeld bad. De Keizer verklaarde, na 
het ontvangen dezer geschenken , dat de komst van den ge- 
zant hem zeer aangenaam, en hij over dit blijk der vriend- 
schap van Hunne Hoog Mogenden zeer voldaan was ; dat 
hij niets dan den vrede verlangde; dat de Hollanders zijne 
oude vrienden waren en wat dies meer zij. * 

Tot in den jare 1791 bleven de vredelievende betrekkin- 
gen met Marocco bestaan, zonder dat er eenige nadere vor- 
deringen gedaan werden ; doch nu eischte de Keizer , die 
in plaats van den onlangs overleden Monarch den troon had 
beklommen , dat hij van wege den staat door eenen gezant 
zon verwelkomd, hem de bij die gelegenheid gebruikelijke 
geschenken aangeboden, en de vredesverdragen hernieuwd 
zouden worden. Uit vreeze voor de nadeelige gevolgen eener 
weigering, en ter aankweeking van de reeds betoonde wel- 
willendheid des Keizers, besloot uien, na eenige aarzeling, 
eenen gezant met het bedoelde oogmerk derwaarts te zen- 
den, en werd daartoe benoemd de kapitein a. a. bols. 



I Zie D. IV , bl. BSa. 

3 Het onuUodig Rapport vsa den kipitun habinqiiih n egeni ijjn geiantuh&p nur 
Marocco Iwrnat ïd bet Ryks-Atchier. Een dergelyk Ripport aan dïD Admiraal. Generaal, 
met een aantal brieven >a atiLkiieD ven de tot bet eiliader bebooreade IfapiteineD, ijjn 
BaDweitg in bet Huti-Anbtef ilcs KoniDgi, 



1, Google 



ILO GESCHIEDENIS VAN HET 

voerende het schip de Brakel vau 56 stukken , behoorende on- 
der het eskader van den Vice-Admiraal willeh van braam. ' 

Deze zending werd met eenen gunstigen uitslag bekroond. 
De kapitein bols werd door den Keizer op de minzaamste 
wijs te Tetuan ontvangen, de bestaande vredesverdragen 
vernieuwd en eenige voor den Nederlandschen handel gun- 
stige bepalingen daarbij gevoegd. * Er bleven nogtans eenige 
moeijelijkheden over, doch die het op dit oogenblik niet 
mogelijk was uit den weg te ruimen , en de apoedig gevolgde 
dood des Keizers, die in een veldslag sneuvelde, en de 
bloedige twisten die over het bezit van den troon ontston- 
den, maakten zulks later nog veel bezwaarlijker. Intusschen 
waren deze inlandsche twisten de oorzaak , dat de Marocca- 
nen zich weinig met het buitenland konden bezig houden, 
zoodat er tot aan de omwenteling des jaars 1795 geene 
merkwaardige verandering in de betrekkingen tusschen dat 
rijk en het Gemeenebest voorviel. 

De tweede Barbarijsche Mogendheid, waarmede de eska- 
ders van den Staat verschillende bemoeijingen hadden , was 
Tripoli. 

Ër waren tusschen den Bassa dier Mogendheid en den 
Nederlandscben Consul, warnsuan, ernstige geschillen ont- 
staan. De kapitein harimohan, zich met een eskader in de 
Middellandsche zee bevindende, zond den kapitein van ca pelle 
met bet fregat de Caator derwaarts, om die geschillen, zoo 
mogelijk , bij te te^en , waarin hij nogtans niet naar wensch 
kon slagen. Dit gaf zijnen opvolger, den kapitein, later 
Schout-bij -nacht mulder, aanleiding om, op uitdrukkelijk 
bevel van Hunne Hoog Mogenden, in den herfst des jaars 
1789 den kapitein 't hooft met het fregat de Ceniauris n&ax 

< B«i. cm S. S. Xog. S8 H«i 1791. Zi« ook Xtt. ikm S3 JdhU «au bstulfde 
juf. Dit MD den ktpïtein Dou en niet un den Vice-Admtnal tak bsaix deieien- 
dii^ opgedragen werd, moet durun taegttchieren worden, SiX hoe honger de nng 
dn persooM wu die ila geuDl optrad , dei te grooter ook de gcKhenken moerten i^n. 
Dit wilde men Termyden. 

* Het oDutandig lenlt; deicr unding ven deo kapit^je bols beriut op bet R|iki- 
Archief, en xy» Sebeepqoumtal vin dezen logt -op dit der Marine. 



V Google 



MIQKBLANOacUE ZEKWBZSN. 111 

Tripoli te does vertrekkeD , en wel met den last , om de 
ware oorzaken der aaDhangige geschillen op te sporen, en 
deze» kon bet zija, langs eenen minnelljkeQ weg te ver- 
effenen: Kapitein 't hooft kreeg kennis van de eigenlijke 
redenen van den twist, doch welke pogingen hij aanwendde, 
mogt het hem niet gelukken , de gramstorigheid van den Bassa 
te doen opboaden; wat meer is. de Nederlandache Consul 
ontving gedurende bet verblijf van genoemden kapitein het 
bevel , onmidddlijk Tripoli te verlaten , zoodat 't hooft zich 
genoodzaakt zag, hem, benevens zijne echtgenoot, aan boord 
te nemen en naar Malta over te voeren , ten einde hen tegen 
misban delingen te beveiligen. 

Er bestond nu vrees, dat de vrede door deze gebeur- 
tenis met Tripoli zou verstoord worden. Dan het bleek , toen 
in het volgende jaar door den Schout-bij-nacht mulder de 
kapitein van overhzer met het fregat de Meermin naar 
Tripoli werd afgezonden, ten einde berigten omtrent den 
toestand van zaken in te winnen, dat die vrees ongegrond 
was. De Bassa ontving dezen kapitein met veel minzaam- 
heid , en betuigde hem zijne voortdurende genegenheid jegens 
de Algemeene Staten en den Prins, waartoe de onafgebro- 
kene tegenwoordigheid eener scbeepsmagt in de Middelland- 
sche zee ongetwijfeld veel toebragt. Hoe dit zij, de Bassa 
verzoende zich eerlang met den verdreven Consul, die verlof 
bekwam terug te keeren en zijne voormalige ambtsbetrekking 
op nieuw te aanvaarden. Bij het vernemen van deze gun- 
stige wending, werd de kapitein van kebchïh met het fregat 
iet Zeepaard in het najaar van 1791 door den Vice-Admiraal 
VAN BRAAM naar Tripoli gezonden, die den Consul warns- 
VAH in zijnen post herstelde en de verdere geschillen hielp 
uit den we^ ruimen. ' Sedert dien tijd tot aan de omwen- 
teUng van 1795 bleef de vriendschap met den Bassa on- 
gestoord. 

> Het tennalda ii OBÜmid uit het oonpTODkslyke, op hst Rfjki. Archief bernteiide 
Vtrbaal of Jommaid vin den Schont-bU-DMbt HUbuti, uit i^ne briBrsn uo H. H. 
Uog, en MD dm Griffier, en nit de brievoi der in den tekrt giuoemde kapilatnan. 



V Google 



112 OESÜHIKUKNIS VAN HET 

Van ernstiger aard waren de geachillea, die in deze jaren 
met den Dey van Algiers uitbraken, doch die ook door de 
tasschenkomat van 's Lands zeemagt gelukkig uit deo weg 
gerniuid werden. 

Sedert het sluiten van deo vrede met Algiers in den jare 
1757 door den Schoat-bij-nacht joost sels, ' waren er meer- 
malen geschillen met dien roofstaat gerezen , doch door het 
jaarlijks zenden van geschenken was men er in geslaagd . 
den krijg af te wenden. Dit duurde voort tot in het laatst 
des jaars 1792, toen de Dey onverwacht den oorlog aan het 
Gemeenebeat verklaarde. 

Ten gevolge der onlusten in het Vaderland en het onver- 
mogen der Admiraliteiten, waren de voor den Dey bestemde 
geschenken in de laatste jaren niet altijd op den gewonen 
tijd kunnen afgescheept worden; bovendien beantwoordde de 
hoedanigheid van een gedeelte dier geschenken bij herhaling niet 
aau de verwachting. Sinds een geruimen tijd had een vredelie- 
vende Dey de teugels van het bewind in handen gehad , die 
wegens zijnen hoogen ouderdom niets vuriger wenschte dan 
den vrede te behouden. Zoolang deze leefde bestond er dus 
geen gevaar, doch na zijnen dood werd hij vervangen door 
een jonger en oorlogzuchtig Opperhoofd. Thans verhieven 
zich luide klagten over het wegblijven en de slechte hoe- 
danigheid der geschenken , en de bevolking , die over den 
langdurigen vrede met de Hollanders zeer ontevreden was, 
gaf openlijk haar verlangen naar oorlog te kennen. Er was 
derhalve weinig noodig, om den krijg te doen uitbreken, en 
daartoe bood zich eerlang de gelegenheid aan. 

De kapitein Grave van bylanut,* zich in November des 
jaars 1792 met het onder hem gestelde eskader te livorno 
bevindende, zond van daar den kapitein otto wiLiiEM gobics , 
voerende het fregat de Caator , naar Algiers, ten einde eenen 
koopvaarder die met geschenken geladen was, derwaarts te 
geleiden , en die geschenken uit naam der Atgemeene Staten 

1 Zi« D. IV , bl. 812. 



V Google 



NBDERLANDSCHE ZEEWEZEN. Hit 

den Dey aan te bieden. Aanvankelijk werd hij zeer wel ont- 
vangen , doch spoedig begon de Dey te klagen over de trage 
toezending en over de geringheid en slechte hoedanigheid 
der geschenken. Deze zwarigheden schenen nogtans uit den 
weg te zullen geruimd worden , doch na werden ongelukkig 
de meeste der medegebragte masten , deels verrot , deels om 
andere redenen onbruikbaar bevonden. Dit ontstak den Dey , 
die door een zijner gunsteHogen ^tegen de Nederlanders was 
opgeruid , in de hevigste gramschap , en deed hem besluiten , 
onmiddellijk den oorlog aan het Gemeenebest te verklaren. 
Hij vorderde dus van den Consul fraissinet de onder hem 
berustende vredesverdragen terug, en gaf bovendien aan 
dezen en aan den kapitein qobios den stelligeo last, binnen 
drie dagen Algiers te ontruimen. Gobids zoo wel als de 
Consul stelden idle middelen die hun ten dienste stonden in 
het werk, om de gramschap van den Dey te doen bedaren- 
en hem tot betere gedachten te brengen, doch vruchteloos, 
zoodat hij zich genoodzaakt zag, nevens den Consul en zijn 
gezin , binnen den bepaalden tijd zich aan boord te begeven 
en van Algiers naar Livorno te vertrekken. ' 

Inmiddels was ,de Graaf van bylanot, geenszins zulk eene 
onverwachte gebeurtenis voorziende, op de tijding, dat de 
oorlog tusscben den Staat en de Fransche Republiek was 
uitgebroken , in allerijl met het meerendeel der schepen van 
zijn eskader naar het Vaderland teruggekeerd, zoodat de 
handel en scheepvaart in de Middellandsche zee thans aan 
de roofzucht der Algerijnen blootgesteld waren. Dezen lieten 
dan ook de gunstige gelegenheid niet voorbij gaan, liepen 
met eenige gewapende vaartuigen uit, en vermeesterden bin- 
nen korten tijd vijf of zes rijk geladen Nederlandsche koop- 
vaarders. 
De kapitein .gobidb bevond zich door het een en ander in 



I De kkpitciii ooBins lond op den 1 febinuU IT6B een onwUndig nnUg tui if)n 
iredemnn to Algien md H. H. Hi^,, 'twellc op '■ RUki-Arohirf nog Toorhanden ii. 
Het Jouroaal tu deun togt en vn iQne verdere Terri^ngso, ■!■ berelhebbcT nattt 
CtMtor 1798— 1T9(, benut in het Ajtcbief nn het Depirtemeut *Mt Hirioa. 

V. 8 



„Google 



OBSCEISDBNIS VAN HET 



geene geringe verlegenheid , welke nog zeer vermeerderd werd , 
toen hij bij zijne komst te Livorno het berigt van den oor- 
log met de Fransche Republiek vernam. Wat kon hij onder 
zulke omstandigheden, na het vertrek van van btiandt, 
verrigten met zlja fregat alleen en twee kleinere vaartuigen ' 
die hij te Livorno aantrof? Hij besloot de bevelen der Al- 
gemeeae Staten en vaa den Prins, wie hij onmiddellijk van 
de vredebreuk met Algiers kennis gegeven had, af te wach- 
ten, en inmiddels pogingen aan te wenden, om met den 
Dey in onderhandeling te treden over het herstel van de 
vriendschappelijke betrekkingen. Ëene gunstige gelegenheid 
bood zicb daartoe aan door de tegenwoordigheid van zekeren 
Jood , BACBEBi genaamd , den zaakwaarnemer van den Dey 
te Livorno, die zich genegen betoonde, aan oobius de be- 
hulpzame hand te bieden , en zelfs van wege den Dej gelast 
werd , aan den Nederlandschen kapitein mede te deelen , dat 
deze tot zoodanige onderhandeling niet ongenegen was. De 
eischen, door den Dey gedaan, waren nogtans zoo overdre- 
ven, dat het onmogelijk scheen, het gewenscbte oogmerk te 
bereiken. GroBius achtte het niettemin onraadzaam, de onder- 
handelingen af te breken en kreeg zelfs uit het Vaderland 
het bevel, den Dey te onderrigten, dat Hunue Hoog Mogen- 
den ook gezind waren de vredesverdragen te vernieuwen en 
eenen goeden en duurzamen vrede te sluiten ; dat zij tot dat 
einde eenen officier van aanzien met een eskader naar Algiers 
zouden zenden, en inmiddels eenen stilstand van wapenen, 
ten minste voor den tijd van zes maanden, verlangden. ' De 
kapitein eoBius bragt dit een en ander ter kennisse van den 
Dey, en bleef tot in de maand Augustus te Ltvomo, in de 
verwachting van een gunstig antwoord op deze voorstellen. 
Dat antwoord echter bleef achterwege , zoodat gobius, ziende, 
dat er géene verandering in den toestand van zaken kwam, 
eiodelijk de stad verliet en met de drie onder zijn bevel 



1 Het tregat de Valt van 24 en d» LfiKC na 14 «tuïken. 
i Sm. R. E. Mog. 12 Jnlj) 1793. 



V Google 



NEDERLANDSCBE ZEEWBZBN. 115 

Btaande schepen aaai Gibraltar vertrok, met vooruemeD om 
oit die meer Dabij gelegene plaats de ondcrbandelingea voort 
te zetten, en tevens met de bedoeling, om zicb onder de 
vlag des bevelhebbers van het verwacht wordende eskader 
te rangschikken. N^aauwelijks was hij aldaar aangekomen, 
of hij ontving de tijding, dat de Dey het voorstel wegens 
den wapenstilstand ingewilligd had; doch dieo voor niet lan- 
ger dan drie maanden had verleend. Intusschen verleven- 
digde dit bij hem de hoop , dat de vrede spoedig zou kunnen 
hersteld worden. 

Ten gevolge der gevaarlijke omstandigheden, waarin het 
Vaderland zich door eenen inval der Franschen bevonden 
had , verliep er nog een geruime tijd , alvorens het verwachte 
eskader kwam opdagen. Het was, zoowel om den Dey eer- 
bied en 'ontzag in te boezemen en daardoor den vrede te 
bevorderen, als wegens den oorlog met de Fransche Repu- 
bliek , aanzienlijker dan een der eskaders , welke in ,de laatste 
jaren voor de Middellandscbe zee bestemd werden; be- 
staande uit één Ünieschip van 74 stukken , de Staten-Gene- 
raal, van hetwelk de Schout- bij -nacht pietbr helvill, aan 
wien het gebied over het eskader was opgedragen , zijne 
vlag liet waaijen, één van 68, één van 50, twee fregatten 
van 40, één van 20 stukken, en de brikken de Lynx en 
de Courier. ' Den 20 December 1793 kwam de Schout-bij- 
nacbt met zijn schip, benevens de Delfl en de Prinses te 
Gibraltar aan, waar hij de overige schepen van het eskader 
vereenigd vond. Den 6 Januarij des volgenden jaars ver- 
liet het, vergezeld van een aantal koopvaarders , de reede 



1 Bet eakader wu tldai itmcDgeaUld: Slaten-Omeraal 74 atakïen , Schoat-by- 
nacbt xBLViu;: Adatiraal 4t Etyier SS atakkeu, kipilein i. yah woinsii,; Stift 
BO itokkcD, kapitiJD l. t. tak c&pblle; Caitor en Frnuet 40 itukken, kapiteioB 
o. w. aoBlirs en b. i. tam hiih; de Valk %4 tt^ien , kapitein iullekkn; de Lynx 
14 stnkken, kap itein-lDi tenant xaI; de brik de Covrier, kapitein- In Iteuint habchil. 
De Inttrnctie , door H. H. Mog. aan den Scbanl-bfj-naeht mrlvill gegeven omtrent 
lijn te hnudeD gedrag by de ODderhin delingen over den vrede en hel mogelgk sluiten 
■na dan rrede, werd bij Secr. Bt: van H. K. Mog. Tan IS Seplembrr ITBS TMt- 
«tald en il aldaar te viiiden. 

8» 



1, Google 



116 Q£SCBIEDENI3 VAN HET 

dier vesting, doch kwam door aaDboudenden tegenwind niet 
vóór den 12 Februarij te Livorno, werwaarts de koopvaar- 
ders grootendeeU bestemd waren, aan. Tot den 6 Maart 
vertoefde hblvill aldaar, wanneer hij met de meeste zijner 
schepen koers naar Algiers stelde, hebbende aan boord den 
Consul FRAissiNBT en den Kanselier ntssen . ten einde deze , 
bijaldien de vrede met den Dey mogt getroffen worden , 
hunne voormalige betrekkingen op nieuw zouden kunnen 
aanvaarden. Tegen den avond van den 32 Maart liet het 
eskader het anker voor Algiers vallen. Onmiddellijk deed 
de Schout-bij -nacht de witte of parlementaire vlag van de 
voorsteng waaijen , ten teeken dat hij met de Algerijnsche 
Regering in onderhandeling wilde treden, waarop den vol- 
genden morgen bij zons opgang, bet eskader uit de stads 
kasteelen met 21 kanonschoten begroet werd, 't geen dade- 
lijk met een gelijk getal door de onzen werd beantwoord. 
Kort daarna kwamen de kapiteinen van de haven en eenige 
andere beambten van den wal, aan wie de Schoat-bij-nacht 
eeuen brief van Hunne Hoog Mogenden en van hem zelven 
aan den Dey ter hand stelde, en die spoedig terugkwamen 
met bet berigt, dat de Dey gereed was in onderhandeling 
te treden over de vernieuwing van den vrede en der ver- 
dragen. Alles scheen dus te voorspellen , dat er zich weinige 
of geene zwarigheden zouden opdoen tot bereiking van het 
verlangde doelwit. Dan spoedig bleek het, dat men zich op 
dien schijn niet kon verlaten. De Dey, een geldgierig en 
gramstorig mensch , verklaarde zich ontevreden over de mede- 
gebragte geschenken, verwierp de voorwaarden, op welke 
MELviLL aanbood den vrede te sluiten, eu ontstak in zoo 
hevige drift , dat de onderhandelingen genoegzaam afgebroken 
werden en de Schout- bij-nacht het zelfs raadzaam oordeelde, 
zich met het eskader eenigzins te verwijderen , deels om den 
schijn aan te nemen , dat bij voornemens was te vertrekken , 
deels om zijne schepen niet aan het vuur der vijandelijke 
kasteelen en batterijen bloot te stellen. De Dej, door deze 
handelwijs de overtuiging gekregen hebbende, dat zijne on- 



V Google 



NEDERLANDSCHB ZBEWEZEK. '117 

billijke eischen niet zoudea ingewilligd worden, knoopte 
door tusschenkomst van den Zweedschen Consul de onder- 
haodelingeD op nieaw aan, waarop meï,vij,l, bewust van 
hoeveel belang het voor het Gemeenebest in de tegenwoor- 
dige omstandigheden was, den oorlog met Algiers op eene 
minnelijke, doch te gelijk eervolle wijs te eindigen, zich ia 
persoon naar land begaf om, ware bet mogelijk, degerezene 
moeijelijkhedeD uit den weg te ruimen, waarin bij na hef- 
tig tegenstreven in zooverre slaagde , dat men het omtrent 
de voorloopige vredesvoorwaarden nog dien eigen dag eens 
werd, en de vrede, ofschoon met aanmerkelijke opofierio- 
gea ' dezerzijds , doch met vrijgeving van alle Nederlandscbe 
slaven, op den 1 April gesloten en geteekend werd. Zes- 
tien dagen daarna verliet het eskader de reede van Algiers, 
van welke eenige schepen naar onderscheidene havens der 
Middellandscbe zee gezonden werden , om de aldaar liggende 
koopvaardere naar Gibraltar te geleiden. Melvill zelf be- 
gaf zich met de overige schepen regtstreeks naar die vesting, 
waar de andere zich bij hem vervoegden. Van hier zeilde 
hij met het eskader, nevens eenige koopvaarders , naar Lis- 
sabon , voor welke stad hij eenige weken vertoefde , om de 
uit de Westindische volkplantingen verwachte koopvaarders 
onder zijne bescherming te nemen. Daar deze echter reeds 
langs eenen anderen weg het Vaderland hadden bereikt, 
ontving hij den last, ten spoedigste huiswaarts te keeren 
en in Zeeland binnen te loopen , waarop het eskader den 
6 Augustus Lissabon verliet, en zonder eenige ontmoeting 
op den 12 September 1794 het anker voor Vlissingen deed 
vallen. * 



1 Mklvill, om den vrede te kanneD verwerTen , xag, nadat de Dey plegtip gezwo- 
ren bad dit, bgildien deae onderbandeling mitlakte, hg den iiede gedarende zijn ge- 
lieele leven niet ion aluilen, lich genoodziikt in Mmmige opiigten zyDcn lut te ovei- 
■chnjdeD , 'tgeen hem hier min of meer ten kwade werd geduid, ofichoDii lyne han- 
delwijs oTerigena, in aanmerking tan de byiondere omatandigheden , goedgekeurd werd, 
1 Het lerhaa] van ieiea togt en het aluilen van den irede ia onlleaDd oit het op 
het Archief dar Muinc aanwezige Jouraaai van den ScboDt>1itJ -nacht meltill, ntt 
ziiiie brieven en omaUndig Rapport aan M. H, Mog. , alle berniteDde op het Kjjka- 



1, Google 



118 GESCHIEDSNIS VAN HET 

I De oorzaak, waarom de Schout-bij-nacht melvill het be- 
vel kreeg, in Zeeland binnen te loopen en het eskader zich 
naar Vlissingen begaf, was gelegen in de hagchelijke om- 
standigheden, waarin het Gemeenebest verkeerde door den 
oorlog met de Fransche Republiek, en in de vrees, dat de 
provincie Zeeland door den vijand zou vermeesterd worden, 
bijaldien eene voldoende zeemagt haar niet beschermde. Wij 
gaan thans over tot het verhaal van hetgeen de zeemagt 
van den Staat gedurende dien oorlog verrigt heeft , doch 
zullen alvorens beknopt vermelden wat bij het zeewezen bier 
te lande en in de nabijheid dezer gewesten gedurende de 
naast daaraan voorafgaande jaren voorviel. 

Zoodra de binnenlandsche rust, na het herstel vaD het 
Stadhouderschap, bevestigd was, werd men er op bedacht, 
aan een vroeger geopperd plan gevolg te geven om , name- 
lijk , jaarlijks een eskader uit te rusten en in de Noordzee 
te doen kruisen, ten einde zoowel officieren als manschap- 
pen te oefenen, en verder dat gebruik er van te kunnen 
maken, 't welk de omstandigheden vorderden. In 1789 
werd zoodanig eskader uitgerust en bet bevel daarover op- 
gedragen aan den Schout- bij -nacht van kinsbergen,- die 
zijne vlag op het schip de Vrijheid van 76 stukken ' heescb. 
Gedurende eenen geruimen tijd kruiste dit eskader in de 
Noordzee , en van kinsbebqen , die zulk een groot voorstan- 
der was van vlijtige oefening dergenen die onder hem ge- 
steld waren , deed aan hetzelve vele manoeuvres verrigten. 

Een dergelijk eskader werd het volgende jaar wederom 
in gereedheid gebragt om in de Noordzee te kruisen, en 
het gebied daarover andermaal aan den nu tot Vice-Admi- 
raal bevorderden van kinsberqen opgedragen. Dan het leed 

Archief. Vei^lQk Tooita ds Btt. iMui'S. B. Mog. van 36 JdIü, S bh 15 Angustoi, 
9 en IG September 1794. 

■ Het ealnder *■■ >Uds lamengeitsld ; de FryAefd 76 ttakkea, SchDai-btj-mcht 
TAN KiNSBKBaEN, vligkapileiD L. iBEUON; d« VerwockHiiff BS itukkeo, kapiteii 
TAK BiNKTELD; XoMiiekendatii 6i itakken , kipittin c. J. bloib tah TBEBbONO; 
Folha 16 Btnlikeir, kapitein hasschopj FmMw IfittnUen, ïtiptéuALLiBKmAlam 
91 atakktn, kapitain sa, tan bbaam. 



„Google 



NEDERLAITDSCHE ZEEWEZSN. 119 

niet iang , of dit eskader kreeg eeoe andere besteminiag. Er 
waren , namelijk , geschillen tusscben Groot- Brittanje en Spanje 
gerezen over het in beslag neinen van zeker Engelsch koop- 
vaarder, die handel had zoeken te drijven of zich zelfs had 
trachten te vestigen op eene aan de westkust van Noord- 
Amerika gelegene plaats, Nootka of Niöka geheeten , welke 
de Spanjaarden beweerden dat hun eigendom en de vaart 
daarop aan alle vreemde volken verboden was. Deze geschil- 
len namen zulk eenen ernstigen keer , dat men van de 
Spaansche zijde sterke wapeningen ter zee aanving en de 
vrees ontstond, dat er tusschen beide Mogendheden een 
oorlog zou uitbreken. In deze omstandigheden riep de Brit- 
sche gezant, namens zijnen Koning, den bijstand der Al- 
gemeene Staten in, en verzocht dat, naar den inhoud van 
het voor twee jaren gesloten verdrag van vriendschap en 
onderlinge verdediging, het Gemeenebest, wanneer het tus- 
schen Engeland en Spanje tot eenen oorlog mogt komen, 
eerstgenoemd rijk met eene behoorlijke scheepamagt mogt 
ondersteunen; dat voorloopig bet nu gereed liggende eska- 
der daartoe mogt strekken , en dat dit vervolgens met nog 
zes lioiescbepen mogt vermeerderd worden. ' Het blijkt uit 
echte stukken , dat de Regering dezer Gewesten zeer weinig 
gezind was, om zich wegens eene zoo geringe en voor den 
Staat gansch onverschillige zaak in eenen oorlog te wikke- 
len met eene Mogendheid gelijk Spanje , die aan onzen han- 
del zoovele verliezen kon berokkenen. Daar echter de bepa- 
lingen van het verdrag duidelijk waren, begreep men, den 
gevraagden onderstand niet geheel te kunnen weigeren, en 
besloot bet eskader naar Engeland £e zenden , doch de ver- 
meerdering er van werd op de lange baan geschoven. 

Van kinsbergek ontving dus het bevel zich naarSpithead 
te begeven en aldaar zich met de Britsche vloot te vereenigen. 
Den 17 Juni) verliet het eskader , zamengesteld uit één zeven- 
tiger , twee schepen van 68 , één van 56 , twee van 46 en 

> Seürete Bet. om Jff, B. Mog. Il, 18, SI, SS en 81 M«i 1790. 



V Google 



120 6ESCUI£DENiS VAN HET 

één van 26 stukken, benevens drie brikken en eenea k<rt- 
ter , ' de reede van Texel , en kwam den 8 der volgende 
maand te Spithead aan. Tot in het laatst van Augustus bleef 
het aldaar met een aanzienlijk gedeelte der Britsche vloot 
onder Lord uowE liggen , in afwachting van den uitslag der 
onderhandelingen tusscben Engeland en Spanje , die zulk eene 
gelukkige wending namen, dat een langer verblijf van bet 
eskader in bet Kanaal onooodig gerekend werd, en het op 
boog bevel herwaarts terugkeerde. 

Het gedrag der Britten ten aanzien van de Nederlanders 
gedurende bet verblijf van het eskader te Spithead was gansch 
verschillend vao dat vóór 46 en 47 jaren, toen ook eene 
Nederlandsche scbeepsn^gt zich als hulp-eskader in de Engel- 
sche havens ophield. ' Terwijl de Nederlandsche schepen toen 
verpligt werden , de Koninga-geus van de boegspriet te doen 
waaijen, en de bevelhebbers menige vernedering lijdzaam onder- 
gingen of zich moesten getroosten , werden onze laodgenooten 
thans met de meeste onderscheiding behandeld, voerden zij 
uitsluitend de Nederlandsche vlag, en ontvingen de hoofd- 
en mindere ofRciereQ vaa de zijde der Britten veelvuldige 
bewijzen van hoogachting. Het was bij deze gelegenheid , 
gelijk vroeger vermeld werd,» dat Lord howe, als Opper- 
bevelhebber der Engelsche vloot, de kunde en ervaring der 
Nederlandsche zeeofiicieren hoogelijk prees, en aan de orde 
die op 'a Lands eskader heerschte , ruimen lof toezwaaide. 

Betreurenswaardig was het , dat de provinciën , bij zoo veel 
voortreffelijks als er thans bij 's Lands zeemagt gevonden 



■ De icticpeii nu bet eakider nran de Tolgende: de VrijieidiH itnltken, Vice- 
Admirul' TAK KiHSBEKGEN, kapituD L. ABERKN; dg Vtnpac^tiiig 66 tiakVcD , Schant- 
btJ-naeht tan bthetUii; (ftlderland 6S stokken, kapilem tullkkem; Braktl BA 
■takken, kapitein BoLS; FoUta 46 atakken, kapitein hasschop; Mo»ineie»dam M 
■tukken, kapitein o. i. bloib tak tebsuihqj Vtmu 26 slnkken, kapitein allibk; 
de brikken de Fiji, de Covrier sn de Porti^o» au de kotter dt Sptnear. 

"- Zie D. IV. bl. 1S3. en Tolgeode. 

* Zie bl. E7 Tan dit Vee!. Vergeljjk rerder: ir. c, tan hall, Xem» cao tan 
■IHBBBBOEK, bl. 15S en lolg. tweede oitgaTe. De oTerige byionderhedea i(jD ontleend 
nit de in bet Hoi*- en Bjika-ArehieF aanwezige brieven Tan 
Ten nit SpUbead aan den Frini au aan den Griffier van H. U. Mog. 



1, Google 



NRUEBI.ANDSCHB ZEEWBZEN. 121 

werd , haar in deze jaren wederom bijkans met even groote 
ODverBchiiligheid behandelden als vóór den jongeten Engel- 
scheo oorlog , en de AdmiraUteiten die door dien krijg waren 
uitgeput , den noodigen onderstand weigerden. Hieraan is het 
toe te schrijven, dat ia de beide volgende jaren de voorge- 
nomen uitrustingen voor de Noordzee moesten achterwege 
blijven, en dat er, behalve het eskader naar de Middelland- 
scfae zee. geene schepen uitliepen dan eenige weinige fregat- 
ten naar de Westindische volkplantingen om , bij de opheffing 
der WcBtindsche Compagnie, deze Koloniën voor den Staat 
over te nemen en derwaarts krijgsvolk te brengen. Aan een 
dier fregatten overkwam een beklagenswaardige ramp. Wij be- 
doelen het fregat den Brieüe , kapitein otto willeh oobius. 
Dit fregat, in Wintermaand des jaars 1791 uit de Maas 
geloopen , had het ongeluk op de ËQgelsche kust , niet verre 
van Falmouth , in eenen hevigen storm vast te raken , waar 
het spoedig door het geweld der zee verbrijzeld werd. Bij 
dit ongeval verloren één officier en zeven of acht manschap- 
pen bet leven, doch de geheele overige equipagie kwam, 
hoewel met groot lijfsgevaar, behouden aan wal, waaronder 
ook de kapitein, die zijn gedrag later voor een krijgsraad 
verantwoordde en van pligtverzuim vrijgesproken werd. ' 

Ëene andere ramp trof, ruim vijf maanden vroeger, het 
zeewezen. In den nacht van den 6 Julij barstte plotseling in 
's I^nds Magazijn of Arsenaal te Amsterdam , dat kort na 
den eersten Ëngelschen oorlog gesticht was en door zijne 
doeltreffende inrigting sedert bijkans anderhalve eeuw bij 
uitstek nuttig voor het zeewezen van den Staat was geweest, 
een felle brand uit, welke zoo snel toenam en zoo hevig 
woedde, dat er geene mogelijkheid was het vuur te stuiten. 
Het gansche gebouw met den rijken voorraad, van scheeps- 



1 Zie het lovtax tid den kryganld \a de Nedtrl. Jaarboeken 17B2, D. I , bl. 
B71. Het oonpronkemka Journaal tu den kapitein qobiub, «muvi, ondsr andBren, 
teer goDftige lerkUringen v*a iQiie offieieren en onderofficieren omtrent ign gebonden 
gedng gevonden werden, benut io het ArcbieF ven het Depuiemant nn de Uerine, 
gel^k mede het Dagregxrter nn den eenten eebr^fer. 



V Google 



122 GESCHIEDENIS TAN flET 

behoeften, wapenen en alles wat tot uitrusting noodig en 
dienstbaar was, werd binnen weinige uren eene prooi der 
vlammen. ' Vele geruchten liepen er, vele gissingen werden 
er gemaakt omtrent de oorzaak van dit ontzettend ongeval , 
dat bij de tegenwoordige uitputting der Admiraliteiten een 
dubtjel verlies was, doch de ware aanleiding is nimmer kun- 
nen ontdekt worden. ' 

Behalve deze gebeurtenissen viel er, noch in 1791 noch 
in een groot gedeelte des volgenden jaars, iets van eenig be- 
lang bij het zeewezen in deze streken voor. Tegen het einde 
van November des laatstgenoemden jaars had er echter een 
voorval plaats , 't welk op zich zelve van gewigt en het voor- 
spel was van den verderfelijken oorlog, waarin het Vader- 
land kort daarna gewikkeld werd. 

Dit voorval was een uitvloeisel der groote omwenteling 
welke in Frankrijk had plaats gevonden, en die aanleiding 
gaf tot eenen inval in de Oostenrijksche Nederlanden , welke 
grootendeels voor de overwinnende wapenen van het Repu- 
bliekeinsche leger onder den Luitenant-Generaal dumodriez 
hadden moeten bukken. Te weten: op den 32 November 
1792 kwam ter reede van Rammekens zeer onverwacht eene 
Fransche kanonneerbrik of sloep, la St. ZwctV genaamd, 
gevoerd door den scheepsvaaiidrig castagnier, die weinige 
dagen later gevolgd werd door het fregat of de korvet VAriel 
van 28 stukken, luitenant moultson, bevelhebber van bet 
smaldeel, drie kanonneersloepen en even zooveel gewapende 
Duinkerksche vischschuiten. De gezagvoerders dezer schepen 
vorderden, in naam van den Luitenant-Generaal suMouaiEZ, 



1 Moeid«re bgzoDderliedsn vindt meo, onder tndereii, in de Ifedtrl. Jaarboeken 
1701, D. II, b1. 865 m Tolg. en ia het Vervolg op itmenub, D. XXIV. bl. 
225 an volgende. 

' Er liepsD gerDchten ran upietUlylio ■■nriekiiig, docb by het daaroDitreiit ingntelde 
ondenoek bleek deawcge nicti mei eenigc zekerheid, loodat de brand Termoedelyk un 
on*<fatiasnibcid moet worden tocgeacbrEven. Men nun intatechen meitregelEn mor de 
toekomat, Toornamelyk op grond, xoa ali Prins wHiLkh V on den Advocut-nioul 
TAN DBB HOOP sobreef, "dewyl men redcneD bad U vreewD, dat er een plui bettend, 
oa bnnd in de irerren of op de schepen t« ttichten." 



„Google 



NEDBBI.AKD8CHE ZEÏWEZEN. 123 

den vrijeD doortogt naar de Schelde, ten einde van de zee- 
zijde behulpzaam te zijn in de belegering van het kasteel 
van Antwerpen, 't welk, terwijl de stad zelve reeds ver- 
meesterd was, zich nog in de magt der Oostenrijkers be- 
vood. Deze onverwachte gebeurtenis verwekte in Zeeland 
evenveel bevreemding ala ontsteltenis. Van de eene zijde 
toch , zag men in , dat door deze vordering in te willigen , 
het vredesverdrag van Munster en de jongste overeenkomst 
met den Keizer openlijk geschonden zou worden, terwijl 
men van den anderen kant vreesde , met zulks te weigeren , 
in oorlog te geraken met de overwinnende Fransche Repu- 
bliek. Maar bovendien bezat men de magt niet, den door- 
togt krachtdadig te beletten , aangezien er slechts twee of drie 
gewapende vaartuigen bij de hand waren die , hoe gering ook 
de magt der Franschen ware, niet tegen die twee vaartuigen 
konden opwegen. Men kops dus eenen middelweg. Aan de 
Fransche bevelhebbers werd kennis gegeven van de bestaande 
verdragen omtrent de sluiting der Schelde; men zocht hen 
door allerlei beweegredenen van den doortogt te doen afzien , 
en eindigde, toen deze geen ingang vonden, met eene uit- 
drukkelijke verklaring daartegen in te leveren. Doch dit 
alles hielp niets. De aanvoerder van het stnaldeel beriep zich 
op de stellige bevelen, hem door den Generaal dchoubiez 
gegeven, en zeilde met zijne schepen den 1 December de 
Schelde op, in het gezigt van het voor het fort Bath lig- 
gende Nederlaadsche wachtschip. 

Zoodra deze ongehoorde schending der verdragen ter ken- 
nisse van den Stadhouder gekomen was , gaf bij aan den 
kapitein derMaze, jax schrecderuabtnohan, denzelfden, 
die voor vier jaren de betrekking van gezant in Marocco 
vervulde, den last, onmiddellijk naar Zeeland te vertrek- 
ken , en bet gebied over de zich aldaar reeds bevindende of 
nader te vereenigen schepen van oorlog op zich te nemen. ' 



' HinnntbHar tu Prina willek V ud kapitab BABlnenAH, i Deo. IT98, bero*- 
teodo in *■ Koniigg Hoii-Arcluef. 



V Google 



124 GEBCaiBOENIS VAN HET 

Te gelijk gelastte de Prins, dat alle beschikbare gewapende 
schepen en vaartuigen zich in allerijl naar Zeeland zouden 
begeven, en dat in dat gewest zoovele als mogelijk was, 
met den meesten spoed zouden worden uitgerust. Daaren- 
boven kwam , weinig tijds na het gebeurde , uit Groot- Brit- 
tanje , waar bet doordringen van het Frausche emaldeel geen 
minderen indruk dan hier te lande gemaakt had, een hulp- 
eskader opdagen , bestaande uit één schip van 50 , twee van 
32, één van 28 en twee van 16 tot 18 stukken, aangevoerd 
door den Commodore mcrrat. ' 

Zoo verscheen dus voor de tweedemaal ' sedert de erken- 
ning der onafhankelijkheid van het Gemeen'ebést eene vreemde 
ficheepsmagt voor Vlissingen, de wieg en bakermat van zoo 
vele Nederlandsche zeehelden, om tot de verdediging des 
Vaderlands mede te werken! Hoe treurig die verschijning 
was, omdat zij de weinige zorg voor hetzeewezen, zoo kort 
na de groote inspanningen van den Engelschen oorlog, dui* 
delijk openbaarde, was zij nogtans van veel aanbelang, om- 
dat de provincie Zeeland daardoor, althans oogenblikkelijk, 
voor eenen onverhoedschen aanval bewaard, en de kapitein 
HARiNQHAN in staat gesteld werd, eenige krachtige maatre- 
gelen te nemen tot handhaving der eer en onafhankelijkheid 
van den Staat. 

Deze ofScier had zich, dadelijk bij zijne komst in Zee- 
land, naar Bath begeven, een fort, voor weinige jaren op 
den zuidelijken uithoek van het eiland Zuid-Beveland ge- 
bouwd ter vervanging van de aan den Keizer afgestane 
sterkten Lillo en Liefkenshoek. Met de meeste naauwkeu- 
righeid nam hij dat fort op, 't welk, als regt over den 
mond der Schelde liggende, een zeer gewigtig punt van 
verdediging was . deed vervolgens de reeds voorhanden sche- 
pen aldaar en verder lang^ de Vlaamscbe kust post vatten 

■ Brief nu den kipitein HAstNaifAit uu den Fritii, E Ju. IT93, in het Hoii- 
AiehieF dei Koninp. 

3 Da eentomMl vond iniki in d«n j>re 1747 pluU, 1i^ gel«geiili«id nn het uit- ' 
liTclien nn dsn oorlog m«t rnnkTi}k. Zie D. IV, lil. SID. 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWBZBN. 125 

Op zoodanige plaatsen als bij ooodig en nuttig - rekende , 
bestemde de plaatsen voor degene die dagelijks verwacht 
werden, en vaardigde ,' eindelijk , voor alle commanderende 
zeeofficieren een bevel uit, geene uit zee komende schepen 
de Schelde te laten opvaren, zulks eerst op eene minnelijke 
wijs te weigeren, en bij volharding, met geweld te belet- 
ten ; ook geene schepen van Antwerpen te laten afzakken , 
bebalve het vroeger opgevaren smaldeel der Fransche Repu- 
bliek , doch dit alleen , wanneer het zich verbond , regtstreeks 
naar zee te gaan. ' 

Hiermede nam het Gemeenebest dos eene waardiger , aan 
eenen vrijen staat passende houding aan , welke te meer 
gevorderd werd, omdat de Franscfae Republiek eerlang den 
oorlog aan deze Gewesteo, of liever aan den Stadhouder 
verklaarde. Die gebeurtenis maakte eene verdubbelde in- 
spanning van krachten noodig, waarvan het gevolg was, 
dat in de helft van jjentemaand des jaars 1793, boven bet 
Sagelsche eskader, in Zeeland reeds eene tamelijke scheeps- 
magt vereenigd was , ' die vrij wel in staat was voor de 
veiligheid van dat gewest zorg te dragen. 

Niettegenstaande deze vermeerdering van magt, was men 
niet zonder bekommering over eenen aanslag dien de Fran- 
schen. Daar het scheen, voornemens waren van de zijde van 
Antwerpen te ondernemen tegen de voor den mond der 
Schelde liggende Nederlandsche schepen. De kapitein harinq- 
HAN, namelijk, ontving bet berigt, dat de vijand zijne sche- 
pen op oieuw had uitgerust en met ovens, om gloeijende 
kogels te kunnen schieten , voorzien bad ; dat zijne magt 
met eenige, binnendoor van Ostende gekomen vaartuigen 
versterkt was , en dat er verscheidene branders klaar lagen , 
zijode een van zijne schepen, de kanon neersloep of brik, 

) Dit een ■ftchrift tu dit StteUehriff, 10 Jid. 17S3, benutBods in '■ Koningi 
Hnis- Archief. 

> Die mast beitond nit Üii ichip Mn 64, r^l vaa £0 tot Si, ién Tin IS, ün Tan 
14 itaklcen, benevani twaalf kuwnneerbooteu , galjooten ea andere kleinera gewapende 
TautaigBD. 



V Google 



X2ü QBSCUIEDENIB VAN HET 

la St. Lucie, reeds tot voor Lillo afgezakt. ' Haringman, 
deze tijding vernomen hebbende, besloot eenige dagen te 
Bath te vertoeven, om acht te slaan op de bewegingen der 
Frsnschen en, zoo zij eenen aanval mogten doen, in eigen 
persoon hun tegenstand te bieden. De naast opvolgende dagen 
bleef alles intusscheu stil, 't geen bij hem het denkbeeld 
deed rijzen, of er geeoe mogelijkheid bestond, den vijand 
dezerzijds eenige afbreuk toe te brengen, waartoe bij vreldra 
besloot , en 't geen met bet gelukkigste gevolg volbragt werd. 

Ër werd door hem met den kapitein Graaf van bylanut 
eerst een plan overlegd , om de forten Lillo en Liefkenshoek 
te vermeesteren. Van de zeezijde was daartoe eene voldoende 
magt voorhanden, doch tot het welslagen daarvan was ook 
krijgsvolk noodig, en dit ontbrak, zoodat zij genoodzaakt 
waren dat ontwerp te laten varen. Nn vormde harinqhan een 
ander plan , hierin bestaande, om het wachtschip der Franschen, 
la SI. -Lucie, onder begunstiging van de duisternis aan te tas- 
ten, te overrompelen, in zegepraal weg te "Voeren, of, zoo 
omstandigheden zulks mogten beletten, in brand te steken. 

Ter uitvoering van dit ontwerp werden door den kapitein 
HARINQHAN seven gewapende sloepen bestemd, alle bemand 
met officieren en manschappen der voor Bath liggende scbe* 
pen, die zich voor dezen togt ten getale van 140 vrijwillig 
en met geestdrift ' aanboden. Het opperbevel over deze sloe- 
pen werd door uaringhan opgedragen aan den luitenant 
WILLEK OTTo BLOïS VAN TRESL0N6 , * commaodant van den 
zich aldaar bevindenden gewapenden hoeker, de Maasmmph, 
aan wien deze taak wegens zijne vóór twaalf jaren bij den 
strijd van den Castor, onder melvill, betoonde dapperheid 
gerustelijk kon toevertrouwd worden. 

< OoraproDbeljjke brief van kapitein J. s. RkUKaH&H ud Frin» wiilbk V, 13 
Murt 17B3, ia 'aKoiiiDga Huii-Arcbief. 

> HtxiHSVAN uhr^ft tin den Prina, lUt de g««8Uiift loo groot wai, <lat e«ai icda 
gurne m» deie oudernnDiag zon beiibea deel genomea. 

3 De orerige offieieiea wiren de InitccBDta i. d. scHnrriR, 
iiOBKT, o. 1. iTOLtiBBdE, Islcr Viea-Admtrul ea Directeur. Genentl 
r. I. Dl vBi en i. bjtisck, die elk eeue der tloepen *Min>uden. 



„Google 



NEDSRI.AND8CUE ZEEWEZEN. 127 

Ten 7 ure des avonds van dea 20 Maart verzamelden zich 
met den achtervloed de zeven sloepen rondom het schip van 
dea bevelhebber, van waar sij, na verloop van eeü half uur, 
tot onder den Ouden Doelen roeiden, op welke plaats zij 
eenigen tijd onder den wal en buiten het gezigt des vijands 
bleven vertoeven, dewijl de vloed nog te sterk ging om de 
rivier te kunnen afzakken, ingeval zij verpligt werden on- 
verrigterzake terug te keeren of bijaldien het Fransche schip 
genomen wierd. Ten half tien ure werd de togt onder ge- 
leide van den Lilloschen loods, jan danckerts, die zich in 
de eerste sloep bevond en bij deze gelegenheid gewigtige 
diensten bewees, voortgezet, wanneer zij tnet de meest mo- 
gelijke stilte den Doelschen wal vertieten en tot digt onder 
het fort Liefkenshoek voortroeiden. Hier gekomen zien zij 
de St. Iiocie midden ia de rivier liggen , en even bewesten 
dit schip bet gewapende gaffeljagt, waarop decommisen dier 
sterkte zich ophielden. Tot «iwars van de vijandelijke kanon- 
neerboot genaderd , roeijen de Nederlanders met kracht van 
riemen op haar aan , waarop zij spoedig ontdekt en uit draai- 
bassen , "geweren en pistolen beschoten worden , 't welk uit 
de sloepen met geweer- en pistoolvuur wordt beantwoord. 
Na is het beslissend oogenblik gekomen. De luitenant bloïs 
VAN TRESLONG , niet Vervaard door den weerstand , maar 
integendeel aangevuurd door de verwarring die hij op den 
vijandelijken bodem meent te ontdekken, geeft bevel teen- 
teren. Onverwijld wordt aan dien last voldaan. Oe sloepen 
klampen stoutmoedig de kanonneerboot aan; ofïicieren en 
manscbappeu, met het blank geweer in de vuist, of met 
pistool en geweer gewapend , springen over , ' dringen op 
de vijanden aan, verdrijven hen van het dek, en dwin- 
gen hen zich atlen, uitgenomen eenige die met een klein 
vaartuig ontvlugten , ten getale van 57 , waaronder twee of- 
ficieren , - op genade over te geven. Terstond worden twee 

I Tolgena eao my medegedMltt berigi, zou het de loiteiuDt troLTEBUKSK geweett 
iQd, dis bet eent de ktDODneeibaot bereikte en enterde. 

- De eonuniudMit wu ciaTAOHiBB, doch die toertllig dien oielit ud Und vu. 



1, Google 



12S QE6CH1EOBNI8 VAN HBT 

'aioepen, onder de luitenants woLTEasEEK en hoblandb, 
naar het in de nabijheid liggende gaffeljagt gezonden , om 
ook dat vaartuig te vermeesteren. Met dezelfde kloekmoe- 
digheid wordt ook dit door deze beide officieren volbragt 
niettegenstaande het hevig vuur van het fort Lillo, waar- 
door de sloep van wolterbeek zoodanig wordt getroffen , 
dat hij ter naauwernood zich met zijne manschappen in eene 
andere kan redden. Inmiddels worden in allerijl onder het 
aanhoudend kanonvuur der vijandelijke aterkte de touwen 
der 8t. Lade gekapt, eenige zeilen bijgezet en vangen de 
sloepen aan, het veroverde vaartuig de rivier afwaarts te 
boegseren, welk" voorbeeld door de overige sloepen met het 
gaffeljagt gevolgd wordt. Beide veroverde vaartuigen zakken 
aldus onder de zegetoonen der overvrinnaars de Schelde af, 
en ankeren des nachts ten 12 ure op de reede van Bath bij 
'sLands schepen, waar zij door hunne krijgamakkera met 
luide toejuichingen begroet worden. ' 

Deze stoute onderneming, bij welke allen zonder onder- 
scheid zich met moed en dapperheid van bunnen pligt ge- 
kweten hadden , kostte slechts aan drie der onzen het leven , 
en niet meer dan vier werden gekwetst j zoo snel was alles 
toegegaan.' De veroverde schepen, waarvan de 8L Lucie 
met drie 24 ponders en zes draaibassen, en het gaffeljagt 
met acht stukken van 3 pond gewapend was, werden door 
kapitein harinoman terstond in dienst gesteld en het bevel 

> D« brouDcn, wutuit ik dit v«rbul pntts, wann bet Rapport van Ata loitciuatt 
w. o. BLOTS TiH TKEiLOHo MD deD kapitein i. I. HiRtnaviK nn 31 Heut 1793, 
CQ do brieteo lU genoemden kapitein aan dea FrÏDS, alle 1)eruBtendB Ïd '« KanÏDgs 
Hnii-ArehieT. Deieirde en nog andere itakken, door kapitein HARiHaMAN aan den 
Vice-AdmiKal Ta» kihsiiergin geionden, te viodea in bet werk van den aecnUrU 
van '» Lindi rioot, J. d. uoFurrr, Suekrijm^ •oa» h«t gtlatrdt tak iijdt vtut dm 
imxU der Ftamiehen t» txw Lamd, D. Il, fal. 83—118. Zie rerder de Stderl. Jaari. 
179S, St. I, bl. *98; Vervolg waom*« Vaderl. BUt. O. XXVI. bl. 17 volg. 
en M. o. TAN HALL, iewK van tan KCNaBiBaiH, bl. 174, tweede nitgiT». Het 
verbaal ïo dcM Uatita werken ii ecbter min ut meer onnaanwkearig. Zoo vinde ik pielt 
vennetd in de officiële itnkken van het driemaal aTeban dei omen, eTon min alt lan 
bet «e^tlea Ttn het gaffeljagt ait de h»en vtn Ijllo eni. 

> Het getal der geeneuvelde Frantchen bleef onbekend , omdat ly na de t 
ring dtdelljk over boord werden geiet. 



1, Google 



NEDEKLANDSCHE ZEEWEZBN. IZV 

over deze schepen aan de luitenants lobry en woltbrbeek 
opgedragen , waarmede dus niet alleen der Franschen magt 
verminderd, maar die der Nederlanders niet onaanzienlijk op 
dit punt vermeerderd werd. 

Groot en algemeen was de belangstelling ia het wel slagen 
van dezen togt , die op nieuw toonde , dat het den zeelieden 
geenszins aan bereid vaardigheid en moed ontbrak, en dat zij 
hun leven voor de eer en bet welzijn des Vaderlands veil 
hadden. De Stadhouder Admiraal-Generaat, zoodra hij de 
vermeeatering der beide vaartuigen vernomen had , wenschte 
den kapitein rabingman schriftelijk geluk met den goeden 
uitslag dezer op zijn bevel gedane onderneming, en droeg 
hem op, zijn genoegen daarover aan de officieren en het 
scheepsvolk die daartoe door hem gebruikt waren , mede te 
deelen; onder betuiging dat het hem aangenaam zou zijn, 
blijken te geven van zijne tevredenheid aan degenen , die 
daarbij hadden uitgemunt. ' En deze betuiging was wel ge- 
meend , daar de Prins , na verloop van weinige weken , den 
ontwerper dezer onderneming, den kapitein jas scHasunER 
HARiNGHAN, tot Schout'bïj-nacht , en den luitenant willeu 
OTTO BLOTs VAT< TRESLONG tot kapitein bevorderde. 

Ook de Algemeene Staten betoonden hunne belangstelling 
in het gebeurde , door het nemen van een besluit , ' waarbij 
aan de Admiraliteit van Zeeland werd opgedragen, aan den 
kapitein baringman, zijne officieren en volk te kennen te 
geven , dat Hunne Hoog Mogenden ten hotste goedkeur- 
den en prezen het gedrag en den moed, door hen bij 
de onderneming op de Schelde gehouden en betoond; wor- 
dende tevens bij die gelegenheid een voorstel in overweging 
genomen, of het ook dienstig zou kunnen zijn, eenig ken- 
baar eereteeken in te stellen voor zoodanige zeeof&cieren , 
onderofficieren en scheepsvolk, die zich gedurende den tegen- 



I Miannt-brier vta den Prim un btpitein 
a Haart 1763, benutende in 'i Roningt Unii- Archief. 
! Op den 2S Haul ITSS. Zie Seiohiie» van disD dag. 

V. 



V Google 



ISO GESCHIEDENIS TAN HET 

woordigen oorlog op eene of andere loffelijke wijs zouden 
hebben onderscheiden; welk voorstel nogtans door de lia^;- 
chelijke omstandigheden waarin het Vaderland geraakte, zon- 
der gevolg bleef. 

De Vice-Adiöiraal van kinsbbegen, onlangs door den 
Prins tot Opperbevelhebber van 's Lands scheepsmagt binnen 
de rivieren en stroomen benoemd, altijd ijverig om zijne 
goedkearing van dappere daden, 'door zeelieden bedreven, 
te toonen, wilde niet achterlijk blijven, zijn welgevallen te 
doen blijken. In afwachting der door de regering bestemde 
betooning , vereerde hij aan den luitenant willbu otto blots 
VAN TRE8I.0NQ eenen zilveren degen,' tot bewijs vao zijn 
genoegen wegens het beleid, door dien zeeofficier bij de 
vermcestering der beide vijandelijke vaartuigen aan den dag 



Eindelijk, eenige ingezetenen van Rotterdam, die zich 
vereenigd badden tot verkwikking en ondersteuning van de 
dappere verdedigers des Vaderlands, zonden eene aanzien- 
lijke som gelds aan den kapitein harinqhan, "tot een ge- 
schenk der brave equipagien onder zijn commando gesteld 
en tot verdere aanmoediging ," met aanbod , voor de weduwen 
en weezen der dappere gesneuvelden te zorgen. * 

Dat zulk eene belangstelling, zoodanige lof en zulke ver- 
eeringen eene heilzame uitwerking op de gemoedsgesteldheid 



■ De» dcgan ï* Dog in het bezit dei wedawe fsn dan toenmtligeii iDÏtenut, Uter 
tot den nag vu Viee-Admirul opgeklomnteD v. o. BLon tam tuslonb. Het ii 
«en gewone, geeot militaire of DDirorm degen (want deie beitondsn te dien tijde niet) 
BQ heen tlleen dit meikinsidige , dit op do boTenijjde der stootplut het n»olgenda 
g«gnveerde opiehrift geleien wordt: Vati dttt Sidder e» Admiraal tik kirsbeb- 
o-EN, ter geUgtnMd vtm d« verovtri^ dtr XVmueit vaarlniffe», op den iO en 
81 Maart 17S3. 

> Zie den brief van unbieding en het uitwoord Tan HAiitiotiiii , in de Nederl, 
Jaarloelctn 1708, St. I, hl. 781 volg. Den IL April legde HAKmeMAM (Qa eoD- 
mtndo in Zeeland neder en keerde naar Holland Urog, ten gevolge der opdragt nm 
het algemeen gebied over de leheepamagt binnen de rÏTieren en itroomen, en dna ook 
in Zeeland, aan den Vice- Admiraal tak EiMsBtKaEH, Den 39 April leTerde HABiMa- 
MAH een omiUndig «erilag nopeni t{]ne Terrigtingen WD den FrlDl il, 't welk in bat 
oonpronkelgke ia 'i Koning! Unia-Arehief hewaaid wotdt. 



„Google 



NEDERLANDSCHB ZSEWEZEN. 131 

der zeelieden hadden en hunne geestdrift aanvaarden , behoeft 

naauwelijkfi gez^ te worden. 

Inmiddels hadden er gewigtige gebeurtenissen in Holland 
plaats gebad, waardoor dit belangrijke gewest in groot ge- 

. Taar was gekomen, 't welk echter gelukkig nc^ bij tijds 
afgewend was. 

De hagchelijke toestand waarin die provincie geraakte, 
was het gevolg van het doordringen van het Fransche leger 
onder den Luiteoant-Generaal dumocriez. Deze Opperbevel- 
hebber der RepubUkeinsche krijgsmagt in de veroverde Oos- 
tenrijksche Nederlanden, de provincie Zeeland, op welke 
hij het in 'teerst scheen gemunt te hebben, ter zijde latende 
liggen, vormde het stoute plan, regelregt op Holland a&n 
te rokken, tot diep in het harte van dat gewest door te 
dringen, daarna de aan de rivieren de Maas en Waal lig- 
gende sterkten van achter aan te tasten , en zich op deze 
wijs in het bezit van het Gemeenebest te stellen. De spoe- 
dige vermeestering van het lafhartig verdedigde Breda, dat 
henn overvloed van geschat en krijgsbehoefte verschafte, waaraan 
hij groot gebrek had, en de verovering van Geertruidenberg 
schenen hem den weg te banen tot volvoering van dat plan. 
Ter geheele verwezenlijking daarvan was nog alleen noodig 
het bakken van de Klundert en vooral van de Willemstad , 
waarvoor de Franschen zich hadden nedergeslagen , benevens 
de ovettogt naar Dordrecht, waartoe ddmodriiz reeds een 
aantal schepen verzameld had. 

Onder zulke omstandigheden was het noodig, tot behoud 
van het Vaderland krachtige maatregelen te nemen. Reeds 
vóór het zoo verre gekomen was, toen de oorlog wel op 
het pont stond uit te barsten , doch nog niet verklaard was , 
hadden de Algemeene Staten zich reeds daarmede bezig 
gehouden. Onderscheidene bevelschriften waren in dien geest 
uitgevaardigd, met name, omtrent den uit- en invoer van 
wapenen, oorlogs- en scbeepsbehoeften en nopens het var- 
bod tot overbrenging van volbouwde schepen naar Frankrijk; 
omtrent de kwijtschelding aan zeelieden , die uit den dienst 

9* 



V Google 



132 ' G£SCH1£DSNIS VAN EET 

te water verloopen of zich ia vreemden dieast begeven badden ; 
betrekkelijk het uitloven van premiea voor de Commissie- 
vaarders, die eenige oorlogsschepen dea vijanda zouden ver- 
overen; eindelijk, 't geen in den tegenwoordigen stand der 
dingen vooral nuttig was , en daarom ook door de Staten 
van Holland voor buD gewest mede in bet bijzonder bevolen 
werd, omtrent het binnen een kort tijdsbestek overbrengen 
naar deze zijde van alle vaartuigen , liggende asn de oevers 
der provinciën Holland en Zeeland, van waar de vijand een 
inval sou kunnen ondernemen , onder bedreiging van zware 
straffen tegen de overtreders. ' 

Dan , hoe nuttig deze maatregelen op zich zelve mogteo 
zijn, waren zij onvoldoende om den vijand het doordringen 
te beletten. Er moest meer gedaan worden: er behoorden 
batterijen langs de dijken opgerigtj krijgsvolk naar de be- 
dreigde punten gezonden ; er moest vooral eene bekwame 
scheepsmagt onder een kundig en ijverig bevelhebber bijeen- 
gebragt worden , om den Franschen den overtogt naar Hol- 
land te betwisten en hun alle mogelijke af breuk.toe te brengen. 

Ter overlegging van hetgeen behoorde gedaan (e worden, 
werden in het begin der maand Februerij eenige der voor- 
naamste zee- en landhoofdoiHciereti door den Stadhouder 
naar 's Gravenhage ontboden , door wie gezamenlijk ontwer- 
pen tot verdediging gemaakt werden. Vervolgens vertrok de 
Vice-Admiraal van kinsbergen naar het eiland van Dordrecht , 
de Willemstad, Helle voetsluis en andere tusschenli^ende 
plaatsen , om de gesteldheid dier punten op te nemen en daarna 
een meer bepaald plan in te leveren . 't welk door hem ge- 
daan werd. ' De schielijke en onverwachte overgave van 
Breda en de kort daarop gevolgde inneming van Geertrui- 



1 At dan Plakkaten, nilgiTurdigd vin JtDurj) tot Hurt ITSS, t^n ta Tindcn in 
bet Oroot FlaJriaatboek D. IX, b1. SI, lOS, 118—183. 

* Zia dat plan in de Buiige A , in het tweede deel dei reedt Tcrmelde Beiolir^oiay 
va» iet gebeurde ten lijdt van dm tmai der Freuueitn ut ons Lattd eni. , door 
, Sïcrftarii vm 't Ltndl iloot. Bit fo«r de geBebiedenia lan bet 
I nes teet belaDgryke nerk, S deelen 8*. Amaterdam 1TB4, aoMint 



V Google 



NEDEELANDSCHË ZKEWBZEN. 133 

denberg maakten oogtaas spoedig eone veranJeriag van dat 
plan Doodig, eo men moest nu boveoal niets verzuimen wat 
Btrekken kon om den Franschen den overtogt te water naar 
Holland te verhinderen. 

Dan, de middelen om dat doel te bereiken, waren zeer 
gering. Ia Zeeland konden geene schepen gemist, de zee- 
gaten van de weinige bodems die zich aldaar bevonden, 
niet ontbloot worden, en de Admiraliteiten, wier geldmid- 
delen door de onverschilligheid en nalatigheid der provinciën 
uitgeput waren, waren zonder buiteugewonen onderstand niet 
in staat, zoovele schepen en vaartuigen binnen zoo korten tijd 
te leveren als de hagchelijke omstandigheden vorderden. Men 
deed intusschen wat men kon. Alle vaartuigen, die van 
eenigen dienst konden zijn, werden gekocht of ingehuurd, 
uitgerust en gewapend, terwijl onmiddellijk een aantal en- 
kele en dubbele kanonneerbooteu aanbesteed en met den 
nieesten spoed in gereedheid gebragt werden. De twee Ad- 
miraliteita-CoUegien , van de Maze en van Amsterdam , ' on- 
derscheidden zich bij deze gelegenheid door hunnen ijver en 
welwillendheid, maar bovenal dat der Maze, 't welk als het 
naast gelegen aan de plaats van het gevaar en in het mid- 
den der bedreigde rivieren , het meest in staat was , spoedige 
hulp te verleenen, en dit, even als in den jare 1747, wer- 
kelijk deed. Drie advijsjagten en twee kotters werden door 
die Admiraliteit terstond in dienst gesteld en bemand; zes 
gaffelschepen en de buis-konvooijer der groote visscherij ge- 
huurd en van het noodige voorzien ; twintig kanonneerbooteu , 
deels op eigene werven op stapel gezet, deels aanbesteed, 



met TMrwateo en toatlemming vtm tan kihbbiiqkii giJr^t te i^ii. OndcricliEideiii 
nn de in liet werk tw hoevttt troorkomende atokkeD ifjD ook te tinden ia da Sedert. 
Jaarboelrgm va 119S en 1704. 

I -) Luid* hulk, de Bainger, bebDOrende un de Admirntiteit im Amtteidim , welke 
mede beiteaid wu tol Tcrdediging de> Vader!iiid>, geraakte, door welke ooliuk ia 
onbekend, in den avDiid iva den IS Haart, tervyl dat aehip op de reede Tan Vtie- 
knd lagi i» bnnd en werd ten eenemale eene prooi der Tlumnen. By dit ongeluk 
rerJoren de Commandant, kapitein boukicius, netwa eenige uden effieienn en BS 
mui j»in»nerl()k Bet leren. 



vGbogle 



134 0E8CHIBDBN1S VAN HET 

en bisneD twiotig dagen in gereedbeid gebragt; terwijl zij 
bovendien aan den Britschen zeekapitein berkelet, die aan- 
geboden bad , op kosten der Eogelsche Regering , tot be- 
houd der provincie Holland, in deze oogenblikken van oood 
eenige vaartuigen te koopen of te huren, te wapenen en 
met EngeUche en andere matrozen te bemannen, de hulp- 
zame band bood, bare magazijnen voor hem openstelde, ' 
en verder voortging alles te doen wat in haar vermogen was 
om de aanslagen des vijands af te weren en te verijdelen. 

Tot Bevelhebber der geringe scheepsmagt , over welke men 
bij het naderen van den vijand kon beschikken, werd in 
de eerste oogenblikken benoemd de Schout- bij -nacht der Maze, 
F1E1EB uELviLL. I)eze begaf zich, op last van den Stadhou- 
der , in allerijl naar het Hollandsch Diep , waar hij de wei- 
nige schepen en vaartnigen die te zijnen dienste stonden en 
die achtervolgens hem werden toegezonden, op zoodanige 
punten , als het eerst en het meest aan den aanval der Fran- 
schen bloot stonden , poet deed vatten. ' 

Niet lang daarna * werd de Vice-Admiraal van kinsbbr- 
GEN door den Stadhouder, die ter bevordering der eenheid 
het Doodig en nuttig achtte het gebied der scheepsmagt aan 
één enkel bekwaam en moedig vlagotïicier toe te vertrouwen, 
benoemd tot Opperbevelhebber over alle 's Lands schepen , 
liggende op de rivier de Maze en verdere stroomen binnen 
de provincie van Holland en Westvriesland , alsmede over al 
degene , welke op de Schelde en stroomen der provincie Zeeland 
zich bevonden, met uitdrukkelijken last, die scheepsmagt zoo- 
danig en in dier voege te gebruiken , als hij ten meesten 
dienste van den Lande en tot de meeste afbreuk van den 
vijand zou noodig.oordeeIen. 

■ aeerete Bei. dom S. S. Mog. 21 PeIii. 1T93. Kapitein bkhbblbi deed dit un- 
bod oodci luibeieliiig vas den BritscheD gtunt. Hetzelve werd door de Algemeeue 
SUIsD met dankbucheid aangenomen. In genoemde Beaolntie wordt geiegd , "dat H. 
H. Mog. niet genoeg kannen laaderen en approberen den fjvBT en vigilantie der Adnï* 
nliteit vin de Maie, en verwaeliten, dat zf) op deniolfden toet lal Toortgaan." 

« Uospnr 1. 1. D. I, 11. 10. 

> Op den 3 Hwrt 1798. Zie deie bBnoeming tij hoeufft 1. 1. Sijlaga B , D. II , bl. 6. 



V Google 



KEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 135 

Getroffen door dit btijk vsn vertrouwen , naiu van kins- 
BKKQBN , doch niet zonder huiveriDg , ' deze gewigtige be- 
trekking , vaD welker goede vervulÜDg zooveel ia deze dagen 
kon afhangen, aan. Onmiddellijk begaf hij zich naar den 
mond der Dordacbe Kille, vestigde zijn hoofdkwartier aldaar 
in het Adoairaliteitsjagt van de- Maze , en nam het opper- 
bevel over van den Schout-bij-nacht helvill . die zich nu , 
niet zonder eenig mianoegea, verpligt zag onder hem te 
dienen. Terstond hield van kinsbebobn zich bezig met maat- 
regelen te nemen tot bevordering eener geregelde verdediging. 
Hij verdeelde tot dat einde de op dit punt vereenigde of 
Dog te vereenigen magt in drie afdeelingen. De regtervleu- 
gel, strekkende van de Willemstad tot de Steenbergsche 
Vliet, werd door hem gesteld onder bet bevel van den ko- 
lonel eo kapitein ter zee a. j. van halm; het gebied over 
het centrum, gaande van de Dordsche Kille tot de Willem- 
stad en Hellevoetslais , werd door hem opgedragen aan den 
Schoat-bij -nacht helvill; de linkervleugel, welke van Har- 
dinxveld tot aan de Dordsche Kille liep , werd toevertrouwd 
aan de leiding van den kolonel en kapitein ter zee a. a. 
BOLS; terwijl eindelijk aan den Engelschen kapitein berkb- 
jj[T het bevel gelaten werd over de door hem uitgeruste 
kanonneerbooten , die geschaard waren langs het Hollandsch 
Diep , van Strijen Sas tot aan de Buiten Sluis. * Vervolgens 
gaf VAN KiNSBERGEK bevelen om, gelijk reeds vroeger ge- 
schied was, voort te gaan met het weghalen der vaartuigen 



1 Ik itg met huiieTing; want JD MO brief db deic Woamiig un den Prioi. tcbreaf 
h0, dit hf) dia uDuam "mlaatat ptmr VoMoitr dt ma Potrit et ceOe de ia 
Mmaom , ear uuu eelA U o'y a pmnt dei emditUnu UUn favoriAlet gu'Ht puit- 
têtU Ure, yue je Vaceeptermt. Votte AUeite emuuAt «iniB qw moi VHat dtlabré 
tb uetre XarvM et Vetprit da CoUigee , Joint i det rauont dv jaloueuM q*i ont 
depmt lomgtamu exitUe* coutre m<n, ptmr jm je me dmnt en tout crmm^e de 
eompromettre C^omuur, plm cUr ytte la vie i vn officier." Oonpioniielfjke brief 
in 'e Koningi Hnii-Arcbitf. De Pri» b*d tik iixsBBsaiH bQ deie gelegcDbeid tot 
LoiteoBnt-Adiuïna] willan verbeffeu , docb om geen neerdem naQTer te Tcrwekkea , 
waas hy inlks nu ie htuid. Zie tak hall, LeteMbeeeirijviÊig rm tam UHSBEaauf , 
bl. iM, tweede uitgave. 
s HoEoriT 1. 1. D. I, U. SS— 10. 



V Google 



136 OESCÜIEUEMS'VAN HET 

van de zijde des vijands, en bet onbruikbaar maken der 
monden of openingen van de vaarwaters , waaruit men vreesde 
dat de Franecben eene landing zouden beproeven. Het eerste 
slaagde vrij wel, docb men was somwijlen verpligt daarbij 
geweld te gebruiken, gelijk de luitenant pbrrktn onder- 
vond, die zich genoodzaakt vond, tien 's Gravenmoerscbe 
akeu , van welke de manschappen weigerden bem te volgen , 
in den grond te bakken. ' Het laatste werd in den Dintel 
en de Roodevaart bewerkstelligd , waar men twee met steenen 
en zand geladen schuiten liet zinken, doch die door het 
sterk vallen van het water spoedig nutteloos en door den 
vijand weggeruimd werden. 

lotusscben werd bet gevaar dreigender, nadat het vijan- 
delijke leger zich van Geertruiden berg bad meester gemaakt 
en de Willemstad van dag tot dag naauwer ingesloten en 
heviger beschoten werd. Het was van het uiterste gewigt, 
deze stad , te regt als een voormuur van Holland aangemerkt , 
te behouden, en eenen inval op het eiland van Dordrecht, 
waartoe de verovering van Geertruidenberg eene gunstige 
gelegenheid aanbood , bet kostte wat het wilde , te beletten. 
De moedige bezetting van de Willemstad deed alles wat zij 
kon , om het eerste oogmerk te bereiken ; maar 's Lands 
zeemagt bleef daarbij ook niet werkeloos. Het was den ka- 
pitein DETMEBS, ondersteund door de luitenants grotenbay 
en VAN UOBY , welke te dien opzigte gewigtige diensten be- 
wezen. Deze kapitein bad bevel bekomen, met zijnen gewa- 
penden boeker, de Zeehond, van 16 stukken, en de beide 
onder hem gestelde kotters, de Brak en de Paniher, de 
vesting allen mogelijken bijstand te verleenen. Met dat oog- 
merk had hij van bet begin af dat de Franschen zich voor 
de Willemstad vertoonden, nabij die vesting post gevat, en 
den vijand niet alleen zoowel bij dag als bij nacht door zijn 
geschut verhinderd langs den westdijk, een der voornaamste 
toegangen tot de stad , verschansingen en batterijen op te 

1 HoKUrrr 1. I. 0. I. bl. 68 en D II, bl 3S. 



V Google 



NBDBRI.AND80HB ZEEWEZBN. lt)7 

rigten . maar zelfs meermalen de Franscheo van dien dijk 
verdreven. Eerst in den nacht tasschen den 9 en 10 Maart 
gelukte het den vijand , eene batterij aldaar op te rigten , 
waarmede hij de schepen fan detxers zoo hevig met gloeijende 
kogels beschoot, dat deze, na het bekomen van eenige 
schade , genoodzaakt werden zich te verwijderen en de ruimte 
te kiezen. ' Van dit oogenblik af kon 's Lands seemagt de 
beoaauwde stad geeene regtstreeksche hulp meer bieden. 
doch sij bleef daarom geenszins werkeloos. Bij voortduring, 
tot aaD het opbreken van het beleg, geleidden de oorlogs- 
schepeD, somwijlen niet zonder gevaar, de vaartuigen, die 
krijgsvolk, levens- en oorlogsbehoeften derwaarts overbragten, 
zoodat 's Lands zeemagt krachtig tot het behoud van de 
Willemstad medewerkte 

Ten einde den vijand den gevreeaden overtogt te beletten , 
ging TAN KiNSBEEGBN met Overleg van den Schout-bij-iiacht 
MKLVio. voort, de noodige schikkingen te maken. Met dat 
doel, deed hij eenen kabel, met een ketting bewoeld, en 
van afstand tot afstand op vlotten rustende , over den mond 
der Dordsche Kilte spannen, opdat de vijandelijke vaartui- 
gen niet zouden kunnen doorbreken en de te dier plaatse 
liggende ksnonneerbooten onverhoeds overvallen, enteren of 
verbranden. ' Nog in den mond van een ander vaarwater 
deed van einsbekgsn een dergelijke ketting spannen, en 
versterkte verder, door het zenden van meerdere gewapende 
vaartaigen , die plaatsen , welke het meest voor eenen aanval 
bloot stonden. De toeneming der scheepsmagt ' stelde den 



1 Brief van den lapitcin DmiiHs uu im Ptiu 10 Hurt 1793, in 'iXaning) 
Hnïi-ATgliicf, «n r. tak oldbhdoigh. Be heUgeria/f m vmrdtdigimg wm de Wü- 
Umttad, bl. il . iA . M en 99. 

1 HoicrFt, D. I, bl. 46 CD 4S, va Vervolg op Tialilui , D. XXV, bl. ti2. 
£r beataat rene prentTerbceldiDg, uur hst iBien geteekend door a. ichouhan ea ge- 
gmoeid dooi bmiwef, ToontstlaDdc dau ketting at de nngiebiklciag der kuioiineer- 
booten in de DoTdiebe Kille op dea 89 Muirt 1768, wauBiai de lldne pint vnvairdigd 
ü, TooTkomrade in de langebulde plut* van bet Vvrvotg op tnatst,i». 

1 Da Bondgeaootoi stonden Mbtenolgeiu toot de leemagt m de bioseDlud^cbe defen- 
lie te water, dit jeu, toe: K eqoipagie mor 1798/1,240,000; 2b. oitiiuting vin 



V Google 



138 GESCHIBUENIS TAN HKT 

Vice-Admiraal 'm staat, deze maatregelen met vrucht te oe- 
men. Niet alteen toch kwamen bijkans eiken dag nienwe 
gewapende vaartuigen van verschillende soort aan , maar de 
kanonneerbooten van den Britschen kapitein berket.et wa- 
ren thans genoegzaam voltallig geworden , en de Graaf bbn- 
TiNcK VAN RHOON, lid der Admiraliteit van Amsterdam, 
die dadelijk na bet uitbreken des oorlogs aangeboden bad, 
vijf en twintig gewapende Scheveningsche pinken, alle met 
vrijwilligei-s bemand, tot verdediging dea Vaderlands te be- 
zorgen , vervoegde zich eerlang bij de onder van kinsber- 
OEN gestelde magt. ' 'Op deze wijs en door bet aanleggen 
van batterijen waar die nog ontbraken, droeg de Vice-Ad- 
miraai zorg voor de bewaking der aan hem toevertrouwde 
Linie van Defen^e, wier volkomene %teveiliging nogtans zeer 
moeijelijk bleef bij de uitgestrektheid dier Linie, welke niet 
minder dan tien uren lengte had, en bij de betrekkelijk nt^ 
altijd geringe magt, over welke hij kon beschikken. 

Door deze magtsontwikkeling , die met evenveel kunde en 
doorzigt als beleid door van kinsbergen werd bestuurd, 
en waarbij officieren en scheepsvolk wedijverden in getrouwe 
pügtsbetracbting , werden de Franschen genoodzaakt af te 
zien van hunne voorgenomen landing. Zij wendden wel po- 
gingen aan, de in den mond der Dordsche Kille verzamelde 
gewapende vaartuigen te vernielen, door ze met het geschat 
uit de aan den Moerdijk opgeworpen batterijen herhaalde 
malen te beschieten; zij slaagden er wel in, eenige dier 
vaartuigen te beschadigen ; maar dit was ook het eenige dat 
zij ondernamen, en de door hen, voornamelijk in de Roode 



hulken en klmoa Tiirtnigen ƒ 890,240; 8*. voot de binaenl>ndiahe defenaie ƒ 900,000; 
40. naden eqoipagie van linieichepen ee fngatlen ƒ 8,&00,000 ; te lamen /6.6llO,S40; 
ioeh het wu er Terra if, dat deze geheele loni tolduD werd, en het OTerige kwmn 
nog giooteadeela leer triag in. Uit boreaiUaDde aommen werden geeniiina betaald de 
werren, Jaameddeu en verdere koaten Tan beatnnr, die, gel|jk men weet, gerandeB 
werden oil de gewone inkomaten (de nit- en ingaande regten enx.) dar Admfralitaten. 
■ Er bMttat eene gel^ktfjdige prest, geteekend door a. bcuouhan en gegraveeid 
door BiKDOBP, die de gewapende piakta ondel Graaf BMURCk toot den Hoerd^k 
vmratett. 



V Google 



NKDERLANDSCHE ZSEWEZRN. 139 

vaart verzamelde raartaigen waagden het zelfs niet eens, 
den overtogt te beproeven. De zeémagt van den Staat was 
daa , ofschoon er zich weinig of geene gelegenheid aanbood , 
den moed waarmede alle schepelingen bezield waren , te doen 
blijken , bet middel om den vijand in zijnen overmoed te 
stuiten en werkte krachtig mede tot het behoud van de 
provincie Holhind, en bijgevolg van het Vaderland. 

Weinige dagen nadat alles dos ter betere verdediging in 
gereedheid was gebragt, ontving men de heugelijke tijding 
dat de vijand, met achterlating van ettelijke stukken geschut 
en eene menigte krijgsbehoeften , het beleg van voor de 
mannelijk verdedigde Willemstad had opgebroken. Deze ge- 
beurtenis, het gevolg van den voorspoed der wapenen van 
de fiondgenooteo , verminderde het gevaar voor eenen inval 
in Holland aanmerkelijk, doch deed het niet geheel wijken, 
xoolang de vijand zich nog in de nabijheid te Geertraiden- 
berg en io andere plaatsen bleef ophouden. Men werd er 
dus op bedacht , zoodra de gelegenheid daartoe gunstig scheen, 
krijgsvolk naar de Willemstad over te voeren , om de bier 
en daar nog achtergebleven Franschen in den rug te vallen, 
te verdrijven en alzoo aan hunne steeds voortdurende stroo- 
perijen paal en perk te stellen. Met dit doel vertrokken, op 
last van den Vice-Admiraal vak kinsbeboen, den 31 Maart 
nit de Dordsche Kille twee en twintig transportschepen , 
aan boord hebbende ongeveer 700 man voetvolk en ruiterij, 
begeleid door de gewapende brikken de Coarier en de PoS' 
Ütynt, benevens 'sLa&ds poon ^ Jager en 14 Nederland- 
sche en Engelsche kanonneerbooteu , alle staande onder de 
bevelen van den kapitein oorthdis; welk konvooi behouden 
ter bestemde plaatse aankwam , nadat eenige der gewapende 
vaartuigen met de batterijen des vijands aan de Noordschans 
in gevecht geraakt , en deze laatste tot zwijgen gebragt waren. * 
Denzelfden nacht ondernam de Britsche kapitein berke- 
LET met acht zijner kanonneerbooteu eenen aanval op de 

i Hoxvvn D. I. U 106 «a IM. 



V Google 



140 OESOIIIEDENIS VAN HET 

gemelde Noordschans , in' de hoop , deze schans te verrassen 
en te betnagtigen, doch deze onderaeming mislukte ten eenen- 
male. De vijand noodzaakte hem , onverrigterzake en met 
verlies terug te keeren. Niet zonder reden was de Vice-Ad- 
miraal van kinsberoen, zonder wiens voorkennis of bevel 
deze aanval geschiedde, ten uiterste misnoegd over~deM 
eigendunkelijke onderneming, die slecht aangelegd en zon- 
der beleid uitgevoerd was. ' 

Het leed niet lang, of Geertruidenberg werd door de 
Franschen ontruimd en fireda op nieuw door het Nederland- 
sche krijgsvolk in bezit genomen. Hiermede was, althans 
voor het oogenblik , alle gevaar geweken , waardoor het on- 
noodig werd, de geheele op de rivieren vereenigde scbeeps- 
magt langer in dienst te houden. Dien ten gevolge werden, 
op voordragt van van kinsberobn, al de gehuurde schepen 
afgedankt en een aanzienlijk gedeelte der kanonneerbooten 
en andere Ijands vaartuigen ontwapend en opgelegd. De 
kapitein berkeley met zijne kanonneerbooten was reeds 
vroeger uit den dienst ontslagen , zijnde aan hem en vier 
zijner officieren bij die gelegenheid, als een blijk van erken- 
telijkheid voor de door hen bewezene diensten, van wege 
Hunne Hoog Mogenden eene gouden keten en gedenkpen- 
ning van hetzelfde metaal vereerd, tot geen gering misnoe- 
gen van den Vice-Admiraal en der verdere zeeofficieren , die 
zeker niet minder tot behoud des Vaderlands in dezen ge- 
vaarvollen tijd hadden toegebragt, doch wier diensten niet 
' slechts onbeloond bleven , maar zelfs met stilzwijgen voor- 
bijgegaan werden. * 

Met deze werkzaambeden en na het wijken der gevaren, 



> Hocorn D. I, bl. 107 Tolg.; D. II, bl. TS. Birkelbt deed 
dal bet slecbta eeoe TcikenniDg gewml *■■. 

> Zie It. o. Van hi.ll, Levtn con van KfNaBEROKH, bl. 171, tweede uitgtvE. Vin 
KlKSBBRaRN gaf i^jne denlcnijs dienaanguiide met beacheidenheïd , docb teTeui met den 
leeaaa pasHDde rondbeid aan den Prini en aan den BsadpenlionKTia yav di rpiioel 
te kennen. Er beatond eTenwe! belangiteiling ïn het lot iet moedige TErdedigen Tan 
het Vadeiland, geijjk eenige ingezetenen xm Dellt toonden, die aan den Vice-Admi- 
raal tabak en andere verkwikkingen voDT de leelieden toexonden. 



1, Google 



NXDERLANDSCUf ZEEWEZSN. 141 

meende van einsbbboin, dat de eervolle eo dikwerf moei- 
jelijke ' taak, waarvan hij zich zoo wel gekweten had, ge- 
ëindigd was. Hij wendde zich derhalve tot den Prins, als 
Adaairsal-GeDeraal, en verzocht van het hem opgedragen opper- 
bevel ootstagen te worden, onder betuiging, dat zijn eenig 
inzigt , bij de vervulling van die eervolle betrekking , geweest 
was , de maatregelen , die Zijne Doorluchtige Hoogheid tot 
redding van het Vaderland had genomen, zoo veel mogelijk 
te helpen bevorderen. "Ik kan echter," voegde de Vice-Ad- 
miraal er bij, "dit commando niet verlaten, zonder alvorens 
te hebben betuigd, dat al de hooge en mindere officieren 
200 wel ala de matrozen en soldaten zich hebben gedragen 
met eenen ijver, beleid en kloekmoedigheid, welke door mij 
DÏet genoeg kunnen geprezen worden;" bevelende hen ver- 
der in de bescherming van den Stadhouder aan , "daar zij in 
de gevaarUjke omstandigheden , waarin het Vaderland zich 
bevonden had , zich wel van hetzelve hadden verdiend. * 

Dan , de Prins begreep , dat hij dit verzoek niet behoorde 
in te willigen, daar er, alhoewel het groote gevaar geweken 
was , nog veel te doen overbleef tot beveiliging der kusten , 
maar vooral tot bescherming van den handel en de zeevaart. 
Eq aan wien kon hij de zorg voor die gewigtige belangen 
beter vertrouwen dan aan den man, die bij de jongste ge- 
beortenissen zoo uitgebreide kunde en rusteloozen ijver had 
ten toon gespreid? Hij verzocht das van kinsberoen, de 
hem toevertrouwde betrekking van Opperbevelhebber te blijven 
behonden; voor de veiligheid der zeegaten en kusten verder 
te blijven zorg dragen, en tevens met de schepen van oor- 



■ Boh^Tc bet mgandDBksIük gedrag na den Britacban ktpEtcin ■ 
fukte, onder Hdcini, di hindelngs vu Graftf bemtinck tah bhoon hen ook nog 
kuraren. Itea ne hnroict h. c. tak hall, L»vt» van tak uuibbkoih, U. 17S, 



* Briof na tam UHsaBBain uu dea Prm* IE April 1793, by motvrn D. II. 
bl. SSS. Zu ook H. c. TAH HALL, Lnn ciM TAK Kuisaiui», bl. 178, tweade 
oitgaTB. Dit n de muite aiiderB itakkBn, in het tweede Deel viB bet «cik Tin den 
■ccretarii uoiurrr TooikomcDde, iQn in het Mnpionkeljikg of bj) eTKhrilt Toorhin- 
den in '1 KoDJngt Hnit-Aiebief. 



1, Google 



142 UESCHJEDXNJS VAN HST 

log , die reeds in staat waren of oog gereed gemaakt werd» , 
alles aan te wenden vrat tot bescherming des handels en da 
zeevaart strekken kon. ' Van KiNSBBBaSN liet zicb zulks wel- 
gevallen, en kweet zich op nieuw met ijver van zijnen pligt. 
Hij nam de noodige schikkingen voor hetgeen onder de ver- 
anderde omstandigheden dienstig zijn kon, om den vijand 
het inkomen in de zeegaten en bet verontrusten der knsten 
te beletten. En wat de bescherming des handels betreft: de 
kapitein dbthees vertrok eerlang met een smaldeel naar de 
Sont, om de Nederlandsche koopvaarders af te halen. Aan 
den kapitein d. a. harinohan werd opgedragen, eenige West- 
indievaarders vau Flymouth herwaarts te begeleiden. Een 
eskader onder den kapitein Grave van btiandt werd naar 
de Noordzee gezonden om te kruisen, en kreeg daarna den 
last, de verwacht wordende Oostindische retourvloot tot Hit- 
land te gemoet te zeilen en naar het Vaderland te begelei- 
den , 't geen niet het verlangde gevolg bekroond werd. De 
kapitein van woenbel, voerende bet Unieschip de Adwvraal 
de Jiu^ter, en de kapitein van halm, met het fr^t de 
Prinsei Frederi&a WUhelmina, namen, op last van van KlNs- 
B2ROEN , de naar Elseneur bestemde koopvaarders , ten getale 
van 128, onder hunne bescherming en bragten ze in veilig- 
heid daarhenen. Ook aan den weuech der handelaren op 
Archanget , om hunne schepen derwaarts te doen begeleiden , 
werd voldaan. Nog andere schepen werden uitgezonden , hetsij 
ter dekking vao de visscherij, hetzij tot bescherming van 
den handel, hetzij om tegen de Franscbe kapers, van welke 
zich eenige soms vertoonden, te waken. Al deze beschik- 
kingen , * waardoor handel , zeevaart en visscherij , te midden 
van den oorlog , ongestoord gedreven werden , genomen zijnde , 
achtte VAN kinsbergen het voegzaam , zijn verzoek om ont- 
slag van het opperbevel te herhalen , 't geen hem thans door 



1 HoiuiVT, I. I., D. I, U. ISe eit h. c. vah hail., 1. 1., M. 118, tmeai 
aitgsTc. 
) De bIJioDderhed» ontmit dit tUei tiikK men oniUndig *BmBU is het «srii 



V Google 



NBDSRJjA.NJ>8cnE ZEEWEZEK. 14d 

den Piins verleend werd; doch korten tijd daama werd hij, 
ten bewijxe van de bijzondere tevredenheid des Stadhouders 
OTCX zijne onvermoeide zorgen en de gewigtige door hem be- 
weien diensten , tot de waardigheid van Lmtenant-Admiraal 
van Holland en Westmesland verbeven; eene belooning, die 
file weldenkenden , als ten volle verdiend, toejuichten. 

Overigens viel er dit jaar niets meer van aanbelang in deze 
itreken met 's Lands zeemagt voor , behalve de zending eener 
flotille kanonneerbooten naar Mentz, ten einde die stad, 
wdke door de BoDdgeDooten sinds geruimea tijd belegerd 
w«rd, op de Fnuiscben te helpen veroveren. 

De Graaf bbntince van bhoon deed deswege het eerste 
Toorrtel. 't welk hij, zoo het bijval mogt vinden, beloofde, 
in xijne hoedanigheid van lid der Admiraliteit van Amster- 
dun, te helpen ondersteunen en ten uitvoer brengen. Door 
de Prinses van Oranje hiervan aan den regerenden Hertog 
van Bronswijk en den Koning van Praissen kennis gegeven 
i^nde, werd dat voorstel door die beide Vorsten hoogelijk 
goedgekeurd, 't geen het gevolg had, dat zij bij den Stad- 
bouder dringend verzochten, het te verwezenlijken. ' Dit be- 
woog den Prins, eene voordragt aan de Algemeene Staten 
te doen , * om zes dubbele en tien enkele kanonneerbooten 
op kosten der fiondgenooten te doen uitrusten , ten einde te 
worden gebruikt in het beleg der stad Mentz, waar zij tot 
bevordering van hare verovering dienstig zouden kunnen zijn. 
Onmiddellijk werd deze voordragt goedgekeurd en bet ont- 
werp ten uitvoer gebragt, alhoewel aanzienlijke en hoog ge- 
(daatste personen er weinig goeds van voorspelden. ' Dlevoor- 



■ Br^ van deo Prins un ita Gn*I buttihck, tui 26 April ITSlI. 

! Op dn SB April 17B3; ii« SMTett Se: va» JET. H. Mog. nu dien dsg. 

I Hittaad^ befaoorda ds Vice-AdmirMl tik KiHSBiBaiM, bd in het btjiondsr de 
B»iiriiir"iir-~"" vaH !>■ ariisu.. neie lutite «chreef duwege na den baron tak 
imuc Nederlandacb gtrolmigtigd Minister by de Opper- en Nederryneehe kreit- 
_. ■•VmU vaeoTtt an noo^wn pbjnomine: nne pniiunce Msritime, mais qni ne pent 
tïWfW cb»i eW" "•" ^ om-at ponr completter aes propre» vaiueeni. enïoje 
, . ., mratéM ot bien ii{mfit ponr Ie m^ d'one forteresse de l'AllecDagne." Von* 

- „ fo^gt IMÏ "^ apotlHtdg b^ (TAN KINCUL wu vromer kapitan tet fee ge- 



V Google 



1, Google 



M£]>I£&LA1JJ)SCHS ZÜSWËZ&N. 145 

waarbij het Nederlandache krijgsvolk, onder aaavoeriog der 

beide jeugdige Prinsen van Oranje, treffelijke bewijzen van 

moed aan den dag legde. Dan weldra keerde de kans , voor- 

oamelijk door het terugtrekken van het Keizerlijke leger. Nu 

hertaalden de Franschen aanmerkelijke voordeden , drongen 

vui dag tot dag dieper in de Oostenrijksclie Nederlanden 

door , en bereikten spoedig de grenzen van het Gemeenebest. 

Door deze onverwachte en snelle wending der gebeurte- 

nasen geraakte niet alleen Staats-Vlaanderen in groot gevaar, 

loaar werd de provincie Zeeland op nieuw bedreigd;, ja, 

hel kon mogelijk zijn, dat de Franeche legerbenden, even 

lis in bet vorige jaar , regelregt op Holland aanrukten. Het 

i dus volstrekt noodig de scheepsmagt ten spoedigste, en . 
wel allereerst in Zeeland, te versterken, ten eiode den vij- 
and eenen inval in dat gewest te beletten. Bij het naderen 
van het gevaar , werden uit dien hoofde aanzienlijke sommen 
ter beschikking van de Admiraliteiten gesteld, zoo tot de 
hiDDenlandsche verdediging, ala tot de uitrusting en het 
ODderhoad van oorlogsschepeu op zee, terwijl de Coltegien 
waden gemagtigd, het getal kanon neerbooten aanmerkelijk 
te vermeerderen, en gelast aan te schaffen al datgeen wat 
de Opperbevelhebber der Linie van Defensie noodig zou 
achten. ' 

Die Opperbevelhebber was wederom de Luitenant-Admiraal 
JAS BENDBiK TAN KiNSBSROEN. Reeds op deo 21 vau Herfst- 
■aand des vorigen jaars bad de Stadhouder hem op nieuw 
kt gebied opgedragen * over al de oorlogsschepen, fregatten 
CB raartuigen , die tot vorming van de linie van verdediging 
éer kusten, en ter beveiliging van de rivieren en binnen- 
itiDomen van Holland en Zeeland zouden worden gebruikt. 
Aii zoodanig, bijschte hij weinige dagen later zijne vlag van 
leiteiian E -Admiraal van het linieschip Gelderland. Eene zijner 
«ite werkzaamheden was, de Linie van Defensie in drie 



-JlWEt i» t* «"*«" in 4» ISiierl. Jaarboeice» 1784, St. I, 11, 88. 

V, '" 

DiBiiizcdb, Google 



146 0£SCUI£i>£NlS VAN HET 

divisiea te verdeelen, waarvan de eerste voor de Zeeuwscbe 
stroomeu besttitud werd; terwijl de tweede zou bestaan uit 
de schepeo, vereenigd te Goedereede of Hellevoetsluis , en 
de derde uit die te Texel ea in het VUe. ' Van kinsbergkn 
maakte verder onderscheidene andere schikkingen tot bevor- 
dering van de verdediging des Lands en der oorlogsschepen , 
regelde nader en verbeterde de seinen, en gaf veelvuldige 
en velerlei bevelen tot aankweeking der orde en krij^tucht. 
In het bijzonder droeg hij nan ieder der scfaeepsbe vel hebbers 
op, eenige hunner bekwaamste manschappen uit te kiezen, 
om den dienst bij het geschut te verrigten en den matrozen 
in het gevecht tot voorgangera bij de stukken te strekken , 
en gelastte hun, een naar de grootte der schepen berekend 
getal matrozen, die daartoe het meest bekwaam'wareo , zich 
met het handgeweer te doen oefenen, deze in compagnien 
of divisien te verdeelen, en kundige officieren en onderoffi- 
cieren daarover te stellen, om van die manschappen een nuttig 
gebruik te kunnen maken tot verdediging des Vaderlands, bij- 
aldien de vijand niet door schepen onze havens en kusten 
mogt trachtten aan te vallen, maar met legerbendea door 
te dringen.' De gelegenheid, om zich van deze aldus ge- 
oefende artilleristen en verdere manschappen te bedienen , 
bood zich maar al te spoedig aan. Alvorens wij de omstBn- 
digheden die daartoe aanleiding gaven en de verrigtiogen 
dezer artilleristen ontvouwen , zullen wij een en ander voor- 
val vermelden , dat gedurende dit jaar op zee plaats vond. 

Hieronder bekleedt ecne eerste en voorname plaats de moe- 
dige verdediging van 's Lands fregat de Waakzaamheid van 
24 stukken, onder het bevel van den kapitein-luitenant jan 
WILLEM van hamel, tegeu twee veel zwaardere vijandelijke 

1 Zie oTcr deze lerdeeÜDg bl. 27 iin bet werkje vaa i. h. vin olnbadben, oud- 
zeeoffieUr; Orders ielreffende de Linie van Defentie Ie tcaier w 17Ö3— 1795, 
AniiCerdtm 1737. Dit nsrkje is, gvcq ili dut vsu uoEum, met looTKeten ta op 
kotteQ van VaN iTnsdergen in het licht gegeven. Van OLHUau$en wh in 1791 eerite 
Initcnant van ile tAccde cumpagnie der paa opgerigtc scheepsartilleristen , waarover ka- 
pitein TAN IVOENSEL hct büiel had. 

' Zie al deze bedcbikkingaa en ordera ili bet werkje van o(,NI(ADSIi:< ïit. bl. 18 — 103. 



1, Google 



NBUKRI.ANUSCllË Z££W£ZËN. 147 

schepen. Dat fregat had op den 7 November des jaars 1793, 
benevens het fregat de Mlianlie van 36 stukken , kapitein f. c. 
DOTH . met eeue koopvaardijvloot de havens van den Staat ver- 
laten , om haar naar de noordkust van Spanje , Lissabon , Ca- 
düc en Malaga te begeleiden , 't geen zij gelukkig volbragten. 
In het begin van Bloeimaand des jaars 1794 namen beide 
fregatten de terugreis naar het Vaderland aaa, thans onder 
bonne bescherming tellende 56 kuopvaarders , zoowel Ën- 
gelsche , Deenscbe en Zweedache , als Nederlandsche. Op den 
20 JMei ter hoogte van Brest gekomen , ontdekten zij , op 
eene kleine halve mijl te loefwaart van het konvooi, zeer 
onverwacht, des namiddags omtrent één ure, bij het opkla- 
ren van eeoen dikken mist , die bun sedert 's morgens 9 
ure alle gezigt benomen had , twee zware Fransche fregatten 
en een derde groot schip, zijnde een veroverde Ëngelscbe 
Oostindievaarder, welke twee fregatten naderband bleken te 
sijn de J*roserpine en de Seiae, elk van 44 stukken , bemand 
met 400 koppen , waarvan het eerste gevoerd werd door den 
kapitein pbrké, en die beiden behoorden tot de vloot van 
den Admiraal VILLABET DE joxEDSE, kruisende omtrent zestig 
diijlen bewesten Brest, om een rijk konvooi dat uit Ame- 
rika verwacht werd, te gemoet te zeilen en in eene der 
Fransche havens binnen te brengen. 

De jé/liantie kort vóór het vallen van den mist uitgezon- 
dsn om JAgt te maken op eeuFransch vaartuig, had daarbij 
hare groote ateng verloren, en bevond zich, met de sloepen 
in de batterij , op dit oogenblik in eenen zeer ongunstigen 
toestand om tegen eenen overmagtigea vijand te slaan. Hierbij 
kwam , dat dit fregat eene rijke lading in geld en koopwaren 
voor rekening van den Amsterdamschen handel in had. De 
kapitein -lui tenant van hahel, bevelhebber van bet konvooi, 
dit alles overwegende, en wenscbende dat fregat en de aan 
inne zorg toevertrouwde koopvaarders te behouden , nam , 
met overleg van zijnen eersten officier, ' bet manmoedig be- 



I De to^oai^^S^ Imleoaiit intuoki coknelis tkeht, thms Viee-Admirul en Id- 
^tenr-Gc**"*' **"' ^ loolawsien , door wien my op de ntpligteDdite vyi md 



1, Google 



148 G£SCU1KJ>£N1S VAN HBT 

sluit om , daar de Waakzaamheid de Fransche fregattea niet 
kon ODtzeileo , deze zoo lang mogelijk het hoofd te bieden , 
^ten eiode aldus aan de JüianHe en de koopvaardera dea tijd 
te geven zich te verwijderen. Hij deed dus het sein voor 
dat fregat ea het konvooi, zich door de vlugt te bergen, 
en wachtte zelf, ofschoon de vijand hem in magt verre over- 
trof, ' de Franschen rustig af. 

Niet lang daarna kwam de Proserpine het Nederlaadscbe 
fregat te wind waart op zijde , ea gaf hel op een klein pistool- 
schot afstands de volle laag met kogeU en schroot, welke 
terstond door de Waakzaamheid op dezelfde wijs beantwoord 
werd. De Seine, die,Daar het scheen, eerst vooraemens was 
bet konvooi na te zetten, doch daarvan door den stouteo 
tegenstand der Waakzaamheid afzag, kwam nu ook aanzei- 
len, liep achter den Nederlaadschen bodem om, gaf hem 
de laag van achteren in, en vatte aan zijne andere zijde 
post, zoodat bet zwakke Nederlandscbe fregat van twee kan- 
ten door het vijandelijke vuur geteisterd werd. Hoe hagcbelijk 
deze gesteldheid ook ware, deed zulks den moedigen van 
HAHBL'niet in zijn genomen besluit wankelen. Bemerkende, 
dat het konvooi, ofschoon door eene frissche koelte begun- 
stigd , nog niet uit het gezigt was , bleef de wakkere scheeps- 
bevelhebber gedurende bijkans een uur zich met standvas* 
tigheid verdedigen. Eerst toen bij kon vertrouwen, dat de 
JUiantie en de koopvaarders zoo verre verstrooid en verwij- 
derd waren, dat zij geacht konden worden in veiligheid te 
zijn, en bij duidelijk zag, dat de Fransche fregatten door 
schade aan tuig en zeilen buiten staat waren , het konvooi te 
kunnen achterhalen, besloot bij tot de overgave. Ën waar- 

omaUDdig veralag vao dei« gebenrtMiii ia medegedeeld, twelk hoordiBkelyk orereen- 
kuml met bet lerbul, ToDTkouiende by o. ehoelberts ckkrit», Oedtnktti^ va» 
mérlandt Htldtndadtn ter lee, D. Il, bl. 442—446, douli irMirin büionderbeden 
vuurkomeu, die niet by geuoemdea iehr||vGr geroodeD worden. 

■ De Waaktaataheid vt>erde ileefaU 24 atakken van 8 en twee van 6 pond, en wu 
met niet meer dan l&O koppen, «urvïii 139 ilccbts dieoat konden docD, beouid. 
I)e Pro'fTpiat cii de Seine, i)»reiite|;ca , narcD ieder met 2S alukken (id 18, Iwee 
ru il en 14 ciroiHiiJea van 2l p«Dd gdH'<ipi:ud, «n voerden elk 400 man. 



V Google 



N EBBRLANDSCHE ZSEWEZSN. 149 

lijk, eene langere verdediging was onmogelijk geworden. 
Door mijne achtmaal sterkere vijanden was het tuig der Waak' 
zaamAeid kort en klein en de zeilen nedergescholen , zoodat 
het schip buiten stnur was geraakt. Buvendieo had het fre- 
gat verscheidene schoten tusschen wind en water bekomen, 
waardoor bij het over en weder slingeren veel water inkwam. 
Een der drie officieren , den titulair-luitenant van hees , ' was 
het linkerbeen verpletterd, aan welke wonde hij den volgen- 
den dag stierf ; twee matrozen waren gesneuveld , zeven an- 
dere gekwetst. Br bleef dus niets anders over dan zich over 
te'geven, en den ongelijken strijd, na het oogmerk bereikt 
was, langer voort te zetten, was noodeioos bloedvergieten. 
Vah hamel streek dus na deze heldhaftige verdediging, 
welke door de Franschen zefven geroemd werd , * de vlag. 

Terstond na de overgave nam de vijand bezit van de Waak- 
zaamheid , welke naar l'Orient opgezonden werd; doch de 
officieren en manschappen , uitgezonderd de gekwetsten , wer- 
den verdeeld op de beide fregatten, die zich des anderen 
daags wederom bij de Franscbe vloot voegden. Met deze 
woonden zij , als krijgsgevangenen , de beroemde zeeslagen 
bij van den 28 en 29 Mei en van den I Junij , welke tus- 
schen de Franscbe en Britsche vloten, onder villaebt de 
JOTKDSB en Lord howe geleverd werden, en waarvan de 
laatste met de nederlaag der ïUpublikeinen eindigde, van 
wie eenige schepen genomen werden, één, Ie Vengeur on- 
der het oog der onzen, te gronde ging, en andere maste- 
loos werden weggesleept. ' Na dezen hevigen strijd bleef de 



■ Bdalva dezen Initanint en den Mnteo affieisT nrBnt , bcTODden livh nog un boord 
de loitanuitB-titDtair b. b. amMinT en f. de lihoi, 

■ Kspitön PK>B«, y«D d« Froter^ine, Khreef detwege un don Admirul tuubbt 
UB 70TBITBE: "Par U fort« rBsiiUnca de !■ oorvette HolUndoue, nani n'aronB pa 
pTcndre qn'nn •enl nivin de lont Ie coaiai." Dit wu een log, ni«t zoat telidea kgf- 
«Ac^e, dst met had kuisen of «illen ontTlogten. 

1 De toenmalige Initecut, nu VIce-Admirul twekt, wu gsdarmds dne gevcchteii 
ep de .Pf-<M0rpM« . «Miop lich ook beronden de door bdbesfiebie naar de Tloot gs- 
tOBdoi repiBaentant iein ion de st. andhK en de Admirial iiuaret, die beiden, 
mét dea aaUTSDS ▼■!> dm girgj, het Admiiiilschip , la Montagne V4n 120 etnkken, 
leiiilen en lich op de Pnterfinc begeren badden, vin wur gedarcnde den >l*g de 



V Google 



150 GESCHIEDENIS VAN HET 

Jb'ransche vloot nog acht dagen in zee, wanneer zij te Bre^t 
binnen viel. De equipagie van de Waakzaamheid , na van 
alles beroofd te zijn, werd naar Quimper Corantin gevoerd , 
en zonder onderscheid van rang, met nog drie- of vierdui- 
zend andere gevangenen van verschillende volken in een ge- 
wezen klooster opgesloten. Veertien maanden \&ng moesten 
zij te dier plaatse een ellendig leven leiden. Door ziekte, 
veroorzaakt uit gebrek aan al bet noodige, versmolt aldaar 
de moedige manschap van honderd dertig tot een zeventig- 
tal. Eerst in JuniJ des jaars 1795 , na de vermeestering van 
het Gemeenebest door de Franschen en het sluiten van den 
vrede tusschen de beide Republieken, openden de poorten 
der gevangenis zich voor ben, en konden zij, sommigen 
vroeger,' anderen later, naar het Vaderland wederkeeren. 

Kene tweede gebeurtenis die dit jaar plaats greep, was de 
vermeestering der schooner, de Flora, van 10 stukken en 40 , 
koppen , gevoerd door den luitenant a. j. a. van westbkuolt. 
Dat vaartuig in de Noordzee kruisende, bevond zich op den 
8 Julij bij het aanbreken van den morgen , nadat het daags 
te voren rnistig was geworden , zeer onverwacht bij zes vijan- 
delijke fregatten. Westeruolt, hen ontdekkende, zette on- 
middellijk alles bij wat goed kon doen , om zicU , zoo mogelijk , 
door de vlugt te redden. Doch zijne poging was vruchteloos, 
daar hij spoedig door den Brutus, van 44 stukken, achter- ^ 
hald werd, die op zijde komende, een scbot deed, waarop 
WESTERHOLT, oordeolende dat verdediging tegen zulk eene . 
overmagt roekeloos was , de vlag streek. De Fhra , door den i 
vijand in bezit genomen , werd kort daarop , als op den voorge- ! 
nomen kruistogt hinderlijk, door den vijand verbrand, endeoffi- | 
eieren en het volk als krijgsgevangenen teDuinkerkenopgebragt.' 

acioen gcduo werden. "Om geen getaigea lan de geledeoe nederlaag te tyn, werden i 
wil ," «chrijfl de heer thent, "op het lutst na dezen vernuacden leeilag (van 1 Janij) | 
in bet rnim gecoDiigaeerd." 

1 De iDitenaat ivknt' legsf lich, ali malraos verkleed, ud boord vaa eene Zweed- 
sche brik, en liet zich op onze koitep un een' Kitwijker viescher afzetten. ; 

- Brief der Admiraliteit van Zwland UQ H. H. Mog. van 11 Sept. 1794 en Eti. \ 
vau K. M. Mog. 17 Sept. 1794. ' 



V Google 



NKDERLANDSCilB ZEEWEZBN. 151 

Nog eenïge andere voorvallen hadden er dit ea het vorige 
jaar op zee plaats. Een Fransche kaper veroverde in den 
somer des jaars 1793 eenen hoeker van Vlaardingen, en 
lODd dien naar Duinkerken op , na daarvan de manschappen 
te hebben afgenomen, daarop alleenlijk latende één Hollandsch 
matroos, anthomy van dek wal geheeten en twee jongens, 
die geboeid iwerden, benevens twee bovenlanders en drie 
Fraoschen. Dan van deb wal en de beide jongens, zich 
van faanne boeijen ontdaan hebbende, overweldigden met be- 
hulp der bovenlanders de drie Franschen, heroverden het 
schip en bragten het behouden te Vlaardingen binnen. ' 

De' vijandelijke kapers, die het vorige jaar onderscheidene 
baringbuizen genomen badden , gingen dit jaar voort , de 
visscherij zeer te benadeelen. De binnenlandscbe verdediging, 
de bescherming des handels en de gebeurtenissen met Al- 
giers waren de oorzaak, dat men onmogelijk dien bijstand 
aan de visscherij kon verleeuen, welken het belang der zaak 
vorderde. Ook ontbrak, niettegenstaande de door'sLands 
overheid uitgeloofde gelden, gedurende dezen oorlog ten 
eenemale de lust om kapers uit te rusten , waarvan het kwa- 
hjk slagen der kaapvaart in den jongaten Engelschen krijg, 
bet mindere vooraitzigt op rijke prijzen en de verdeeldheid 
onder de ingezetenen, van welke velen, bijzonder te Vlis- 
üngeDi de Franschen als verlossers aanmerkten, de voor- 
oaamste oorzaken schijnen te zijn. Hierdoor hadden de Fran- 
sche kapers , vooral die uit Duinkerken , de handen ruim 
en bragten de onzen vele en gevoelige schade toe. Dit on- 
dervond de IJslandsche vloot. Deze, die zonder bedekking 
was, werd in de maand September door cenige vijandelijke 
iLapers aangevallen , genomen , negentien schepen van de vloot 
verbrand, en het twintigste met de manschappen der ver- 
nielde bodems naar Holland teruggezonden. ' Weinige dagen 



> SederL JaarltaeJetn 17911, St. II, bl. 1100 cd F^mi^^op waoeniir, U. XXVI, 
iL Ï73. 
-- Stiwl. Jaarifoti'c'm HM, St. Il, bl. 1318. 



V Google 



- 152 QSSCUIEDENIB VAN HET 

later werden door diezelfde kapers ook eenige haringbuizen 
vermeesterd. 

Dat lot viel ook aan sommige koopvaarders te beurt, al> 
hoewel deze gemeenlijk behoorlijk geleide konden verkrijgen, 
maar somwijlen, desniettegenstaande, de reis op eigene ge- 
legenheid waagden, doch ook dan menigwerf in "s vijaads 
magt vielen. Zulks was het geval met bet kof- of galjoot- 
schip de Vriendschap, gevoerd door schipper geelt a.gs 
KLTN , die met sijne vijf manschappen den terugtogt van 
Cadix naar Amsterdam ondernam, maar den 28 Julij door 
acht vijandelijke schepen op de Vlaamsche kust ontmoet en 
door één dier schepen genomen en naar Duinkerken gezonden 
werd. Da daarop een prijsmeester eu drie man gesteld en 
de Hollandsche zeelieden daar afgenomen te hebben, uitge- 
zonderd één matroos, christiaan cornelis genaamd, een 
zeeman van 32 jaren, en een jongen, albert eoens ge- 
heeten. Door moed, liefde voor het Land en vrees voor 
eene langdurige en ellendige gevangenis aangespoord, nam 
de brave zeeman het kloek besluit, de !Franschen , hoezeer 
hem ook in getal verre overtreffende, te overrompelen en 
zich en het schip te bevrijden. In den nacht tusschen den 
31 Julij en den 1 Augustus vohoerde hij dat stout bestaan. 
Den jongen aan het roer latende , valt bij onverhoeds op 
den JbVanschman die de wacht houdt, aan en werpt hem 
na eene langdurige worsteling over boord. De prijsmeester, 
het gerucht hoorende, snelt uit de kajuit, met een geladen 
pistool en sabel gewapend toe en schiet, doch mist den 
moedigen christiaan. Niet aarzelende , loopt deze op zijnen 
tegenstander aan , en nu ontstaat een gevecht op leven of 
dood, waarbij de Nederlander deerlijk gewond wordt, doch 
ten laatste de bovenhand houdt en den prijsmeester buiten 
boord smijt. De derde vijand, slapende in de roef, wordt 
door christiaan overvallen, zwaar in den bals gekwetst en 
blijft weerloos liggen, terwijl de vierde, door het gerucht 
ontwaakt en ontzet door zoo groote onverschrokkenheid , hem 
om genade smeekt, die hij, als één man niet duchtende. 



vGoo^lc 



1, Google 



r 



i;Hii:i;!j;w\fi •C{\?if\ii\z 



1, Google 



NEDERLANDaCHE ZBEWKZKN. 153 

gereedelijk verleent. Hiermede is caristiaan meester van 
het schip en heeft hij. zijne vrijheid bekomen. Hij rigt dus 
den steven naar de Vaderlandsche kust, om in de eerste de 
beste haven binnen te loepen , en komt den dag na zijn 
mannelijk bedrijf te Vlissingen behouden aan. ' 

Niet te onregt keurden de Algemeene Staten de helden- 
daad VBO cHaiSTiAAN coRNELis , welke de aloude dapper- 
heid der Watergeuzen in het geheugen riep, eene beloon ing 
van Staatswege waardig, doch die door de kort daarop ge- 
volgde omwenteling niet uitgereikt werd. ' Inmiddels schonk 
de Luitenant-Admiraal tan kinsbbkgen, altijd ijverig om 
treffelijke daden , door zeelieden bedreven , te beloonen , ook 
opdat anderen daardoor tot dapperheid mogten worden aan- 
gespoord , den jeugdigen held een blijvend aandenken zijner 
goedkeuring,' en verdienstelijke kunstenaren stelden er eene 
eere in, met teekenpen en graveernaald de beetdtenis van 
dezen eenvoudigen matroos te vereeuwigen, om aan het na- 
geslacht te leeren , wat één enket man , van liefde voor het 
Vaderland en de vrijheid blakende, door onverschrokken 
moed vermag. 

Eene dergelijke daad werd weinige dagen later bedreven 
door een ander zeeman, wiebd adbls genaamd, stuurman 
op een onder Pruissiache vlag varend schip, de Bheijende 
Blom, van Libau met eene lading rogge en tarwe naar 
Schiedam bestemd. Die kof, gevoerd door schipper jan lub- 



■ Ds Admiraliteit ran Zeeland gaf ani H. H. Mag. \a ccn brief van H Augaitu, 
nog op het Kyki-Atcbief 1»rQttende, een onisUndii; verhaal van deze heldhaftige daad, 
gegrond op da oaderrragingeg vin canim*AN COiNiLlt of CoRMEi.iaSEii , gelyk hy 
tldaar KBooemd wordt; met welk lerliiil orereenttemt het berigt, voorkomende En d« 
SeiMl. Jaarbotkem 1794, St. II, U. 104t. Dat cubistcaan deie dud uit geliouw- 
beid aan igns iDeettBri, uw iIi in dat berigt geiegd wordt, lou bedreven bebheo , 
dnrf ik oiet bevMtigen , daar nit den brief der genoemde Admiraliteit lljjkt, dut tui- 
•ehen bem en ilJne reeden twitt over den eigendom van het heroverde ecbip onltlond. 
Zta verder St*. van S. H. Xog. 18 Aagnttaa ITU. 

: Zie de uugebwlde Sea. va» S. M. Mog. 18 Auguttoi 1794. 

* Dit aandenken beatond in eene lilveren ttbaktdooa met toeptMelyk opaehrift. Han 
det deu Ubakadooa afgebeeld op het fraage portret van cbriitciah ooBHiLn, nur 
het leven geteekend door J. FiSKOia on gegraveerd door c. d. HODesa. 



V Google 



154 GR8CHIKDENI8 VAN HBT 

BERT DB HAAN, werd deD ) Augustus, tien mijlen van den 
UoUatidscheu wal, door den Franschen kaper van 14 caroD- 
nadea achtlienpoüdets la Fraierniié , kapitein joseph aunbks, 
te huis behoorende te Duinkerken, genomen. Deze deed ter- 
stond den schipper met vijf matrozen op den kaper ovei^^aaD, 
en liet den stuurman wierd adbls en een jongen aan boord 
van de kof, waarop hij vier Fraoschen en een prijsmeester, 
benevens een' üeenschen jongen , stelde , om het veroverde 
schip naar Duinkerken te voeren. Dan wiebd adels, deo 
tweeden avond na het nemen van de kof ontdekkende, dat 
de vier Fransche matrozen zich beneden in bet vooronder 
bevonden , smeet het luik toe en het met riemen en touwen 
vastgesjord hebbende, riep den prijsmeester, die in de kajuit 
was, naar boven, met wien hij handgemeen geraakte, over- 
weldigde en over boord wierp. Nu zette adels den koers 
naar Hellevoetsluis , waar hij den 5 Augi&tus behouden bin- 
nen kwam , en de vier Fransche matrozen , als krijgsgevan- 
genen , aan het aldaar liggende wachtschip overgaf. 

Ter gedachtenis aan die heldendaad, werd door dezelfde 
kunstenaren die christiaan cornelis afbeeldden, bet ge- 
laat van dezen moedigen stuurman geteekend en in het koper 
gebragt, als een tegenhanger van sijnen wakkeren landge- 
noot, en opdat de nakomelingschap zijn kloek bedrijf mogt 
indachtig blijven, ' 

Wij gaan thans over om te vermelden wat de zeemagt 
dit jaar deed tot behoud des Vaderlands tegen den van dag 
tot dag 'dieper indringenden vijand, en hoe onze zeelieden 
daartoe al hunne vermogens, doch helaas! te vergeefs, aan- 
wendden. 

Twee oogmerken moest men , bij het meer en meer na- 
deren des vijands en nadat Staats-Vlaanderen werkelijk aan- 
gevallen werd, door middel van 'sLands zeemagt voorna- 



1 DeM plut ia mede door pbbkoii Dur bet Uvcn geteekend sn door hodoM p- 
graTcerd. Hen rindt het verhul van dit bedrijf omitftidjg beidiTeTGii in ds SMUf- 
damiche Coarimt van 12 Angaitas 1791 en in bet Vtnolg eoa wiobhaar, S. 
XXIX, bl. 15» CD 160. 



V Google 



NEDEKLANDSCHE ZEEWEZEN. iOO 

mei ijk trachten te bereiken : vooreerst , aan de tegerbeiidea 
der BondgenooteD , zooveel mogelijk, hulpe bieden, en onze 
bedreigde of reeds ingesloten vestingen bijstand verleenen; 
teo tweede, de provincie Zeeland tegen eenen inval van de 
land- en van de zeezijde dekken. Van deze dubbele taak 
kweet 's Lands zeemagt sich met ijver, en de Opperbevel- 
hebber VAN KiNSBEROEN liet niets na, wat tot bereiking van 
dat dubbele oogmerk dienen kon. 

Ostende op den 30 Junij door de Engelschen verlaten 
zijnde , werd de toestand van Zeeland zeer bedenkelijk. Dien 
ten gevolge werden onverwijld eenige gewapende scbepeo 
naar het fort Bath gezonden, ten einde, bijaldien Antwer- 
pen mede door de Britten mogt ontruimd worden, hun 
daarbij de noodige hulp te bieden en daarna de Schelde te 
bewaken. Spoedig vond dit plaats, en thans bewezen onze 
zeelieden gewigtige diensten, zoo met het overbrengen van 
troepen , als met het wegvoeren van krijgs- en levensmidde- 
len uit den rijken voorraad der magazijnen, welke anderzins 
in handen des vijands zou gevallen zijn. Maar hierbij be- 
paalden zich hunne verrigtingen niet. Ëen aantal uitgelezen 
matrozea , bijzonder van degenen , die zich den laatsteo tijd 
op de behandeling van het geschut hadden toegelegd en 
onder den naam van zee-artilleristen bekend stonden, werd, 
met de noodige zeeofEcieren , naar de bedreigde of re^ds 
omsingelde vestingen en posten gezonden , opdat zij , bij het 
gemis van eigenlijke artilleristen , mede zouden werken tot 
verdediging dier belangrijke plaatsen. Hoe de geestgesteld- 
heid der Nederlandsche zeelieden was , toen zij derwaarts 
gezonden werden, leert een brief van den Luitenant-Admi- 
raal VAM KiNSBERGEN. ' "Sluis, Bakkerspolder en Philippine," 
dus schrijft hij , "zijn reeds van artilleristen en zeeofficieren 
voorzien. De goede wil van dat corps overtreft alle verwach- 

■ In eenen gemeeniuiiflii brisT, beraBtende in Hnii'Arehief du KoDing*, >*n dui 
FucmI d«T AdminJiteit vta ie Uub, oit Vliuiagea, »a 6 Jaly I7M. De briif ii 
in b(( Frtoich, Tan «elke tul Tix KiHnKBasH lieh dikwarf bcdianda, idhoewel by 
M niet alMid natawkeorig lehrccr. 



V Google 



Idd gercbibdenis van het 

ting. Indien ik al de vrijwilligers die zich aanbieden om de 
steden en posten te gaao verdedigen , wilde aannemen , zou- 
den er mij noch officieren , noch matrozen aan boord der 
schepen overblijven. Mijne kamaraden, de Pikbroeken, ver- 
vullen mijn hart met vreugde, en ik ben overtuigd, dat wij 
als brave Hollanders ons van onze pligten zullen kwijten." 
Dit deden zij, in der daad, in den vollen zin des woords. 
Getuigen hiervan zijn hunne gedragingen zoo in het Land 
van Cadsand als in de zwakke, doch dapper verdedigde ves- 
ting Sluis. 

Om deze vesting te kunnen aantasten, was het noodig, 
dat de vijand zich alvorens van het Land van Cadsand 
meester maakte. Wegens het volslagen gebrek aan artille- 
risten, was een detachement van 65 in de bediening van 
het geschut geoefende zeelieden, uit de bemanning der op 
de Zeeuwsche stroomen Üggende schepen, Utrecht, Gelder- 
land, Wilhehiina, de Meermin ea Echo, onder den kapitein- 
luitenant heï^drik alexahder ruisch en de luitenants ter zee 
MusauETTiER en FOOI. , derwaarts gezonden , die zich allen 
daartoe vrijwillig hadden aangeboden. Dezen stelden zich 
onder de bevelen van den Kolonel, Prins van Nassau Weil- 
burg, die zijn hoofdkwartier te Bakkerspolder gevestigd bad. 
Eene geheele Unie van verschansingen werd door de kapi- 
tein-luitenant RüYscH aldaar van geschut voorzien en in staat 
van verdediging gebragt. 

In den middag van den 27 Julij werd deze linie door 
den vijand aangetast en na eenen hardiiekkigen strijd van 
vijf uren overweldigd. De' luitenant ter zee mdSqüettier 
muntte bij dit gevecht door onverschrokkenheid uit. De bat- 
terij Turkije, waarover hij het gebied had, verdedigde hij 
tot dat al zijne kanonniers gedood of gekwetst en de am- 
munitie verschoten was, wanneer hij, alhoewel zelf gewond, 
nog met handlangers de veldstukken naar IJzendijke voerde. ' 



1 Van oLHHAiTBiH, Oritrt, b1. lli. Vak iinbbibobn ngt dit lUair in tuia 
LoopordïT. Zie ook bowch», Seêrlandi Htldendaden Ie Land, D. III, U. 108. 



V Google 



NED£ELAND8CU£ ZEEWEZEN. 157 

De kapitein-luitenant bdtsch ODderscheidde zich niet min- 
der' Ook hij -moest, nadat hij dertig man van zijn detache- 
ment verloren bad , met de overige troepen voor de overmagt 
bezwijkeD ; doch gelukkig bad de vijand den misslag begaan , 
den dijk , waarover de terugtogt muest geschieden , niet te 
bezetten. Hiervan maakte het krijgsvolk gebruik, om met 
twee veldstukkeu naar Fhilippine terug te trekken; maar 
ROTSca bleef nog achter, vernagelde al de stukken op 
de batterijen en vernielde bet laadgereed schap en de af- 
fuiten in het gezigt der Fransche hussaren, die, terugge- 
houden door eene voor de linie geslagen brug welke roxscb 
vernield had, dit moesten aanzien. Wel verdienden hij en 
de luitenaot xnsQUETTiEa den lof, dien de Opperbevelheb' 
bar van 'sijands zeemagt, de Luitenant-Admiraal van kinb' 
BEEGEN , bun openlijk toezwaaide, toen hij deze moedige 
daden bij eene Dagorder aan de zeelieden van den Staal 
bekend maakte. ' 

Bij het beleg van Sluis , zoo roemrijk door den Generaal- 
Majoor willem hendhik Baron van dbr dutn verdedigd 
bestond ruim de helft der zich in die stad bevindende ar- 
tilleristen uit matrozen, die in de behandeling van het ge- 
schat geoefend waren, over wie drie zeeofficieren gesteld 
waren , en die door den luitenant ter zee jan van des veL' 
, DEN werden aangevoerd. Een zware dienst moest door hen 
gedaan worden en aan vele opofferiugen zagen zij zich bloot- 
gesteld; want in weerwil het getal der artilleristen door hunne 
komst merkelijk werd versterkt, was het nogtans naar den 
omvang der werken zoo gering , dat zij , van den dag der 
insluiting tot op dien der overgave, een tijdsverloop van 28 
dagen , zonder eenige aflossing zich gedrongen zagen op de 
batterijen post te houden. Met den lofwaardigsten ijver kwe- 



1 Id de reed* Tcrmelde I<oopordcr, ts lindcn in het werlc via v&h olkh&ubeh, b1. 
114. Zie verder id het byionder over het verrlgte dour den kapitein rutscb: Set 
Levtn s(H Jb. H. a. auTSCU, Pïce- Admiraal, deac i}. h. r. vkkhkull, in da 
Vtrkaadelingeit en Serigte» btli'iikelijk het Zeeieeiam ta de ZeenaarllcH^dt , dooi 
Jh. o. A. rmuAL eu i. swart, l). II. St. II. 



V Google 



löS OÏSOUIÜUBNIS VAN U£T 

ten zij zich, aaogemoedigd en voorgegaan door banoe otfi- 
cieren, van dezen moeljelijkeD en gevaarvollen pligt, vurende 
onophoudelijk nacht en dag, niettegenstaande het herstellen 
der batterijen en het verwisselen van het beschadigde ge- 
schut gestadigen arbeid vorderden, en ofschoon de landziekte, 
welke ook hunne krachten, gelijk die der geheele bezetting, 
ondermijnde, zoo ligt den moed had kunnen verzwakken 
en de veerkracht verslappen. ' Naar waarheid sprak derhalve 
VAN KiNSBEEuEN, toen Mj aan de zeemagt van den Staat 
aankondigde : ' "dat de luitenant van des veldbn , door 
zijne goede directie, en zijne officiereu en volk, door hunne 
dapperheid, veel hadden toegebragt tot den wakkeren tegen- 
stand, welken bet brave garnizoen van Sluis gedaan bad 
aan eenen talrijken vijand, die ben van alle kanten om- 
ringde." 

Dan, de luitenant van den telden gaf nog grooter be- 
wijs van moed en liefde tot bet Vaderland. De Bevelhebber 
der benaauwde stad was bereid, zich tot het uiterste te 
verdedigen, doch overtuigd, dat hij üonder tijdigen bijstand 
weldra zou moeten zwichten , verlangde hij tevens zulks ter 
kennisse van den Stadhouder te brengen, ten einde, zoo 
mogelijk, ontzet te erlangen. De luitenant j. o. t&vasv , 
adjudant van den Generaal, en de luitenant ter zeë van 
DEN VELDEN bodcD zicb aan, den hagchelijken togt te on- 
dernemen. In den avond van den 18 Augustus' verlieten 
zij met een klein vaartuig, toebehoorende aan een burger 
van Sluis, pieter vis* genaamd, die zich met zijne twee 
zonen bereid verklaard hadden bet gevaar te deelen, de ha-, 
ven , dreven in alle stilte langs het vroeger door de Franschen 
vermeesterde wachtschip, waardoor zij nogtans ontdekt , aan- 
geroepen en, bij bet niet geven van antwoord, hevig met 



1 Bosscha, SeïdendadM U Land, D. III, bl. lOS an 109. 

^ Id ie reedi vermelile Lao]>order , hU tan olmhauseNi bl. 114. 

s Niet in dcD Daclit tan den 19, loo ale ia de Loopordcr tbu tai 

1 VolgeDB eea ander bcrigt J. Tissbr. 



V Google 



NEOEKLANSSüUE Z££W£Z£N. 159 

klein geweer beschoten werden, zonder evenwel eenig letsel 
te bekomen. Nu apanden zij alle krachten in en voeren in 
allerijl het wachtschip voorbij, hopende biermede het gevaar 
te boven te zijn. Spoedig echter begroette de buiten-batterij 
hen ook, eerst met geweervuur, daarna uit het geschut. 
Dan ook dit gevaar ontkwamen zij gelukkig, zoodat zij eene 
niet verre van daar liggende ooriogsbrik bereikten en den 
volgenden morgen behouden aan wal stapten. Fecgen mogt 
nogtaos zijne zending niet volbrengen , maar bezweek te Rot- 
terdam aan de ziekte, waarvan hij de kiem uit de vesting 
had medegevoerd. Van den velden was gelukkiger. Hij 
bragt de hem vertrouwde berigten over, en werd door den Stad- 
houder , tot belooning van deze stoute daad en ten bewijze 
zijner tevredenheid, tot kapitein -luitenant bevorderd.' De 
Luitenant-Admiraal van kinsbbrosn, wenscheude, gelijk bij 
vroegere gelegenheden, ook een blijk zijner goedkeuring te 
geven , schonk aan den moedigen fiÊter vis zijn horologie, en 
aan van den veldek zijnen degen, ' welke nog, na verloop 
van 50 jaren, door den algemeen geachten grijsaard, thans 
met den rang van Vice-Admiraal bekleed en een der sieraden 
van het Hoog Militair Geregtshof, gedragen wordt met dank- 
bare nagedachtenis aan den man , die hem , als jongeling , 
deze hooge onderscheiding waardig keurde. 

Er waren, nadat de vijand zich van Antwerpen, Vlaande- 
ren en een gedeelte van Staats-Vlaanderen had meester ge- 
maakt, tweederlei gevaren, aan welke de provincie Zeeland 



1 Ik faeb ia dat lerhul voornamilijk gevolgd het berigt, voorko mende io ie Mof- 
anrani tsd 23 Auguitot 1T94, als betgeen 't mee^ta geloDf sch^nt te verdieBen. Ver- 
gïlgk T«ider de JTadsri. Jaarloekm 1794, St. II, b1. 1022; Venalg op VAaENAAR, 
D. XXVll. bl. 1^8^ TAH DER Akt Qttohi^dvnis van den jongst geèindigden ooflog^ 
D. II, bl. 186, «n II. c. tan h<iu,. Leven van tan kimsbeboen, bl. 17S, tvteede 
DitgaTs. 

) Deie degoD behoorie un tan iihsbiboen zalTan en wu een genonc zitienn 
d«^en, want gelijk renli gc/egd ia, er bestunden nog geeoe modeldegcDi. Op d« atoot- 
plaat araan deze iroorden gegraveerd : Freient van den Liütenani- Admiraal tan 
KUSBrRoKN aan den bractn hitenanl Ier nee l. tan dun telden, den 1» Augas- 
Itu IT94. 



V Google 



lëU UËSCUIEDBNIS VAN U£T 

blootgesteld was; te weten, dat de FrauscheD uit de Schelde 
of van de zijde van Staats- Vlaaoderea eene landing zoudea 
beproeven, en dat 21) uit Duinkerkeo, waar groote uitTUs- 
tiugen geschiedden, of ook wel uit Ostende, eenen inval in 
Zeeland, of zelfa in Holland zouden doen. 

Om het eerste te beletten, werd door van kinsbergkk 
alles gedaan wat in zijn vermogen was. Terwijl er door den 
Opperbevelhebber der krijgsmagt, mèt zijn overleg, batte- 
rijen laags de dijken opgerigt, en de ingezetenen van het 
platte land , die over het algemeen goed gezind waren , ge- 
wapend werden , deed hij op de meest bedreigde punten 
oorlogsschepen en kleinere gewapende vaartuigen post vatten. 
Dan, hoezeer de Admiraliteiten alle krachten inspanden, 
bijzonder die van Zeeland en de Maze, welke laatste in den 
toop van dit jaar 24 kanonneerbooten en S gaffelschepen , 
te zamen met 800 koppen bemand, behalve de grootere 
oorlogsschepen , tot 's Lands verdediging leverde , waarvan 
echter het meerendeel tot dekking der provincie Holland 
moest dienen; zoo was de magt, waarover vam kinsberqen 
bij dezen onverwachten omkeer van zaken, in de eerste 
oogenblikkeo koD beschikken, onvoldoende. Hij schreef daar- 
om ' aan den Prins: "Uwe Doorluchtige Hoogheid kent den 
geringen staat van onze Marine te wel , om niet met mij 
overtuigd te wezen, hoe noodzakelijk het is, dat de Engel- 
schen ons spoedig en krachtig bijstaan, met een eskader, 
zoo van schepcD als kleine vaartuigen , naar Zeeland te zen- 
den , vermits wij zoo weinig in de Maze en Texel hebben , 
dat daarvan niets meer kan genomen worden, en hetgeen 
dat in Zeeland is , door de schepen die naar Bath gezonden 
werden, zeer verzwakt is." Het onverwachte der gebeurte- 
nissen , de zending van een aanzienlijk eskader naar Algiers 
onder den Schont-bij-nacht melvill tot herstel des vredes, 
en de afwezigheid van onderscheidene oorlogsschepen, die 



> OortproDkelyke brief aan d«D Prios vaa 2% JuljJ nH, bernriends in bat Hn»- 
Arcbief des Kanings. 



1, Google 



. NEQBKLANDSCHE ZEKWEZEN. 161 

tot geleide der koopvaarders naar zee gezonden warea, ge- 
voegd bij den uitgeputten toestand der Adiairalitetten, waren 
de oorzaken van de tegenwoordige zwakheid der zeemagt en 
gaven aanleiding tot dit voorstel, waartoe van kinsberqen, 
als een vurig berainnaar zijns Vaderlands en een trouw hand- 
haver van de eer der N'ederlandsche vlag , onder andere omstan- 
digheden zeker niet ligtelijk zou overgegaan zijn. Maar de 
noodzakelijkheid gebood dit thans, en dat gevoelen werd door 
den Stadhouder gedeeld, die reeds vóór het ontvangen van 
den brief van van kjnsbe&gjsn, schepen en krijgsvolk aan 
het Britsch bewind ter hulpe gevraagd had. Die hulp liet 
zich niet lang wachten. Reeds op den 17 Augustus daagde 
een Engelsch eskader onder den Schout-bJj-nachl harvey op, 
bestaande uit de SAeerness van 46 , de Pegaam van 38 , 
de Camilla van 25, de Lark van 18 en nog eene brik 
van 14 stukken; welke schepen weinige dagen later gevolgd 
werden door de Albion van 48, twee fregatten van 36 en 
26 stukken , twee brikken, benevens eenige kanon neerhoekers 
en kotters en een aantal transportschepen, die eene aanzien- 
lijke krijgsmagt overbragten. Niet lang daarna kwam ook het, 
wegens den gevaarlijken toestand des Vaderlands, terugge- 
roepen en met verlangen te gemoet gezien eskader van den 
Schoat-bij-nacht hei.vili. binnen. Hiermede was thans eene 
aanzienlijke magt in' Zeeland vereenigd,' en werd van kins- 
berqen in staat gesteld , niet slechts alle bedreigde punten 
behoorlijk te bezetten , maar ook , in plaats van enkele sche- 
pen, een eskader onder den Schout-bij-uacbt spengler naar 
de Noordzee te zenden, 't welk aldaar gedurende eenigen tijd 
kruiste en de vrees voor eene landing met gewapende vaar- 
tuigen uit Duinkerken of Ostende geheel wegnam. 

Ofschoon hiermede het gevaar geweken was, verminderde 
daarom de ijver onzer zeelieden niet. In Augustus werden 



1 Er lieTonden lich thsuB, beh&Ue het Engdsche eskader, op de recde tm VtitlÏD- 
gED: Éed scbip IBD 74, Tier Tin flS, je'a Ten &Q, dm tik 40~i6, drie hrikkra t*d 
14 — 18 alukkcii en e«n isnUl kleinere gewtpendc vasrtuigeD, terirttl er d|i de Schelde 
b|j Bath en op mdem poitan nog Tele grootcrs en kleinete acbepen Ugm. 

V. 11 



1, Google 



162 OESCHIEDBKI8 VAN HET ' 

door twee sloepen van twee Zeeawsche kaaonneerboekers tieo 
hoogaai'dsen , waarvan de vijand zich tot het doen eener lan- 
ding zou hebben kunnen bedienen, genomen en vier in den 
grond geboord. In het laatst van September gelastte van 
KiNSBEaoEN aan den kapitein ueurer, bevel voerende over 
de voor fiath vereeaigde scheepsmagt , een onder de Kruis- 
schans op de Schelde ten anker liggend vijandelijk gaffel- 
schip door eenige gewapende sloepen, ondersteund door de 
brik la Leorette, te doen wegnemen, üe uitvoering van dezen 
last werd door meurer opgedragen aan den kapitein-luitenant 
OERaiT VERDOOREN, bevelhebber van het Zeeuwsche fregat 
Minerva van 26 stukken, en aan den kapitein -luitenant van 
DiRcKiNK. Beide officieren gingen ieder met eene gewapende 
sloep, onder begunstiging der duisternis, op het bedoelde 
schip los en maakten er zich onverhoeds van meester, maar 
bevindende dat het vast zat, en het vuur uit de Kruisschans 
te sterk was om naar den vloed te wachten en het af 
te brengen , staken zij er den brand in en keerden met 
de krijgsgevangen equipagie zegevierend terug. Kort daarna 
haalde verdooren van onder de vijandelijke wacht aan den 
Doelen zeven vaartuigen weg, en van niRcKiNK niet verre 
van daar negen hoogaardseu. ' Maar nog gewigtiger dienst 
bewezen onze zeelieden aan de algemeene zaak , toen het 
treurig, maar noodwendig geworden besluit om Staats-Vlaan- 
deren te ontruimen moest ten uitvoer gebragt worden. Aan 
hunnen ijver en zorg was het te danken, dat de krijgsbe- 
hoeften , het geschut en de levensmiddelen bij tijds en zon- 
der verwarring ingescheept en naar elders vervoerd werden , 
en het waren zij , die door den vijand gedurende den nacht , 
welke voor de ontruiming bepaald was, onophoudelijk te 
verontrusten, aan het krijgsvolk gelegenheid gaven, de door 



1 Brief »»n tan kin3bbkokk aan den Prini van 11 Out. 17iMi Dagilijiicü B^- 
porf T»n den kapitein Grave ïiN btlandt, on oosTKiKP, Set Leven van B. tk»- 
DOOREN, b1. BO. Zi« OTer eenc uaiett, moedig aaDgeiangeD , doch millnkte oodcrDa- 
ming, onder aanvoering nn den kapitein -lui tenant buiscu, dieoa Levea eit., do«r 
9. V. B. ' 



V Google 



KEVSR.LAND8CHE ZEEWEZEN. iÖÖ 

hetzelve l>ezette plaatsen en posten ongemoeid te verlaten. 
Het w^as in het bijzonder de kapitein otto willïm gobius, 
die zich bij deze gelegenheid onderscheidde, aan wiens ruB- 
teloozen ijver de Generaal cubistiaan Prins van Hessen- 
Dartustadt het wel gelukken van dezen treurigen, maar noodigen 
maatregel voornamelijk toeschreef, ' er deze woorden , die ter 
eere van de gaDsche Marine strekken, in zijn schrijven aan 
deu Opperbevelhebber der zeemagt bijvoegende: "In bet alge- 
gemeen kan ik niet anders dan met roem spreken van 't 
gedrag en de werkzaamheid van de andere geëmptoyeerde 
officieren van de Marine, alsmede der zee-artilleristen op de 
differente forten. — Het is mij zeer aangenaam , dat goed en 
aan de waarheid verschuldigd getnigenis van de Marine onder 
het oog van Uwe Excellentie te brengen." 

Bij de v^meerdering der magt in Zeeland en nu er voor 
dat gewest weinig vreea meer bestond, achtte van kinsbeb- 
GES zijne tegenwoordigheid aldaar niet langer noodig en ver- 
trok hij den 9 van Wijnmaand naar Holland, om plannen 
te beramen tot dekking dier provincie, welke ten gevolge 
van het meer en meer doordringen des vij^nds en het terug- 
trekken van het Engelsche leger spoedig door groote gevaren 
koD bedreigd worden. Allereerst begaf hij zich naar de Wil- 
lemstad en maakte eenige schikkingen tot regeling en ver- 
sterking van de centrum-Divisie, over welke thans het gebied 
door den Schout-bij -nacht melvill gevoerd werd. Van daar 
zette hij de reis naar Amsterdam voort, waar hij zich ter- 
stond bezig hield met het nemen van maatregelen , om eenen 
inval des vijands van de Geldersche zijde over de Zuiderzee 
te beletten. Met overleg der Admiraliteiten van Amsterdam 
en het Noorderkwartier , werden hiertoe dein ïexel , het Nieu- 
wediep en te Amsterdam aanwezige fregatten en verdere ligte 
schepen van oorlog bestemd, gelijk mede onderscheidene 
irewapende kagen en andere vaartuigen, die tot dat einde 
jofi-ebuurd en met zeelieden van de oorlogsschepen bemand 

, 2ie den brief na dieii Piiiu ud iIcd Laitsnant-Admirul tan k 



1, Google 



164 * QBSCHIBBKNIS VAN HET 

werden. Deze uiagt, waarvan de gereed zijnde bodems od- 
middetUjk op de huu aangewezene plaatsen post vatteden, 
werd door den Luitenant-Admiraal van kinsbeboen in drie 
Divisien verdeeld, over welke hij het gebied opdroeg aan 
de kapiteinen f. s. Graaf van sïi.andt, j. o. VAiLLANTen 
ZEEWOLD. ' Maar vruchteloos waren al deze maatregelen en 
de door van kinsberqen gegevene voorschriften en gemaakte 
schikkingen. Door den loop der gebeurtenissen en een' voor- 
beeldeloos strengen winter werd de zeemagt weldra buiten 
staat gesteld, iets meer tot afbreuk van den vijand te ver- 
rigten. Ëenige kanonneerbooten , aangevoerd door den Schout- 
bij-nacht mblyiii. , hernamen nog, met medewerking van 
Ëngelsch krijgsvolk, ktoekuioedig het fort St. Andries, op 
welks wallen de zoon van den Schout- bij -nacht met eigene 
handen het eerst de vaan plantte; maar dit was ook het eenige 
wat zij tot haar diep leedwezen kon doen. Ëene felle vorst 
overdekte in Wintermaand de wateren en stroomen met ijs, 
waardoor de oorlogsschepen en gewapende vaartuigen genood- 
zaakt werden hunne stellingen te verlaten, en in de naast 
bij gelegen havens of op de minst gevaarlijke reeden veilig- 
heid te zoeken. Die vorst' opende allerwege voor den vijand 
eenen vrijen toegang tot in het harte van het Gemeenebest , 
waar hij door duizende voorstanders der vrijheid en gelijk- 
heid sinds twee jaren met angstig verlangen gewacht en thans 
met opene armen ontvangen werd. Gelderland en Utrecht 
werden zonder slag of stoot vernieesterd , en weinige dagen 
bukte ook Holland, terwijl de Stadhouder, zich bij de nade- 
ring der l<'ranscheii , die hem den oorlog hadden aangedaan, 
zich niet langer veilig achtende, met zijn gezin en klein ge- 
volg, begeleid door de zeekapiteins J. o. vaillant en p. s. 
VAN bylandt, en de luitenants ter zee. Graaf van betobn 
en R. FAQEL op den 18 Januarij des jaarg 1795 den Vader- 
landschen grond , voor welken het bloed van Oranje zoo vaak 
gestroomd had , verliet , en met een twintigtal pinken van 
Scheveningen naar Engeland overstak. 

I Meu lit bicrovcr brecder van olhkiuseh, Ordtri cdi., bl. 136 ea rolg. 



1, Google 



MEOERLANDSCHE ZEEWEZSN. lOO 

Op den dag van zijn vertrek . had de Prins als Admiraal- 
GeDeraal , gedurende zijne afwezigheid en tot deswege nader 
door Hanne Hoog Mogenden zou beschikt zijn , het gebied 
over de vloot schriftelijk opgedragen aan den Luitenant-Ad- 
miraal VAN KIN3BER0EN, ' CU hem te gelijkertijd gelast, uit 
zijnen naaai "de Marine van den staat te bedanken voor 
dea ijver, dien zij voor 's Lands dienst had betoond gedu- 
rende dezen oorlog, alsmede voor hare vriendschap en ver- 
kleefdheid aan Hem en zijn Huis bewezen, wenschende dat 
het den Atterhoogsten behagen mogt , dat Hij eens wederom 
in de gelegenheid mogt komen, zulks aan haar te vergel- 
den." - Van kinsbergen gaf van deze benoeming onmid- 
dellijk kennis aan de Algemeene Staten, die, zonder deze 
uitdrukkelijk te bekrachtigen, nogtans meer dan één blijk 
gaven, dat zij haar goedkeurden en voorloopig eerbiedigden. 
Ofschoon geenszins met de nieuwe orde van zaken ingeno- 
men en gehecht aan dea uitgeweken Stadhouder, meende 
VAN kinsbergen in deze dagen van regeringloosheid het 
Vaderland boven alles te moeten stellen , en het hem toe- 
vertrouwde opperbevel in het belang van het Zeewezen te 
moeten aanvaarden. In die betrekking gaf hij dus onder- 
scheidene bevelen, die tot behoud der oorlogsschepen, zoo in 
HoUand als in Zeeland, konden strekken, en deelde boven- 
dien aan de Algemeene Staten zoodanigen raad mede als hij 
in de tegenwoordige omstandigheden, nu men moest ver- 
wachten, dat Engeland tegen liet Geraeenebest vijandelijk- 
heden zou ondernemen , voor de veiligheid des Vaderlands 
noodig en nuttig achtte. ' Dan weldra verhief zich eene 
stem ait de vergadering der vertegenwoordigers van Hol- 
land, die zijn gezag, als dat van den plaatsbekleeder van 



I JEra. iNM H. M. Mog, 20 Jsd. 1795, en oonpronketükc 1iri«r nu den Laitcoutt- 
Admiruü van EiKiBiKaBN un, H. H. Hog. tui 18 Jm. 179S, benutendc in het 
Byki- Archief. 

: WoordeD, ToortoDiende in de ichrirtelijkE opdragt vu het opperbevel door den 
SUdhonder, gevoegd b\) den loo even vermelden brief Vkn vak l.riraBKl<}fll. 

■ Z-t Sea. «» H. H. Mag. van 21, 23, en 86 Jm., 4 en fl Fcbr. ITOS. Ver- 
gel^k N. C. TAN HALL, Xee«i «a» vak KiH>BRRaKH, bl 192. Tweede oitgave. 



vGqogle 



166 GESCHIEDENIS VAN HET 

den verdreven AdmiraaKGeneraal , niet wilde erkennen, en 
voordroeg, de bevelhebbers van 'slands schepen onverwijld 
te verbieden, de bevelen van den gewezen Stadhouder of 
van dengenen die zijne betrekking waarnam, op eenige wijs 
langer te gehoorzamen. ' Naauwelijks had van kinsbbrgkn 
zulks vernomen, of hij verzocht zijn ontslag als opperbevel- 
hebber der vloot;* maar de afkeer, waarmede het meeren- 
deel in de vergadering van Holland tegen zijn' persoon be- 
zield was , vond geen weerklank bij de meer gematigde leden 
der vergadering van Hunne Hoog Mogenden. Eerst nadat Hol- 
land nogmaals op de verwijdering van tan kinsberoei*' aan- 
gedrongen, ' en hij zijn verzoek om ontslag herhaald had, 
werd het gevoelen geuit, het verzoek aan van kinsbergen 
in te willigen,' doch zonder dat deswege eeaig bepaald be- 
sluit genomen werd. De opvolgende gebeurtenissen maakten 
zoodanig een besluit onnoodig. Vier dagen na deze vermelde 
voordragt bij de Algemeene Staten, werd de Luitenant- Ad- 
miraal , op last der provisionele repnesentanten van het volk 
van Holland, in zijne eigene woning te Amsterdam in hech- 
tenis genomen en naar het raadhuis * overgebragt , welk lot 
denzelfden dag ook trof den Raad- en Advocaat-Fiscaal der 
Amsterdamsche Admiraliteit, van der hoop, op 'wien de 
voorstanders der omwenteling niet minder dan op van kins- 
bergen gebeten waren. Kloek was het gedrag van sommige 
leden der Amsterdamsche regtbank bij deze ouregtvaardige 
gevangenneming, doch hunne onafhankelijke denkwijs was 
niet in staat, aan van kinsbgroen en van der hoop ter- 
stond de vrijheid terug te geven. Eerst na verloop van eeui- 



■ Mei. va» S. B. Mog. 2S Jin. 1795. 

- Sta. van S. R. Mog. 31 Jan. 17^5; hy iroeg dit by esa' bri«f tsd dsD S9 
te voren. Van dit gebeQrde «inde ik gcene ntsldiag m het Ltveii van tan iiHaBEROEN. 

' Dtcreten tan de prov. SepraaentanieH van het vtdJc van Holland 2 Febr. , en 
Se: van S. H. ISog. S Febr. 179E. 

4 Set. va» S. S. Mog. 10 Febr. 1795. 

' Onder de ait deie dagen op het Egk-Arcbiet bcnutenda brieieu vu Tur kins- 
BBBOIK berindt er zich een, gedagteekend : Ameterdam, op het rladk^t d«n 18 
Febr. ITSB. 



V Google 



KEUERLANDSCHE ZEEWEZKN. 167 

gen tijd werden «ij ontslageQ, en kort daarop werd van 
KINSBKROEN met al zijne krijgsmakkers , bij een onberaden 
besluit , willekeurig uit den zeedienst ontzet. ' Dit was bet 
loon , 't welk de laatste vlootvoogd der Vereenigde Gewesten 
voor ziJDe trouwe diensten, gedurende eene halve eeuw aan 
den lande bewezen , ontving ! 

Heerschten zoo groote verwarring en verregaande wille- 
kear in deze onrustige dagen bij de hooge Regering des 
Lands , niet minder wanorde was er bij de verschillende 
aCdeelingen der vloot en op de oorlogsschepen. 

Zeeland was de eenige provincie, welke door hare natuur- 
lijke gesteldheid en door de scheepsmagt die haar verdedigde, 
nog niet voor de overmagt des vijands had moeten bukken. 
Het berigt van het vertrek des Stadhouders en de inneming 
van Utrecht en Holland baarden aldaar intusschen diepe 
verslagenheid, zoodat men, vooral bij de door den strengen 
winter genoegzaam gansche afscheiding van de overige ge- 
westen, in eene angstige onzekerheid verkeerde, op welk 
eene wijs in deze bagchelijke omstandigheden te handelen. 
Het eerste denkbeeld dat zich opdeed, was, voort te gaan 
met de verdediging, tot welk einde de Luitenant-Generaal de 
BBADW, opperbevelhebber van het krijgsvolk , en de Schout- 
bij-Nacbt jan scureuder harinohan, die thans wederom 
Diet het gebied over de in Zeeland zich bevindende scheeps- 
magt bekleed was , op last der Staten van de provincie , een 
ontwerp inleverden. ' Dan men kon het over de aanneming 
en uitvoering van dit plan niet eens worden, en de spoedig 
daarop volgende gebeurtenissen deden bet ten eenemale ter 
zijde stellen. Weinige dagen later daagde een Franscb otlicier 
op, die in naam van den Generaal MicHAUD, wiens hoofdkwar- 
tier te Breskeiis tegen over Vlissingen gevestigd was, van 

1 zie over de ïahecbt^DÏsncniÏDg tvd vin k[N8BBK0£H en vkn CEB uoop, het 
p'tfvolff op wAoiNtii, Vad. Jliit. D. XXIX, U. 191, en om dte tm tan kinb- 
BEKOKM in b<Bt blunder, lijne Levetuieiehrijmng door den stutaraad k. c. vin 
HA1.I, , T>1- 1S2 en yolg, 

9 Pen S7 '"■ 'ilK- Zie hdteW« in de ITot. der mafat cm Zttland vtn den 28 



V Google 



168 OESCJIIXDENIS VAN EBT 

den bevel voeren den Generaal en den Schout- bij -oacht haeïng- 
HAN schriftelijk vorderde, dat het eiland Walcheren en het 
io Zeeland aanwezige krijgsvolk benevens de schepen van 
oorlog zich aan de overwinnende wapenen der Fransche 
Republiek zouden onderwerpen. Pe Staten van Zeeland rie- 
pen daarop andermaal den raad in van den Opperbevelheb- 
ber der landruagt en van den Schout- bij -nacht , bepaaldelijk 
over de vraag, of beiden gezamenlijk de middelen konden 
aanwijzen, om in den tegen woordigen toestand van zaken 
de provincie tegen de Franschen te verdedigen ? Zulks werd 
door beiden ontkennend beantwoord, met name door den 
Schout-bij-N acht , en wel op grond , dat met de schepen van 
oorlog niets uits te rigten was door het ijs, waarin zij 
in de haven en het dok van Vlissingen of elders besloten 
lagen, en dewijl hij daarenboven van Hunne Hoog Mogen- 
den en van den Luitenant-Admiraal van kinsbeboen, als 
plaatsbekleeder van den uitgeweken Admiraal-Generaal, den 
uitdrukkelijken last had bekomen, geene defensie tegen de 
Franachen te doen. ' Dien ten gevolge en uit overweging dat 
eene langere verdediging de ergste gevolgen voor de pro- 
vincie in het algemeen , en voor het eiland Walcheren ia 
het bijzonder, zou na üich slepen, besloten de Staten, drie 
leden uit hun midden naar den Franschen Generaal af te 
vaardigen , ten einde zich op de meest voordeelige voor- 
waarden met hem te verdragen. Dit geschiedde, en op den 
4 Februarij werd zoodanige overeenkomst gesloten. 

In dat verdrag waren ook in algemeene bewoordingen 
*8 lands oorlogsschepen * begrepen , doch haringhan , die 'm 
afwachting van den uitslag der onderhandelingen van de 
Staten der provincie, op de vordering van den Generaal 
MicöAUD nog niet geantwoord had , was van oordeel , dat 
zulke algemeene bepalingen voor hem onvoldoende waren. 

1 Not. der State» cos Zeeland, 30 Jin. ITBS. 

- W«1kc ooriogstcbepcn thtng Jen linkervleupct uilmuktcn en ïinh te V1iuinf:en gd 
op aoden plauMo vu Zesluid bcvoDdea, kvt geiien wordco Dit den achta dit deel 
TOorkomcnden «tut. 



V Google 



NEUEBLANDSCHB ZEEWEZEN. 169 

Hij riep dos den Bcheepsraad bijeen, en werd, nadat deze 
eenparig verklaard had, dat er in de tegenwoordige gesteld- 
heid der schepen, bij het uitdrukkelijk bevel van Hunne 
Hoog Mogenden, om geene defensie te doen, en na de 
overgave der provincie, niets anders overschoot dan insge- 
lijks met de Franschen te verdragen, gemagtigd, deswege 
met den Generaal uichaud in onderhandeling te treden. 
Den 6 Febmarij kwam die Generaal aan boord van het 
vlagschip de Castor , waar nog dien eigen dag een verdrag 
gesloten werd. Daarbij werd vastgesteld , dat alle officieren 
en manschappen der in Zeeland zich bevindende oorlogssche- 
pen zich met eede zouden verbinden , de wapenen tegen de 
Fransche Republiek niet te voeren , en dat die oorlogssche- 
pen in alles hetzelfde lot zouden deelen van de schepen van den 
staat, die hij den intogt der Franschen in Teiel of te Am- 
sterdam lagen ; wordende van den anderen kant , aan de sche- 
pen toügestaan , de Nederlandsche vlag te blijven voeren. ' 

Hiermede scheen deze zoo gewigtige gebeurtenis te zullen 
afloopen. Gedurende twee dagen bleef het dan ook rustig, 
voornameliik ten gevolge van de ernstige aankondiging aan 
het scheepsvolk, dat degenen die mogten onderstaan de orde 
te verstoren , naar al de gestrengheid der krïjgswetten zou- 
den gestraft worden. Den derden dag brak er nogtans, bijna 
gelijktijdig op alle schepen, een geweldige opstand uit. Kenige 
afgevaardigden uit het scheepsvolk begaven zich naar den 
Schout-bij-Nacht, aan wien zij in oproerige taal te kennen 
gaven, dat zij zich thans als vrije lieden aanmerkten, omdat 
de Staten -Generaal bevolen hadden het Oranje af te leggen 
en het gezag van den Prins had opgehouden. Zij meenden 
uit dien hoofde niet langer verbonden te zijn aan den eed 
op de krïjgswetten, en vorderden onder allerlei verwenschin- 
gen en verregaande bedreigingen, uit den dienst te worden 

» Ooriproniceltjic rapport van dm» Sckottt-Mj^acht habinsiian aan JT. ff. Mo§- 
T>n 2 Mkart 17flB, beruitBudB in het RiJka- Archief, wurby gevoegd ii ccn «riebrin 
dcT met den Generul iiccutuu geilotea CBpitnUtie en der verdere ilaïkeii, tot bet 
gebeurde te Vliuiigen Ïd deze dagen betrekkelijlc. Oorspronkclük Jaornul vm '■ Lande 
schip Delft, kapitein t. f. tan capeile, in hel Archief der Marine roorbanden. 



1, Google 



170 GESCHIEDENIS VAN HET 

ontslagen en tevens dat hunne soldij zou worden betaald, 
van welke velen sinds vijftien maanden geen enkelen penning 
hadden ontvangen. £en gevaogen matroos vrerd door bet 
scheepsvolk inmiddels, tegen wil en dank der officieren, op 
vrije voeten gesteld , en het meerendeel der zeelieden verliet 
de schepen en verspreidde zich door de stad VüssingeD , 
roepende, al de ingekomen Franschen,.wier getal nog ge- 
ring was , te zullen vermoorden en de verwacht wordende 
te zullen verdrijven, bijaldien hunne vorderingeQ niet ten 
spoedigste ingewilligd wierden. * 

Het behoeft niet gezegd te worden , in welk eenen moeije- 
lijkeD toestand de Schout- bij -nacht habinquan en de verdere 
officieren zich onder deze omstandigheden bevonden , eo met 
welke schrikkelijke gevaren het geheele eiland Walcheren 
en in het bijzonder de stad Vlisaiugen bedreigd werd, nu 
een getal van omtrent drieduizend matrozen alle banden der 
krijgstucht had verbroken , en wel in een oogenblik van om- 
wenteling, waardoor de Regering de voldoende klem miste, 
om deze woeste lieden tot gehoorzaamheid terug te brengen. 
Er schoot niets anders over dan de gemoederen zoo veel 
mogelijk neder te zetten, waartoe de Schout-bij-nacht, met 
overleg van den Generaal morbao, die inmiddels te Vlissiii- 
gen was aangekomen, geen ander middel wist, dan de be- 
lofte, ze te zullen afdanken en betalen, op beider naam open- 
lijk te doen afkondigen en tevens den kapitein van capelle 
met twee onderofficieren, als ' vertegenwoordigers van bet 
scheepsvoljc , onmiddellijk naar 'sGravenhage te zenden, om 
aan Hunne Hoog Mogenden en aan den Luitenant-Admiraal 
VAN KIN3BERQEN kenuis van die belofte te geven, en de 
noodzakelijkheid der vervulling te betoogen, mits een ieder 
zich intusschen gedroeg, zoo als het brave en gehoorzame 
zeelieden betaamde. ' 

I Nol. der Staten van Zeeland 9 Fcbr. 1T9S, Rapport cït. van den Si^got-biJ- 
Dacht HABiNQUiN, «D de JoHTiuüen TiB ds kupiUiDGD ' 



* Bapporf ét. lan dtn Scbont-bij -nicht cd bet diuby g«vo«gde abchtilt dei un- 
koadiging T&n den Schont-blJ-nMbt ed dea OchctmI nobbau. 



V Google 



NEpERLANDSCHS ZEEWEZEN. 171 

AAnvankelijk scheen deze maatregel eene gewenschte uit- 
werking te hebben. Doch naauwelijks waren de kapitein van 
CAP£i,LK eo de twee onderofBcieren vertrokken, of de onrust 
begon op nieuw. De zeelieden , ongezind het antwoord uit 
's Gravenhage af te wachten , herhaalden hunne vorige eischen , 
vorderden wederom hunne afbetaling, weigerde ten sterkste 
te werken en deden de schrikkelijkste bedreigingen, ja, de 
manschappea van het linieschip de Séaien- Generaal vergaten 
zoo zeer hunnen pligt, dat zij de stukken te boord haalden, 
om de bedreigingen met gewelddadigheden te achtervolgen. ' 
De Schout-bij-nacht, ten uiterste verlegen hoe zich te 
gedragen, gaf eerst schriftelijk, en vervolgens, daartoe ont- 
boden , mondeling kennis van den stand der zaken aan de 
Staten van Zeeland , en drong ten sterkste er op aan , dat 
men aan de vorderingen der zeelieden om afdanking en 
betaling zou toegeven, daar er anderzins de schromelijkste 
tooneelen te duchten waren. De Generaal moreac nam van 
zijne zijde op zich, aan de Staten de noodzakelijkheid dier 
maatregelen onder het oog te brengen, en beloofde zelfs, 
dat bijaldien de Staten zulks mogten weigeren , hij de zee- 
lieden zou afdanken. Van zijnen kant zond het oproerige 
scheepsvolk drie afgevaarden naar Middelburg, die deze vor- 
deringen bij de Gecommitteerde Raden op hunne wijs onder- 
steunden. Wat zouden de Staten van Zeeland, wilden zij 
het eiland W&lcheren en de stad Vlissingen in bet bijzon- 
der, niet aan geduchte onheilen blootstellen, in dezen stand 
van zaken doen? wat anders, dan de herhaalde eischen van 
het muitende scheepsvolk in te willigen? Het edelmoedig 
voorstel van een' ingezeten van Vlissingen, abraham lodyssen, 
die als een der vertegenwoordigers dier stad de vergadering 
van de Staten bijwoonde, stelde hen daartoe in staat. Deze 
bood aan , bij het volslagen gebrek aan de voor de betaling 
noodige gelden, uit eigene middelen de aanzienlijke som 
vao honderd duizend gulden onder behoorlijken waarborg 

1 ITot. der Staten va» Zeeland \% Febr. 1T96. 



V Google 



\7'Z GESCHIEDENIS VAN HET 

tot voldoening der zeelieden voor te schieten; welk aanbod 
met erken lelijkheid zijnde aangenomen, de Staten besloten, 
den Schout- bij -nacht te magtigen tot het ardanken der eqni- 
pagieu van 'sLauds schepen van oorlog, behoorende onder 
de Admiraliteits-CollegieD van de Maze, Amsterdam en Vries- 
land; aan hen het noodige reisgeld of zoo veel meer als 
volstrekt noodig zou zijn om ze te doen vertrekken, uit 
de door den heer louyssen aangebodene gelden te betalen, 
en de aldus voldane manschappen terstond en zonder het 
allerminste uitstel met schepen of schuiten op de best moge- 
lijke wijs naar Holland te verzenden. ' Dit besluit droeg 
de goedkeuring weg der zeelieden, waarvan inmiddels reeds 
een gedeelte, hakende om de zoo zeer verlangde vrijheid te 
genieten, met eenig reisgeld de schepen verlaten had. Het 
meerendeel der overgeblevenen werd door den Schout-bij- 
nacht op de vastgestelde wijs met de meeste spaarzaamheid ' 
afgedankt, betaald en naar 'Holland gezonden, overredende 
hij een zeker getal , om aan boord tot bewaking en opleg- 
ging der schepen te blijven. Met regt prezen de Staten 
van Zeeland kort daarna bet gedrag van den Scbout-bij-nacht 
HARiNGMAN , die in deze netelige omstandigheden veel beleid 
en kloekheid had aan den dag gelegd, zoodat hij ten volle 
verdiende den dank, dien zij hem voor zijnen ijveren zijne 
trouw toebragten. ' Op de Zeeuwsche oorlogsschepen die te 
Vere , voor Bath en elders lagen , sloeg het volk insgelijks 
aan het muiten of het verliet die bodems eigendunkelijk. Men 
zag zich genoodzaakt , om grooter kwaad te voorkomen , 
deze manschappen ook af te danken. 
Waren de onlusten in de linker divisie der voormalige 



1 Bel. der State» van Zetlan4, 12 Cebr, 1T9&, Rapport Tui Am SchaDt-by-iusht 
HiRiHaiiuf cit. , CD Jimmoirf m. t. van dm kaplteia o. w. ooBms, VdTgelgk Wet- 
mcde hel onvoUsdige ferhuJ m bet Vervolg v»n itaoehaar, Vad. HUI. U. IXIX, 
bl. 171. 

> Hfi wist de tDceBte naDtchappcD met reiagcld heoen te zenden , ïoodit hfj van de 
inO.OOO gulden slecbls in allea 46,000 gebrnikle. LouisaïN, die zoo edelmoedig het 
voorecbot deed, had later vei<l moeite Kfjne gelden terng te krfjgen. 

> Nol. der Staten van Zeeland, ST Kebr. IT95. 



V Google 



NEDEBLANDSCHÏ ZEKWEZEN. 173 

Linie van defensie zoo verregaande , die in het centrum , 
dat ia , op de Maze en aangrenzende wateren , waren van 
minder ernstigen aard , alhoewel aldaar mede ongeregeld- 
heden plaats vonden. Ook hier hadden alle oorlogsschepen 
en gewapende vaartuigen wegens het ijs naar veilige havens 
en reeden moeten vlugteoj waar zij bevrozen lagen. Ooder- 
scheidene kanonneerbooten werden, toen de Franschen meer 
en meer doordrongen , op hoog bevel door de equipagien ver- 
laten, in den grond gehakt, het geschut vernageld en over 
boord geworpen; gelijk zulks, onder anderen, het geval was 
met twaalf kanonneerbooten , achter de sluis van Strijen Sas 
liggende , over welke het bevel gevoerd werd door den scheeps- 
kapitein de vteied en den luitenant l. j. siccaha. ' Vele 
andere, meest ingehuurde en ten oorlog toegeruste vaartui- 
gen werden eigendunkelijk door de bemanningen verlaten 
en aan hun lot overgegeven. Meerdere orde bleef er bewaard 
op de eigenlijke oorlogsschepen ' die te Hellevoetsluis lagen 
en over welke het bevel door den kapitein ter zee sahdel 
STOBY gevoerd werd 

Volgens een gelijktijdig berigt, * zouden de van Dor- 
drecht en andere plaatsen naar Hellevoetsluis gevlugte En- 
gelschen het plan gesmeed hebben , om 's Lands werf, sche- 
pen en magazijnen in laatstgenoemde stad in brand te 
steken; zouden zij reeds een begin hebben gemaakt tot uit- 
voering van dit snood ontwerp; zou sToat, wiens bij die 
gelegenheid betoonde heldhaftigheid en ware vaderlands- 
liefde hemelhoog verheven worden , daarop het stout besluit 
genomen hebben, de forlres Hellevoetsluis in naam des Hol- 
landschen volks in bezit te nemen, van dat besluit aan de 
burgers der stad kennis hebben gegeven, en met hunne 



■ Brief lui dien lailenant. nadsrtiand in uniienlgke bnrgïTlyfee betrekkingen t« 
GroDJDgeii , TM 9 Febr. ITBS, door wien mi) dit b«rigt gocdguoBtig medegedeeld werd. 
3 De aebter dit deel g«n>egd« Stut wfjat ud , welke oorbgiKbepen thtna bet een- 
Inun ^r secmigt nitmuktea. 

1 Sxirdkt mt aen' brief van Botterdant **n 36 J>d. ITOS, tDorkomenlk ia de 
2fed. Jaarb. vso dit jur, St. I, bl. 333. 



V Google 



174 OESCHIECENIS VAN flET 

holp ea met die van 500 door hem verloste krijgsgevangenen 
ras den opstand zijn meester geworden , de goddelooze oog- 
merken der Britten verijdeld , al de ËngelscheQ , ten getale 
van 600 man , gevangen genomen en op dezelfde schepen , 
waar de Fraoschsn gevangen hadden gezeten , in bewaring 
gesteld hebben. Dan het blijkt van elders, dat dit berigt, 
hoewel ook door anderen' voor waarheid aangenomen, zeer 
onnaauwkeurig en overdreven is, waarom wij de wezenlijke 
toedragt der zaken uit echte bronnen ' zullen trachten mede 
te deelen. 

Helle voetsl nis was een' geraimen tijd, bij gemis van ge- 
regeld krijgsvolk, door gewapende Landzaten bezet gewor- 
den ; doch toen de nood het hoogste was geklommen en hunne 
tegenwoordigheid op een der meest bedreigde punten gevor- 
derd werd,' hadden zij de stad verlaten, waardoor deze en 
de voor het zeewezeii zich aldaar bevindende gewigtige maga- 
zijnen en verdere inrigtingen geheel zonder bescherming ble- 
ven. Dit bewoog den kapitein stort , die in het begin dezes 
jaars door den Schout- bij -nacht MEr.viLr, tot bevelhebber over 
de aanwezige oorlogsschepen en over de stad benoemd was , 
door scheepssoldaten en matrozen den garnizoensdienst te 
doen verrigten, tot welk einde bij de verschillende posten 
zoo veel mogelijk deed bezetten ' en eene wacht plaatsen bij 
het op een kwartieruurs van daar liggende hospitaal, in 't 
welk 600 zieke Engelschen lagen. Maar hiertoe bepaalde 



1 DoDt den gebrjjver vtn bet Fmioljr op wxaEHxtt, Vod. Bltt., D. XXIX, 

W. 1S4 GD volg., die ecbler nog al wat afdingt Tin hetgeen, Tolgena bet ««nnelde be- 
tigt, dooi STOAi ion gïdaiD zfjo. 

' Uit h«t, dertien dagen na tet gsbenrde, door stort aan H. H. Mog. ingediend 
Sapfort, beraitende in het oataproDke1||ke in bet Syks-Aichief, cd gednikt in de 
Jaarboehe» der £ataaficht EepublUlt, D. I, 11. 289, alBmeda qit brieven door den 
toenmtligen nedi vermeldeD laitenant ter lee l. j. siccaki, geachreven den 9 en IS 
Febi. 1T6B nit Hellevoetalnia aan zijnen vader, den Kwdiheer r. hoka siccaka, la 
Groningen, 

> Dit getaigt BicciHA nitdinkkeltjt in zynB brieven , loodat hiermede vervalt bet 
berigt onjireiit het io het beiit nemen door stoeï van de fürt*res eerst len tjjde'van 
da omwentclüig 1 met «telke getnigoni) ten volle bet Sapport tan btoit lelven over- 



V Google 



NEDERLANDSCHE Z£BWEZBN. 175 

STORT zich niet: tot betere beveiligiDg van de aan hem ver- 
trouwde sterkte, liet hij door zijne zeelieden verkenningen, 
die in dit barre jaargetijde met geene geringe moeijelijk heden 
gepaard gingen, tot op twee of drie uren afatands doen, ten 
einde verzekerd te zijn niet te zullen worden overvallen;' 
rigtte bovendien eeue halpbende, bestaande uit 200 man 
zijner beate matrozen', als reserve, op, en plantte vier stiik- 
kea geschut voor 's Laods magazijnen. Op deze wijs ging 
hij voort, tot dat hij van den Franscben Generaal halhèzs, 
te Rotterdam , het schriftelijk bevel ontving , de Fransche 
krijgsgevangenen, die ten getale van 5 of 600 op twee 
der groote schepen van oorlog bewaard werden, onmiddellijk 
in vrijheid te stellen en te wapenen; met hunnen bijstand 
en dien der ingezetenen alle Britsche schepen die dp de 
reede of in de haven lagen , in beslag , en de zee- of krijgs- 
lieden van die natie welke er zich mogten ophouden , gevan- 
gen te nemen , en met den oudsten der in vrijheid gestelde 
Franscbe officieren te overleggen wat in het belang der beide 
volken te doen stond; wordende hij verantwoordelijk aan de 
Fransche Republiek gesteld wegens al de schepen en koop- 
waren , die bij dezen opstand zouden in beslag genomen wor- 
den, * Story, die, even als de bevelhebbers der beideandere 
divisien , inmiddels van den Luitenant-Admiraal van kins- 
BERGEN, namens Hunne Hoog Mogenden , den last had ont- 
vangen , zich niet tegen de Franschen te verzetten en zich 
met dezen op de best mogelijke wijs te verdragen, en die 
bovendien bekend stond als een voorstander der staatkundige 
gevoelens welke thans zegevierden , ■ vond geene de minste 
zwarigheid aan dit bevel te voldoen, stelde dus den 3 Januarij 
de Fransche krijgsgevangenen op vrije voeten en wapende 

1 SiccAMi., ia zyne briefea. 

' Zie dezen brief lu den Franiehtii Gencnal in de Set. van Jt, lï. Mog. !S 
Ju. 1795. 

s Id eeo* brieT ran de Frsniclie Bepneaentanten by liet Noardërleger uu de Nslionale 
CoDTentie, geechreien te 'i Graienhege , 9 Ftnr, Vta III, te viDden in deD Monifeur 
■n III, leggen liJ, dat btori bekend itond *Is een Patriot, en dat de Generaal milbèïe 
n^ uit den hogfde b|j roorkenr tot hem gewend had. 



1, Google 



176 (JESCH1KDSNI8 VAN HST 

hen, waarna deze, onder geleide van den kapitein c. r. 
BLOïB VAN TKËSLONQ eD aodcre zeeofiicieren , de stad binnea 
trokken en gemeenschappelijk met de Nederlandsche zee- 
ofGciereii , scheepssoldaten en matrozen , de posten hielpen 
bezetten en de magazijnen en werven bewaakten; wordende 
de magazijnen en schepen der Ëngelschen, zoo te Hellevoet- 
slnis als in den Briel, waar zulks door den kapitein rtn- 
BENDE geschiedde , tevens in beslag genomen. Weinige dagen 
later trok de Fransche Generaal SEfiosRON, aan het hoofd 
van 200 dragonders en 4 of 500 man voetvolk , de stad bin- 
nen, die van de Nederlandsche zeeofficieren, onderofficieren 
en het scheepsvolk den eed afnam, de wapenen niet meer 
te zullen voeren tegen het Fransche volk, zijne legers of 
vloten tot hunne aitwisseling of den vrede; hunne schepen, 
die nogtans de Nederlandsche vlag behielden , niet te doen 
zeilen zonder de bevelen of de voorkennis der Vertegenwoor- 
digers van de Fransche natie of van den Oppergebieder vaa 
het Fransche leger in het Noorden, en goede krijgstucht te 
zuilen handhaven. 

Ziedaar, naar het schijnt, de ware en eenvoudige toe- 
dragt van zaken bij de omwenteling te Hellevoetsluis. Wij 
spreken nogtans niet tegen , dat er geruchten geloopen heb- 
ben van snoode ontwerpen, door de bij de omwentelingsge- 
zinden zoo zeer gehate Britten gesmeed ; story zelf getuigt 
dit ook uitdrakkelijk , en waarom zouden wij hem hierin 
geloof weigeren ? Wij ontkennen ook geenszins , dat de inge- 
zetenen, onder wie zich vele bevonden die der nieuwe orde 
van zaken waren toegedaan , zich aan de Nederlandsche zee- 
lieden en het Fransche krijgsvolk, hebben aangesloten; ea 
met dezen voor de veiligheid van de werven en magazijnen , 
waarin zij zulk een groot belang hadden, zorg gedragen 
hebben. Stoby verzekert dit mede, en er bestaat geeoe 
reden om ons op die verzekering niet te kunnen verlaten. Maar 
wij meenen te mogen betwijfelen, of er, geschiedkundige 
bewijzen althans ontbreken daarvoor, werkelijk door de Brit- 
ten snoode ontwerpen tot brandstichting gesmeed zijn, ja 



V Google 



NKSBKLAKDBCHK ZBBWEZBN. 177 

oordeelen , ook op de getuigenis van storx die deswege ten 
eenemale zwijgt , stellig te kuonen tegenspreken , dat daaraan 
reeds een begin van uitvoeriog zon gegeven zijn , en dat , 
dien ten gevolge, de kapitein stort tot het stout besluit 
zou zijn overgegaan, de forteres van Hellevoetsluis in naam 
des Hollandschen volks in bezit te nemen. Intusschen maakte 
die zeeofficier zich jegens bet- Vaderland in het algemeen , 
en in het bijzonder j^ens bet zeewezen in dit opzigt ten 
hoogste verdienstelijk , dat hij , zoodra de landzaten de 
vesting ontruimd badden, de stad, het hospitaal, de ma- 
gazijnen en verdere openbare inrigtingen behoorlijk bezette. 
Dit had twee zeer gewigtige gevolgen : ten eerste , dat 
de orde en rust gehandhaafd en daardoor 'slands eigen- 
dommen . bijzonder de werf en de magazijnen , tegen plun- 
dering of berooving, van welke zijde dan ook, in deze dagen 
van regeringloosheid bewaard werden; en ten tweede, dat 
door die bezetting bet Franscbe krijgsvolk , 't welk door hem 
losgelaten werd of later binnen kwam , de stad , de werven 
en magazijnen door de Nederlandsche zeelieden bezet en be- 
waard vindende, dezelve niet "als overwonnen"' kon aau 
merken en al hetgeen door hen werd aangetroffen niet als 
goede buit ten voordeele der Pranscbe Republiek kon ver- 
beurd verklaren. Daardoor behield story de gewigtige zee- 
haven van Hellevoetsluis met de magazijnen en al hetgeen 
zij ■ verder bevatte voor het Vaderland , en maakte hij zich 
waardig, dat zijn gehouden gedrag door Hunne Hoog Mo- 
genden hoogelijk geprezen en goedgekeurd werd ' 

De zeelieden, die zich op de oorlogsschepen te Hellevoet- 
sluis bevonden, bleven dus tijdens de omwenteling rustig; 
doch het berigt van hetgeen in Zeeland en in het Nieuwe- 
diep was voorgevallen, verspreidde zich spoedig onder hen 
en maakte de gemoederen ook hier in beweging. Geen oproer 
brak er echter uit, maar zeer vele manschappen verlieten 
heimelijk de schepen , zoodat binnen weinige weken de equi- 

■ Dit zegt de luitenant siOC&Mi in een' sjlnsr brieTCn. 
3 Xe: S. R. Keg. yio O Pebr. 1T9S. 

V. 12 



V Google 



178 QE8CHIBDENI8 TA.N HBT 

pagien zoo zeer verminderd waren dat met de overgeblevene 
matrozen naauwelijks een paar fregatten konden in dienst 
gehouden worden, en al de verdere schepen daardoor, even 
als ia Zeeland, voor het oogenblik onbruikbaar werden. 

Zien wij thans, wat er *bij den regtervteugel der linie 
van defensie gebeurde. 

Zoodra de atrenge winter was ingevallen , hadden de oor- 
logsschepen vao den Staat, en de verdere gewapende vaar- 
tuigen , die in de Zuiderzee post hadden gevat of op de 
reede van Texel lagen , zich genoodzaakt gezien , voor het 
ijs de wijk te nemen naar Amsterdam en Enkhuizen , doch 
voornamelijk naar de thans ruime haven van het Nieuwediep. 
In deze laatste plaats bevonden zich vijftien grootere of kleinere 
bruikbare oorlogsschepen , waarvan elf behoorlijk gewapend 
en bemand waren , ■ die , bij afwezigheid van den kapitein 
Graaf van bylanot, onder het bevel stonden van den oud- 
sten aanwezigen kapitein , h. reïntjes , welke naar de voor- 
schriften van den Luitenant-Admiraal van kinsberqen eene 
strenge krijgstucht onderhield, en het scheepsvolk, zoo veel 
het jaargetijde en de omstandigheden zulks veroorloofden , 
in den wapenhandel en andere verrigtingen deed oefenen. * 

In deze gesteldheid verkeerde dit aanzienlijk gedeelte van 
's Itands vloot, toen de Fransche legers, na de met ijs 
zwaar bedekte rivieren te zijn overgetrokken , tot in het 
harte dezer gewesten doordrongen en het grootste deel van 
het Gemeenebest voor hunne wapenen deden bukken. Het 
was natuurlijk van het uiterste gewigt voor de overwinnaren, 
zich zoodra mogelijk meester te maken van de aan den Hel- 
der opgerigte verdedigingswerken , opdat dit punt niet in 
handen der Britten mogt vallen. Niet minder was er hun 
aan gelegen, zich ten spoedigste te verzekeren van de oor- 
logsschepen die in het Nieuwediep lagen, ten einde te be- 
letten, dat deze, wier equipagien, gelijk genoeg bekend was. 



1 Zie de ntiaen deier isbepen en dBrbalve coiamiaduilea in Sylagt VI. 

= Zi« TAH OLHHAUBIH dt. bl. UB GD yolg. 



V Google 



NSDBKLANDBCHB ZEEWBZEN. 179 

over het algemeen dea Stadhouder zeeT waren toegedaan , 
zich voor den uitgeweken Admiraal-Generaal mogten verkla- 
ren en bij de eerste gunstige gelegenheid, of naar Zeeland, 
dat zich nog niet had onderworpen , of wel naar Engeland 
verzeilen. Ter bereiking van dit dubbele oogmerk namen de 
Fransche Opperbevelhebber en de vertegenwoordigers van het 
Franacbe volk bij het Noorderleger zonder uitstel de noodige 
maatregelen. 

Bijaldien wij geloof wilden slaan aan den vermaarden staats- 
man en geschiedschrijver thiers en andere bnitenlandsche 
schrijvers , 'dan zou de overgave van 's lands schepen in het 
Nieuwediep aan de Franschen met zeer zonderlinge omstan- 
digheden zijn gepaard gegaan. "Het wonderbaarlijke zelfs," 
dus leest men io zijne geschiedenis der Franschen omwen- 
teling. ' "voegde zich bij deze reeds zoo buitengewone ge- 
beurtenis (der verovering van deze Gewesten). Een gedeelte 
der Hollandsche vloot lag bij Texel ten anker. Pichsgbd, 
die niet wilde , dat zij den tijd zou hebben om zicb uit het 
ijs los te maken en naar Engeland te stevenen , zond afdee- 
lingen ruiterij en onderscheidene batterijen rijdende artillerie 
naar Noordhotland. De Zuiderzee bevroren zijnde, renden 
onze escadrons over deze ijsvlakten, en men zag hussaren 
en artilleristen te paard de onbeweegbaar geworden oorlogs- 
schepeo , als een vesting , opeischen. De Hollandsche oorlogs- 
schepen gaven zich aan deze zoo nieuwe soort van aanvallers 
over." Lacbetelle ' segt deswege, dat de veldtogt der 
Franschen een zonderling voorval opleverde, naardien Fran- 
sche ruiters oorlogssche[»en die in het ijs bevrozen lagen , 
ontdekten en er zich meester van maakten. Mignet, die 
even als thiehs de geschiedenis der Fransche omwenteling 
beschrijft, doch de krijgsverrigtingen zeer beknopt behan- 
delt, spreekt niet uitdrukkelijk van het gebeurde, maar in 
de met afbeeldingen versierde uitgave van zijn werk, wordt 



I T. 111, p. Iï8 edit. it Bruella «t da lAt^ Ad. ISS9. 

1 mtioir« it la CtntveatUm Satitmiüe, T. III, p. UI, Fuü ISSG. 



V Google 



180 0E80HISDBNIB VAN HST 

de Nederlandsche vloot aaDschoawd, vast zittende in bet ijs 
en aangevallen dour Fransche hussoreQ en rijdende artillerie, 
tegen welke de Nederlandsche zeetiedcQ zich verdedigen. De 
beroemde Ëngelsche schrijver alison, in zijne Geschiedenis vsq 
Europa van het begin der Franache omwenteling,' verhaalt 
het voorgevallene genoegzaam op gelijke wijs als zijn voor- 
ganger THiEBS, die ook door hem wordt aangehaald. Ein- 
delijk, de bekende Luitenant-Generaal jomini, die eerst in 
Franschen dienst stond en later tot den Russischen overging, 
waarin hij met de aanzienlijke waardigheid van Adjudant 
des Keizers bekleed was, deelt dezelfde omstandigheden 
mede welke in de werken van thibks , lacrktblle en alison 
staan opgeteekend , doch met dit onderscheid, dat hij niet 
van de Zuiderzee spreekt, maar verder gaat, verhalende, 
dat detachementen ruiterij en ligte artillerie door picheobd 
naar Holland gezonden worden, "met bevel Texel door te 
trekken, * ten einde te naderen en te overmeesteren Hol- 
tandsche oorlogsschepen, die bij wist dat aldaar ten anker 
lagen. Dit was," dus vervolgt die schrijver, "de eerste maal 
dat men bedacht was om eene vloot met hussaren te nemep. 
Nogthans die aanslag gelukte boven alle verwachting : de Fran- 
schen snelden over de ijsvlakten, kwamen bij de oorlogssche- 
pen , eischten ze op en overmeesterden de vloot zonder tegen- 
stand." ' En mogt aan al deze getuigenissen nog iets ont- 
breken, er bestaat eene in Frankrijk uitgegevene afbeelding 
of plaat, waarop men de Nederlandsche oorlogsschepen, in 
het ijs vast gevroren , aanschouwt , wordende aangevallen 
door hussaren die te paard zitten of afgestegen zijn , en door 
rijdende artillerie, waarvan eenige manschappen gesneuveld 
of door de Nederlandsche zeelieden, die zich van hunne 
schepen meest met klein geweer verdedigen, gewond zijn, 
terwijl men in de verte over de onafzienbare ijsvelden een aan- 



1 VdI. II, p. STO, edit. baddbt. Puu 1S41. 
* "Avec ordn de travenctr 1» TeieL" 

■ JTul. arieique el mititaire dei ffnerrei de la SivoUiitm, T. VI. p. SOS, Parii- 
1819— IS», Eourellf ^itEon. 



V Google 



MEDERLANDSCHE ZIEWEZBN. 181 

tal Kuasarea in voUea draf ziet reoDen; dragende deze af- 
DeeldÏDg het opsclirift in de Frausche taal-: OvertReestering 
van MoUatid; ficbeorv 9 Januarij 1795. ' 

Bij het eenstemmig verbaal van zoovele geachte schrijvers, 
omtrent wie. althans vai^ sommige, met name van den Lui- 
tenant-Generaal jOHiNi, getuigd wordt, dat zij bun verhaal 
uit oorspronkelijke bescheiden geput hebben, schijnt men 
de zaak , oppervlakkig beschouwd , aan geenen gegronden 
twijfel te kunnen onderwerpen. En nogtass is hun verhaal 
niets meer dan eene fabel, of om het juister uit te drukken, 
eene versierde, zeer opgesfnukte voorstelling van eene kleine, 
onbeduidende omstandigheid, welke bij het verdragen onzer 
zeeofScieren in het Nieuwediep met den bevelhebber vaD het 
Fransche krijgsvolk dat den Helder in bezit genomen had , voor- 
viel. Daar vreemden zich niet ontzien , soms met deze zooge- 
naamde verovering der Nederlandsche oorlogsschepen door 
hussa^eo en rijdende artillerie den spot te drijven , ' en er, 
ook zelfs in het vaderland, nog op den huidigen dag zijn, 
die aan deze fabel of versierde voorstelling geloof slaan , ver- 
trouwen wij geen ondienst te zullen bewijzen, met de zaak 
nsauwkeurig te onderzoeken, die fabel te wederleggen en 
de ware toedragt der gebeurtenis te doen kennen. 

Vooreerst, meenen wij te moeten doen opmerken de over- 
eenstemming in het verhaal van de meeste der genoemde 
schrijvers, die zoo groot is, dat de een genoegzaam de woor- 
den van den anderen i)ezigt. Hieruit blijkt duidelijk, dat zij 
elkander hebben nageschreven , met uitlating of bijvoeging 
van kleine bijzonderheden , doch met behoud van de hoofd- 
zaak. Dit vermindert reeds het gezag van die schrijvers, 
en men wordt van zelf genoopt te onderzoeken , wie hunner 
de eerste moge geweest zijn, die dit verhaal opdischte. Deze 

) Jk beiit ds plut in ngcDdau; iQ ii getMkend door mibtinet ra gc^TMrd door 
Xjcjnnf*. I» *>1^ j>" i^ TemiTdigd «crd, ii oolakeDd, doch vcrmocdclgk nog ten 
t0de dar BepublMk. 

* Een gaaeht znoDciai ke«(t m^ gCMgd , dit mlki hen koitan '• I^ad* vu hoog 
^plaatste perKnun wm aiergckom«ii. 



V Google 



182 GESCHIEDENIS VAN HET 

kan geen andere zijd dan da LuiteD&nt-GeneraaljoHiMi, wiens 
werk ettelijke jaren vóór die van laceetelle, thiees, Mig- 
net en ALisoK het licht zag. Johini moet dua geacht woï- 
den de bron van het verhaal voor die schrijvers geweest te 
zijn. Maar van waar heeft deze ervaren krijgsman en kundige 
geschiedschrijver dat verhaal ontleeDd? Heeft hij zulks geput 
uit de officiële berigten der Vertegenwoordigers van het Fransche 
volk of van andere Fransche gezag?oerderB, die tijdens het 
gebeurde zich in Nederland bevonden ? Voor zoo verre wij 
hebben kunnen nagaan , wordt ■ daarin niet met één enkel 
woord melding gemaakt van de zonderlinge omstandigheden , 
die met de vermeestering der Nederlandscbe oorlogsschepen 
bij Texel , of liever in het Nieuwediep zouden zijn gepaard 
gegaan. De Fransche Vertegenwoordigers spreken in een' 
brief, uit 'sGraveohage geschreven, ' wel van de verovering 
van de vloot in Texel en te Hellevoetsluis , doch geen bet 
minste gewag wordt daarin gemaakt van eenen togt over het 
ijs of van eenen aanval met hussaren en rijdende artillerie. 
Sn in een omstandig verslag , 't welk carnot , namens het 
Commité van algemeen welzijn , aangaande den toestand der 
Franschen in Nederland in de vergadering der Nationale Con- 
ventie den 20 Februari) des jaars 1795 uitbragt. zeide hij : 
"De twee vloten van Texel en Zeeland hebben zich zonder 
eenigen tegenstand overgegeven ," ' maar niets meer wordt 
door hem daar bijgevoegd. Is het denkbaar dat, bijaldien 
znlke zeldzame omstandigheden als jomini en de overige 
schrijvers voorgeven , bij de vermeestering der oorlogsschepen 
in het Nieuwediep hadden plaats gehad, deze, bij de hooge 
opgewondenheid der Franschen in dat tijdperk, met stilzwij- 
gen zouden voorbijgegaan zijn ? En wat de in Frankrijk ver- 
' vaardigde afbeelding betreiï , deze schijnt louter eene vrucht 
der verbeelding te zijn , die geene de minste historische waarde 
bezit, 't geen de daaronder gestelde dagteekening van 9 Januarij 



< GflMbrBven la O PlaTÏoM l'ui Til, ta TiDien in dm MoniUur Tin ikt jur. 

9 OU nffoifatB-riniea ia itm MoifUtvr ,ti'. lES, B VBntdwrui lil (£3F«br. 1796). 



V Google 



NEDEKLANDSCHE ZEEWEZEN. 183 

uitwijst f daar bet geschiedknodig zeker is, dat de Helder door 
de Franschen niet bezet werd ea de oorlogsschepen van den 
Staat in het Nieuwediep zich oiet met de FraiiscbeQ verdroegen 
dan nadat de Stadhouder 's Gravenhage verlaten bad en de 
omwenteling te Amsterdam tot stand was gekomen; welke 
gebeurtenissen eerst op den 18 en 19 der genoemde maand 
voorvielen. Bij dit alles kunnen wij nog voegen, dat geene 
staatsstukken , van welken aard ook , hier te lande berustende ; 
geene brieven van zeeofficieren die op de plaats zelve tegen- 
woordig waren i geene onzer geschiedschrijvers; ja zelfs geene 
onzer dagbladen die , vooral in tijden van omweuteling , vaak 
met gretigheid het wonderbare opnemen en verspreiden, van 
die vreemde gebeurtenis melding maken. Slechts één enkel 
inlandsch werk' spreekt van een. gerucht, dat de bevelheb- 
b^s der oorlogssch^en in bet Nieuwediep hardnekkig zou- 
den geweigerd hebben zich over te geven , zoodat de Fran- 
schen die derwaarts getrokken waren om ze te bemagtigen , 
geweld hadden moeten gebruiken en daarbij drie honderd 
man zonden verloren hebben. Maar, behalve dat de schrijver 
van dit werk noch van den togt over de Zuiderzee, noch 
van dien naar Texel over het ijs gewaagt , zegt hij uitdruk- 
kelijk, dat bij dit gerucht alleen vermeldt, om het tegen te 
spreken . daar men thans wiat , "dat er geen tegenstand ge- 
boden en geen man bij omgekomen was." Het is dus onzeker 
uit welke bron de Luitenant-Generaal jomini zijn verhaal 
geput heeft , waarom wij , tot dat deswege nadere inlichtin- 
gen zijn bekomen, vermeenen te mogen aannemen, dat de 
kleine , weinig beteekenende en straks te vermelden omstan- 
digheid, die bij het verdragen onzer zeeoflicieren met den 
aanvoerder der Franschen aan den Helder voorviel , de eenige , 
maar vei^roote en versierde aanleiding tot zijn zonderling 
verhaal , en in navolging van hem , tot dat van lacretelu , 
THiEES en ALisoN zal gegeven hebben. 

Eene tweede opmerking is deze : vreemd mag het genoemd 
worden , dat bij geen der vermelde schrijvers de vraag gere- 

I Iftd, yaarh. ms, St. II, U. 815. 



V Google 



184 QXSUHIEUBNIS V A.S HET 

zen ia, of escadrons ruiterij en rijdende artillerie de Zuider- 
zee of den zeearm tuaschen den Helder en Texel in den 
winter des jaars 1795 over het ijs hebben iuiaeit overtrek- 
ken? Nogtans was die vraag der overweging waardig, dewijl 
bijaldien de onmogelijkheid daarvan bewezen werd, hua ver- 
baal van zelf verviel. Deze vraag achten wij op goede gron- 
den ontkennend te kunnen beantwoorden. Volgens ingewon- 
nen behgten , ia de Zuiderzee in genoemden winter wel met 
iJBSchouwen en door voetgangers overgetrokken , en misschien 
ook op sommige gedeelten, gelijk bij vroegere harde win- 
ters,' met slede en paard; doch dat die zee toen, vooral 
naar de zijde van den Helder , met zulk een vast ijs overdekt 
werd , dat drommen ruiters en geschut zich op die bevroren 
watervlakte zouden hebben kunnen wagen , hiervan herinneren 
zich de oudste lieden niets , en vindt men ook nergens opge- 
teekend , ja , men houdt zulks voor ten eenemale ondoenlijk. 
En nog veel minder mogelijk was zulks toen of immer te 
voren tusschen den Helder en het eiland Texel , waar de zee 
eenige honderden voeten diep is , waai een sterke stroom gaat , 
waar wel groote ijsschotsen drijven, voor welke de schepen 
de reede moeten verlaten , doch waar nimmer , voor zoo veel 
bekend is , het water zoo vast is toegevroren , dat menschen 
of dieren over het ijs van den Helder naar Texel of omgekeerd 
gekomen zijn. ' Dit nu zoo zijnde , wat blijft er van het fraai 
versierde verhaal der buitenlaudscbe geschiedschrijvers over? 
Doch de bewijzen, die tot dus verre aangevoerd wer- 
den, waren meestal van ontkennenden aard; thans zullen 

I Ueermklin wu ie Znidenec bevroren eo werd nut Tcle ■Isdrai, purden ui mi* 
l«n overf^trokkea op loniinige ledeelten, byiondir tnMchen EnkbniicD cd SUvorCDi 
gelyk in de jiten lOOS, 1B21, 1022, 1069 en 1674. In ISSI oefende licb op de 
ZniderMe eena aomiiignie VDOtTolk teo laniien vin etbdfjke dniiendoi menMbeni luw 
nergeDB vinda ik lartoeld , dat drammen ruiten, leelmio geicbnt of dergelijke nrlre 
ligcbaaen de Znideriee tot aan dan Helder hel ijt overtrokken. Mcu vergelijke de HiH. 
vna .EWtAaim, door s. BaiHnT tn de Chrongk tan Moom, door tbliui. 

' Er iQn enkele TDorbeelden, dat men te foet van Vlieland naar Teiel an omge- 
luerd ging, umi geena ifin m|i Toorgekomen, dat lolki tnaachen Teiel en den Heldar 
iDQ geachied z|]n. Ook in den afgeloopen atrengen winter «ta dat le^t wel net ffi- 
■ehotaen beist, mur vroor volatrekt niet toe. 



V Google 



NXDEBLANDSCaS ZBEWEZEN. 185 

wij , als eeoe derde opmerking , bevestigende grooden bij* 
brengen, waarmede, iiaar wij vertrouwen, zal worden uit- 
gemaakt, dat bet verbaal van johini en zijner navolgers 
niets anders is dan eene fabel of opgesmukte voorstelling. 

Het is dooigaans geene gemakkelijke taak te bewijzen dat 
iets niet gebeurd is, vooral wanneer zalks betreft voorval- 
len , die rn een meer of minder verwijderd tijdperk hebben 
plaats gevonden. Dan alleen kan zulks in een helder dag- 
licht gesteld worden, wanneer er gelijktijdige ofÜciële berig- 
ten voorhanden zijn, waaruit onwedersprekeUjk blijkt, dat 
hetgeen anderen melden, niet of niet alzoo gebeurd is. Maar 
bovenal wordt bet ongegronde en onwaaraclitige van de mede- 
deelingen van anderen zonneklaar bewezen , wanneer er nog 
geloofwaardige oog- en oorgetuigen aanwezig zijn , die al 
wat er gebeurd is gezien en bijgewoond hebben, en stellig 
wederspreken wat anderen , die bij het voorgevallene niet 
t^enwoordig waren, beweren geschied te zijn. 

Officiële berigten van dien aard omtrent bet voorgevallene 
in het Nieuwediep zijn niet tot ons gekomen. En geen wonder ; 
want, hoe zouden de zeeof&cieren in hunne brieven, aan 
Hunne Hoog Mogenden of andere overheden gerigt, hebben 
kunnen melden, dat de Franscbeo niet over de Zuiderzee 
of over den zeearm bij Texel door middel van het ijs ge- 
komen, of de oorlogsschepen geenszins door bussaren of 
rijdende artillerie aangetast waren, terwijl niets van dat alles 
was voorgevallen , en zij niet konden vermoeden , dat men 
ns eenige jaren in het buitenland deswege verdichtselen 
zou verspreiden ? Doch gelukkig leven er van de Nederland- 
Bche zeeofficieren, die het gebeurde in het Nieuwediep bij- 
woonden, na een verloop van eene halve eeuw, nog enkele, 
wier getuigenis op boogen prijs mag gesteld , ja ais afdoende 
beschouwd worden. Hiermede bedoelen wij bepaaldelijk den 
toenmaligen kapitein, nu gepensioneerden Vice-Admiraal jan 
VAN HOOQiMHODCK TULLEKEN, die tijdens het gebeurde bet 
bevel voerde over bet in 't Nieuwediep liggende fregat Venua , 
en het t^nwoordig lid van den Hoogen Krijgsraad, mede 



V Google 



186 QE8CBIBDBKI8 VAM HET 

met den rang van Vice-Admiraal bekleed, jan tan oen 
VBLDBN, toen kspiteio -luitenant en tijdelijke Commandant 
van den Bolphijn, maar werkelijk eerste en bij afwezigheid 
van den kapitein Graaf van bylandt, bevelvoerende officier 
op het, insgelijks in bet Nieuwediep liggende linieschip 
Gelderland. Deze beide officieren verklaren ten stelligste ' 
en hebben ons gemagtigd opfiolijk zulks uit hminen naam te 
getuigen: dat de Franschen niet aan den Helder (van Texel 
kan niet verder de rede wezen) gekomen zijn over het ijs 
't welk de Zuiderzee bedekte , maar langs den gewonen land- 
weg; dat er geen gevecht, schermatseting of hoe men het 
anders moge noemen , tusschen onze zeelieden en de Fran- 
schen beeft plaats gehad; dat zij voor de waarheid dier ver- 
klaring instaan, en dat derhalve ailes wat jomini, THiBiia 
en anderen in eenen tegengestelden zin mogten 'geschreven 
hebben, onwaarachtig, fabelachtig en verzonnen, of althans 
versierd en opgesmukt is. fiij eene zoo stellige getuigenis van 
twee mannen, ° die naauwkeurig bekend zijn met hetgeen 
in het Nieuwediep is voorgevallen en die ten voUe geloof 
verdienen, kan wel geen redelijke twijfel meer overblijven, 
en ieder onbevooroordeelde zal , wij durven het vertrouwen , 
zich onvoorwaardelijk op hunne getuigenis verlaten, en na 



1 Vin dkh veldbn wm niet in peraooD uu den Helder, toen in Franachen tMur 
kwimsn, ita fay door dsa Lmtenuit-Adinirul tim kihsbibqin in oominuüe uur 
'gGnvenhigs gnandBD wu, Tin waar hy eerit den 4 Fabraiiy UrngkaerdB. Docli 
to«n nmam h|j al wat er roorgeiallen nu, en gedurende lyne afwezigheid wu hat 
Joarnaal Tan den Doiphijn door een' stanrmanaleerltDg dtgelyl» bygehonden, nit wdk 
Jonrnul hfj m|j het gebearde mededeelde; loodat zQne jietaigeniB eren afdoende mag 
beschouwd worden , ali of h^ zelf werkelijk illea hfjgcwoond hid. Tullekbn bleef onaf- 
broken in het Nieawedlep. 

^ Bi) deie twee getoigeniuea kan ik nog Toegen eene derde van den heer inLt, 
toen Chirargijn -Majoor op de Snelheid en thans grifHer van het kantongeregt aan d«D 
Helder, aan nien , door ie rrïendelüke taiBchenkamtt van den heer uuoo aiVEBa, 
lid Tan den Hoogen Kaïd, münentwtge eeniga vr^^en werden ToorgesUld, ÜiBhy tehrif- 
telfjk beantwoordde. Ook hg Tarklaait itellig, dat de Franschen niet oTer het (ji van 
de Znidenee, maar lang* dan gawonen «eg van Haarlem aan den Helder kwamen, en 
dat er gean gevseht plaatt had, maar de ïloot by Terdrag OTergiug; met welke ver- 
klaring Tolkomen oTcreenstcmt da cnder mtj bernstende getoigenis tan tmg twee andere 
hqaards inwonen Tan d«n Helder. 



V Google 



HlDBBIiANDSCHB ZEEWKZBN. 187 

a\ het aangevoerde met ons instemmeQ , dat het zoaderÜDge 
verhaal der vermelde Fransche schrijvers en van alison be- 
hoort gerangschikt te vrorden onder die vele belagchelijke 
veitelselen , welke vreemden omtrent ons Vaderland stoutvreg 
als ware gebeurtenissen voordragen. 

Dan misschien hebben wij ons reeds te lang met dit fabel- 
achtig verhaal opgehouden ^ laten wij thans het gebeurde voor- 
dragen gelijk het werkelijk geschied is, en verder uiteenzetten 
wat er vervolgens' bij de Nederlandsche oorlogsschepen van 
den regtervleugel tijdens de Omwenteling is voorgevallen. ' 

> De Fniuche LniieDnt-GnicrMl biniD lihdki, zond, in rebrairg 1816, 
een' brief ua het digblid l'Eeho dt la Frotitüre, ter beautwoording vtn Mn 
artikel tui hei JimntiA de ta Hoge, 'twelk, duf aanleiding T*n myn betoog, de 
waarhüd tid het nemen del ia het fji rut zittende Hollsndscïe vloot bstviat bad. In 
deun brief houdt de Laitenant-Generaal uiinai niet •lechd toI, dat de iloot werkelijk 
door de Franiehen genomen a, maar zegt, dat dit door hem aan het hoofd tui eene 
compagnie tiraillenn en een emdron ligts caTalerie (Tan batteiüen ligle ariillerie, 
vaarran de Fnuuche «cbnJTeri gewagen, tpreekt hQ niet), in eigen persoon gedaan ia. 
Nadat hg herhaald had, dat hg alleen, gezeten in een r^tnig, de atad Haarlem ioge- 
Domen had, iets dat tegen de geschiedenia atrydt, i«gt h{] irerTolgens : "Mijn toIIi ge- 
komen ijjnde, lette ik mfjn' togt roort. Te Alkmaar Terneen ik op een' avond, dat 
it HoillDdache vloot, door bat g> bost, in Teiel ligt. Ik Tertrek ünveruryld met een 
toupagnie tiraillenn op wagana en eens eacadron ligto cBTalerie; va&T bet aanbreken 
van dan dag had ik poaltis in de dninen genomen. Wdjn zift dB iloot om , eo maakt 
«enige toebereidaelen tot verdediging, ik lead eenige tiraillenra Tooraït: ik volg ze met 
al m|jne OTcrige minachappea. De iloot ig genomen. De zeelieden ontTingen om goed- 
•ehika aan boord. De heer beitlek (dit zal de kapitein beintjks moeten beteekeoen), 
commandant tmi de vloot, onthaalde mjj aan boord Tan da Prvtttt LouUe. . . . Deze 
ia do vare geschiedenia van het nemen der Hollandaehe vloot, uitgedacht en uitge- 
voerd door een drie en twintigjarigen chef de batailloo." 

Ik meen hierop te mogen aao merken : 1. Dat het voomatDe pnnt, 't welk ik bealre- 
den heb, te «eten, dat de Tranichcn over het ^i der Zoiderzee looden gekomen en 
■Idtu de vloot aangetart hcbbea, nel verre van door den Loïtenant-Genatnal L4HUBE 
vrederl^d te ign, integendeel allezins door hem wordt heveatigd, daar hij nitdmlkelgk 
aegt, dat hfj van Haarlem, over Alkmaar, langa den landweg naar den Helder opge- 
nkt U; waardoor dit pnnt nn wel voor nitgemaakt kan gebonden worden. S. Heb ik 
nooit lietwiat, dat er Franach voetvolk en TuitarlJ aan den Helder i^n gekomen, met 
oogmerk, om ziiJi van de vloot meester te maken; maar ik beb legcngetproken , dat 
ds rloot met geweld >an wapenen genomen ia. Nn leci ik wel in den brief van den 
I/nitenuit' Generaal, dat hg poaitie in de dninen nam ; dat onze zeelieden eenige toebe- 
jeidselcii tot verdediging maakten; dat U.1111BX eenige tiraillenra Tooruit lOndi dat h|j 
met bet overige kr^jgaTolk volgde en de vloot genomen werd; niiar lyo brief leert mg 
niet, of dat nemen der vloot mot geweld of by verdrag geaohied i^, met andere woor- 
den of taaaehen de Franaehen en onze leelieden een gevecht ontstaan z^ ; en of deze 



1, Google 



QESCUIICDBNIS VAN HET 



Op den 22 of 23 Januarij , doch vermoedelijk op eerat- 
genoemden dag, ' begaf zich de voormalige loitenant ter zee 



TDor het geceld hebhea moeten bokken, dia ircl, ingeiralge vnw^r ODlTangen bete- 
Ibd, zich bij veriing hehbea oirergegeven . nit liit9t« mwa ik, ÏD ratja hettiog, dnide- 
l^lc aingutoond ta hebben, en hclgcen lihube in zfjn' brief lut TOlgea ; "dst de ma- 
lleden hem en de ïijnen gaediehilca (ia bonat ffToct) antviiigen," icbüDt vcelrer mgn 
gevoeiea, ook omtrent dit) punt, t« beTegtigea dui te wederleggen. 

Het antwoord ain den Luitenaut-GeDerul liuuke, die troawene mtJDe geschiednïi 
«urin de tuk brcedet en •olledigei dan in het Joumat dt la Saga behandeld voHt, 
niet keride, beteekent doi, naar mljniniien, weinig, en hteTt leeleer mijne op geachïed- 
knndige grooden gefeatigde overtuiging venlerkt dan lenwakt, te treten : dat de Tloot 
in het Nieuwediep geen liini door over hel fji der Zaidenee gekomen Kraijacbe bnauTea 
CD radende artillerie aanj^evallen bd gen ipender hand TeroTerd ii , maar licb , volgen* vroe- 
ger outTangen bevelen, tooiler reriiediging , bj] rerdrag OTcrgegtven heeft. 

Oierigeni leeren wfj dien Generaal, toen Kolonel, lahubk nit dit antwoord kesBcm 
■li bevelhebber der Friaiche krügimsgt aan den Helder Toor de komst van db wihtek, 
en het zal met hem geweest lyn, dat de kapitein reirtjbb, bevelhebber der vloot de 
Dvereeokomat heeft gesloten. 

Ik wil hier log bijvoegen, dat er, behalve de door mfj vermelde, nog eene 
andera, tydena de Bepnbliek vervaardigde plut beataat: voorstelende de verovering 
der Holludsche vloot door l'nogehe ruitery en artillerie over het ^tj ' dat lich in 
het door Koning louewijk fhilifs opgerïgle ninsenm van Veiaaillea bevindt eene 
■childerQ, die deielfde gebenrlenis verbeeldt en in den catalogi» van dat masenm 
aldna beichreven wordt ; La caeaUrit Fraiifaiie prend la floltt JloUandaUe arritie 
dam Ui glaeti du Ttxel 179S,> en dat er eindelijk tbani te Parga een fraai bb 
belangrijk werk wordt uitgegeven, den titel dragende van: HUtavrt dt FAmtie et 
de lom lei Bfjimenli depaii lei premiers terapt de la MMore&ie FranjaUe juaqu'i 
mi jouri par M, X. idr. faicil, bkahout el Ie Capil. bicabd, vrisrin eenegi*- 
vnre voorkomt, insgelljki het nemen der vloot voora tellende, en met bet opschrift: 
Frise de la fioite Holla*daiie par iet Stmardi. > Men liet hiernit nader, hoe alge- 
meen in Frankr^k verspreid geweest is bet verhaal van het gewelddadig overmeesteren 
der Holltndlcbe vloot door cavalerie over het jjs, en dat aan die dusgeDtamde gebeor- 
tenit nog heden (en dage aldaar volte geloof wordt gehecht. Het was dns meer dan t^d, 
dat dit verhaal wederlegd , of wil men het anders noeoien , nit goede historische bron- 
nen toegelicht en naar waarheid voorgesteld wierd. 

1 In de ffaarlemiehe Courant van ST Janaarg 179G wordt nit die etad, onder dag- 



1 De heet 1. 1 aoDEL NiainDis, in vltna rUke veiumBling deis plast benut, maakte mg daai- 
aede bekead, Zy ia Tcrraudigd nur «he teekenijiE 'u aoimun , ia op een (dIid blid geduimd 
door icnaoai, tUilena Ab Fnnsehe Rrpublin^, eu h«ft het loljenilo ondervehrift: Prix it U 
miriiu SMbuMk par la cttallril FlmfiiiM nr ncr li 18 JmmHtr 17». DttX d^tHkeninE bewgat üf 
Bienw tle ODbcaMmdhaid du bcriEteo omtrut die gebcnncuia, diir de plaat door m)] in dQbs ge- 
sohMenii auiEehaiüd, de dasteekeuing van » Jmuuy diugt. Uur bnendisn, liet men op den 
plut, op deo uhtertioDd, de itid lioti^ui, tengl da tIodi in het ^ienrediep hg. Het nl wel 
niet noodig i^n te uggeu , dat Eoodanige loontclljngen geen het müute gckief Terdieneü. 

i DoEe HÏildci^, don hoziii lemudlgd, bevindt fieb TolgcDi den Müatnir (catakigiia) lu gt- 
noemd mueum, tn de SSate laal vu de eente verdieping, den naun dragende van StUt Je Cmufag- 
«I ^17M,M tin, Nd. Bia. 

3 Sfen liei op dne plaat de viool in bet ))■, en de Franuhi niittrg, net eenige veldatakkeB, 



1, Google 



NBDSKLANDBCH ZEEWEZBN. löSf 

^ïj de Admiraliteit van Amsterdam, doch in den jare 1787 
^tgeweken , en nii met den rang van Franschen Generaal 
Ae Brigade bekleeden, johan willbm de winter, aan het 
\ioofd van een regement Fransche hussaren , meest terugge- 
Veerde Bataven, ' uit Haarlem naar den Helder, om van 
dat gewigtige punt bezit te nemen, gelijk mede van de in 
bet Nienvrediep liggende en in het ijs bevroren Nederland- 
sche oorlogsschepen. Vermoedelijk was die Generaal daartoe , 
aU gewezen Hollandsch zeeofficier, door den Opperbevel- 
hebber van het Fransche leger boven anderen verkozen , om- 
dat hij met den aard en de denkwijs van het scheepsvolk 
bekend was. Dit krijgsvolk trok naar den Helder langs den 
gewonen landweg en kwam aldaar in den nacht van den 23 
aan. Den volgenden dag begaven zich eenige hassaren over 
bet digt bevroren Nieuwediep naar het hnieachip de Ad- 
miraai Piet Heyn , ' gevoerd door den kapitein hetntjes , 

teekeBiDg no dea 2S, geachrcrcD. "1d hat lutat der vorige osck ii tip hier (erlrok- 
ken da Frawchc Genenuü de «inticb, wd hel hoofd t>d eenige Fransche tfoepeo, ota, 
nn dm Helder en de oorlagnchepeD ia het Nieawediep beiit te nemen; hetvelh men 
verneenit, dtt gelokkig gereaueerd ii." Nn viel de S6 Jinou^ in op MiiDdxg. loo- 
dtt het Iwtat der torige «eek. Donderdag, Vrijdag of Zitordig, den 22, SS of 24 
Boet ge*«e«t i^n. Dtar het na van aldara blykl, dat de Fraoichrn Vrijdagnacht den 
2S aan den Helder kttaman, inllen if| wuiiebijDtyk den 32 nit Haailem getrokken 
lijn. Het vermelde berigt ia het eenige, dat men omtient deie gebenrtenii in de Saar- 
Ummr Ctntrant vindt. Eco- der^lyk berigt, doch ook niett meer, wordt aangeCraBbn 
is de QoKttte de Leidt van SO JannarQ. De Amsterdaaiaebe en Haagube Conranten 
namen dat van de Haarlamaebe over , xouder ieti verder er bjj te vorken ; de itotter- 
damiche (W^gt ei geheel van. 

' Dit getnigt de beer iHLi, die ze xag en sprak, en er b^voegt, dat er geen radende 
srtilleria bfj wai, welke hfj altbaaa niet i;BitHa faeefl. Ue artillerie echtjnt dna ook al 
door JoiilNi en de terdere acbrüvera verconnan te ign. 

i Daie belangrijke, en loo veel ik weet, nergana vermelde b|jzonderbcid werd mjj 
doot dan Viee-Admiraal ju» den veldik met ijjne gewone dienitv aardigheid medege- 



tegen hav opmkken , doch dau ly niet gcl^kt^dig ii , heeft ly geene geachiedliTiiidi^ wiiric, lp de 
bcaeliryving wordt vao het kekkcn orer het ^i der Znidenea nUt oproken , mau- geiegd. dat ecae 
II Kiwrdholluid gnoiKles igude, nut lut, de Iriatntr U Taü (f.'), 
het |]i, DntdeUende. 'AiuitAt." du gut de heacbrUTing loort , 
Lkrp inr la (Uce, uritèreul inx reiiKux (^n'Ui aommftrent de ■• 
naórt, Cam.ci dana una immobilUé qai aaiaft readn poa ndontible te Jen de Leun hattcrisi , («di- 
mU —m l» tuiuirt iffoaUn, et noa eanlloi dut ce I^t d'anaei ueneilleiu, priient pliu de 
Canana qolla a'itaieDt de combattani." De Tloot gif lich du ever uudec lieh Ie lerdediien, eo 
wal («mk «U weten , op liit d« Refeikg. Dete Bapendaul , «unp de FmudieB ileh loo leet 
TtrlitBea , veriieot dan w* waaiJyk niet den naam van tngsudwnuwunlif. 



V Google 



190 GE8CHIEDSNI8 VAN HBT 

die, gelijk gezegd is, bij afwezigheid van den Graaf vak 
BTLANDT, als oudste kapitein, met bet bevel over de alhier 
liggende schepen van oorlog belast was. Het is zeer iraar- 
schijnlijk, dat deze onbeduidende omstandigheid en bet rijden 
van eenige andere hussaren over betzelfde Nienwediep, ' 
aanleiding hebben gegeven tot het door de Franscbe schrij- 
vers en in hunne navolging door alison, zoo breed uitge- 
meten verhaal van het overtrekken der bevroren Zuiderzee, 
ja zelfs van den zeearm tnsschen den Helder en Texel door 
escadrons huzaren en rijdende artillerie. Onbeduidend mag 
toch die omstandigheid genoemd worden, daar zij alleen 
betreft het overtrekken van eene kleine met ijs overdekte 
waterplas , niet door eskadrons ruiterij , veel min door rijdende 
artillerie, maar enkel door eenige hussaren, om te bereiken 
oorlogsschepen, die, gelijk wij zjen zullen, op hoog bevel 
geen tegenstand boden, doch wie het anderzins gemakkelijk 
zou geweest zijn, bet tien-, ja honderddiibbeltal der opruk- 
kende Fransche troepen met schroot uit bet geschut te ver- 
nielen. Hoe die onbeduidende omstandigheid dusdanig ver- 
groot, en versierd geworden is, dat zij ïn eene belagche- 
lijke en ongerijmde fabel is ontaard, zal thans wel niemand 
kunnen beslissen. Het kan zijn, dat een of ander der aan 
den Helder aanwezige Fransche krijgslieden, met de aan die 
natie bijzonder eigene luchthartigheid en grootspraak , het 
trekken over bet ijs dier weinige bussaren en het daarop 
gevolgde overgaan der oorlogsschepen aan een zijner bloed- 
verwanten of vrienden uit kortswijl of om te zwetsen, in 
hoogdravende bewoordingen en met getinte kleuren beschrer 
ven hebbe. Het kan zijn , dat deze of gene in Frankrijk 
dit verhaal in ernst opgenomen, verspreid, bijzonderbeden 



daild, Hjj *ond « opgEteekend in het reeda Termeld« Jaoriual jm den Do^on,via 
wur men de houiren orer het Qi nwr bet schip TM Birimia iig ryden. 

< De heer ihlé tchraef, dit uen meenda, dkt d« Frtntchen nog un gene igde der 
riTieren viran. "Zatardagi '■ morgana berigtte ni|j mfja oppasaer, dat ar em Fntueh 
hnastar op het ya bj| ona achip atnnd. Ik ftotg, of zy oit da lacht waran gerallen? 
ik ug door mgn poortje, en wairichtig daar «tond oen Franaah hnrauil" 



V Google 



NEDEEI.ANDSCRE ZEBWSZBN. 191 

daarb^ gevoegd , en bet dus allengs algemeen geloof ge- 
vonden hebbe. Het kan zijn , dat het daarna in een of ander 
min bekend geschrift van den dag medegedeeld, eo einde- 
lijk door joHiiTi, THiKRs en andere schrijvers als eene ware 
gebeartenis opgedischt zij. Niets strijdt tegen dit gevoelen , 
en de opgewonden stemming waarin de Franschen in die 
dagen verkeerden, zet aan die gissing veel waarschijnlijk- 
heid bij ; maar wie kan zulks met zekerheid beslissen ? Ons , 
Nederlanders, zij het genoeg, dat wij den vermoedelijken 
oorsprong van die fabel kennen, en dat bet gevoelen op 
hechte gronden steunt, dat het gansche verhaal niets meer 
dan eene fabel is. 

Wat deze husaaren, of liever hun aanvoerder, want zoo- 
danig een zal er wel geweest zijn , aan boord van den kapi- 
tein BETNTJB3 verHgt hebben, hiervan maken de bescheiden 
die tot ons gekomen zijn, geene melding. ' Wij mogen het 
er intusschen voor houden, dat er eene mondelinge, geen 
schriftelijke , ' overeenkomst tusscben dien kapitein en den 
aanvoerder der Franschen is aangegaan , en wei van gelijken 
aard als die te Vlissingen door den Schout-bij -nacht haring- 
HAN gesloten werd. Vijf dagen daarna werd door den Gene- 
raal DE WINTER, die twee of drie dagen later dan zijn krijgs- 
volk aan den Helder schijnt gekomen te zijn , van de oflicie- 
ren en manschappen der oorlogsschepen dezelfde eed ' afge- 
nomen, welken de equipagien te Hellevoetsluis hadden afgelegd. 
Tot het aangaan van die overeenkomst en het doen van dien 



1 REnmcs «preekt durraa nist ïd i)JBe tricTtD, bsnutendB op het Rfjki- Archief, 
en die tid het ArehEef der Marine iljn in ina noodtatli'gen brand tsd 8 Jidditü 18U 
mhnni. 

> Dit de ordei hjj olnhidsrn eit. , bl. 115, nuik ik voonaoietijk op, dat er op 
dat oogenblik eene orereeakomst getlotio, of nii men lierei, eenige schikkingen ge- 
naakt werden. OTerigena weten de heeren iullekbh en vin nsH teldf.n beidea niet* 
nn eene ftchriflelijke OTereenkomat en ook geen der overgebleven bescheiden laukt daar- 
nm eeuig gffw*g. Evanmin herinneren ifj lich iets Tan een' Krfjgsraid, dia by den 
geUgetüieid of eenige degen later, rolgeni tik-udell, Xenett eau butsch, ion ge- 
bondea liJD, en in het Joomul van den Dolphijn wordt durran ook niet gesproken. 

1 Zie deun eed ia de Decreel«n dar proriiionêlt BapratenlaniM van het Volk 
«KHs MoUtnid, 7 Febr. 1796. 



V Google 



192 GESCHIEOBNIS VAN BET 

eed was de kapitein retntjes geregtigd, want, behalve dat 
het eene roekelooze dwaasheid zou geweest zijn, zich, terwijl 
het geheele Vaderlaad genoegzaam vermeesterd was , met in het 
ijs bevroren schepen tegen den vijand te verdedigen, was hij 
door 's Lands overheden gemagtigd op die wijs te handelea. 
De kapitein eetntjes, namelijk, had in den vroegen mor- 
gen van den 21 Januari], ' dat is, twee dagen vóór de ver- 
schijning der Franschen aan den Helder, en drie vóór de 
hassaren aan boord kwamen, door tusschenkomst van den 
Luitenant-Admiraal van kinsbeboen , reeds een besluit van 
Gecommitteerde Raden der Staten van Holland en Westvries- 
land ontvangen, waarbij deze, den dag na het vertrek van 
den Stadhouder, bij afwezigheid van Zijne Hoogheid, de 
commanderende ofScieren der Linie van Defensie , en das ook 
hem , als bevelhebber van den regtervleugel , gelastten , geene 
vijandelijkheden te plegen tegen de Franschen of zich tegen 
hen te verdedigen. Door dit besluit, alhoewel afkomstig 
van een Staatsligchaam , 't welk in gewone tijden met het 
zeewezen in geene de minste betrekking stond , kon de kapi- 
tein eeïntjes, in deze dagen van regeringloosheid en in de 
gesteldheid waarin 's Lands schepen verkeerden, zich vol- 
doende geregtigd rekenen om eene overeenkomst met de 
Franschen te sluiten, vooral dewijl hem de last om zich met 
den vijand te verdragen , toegezonden werd door den Luitenant- 
Admiraal VAN KiNBBBKQEN, Opperbevelhebber van 'sijands 
vloot. Maar bovendien werd hem, even als den bevelhebbers der 
beide andere divisien, weinige dagen later, een bevel door 
de Algemeene Staten gezonden, waarbij hij uitdrukkelijk 
gemagtigd werd , ingeval van aannadering der Franschen , 
bij attaque , - opeisching of anderzins in verdrag te komen , 

> HU ODtving den 21 JaDnarfj , ten G are 'imorgent, door eenen bode iü bealDil, 
gedigteekend <9cd IS, gelyk bij idIIu meldt in «n brief un de Adminliteit ren Am- 
«teidam, TenandeD ait het Nieniiediep den SE. Dit beelnit ii te Tindea in da 5m, va» 
aeeommiUeerde Rade» vim SoOand van 19 Jen. 1706. 

- Bei. van S. K. Mog. 81 Jen. IT9&, in welke me«r Dpieltelyli na usval door 
Frausche oorlogttehepttt getproken werd, omdet mea niet ken Termoedeo, dit 's I«Ddi 
vloot door troepen ion opgeiüiebt worden. 



1, Google 



NEDERLAMVSCHB ZSEWKZSN. 19S 

zouder dat van hem gevergd werd eenige verdediging 
te doen of eeaea aanval af te wachten ; of, gelijk van kins< 
BKKOBN zulka in een zijner l>rieven in weinige woorden 
uitdrukt : "geene vijandelijkhedeo tegen de Franschen te 
plegen, noch zich tegen dezelve te verdedigen." Kapitein 
RETNTJBs kon, voofal na het ontvangen van het laatste be- 
sluit, zich dus ten volle gemagtigd rekenen, de geslotens 
overeenkoniBt als wettig aangegaan te beschouwen , daaraan 
bij de komst van den Generaal ds wintek gevolg te geven , 
en met zijne officieren en manschappen in deszelfa handen 
den gevorderden eed af te leggen, gelijk hij en de zijnen 
werkelijk den 29 Januarij deden. 

Bij ideze eedsaflegging hield de genoemde Generaal eene 
aanspraak tot het scheepsvolk , ' welke met goede bedoelin- 
gen gedaan werd , doch waarin oitdrakkingen voorkwamen , 
die de onrustige geestgesteldheid , welke door de jongste ge- 
beurtenissen onder de eqaipagieo was opgewekt, nog meer 
gaande maakten. Kadat de winter had aangekondigd, dat 
de eqnipagien in baar geheel, en de manschappen voor het 
tegenwoordige onder dezelfde wetten en gehoorzaamheid zouden 
blijven als vroeger en hunnen verschuldigden pligt zouden be- 
hooren te verrigten, tot zoo lang hunne Souvereinen noodig zou- 
den oordeelen hen af te danken en eene andere schikking maak- 
ten , welk tijdstip niet lang zou duren , voegde hij er deze woor- 
den bij : "Ook beloof ik ulieden alles te zullen aanwenden , dat 
dit oogenbUk verhaast worde om u af te danken en de behoor- 
lijke en verdiende gagien aan ulieden mogen worden betaald." 
Aanvankelijk scheen deze aanspraak eenen gunstigen in- 
druk te maken en de onrustige gemoederen der zeelieden tot 
bedaren te brengen; doch de daarin vervatte beloften van 
spoedige afdanking en behoorlijke voldoening der soldijen 
ontvlamden spoedig de begeerte naar ontslag in dubbele mate, 
Koodat de orde niet dan met krachtsinspanning gehandhaafd 
en het verloop met zeer vee) moeite -belet werd. 

I Zia deie UMptwk in d» Deereef»» «o* de provitionth BtpratMtanlea nan Sol- 
lama 7 Fébr. 17BS. 

V. 13 



idby Google 



194 OESCHISO£NIS VAN UKT 

DaagB na het afleggen van den eed , gaf de kapitein bbtn- 
TJEs van bet gebeurde schriftelijk kennis aan de Admiraliteit 
van Amsterdam, waarin hij tevens aandrong op het spoedig 
afdanken der schepen ia het Nieuwediep, "wijl het volk," 
gehjk hij schreef, "daar sterk naar verlangt en niet zonder 
veel moeite zal te houden zijn." ' De Admiraliteit deelde 
dezen brief aan Hunne Hoog Mogenden mede, daarbij het 
goedvinden vragende der Algemeene Staten omtrent de afdan- 
king der eqiüpagien, "waarop dezelve," zoo als zij zich uit- 
drukte, "zich, ingevolge de toezegging van den Franscbea 
Generaal DB wïntee, verlieten."' Weinige , dagen later kwam 
de kapitein ebyntjes, na daartoe te zijn opontboden, in 
persoon te 's Gravenhage , en gaf nader berigt aangaande den 
toestand van 'sLands schepen in het Nieuwediep. Hij ver- 
klaarde, dat tot behoud van de oorlogsschepen in het Nieuwe- 
diep dadelijke voorziening noodig was, als hebbende zich 
onder de equipagien eene zeer zware gisting geopenbaard, 
die de allernadeeligste gevolgen kon hebben. ' Deze verschil- 
lende berigten gaven aanleiding tot gewigtige beraadslagingen , 
waarbij , onder anderen , door de afgevaardigden tot de zaken 
van de zee aan Hunne Hoog Mogenden werd voorgedragen , * 
den Lui tenant- Admiraal van kinsberoen te verzoeken, zich 
ten spoedigste naar Texel te begeven , "alzoo niemand meerder 
invloed op het zeevolk had en beter den geest der matrozen 
kon leiden," ten einde te onderzoeken den aard der gisting 
ouder de schepelingen en naar mate van dien maatregelen te 
nemen , en hem tevens te magtigen , uit naam vao Hunne 
Hoog Mogenden aan de onderscheidene manschappen zeer 
ernstig aan te zeggen, zich met behoorlijke onderwerping 
aan hunne officieren te gedragen , met kennisgeving , dat hunne 
afdanking, voor zoo verre zij eenen geruimen tijd in dieast 



>' Zi« dsna brief in de Deer. der prov, Beprai. van SoUoMd T Fibr. 17H. 
: Ds» blief beniBt oog in het Bykt-Arabicf en it v«ii 2 Fabr. ITBS; Tcigemic G 
H. H. Hog. S Febr. cit. 
> Rea. H. R. Mog. 9 Febr. 17SB. 
• Bo. H. H. MDg. S Eebr. cit. 



V Google 



NBOEBLANDSCUB ZSEWBZIN. 195 

waren geweest, op dit oogenblik in overweging was, en dat 
de geheele of gedeeltelijke betaling hunner soldijen spoedig 
zou volgen ; maar dat integendeel, die zich oproerig en ala 
der vrijheid onwaardig aanstelden, volgens de krijgswetteo , 
zelfs met den dood, zouden g^traft worden en al hunne 
te goed zijnde gelden verbeuren. Dan , dit voorstel , hoe 
wijs en doeltreffend ook, vond hevigen tegenstand in de 
vergadering der Vertegenwoordigers van het Volk van Hol- 
land , waar de driften vrij wat heviger dan in de vergadering 
der Algemeene Staten woelden. Men verwierp dit voorstel 
aldaar, omdat bet, gelijk het heette, eene beteedigende 
stelling bevatte, "alsof er geene 'sLands zeeofiicieren waren, 
die zoo veel invloed op het scheepsvolk hadden , en zoo be- 
mind bij hetzelve zouden zijn als de Luitenant-Admiraal van 
KINSBERQEN." ' Het voorstel omtrent de zending van den 
vlootvoogd naar het Nieuwediep had uit dien hoofde geen 
voortgang, en de last, voor van kinsbeeqbn bestemd, werd 
opgedragen aan den aldaar bevelvoerenden officier. De kapi- 
tein JDAN VAN W0EN8EL, die bij afwezigheid van den kapi- 
tein RETNTJES het gebied voerde, voldeed aan dezen laat; 
doch, terwijl van tijd tot tijd manschappen, op de belofte 
van den Generaal de winter vertrouwende, zich als werke- 
lijk nit den dienst ontslagen achtteden en de schepen ver- 
lieten, betuigden de meeste der in bet Nieuwediep tegen- 
woordig zijnde kapiteiuen en de eerste officieren aan van 
W0EN6EL, dat er wegens de gisting en ontevredenheid die 
onder hunne equipagien heerschten , geen dienst van 's Lands 
schepen te wachten was, tenzij de zeelieden eerst afgedankt wier- 
den en zij hunne betaling , zoo, niet geheel , dan ten minste ■ 
gedeeltelijk erlangden. Eene verklaring daarvan werd in 



I Decrtelt» der protitioHele Bepraintante» eon het Volle van Holland B Febr. 
17ffS. Vak dr ia, atseXUiemt van ie» Oorloy, D. III, bl. 71, dwult, wmacsr 
liQ MbrQn, dtt nun zioh, dd tak kinsiibobn dgoiHoltand gcwcEgard ««rd, dairom 
Teel gcKcder tid de tnitcheDkomit vin den pTuieben Generaal ni wjnteh bcdicuds, 
die daarop do bovCBgcmeldo unapruk ud het achcepsvolk xoa gedaan en het gemor 
en de onnut mg nel Tecmeerderd ion behben. Hy Tirwart hier megtn at Uiers 
gebearteDiuen. 

13» 



1, Google 



196 QESCHIEDBNIS VAN HET 

schrift gebragt , door de bevelvoerende officieren onderteekeDd 
en door den kapitein van vtoensel aan Hunne Hoog Mogen- 
den gezonden. ' Alvorens deze verklaring ontvangen werd ; 
hadden de Algemeene Staten, door verschillende berigten 
overtuigd geworden, dat er een opstand op de schepen in 
het Nieuwediep te duchten vraa, bijaldien men niet eenige 
toegevendheid gebruikte, besloten, ' de manschappen dier 
schepen, welke drie of vier jaren gediend hadden, te doen 
afdanken, doch de overige vooralsnog in dienst te doen 
blijven. Dan, nadat Hunne Hoog Mogenden de vermelde 
verklaring der bevelvoerende officieren hadden gekregen , be- 
grepen zij , dat die maatregel onvoldoende was. Zij magtigden 
derhalve den kapitein van woensel om, met overleg van 
de Admiraliteit-Collegien van Amsterdam en het Noorder- 
kwartier, al de eqaipagien, onder zijne bevelen staande en 
den regtervleugel der linie van Defensie uitmakende, te 
mogen uit den dienst te ontslaan en af te danken; onder 
de bepaling nogtaos , dat aan al de manschappen , uit naam 
van Hunne Hoog Mogenden, wel aanstonds de afdanking 
zou worden beloofd en toegezegd, doch dat deze achter- 
volgens zon worden ten uitvoer gelegd, en met last, dat 
het noodig getal vrijwilligers zou aan boord blijven om , gelijk 
gemeenlijk plaats vond, de schepen binnen de havens en 
dokken te brengen; wordende, eindelijk, den kapitein van 
WOENSEL gelast, bij de afdanking ten duidelijkste voor te 
dragen de onmogelijkheid, om op één oogenblik al de af- 
rekeningen voor de geheele vloot, veel min de betaling te 
doen, onder toezegging, dat de voldoening der soldijen tot 
'hunne afdanking zou volgen, mits zij behoorlijk hunnen tijd 
rustig en vreedzaam afwachtten. ' 

Ter goeder ure kwam dit besluit in het Nieuwediep aan , 
daar het getal der manschappen , die de schepen zonder ver- 

> Dit *tak beinat mit den dssrby bebooreDden brief t*ii vak woEnaEi:, in bet ooi- 
ipnnketljkB in '■ Rgki-Arcbief. Zie ook Ret. S. S. Mog. IB Febr. ITSB. 
1 Ret. H. S. Mog. 11 Ytbt. lT9e. 
• St>. H. M. Mos. 14 fel"- l^BS. 



V Google 



NSDEKLANDSCBE ZEEWEZEN. 197 

lof Terlieten, van dag tot dag toenam. Dit besluit werd 
onmiddellijk aan de equipagien medegedeeld, die zich daar- 
over ten uiterste verheugd betoooden, en huime blijdschap 
met een driewerf hoezee! aan den dag legden. ' 

Twee dagen later nogtans werd , op last van den kapitein 
VAN W0EN8ET., op alle schepen voor den mast aangeplakt 
een bevelschrift, waarbij aangekondigd werd, dat de afdan- 
king niet zou plaats hebben vóór dat het ijs nit het water 
was. * Dien ten -gevolge en ook wegens het volslagen gebrek 
aan gelden, voor wier dadelijke opvordering bij de komst 
van zoo groote menigte bandelooze zeelieden te Amsterdam 
men niet zonder reden bedncht was-, liep het tot in het 
begin van Lentemaand aan, alvorens een begin met de af- 
danking kon gemaakt worden. Dit uitstel verwekte op nieuw 
ongeduld onder de equipagien op sommige schepen, zoodat 
de matrozen hier en daar zelfs onbetamelijke laai deden hooren 
en weigerden te werken. De officieren echter wisten door 
krachtige handhaving der krijgstacht spoedig de orde te 
herstellen en buitensporigheden te beletten. De afdanking en 
opzending van het scheepsvolk met kagen hadden dienvol- 
gens regelmatig in de maanden Maart en April plaats, zon- 
der dat de rust verder verstoord werd. ' 

Minder mstig ging het toe op het voor Amsterdam lig- 
gende linieschip van 64 stukken , de Frederik Willem , kapitein 
N. A. CAHBIER. In den morgeo van den 25 Januarij ge- 
raakte het scheepsvolk in opstand en weigerde werk te ver- 
- rigten, voor reden gevende, dat de vlag niet meer woei en 
de vrijheidaboom in Amsterdam geplant was. De eerste offi- 
cier , de kapitein-luitenant jacobsoh , trachtte bij afwezigheid 



I OoTiproDlceliJkB brief vaa d«n lipitein tah woihsil un H. H. Hog. ran 16 Fcbr. 
1796, met de durbj) geroegde lebriRelyke Teiïhring t»q de eonmiMdcreiide bSdcreu. 

1 Joarnul *ui den Dolfkijit cit. 

■ BriaTCD Ttn den kapitein xitntjes aan H. U. Hog. Op geUjke w^a ala de betel- 
hebbsra in hrt Nienwediep, Terdroeg de kapitdo- luitenant l. «. tin iosbüv, ikVlag- 
kapiidn van den Admiraal sk wcHreB b den zeealag ran 11 Oct. 1T97 getnenield, 
zich TOOI lyn fregat dt PaOa», waarmcdE Iqj in het Vlie lag. 



V Google 



198 OE8CBIEDEKI8 VA.N HET 

vao den kapitein , de manschappen bedaardheid in te boeze- 
men en tot gehoorzaamheid te bewegen ; doch alles was vruch- 
teloos. De geheele 'equipagie, op vijf en twintig man na, ver- 
liet met kisten en kooljen het schip en voer naar wal . waarop 
de Frederik WUiem door de Franschen in bezit genomen werd , 
die den eed van de officieren en de weinig overgebleven 
matrozen afvorderden. ' 

Zoo lagen dus alle in dienst geweest zijnde oorlogsschepen , 
met nitaondering van twee of drie fregatten , ten gevolge der 
gebeurtenissen bij de Omwenteling, in de havens en dokkea 
Tan bet Gemeenebest verlaten van hunne manschappen en 
waren voor den oogenblikkelijken dienst onbruikbaar. De 
Stadhouder, het Opperhoofd van het zeewezen, had zich, 
gedwongen door de omstandigheden, verwijderd; de door den 
Stadhouder benoemde plaatsbekleeder had zich verpligt geacht, 
zijne gewigtige en hem zoo wel betrouwde betrekking neder 
te leggen; het gezag der Admiraliteiten was merkelijk ver- 
zwakt, om niet zeggen, vervallen; de kassen der Coilegien 
waren tot den bodem toe ledig; overal heerscbte verwarring; 
nergens waren de middelen voorbanden , om de zeemagt min 
of meer in stand te houden! Treurige toestand voorzeker, en 
evenwel waren deze nog niet de eenige rampen, waardoor 
het eertijds zoo luisterrijke zeewezen bij het slot van het 
Vijfde Tijdperk dezer Geschiedenis getroffen werd. 

Op den 19 December des jaars 1794 was uit de Maas 
vertrokken 's Lands schip Brakel van 56 stukken , gevoerd 
door den kapitein qerard oorthuïs, bestemd om met het 
fr^at Medembük van 36 stukken, kapitein dkokek, en den 
kotter de Brak van 14 stukken, kapitein tan orotenraat, 
de uitgaande Oostindievaarders te geleiden en verder, behalve 
de Brak , die naar Suriname bestemd was , in Oostindië dienst 
te doen. Te Duins voegden zich twee der Oostindievaarders 
bij ooRTeoïs, met welke hij de reis naar Plymouth voort- 
zette, waar hij den 10 Januarij 1795 het anker liet vallen. 



1 Brie>Mi ran dan kipiteiD cambiib an nm den kapiteÏD-laiteDaat . 
gtlgk dB Dtertaltn der S^raiatlaiaeit van SoUand 1 Febr. 1T9G. 



V Google 



NEDERLAND3CHE ZZEWEZBN. 199 

Hier vond hij nog een OosÜDdievaarder, maar de overige 
wareo door deu harden oostenwind verstrooid geraakt, door 
'Welken wind het fregat de Medemblik bet geluk bad bet 
Kanaal nit te raken , zoodat bet bevrijd bleef van de ramp die 
de overige schepen eerlang trof en behouden te Batavia aan- 
kwam. Behalve den genoemden Oostindievaarder vond kapi- 
tein ooRTHCXB nog te Fljmouth vier Nederlandsche schepen 
vaa oorlog , te weten , bet linieschip Zeeland van 64 stuk- 
ken, kapitein d. a. habinouan, het fregat Tkden van 40 
stukken, kapitein H. j. haringhan, en de brikken de Pijl 
en Meermin van 16 stukken , kapitein-luitenant soutbr' en 
luteoant gdhosbad; welke vier schepen derwaarts uit het 
Vaderland gezonden waren , om de reeds eenen geruimen tijd 
** gemóet geziene Oostindische retourvloot af te wachten en 
m veiligheid naar deze gewesten te brengen. Buiten deze, 
•"elden zich nog twee Nederlandsche oorlogsschepen in de 
avena van Groot-Brittanje op , namelijk , het fregat de ZepMr 
j^ " 36 stukken, kapitein alliïr, op de rivier van Edin- 
. D> Waarhenen het gezonden was om geschut en andere 
^JgSOeho^^j\ voor den Staat in te laden , en het linieschip 
^^bg^ssal , kapitein j. l. bosch. Die kapitein was in den 
%p vtfo het vorige jaar met een Lands schip , mede genaamd 
^oerf^^sei van 64 stukken , naar Cadix vertrokken , om de 
Ondeï" liem gestelde koopvaarders naar die haven te geleiden 
en i& iïiiiswaarts keerende van daar terag te brengen. Dan, 
^^^A^-* ^«komen, werd zijn bodem in zulk eenen slechten 
W*Bad bevonden, dat die onherstelbaar geacht en afgekeurd 
«efa, "^Vftarop de kapitein bosch gemagtigd werd, een oorlogs- 
P "^''^n dezelfde grootte ten koste van den Staat van het 
^^<^Vi bewind aan te koopen , waarop hij, naar wensch 
*J**S«3. zijnde , met zijne manschappen , geschut en al hetgeen 
j^ ^ich in zijn vorig schip bevond , overging , nadat aan het 

V. ^'^ ^-«Dgekochte schip de naam van Overijssel gegeven was. 
1 ^^.t schip nam hij den 2 December 1794 de terugreis aan, 
1. *-**^e, volgens een bevel van den Stadhouder, in Zeeland 
^** te vallen. Dan door aanhoudenden tegenwind, ver- 



V Google 



200 GESCHIEDENIS VAN BET * 

gezeld van stormbuijen en hooge zeeën, ea door gemis van 
de noodige levensmiddelen, zag hij zich verpligt, den 3 
Januarij in de op de zuidwestkust van Ierland gelegen Ban- 
trybaai of zoogenaamde Bearhaven, binnen te loopen, van 
waar hij , daar hier geen voldoende voorraad was, levens- 
middelen van Cork ontbood. ' 

Terwijl deze oorlogsschepen in de genoemde havens lagen , 
ontving men in Engeland de tijding der gewigtige gebeur- 
tenissen, welke hier te lande hadden plaats gevonden. On- 
middellijk . vaardigde de Regering van dat rijk bevelen uit, 
dat' men geen der Nederlandsche oorlogsschepen. Oostindie- 
vaardera of andere koopvaardijschepen zou laten vertrekken. 
£n opdat zulks, wanneer het gevorderd werd, met de daad 
zou kunnen belet worden , ontvingen de bevelhebbers der 
Britsche zeemagt den last, een wakend oog op de Neder- 
landsche oorlogsschepen te houden, en bijaldien zij m<^en 
beproeven uit te loopen, zich daartegen krachtdadig te ver- 
zetten. ' 

Door dit een en ander geraakten onze zeeofücieren in 
geene geringe verlegenheid , vooral de bevelhebbers dier sche- 
pen, welke gemeend hadden slechts eenen korten tijd iu 
Engeland te zullen vertoeven, daar zij van zeer weinig geld 
en levensmiddelen voorzien waren, en hunne manschappen 
geenszins op eene wijs waren toegerust , om eenen zoo feilen 
winter in vreemde havens door te staan. Hierbij kwam , dat 
de tijdingen omtrent de groote Omwenteling in het Vader- 
land en de geruchten der vrijheid welke men aldaar algemeen . 
zoo het heette, genoot, ook ter oore der zeelieden kwamen. 
De sobere toedeeling van voedsel , 't welk , ten einde het 
volk niet van honger te doen omkomen , uit de Britsche 
schepen , doch in kleine hoeveelheden verschaft werd , en het 

1 Uit Tcnchillsndi op bet Rüka-Arabief baroiteade bricTso mi de iKpitaincii oosTautg 
«a BOBOH UD H. H. Mog. 

: Aan Bommige deicr NedETlindwhc zecofBcielcn Eoud d« Pi-Jn) ait Eagïliad nog 
•cbriflelgke bereloii, ain weüx ztj uuiTuitBlgk ToldDden, doch nadu met den ttnt via 
uken bier te laodo bekend geworden, weigerden ijj inlkt o! antwoordden den Stidboa. 
der QÏet nnr. 



V Google 



NBDBRLANDBCHE ZEEWEZBN. 201 

gemis van alle verkwikkingen, verwekten gemor en deden 
de krijgswetten ten eenemale uit het oog verliezen. Ëen groot 
aantal matrozen verliet eigendunkelijk de schepen of werd 
daartoe door Sngelsche weevers openlijk aangespoord, die 
ben tegen hoog handgeld tot den Britschen dienst overhaal- 
den. Op eenige schepen sloeg het volk aan het muiten, wei- 
gerende den gewonen dienst te doen , waartoe zij zich niet 
dan met geweld door de kaplteinen en verdere officieren, 
meit het bloote zijdgeweer in de hand, lieten dwingen. Dit 
was in het bijzonder het geval op het fregat Fiolen en het 
linieschip Zeeland, op welk laatste schip een hevig oproer 
uitbrak , waarin de tweede kapitein door zijn eigen volk van 
het levrai beroofd werd, ' Deze hagchelijke en voor onze zee- 
of&cierea bijkans onverdragehjke toestand duurde eenen ge- 
ruimen tijd, in welken alles door hen tot behoud van de hun 
vertrouwde bodems en tot handhaving der orde en tucht ge- 
daan werd, wat men van brave otficiereD verwachten kon. 
liong hoopten zij , nog eenmaal met hunne schepen naar het 
Vaderland te mogen wederkeeren ; maar die hoop verSaauwde 
merkelijk, nadat zij de Oostindievaardera en koopvaardij- 
schepen naar den Teems zagen wegvoeren , en eindetijk werd 
die hoop geheel uitgebluscht , toen hunne oorlogsschepen in 
Zjentemaand des jaars 1796 tot goeden prijs en de overge- 
blevene equip^ien krijgsgevangen verklaard werden. * 

Op deze wijs verloor het zeewezen , ten gevolge der omwente- 
ling, op eenmaal zeven schepen van oorlog, 't geen bij den 
beklagelijken toestand waarin bet reeds verkeerde, een dub- 



1 Uil bet Kopij 'lUpport iin ds JniiitciiiBn d. a. in ■. t. hiiihomih «d loitniuit 
QUirosEitu, DTcrgciondcn door kapitein ooktbuts laa H. H. Mog. cd nit de untee- 
keniogen ft» wgleo c. 7. wdltsssebk. toen >ii Initenant op de Braktl dienende, en 
later Vioe-Admirul sn DiTOclenr-GeDerMl der HariiiB, my door hem medegedeeld. 

I Id de Xorie levttubatehrijving van Mi. J. c. tan dik hoof, MitiMer oom 
JtfinfH* fw. , itx>r 1. swABT, Lector enz. vordt gemeld dal het in hecbtenii nenieD 
vaD TAV DIS HOOF CD TAK EinaBitKOKN , kort Da de omwcDteling Tan 17SS geachiedde 
OBder lel roorgereo dat men bdde maDoeD Tardaeht of heiehnldigde tan, iddaIi niet 
opxellelQk, dan toch door Tciznim, de oorzaak te z^n geweeit dat de O. I. retonr- 
tebmai en 'a lande oorlogKhepen , die zich in Engeland beTonden niet Troeger ber- 
wiartt keerden n eene prooi dea Tjanda goroideD wai». 



V Google 



303 QESCHIEDENIS VAK HBT 

bel gevoelige slag en het voorspel vaa vbd nog zwaardere 
verliezen, die het Vaderland io den oorlog met Groot- Brït- 
tanje zouden treffen. Er behoorden veel geestdrift en de 
uiterste inspanniag van krachten toe, om, terwijl zulk een 
verlies geleden werd , alle schepen verlaten lagen , alomme 
wanorde heerschte, de geldmiddelen waren uitgeput en zware 
en ongekende lasten de natie drukten , moedig de hand aan 
het herstel der zeemagt te slaan, en binnen weinige maanden 
een vrij aanzienlijk getal schepen, en niet lang daarna eene 
vloot toe te rusten , die zelfs den vijand eerbied inboezemde 
en in staat was, zich eerlang met hem te meten. Dit deed 
het nieuwe bestuur. Hoe bet daarbij te werk g^g; welke 
middelen het daartoe aanwendde . en boe groote verwacbtin* 
gen daaruit geboren werden, maar welke misslagen daarbij 
tevens begaan werden ; hoe de opgevatte verwachtingen spoedig 
en herhaalde malen te lear gesteld werden; boe achtervol- 
gens a^nderlijke schepen , eskaders , ja bijkans geheele vloten 
binnen weinige jaren in 'svijands handen vielen ; boe 's Lands 
zeemagt meer en meer verzwakte en onbeduidend werd, en 
hoe zij , eindelijk met het diep gezonken Vaderland in bet 
alles verzwelgende Fransche Keizerrijk ingelijfd werd, zullen 
wij in het ^de en laatste tijdperk dezer Geschiedenis ont- 
vouwen. Belangrijke, maar treurige en in vele opzigten raoü- 
jelijke taak, doch voor wier vervulling wij meenden niet te 
mogen terugdeinzen. 



V Google 



1, Google 



Slmultn.lOSlmirwnlil f II Wnumbrxrh Bi'Ulh. 




V Google 



NEDXKLAND5CHE ZBXWEZEN. 



ZESDE TIJDPERK. 



VAN DB GROOTE STAATSOMWENTELING DES JAARS 1795, TOT 
AAN DB ONDERNEHIKQ TEGEN IERLAND EN DEN ZEE8LA0 
VAN KAHPEBDDIN, 11 OCTOBER 1797. 



De baitengewoDe gebeortenisseD , die tenen geheelen 
omkeer in de openbare aangelegenheden des Vaderlands be- 
vrakten , hadden een zeer gewigtigen invloed op den toe- 
stand van het zeewesen. Groot-firittanje , met hetwelk Neder- 
land vóór elf jaren de aloude verbindtenissen niet slechts 
hernieuwd had, maar waarmede het sinds dien tijd naauwer 
dan immer te voren was vereenigd geweest, waa thans de 
vijand der Bataafsche Republiek geworden, en dreigde met 
zijne geduchte magt handel, zeevaart en volkplantingen te 
vernielen en te v6rmeesteren. Frankrijk, daarentegen, van 
vijand in bondgenoot, om niet te zeggen overheerscher , 
herschapen, begeerde, bij het verval zijner eigene zeemagt, 
zich van de oorlogsschepen dezer gewesten , of met de zijne 
vereenigd, of afzonderlijk, te bedienen tot afbreak van den 
gehaten Brit , drong uit dien hoofde aan op het in zee brengen 
eener aanzienlijke magt , ja gaf deswege bepaalde bevelen. ' 
fieide deze omstandigheden waren op zich zelve voor het' 
nieuwe bestuur voldoende beweegredeneo , om onmiddellijk 

■ TentoDd n* ds opeuiDg der oDdcrbindeliiigBn te Firjji orer btt aloiten Ttn een 
wtldiug, werd door bet Traoicb bewind dwrop UDgedroDgen, en by irt, 7 f>n bet 
nadetrerboml *»rd beputd, dat da BatuTicbe BapnUiek gedorenda dcsen veldtogt IS 
•eiwpen ▼>■> oorlog ra IS fregatten iBTuen wn, om TOonuuiMljjk gebniikt te worden 
ia de DnitKbe-, Noord- en Ooitzee. Deie magt mq tooi eraan tulgenden nldl^, 
mDneer bü plaata had, venneardard worden. 



1, Google 



204 Q2BCHIEDBNIS TAH HET 

de hand aan het herstel der zeemagt te slaan j doch er be- 
stond nog eene derde drijfveer. De meesten dergeneo , die 
thans aan het roer van den Staat gekomen waren , behoorden 
tot de partij , welke hevige klagten over de verwaarloozing 
van het zeewezen tijdens bet Stadhouderschap van willbh V 
had aangeheven. Welkom derhalve was hun bet verlangen 
der Franschen, dat de zeemagt ten spoedigste hersteld en 
eene aanzienlijke vloot in zee zon gezonden worden, om den 
door ben niet minder gehaten Brit te tucfatigen. Maar daar 
was nog meer : er bevonden zich onder hen mannen , die met 
de gebreken in het bestuur van het zeewezen van nabij bekend 
waren en niets vuriger wenschten , dan van de gunstige ge- 
legenheid die de omwenteling aanbood, gebruik te maken, 
om deze gebreken te herstellen en dat bestuur te hervormen. 
Met bet uit den weg ruimen dier veelvuldige en sinds twee 
eeuwen bestaande gebreken, en met bet oude, omslagtigeen 
verdeelde bestuur te doen plaats maken voor een jeugdig, 
• eenvoudig en wel zamenwerkend bewind, hoopten zij een 
nieuw en krachtig leven aan de vervallen zeemagt te schen- 
ken, en de roemrijke dagen der TaoMPEN en de botters te 
zien wederkeeren. 

Onder deze omstandigheden en bij die geestgesteldbeid zal 
bet niet bevreemden , dat de hervorming des bestuurs van 
het zeewezen en bet uitrusten van eene aanzienlijke scheeps- 
magt tot de eerste bemoeijingen behoorden van de Staatslie- 
den die thans waren opgetreden. Mogt men, te midden van 
het vele goede , 't welk op die wijs tot stand kwam , steeds 
met behoedzaamheid zijn te werk gegaan I doch de driften 
woelden in deze oogenblikken hevig, waardoor de lessen der 
wijsheid wel eens uit het oog werden verloren. 

De eerste beslissende maatregel , die ter hervorming van 
bet bestuur des zeewezens genomen werd , was de vernieti- 
ging van bet Kapitein- en Admiraal-Generaalschap, met het 
ontsl^ van den eed voor allen, dien den gewezen Stadhou- 
der in deze betrekkingen trouw gezworen hadden. ' Hiermede 

> Bij Btt. va» S. S. Mag. tva 16 Febi:. ITSE. 



V Google 



NEDERLANDSCHK ZBZWBZBN.' 305- 

vemel dus de gewigtige waardigheid, welke sedert de af- 
schaddÏDg van het Spaaosche juk en ook vroeger bestaao 
had, en die op den toestand van het zeewezen zulk eenen 
belaogrijken invloed uitoefende; werd de eenige band ver- 
broken , door welke de Admiraliteit-collegien , hoe gebrekkig 
ook , .vereenigd waren , en verloor de zeemagt haar opperhoofd. 

Alras werd deze maatregel door een tweeden gevolgd, 
die na het vervallen verklaren van het kapitein- eo Admi- 
raalschap te verwachten, ja bijkans noodzakelijk waa; te 
weten, de afschaffing der AdmiraUteits-coUegien , en hunne 
vervanging door een eenvoudiger, meer zamenhangend en 
krachtiger werkend bestuur. 

Men zal zich herinneren de pogingen, weinige jaren vóór 
den grooten staatkundigen ommekeer, in het bijzonder door 
den Raadpensionaris van de spibgel, aangewend, om de 
afschafGng der Admiraliteits-coUegien te bewerken en in hunne 
plaats een eenig algemeen bestuur der zeezaken in te stel- 
len. Die pogingen leden schipbreuk op bet eigenbelang en 
de vreeze van gezag te zullen verliezen; maar de Raadpen- 
sionaris voorspelde tevens, dat de noodzakelijkheid van ver- 
betering eerlang zoo zeer zou gevoeld worden, dat men 
.onvermijdelijk tot andere maatregelen zou moeten komen. 
Bat oogenbtik was thans aangebroken , en de tegenwoordige 
oonstacdigheden des Vaderlands maakten het mogelijk, dat 
binnen weinige dagen eene orde van zaken tot stand kwam , 
•voor welker verwezenlijking sinda tweehonderd jaren meer- 
malen te vergeefs verlichte mannen geijverd badden. 

Het was pibter patilvs', vóór het herstel van het Stad- 
hooderschap in 1787, Advocaat-Fiscaal bij de Admiraliteit 
van de Maze en thans voorzitter der tijdelijke Vertegenwoor- 
digers van bet Volk v&p Holland , die het voorstel tot af- 
schaffing der Admiraliteits-coUegien deed. ' Door zijne voor- 
malige betrekking van nabij bekend met de gebreken in het 



■ In de TUgtdcriog der proTMooele lUpnuotiDteB na bet Volk na Hollud, den 
n ÏAt. 179S. 



V Google 



20Ö OfSOHISDKNIS TAM BBT 

bestuorder seesaken, en teeda te dien tijde een der ijverigate 
voorstanders der verbeteriog van dat bestuur, drong hij thans 
op de vernietiging der Admiraliteiten aan, die, naar zijn 
oordeel, vooral bij de ophefïïng der waardigheid van Admi- 
raal-Greneraal , onvermijdelijk was geworden. Te gelijk droeg 
hij , in den geest van hetgeen vroeger was voorgesteld , e^ie 
gansche hervormiag voor, bestaande in de opri^ing van 
een enkel Staatsligchaam , aan hetwelk voortaan het bewind 
der zeezaken zou toevertrouwd worden. Onmiddellijk werd 
dit dubbel voorstel aaagenomefi, en drie dagen daarna in 
de vergadering van Hunne Hoog Mogenden gebragt, door 
welke het zeven dagen tater in allen deele goedgekeurd en 
bekrachtigd werd. ' 

Bij dit besluit werden de vijf Admiraliteits-collegien , die 
sedert den jare 1597 bestaan hadden, vernietigd; de Raden, 
Advocateu-Fiscaal en verdere ambtenaren uit hunne betrekkin- 
gen ontslagen; de aanstellingen van equipagiemeesters, ont- 
vangers en andere ambtenaren en bedienden ingetrokken , en 
een nieuw algemeen bestuur ingesteld, hetwelk den naam 
van Commiité tot de zaken van de Marine zou dragen. Aan 
dit committé, waarvan de zetelplaats 'sGravenhage zijn sou, 
werd het algemeen bestuur van het gansche zeewezen opge- 
dragen, en het tevens even gelijk de nu afgeschafte Admi- 
raliteiten , belast met de zorg voor de in- en uitgaande r^- 
ten of zoogenaamde konvooijen en licenten. Het zou zamen- 
gesteld zijn uit 31 leden, door Hunne Hoog Mogenden uit 
de geheele Republiek zonder onderscheid te benoemen, van 
welke één de vooizitter der vergadering zon zijn, doch die 
elke acht dagen door een ander lid zou vervangen worden. 
Zeven dezer leden zouden in het bijzonder belast zijn met 
de uitrustingen en het eigenlijke bestuur der zaken van de 
zee of van den oorlog te water, mitsgaders met den bouw 
der schepen en hetgeen daartoe betrekking had. Aan zeven 
andere zou worden toevertrouwd het bestuur der geldmidde- 

i Bes. S. a. Meg. B7 Kebr. 1795. 



V Google 



NEDERLAKD3CHB ZBEWJSZtfN. 207 

lea. zoowel voortspruiteode ait de gewone iDkomsten der 
koQvooijen eo liceaten , al3 van hetgeen door de Bondge- 
Dooteo ten behoeve van 's Lands zeemagt zon worden bijge- 
gedragen. Dezeven laatste, eindelijk, zouden het beheer voeren 
over alle aangelegenheden , die met de in- en uitgaande reg- 
ten in verband stonden of daaruit voortvloeiden. Het alge- 
meen en opperbeheer van al deze onderwerpen zou cogtans 
berusten bij het committé gezamenlijk; geschiedende de 
boven omschreven verdeeliag alleenlijk tot bevordering van 
orde, spoed en regelmatigheid. 

Overigens werd aan elk dezer afdeelingen of departemen- 
ten vergund, eenige ambtenaren onder zich te hebben, om 
de vereiscbte werkzaamheden te verrigten , en werd aan bet 
committé voorgeschreven te zorgen , dat doorgaans twee van 
zijne leden zich ter plaatse zouden bevinden, waar de voor- 
naamste werkzaambeden van 's Lands zeewezen geschiedden, 
en de voornaamste zetels van handel en zeevaart gevonden 
werden , ten einde het oog te houden op de verrigtingen van 
alle onderhoorigen , op het Werk der konvooijen en licenten, 
en op al wat tot handel en zeevaart betrekking had. De 
plaatsen, die daartoe het meest geschikt geoordeeld en daartoe 
vervolgens bestemd werden, waren Amsterdam, Rotterdam, 
Hoorn,' Vlissingen en Harlingen, welke voortaan dan ook 
den naam van Bepartemenien van Marine droegen. Eindelijk 
werden-, uit hoofde der noodzakelijkheid om de zaken van 
de zee zonder verwijl bij de hand te nemen , nog dienzelf- 
den dag door Hunne Hoog Mogenden de 21 leden van het 
committé der marine benoemd met bepaling hnnner jaar- 
wedde. ' Aan het hoofd derzelven bevond zich de voorsteller 
dezer groote verandering, pieter paclus, die kort daarop 
het voorzitterschap aanvaardde, en in den kortstondigen 

■ Da MDKD der onrigs ledsn lijn te vinden ia de Se*, va» E. M. Xog. ru S7 
Fet. 1TS6. Hnnne jurwedde werd op iOOO ^Iden liepMld, btbalre de reit- sd *eT- 
btyrkMteli. Vergelijk ook Venx^ op ie Vadarl. EImI. D. XXX, bl. !0. Uon 10 
Hurt legden de teden nu het CommitU deo ead in bkoden T»n H. H. Hog. tf, 
wurai i^ hnnoe betrekkingen unTiudden. 



1, Google 



208 GESCHIEDENIS VAN HET 

levenstijd, die hem nog vergund werd, eenen zeer gewigti- 
gen invloed op het zeewezen bleef uitoefenen. 

Met hoeveel drift dit gewigtig besluit genomen wierd , en 
ofschoon de ondervinding spoedig leerde, dat het nieuwe 
bestuur nog te omslagtig was en te wenschen overliet, zoo 
valt het nogtans niet te ontkennen, dat met het afschaffen 
der Admiraliteiten en de instelling van een meer zameDhan- 
gend en krachtig bewind , zeer veel tot bevordering van het 
welzijn van het zeewezen gedaan was. De daden van dat 
bewind zullen dit bewijzen. 

Wenacbelijk ware bet geweest, dat men, toen dit besluit 
genomen werd, zich tot deze afschaffing bepaald badde; 
doch bij datzelfde besluit werd nog een andere maatregel 
vastgesteld, die op zich zelven hoogst ooregtvaardig was en 
voor het zeewezen de noodlottigste gevolgen na zich sleepte. 
FiETER PAULUS, namelijk, hetzij door haat vervoerd t^en 
het geheele corps zeeofiicieren , van hetwelk vele leden, in 
het bijzonder de Vlagölïicieren , bekend stonden als ijverige 
voorstanders van den Stadhouder en der vorige regering; 
hetzij medegesleept door de overdrevene denkbeelden van 
deze dagen , om al het bestaande te vernietigen ; betzij door 
zijne eigene verhitte verbeelding opgewonden, stelde, toen 
hij de afschaftiDg der Admiraliteiten aan de Vertegenwoor- 
digers van Holland voordroeg , nog aan die Vergadering 
voor: "dat te zelfder tijd zou worden gecasseerd de geheele 
marine van den Staat, met annullatie van al de graden van 
's Lands zeeofScieren , van Luitenant-Admiraal af tot den 
laatsten graad toe." ' Zonder de gevolgen te berekenen, 
welke de goedkeuring van zoodanig een onoverdacht voorstel 
kon hebben, juist in een tijd, waarin zooveel belang in het 
dadelijk herstel der zeemagt gesteld werd, en de oorlog meteene 
zoo magtige zeemogendheid als Groot-Brittanje het bezit van 
een corps kundige en ervaren zeeofficieren dubbel op prijs had 
moeten doen stellen , vereenigden de Vertegenwoordigers van 

I Deertlen van de prov. Stpreuntanlen van Hét VoUe tam ScBamd, 17 Tabr. 179E. 



V Google 



NEOSELANDSCHE ZEEWEZEN. 209 

Holland zich oogenblikkelijk met deze voordragt van hunaea 
Voorzitter, en de Algemeeae Staten aarzetdea niet, haar, 
alhoewel ia eenigzins minder beleedigende bewoordingen, 
weinige dagen later, als eene Staatswet te bekrachtigen. ' 

Het behoeft naauwelijks gezegd te wordeb , dat deze plot- 
selinge ontbinding der geheele marine en de vernietiging 
van alle rangen eenen diepen en pijnlijken indruk op de 
gemoederen der zeeofUcieren maakten. Er zouden vermoede- 
lijk velen geweest zijn die, niettegenstaande hun de nieuwe 
regeringsvorm zeer tegenstond , uit pligtabesef of andere be- 
weegredenen er toe zouden overgegaan zijn , om het Vader- 
land in hunne verschillende betrekkingen te blijven dienen; 
maar nu de marine van den Staat op zulk eene willekeurige 
en beleedigende wijs ontbonden werd; nu de zeeofficieren 
zich op het onregtvaardigst van hunne wettig verkregen ran- 
gen op eenmaal beroofd zagen ; nu zij tot bekomen van eenen 
nieuwen rang zich aan het goeddunken eens bestuurs moes- 
ten onderwerpen, bij hetwelk de raeesten, daarvan waren 
zij bewust , in geene gunst stonden , om niet te zeggen , dat 
het hun vijandig was; — nu begrepen velen hunner, dat zij 
aan hunne eigene eer en aan die van het corps waartoe zij be- 
hoorden , verschuldigd wareo , eenen dienst te verlaten , waarin, 
naar hun oordeel , niets dan schande en vernedering te wachten 
was. De marine verloor ten gevolge van dit heilloos besluit, 
een' van kinsberoen, een' melvill, een' van btlahdt, 
een' vaiixant en zeer vele andere verdienstelijke en kun- 
dige mannen , bijzonder vlagoScieren en kapiteinen , wier 
behoorlijke vervanging in de tegenwoordige oogenblikken 
uiterst bezwaarlijk was. Daartoe moest men meerendeels de 
toevlugt nemen tot officieren van lageren rang, waaronder 
ervarene en moedige zeelieden , doch die minder berekend 
waren voor de vervulling van hoogere en gewigtiger betrek- 
kingen of de noodige ondervinding misten; ja, bij het toe- 

I Se: va» S. B.Xog.%1Vt}n. 1795. In die ReiiolutiB beiigm H. H, M. triet het 
woord TMi ca**ert», maar na licentiirn. De nitdinkking wu mindu beleed i gen d , niiir 
je xMk kwam op betidfile neder, en de Zteofflcieren biarim hechten un het woord couer^ . 

V. 14 



1, Google 



210 OESüHIEBENlS VAN HST 

Qemen der uitrustiDgea , zag men zich verpligt , koopvaardij- 
schippers en andere personen, die nimmer in zeedienst geweest 
waren, tot officieren aan te stellen. Doch wat het ergste 
van alles was; door dit onstaatkundig en willekeurig be- 
sluit werd de overeeustemmiug , het esprit de corps, waar- 
door de zeeofficieren tot aan de omwenteling zich bij uit- 
nemendheid kenschetsten , verbroken. Erontstond wantrouwen, 
naijver en afkeer tusachen de officieren der vorige marine 
die aangebleven waren , en tusschen de nieuw benoeinde of 
wegens hunne patriotsche gevoelens snel bevorderde. De nood- 
lottige uitwerking van het een en ander werd spoedig zigt- 
baar, en de zware rampen die het Batsafsche zeewezen tot 
aan den vrede van Amiens troffen, moeten grootendeels op 
rekening van het casseren of Ucentiëren der marine in de 
eerste dagen der omwenteling gesteld' worden. 

Door deze ontbinding der geheele Marine en de vernieti- 
ging van alle rangen , werd dus de zeemagt van hare bevel- 
hebbers beroofd , zoodat het allereerst noodig was in dat gemis 
te voorzien, wanneer, gelijk men hier wenschte en Frank- 
rijk volstrekt begeerde, nog dit jaar eene vloot in zee zou 
gebragt worden. Om hiermede een begin te maken , werd 
de in 1787 uitgeweken luitenant ter zee, en nu als Fran- 
sche Generaal teruggekeerde jan willbm de winter , op den 
12 Maart, met toestemming der Vertegenwoordigers van het 
Fransche Votk in Holland, tot Adjudant-Generaal van het 
Committé benoemd, en den volgenden dag door Hunne 
Hoog Mogenden in die waardigheid bevestigd , ' ten einde 
gemeld Committé met raad en daad bij te staan in de zamen- 
stelling van een nieuw corps zeeofficieren en het voor te 
lichten en behulpzaam' te zijn in alles wat verder tot de 
toerusting eener vloot noodig mogtzijn. Dan ,^ deze aanstelling 



> Sii. va» H. H. Kog. vtn dien dig. Onder een bnelacluift Toor den eommui'- 
derendeD officier van 'i I^iuda «chip Admiraal Piet Rein, gedigteekoid 13 Maait 
1T9S, teekent dk wihteb tich: lit Oeneraal Adjudant-Otneraal, ea onder eea utdei 
ïtak. Vlo 14 Mei; de OeiuTaal de Brigade; zoodat eea OEDcraal tbana voorloopig 
■an het boord van '■ Landi Muine atoad. 



V Google 



NBDEELANDSGUE ZEEWEZEN. 211 

wa3 niet genoeg ; er moesten vlagofficieren , er moest een 
Opperbevelhebber der vloot benoemd worden. Wilde men 
eene scheepsmagt ia zee zenden , zoo behoorde men hoe eerder 
hoe beter tot die benoeming over te gaan. Maar er bestond 
daartoe nog eene andere en dringende beweegreden. Eenige 
weken na de winter's verheffing tot Adjudant-Generaal, 
kwam de Fransche Schout- bij -nacht van btabel, vergezeld 
van een tiental zeeofficieren dier Natie, te Vtiasingen aan. 
Deze vorderde op hoogen toon de opgave van het getal en de 
gesteldheid der aldaar aanwezige Bataafsche oorlogsschepen; 
verklaarde gekomen te zijn om hunne wapening te bespoe- 
digen en dreigde geweld te zullen gebruiken , bijaldien men 
niet asD zijne eischen onverwijld en goedwitlig voldeed. * 
Die omstandigheid zette veel waarschijnlijkheid bij aan het 
geracht , ' 't welk reeds vóór de komst van van stabbl ge- 
loopen had. dat aan een Franach Admiraal het opperbevel 
over de Bataafsche vloot zou worden opgedragen en dat ge- 
noemde Schout-bij-nacht daartoe bestemd was. Dit joeg 
schrik in de harten, zelfs der levendigste bewonderaars en 
vurigste aanhangers van den Franschen Bondgenoot. Teregt 
merkte men zulks als eene diepe vernedering, zoo wel voor 
het Va derland als voor 'a Lands zeemagt aan , en het was , 
om die vernedering, zoo mogelijk, af te wenden, dat zij, 
die aan het roer van Staat stonden , zich haastten , tot de 
benoeming van vlagofficieren en van eenen Opperbevelhebber 
der vloot over te gaan. Op den 26 Jnnij werden dien ten 
gevolge zes vice-Admiralen , en weinige dagen later drie Schou- 
ten-bij -n'bcht aangesteld. ' 

Onder de nieuw benoemde Vice-Admiralen bevonden er 
zich twee, die tijdens het Gemeenebest reeds met den rang 

1 Zie igne bricren en de aoWoorden dn CommiaMiiaKn tu bet CommitUTtn Minne 
ia d» X«f. tam H. S. Xog. nn 17 Mei ITSG. 

I Hen lifl hietoTei hot YeniAg der Vadtrl. SiH. n. XXXII, bl. SU. 

1 Bg Bm. nam B. S. Utog. tui 86 en 2B Jnnfj I7SG. De VhgoffleiereD wardeo liQ 
d«M benoemiDg , tnemd genoeg, dut het Taorbaeld der loo geh&te Biitlan, Terdeeld 
in die tui it Boode, Wttte en Blaatmt fT<ig, en ieder bauer ungeveien, onder 
•elke diei vUggeo hy beboerde. 

14» 



1, Google 



212 GBaCHIEDENIS TAN HIT 

van SchoQt-bij-nacht waren bekleed geweest ; ' drie andere 
hadden vóór de OmweDteling den rang van kapitein * gehad; 
de zesde was de voormalige Luitenant ter zee, nu Adjudant- 
Generaal, DE wiNTEB, die thans tot Vice-Admiraal van de 
Blaauwe Vlag bevorderd werd. Om uit deze Vlagoffieieren 
eenen Opperbevelhebber van de Vloot te kiezen, zouden in 
gewone tijden dienstjaren, kunde en ervaring in aanmerking 
zijn genomen , en dan zeker zou de keuze niet gevallen zijn op 
den man , die thans tot die hooge waardigheid verheven werd , 
en uit (genoemde oogpunten daarop wel het allerminst van 
allen regt had. Doch in deze dagen van omwenteling golden . 
zoodanige eigenschappen of regten niet, zoodat het Commité 
van marine er geene zwarigheid in vond, de winter, alhoe- 
wel hij sinds acht jaren den zeedienst verlaten en daarbij 
geen hoogeren rang dan van luitenant bekleed had, tot ' 
Opperbevelhebber van 's Lands Vloot voor te dragen ; niet 
omdat het hem als den , meest kundigen der benoemde Vice- 
Admiraten aanmerkte, maar dewijl het "in de tegenwoordige 
tijdsomstandigheden niemand daartoe beter geschikt oordeelde." 
Hoe zwak die beweegreden ook ware, was zij voor hunne 
Hoog Mogeuden voldoende, om de winter onmiddellijk tot 
die gewigtige betrekking aan te stellen. ' 

De geschiktheid , die tot aanbeveling van de winter strekte, 
was gelegen in zijne staatkundige denkwijs, die geheel in 
overeenstemming was met de gevoelens welke thans zege- 
vierden. Men kon zich das ten volle op zijne trouw aan- de ' 
tegenwoordige Regering verlaten, 't geen eene zaak van het 
hoogste belang was bij de bekende gezindheid van het 'scheeps- 
Tolk. En mogten hem kundigheden en ervaring ontbreken , 
men hoopte, dat hij die door dapperheid zou aanvullen, 
waarvan hij onder de Fransche vanen meermalen schitterende 
bewijzen gegeven had. Maar hetgeen de winter vooral ge- 



1 NunelQk, JAM num TAM BADEU en COBMBL» BIBMAMVB MULinK. 
■ Te «eten, idbiian draak, jah bil; 
* Bq Sn*. TUI 2e Jony 1T9G. 



V Google 



NBDEELANDBCaS ZEEWEZEN. 213 

schikt deed achteQ, was, dat hij in groote gunst stond bij 
de Vertegenwoordigera van het Fransche Volk hier te lande, 
die eenen onbeperkten invloed op al de besluiten en maat- 
regelen van het Bataafsche bewind uitoefenden. Dezen keur- 
den de benoeming van de winter tot Opperbevelhebber goed, 
of liever , zij bewerkten die , en zou men dan zich daarmede 
niet vereenigen , om aldus het kwaad te voorkomen , dat 
soms aan eenen vreemdeling die gewigtige waardigheid op- 
gedragen werd? Het Committé van marine en Hunne Hoog 
Mogenden vestigden om deze redenen hunne keuze op de 
wiNTSK met voorbijgang der overige benoemde Vice-Admi- 
ralen , niettegenstaande deze allen , zonder uitzondering , lan- 
ger gediend en hoogeren rang bekleed hadden , en de meeateD 
hunner hem in kennis der zeezaken en in ondervinding over- 
troffen, lutusscben kan niet ontkend worden, dat deze keuze 
ligtvaardig was en men de waarschiJDlijke gevolgen daarvan 
niet overwoog. Bovendien moeat zij bij de oudere zeeofficie- 
ren in het algemeen , en bij de wintek's mede-YlagofGcieren 
in het bijzonder, ontevredenheid en naijver verwekken; zoo- 
dat, welke uitstekende hoedanigheden de nieuw benoemde 
Opperbevelhebber anderzina ook bezat, en deze worden hem 
door allen die met hem bekend waren, in mime mate toe- 
geschreven , van deze keuze weinig goeds voor het Vaderland 
te verwachten was. Hetgeen later voorviel, bevestigde zulks 
maar al te zeer. 

De willekeurige ontbinding der marine had nog andere 
gevolgen. Met en door haar verviel het twee jaren te voren 
opgerigte corps zeeoificieren en te gelijk de bepahngen omtrent 
de vaste jaarwedden. Hierdoor werd het lot der zeeofficieren 
zeer onzeker, 't geen spoedig tot misnoegen, klagten en ver- 
zoeken aanleiding gaf. Meer dan anderhalf jaar verliep er , 
alvorens aan die klagten gehoor gegeven werd en deze ver- 
zoeken ingang vonden. Ten laatste bood het Committé van 
marine op den 8 Jolij 1796 ' een plan van organisatie aan 

' Zie Déer«t»» dar Ifat. Vtrgadêrüg m Dagttriaal dtr SandeUngn tm dk 
m; ttderiug nu üea dag. 



V Google 



S14 GESCqiBDENIS TAN BBT 

de nationale vergaderiDg aan, waarbij het tevens de rege- 
ling der jaarwedden voordroeg. Met eenparige Btemmen en 
niet zonder geestdrift werd het beginsel van de regeling der 
jaarwedden op den 5 Augustus daaraanvolgende, zijnde de 
vijftiende verjaardag van den roemrijken zeeslag van Dog- 
gersbank aangenomen, ' maar de organisatie zelve weid tot 
nader onderzoek uitgesteld. Het leed tot den 38 Maart des 
volgenden jaars, eer deze gewigtige zaak haar beslag kreeg. ' 
!Ër verliep intusschen nog ruim een geheel jaar , alvorens de 
vastgestelde organisatie in werking gebragt werd, tot hevig 
misnoegen der zeeofficieren , die zulka aan minachting en 
verwaarloozing van het corps toeschreven, en op wier her- 
haalden aandrang zij eindelijk tot stand kwam. ' 

Behalve de vermelde veranderingen hadden er nog meer- 
dere te dezen tijde plaats, die in naauw verband stonden 
met de ganache hervorming van het zeewezen en in vele op- ' 
zigten nuttig waren. 

Ten gevolge der bevelen, van tijd tot tijd en laatstelijk 
gedurende den Engelschen oorlog door Hunne Hoog Mogen- 
gen uitgevaardigd, was de scheepsbouw, bijzonder bij de 
Admiraliteit van Amsterdam, merkelijk verbeterd. Deze 
liet echter nog altijd veel te wenschen over, 't geen hoofd- 
zakelijk moest toegeschreven worden aan het verdeeld bestuur 
der zeezaken en aan het gemis van eenen deskundigen amb- 



> DeareUn dtr Jfat. Vtrgadtring en D(^iitrluidl. 

> Het beilitit ia la linden io di Decreten der Nat. Vergadanng vin dien daft- 

> Bfj deia orguiiutie nerd , onder lotierea, bepteld, det hat korpi Zeeoffiaerm lou 
beiUan nit ^n Initeiiuit-idinijasI , 4 liee-idmiralen , S ScbDotcn-b^-Daobt, IS Kipi- 
t^nen aente klam, 11 tweede klaiee, 12 derde kleiie, SS kapiteb-luitcDanti, SSeertte 
loitcDHiU, 100 oTdiBiria InitaDBnte eente kliue, 100 tweede kiuw, 40 kidfttni eente 
Uawe, 60 tweede klasn, 100 darde klaue, 80 laiteaanti de mirine.- De Dffieieren, ia 
werkelljken dieoit getleM, trokken, boven bnsnc gewone en bfj dit bolnit bepMJde 
jaarwedden, lee- traktementen of uldfjen. De aehifting bleef, geljjk tot bEertoe, voor 
rekening del Bevelbebbera vaa de ichepen . tot dat deswege andere bepalingen nnden 
gemaakt i)|n. Dsie organiiatie wa« berekend op eene vaite xeemagt van 20 tot SS Linie- 
■cbepen en GO tot 00 Fregatten en mindete vaartnigen , die tteeda in dienat of in reaerve 
loaden moetan blf^ien, an waarvan in vredut^d Jaarlfjki in dienat zonden «ordeD ge- 
bonden 8 Linieacbepen en EG lot 30 Fregatten en Ugten vaartnigen. 



1, Google 



NEDERLANDSCHB ZEEWEZBN. 215 

tenaar , die met het ontwerpen eo uitvoeren der plannen 
voor den scheepsbouw op alle 's Lands werven belast was. 
De vroegere pogingen ' tot aanstelling van ziilk een persoon 
V7&ien telkens mislukt door de tegenwerking van één of meer- 
dere Admiraliteiten; doch nu het bestuur van het zeewezen 
eenparig geworden was, kostte het weinig moeite, deze nut- 
tige zaak tot stand te brengen. Weinige maanden na de 
ophefBog der Admiratiteits-collegien , ' werd een Constructeur- 
generaal benoemd, onder wien alle constructeurs en scheeps- 
timmennansbazeD gesteld werden , en aan wien werd bevolen , 
voor den bouw en de verdere inrigting der oorlogsschepen 
te zorgen. Te gelijk werden teekenaren aangesteld tot het 
maken van teekeningen , modellen en dergelijke voorwerpen, 
ten einde 's Lands schepen niet langer naar willekeur of losse 
denkbeelden , maar naar theoretisehe, wel overdachte en naauw- 
keurig ontworpen plannen zouden vervaardigd worden. 

Ter verdere bevordering der belangen van het zeewezen, 
voornamelijk tot aankweeking van grondige kundigheden bij 
de zeeofficieren , werd eenigen tijd later benoemd een Exa- 
minator-generaal, aan wien de gewigtige taak werd opge- 
dragen, de bekwaamheden van atle'zeeofficieren zonder onder- 
scheid , bij hunne aanstelling of bevordering , te onderzoeken 
en te beoordeelen. Tevens werd hij gelast , den Constructeur- 
generaal met zijne kennis en ervarenis in de wis-, natunr- 
en waterweegkunde de behulpzame hand te bieden , en open- 
bare lessen over de zeevaart te geven. Tot dezen post, welke 
dien der vroegere Examinators bij de afzonderlijke coUegien 
verving, werd de Hoogleeraar jan hendrik van swinden 
benoemd ; * een man , die om zijne uitstekende verdiensten 
ten volle waardig was , daarmede bekleed te worden , en ook 



1 Tljdaiu liet Stadhonderichap ttn Koning Willem en lutiteltjk oad«r Prin* WÏUem 
V door de Pereouele Caminiuie. 

9 Op dan 10 JDn^ ITBG ««nl de Icandige f. olatmihs door het ComnitU lan 
Mftrine tot die betreUdeg bcDoemd. 

■ JVotafe» van iet Commitfé mm Marim 86 tthi. 1796. 



V Google 



216 GESCHIEDENIS VAN HEI 

lang daarna de roem en het sieraad van het Vaderland ge- 
bleven is. Nog werden een Ontvanger en een Provoost- 
generaal voor de zaken van de zee benoemd, en het Loods- * 
wezen , dat tot hiertoe onder een bijzonder opzigt stond , onder 
het regtstreeksche bestuur van het Committé van marine gesteld. 
Op voordragt van dat Committé , werd eerlang eene Commissie 
benoemd, die zich bezig hield met de verbetering van het 
Loodswezen, en werd aan den kapitein buiskes opgedra- 
gen, de zeegaten en havens der republiek op te nemen, 
nieuwe kaarten der zeegaten te ontwerpen , en plannen tot 
verbetering der stroomen en havens in te leveren, van 
welke belangrijke taak die kundige officier zich met ijver 
kweet. 

Eindelijk werden nog te dezen tijde een reglement betrek- 
kelijk het Saluut, een nieuwe Artikelbrief en eene Generale 
order voor den dienst ter zee uitgevaardigd. 

Tijdens den grootsten bloei van het zeewezen bestonden 
er eenige bepalingen aangaande het Saluut, maar deze waren , 
deels langzamerhand in onbruik geraakt, deels wegens dei 
moeijelijkheden , die daaruit ten aanzien der vreemde Mogend- 
heden voortsproten, opgeheven en door geene andere ver- 
vangen. Meermalen geraakten 'aLands zeeoiBcieren hierdoor 
in moeijelijkheden, ter wier wegneming, bij herhaling doch 
steeds vnjchteloos, beproefd werd, vaste voorschriften te 
geven: zoodat tot aan de groote Omwenteling bet doen of 
laten van eereschoten grootendeels naar het bij 's Lands zee- 
magt van oudsher bestaande gebruik geregeld werd, en de 
zeeofficieren in twijfelachtige gevallen naar bun beste inzien 
moesten handelen. Dit meende men, bij de hervorming van 
het zeewezen, niet langer te moeten laten bestaan, waarom 
door bet Commité van marine een reglement ten opzigte van 
het Saluut ontworpen en door Hunne Hoog Mogenden goed- 
gekeurd werd, houdende vaste bepalingen, waarnaar alle, 
zoo vlagofficieren , ats kapiteinen en andere bevelhebbers van 
linieschepen , fregatten of mindere vaartuigen van oorlog van 
den Staat verpligt werden , zich bij bet doen van Saluut- 



vGoo^le 



NEDEBLANDSCHB ZEEWEZEN. 217 

schoten te gedragea. * Dit reglement bevatte meestal dezelfde 
voorschriften, die vroeger bij 'sLands zeemagt in gebruik 
waren , doch waa desniettemin van aanbelang , omdat de zee- 
officieren daarmede ontslagen werden van de onzekerheid, 
waarin zij tot hiertoe verkeerd hadden, en hunne verant- 
woordelijkheid aldus vrij wat verminderd werd. Bovendien 
behelsde het ééne bepaling , die als zeer gewigtig kan worden 
aangemerkt , te weten , dat 's JJands officieren , in zee zijnde 
en oorlogsschepen van eene of andere mogendheid ontmoe- 
tende,, deze niet zouden behoeven te begroeten, ten zij 
door traktaten , reeds gemaakt of nog te maken tusschea het 
Bataafsche volk en die mogendheid, iets daaromtrent be- 
paald was. Hiermede werd dus afgeschaft en vernietigd de 
verpligting, die tot dusverre op onze zeeofficieren had ge- 
rust en waaraan' zij tot aan de omwenteling steeds voldaan 
hadden om, bij ontmoeting van Britsche koningsschepen, 
aan dezen met vlag en geschut eere te bewijzen; een eer- 
bevrijs, dat vroeger tot bloedige geschillen aanleiding gaf 
en n<^ altijd voor den Nederlandschen zeeofficier een aan- 
stoot bleef. 

Deinden j«re 1702 uitgevaardigde artikelbnef en instructie, 
rakende den oorlog ter zee, was, met eenige wijzigingen 
van ondergeschikt belang, tot op dezen tijd in gebruik ge- 
bleven. Daarin werd het scheepsvolk onder de gehoorzaam- 
heid van den Prins van Oranje, als Admiraal-Generaal, ge- 
steld, aan wien het verpligt werd, gehoorzaamheid te zweren. 
Bovendien bevinden zich in dezen artikelbrief nog vele 
overblijfsels van onbeschaafde en ruwe zeden , die wel sedert 
langen tijd niet meer toegepast werden , maar aandruischten 
teg^n den voortgang , dien de beschaving gemaakt bad. * 

I Dit Be^emcDt werd dm SO JodQ 1T96 door het ComniitU vm Marine ingediend 
«n den 6 JnlQ tiu dat jur door H. H. Mog. goedgckeord. Zie Eei. na» S. S. Mog. 
vmB die d^en. 

: Bg Toorbeeld, dit iemand, die md andw in enielen moed» Tin het leven iMroofde, 
aan den doode gebonden en met deun orei boord ion geworpen worden, an dei^- 



V Google 



318 0BSCHIEDBNI8 VAN HET 

Bij de tegenwoordige staatsgesteldheid en de heerschende 
begrippen omtrent de regten van den menscb, de vrijheid 
en gelijkheid, kon zulk een artikelbrief niet in stand blijven, 
en het was uit dien hoofde, dat Hunne Hoog Mogenden. 
op voordragt van het Committé van marine , dezen artikelbrief 
vernietigden , buiten werking stelden en door eenen anderen 
deden vervangen. ' Daarin werd natuurlijk de naam des 
Prinsen van Oranje niet meer gelezen en de voorschriften van 
gehoorzaamheid aan dien vorst ontzegd en overgebragt op 
het tegenwoordig bewind. De wreede straffen, in den ouden 
artikelbrief voorkomende, werden weggelaten of met meer 
menschelijke verwisseld. Eindelijk werden in dezen artikel- 
brief onderscheidene heilzame bepalingen gemaakt, grooten- 
deels ontleend uit het ontwerp, door de Personele Commissie , 
tijdens den Ëngelschen oorlog, voorgedragen, doch toen niet 
aangenomen. 

De nieuwe Generale order voor den dienst ter zee was 
hoofdzakelijk ingerigt naar het voorbeeld van vroegere dagen , 
met opneming van zoodanige verbeteringen, als in de laatste 
tien jaren bij de zeedienst waren ingevoerd, en met bij- 
voeging van eenige wijzigingen, welke men v(y)r de tegen- 
woordige gesteldheid der marine noodig en nuttig achtte. * 

Deze waren de voornaamste veranderingen, die het be- 
staan en de inrigtingen van het zeewezen bij en ten gevolge 
der groote omwenteling ondergingen. Wij gaan nu over, 
ons meer bepaald met de zeemagt zelve bezig te houden. 

Door de nalatigheid of het onvermogen van de meeste pro- 
vinciën, voortgevloeid uit onverschilligheid omtrent het zee- 
wezen, of veroorzaakt door de uitputting der schatkist, ten 
gevolge der burgertwisten en den kort daarop uitgebarsten 
oorlog met de Jb'ransche republiek, was 's Lands zeemagt 
gedurende de laatste jaren van het Gemeenebest met zeer 
karige hand ondersteund geworden. Dien ten gevolge waren 

> By Sa. van H. S. Mog. lan 2S Jnnt) 179S. 

> Daie Gaoenle order of InatiDctie is ta vinden ia ds Btt. ra» S. S. Mog. *u 
11 Juig 17BG, op wellnn dig zjj Tutgealcld vel^. 



V Google 



NSDBELANDSOHE ZEBWSZBN. iiI9 

de geldmiddeleD der Admiraliteiten in deerlijke veTvamng 
geraakt , en hadden deze , die reeds met de buitengewone 
eo noodzakelijke uitrustingen tot verdediging des Vaderlands 
zwaar belast waren , zich buiten staat bevonden , hare maga- 
zijnen behoorlijk te voorzien en hare schepen te herstellen , 
veelmin nieuwe aan te bouwen. 

Deze toestand werd , bij deo ommekeer van zaken , in het 
breede en dikwerf niet zonder overdrijving uitgemeten, en 
de afgetreden overheden, doch bovenal de gewezen Admi- 
raal-Generaal, luid en bij herhaling beschuldigd, de zee- 
magt opzettelijk verwaarloosd te hebben , en hunne verkeerde 
en «kwade handelwijs als de oorzaak van de treurige gesteld- 
heid nitgekreten. Dit bewoog Hunne Hoog Mogenden , weinige 
weken na de omweuteling, ' op voorstel der Vertegenwoor- 
digers van Holland, eene commissie te benoemen, bestaande 
uit de botters HBNoaiK aeneai: , Lid der Vergadering , samdel 
STORT en ENOELBEBTDS LUCAS , beiden kapiteinen ter zee , be- 
nevens den scheepscoDstructeur fibteb glavihans , aan welke ' 
werd opgedragen, "zich naar de zeehavens dezer landen te 
begeven , ten einde al de oorlogsschepen te inspecteren , als- 
mede den vtorraad der tuigaadje en in één woord, al wat 
tot het équipement diende, op te nemen, en daarvan zoo 
spoedig mogelijk rapport te doen; alsmede van hunne be- 
vinding omtrent de schepen , die gereed waren of vertim- 
merd of aangebouwd konden worden." Men wenschte zich 
door die Cktramissie bekend te maken met de wezenlijke ge- 
steldheid der zeemagt , opdat het Committé van marine , 
't welk op denzelfden dag, waarop deze Commissie benoemd 
werd, het aanzijn verkreeg, in staat zou zijn, naauwkeurig 
de behoeften te weten en daarna met vrucht de hand aan 
het werk mogt kunnen shtan. 

De Commissie kweet zich met ijver van deu haar opgedragen 
last, zoodat zij reeds binnen weinige weken voorloopige be- 
rigten van bare bevinding in de onderscheidene havens in- 



I Bif rMolntic nu S6 Febr. IT95. 



V Google 



220 OEBCHIEDENIS VAN HET 

zoQd en op den 27 van Bloeimaand baar algemeen verslag 
aan Hunne Hoog Mogenden kon aanbieden. ' 

Bij dit algemeen verslag berigtte de Commissie , dat 's Landa 
zeemagt bestond uit zeven tioieschepen van 74 tot 76 stuk- 
ken, waarvan één ia aanbouw; uit vier en twintig van 60 
tot 68, waarvan één op stapel, uit negen van 50 tot 56; 
uit zeven fregatten van 40 tot 46, elf van 36, zeventien, 
waarvan één op stapel, van 20 tot 24, benevens uit acht- 
tien sloepen, brigantijnen en kotters, met 6 tot 18 stukken 
gewapend, veertien uitleggers en jagten, benevens twee en 
zeventig kanonneerbooten ; te zamen uitmakende een getal 
van 40 liniescbepen van 50 tot 76 stukken, van 35 fregat- 
ten van 20 tot 46 stukken, en van 104 sloepen, brigan- 
tijnen , kanonneerbooten en andere kleinere vaartuigen , deels 
bestemd voor den dienst ter zee , deels op de binnenwateren. 

Dan, het waa er verre af, dat al deze^bepeo bruikbaar 
waren. De meeste hadden zware herstellingen noodig; eenige 
der groote schepen waren voor den dienst ter zee ongeschikt 
en konden alleen als wachtschepen gebezigd worden ; andere 
waren oud en onbekwaam , en bevonden zich in zulk eenen 
toestand, dat zij behoorden verkocht of gesloopt te worden. 
, Dit was met name het geval met het meerendeel der bodems 
van de voormalige Admiraliteit van het Noorderkwartier, 
die uit onvermogen , in de laatste jaren weinig of niets tot 
onderhoud van hare schepen gedaan had. Eindelijk bevonden 
zich twee linieschepen, twee fregatten en vier kleinere vaar* 
tuigen in deze oogenblikken in Engeland , waren aldaar aan- 
gehouden, en liepen gevaar prijs verklaard te worden, gelijk 
dit ook werkelijk plaats had. 

Ten gevolge dezer gesteldheid, waren, naar het berigt 
der Commissie, de navolgende schepen slechts in staat, om 
na meerdere of mindere herstellingen voor den dienst ter 
zee gereedgemaakt te worden; als vier linieschepen van 74, 
veertien van 60 tot 68 , zes van 50 tot 66 ; vijf ^egatten van 



I Zie Bet. van S. S. Mog. v*d dien dtg. 



V Google 



IfEDSRLANDSCUE ZXBWBZBN. 321 

40 tot 46, acht van 86 eo elf van 20 tot 24 stokken. 
benevens eenige kleinere vaartuigen, te zamen uitmakende 
24 linieschepeD vaa 60 tot 74, en 24 fregatten van 20 
tot 46 stukken. AI de overige, voor zoo verre zij hier te 
lande waren, oordeelde de Commissie voor den zeedienst 
onbekwaam, waarom zij ook kort daarna gesloopt of ver- 
kocht werden , behalve eenige weinige , die als wachtschepen 
tot bescherming der zeegaten en kusten gebruikt werden. 
De onkosten ter herstelling van al de schepen gevorderd, 
schatte de Commissie op eene som van 4,748,816 gulden, 
en bij de slooping van die bodems , welke zij der herBtelliiig 
niet waardig keurde, op 3,370,115. '* 

Wat de inrigtingen van het zeewezen betrof, deze had de 
Commissie, over het algemeen, in eenen zeer voldoenden 
toestaod bevonden. De meeste scheepstimmerwerven , beliin- 
gen, magazijnen, loodsen en lijnbanen, welke sedert den 
laststen Ëngelschen oorlog aanmerkelijke verbeteringen onder- 
gaan hadden , waren in zulk eene gesteldheid , dat zij weinig 
te wenschen overlieten. Slechts hier en daar waren herstel- 
lingen noodig en verbeteringen wenschelijk. Intusscben was 
de voorraad van hout en andere behoeften zeer gering. De 
Admiraliteit van de Maze was daarvan nog bet best voor- 
zien, en toch ging de waarde daarvan geen tonne gouds te 
boven. Op de havens, dokken en zeegaten was meer aan te 
merken. Sommige havens en zeegaten waren . uitmuntend , 
bijzonder die van het Nieuwediep en van Vlissingen , andere 
lieten veel te wenschen over, bijzonder die van Harlingen 
*en van het zeegat van de Maze. De dokken waren insge- 
lijks in eenen goeden toestand , maar de meeste, bepaaldelijk 
die van Hellevoetsluis en Vlissingen , voor verbetering vat- 
baar; de nuttigheid van het laatste zou zeer kunnen ver- 
meerderd worden door het aanleggen van een droog dok , ' 

1 Hm i>E oTsr dit illci in het hneie het ter '< Luidi dnkkerij ia ITSfl gedrnlit 
Bsppolt der Comminie, I. D. in 8». Een uit dit Kapport gelrokken itsat dar geiteld- 
beid Tan 'sLandi Zeemigt tydens dit ondenook, rindt men in da Sglagm. 

* Zie bet aangabulde Rapport der Conmiuie. 



V Google 



222 GESCHISDKNIS VAN HET 

't welk in het begin dezer eeuw aldaar gemaakt , doch sedert 
vijftig jaren io verval ea buiten gebruik geraakt wa3. 

Dit verslag werd in handen van het Committé van marine 
gesteld , om deswege zijne denkbeeldeo mede te deelen. Het liep 
tot den 18 December dezes jaars aan, dat het deswege zijn ge- 
voelen uitbrogt , wanneer bet Committé aan de Algemeene Sta- 
ten voordroeg, om het oorspronkelijke verslag ter Grifiie van 
Hunne Hoog Mogenden neder te leggen, "ten einde te alten tijde 
tot een onloochenbaar bewijs te kannen strekken van den jam- 
merlijken toestand , waarin 's Lands zeemagt , zoo wel in sche- 
pen , fregatten en vaartuigen , als in de magazijnen met den 
aankleve van dien , bij den aanvang van het tegenwoordig be- 
stuur zich had bevonden, en waarvan het volstrekt benoo- 
digde tot herstel en in staatstelling van 's Lands voorhanden 
zijnde schepen op omtrent vijf millioen schats begroot werd , 
ten einde daardoor vroeg of Iaat dea mond te kunnen stoppen 
aan alle zulken, die naderhand het tegendeel zouden willen 
voorwenden, en tot misleiding des volks doen geloofd wor- 
den; of om hetzelve Stuk in openbaren druk te doen uit- 
geven , tot narigt van het Publiek , of wel , om er zoodanig 
ander gebruik van te kunnen maken , als bevonden zou mogen 
worden te behooren." ' Overeenkomstig dit voorstel, werd 
het verslag ter griffie van Hunne Hoog Mogenden nederge- 
legd, en in den loop van het volgende jaar door den druk 
gemeen gemaakt. 

Het Committé van marine, door dit verslag omtrent de 
wezenlijke gesteldheid van 's Lands zeemagt en hetgeen tot 
herstel der bruikbare schepen gevorderd werd, behoorlijk 
ingelicht, zag zich in staat, de hand aan dat herstel te slaan. 

Zoodra het de voorloopige berigten der Commissie ont- 
vangen had, maakte het daarmede reeds een aanvang. Op 
den 17 Maart diende het een plan van uitrusting voor den 
tijd van twaalf maanden aan Hunne Hoog Mogenden in. 



> Ba. va» H. S. Mog. 18 Dee. HQS ed Sot. ConÊintU mm d« JfariM 17 Dnl 



V Goog Ie 



MEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 223 

waarbij werd voorg;e3lageii , twaatf Unieschepen van 50 tot 
70 , veertien fregatten vao 20 tot 40 stukken , en zes brik- 
ken, kotters en advijsjagten voor den dienst ter zee in ge- 
reedheid te brengen en te onderhouden , benevens drie wacht- 
schepen van 50 tot 60, acht van 13 tot 40 stukken en 
eenige andere kleinere vaartuigen voor den dienst in de zee- 
gaten en op de rivieren, te zamen bemand met 9880 kop- 
pen , en waarvan de kosten , wegens herstel , uitrusting en 
onderhoud, zoo der schepen als manschappen begroot wer- 
den op ruim zeven milüoen achtmaal honderd duizend gulden. 
Verder droeg het Committé voor, in den loop van dit jaar, 
drie nieuwe linieschepen en drie nieuwe fregatten te bouwen , 
waarvoiOr bet eene som van twee millioen vierhonderd veer- 
tig duizend gulden vraagde. Eindelijk, verlangde bet Com- 
mitté nog eene bijdrage van vijf millioen tot betaling der 
meest krijtende schulden van de afgeschafte Admiraliteits- 
coUegien, daar het anders buiten de mogelijkheid zou zijn, 
zich het noodige aan te schaffen , hebbende verschillende 
leveranciers reeds geweigerd , aan het Committé het gevraagde 
te bezorgen. De geheele behoefte der zeemagt voor' de aan- 
staande twaalf maanden bestond, naar het oordeel van het 
Committé van marine, in eene som van niet minder dan 
vijftien millioen twee honderd twee en vijftig duizend zes 
honderd gulden. ' 

Ten einde in deze behoefte te voorzien , werden door Hunne 
Hoog Mogenden eene som van ruim twee en dertig milHoen 
tot onderstand der land- en zeemagt toegezegd, gedeeltelijk 
'te vinden uit de opbrengst van het gemaakte goud en zilver- 
werk door de ingezetenen. Bij een neder besluit verbonden 
de provinciën zich, voorloopig, binnen den tijd van drie 
maanden, tien millioen te verschaffen, waarvan Holland 
alleen zeven voor zijne rekening nam. Van deze werden zes 
voor de zeemagt besteoad, als wier behoeften in de tegen- 



1 Miwive vtn bet ComnitW nu MtriM «au H. H. Mog., van 17 Msart ITGö, ii 
t ooTtpnnbcmte bernitBods up 'i BQb Archief. 



V Google 



224 QE3CHIIDBNI9 TAK HET 

woordige dringende omstandigheden grooter dan die der 
landmagt geoordeeld werden. ' 

NaaiiwelijkB waren deze toezeggingen ontvangen, of de 
werkzaamheden werden begonnen. Op alle werven en in 
alle zeehavens, bijzonder te Amsterdam, ving een nieuw 
leven aan. Alomme werden de oorlogsschepen , die voor dea 
dienst ter zee geschikt geacht werden , met eene boitenge- 
woneo ijver en ongemeene voortvarendheid hersteld. Aan de 
op stapel liggende werd dag en nacht gearbeid, om ze 
binnen dea kortst mogelijken tijd te kunnen doen afloopen. 
De afgewerkte schepen werden onverwijld toegerust, vui ^ 
bet noodige voorzien en tot den dienst in gereedheid ge- 
bragt. De gelukkige invloed van een zamenhangend en krachtig 
bestuur op den snellen voortgang der werkzaamheden was 
bij dit altes, ook voor den meest partijdige, zigtbaar. Maar 
het was vooral de geestdrift die hen bezielde, welke met het 
bestuur der zeezaken belast waren ; het was de haat te^n 
de Britten; bet was de sinds jaren te leur gestelde hoop, 
zich op deze trotsche beheerschers der zeeën te kunnen wreken , 
welke dien voorbeeldeloozen ijver opwekten , en 's Landa 
zeemagt binnen weinige maanden uit den verzwakten toe- 
stand , waarin zij zich tijdens de omwenteling bevond , deden 
herrijzen. Heeds in het begin der maand Jutjj dezes jaars 
waren elf linieschepen , dertien fregatten en tien ligtere 
vaartuigen voor den dienst op zee in gereedheid , en aan 
nog verscheidene andere schepen ontbrak slechts weinig, om 
ze insgelijks in dienst te kunnen stellen. * 

Van den anderen kant, gaf het rapport der Commissie 
aanleiding tot gewigtige raadplegingen en belangrijke maat- 
regelen omtrent de bestaande inrigtingen der marine. Am- 
sterdam werd voor het Departement der Zuiderzee bestemd 
tot eeuige groote bouwplaats van 's Lands schepen en eerste 
uitrusting. Hoorn en Enkhuizeta daarentegen werden ver- 

> S«t. KM S. S. Mos. il ipril iTas. 

) Brief tkd den Vice-Admirul de wintsb hd bet CommltU van Htriae 31 JnljJ 
179G ca rapportsD b|j d«t Committé ingekoBteu. 



V Google 



K£D£RL&ND8UU£ Z£EWSZBN. 325 

klaard niet langer hoofdplaataea vao het zeewezen te znllea 
zJJQ , maar de eerste stad alleen bestemd tot het boawen 
van fregatten, en in de laatste werden slechts de kuiperij 
en sloepmakerij der inariae gevestigd. Harlingen onderging 
hetzelfde lot, doch tot eenige vergoeding werd bepaald, dat 
in die stad de oorlogsbrikkea zoudeo gebouwd worden, die 
voor de aan de Zuiderzee gevestigde etablissementen benoo- 
digd mogten zijn. Omtrent Medemblik werd door de Nationale 
Vergadering na hevigen tegenstand besloten , dat die stad 
eene haven van reserve zou worden. Hoe voortreffelijk toch 
het' Nieuwediep, als zeehaven, was, bleef zij wegens hare 
opene ligging ongeschikt , om 's Lands schepen tegen eenen 
vijandelijken overval te beveiligen. Ook tmtbraken aldaar de 
noodige gebouwen , werven en kielplaatseo ; zoodat de oor- 
logsschepen , vooral die van het zwaarste charter , kwalijk of 
in het geheel niet aldaar konden bewaard, opgelegd, her- 
steld en uitgerust worden, terwijl hun jaarlijksch vervoer 
naar en van Amsterdam met vele bezwaren gepaard ging en 
noodeloos een geruimen tijd deed verliezen. £r was dus 
eene wezenlijke behoefte aan eene lig-, bewaar- en werk-^ 
plaats of haven van reserve , bijzonder voor de zware schepen. 
Na een opzettelijk onderzoek en langdurige beraadslagingen 
bepaalde zich eindelijk, ter bereiking van dit doel, de keuze' 
op de stad Medemblik , in welke inen meende al deze ver- 
eischten te vinden. Ter uitvoering van dit besluit, sloeg 
men onmiddellijk de hand aan het werk tot verbetering der 
haven en der werven, het stichten van magazijnen en het 
aanleggen eener kielplaats. Ook eene groote zeesluis werd 
aldaar gebouwd en het plan ontworpen tot eene waterleiding 
van zoetwater uit Huisduinen ter voorziening van de vloot, 
waaraan zeer groote behoefte was , ' doch van welke de uit- 



1 Decreten der Nal. Versadering nn ZS Mej ob £T St\A. 1706, en 21 Fcbr. en 
SI April 1T9T. 

I In 1797 iMtte bet vench water roai de tloot in Teiel 06,000 galden. Di ktutea 
der «mterleidiag «erdoi begroot op niet meei dut SO of 10,000 gnldsD. 

V. 16 



1, Google 



220 OBSÜUIEDKNIS VAN HBT 

voering door geldagebrek eerst verschoven werd en later ge- 
heel achter bleef. Eindelijk werd nog het ontwerp gevormd , 
om eeae goed ingerigte scheepswerf, voorzien van eeoe kiel- 
plaats eD de noodige werkwinkels , in het Nieuwediep daar 
te stelten , waarop de grootste schepen zouden kunnen ge- 
kield worden, in plaats van bet zoogenaamde Nieuwe Werk, 
dut vóór de omwenteling gemaakt, maar doelloos en bij- 
kans onbruikbaar was. Doch de onverwachte dood van pibter 
PADLCS , die in deze dagen de ziel en het leven van 's Lands 
marine was , eo die ter harer verbetering een nuttig gebruik 
maakte van de vroeger deswege ootworpene planoen , ' hield 
de uitvoering van dit laatste ontwerp tegen, en de tegen- 
kantingen, die het Committé van marine later ondervond, 
en de tijdsomstandighedeu vertraagden of beletteden de voort- 
zetting van deze en andere nuttige verbeteringen. 

Op den 14 Augustus 1795 liepen voor het eerst na de 
omwenteling de ïn Texel aanwezige schepen, onder bevel 
van den Vice-A^miraal db wimtek, commandant der Bataaf- 
sche vloot, uit. Niet langer echter dan zes dagen bleven zij 
in zee, zoo wegens het stormachtig weder, als, en wel voor- 
namelijk, opidat eene vijandelijke overmagt zich opdeed, 
tegen welke het ongeraden geoordeeld werd eene kans te 
wagen. Deze kortstondige togt leverde nogtans dit belang- 
rijke verdeel op, dat de in Zeeland en de Maas gereed 
zijnde tinieschepen en andere oorlogsvaartuigen daardoor in 
de gelegenheid gesteld werden, zich bij 's Lands vloot te 
voegen , waarmede het groote oogmerk van den togt , om een 
aanzienlijk gedeelte der zeemagt in Texel te vereenigen , be- 
reikt werd. 

Terwijl de vloot in zee was, werden door den opperbe- 



■ Hst KHi Mn PiniR PAtiiiUS, Toonl bU iljne TselTDldiga banOByingEn , OBnogelQk 
gtwflut ilJD, in ilen kortan tyd, die tuneheD ie onwenteUng in i(jnca dood *erbep, 
il dcu plunen te ontwerpen en gednltelfjk uit te Toeren, indien ly niet Tioeger, en 
wel ti\| de lierudalagingen over de verbelering lan 'sLindi muine in 17Se en 1787, 
vuraan hfj deel oud, ontwoTpon w*reD. Hg wm da) niet de nitvinder tu die rerlie- 
lelingen mur de uitvoerder. 



1, Google 



N8DEBLAND8CUB ZEEW£ZEK. 227 

velbebber twee smatdeelen afgezonden; namelijk een, be- 
staande uit de Brikken de JEcho, de Gier en de Mercuriw, 
't welk bestemd werd om te kruisen voor bet Scbagerrak, 
en een ander, zameageateld uit de Fregatten de Argo en de 
AUianUe benevens den Kotter de Vlugheid, met last om zich 
naar Bergen in Noorwegen te begeven , ten einde de ver- 
wacht wordende Oostindische retourschepen naar het Vader- 
land te begeleiden. Tusschen dit laatste smaldeel en vier 
zware Britsche schepen had op den 22 Augustus een scherp 
gevecht plaats, waarbij onze zeelieden zich manmoedig van 
hunnen pUgt kweten , doch dat met dit ongelukkig gevolg 
eindigde, dat de JUiantie vao 36 stukken, kapitein jaoxr, 
genoodzaakt werd de vlag te strijken en zich over te geven , 
en de beide andere schepen, om mede niet in 's vijands 
magt te vallen, al vechtende, in Kerkbaven, op de Noor- 
weegscbe kuat, de wijk moesten nemen. Daar deze strijd 
ia het gezigt van den wal, onder het bereik van het ge- 
schat der genoemde haven en terwijl de loodsen reeds aan 
boord waren, was voorgevallen, beweerde men dezerzijds, 
dat de Britten de onzijdigheid van Denemarken en het regt 
der volken geschonden hadden, op weikeu grond bij de 
Deenscbe Kroon werd aangedrongen, dat zij de teruggave 
van de Jlliantie zou vorderen. Doch het regt van den sterkste 
gold hier , en de zaak bleef zonder gevolg. ' 

Voor het overige gebeurde er gedurende dit jaar niels 
meer van aanbelang op zee , dewijl 's Lands vloot binnen 
de havens bleef liggen. Dit was grootendeels toe te schrij- 
ven aan de moeijelijkheden, waarmede het Committé van 
Marine te strijden had. Twee omstandigheden beletteden 
het, de uitrustingen met dien spoed voort te zetten, wel- 
kea het wenscbte, en de zeemagt tot eene sterkte te bren- 
gen , dat zij in staat kon geacht worden , zich met den vijand 
te meten. Die omstandigheden waren het groote geldsgebrek 
en het gemis van een voldoend getal zeelieden. 

1 2m orei dit gcTscht en de pogingsn lot liet tctagbekomeD van ds AlUantie, ds 
Seë. Ma M. H. Mog. eoH 2, 11, SI en ZS Sspt. co 8 Git. 179G. 

15* 



V Google 



228 GEtJCUIEDËNlS VAN UKT 

Gelijk gezegd is , was door het Committé vao Marine eene 
som van vijftien millioen voor de zaken van de zee gedu- 
rende twaalf maanden gevraagd, en hadden de Bondgenooten 
bij voorraad zes millioen toegestaan, die vóór den eersten 
Julij zouden voldaan worden. Dan aan deze verbindtenis was 
door de Provinciën zeer kwalijk voldaan, zoo zelfs, dat in 
September nog geen vierde gedeelte der toegezegde gelden 
verleend was. Herhaalde en dringende klagten werden des- 
wege door het Committé in het midden gebragt, maar de 
Provinciën bleven, even als zulks zoo dikwerf vóór de Om- 
wenteling geschied was, doof voor die klagten. Dit ging zoo 
verre, dat de gezamenlijke leden van bet Committé einde- 
lijk , zich bewogen zagen , op de ernstigste wijs aan de Bond- 
genooten te verklaren,' dat, bijaldien niet ten spoedigste 
de. toegestane gelden wierden verstrekt , uiet alleen het zoo 
noodzakelijk ontwerp, om eskaders naar Oost en West te 
zenden, zou vervallen, maar dat de vloot zou moeten wor- 
den afgedankt, de werven stilstaan, de werklieden wegge- 
zonden , en zij , alsdan leden wordende van een Committé 
dat geene Marine meer bad te besturen , zich verpligt zouden 
achten, hunne betrekkingen neder te leggen. 

Dit nadrukkelijk vertoog had, althans voor het oogenblik, 
het gewenschte gevolg. Holland, dat, even als vroeger, ook 
te dezen tijde de zeemagt krachtdadig ondersteund had , ver- 
leende overwijld eene nieuwe aanzienlijke bijdrage en verbond 
zich, eene grootere dan waartoe het gehouden was, vóór 
het einde des jaars te zullen verschaffen. ' De overige Pro- 
vinciën , ' uitgenomen Zeeland , dat zich tot dusverre geheel 
onttrokken had en nu zich ook bleef onttrekken , kweten 
zich insgelijks in meerdere of mindere mate van hare ver- 

> In de vergadering Tin II. H. Mag. »n 11 8«pt. nüS.ZmMamlttlimivaitditmdaff, 
' Hallanil had vsa da 2,316,4S2 galden, welke in September vaür de msrine waren 
bpgebngt, 1,710,000 gulden betaald, hebbende wekelijka tot dit einde 00,000 gulden 
Tuor de teemagt voldaan. Thani nin het «an, onmiddelluk 500,000 gulden te lerechaflen 
en gedarende de drie Iwtata meandeo vin dit jiir een millioea 'a maandB. Zie Dtcrele» 
der Vergadtriag der Proe. SeprateiUimtfa van het Volk van MolUind, vin 17 Sept. 
nuö, uü £t,. K. H. Mpg. n Sejit. van dit jaar. 



V Google 



NEDERl.ANDSCHE Z£EW£Z£N. 239 

pUgtingen. Hiermede werden de bestaande bezwaren voor 
dit jaar uit den weg geruimd, kon het Committenten minste 
ïoor eenigen tijd, de Vloot onderhouden, nieuwe uitrustin- 
gen doen eo de eskaders naar Oost en West doen vertrek- 
ken. Doch bet kwaad was daarmede geenszins uitgeroeid; 
in het volgende jaar openbaarde het zich op nieuw , en werd 
niet weinig verei^erd door de hevige geschillen , die tusschen 
de Bondgenooten over de regeling van 's Lands bestuur 
ontstonden. ' 

Het gemis van het noodige scheepsvolk om 's Lands Vloot 
naar behooren te bemannen, gaf tot geene mindere moeije- 
Itjkheden aauleiding. 

Sedert de algemeene afdanking van het scheepsvolk na de 
Omwenteling, was er wei wederom eene gedeelte der zee- 
lieden in dienst getreden , daartoe vooral gedrongen , dewijl 
handel en zeevaart sedert den oorlog met Engeland, zoo al 
niet geheel stil stonden, dan toch zeer belemmerd werden. 
Dan het volk dat zich aanbood, was op verre na niet vol- 
doende , om de gereede schepen behoorlijk te bemannen. Men 
zocht dus daarin door hooger handgetdeQ en het aannemen 
van vreemdelingen te voorzien , en hierin slaagde men eenig- 
zins naar wensch. Doch ook hiermede werd geenszins in de 
bestaande behoefte voorzien en men was genoodzaakt, tot 
buitengewone hulpmiddelen de toevliigt te nemen. Tot be- 
reiking van het bedoelde oogmerk, trachtte men een zeker 
aantal krijgslieden uit het leger te bewegen, op voordeelige 
voorwaarden vrijwillig dienst bij 's Lands Zeemagt te nemen , 
en men noodigde alle daartoe geschikte jongelingen , die zich 
in weeshuizen of in andere liefdadige gestichten bevonden, 
uit, hunnen arm tot verdediging des Vaderlands te leenen. 
Het getal der krijgslieden dat zich aanbood, was nogtans 
zeer gering , en hier en daar , zoo als bij voorbeeld te Haar- 

I Op den 30 Jdd^ 1796 Terklordc het Commita, dat bet oTsr ie IS tonnsn gondi 
MAD krtiteudtt uhaldcn had, en Ïd Jaly znf; het lich uit geldigcbrok gcniracliukt, ds 
trcrk t* f'*'*'^^'' "P ^* ^'"^ ^ Ratterdim tydel4)k ta ilikcn. Idtcr werd, evu all in 
bet Torige J»»*'. '= ^°' w»^ Toonian. 



V Google 



230 GESCHIEDENIS VAN HET 

lem , verbonden zich eecige joDgeliedeo als matrozen op 'sLands 
Vloot ; doch de versterking die men aldus verkreeg , beduidde 
niet veel, en bovendien bekwam men veelal personen die 
zeer ongeschikt waren. Men ging dus over tot dwangmidde- 
len, en deed de krijgslieden bij loting tot den zeedienst 
overgaan ; maar zeer velen wisten zich aan de loting te ont- 
trekken , en het verloop nam uit dien hoofde , ook in het 
leger, zoodanig toe. dat men zich verpltgt zag, spoedig dat 
middel te laten varen. 

Dit gebrek aan manschappen was de oorzaak , dat onder- 
scheidene schepen, die overigens voor den dienst gereed 
waren, dit jaar moesten blijven liggen. Hetzelfde bezwaar 
bleef ook het volgende jaar bestaan , doch na bediende men 
zich van andere middelen, die beter gelukten. Van wege het 
Hooge bestuur werd eene Proclamatie uitgevaardigd , waarbij , 
onder herinnering der heldendaden, door de Nederlanders 
onder de piet hbins , de TaoMPBM en de rdïters in vroegere 
tijden , op zee bedreven , een beroep op de Vaderlandsliefde 
der ingezetenen gedaan ea een ieder die daartoe geschikt 
was aangespoord werd tot dadelijke deelneming aan den dienst 
op 's Lands Vloot , ter handhaving van de eer der Bataafsche 
Vlag en tot redding van het Vaderland. ' Ëeoe Commissie 
van negen Staatslieden werd benoemd, om de werving te 
bevorderen; een rondgaande brief aan de Gewesten tot dat 
zelfde einde geschreven; de steden afzonderlijk tot mede- 
werking uitgenoodigd , door het geheele Vaderland vereenig- 
den zich personen , om het voorgestelde doel krachtdadig te 
ondersteunen ; gelden werden tot datzelfde einde bijeen ge- 
bragt ; in één woord , alles werd gedaan wat mogelijk was , 
om de geestdrift op te wekken en de ingezetenen door uit- 
reiking van penningen en schoone beloften voor de toekomst 
tot den dienst over te halen. Niet zonder vrucht bleven deze 
wel bedachte en vereenigde pogingen. Ëene aanzienlijke 



■ Zie iae Proclamitic io hot J)agt>»ria(a d«r Nai. Vtrgadervtg, D. I, bl. H, i 
v«rg>l{tl[ Vervolg op vAasMiAB, radtrl. Bitt. Ü. XXXVI, bt. 176 sn Tolg. 



V Google 



NKDERLANDSCHE ZEIWSZEN. 231 

menigte van maDscheppen trad in den zeedienst, waardoor 
het Committé van Marine in de gelegenheid gesteld werd, 
alle gereed zijnde schepen behoorlijk te bemannen. 

Op den eersten van Lentemaand des jaars 1796 had er 
èene gebeurtenis plaats , die , op zich zelve beschouwd , van 
ondergeschikt belang kan geacht worden, maar welke, als 
in naauw verband niet den roem van 's IJand zeemagt staande , 
geenszins met stilzwijgen mag voorbijgegaan worden. Reeds 
in het vorige jaar , kort na de omwenteling , ' was van wege 
de Representanten van het volk van Holland aan Hunne 
Hoog Mogenden de voordragt gedaan, om de driekleurige , 
vlag, met horizontale roode, witte es blaauwe even breede 
strepen, vaat te stellen als Nationale vlag, met invoeging 
op het midden van het zinnebeeld van Vrijheid en Onaf* 
hankelijkheid. Deze voordragt vond toen geen bijval dan in 
zooverre , * dat alle oranje vaandels en andere onderschei- 
dingsteekenen , dragende die kleur, afgeschaft en verboden 
werden; doch de gewone Hollandsche vlag bleef in stand en 
werd bij voortduring door 'sLands schepen van oorlog ge- 
voerd. Was dit toe te schrijven aan eerbied voor die aloude 
vlag of aan de vreea, dat bare vervanging bij het zeevolk 
onlusten zon verwekken? De geschiedenis meldt zulks niet. 
Misschien achtte men het raadzamer, in de eerste dagen 
der naauwelijks volbragte revolutie de hand aan die echt 
vaderlandsche vlag, onder welke zoovele heldendaden be* 
dreven en zulke roemrijke overwinningen bevochten waren, 
nog niet te slaan, maar het voornemen daartoe werd niet 
opgegeven. Zeven maanden later, ' toen de nieuwe orde 
van zaken meer gevestigd was, bood het Committé van marine 
den Algemeenen Staten het model eener Nationale vlag voor 
'sLands schepen aan, bestaande uit drie evenwijdige roode, 
witte en blaauwe strepen of banden, met een langwerpig 



I Op dm 18 febr. 1T9S. Zie SmoWC*» %m S. H. Meg. nn disn dag. 
3 Rtt. K. B. Mag. 17 Vibr. en S MurI ITBG. Opmerkelyk ii hit, lit b^ 
pmeU bMlaitihst Toorilal vtn Holland met itilxw^gen weri TwirbggtgaaD. 
s Op den 25 Sapt. 17BS, aia üct. mM K. M. Mag. Tan dbn dag. 



V Google 



232 OESCHIEDEHIS VAN HST 

vierkant wit in de roode streep, waarop was afgebeeld de 
met eene speer gewapende Maagd der Vrijheid in zittende 
houding, en rustende op een schild, met den Romeinschen 
bijlbundel versierd , terwijl aan hare voeten gezien werd een 
grimmige leeuw, die gereed scheen de Maagd der Vrijheid 
te verdedigen. Deze vlag verwierf thans , Eosder eenige tegen- 
kanting, ' de goedkeuring en werd tol Nationale vlag ver- 
klaard, doch de tijd wanneer en de wijs waarop zij zou 
worden ingev'oerd , bleef onbepaald en zou nad^ vastgesteld 
worden. De dag van de inwijding der Nationale vergadering , 
vertegenwoordigende het volk van Nederland, werd vervol- 
gens daartoe bestemd. ►Op deo eersten van Iieotemaand werd 
dan ook de aloude vlag op 's Lands vloot nedergehaald , en 
de nieuwe. Nationale of Bataafsche vlag, eerst op het Ad- 
miraalschip, de Vrijlieid, en daarna op de overige schepen 
van oorlog, liggende ter reede van Texel, in tegenwoordig- 
heid van vier Afgevaardigden uit betCommitté van marine,* 
den Opperbevelhebber en de verdere vlagofScieren van de 
vloot, onder het gebulder van het geschut en de luide toe- 
joicbingen der voorstanders v^n het tegenwoordige bestuur, 
plegtstatig opgeheschen; wordende deze nieuwe vlag ook op 
de overige reeden eu in de zeehavens der republiek denzelf- 
den dag op dergelijke wijs feestelijk ingewijd. 

Het Committé van marine, door de Bondgenooten daar- 
toe in staat gesteld , * zette zijne werkzaamheden gedurende 



> op dmMlrden 36 SepUmber, toen bet CommiU raa marÏDf bet voorat«) deed. 

) De iKK^rtvende en rr^ verwarde BtDipraak, bfj die gel^abeid, door éin draec 
AfftaTurdigdea , t(|nde de bargerï taillant, pinhinq, bprii.e>ii.ii ea in sibbtouw, 
gïhandeD, *iadl men in de Stdert Jaarboeken A". 1790, b1. 113S en ia bet Ver- 
volg op wioEKiA* D, XXXVl, H. 1S9 volg. Uit betgeeit ia lutstgenoemd mak ge- 
ugd WDTdt, lOD men knnnea opmalcen, dat tiillant, ili «entgenoemde, die aanipraak 
heeft geboadeD; doch hét is mg nit de Notulen van bet Commit^ nn marine getlekeii , 
dtt bet SFiiLKVKLD gcwceat ia, die diarvoor den dank van het Committé ontting. Ver- 
geJgk TAH UKB AA, Geieliedenit nan dn Oorlog I). V, bl. 20. I^t in 1S04 weid 
de d«f der iaatelling van de Bataafiehe rl«g op 't landa «chepen ieder jaar feeatclyk 
hardtobt; doob van dien tyd ^werd inlka op Ust van het aUatabeirind niet meer gedaao. 

1 Om een enkel denkbeeld te geven van hetgeen in deze dagen vtMr 'a Landi marJDB 
gedaan werd, kan bet volgende dienen. Na aftrek van de Termoedelyke iokomaten ea 



vG'oogle 



NXDKRI.ANDSCHE ZEEWEZBN. 233 

)i«t jaar 1796 kraclLtig, ja nog met meerder ijver dan io 
liet afgeloopene, voort. Bene aanzienlijke scheepsmagt kwam 
nog voor het midden van dit jaar in gereedheid, die in 
staat was den dienst op zee te verrigten, bestaande uit 
vier linieschepen van 70 tol 76, twaalf vao 60 tot 68 en 
zes van 50 tot 56 stukken , benevens zeventien fregatten 
van S2 tot 46 , en veertien van 20 tot 24 stukken , te zamen 
met dertien kleinere oortogsvaarttiigen , uitmakende een 
getal vao 66 schepen van oorlog , ongerekend zeven 
wacbtachepen , bestemd om de stroomen en zeegaten te be- 
veiligen; welke schepen bemand waren met ruim zecenüen 
duize?id koppen. ' Boveudien werd aa« het herstel van vier 
zestigers en van vijf ligtere schepen dag en nacht gewerkt, 
terwijl de aanbouw van één zwaar linieschip en van één 
fregat met den meesten spoed bevorderd, en eenige groote 
koopvaarders ter verdere versterking van 'sLands vloot aan- 
gekocht en ten oorlog toegerust werden. Om kort te gaan , 
noch kosten , noch arbeid werd gespaard , om 'e Lands vloot 
tot eene zeer aanzienlijke magt op te voeren en haar, zoo 
door het aantal en de doeltreffende uitrusting der schepen , 
als door de menigte van vuurmonden en manschappen, de 
vloten van vroegere dagen te doen evenaren. 

Dan, hoe aanmerkelijk ook hare sterkte ware, was'sXauds 
vloot wederom buiten ataat, gedurende den loop van dit 
jaar iets tegen den vijand te verrigten ; wat erger was , haar 
troffen verschillende rampen, waaronder ééne, die zeer zwaar 
was, welke haar aanvankelijk verzwakte en die spoedig door 
andere en nog grootere gevolgd werd, waardoor de zeemagt 



oBrennJadeTd de acliUrilillea tva bet roiige jur, irueg hst CommiU tto mtriiK don 
99 April 17&6 un di Nitionde VcTgidcriog, lol aanbouw, bcnlil en ooderhood der 
leemagt tu 1 Hei tot SI Dee. vin genoemd jui, /1S,4S3,977. 14. O, wuraoder 
eehter begrepen waren drie mÜlioen Toor Fnnkrfik, vuioTet nadei. Bf) Secrett Se*. 
nn 11 iaHi werd toegeitun de aom van/lT.SGS.ftSG, duionder begrepen de drie. 
milliMn *oor Fnnbrijk. Hierrtn waren toot oitmstinf; en onderboad der Kbepen , trelile- 
fflantod, «oMgen, eDi./7,484,42G; kanon, bnakmid, magaiynen ƒ i.KOD.OOOi aanboow 
nn tehepm /«.OMtlOOi wenen, eni. /SIE.OOO. 
I Zie «tut 



V Google 



234 GESCHIEDENIS VAN BET 

der Bataafsche republiek even schielijk hare eerbiedwekkende 
sterkte verloor als zij die bekomen- had. 

Het Committé van marine en de Vice-Admiraal os winter 
zouden niets liever gewenscht hebben, dan dat de vloot van 
de eerste gunstige gelegenheid gebruik maakte, om zee te 
kiezeo en aan de Britten slag te leveren. Dan de nalatig- 
heid of het onvermogen der provinciën en het daaruit voort- 
spruitende geldsgebrek; maar vooral bet voortdurend gemis 
van een aanmerkelijk getal matrozen , waren de oorzaken , 
dat de vloot in de eerste helft des jaar geen zee kon kiezen , 
en toen in deze en andere behoeften zooveel mogelijk voor- 
zien was, werd het ^gat van Texel zoo naauw door eene 
vereenigde Engelscheen Russische scbeepsm^t bezet gehou- 
den, dat het uitloopen voor 'sLands vloot onmogelijk werd. 
Wilde men toch met eenig gunstig vooruitzigt iets tegen 
den vijand ondernemen, zoo behoorde de vloot in Texel, 
die door het vertrek van de twee naar Oost- en Westindië 
bestemde eskaders merkelijk verzwakt was, alvorens zich 
met de nog ia de Maas en in Zeeland aanwezige schepen 
te vereenigen. Dan hiertoe bood zich geene enkele gelegen- 
heid aan, en bet weinige dat kon gedaan worden, bestond 
hierin, dat eenige oorlogsschepen uit Zeeland zich bij die 
in de Maas voegden. De vloot was dus genoodzaakt, dit 
gebeële jaar werkeloos te blijven liggen, tot geene geringe 
teleurstelling van velen. 

Ën waren deze slechts de eenige tegenspoed geweest! 
doch verschillende schepen, ja een geheel eskader viel in 
's vijands banden. 

Op den 22 April werd 'sLands kotter de Vlugheid, van 
12 stukken, gevoerd door den luitenant j. van bsch, ter- 
wijl zij in de Noorweegsche haven Bgwog lag, door eenige 
Britsche gewapende vaartuigen onverwacht aangevallen, ver- 
.meesterd en vervolgens in eene der Bngelsche havens opge- 
bragt. Over deze wederregtelijke daad, waarbij de onzijdig- 
heid eener Deensche haven openlijk geschonden werd, beklaagde 
zich 's Lands bestuur en riep de tusschenkomst der Deen- 



V Google 



MXDBRLANDSCHB ZBBWEZBN. 235 

Bche regering in , die zich daaraan zooveel liet gelegen liggen , 
dat de Vlugheid, na verloop van ettelijk maanden vrijge- 
geven , door de Britten naar de haven van Fahrsund gevoerd 
en aan de Deensche overheden overgeleverd werd. Doch in- 
middels was bet volk verloopen en het schip zoodanig van 
alles beroofd, dat het naauwelijks meer bruikbaar waa, en 
om die reden verkocht werd, 

Eene maand later trof 'sLands zeemagt eene andere ramp. 
Het Fr^t de Jrgo, van 36 stukken, kapitein arnold 
üHRisTiAAN LEofOLD VAN DiECKiNK , de kotter de Mercurias 
van 12 stukken, luitenant witj.km gtsbbrt gaatmans, en 
de brikken de Echo van 16 en de'ft'er van 12 stukken, 
gevoerd door de luitenants h. c. keil en HinOE bok, had- 
.den sinds bet verleden jaar, wegens de menigte vijandelijke 
scbepeo, die in de Noordzee kruisten, nog geene gelden- 
heid gevoaden herwaarts weder te keeren. In het begin van 
BloeimaaDd ondernamen zij eindelijk, op uitdrukkelijk bevel 
van bet Committé van marine, daartoe door eene voordragt 
van den Vice-Admiraal de winter bewogen, de terugreis. 
Doch de hoop , het Vaderland in veiligheid te bereiken , werd 
geenszins vervuld. In den morgen van den 12 der genoemde 
maand ontdekten zij twaalf vijandelijke bodems, die met 
kracht van zeilen hen vervolgden. Daar er geen de minste 
kans was, zich tegen zulk eene overmagt met eene goede 
uitkomst te verdedigen, zetteden de vier Bataafsche schepen 
alles bij wat goed kon doen om , ware het mogelijk , zich 
door de vlugt te redden; doch dit gelukte niet. De Jrgo 
en de Mercuritia werden , tien of twaalf mijlen benoorden 
Terel, door de Britten achterhaald. Nu besloten de bevel- 
hebbers dier beide bodems, hoe ongelijk de strijd ook ware, 
zich tot het uiterste te verdedigen. Met mannelijken moed 
boden zij tegenstand, tot dat hunne schepen gansch redde- 
loos geschoten en niet langer te verdedigen waren, en zij 
zich genoodzaakt vbnden , voor 's vijands overmagt te bukken. 
De bevelhebbers der Echo en van de Gier zetteden hunne 
vlugt voort, hopende aldus het dreigende gevaar te ontko- 



V Google 



23ft * GESCHIEDENIS VAN BET 

men. Dan ook hierin slaagden zij niet. Krachtdadig door. de 
Britten vervolgd, en ziende geene andere uitkomst, verko- 
zen zij liever het leven te wagen dan zich aas den vijand 
over te geven. Zij zettedea het dus regelregt op bet strand 
van Schiermonnik-oog, waar de twee schepen eerlang eene 
prooi der golven werden, doch de officieren en het volk, 
op eenige weinige na, behouden aan wal kwamen. ' 

Zoodra de Omwenteling voltooid was, werd men er op 
bedacht , een gedeelte van 's Lands zeemagt naar de West- 
en Oostindische volkplantingen van den Staat te zenden, 
ten einde haar tegen de Britten te beschermen , of zoo eeoige 
derzelve in 's vijands baodeu mogtea gevallen zijn, die te 
hernemen ; en tevens het bestuur aldaar naar den tegenwoor- 
digen regeriagavorm van het Moederland io te rigten. Dan 
er varliepen verscheidene maanden, alvorens aan dit ont- 
werp gevolg koD gegeven worden, zoo wegens den verwar- 
den en onzekeren toestand , waarin bet Vaderland na zoo 
gewigtige gebeurtenissen verkeerde, als uit hoofde van het 
groote geldsgebrek , de oogereedheid van 's Lands schepen , 
het gemis van de noodige matrozen, en, 't geen ook bijzon- 
der van invloed was, door de hoop die men koesterde, dat 
Frankrijk, van zijne zijde, bijstand zou verleenen, bepaal- 
delijk om de Kaap de Goede Hoop, van welker vermeeste* 
ring men inmiddels bet berigt ontvangen had, te heroveren. 
Door eene en andere omstandigheid liep het tot het laatst 
des jaars 1795 aan, eer de beide voor de West- en Oost- 
indië bestemde eskaders in gereedheid waren. 

Het eerste eskader , 't welk naar de West zou vertrekken 
en waarover het gebied aan den Vice-Admiraat abria.a.n 
BBAA.K opgedragen was, bestond uit acht schepen, te weten: 
de Admiraal Piet Heyn., van 56 stukken, Vice-Admiraal 
BRAAK; de Pollux van 44, kapitein willbm otto blois van 



1 Sotiüat.van hef ConmiMi van narin» 17 Mei en Tolg. 2S «n S7 JnnQ 17M 
Dagtierltaal der ha»deliiise» va» de NaiUmale Vergadering 19 Mei 17Sfl, en 
Venolg Vod. HiH. D. XXXVI. bl. 221. Zia «fc dbimtoh, Saval Airi. of Or. 
Sril. tdL J. p. iTS. 



V Google 



NEUEELAKDSCUE ZEEWBZEN. 237 

TR^BLOHo : de Jason en de Jager van 36 , kapitein-Iuiteoant 
3>oi4CKUH OQ luitenant ei.oot; de Venm van 26; luitenant 
KB.4AT; de Snelheid van 12, luitenant goudappel; de Mug 
van 6, onder-luitenant coRN£L[ssB, en de Westindische pink , 
de Iris, van 12 stukken, iuitenant groen, benevens het 
van kaperbrieven voorziene koopvaardijscbip Zorg en Hoop. 
Het eskader, naar de Kaap de Goede Hoop en vervolgens 
naar Oostindië bestemd, was aldus zamengesteld : de Bord- 
recht en Revolutie , ' van 64 stukken , gevoerd door de kapi- 
teinen enqelbertus ldcas en jan etnbende; Jl/oar/ffsifar- 
perlzoon Tromp van 54, kapiteia-luitenant jan valkenbobo; 
de Castor vaa 44, kapiteio jacob clabis; de Brave van 42, 
kapitein-luitenant jacob zoetbhams ; de Sirene van 26 , kapi- 
tein-luitenant cHRisTiAAN DE cERP; de Sellona van 24, kapi- 
tein-luitenant GUSTAAP ADOLE DE FALcK , ecu Zweed vau 
geboorte, doch sedert een geraimen tijd in Nederlandschen 
dienst; de Havik van 18, luitenant fietrr beseheb en de 
gewapende Oostindievaarder , als proviand-schip ingerigt, de 
Vrouw Maria van 16 stukken , luitenant hekmanüs barbier. 
Over dit eskader, dat te zamen gewapend was met 340 stuk- 
ken en bemand met 1972 koppen, werd het opperbevel toe- 
vertrouwd aan den eerstgenoemden kapitein, engelbertds 
LUCAS, wien men, naar het schijnt, deze gewigtige taak bij 
voorkeur opdroeg, zoo omdat hij vele jaren in 'sLands zee- 
dienst geweest was en vroeger eenen togt naar Oostindië 
had bijgewoond,' als -en wel voornamelijk, omdat hij bekend 
stood als een der ijverigste voorstanders van de tegenwoor- 
dige orde van zaken. 

De zeildag voor de twee eskaders werd, na langdurige 
beraadslagingen , op den 21 Janoarij 1796 bepaald ; doch vóór 

I De ReeoXy^ «u ds voormiltge fritu frtivnk. Op dezelfdo wyt btd men nog 
MidarB Bcbepen herdoopt. Zoo werd aan dun WJlan de» Eerttt de attm tiq de Bruba 
gBg«Tea, als of me» lich om dea Grondlegger Tan ds repabliek ichaamde. Ue PrtM 
3ia^rU*h!B^itÜit.atdeDapptTe!iaSlatm^QtneTaal nn Wiukingtoni Frederik WH- 
Itm tbsns OeUjlcheid ; Princca Fr. Louüa lyilhelmina nn de Brame; de Wühtl- 
„niia *'^ i" ^' Furit faerdoopt. 

: Van 17S6 tot 1789 onder den Kspitein-CommaDdeur silvehtek , tie D. IV , bl. 782. 



V Google 



238 QESCHIEDlfNIS VAN HET 

den 23 Febraarij bood zich daartoe geene gunstige gele^n- 
beid aaD. Zij liepen toen gezamenlijk oit Texel in zee, en 
zetteden noordwaarts koers, dewijl de beide bevelhebbers 
gelaat waren, om, ter vermijding van de talrijke vijande- 
lijke 3cliepeQ, achter Engeland om te stevenen, en zicb, tot 
onderlinge versterking, zoolang mogelijk bijeen te houden , 
en niet van elkander te scheiden, vóór dat de eskaders, 
ter bereiking hunner bijzondere bestemming, eenen verschil- 
lenden koei-a souden moeten beginnen te sturen. ' 

Op den 6 Maart werden de eskaders door een zwaren 
storm beloopen , welke den volgenden dag nog in hevigheid 
toenam , waardoor de meeste schepen verstrooid geraakten. 
Eerst na vier dagen verkregen zij van tijd tot tijd elkander 
weder in het gezigt , uitgenomen het fregat de Castor , kapi- 
tein CLA&is, behoorende tot bet eskader naar de Oostindiën 
bestemd, 't welk van de overige afdwaalde en door lucas 
eerst ter reede van Groot Canarie teruggevonden werd. De 
vereenigtng der beide esdadera duurde nogtans zeer kort, 
daar de Westindïsche schepen na den 19 Maart niet meer 
gezien werden , waarop lucas op eigene gelegenheid den togt 
voortzette. 

De Vice- Admiraal bbaak, van zijne zijde, vorderde mede 
reis met zijne onderhoorige schepen , uitgezonderd de fregatten 
de Veniis en de Jason, gevoerd door den luitenant kraat 
en den kapitein -luitenant qerardds donckdm. Beide fregat- 
ten , die door den storm veel geleden hadden , zagen zich 
genoodzaakt , te fiergen ia Noorwegen binnen te loopen tot 
herstel der schade en vertoefden aldaar eenen geraimen tijd. 
Na lang oponthoud, ondernam de Venus de terugreis naar 
het vaderland en kwam aldaar behouden aan , maar de Jamn 
zette den togt naar Westtndië voort, waarvan de uitslag 
zeer ongelukkig was. Het volk van dat fregat , 't welk tijdens 

' Art. 3 der lailractie voor den kapt. luoab en «rt. 4 der InitracÜe vu den Viee- 
Adm. BB41I, beide bernBletide op 't Rfjkt Archief. Vergelyk bet Rapport imh j4cob 
SPOORB, uit Tiicaai va» den ffoojeH Zet-Krygiraai , omlrtnt kei gedrag mm dem 
iapt. E. LUCAS, eDi. |{edrukt ter Land* drnkkerg 1TB8, 



V Google 



HBDERLANDacUE ZBEWJfZKN. 339 

sijn verblijf in Noorwegen reeda vele blijken van misnoegen 
en weerspannigheid gegeven had , ' geraakte kort na het ver- 
laten van Bergen in vollen opstand tegen zijne officieren, atelde 
hen in verzekerde bewaring, maakte zich met geweld van 
de Jason meester, en bragt den 8 Jnnij dat fregat in de 
Schotsche haven Grenock op, waar het dool- de Britsche 
Admiraliteit voor goeden prijs verklaard en in 's Konings 
dienst gesteld werd. * 

Het verlies van den Jaaon werd den kapitein -luitenant 
DONCIC0H zeer ten kwade geduid. Na eenen geruimen tijd 
krijgsgevangen geweest te zijn, keerde hij herwaarts terug, 
wanneer zijne zaak door de Hooge Militaire Vierschaar onder- 
zocht werd, die dat verlies toeschreef aan zijne werkeloos- 
heid en ziJD verzuim in het stuiten der beginselen van het 
oproer en het niet behoorlijk straffen der schuldigen. De 
Hooge Militaire Vierschaar veroordeelde hem uit dien hoofde, 
gedareode de eerste drie jaren geen commando over een 
van 's Ijands schepen of vaartuigen te mogen voeren, en 
mitsdien gedurende dien tijd niet anders dan ondergeschikt 
aan de bevelen van eenea hoogeren officier op een van 
's Lands bodems te kuooen worden gebruikt. ' 

De Vice-Admiraat braak kwam met de overige schepen 
van zijn eskader in de eerste helft van Bloeimaand, zonder 
eenige ontmoeting, behouden in Suriname aan. Zijne komst 
was ter goeder ure, daar in deze gewigtige volkplanting 

■ £r TsrUsp Mn groot uotil nuttDnD; een KhiemaDUnMt tDeed de H»»gd uit da 
Bttufscbe flig, en om meerdere «(uorde te TOOikomen , ug mea licb geooodMtkl, 
bat fregmt onder het geiehnt tui hel kuteel te brengen. 

: Nbtule» va» int Committi van marine Jnuy en Jaiy 1709 en xvn. fblbak 
BREKTOH, the Nacal Htttorg of &rtal-3rifain, ITSS^lBSfl; Vol. I. p. 197. Deie 
Sngeliche ichryter legt Terkceidelyk , dat het gebeurde met den Joio» in JnnQ l?Bt 
loa plmsti gehad hebben, t^nds bet jaiit een jaar later getcMcd. 

■ Tot NoTembei 1799 bleef dohceuh krygegereogtD en eent ïd Febt. ISM werd 
(jjn vonnii geweun. SeuitiMtbotJetn ISOS — 180S, beroitende ia het Arehief tu het 
Ho^ Hilitair Oeregtabef te Ulreobt. De getnigeniiHn der otBeierea waren leer he- 
iwtrelid voor doncium. Onder anderen, beaohuldigden i^ hem , iDeermtleii lelf be- 
lebonken te sQn geireeit en toegelaten te hebbeo dat de e<|nip>gie lich un verre- 
gMnde drankeoBchap en illerlei loahandigheid overgaf. 



V Google 



240 OESCHIKDENIS VAN HET 

slechts twee fregatteD van 36 en eene brik van 16 stukken ' 
aanwezig waren , zijnde onvoldoende , om de kolonie behoor- 
lijk te beschermen, wanneer de Ëngelschen met eeue raagt 
van eenig aaubelang kwamen opdagen. Thans, na het eska- 
der van den Vice-Admiraal braak tegenwoordig was, liet 
bet zich aanzien, dat er, ten minste voorloopig, niets te 
vreezen was. 

Terstond na zijne komst te Suriname, vorderde de Vice- 
Admiraal den eed aan de nieuwe Lands regering zoo van 
de overheden en krijgslieden, als van de zeeofBcieren en matro- 
zen , 't geen zonder onrust «afliep. Een bevel tot datzelfde 
einde werd door hem naar Cura^ao gezonden, waar het 
meerder moeite kostte. Er lagen atdaa^ twee oorlogsschepen 
van den St&at, de Medea van 40 en de Cerea van 36 stuk- 
ken , gevoerd door den kapitein wiEaTd en eikkekt. Som- 
mige officieren weigerden den gevorderden eed af te leggen 
en namen hun ontslag, en er openbaarde zich onder de 
manschappen een geest van weerspannigheid en oproer. Doch 
de kapitein wierts, een verdienstelijk officier, wien wij 
vroeger het bevel over een eskader in Oostindië na het over- 
lijden van den kapitein -commandeur silvestkr zagen voeren, 
wist door beleid en standvastigheid de ru^t te herstellen en 
werkte daardoor mede tot behoud der beide schepen en van 
de volkplanting. * Anders was het te Demerary gesteld. Deze 
Kolonie werd door de Britten in naam des Stadhouders op- 
geeischt en zonder slag of stoot overgegeven, bij welke ge- 
legenheid in hunne handen 'viel de brik de Thetis van 24 
stukken, welk zwak oorlogsvaartuig buiten staat was, zich 
tegen 's vijands overmagt te verdedigen. 

Het eskader , onder den Kapitein enqelbertüs i^qcas , 
naar de Oostindiën en allereerst naar de Kaap de Goede 



i Da Saugêtmdhtid en Aa Erfyriiu vam Brmuaijk, tu S9 itDkkeii, kapitcü 
TAK ovERTELT vü p. HtBTacNCK, bsncTBQa ie brik de Etmpluia» tui 16 itiikkeii, 
kapiUin SMKER. 

* Zie i^nt brief ait Cara;"o ïsa Sept. 1796 ain het CommitU (■n Marine, in de 
Ifed. Jaarh. 1Ï96, U. 2828. 



V Google 



nSdërt.a»dsghe zbewezëü. 241 

Hoop bestemd, bereikte den 13 April het eiland Groot Ca- 
Darie , waar het 'm de baai la haz het anker liet vallen en het 
fregat de Castor, kapitein claris aantrof. Gedurende dezen 
togt had er niets van aanbelang plaats , dan alleen , dat twee 
vijandelijke koopvaarders genomen werden; doch er gebeurde 
iets den dag vóór men te Groot Canarie kwam, 't geen in 
de gevolgen voor het eskader van het grootste gewigt was. 
Er vertoonde zich, namelijk, dien dag achter het eskader 
een schip , dat door de meeste officieiea en ook naar het schijnt 
door LccAS zelven , ' voor een Engelsch oorlogsfregat gehoaden 
werd, 't welk tot op dea afstand van eene mijl het eskader 
naderde, vervolgens, nadat het eskader de Bataafsche vlag 
geheschen en ldcas haar met een schot verzekerd had, reefde, 
bij den wind opstak en uit het gezigt raakte. Ofschoon het 
de pligt van den Opperbevelhebber geweest ware, dat vreemde 
schip te doen jagen en zoo mogelijk te overmeesteren , waartoe 
de gelegenheid , naar het oordeel van onderscheidene officie- 
ren , * gunstig was , deed lücas znlks echter niet en liet het rus- 
tig zijnen weg vervolgen. Welk een nadeel hierdoor aan het 
eskader toegebragt werd en hoe gemakkelijk men dit schip 
had kunnen veroveren, bleek later. Aan de Kaap gekomen, 
vernam men toch, dat dit 'schip werkelijk een Engelsch fre- 
gat geweest was, genaamd la Moseüe van 28 stukken, 't 
welk wegens zijne slechte bezeildheid berucht was, en ligtelijk 
door twee der naastbij zijnde schepen, wier meerdere snel- 
heid bekend was, had kunaen ingehaald worden. Doch dit 



1 Zie fatt Bapport sa» bpoou, bL 13 «n 13. De kipitnn-Iiutei 
de laitenant tan dik sutde getaigden UCcr in hDune Vcrbooran, dit Lucis bun zon 
toe^roepsn hebben; "Ii liet een Kngclnchc hond, Uit bem nur ds 'a.... gntii, es 
ia 't een FrasachiDsn, »l hy wel bg om komen. "In ifjn Journaal, tetïende Lvcas 
■ea, d«t hy bet freg*t, ofichooa eene FranscliB «lig voerende, voor een Eogelacb achlp 
likM; docb na igne letugkomit bier te luide, beweerde hy in zyn GeiteTaat Bappori, 
dat er alle redeneD beituui baddeD, om bet toot een Fnoach eebip te bonden, b«- 
boorande tot een eikadet rao die nitie, op irelliB bulp hem T^r bet terUlen ven Texel 
de boop gegeven «u. 

t LiTOA* ontkent dit ecbtar in ijjn Joamaal, leggende, det er geene mogelgUieid 
wu om er bQ te komen. Meltille en endere kapitainen verzekerden, daarentegen, in 
bonne VerhoaTeD.ditergrooteicina wu geweest, om bet acbip in te halen on op te brengen. 

V. 16 



„Google 



242 OESCHIEDÜNIS VAN HET 

was bet niet alleen; de kapiteia bkisbane, bevelhebber vsd' 
dat fregat, alhoewel oiiar de Westindië bestemd, werwaarts 
hij uit Gibraltar gezonden waa, achtte de ontmoetiog van 
het Bataafsche eskader, dat hij ongemoeid had kunnen ver- 
kennen, van zoo veel aanbelang, dat hij op eigen gezag 
den steven naar de Kaap de Goede hoop wendde , waar hij, 
niettegenstaande de slechte bezeildheid van zijn schip , eenige 
weken aankwam vóór dat het eskader den zuidelijken uit- 
hoek van Afrika bereikte. Het gevolg hiervan was, dat de 
bevelhebber der Britsche legermagt, in tijds van de aan- 
staande komst van bet eskader verwittigd, de noodige maat- 
regelen van verdediging kon nemen en ook nam ; den inge- 
zetenen van de Kaap bekend maakte met de zwakheid van bet 
eskader en hen nadrukkelijk waarschuwde tegen het verteenen 
van bijstand aan de Nederlandsche scbepea , en dat , naar het 
schijnt, ' de Ëngelsche vloot, die op het punt stond geheel of 
gedeeltelijk naar Mauritius te vertrekken , aan de Kaap bijeen 
gehouden werd; omstandigheden, waardoor niet alleen de 
mislukking van het groote oogmerk der zendiug van het 
eskader, maar ook de zware ramp die bet later trof, groo- 
tendeels werd voorbereid en bewerkstelligd. ' 

Gedurende vier en dertig dagen vertoefde het eskader in 
de baai la Luz. Dit langdurig oponthoud werd gedeeltelijk 
veroorzaakt door de vertraging der herstellingen, die de 
schepen noodig badden , welke echter binnen twee weken 
badden kunnen voltooid zijn , gedeeltelijk ten gevolge van 
den langzamen aanvoer van het water door de bewoners 
van het eiland. Men- schijnt ldcas niet vrij te kunnen spre- 
ken van in dezen flaauw en zorgeloos te werk te zijn gegaan , 
daar de door bem ontvangene bevelen bepaaldelijk inhiel- 
den, dat hij den meest mogelijken spoed behoorde te maken 



< Omtrent dit pant t(|D ie 'baigtea miader bopuld itn omtrent de Mie Torige. 
Zeker Khynt bet btnuchen, dit de Engslaohe Admiraal, op «elke wiji dan ook, <mder- 
rigt werd *«n de uiulauide komit en de tterkte Tan bet eakader. 

' Ldoab zelf <ru naderhand, in ïJjn bier te lande raniBrdigd Qetieraal SappoHj 
ganoodiaakt , deiB noodlotlige gevolgen der ontmoeting van dit begit te « 



V Google 



NXDERLAND8CHB ZEEWEZEN. 



CSU de aard der zaak zulks ook voUtrekt vorderde, omdat dit 
aet eenige middel wb3 om de Kaap, wier inneming hem 
Tceds voor zijn vertrek uit Texel bekend was, te kunnen 
hernemen door den bijstand der ingezetenen vóór de komst 
van een transport Ëngelsch krijgsvolk, van welks aantogt 
hij op Groot Canarie uit een goede bron onderrigt werd. ' 
Terwijl bet eskader ter reede van la Laz lag, badden er 
twee merkwaardige voorvallen plaats. In den achtermiddag 
vaa den 4 Mei ondekte men boven wiods van de baai vijf 
drie-mastscbepen , waarvan den volgenden morgen nog vier 
g^ezien werden , zeilende op eenen afstand van een of twee 
mijlen der baai. Ldcas deed wel sein om zich tot het ge- 
vecht gereed , doch niet om op deze schepen jagt te maken. Of- 
scliooD de uitslag wegens de windgesteldheid onzeker was,* 
zou het echter raadzaam geweest zijn, dat men beproefd 
hadde, deze schepen te achterhalen, om zich te verzekeren 
of het al dan niet vijandelijke waren. ' Doch locas hield 
ze voor Spaanscfae schepen,* zoodat hij zulks onnoodig 
rekende, althans geen bevel gaf, anker te ligten. Nogtans 
zou de verovering dezei schepen van het uiterste belang ge- 
wreest zijn, omdat vermoedelijk zich daar onder het Brit- 
ache oorlogsschip de Jv^er van 54 stukken bevond en de 
overige tot een Ëngelsch transport behoorden, inhebbende 
4OÜ0 man krijgsvolk , bestemd naar de Kaap de Goede Hoop. 
Het tweede voorval was het volgende: Den 15 van Bloei- 



< Dooi dui IfDord-AmcrikuuMheD Coniul te M*ddr*. 

I In het Stippori nut spoou wordt de galegcniieid om deie lehepeD te uAtarha- 
len nog ■! zeer gDiatig Toorgeiteld. Uit ds oonproakeliJke Verho«ren der «DDiersD 
van het ealoder, dis gelukkig' bg den brand van het Hotel der Mirine gnwtendeeli 
behoodea if[n gebtcTin en aidur nog beToaten , {■ my echter gebleken , det j«, Hm- 
inige oSciereD duioTBr ganitig dechten , doch loderen den goeden qïtgleg betwljtelden. 
* Vooral omdat lucas door dan Noord-Amerikaaniehen Contol te Madeira eenige 
dagen te Toreu tchynt verwittigd te ign gawceat van het idlen tan een Truiport nut 
tloepea uit Ingeland ao Tan detielfs beatemming. Hiertoe, loo ala mjj nit de oonpron- 
fceljke atnkkan ia gebleken , heeft betrekking de linacede in bet Maj^orl van apoou , 
bl. 23, die aldaar om ataatknndige redenen gedeeltelijk door pnuten alleen ia aan geweien. 
* Dit Mg^ hu loowel in lyn Jommaal alt in ifjo Chntraal Mapport. Ubltilm 
Terklaarde bQ iQn rerhoor, dat hjj ie ook Toor Spianecbe «ehepen gebonden bad. 



1, Google 



244 GESCHIBDBHIS VAN UBT 

maand zeilde een linieschip met Spaansche vlag en standaard , 
op dcD afstand van eene of anderhalve mijl de baai van la Luz 
voorbij. Al de schepen van het eskader lagen zeilvaardig eu 
er zou, naar het oordeel der meeste officieren, veel kans 
geweest zijn, om dat linieschip, 'tjwelk de baai tot eene 
halve mijt naderde, te achterhalen en, bijaldien het een 
vijandelijk schip was, te vermeesteren, zoo lcc&b slechts 
bevel gegeven had de ankers te kappen of te laten sUppen ; 
doch hij bleef het er voor houden, dat het een Spaansch 
schip was , niettegenstaande zijn Vlag-kapitein jaues jobm hkt.- 
VILT. hem tekennengaf, dat, naar zijn Inzien, het vermeende 
Spaansche schip een Ëngelschman was. ' Er werd dus almede 
geene poging aangewend , om zich te verzekeren , of dit schip 
al dan niet een vijandelijke bodem ware. Later bleek het, 
dat het vermeende Spaansche linieschip werkelijk een Britsche 
zeventiger geweest was, tie Tremendom genaamd, gevoerd 
door den Commodore pbinoie, die het Bataafsche eskader 
in de Saldanha-baai hielp vermeesteren, en dat het, even 
als het vroegere oorlogsschip, eenige transportvaartuigen met 
krijgsvolk naar de Kaap de Goede Hoop geleidde , waardoor 
de landmagt aldaar merkelijk versterkt werd. ' 

Nadat al de schepen, eindelijk, behoorlijk hersteld en van 
water voorzien waren, vertrok het eskader den 17 Mei van 
Groot Canarie en stelde koers naar het eiland St. Jago. Den 
21 binnen den noorder Keerkring gekomen , hijschte de 
kapitein lucas, volgeus de hem verleende vergunning, de 
Schouts-bij -nacht vlag, die door al de schepen van het eskader 
met eereschoten begroet werd. Den volgenden dag riep hij 



1 Da Inpitein-liutciiant talkinbttrq getuigde in tljn Tsrboor, dat bq het ook voor 
een Engelach uhip gelionden bid, loo vegeDi den boow, als omdat het goed venchanat 
WBB en het al de poorten lan ijjnf onderste battery opeo bad. Daareotegen VErklaar- 
den da Inpitein btnbenue cd CLakis, benevens den lailenant desbmei, dat iQ het 
voor een Spaanich scbip hadden gebonden. 

! Van dit tebip ipreekt LVCas, in zjjn Omtraal Rapport, Tolstrekt niet, maar 
wel in i^n Journaal' ««ar by legt, dat het, naai gedacbten, een Spanjaard waa. 
"Liet tea nioita die ylag en alandaard «aafjen, looder dat bj) hem venekerde, hoe- 
leer wy znlka de nienwe Nationaie iJag hadden gedaan." 



V Google 



NBQEBLANDSCHE ZEEWEZEN. 245 

den Krijgsraad te zamen , waarin , op zijn voorstel , door de 
groote meerderheid besloten werd , het genoemde eiland St. 
Jago aan te doen, ter reede vbd Porto-Prayo in te loopen, 
en de vijandelijke schepen, die ^en aldaar mogt vinden, 
aaa te tasten en ware bet mogelijk, te nemen of te vernie- 
len. Dan dit bedenketijk besluit, waarniede, bijaldien het 
ware uitgevoerd , de haven eener onzijdige Mogenheid open- 
lijk zon geschonden zijn en het Vaderland aan eene vrede- 
breuk met Portugal blootgesteld , had geen gevolg , daar het 
eskader, in slagorde de reede van Porto-Prayo naderende, 
bevond, dat er geene vijaDdelijke schepen op dat oogenblik 
aanwezig waren. 

Het eskader vertoefde drie dageji in die haven , waar lücab 
vernam , dat voor vijf weken van daar, naar de Kaap de 
Goede Hoop een Engelsch linieschip, vier fregatten en vijf 
transportvaartuigen met 4000 men krijgsvolk, vertrokken 
waren. Den 39 Mei ligtte het eskader, na nog eenig water 
te hebben ingenomen , het anker en stelde koers naar de 
Linie, welke het door stilte en tegenwind niet eerder dan 
22 Junij bereikte. Vijf dagen later kwam het op de hoogte 
der kust van Brazilië. Er bood zich thans en in volgende 
dagen eene gunstige gelegenheid aan om 's Lande schepen 
te Rio- Janeiro of elders te voorzien van water , 't welk aan- 
merkelijk verminderd was, en van andere ververschingen , 
die tot verkwikking van het scheepsvolk, waaronder vele 
zieken waren, hadden kunnen verstrekken. Bij de zekerheid, 
dat de Kaap in 'svijands banden was; bij het ongewisse, 
of de gelegenheid zich zou opdoen , op eenig ander punt van 
Afrika water en andere behoeften te bekomen , en bij de 
mogelijkheid , dat men * genoodzaakt zou zijn , volgens den 
inhoud der voorschriften van den Schout-bij-nacht, de reis 
regtstreeks naar Mauritius voort te zetten, ware het raad- 
zaam, ja pligtmatig geweest, van deze gunstige gelegenheid 
gebruik te maken ; eene gelegenheid , die zich niet ten tweede- 
male zou aanbieden. Doch ldcas , die zich van den beginne 
af voorgestdd had, in de nabij de Kaap aan de westelijke 



V Google 



346 GESCBIBDENIB VAN HET 

kust van Afrika liggende Saldanha-baai ia te loopen en deze, 
reeds voor zijn vertrek uit Texel, ais een der vereenigings- 
punten, bij verstrooijing van het eskader, aan zijne scheeps- 
bevelhebbers had opgegeven, niettegenstaande die baai in 
's vijanda magt was , schijnt in verband met zijn ontwerp 
om de Saldanha binnen te loopen, het aandoen van eene 
der plaatsen op de Braziliaan sche kusten onooodig geacht 
te hebben. Wat meer is , hij wees de bedenkingen , dien- 
aangaande door den kapitein rtnbbndb , den oudsten in rang 
op hem volgenden oMcier, in het midden gebragt, met min- 
achting af. ' Het eskader zette dus de reis voort , gedurende 
welke tot den 26 Juli) niets merkwaardigs voorviel. Abtoen 
seinde de Schout-bij -nacht de scheepsbevelbebbers aan zijn 
boord , aan wie hij , in krijgsraad vergaderd , opening gaf 
van twee artikelen ' der aan hem door de Staten-Generaal 
gegevene bevelen. Hierbij onderwierp hij hun geenszins de 
vraag , of het eskader in de Saldanha-baai zou binnen loopen , 
want dit stond bij hem vast, en bovendien schoot er, nadat 
het aandoen van de Braziliaansche kust verwaarloosd was gewor- 
den , bij het heerscbende gebrek aan water op de meeste sche- 
pen, naauwelijks iets anders over; maar hij stelde hun voor , of 
men , gehjk de genoemde artikelen zijner instructie inhiel- 
den, een der beat bezeilde fregatten naar de Tafelbaai, en 
de Hami naar de Saldanha-baai zoude zenden, om kond- 
schap van den toestand der zaken aan de Kaap te bekomen. 
Het bevel daartoe was aan i^ucas gegeven op eenen tijd, 
dat men hier te lande nog geene zekere kennis dro^ van 
de vermeestering der Kaap, en in de vooronderstelUng van 
de mogelijkheid, dat zij nog behouden was. Daar de kapi- 
teinen van het eskader intusschen nu zeker wisten, en 
het reeds voor faun vertrek uit deze landen algemeen be- 
kend was, dat de Britten beziË van de Kaap genomen 
hadden, beschouwden zij het hun medegedeelde bevel als 

1 Zie Mapporf «on bpoom bl. 4Z en U , Tergsleken mat het oonpraokalfjk Terhooi 
Tin dm kspitein kinbkndi. 
i Het 8e en B< iftikd. 



V Google 



NIOERLANDSCHE ZEBWEZEN. 347 

vervallen , ten mioBte ' de uitvoering er van onnoodig , ja 
zelfs onraadzaam , uit hoofde van den kwaden MoussoQ ; ' 
waarom zij de door den Schout-bij -nacht voorgestelde vraag 
ontkeoDend beantwoorddeD , en er eenparig besloten werd, 
de Saldanha-baai , zonder schepen vooruit te zenden om, 
gelijk een officier zich uitdrukte, den vijand niet wakker te 
maken , binnen te zeilen , zoodra men deze zou bereikt heb- 
ben. Tot dit besluit gingen zij ook vooral over , ten gevolge 
der bepaalde en herhaalde verklaring van lccas: "dat hij 
in de Saldanha-baai wilde en moest volgens zijne inatructien 
om de Kaap te hernemen,"* en zij daaruit en -uit andere 
ometandigheden in den waan verkeerden, dat het aandoen 
der Saldanha-baai niet kon of mogt nagelaten worden. ' Had 
LDCAs het door de regering bem gegeven bevelschrift geheel 
aan den krijgsraad medegedeeld, of althans zoo verre dit 
het aandoen en hernemen van de Kaap betrof, vermoedelijk 
zoa de krijgsraad het al dan niet raadzame , het al dan niet 
bestaan d«r noodzakelijkheid van het binnenloopen der 8b1- 
danha kebben in overweging genomen , aangezien in dat be- 
bevelachrift met zoo vele woorden te lezen stond: "dat de 
8chout-hij-ftacht nergens aan de Kaap zou binnenloopen of 
laten bdjutenioopen , alvorens de seinen van verkenning be- 
hoorlijk gedaan mtren en hij wist, hoe Mj met 'ë Landa 
eskader stond ontvangen te worden;"* en omdat hem daarbij 

1 By bet opitellen der Initractic li»d meninhDopt, Ati het Mlider in den goeden 
MonMOD de Kup idd bereiken , doch dit ku doot bet lang oponthoud in Teisl oi d« 
tugdnrige rei> geentnu het geial. 

' Sie hetgeen d« lupitein olaics duromtrcnt getnigda in hot Sojpport va» apoou, 
bL 46. ïï Aaracmot, het beate bewfji, dat hfj niet ttryrelde un de TeroTering Tkn 
de EMp dooi ds Britten. Reed), toen het eikader nog in Teiel lig, TMtrdigde locab 
«a befd MO de cotninuidereDde Dffloierai uit: "Dnt i^ lich bier te Unde «u hat 
soodigs lODden foonden Toor den t||d nn een jui , en het niet wnden laten aanko- 
men op looioitügt, *Bn lieh lan de Kaap te lictailleren, Teimita meotflding had be- 
komen, dat de Soap i» eijandelijJre iandt» mat gmaHtn." Zie srooM bl. 44, Ter- 
geleken met hrt Mg in bet Archief der Marine beroitende Copitioei dar Ordert t» 
Jwfmetio)* Tan buCAt. 

• Zie de Sententie Tin den Hoogen Zee-Krfjgaiaad in lake der Sebeepi-CatnmaiidaQ- 
ten Tan het eekider, in bet Sappori tu apoou, bl. 147. 

* Art. 7 iQner Inatractie. 



V Google 



S48 GESCHIEDENIS VAN UET 

was voorgeschreven, dat zoo de Kaap, bij zijne komst al- 
daar, onverhoopt in 's vijands handen mogt zijn gevallen , 
en het hernemen van de Kaap onmogelijk werd bevonden , 
hetzij wegens de onvoldoende magt van het eskader, hetzij 
uit gebrek aan troepen , geplatboonide vaartuigen om te 
tanden of anderzins, hij in dat geval regelregt naar Isle de 
France of Mauritius zou verzeileo. ' Die seioen van verken- 
ning waren niet te verwachten , daar de Kaap werkelijk door 
de Britten vermeesterd was, en het eskader mogt dus ner- 
gens aan de Kaap binnenloopen. Het eskader had noch 
troepen aan boord, noch bezat platboomde vaartuigen om 
te landen, en moest uit hoofde van de aanzienlijke krijgs- 
magt die, gelijk men uit verschillende berigten wist, door 
den vijand naar de Kaap gevoerd was , te zwak geacht worden , 
om die volkplanting te kunnen hernemen. Vermoedelijk zou 
de krijgsraad dus, wanneer hij met deae bepalingen bekend 
ware gemaakt, geoordeeld hebben, dat er geene aanleiding 
uit het bevelschrift, door de regering aan lucas gegeven, 
bestond, om in de Saldanha binnen te loopen, hetwelk hem 
alleen was toegestaan , "wanneer er eenige de minste on- 
zekerheid omtrent het al of niet vermeesteren van de Ka£p 
door de Ëngelschen mogt overblijven;" welke onzekerheid 
niet bestond, "en indien men zich aldaar veilig achtte."* 
De krijgsraad zou derhalve, bijaldien hij kennis had gedra- 
gen van de bevelen omtrent het verzeilen naar Mauritius , waar- 
schijnlijk van gevoelen geweest zijn, dat men noch de Kaap, 
noch de Saldanha-baai behoorde aan te doen, maar dat het 
eskader zich regtstreeks naar genoemd eiland moest begeven , 
ten zij het gebrek aan water en de menigvuldige zieken 
zulks, in de gegevene omstandigheden, onmogelijk maakten. 
Maar die vraag, de eenige welke het binnenloopen in de 
Saldanha-baai bad kunnen billijken, werd door lucas aan 
den krijgsraad niet onderworpen en de inhoud zijner voor- 



I Art. IS lifDeT Iiutraetic. 

' Art. 9, ÏD Tnbtnd met de orcrige utikelen. 



ijGoogle 



KEUEaLANDSCHE ZSBWEZEN. 249 

schriften deswege aan den raad niet medegedeeld. Volhar- 
dende in ziJD van den iaeginne af opgevat voornemen , om 
de Saldanha-baai binnen te loopen; geen acht genoeg slaande 
op den verderen inbond zijner instructie, en te zeer hech- 
tende aan het daarin vervatte voorschrift, ' "niets onbe- 
proefd te laten, om in zijn oogmerk het weder bemagtigen 
van deze gewigtige bezitting voor den Staat, te slagen," 
schijnt LUCAS, met voorbijzien van den gewonen last welke 
aan de opperbevelhebbers van oudsher gegeven vrerd en dieo 
ook hij ontvangen had, om in alles soldaat- en zeeman- 
schap te gebruiken,' gemeend te hebben, alles te moeten 
wagen om dat oogmerk te bereiken , en uit dien hoofde aan 
den krijgsraad niet te hebben voorgesteld, of men al dan 
niet in de Satdanha-baai zou hianenloopeD , maar atleeo , of 
men zulks zou doen, na alvorens door tigtere vaartuigen 
kondschap van den toestand van zaken te hebben bekomen. 
Br werd dus besloten, die baai, ofschoon behoorende tot 
een land , dat in 's vjjands magt was , en die mogelijk zelve 
door de Britten bezet was, zonder eenige der ligtere sche- 
pen vooruit te zenden, binnen te loopen; een besluit, dat, 
hoe men het ook beschouwe, hoogstbedenkelijk was, ja aan 
roekeloosheid grensde, en de noodlottigste gevolgen voor het 
eskader na zich sleepte. 

Het eskader zette, ten gevolge van dit besluit, regelregt 
koers naar de Saldanba-baai , waar het, na eene reis van 
ruim vijf maanden, in den middag van 6 Augustus, niet 
verre van het Schapen- en Meeuweneiland het anker liet 
vallen. Drie dagen voor de komst van het eskader in de 
Saldaaha-baai , liet lucas eene gunstige gelegenheid, om 
berigten aangaande de gesteldheid des vijands aan de Kaap 
de Goede Hoop in te winnen, voorbijgaan. Er vertoonde 
zich, namelijk, een groot driemastschip ten zuidoosten van 
het eskader , 't welk volgens hetgeen later vernomen werd , 



< Art. 11. 
3 Art. S4 E 



V Google 



250 GSSCHIBOBNIS VAN UST 

hoogfitfraarschijnlijk een Ëngelsche koopvaarder was , die kort 
te voren uit de Tafelbaai gezeild was. Indien men zich op 
de getuigenis van onderscheidene officieren mag verlaten, 
had men gemakkelijk dien koopvaarder kunnen achterhalen, 
en alzoo berigten omtrent dep toestand der Britten aan de 
Kaap kunnen bekomen. Maar lvcas schijnt het hooge be- 
lang daarvan niet te hebben ingezien; hij wendde althans 
geene pogingen aan om dien koopvaarder te praaijen, en 
zoo het een vijandelijk schip was, te veroveren, door een 
of meerdere der meest nabij zijnde schepen op dat vaartuig 
jagt te doen maken. * Niet geheel te onregt wordt dit ver- 
zuim als eeoe der bijoorzaken beschouwd van het ongeluk, 
dat het Bataafsche eskader weinig tijde later trof;* want, 
had men door dat schip berigten bekomen omtrent de wezen- 
lijke sterkte der zee- en landmagt van de Britten, dau was 
LUCAS toen reeds overtuigd moeten worden van de onmoge- 
lijkheid der hememiog van de volkplanting, die zijne voor- 
name drijfveer was, waarom hij zich naar de Saldanha-baai 
begaf, en dan had hij nog ,met den krijgsraad kannen over- 
leggen, of er, door betere verdeeling van het water, waar- 
aan de meeste behoefte bestond , nog de gelegenheid zich niet 
aanbood, regelregt naar Mauritius te zeilen. En bijaldien het 
gebrek aan water zoo groot was, dat het onmogelijk moest 
geacht worden , dat eiland te bereiken , dan zou ldcas wet- 
ligt het raadzame, ja het noodzakelijke hebben ingezien ^ 
zoo kort mogelijk zich in de vijandelijke baai op te houden, 
waardoor de ramp, die het eskader trof, had kunnen wor- 
den voorkomen ; hij althans beter dan hij deed , op zijne 



< Zts OT«r dit gebcorda, het Mapp&ft van spoors, bl. 47 «n *oIg. en 107 ta 108. 
Ldcai ugt ia bet Otnara^-ra^ort , betwelk bg db lijin terngkomat liier te Unde 
opiDMkte, dat 'dit lohip op mik aen' kfitind wu, dat ty met een der beite TeirAQ- 
ken niet kon lien, of bet een twee- of driemutacliip «u. Ia igo Scbwpqouniul, 
gebonden op de reia lelte, wordt allecD dianan gelegd: "ngen een lobip beioiden 
Tan ona." De kapitdoen van bet eikadei, daareDtegen, verklaarden in faonns VBrhoo- 
•Bsa , dat dit aehip ileobta op 31 1 8 ufjlen fan het eekader verwijderd waa en er kua 
loa geweeat ifjn het ta achtarhalen en t« nemsn. 

> Bapport eoa «FOOkB, bli. 108. 



„Googk" 



NEDBRLANDSCBE ZEEWIZEK. 251 

hoede gebleven zijo, om niet onverwacht te worden over- 
vallen. 

Terstond na de komst van bet eskader zond de Schout- 
bij-nacht de kapiteina-iuitenant de cerf, zoETEHANSen val- 
kenburg naar wal, om op verschillende punten der baai, 
zoo mogelijk, kondschap te bekomen, die eenen slaaf en 
eenen boerenknecht medebragten. Achtervolgens werden nog 
andere personen, het zij vrijwillig, het zij met geweld, 
naar boord gevoerd, en men was buitendien nog in de ge- 
legenheid, eenige berigten aan land in te winnen. De meeste 
dier berigten waren , men moet het erkennen , van eenen 
oDzekeren aard, zoodat daaraan geen onvoorwaïtrdelijk ge- 
loof kan geslagen worden. Bijkans alle kwamen nogtans 
daarin overeen, dat de landmagt der Britten aan de Kaap 
eenige duizenden ' bedroeg en dus zeer aanzienlijk was; dat 
de inwoners der Kaap in hunne gezindheid zeer verdeeld 
' waren, en dat deze bovendien door de sterkte des vijands 
buiten staat waren, ieta ten voordeele van het Bataafsche 
eskader te ondernemen. De tijdingen aangaande de sterkte 
der Britsche zeemagt waren nog meer uiteenloopende, althans 
in de eerste dagen. Sommige maakten melding van zes, 
andere van twee en twintig Engelsche oorlogsschepen , die 
in baai JPals lagen. Op den 9 Augustus, dus drie dagen na 
de komst van het eskader in de Satdanba-baai, ontving men 
berigten , die vollediger waren. Alatóen werd aan boord van 
liDCAS gebragt de knecht van eenen Kaapschen ingezeten, 
die verklaarde door zijnen heer gezonden te zijn, om den 
Schout-bij nacht met den waren stand der zaken bekend te 
maken en hem tot een spoedig vertrek aan te sporen. Deze 

■ Da berigten ditnuogutidB wtren icer aitecDloopsiide, SomniigB apraken tid 4000 
mao, mitn ea de meeate nn C tot 8,000, enkels iin tO.OOO; doch i1 atalde men de 
magt aleehta op 4 ot 0000, du nu bet eekader toch buiten itut, ieta fui ds lind- 
tgde te ondernamm , dur bet geen ki^gimlk um boord had en bot gebeele getal «eei- 
htre Buman van bet eikader tbani saannetqk* ISOO man bedroeg, terwfjl ifj, die aan 
val loiden ksnnes geiet worden, niet veel meer dan 700 man waren, ontbitksnde 
daatenboren nog iele onmiabtn behoeften om tegen de Kaapitad beboorl^k te kunnen 
DptnUen. 



V Google 



352 GESCHIEDENIS VAN HET 

knecht berigtte , nameDs zijnea meester , ' vooreerst , dat de 
landmagt des vijands zeer aanzienlijk was, en vervolgens, 
dat zoo ras aan de Kaap de tijding was ontvangen van de 
komst v»n het Bataafsche eskader, er een kotter uit baai 
Fats den Engelschen Admiraal elphinstone die uitgezeiid 
was, achterna gezonden was, om hem met zijne vloot op 
te zoeken;' voegende, wederom uit naam van zijnen heer, 
er bij, dat deze van oordeel was, dat het, daar het eska- 
der tegen de overmagt der Engelschen niet bestand was, 
het veiligst zou zijn, zoo spoedig doenlijk te vertrekken, ter 
bevordeni^ waarvan hij , eene plaats buiten de baai aanwees , 
waar b^^étfnig v^ zon kunnen bezorgen, bijaldien ldcas 
daaraan behoefte mogt hebben. Men zoo moeten vooronder- 
stellen, dat dit berigt, 't welk in sommige opzigten de 
vroegere bevestigde , in andere zoo stellig was , en bovendien 
van eene geloofwaardige zijde scheen te komen , den Schout- 
bij-nacht de oogen zon geopend hebben voor den wezeu' 
lijken toestand der zaken en voor de gevaren die het eska' 
der bedreigden ; te meer , omdat drie officieren ' verklaarden 
den man, een' Earopeër, die dit berigt overbragt, te ken 
nen, en hem bij vroeger verblijf aan de Kaap meermalen 
gezien te hebben. Dan, alhoewel deze officieren gezamenlijk 
aan lucas betuigden, geenszins aan de juistheid van deze 
berigten te twijfelen, sloeg de Schout- bij -nacht ze in den 
wind , * bewerende , dat de bedoelde persoon een verspieder 



1 Id bet Bajiporl van sfoohs ia de Dum tid deien Ksipschcn ingeietaii, bibtuar 
TIN (UEBHEH, en fin indcra penotten. d[e hst Bttufiehe ukader toegtorgenlieid be- 
toonden, ireggeliten en iljeen diKir panten luigeweicn, tcD einde bid deie penoDen 
geeno mocljelgkfaeden vin ds zijde der Britten ts berolclcenen. In de Veihoonn der otB- 
cieron Tindt men die nsnien vermeld. 

' Zoo leeat men in bet Verlioor vu den kapitein -luitenant TALiKHBUHa, die t^«B- 
wooTdig WM, toen de knecht bet berigt un lucu mededeelde, en deie Kbfjnt de «tre 
inbond nn dkt berigt te ifjD. Uin joiBt wordt inlka opgFgeren in bet Rapport eoa 
BFOOU, b1. 16. 

> Te ireten, de kapitein clabis, de kapitein. lutenint en de Initenant TALuniru, 
die alle drie nunwe funiliebetrekldngen un de Klap hadden en met de in 
T>n viby hekend waren. 

4 Dit ttgt èa kapitein citEis èa de kapitein -laitanant TUKIMBCBa in bnnne V 



V Google 



NSDEaLANDSCUE ZEKWISZKN. 253 

was; dat men op het door hem medegedeelde zich niet kon 
verlaten , en dat men dus geen vertrouwen behoorde te sLeilea 
op hetgeen hij had herhaald. Lccas zond daarop, zonder- 
ling genoeg , dezen persoon , ofschoon hij hem voor eeu 
spion hield , naar wal terug , na hem eenig drinkgeld te 
hebben geschonken. 

Inmiddels was het eskader, den dag na zijne aankomst, 
op last van den Schout-bij-nacht, dieper in de baai gezeild 
en bad zich in linie geschaard voor het Schapen- en Meeuwen- 
of Nieuwe-eiland. Terstond daarop gaf loüas bevel, op zijn 
schip al de zeilen, tot herstel, af te slaan, 't welk niet zon- 
d^ hevige tegenspraak van de zijde van zijnen vtag-ofScier, 
den kapitein uelvill, geschiedde, die zulks in eene vijan- 
delijke baven zeer gevaarlijk achtte en met moeite verkreeg, 
dat zij door eenige andere vervangen werden. Dat voorbeeld 
werd op andere schepen gevolgd, terwijl tenten op een der 
beide eilanden opgeslagen en de zieken derwaarts overge- 
bragt werden. Onbegrijpelijke gerustheid, die alleen te ver- 
klaren schijnt uit de innige overtuiging van j.ucas, dat de 
Hritten of geene voldoende magt hadden , om hier ter plaatse 
aan te vallen, of zolks niet zouden durven bestaan; eene 
gerustheid , die zoo groot was , dat hij bij het geven der 
bevelen tot het afslaan der zeilen, niet zoa geaarzeld hebben 
te zeggen : " Wij liggen Mer ah in Ahraham's schoot." ' 

Gedurende zes dagen bleef het eskader te dezer plaatse 
üggen , zonder dat er verder iets 'merkwaardigs voorviel. ' 
Het ,hield zich gedurende dien tijd bezig met water halen 



■ Dit KetnigÜB de kipiMn veltill in ijjn TcrhDor, uit Aea mond vbq lucas zelf 
_^(^Qgyj te bfibbeTi , alimcde c. behbdictus, SecreUris Ttn bet eikader, ia i{Jn rep- 
^g^ a*n bet Conmuttf vïd Mirine na z^ne teraglcomst hier te lande gedaan. 

3 Sier UggcaAe , vurdigde lucah de navolgende Paralen of Wichtwoordea uit; die 
^g^r S« mckejre» waren: Zondag 3/Uaafiche Bepuhlük; Maandag Nationale Vtrga- 
Jerima s üïnB"*^** Covmiiti de Marines da ovarigB dagan der waak; Europa, A.na, 
jtfrica, j^"***"**"* •" ^'* """ ''*'* ""'^' Dingïdag: Sla dood de geaeldenaren; Woeoa- 
^_. Jf^-iJ vw'sex»» JB*» gevaar i Donderdag; Sechtvaardigi^d èeiUtl ome laai; 
VrffdAR' -' SeJk^^"*^^ 'V* "«* t'^en on» letland; Zaturdog: De devffd triotnpheert 
a/frwM- Uit bet .KTopij- e* Imtrmclieboelc van LUCis. Uit deze Wachtwoorden kan men 
ggaifcxin^ opmftlEeD de geaitgcitaldheid lan i,dc*8, tsrwfj) ly i(jdb genutheid beiutigen. 



V Google 



254 OSSCHISDENIB VAN HET 

bij de Hoedjes-baai, aan de westzijde der baai, niet vene 
van het dusgenaamde Poathoudershuis , werwaarts een deta- 
chement met een veldstuk werd gezonden, tot dekking zoo 
vao de. waterplaats als van den op den berg opgerigten vlag- 
gestok of seinpaal ; tot welk oogmerk ook de sloep de Haotk 
aldaar post vatte, en tevens om de seinen te kannen her- 
halen. Dan spoedig was deze waterpat ledig, zoodat men 
genoodzaakt werd een anderen op te oporen , die op eenea 
veet meer verwijderden afstand, aan den oostkant der baai 
ontdekt werd , waarhenen het fregat de Bellona, kapitein- 
Luit. nE FALCK, tot dekking gezonden werd. 

Ondertusschen ontving men geene andere tijdingen van 
wal, en de brieven, die de Schoat-bij -nacht en verdere offi- 
cieren, terstond na de komst van het eskader in de baai, 
aan bunoe vrienden en bekenden in de Kaapstad geschreven 
hadden , om hen aan te sporen , gemeene zaak met het eska- 
der té maken en de ondernemingen der Bataven tot herove- 
ring van de gewigtige volkplanting te ondersteunen, bleven 
onbeantwoord. Naar het schijnt, bewoog dit stilzwijgen lucas 
voornamelijk, nog eene poging tot het bekomen van zekere 
bengten aan te wenden. Hij zond namelijk, in den avond 
van den 11, den luitenant ter zee cornelis valkrnbcro * 
naar de woonplaats van zijn schoonvader, die op drie 
uren afstands verwijderd lag, van waar deze in den voor- 
nacht van den 13 terugkeerde. Deze bragt aan den Schout- 
bij-nacht de tijding mede, dat alle aangewende middelen, 
om met de Kaapsche ingezetenen betrekkingen aan te knoo- 
pnn, tot dusverre vruchteloos geweest waren; dat daardoor 
de berigten onzeker en twijfelachtig bleven j doch dat men 
echter als waarheid kon en moest aannemen, dat de vijan- 
delijke landmagt zeer sterk was; dat ei dien ten gevolge 
aan de herneming van de Kaap niet kon gedacht worden ; 
dat er reeds een corps van 1400 man , waarvan hij met eigen 



1 Ik ga ccDigB aodere ingewonoen b«rig;ten mii iCUiw^gen morbij, omdat i{ wainig 
bywnders opleTerden «n illaen de *ter]rt« d«r Tfjandelfjks Landmagt bBratigdan. 



V Google 



NEDBKLAHDaCHl ZBBW2ZBN. 255 

oogen de voorhoede, naar gissing sterk 600 man, beoeveDs 
eenige veldstukken , gezien had, naar de Saldaoha-baai io 
aantogt was; dat er, eindelijk, omtrent den staat der Ën- 
gelsche vloot geene berigteo, hoe genaamd, op welke eeuig 
vertrouwen koD gesteld worden , waren te bekomen. ' i.ecas 
zag biermede de hoop om de Kaap te hernemen , waarmede 
hij zich tot hiertoe nog steeds schijnt gevleid te hebben, in 
(lamp verdwijnen en werd eindelijk overtuigd, dat een lan- 
ger verblijf in de Saldanha-baai , zoo al niet gevaarlijk, dan 
toch nutteloos was. Hij riep dus nog dieozelFden dag den 
krijgsraad , 't geen hij , zoo latag het eskader in de baai ver- 
toefde, niet gedaan had, te zamen, aan wïen hij de door 
den luitenant valkenbdbg aangebragte berigten mededeelde 
en tevens die artikelen zijner instructie bekend maakte, welke 
betrekking hadden tot het geval , dat de Kaap bij de komst 
van bet eskader, door de Britten veroverd was, en er geene 
mogelijkheid bestond om de volkplanting te hernemen. ' Hij 
verklaarde dat die mogelijkheid niet aanwezig was, zoo wegens 
de zwakheid der hulpmiddelen van het eskader, als uit hoofde 
van de sterkte der vijandelijke landmagt, waarvan een ge- 
deelte reeds bezig was naar de Saldanha-baai op te rukken, 
en dewijl de ingezetenen van de Kaap zich in het geheel 
aan hunne landgenooten niet schenen te bekreunen. Hij gaf 
om die reden, en wegens den geringen voorraad van mond- 
behoeften , die er nog op de schepen was en welke ia dit 
onherbergzaam en barre oord niet kon vermeerderd worden, 
aau den krijgsraad in overweging, met den meesten spoed 
's Lands schepen tot hun vertrek in gereedheid te doen bren- 
gen, ze van water te voorzien en daarna onmiddellijk naar 
Mauritius of Isle de France te zeilen , ten einde aldaar nadere 
maatregelen te beramen. De krijgsraad vereenigde zich een- 
paiig met dat voorstel. Men hield zich derhalve de twee 

1 Sapport «o» iFOOiB, bl. ST, nrgslskai mat bat Otntraal Eapport van tvcA» 
en d> Vsihoonn tu den kapitein -laiCenuit jam tAi.stXBV»B , broeder Ttn den Inita- 
Bul CDka. TALUnnnaa en BDdara officiaRn Tin bet eikider. 

> Art. 10 tot 18 tijpua Initnuitia. 



V Google 



256 USSCUIEDENIS VAK HBT 

volgeDde dagen bezig met waterhaleD, doch daar de plaats, 
waar zulka moest geschieden, verre verwijderd was, ea er 
telkcDs meerdere of mindere manschappen bij die gelegen* 
heid vermist werden , welke vermoedelijk tot den vijand waren 
overgeloopen , ging dat werk traag voort en met vele be- 
zwaren gepaard. Dit laatste, het overloopen van het volk, 
bewoog den Schout-bij-nacht, op den 15, den krijgaradd op 
nieuw bijeen te roepen , aan wten hij onder anderen bekend 
maakte, dat er in den afgeloopen nacht, zoo van de water- 
haatders als van de soldaten die bij de sloepen de wacht 
hielden, ruim dertig man met geweer en wapenen tot den 
vijand waren overgeloopen, en voorsloeg om, ter voorkoming 
van verder verloop, waarvan de gevolgen niet te berekenen 
waren , al kon men slechts voor zes weken water aan boord 
krijgen , den volgenden dag te vertrekken , nadat de zieken 
en het ledige vaatwerk zouden zijn ingescheept, 't geen een- 
parig goedgekeurd werd. 

Men had kunnen verwachten , dat het eskader , nadat tot 
tweemalen en de laatste keer met bepaling van den dag, 
door den krijgsraad tot het verlaten der Saldanha-baai be- 
sloten was, werkelijk den volgenden dag zou vertrokken zijn, 
en de Schout-bij-nacht, op wiens voorstel deze beide beslui- 
ten genomen waren , de noodigé bevelen daartoe zou gegeved 
hebben. Dan, dit gebeurde niet, waarvan de reden uit de tot 
deze zaak betrekking hebbende bescheiden niet voldoende kan op- 
gehelderd worden. In gebrek aan water alleen , kan zij , naar het 
schijnt, niet gezocht worden, daar de schepen door elkander 
daarvan voor vijf weken voorzien waren , en sommige schepen 
zelfs grootere hoeveelheid aan boord hadden. Zij schijnt dus 
in verband met de denk- en handelwijs van den Schout-bij* 
nacht te moeten gebragt en voornamelijk toegeschreven wor- 
den aan het door ldcas nog altijd aangekleefde en onver- 
zettelijke denkbeeld, dat hij nietfl van de vijandelijke zeemagt , 
waaromtrent dusverre geene bepaalde berigten tot hem ge- 
komen waren, te duchten had. Had hij toch slechts eeni- 
germate een aanval van de zeezijde gevreesd of zelfs vermoed , 



vGoo^li. 



nkuerlandsche zekwezën. 257 

dan kau men niet onderstellen, dat hij, na twee zoo stellige 
besluiten van den krijgsraad , de verantwoordelijkheid op zich 
zou hebben genomen , om langer in de Saldanha-baai te 
vertdeven, dan had hij niet nagelaten, gelijk hij tot hiertoe 
gedaan had , een of meerdere tigte vaartuigen uit te zenden, 
om op den vijand te kruisen of althans een der bodems als 
wachtschip in den ingang der baai gelegd ; dan had hij voor- 
zeker getracht, eene of meerdere batterijen in den mond 
der baai op te werpen, zoo ala voorgesteld was, en waar- 
toe, naar bet oordeel van LandofBcieren , die zich op het 
eskader bevonden , de mogelijkheid bestond , doch dat door 
hem van de hand gewezen werd; dan was hij vooral met 
zijne oorlogsschepen niet diep binnen de baai gezeild, maar 
had ze, hoezeer zulks ook moeijelijkheden opleverde, bijden 
ingang derzelve in slagorde geschaard , ten einde den vijand 
het bionenkoraen met geweld te beletten of, zoo de over- 
magt te groot mogt zijn, gelegenheid te hebhen, bij tijds 
met kracht van zeilen de ruimte te kiezen. Doch lucas deed 
niets van dit alles, omdat hij zich overtuigd hield, dat er 
van de zeezijde geen gevaar was. ' En hieruit schijnt pok 
te moeten verklaard worden, waarom het vertrek van het 



' De Iwcigten omtrent de TijiDdelijkeieein*^ iTBraa, nel ia wur,i]og min of neer onie- 
kcr , doeb aogtani vtn dien urd, dit ieder oogenbUk een Britaeh aikader kon opdi- 
gen, ra mt loa dan hel lot isn het Biluriehe ükider i^n? OnbegiUï^'ïk ü derbtUi 
dit gedarig oltatel, vooral, indiea men ali waaiheid moet iiDDemen 'tgeen ik vinde 
opg«t«ekeild in het Dorspronkelyke Journaal civi hel Fregat de Cartor, kapitein CLl- 
Bis, geboodeD door den eeiatcn Sehri)i«r, waLSU tan dkh VEitfr , waar ik leea: 
"Ten Sl uur 's morgen i lan den IB Ad^dsIiu deed de BetoUifie leia lan ontdekking 
*an vreemde lehepen tDssehen het Westen en NooTdeo." Die lebepen nren Tennoe- 
deljjk het Britich eskader, dat den volgenden <Iag de Saldanha-baai binnen zeilde; 
maar ook die Treemde ichepen, >1 «aren het ook andere, maakten, DUr bel lebgnt, 
geen indruk op lucas on wekten zelfs geen Termoedea hij hem omtrent de mogelijk- 
heid , dat dia achepen T(jaiideltjkc konden zjjn. Opmerkel|)k » hel, dat deie bolangryke 
bijzonderheid in geen der uverigo Journalen gevonden wordt, ook niet in dat van Je 
Snohitie, kapitein ktMBendb, doch dat Joninaal is zeer kort en weinig Tonedig. 
Intotaeheo beslaan er geene redenen van twijfel aan de waarheid omtrent bet opgelee- 
kende in bet Journaal van de Ccutor. Vreemd ia het, dat aroois in zfjn S^porl 
iuma niet spreekt. 

V. 17 



V Google 



258 QE6CBIEDEN1S VAN HET 

eskader tbans nog door bem van dag tot dag uitgesteld werd. 
De eeuige door hem aangevoerde gronden tot dat vertrek 
bestonden in de onmogelijkheid om de Kaap te hememeo , 
wegens de sterkte der Britsche tandmagt en in de vreeze 
voor het toenemen van bet verloop des volks. Welk nadeel , 
dus zal hij vermoedelijk geredeneerd hebben, kon er, wan- 
neer de noodige maatregelen genomen werden tot het sluiten 
van het verloop, gelijk hij werkelijk deed, voortspruiten uit 
het langer verblijf van eenige weinige dagen? Werd dit niet 
opgewogen door de gelegenheid om zich ruimer van water 
te voorzien P Het eskader vertrok dus op den door den kiijga- 
raad bepaalden dag, den 16 Augustus, niet, maar vroeg in 
den morgen werden op nieuw atie sloepen naar de oostzijde 
der baai gezonden om water te halen, terwijl de schepen 
verder tot het vertrek gereed gemaakt werden, zonder dat 
echter de zieken of berstellenden van bet Scbapeneiland aan 
boord werden gehaald. Noodlottig uitstel , dat aan bet vader- 
land het verlies van bet gansche eskader , en aan den Schout- 
bij-nacht zijnen goeden naam , wij durven haast ze^en eijn 
leven kostte! 

De gevolgen van dit uitstel openbaarden zich spoedig. 
Tegen den middag vertoonde zich een aanzienlijk getal vijan- 
delijk krijgsvolk aan den oostkant der baai, welk getal meer 
en meer toenam en tot ongeveer 4000 man aangroeide. Dit 
krijgsvolk rukte regelregt op de waterplaats aan , doch werd 
door het geschut van de Beüona, die nog tot dekking 
aldaar lug , zoo wel ontvangen , dat de Britten binnen twee 
uren genoodzaakt werden, na vele dooden en gekwet- 
sten te hebben bekomen, terug- en achter eenen berg of 
hoogte te trekken. Eenigen tijd daarna werd het vijandelijke 
geschut aangevoerd en op den genoemden berg geplant. Van 
daar begonnen de Britten uit gewoon kanon en met hou- 
witsers de Beüona te besebieten , waarmede zij tot des avonds 
voortgingen , welk vnur door den kapitein-luitenant dk falck 
moedig en met nadruk beantwoord werd, tot dat het vijan- 
delijk leger op nieuw terugtrok, hebbende de ^e^(»ta iamid- 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 259 

dels merkdijke schade, vooral aan het tuig, geleden. ' 
Ten twee ure des namidd^s werd, eerst van den vla^e- 
stok op den berg in de Hoedjesbaai, en daarna bij herha- 
ling van de sloep de Hccvik, het sein gedaan van dertien 
schepen in zee. Zoodra de Schout-bij-nacht, die zich in dat 
oogeoblik op het fregat de Castor bevond, dat aein gewaar 
werd, begaf hij zich naar zijn boord, van waar hij kort 
daarop het sein deed voor de schepen van het eskader , zich 
tot bet gevecht gereed te maken, zettende hij tevens een 
spring op het touw, om, zoo zulks noodig ware, den vijand 
de breede zijde te kunnen bieden. Terstond daarna werd op 
alle bodems alarm geslagen, vaatwerk en wat verder kon 
belemmeren , in het ruim geworpen , en alles met den meesten 
spoed tot den strijd in gereedheid gebragt. Te gelijk zond 
LUCAS twee sloepen naar het Schapen-eiland om de meest 
herstelde zieken af te halen , ten einde de zwakke bemanning 
der bodems daarmede te versterken ; doch eene dier sloepen 
roeide, zoodra zij buiten het bereik van het geschut was, 
naar wal en de manschappen liepen tot den vijand over, 
waarop de tweede, uit vrees dat zij dit voorbeeld zou vol- 
gen , teruggeseind werd. Ook nu zou er misschien nog gele- 
genheid geweest zijn , om met eenige der zwaarste schepen , 
zoo niet met alle, het gevaar te ontkomen, bijaldien men 
onmiddellijk na het sein van het ontdekken der vreemde 
schepen de ankers gekapt hadde en uit de baai gevlugtware. 
De kapiteinen clakis en melvill stelden aan den Schout- 
bij-nacht voor het te beproeven ; doch deze achtte zulks niet 
doenlijk, ten minste onraadzaam, en sloeg dit voorstel af,' 

> tnt b«t OtuercuA Support van ldcas bh de VerioorM der icnchillcnds Sihe«p> - 
oammiiidanUm , doch. kyiondsr uit eene eigeabandige laDteekeDiDg vid dea kapitdn- 
IniteiiaDt Dl rALCK, door bem op mijD Tcnoek medcgedtald. Vergelijk ook bet Si^iport 
torn troou, bl. 70. 

* Volgen* betgeen kapitein claus bij z^n Verbaof getnigde, weet lucab het van 
it bind. omdat bij dou do aloepeu met lolk eo de rrEgalten en zieken ion hebben moe- 
ten aehterlatea ; er bijTDegende; "G^ ziet nel dat ik il nijn teilen niet eena ssn heb." 
De redea waaiom Lucis bet aTsloeg, via volgeaa hklviu., omdat, naar ifjn begrip, 
era geankerd eikader oneindig leel loordeel had op een eakader dat onder zeil was, 

17' 



1, Google 



260 GESCHIEDENIS VAN fi£T 

waartoe welligt medewerkte bet denkbeeld, dat bij i.vcka 
en sommige andere officieren schijnt te hebben beetaaii, dat 
de opkomende vreemde schepea geene Engelsche waren , maar 
Fransche konden zijn, wier bijstand hem vóór het vertrek 
uit het Vaderland was toegezegd en waarmede hij zich nog 
altijd vleide. ' Het eakader bleef dus werkeloos liggen op de 
plaats, waar het zich sedert het binnenzeilen der baai be- 
vonden had, in afwachting van den verderen loop der ge- 



Omstrceks vier ure vertoonde zich het eerste Engelsche 
fregat in den mond der baai, op hetwelk de Schout-bij-nacht. 
toen het te veel naderde , een schot met scherp deed , waarop 
het wendde en na de sterkte van het Bataafsche eskader te 
hebben opgenomen , wederom de baai uitliep. Dan eenigen 
tijd daarna liepen vier of vijf fregatten en kort daarop acht 
linieschepen de Saldanha-baai binnen. Deze scheepsmagt, die 
na hare terugkomst aan de Kaap, gedurende -eenige dagen 
door hevige stormen was opgehouden, nam bij het binnen- 
zeilen, door het hijschen der Britsche vlag, den twijfel weg, 
of zij al dan niet eene vijandelijke ware en kwam onder den 
noordwal der baai, buiten het bereik van bet geschut des 
eskaders, in linie van bataille ten anker.' 

Alvorens dit gebeurde , waren de bevelvoerende officieren , 
in den loop van den middag, een en andermaal aan boord 
van den Schout- bij -nacht geseind , in welke bijeenkomsten 
het vrij verward toeging en niets besloteu werd. Ten 6 ure 
des avonds werden zij op nieuw geseind , wanneer lücas 
aan de kapitetnen voorstelde, of het niet geraden zou zijn , 



> Bapport va» sfoors, bl. 134. Het icnte Tregat list eenc bluowa ea witlsteia- 
fkg: Tin dsn TOortop «aayeii, 't geen door lonnnige offlcieren toof e«n Franacb kib 
g<:bouden oerd. Volgens bel Itsppoit Tan den Sucretaris denedlctus, vis dit fregat 
van FnoMh nia>kael en antwoordde bet, toen de S. B. N. het sein van verkenning 
de«d, met bat «ein ran TerkeoninR, 't welk tniacben de Franacben en Bataven wu nit- 
geileld. Vermoedelijk gtt dit en de nog altyd beilaande boop op Franache bnip aanlei- 
ding UD Lucie tot bst vermelde denkbeeld of vsralcrkle hem daarin. 

) Volgena Hmmigen, ion de S. B. V., dit liende, gezegd hebben: "Hei xat loo 
*«« vaart niet loopan. Dn buiteb htefï tr «el doorgatlagm t» waarom to%d*» wij 
Aet dan mt ttUtr' 



V Google 



NEDSRLA.NDSCHB ZEEWEZBN. 261 

's Lands schepen hoo^r op naar het Schapea-eilandte halea, 
ea dezelve , als het kon , door zeker kanaal , dat hij vroeger 
had laten afbakenen , te brengen. Doch de kapiteinen meen- 
den zalks te moeten afkeuren om verschillende redenen , in 
het bijzonder, omdat de gelegenheid ongunstig was en de 
toestand der schepen daardoor zeer zou verergeren, naardien 
zij alsdan achter elkander zouden liggen en de breede zijde 
aan den vijand niet konden bieden. Ook deze bijeenkomst, 
want eigenlijke krijgsraad bad er niet plaats , was vrij verward 
en liep vruchteloos af. Ëeu iegelijk keerde dus naar boord 
terug , zonder dat er eeoig besluit genomen was. De kapitei- 
nen kregen alleen den last , hunne schepen op goede sprinkels 
te houden en aan den luitenant barbier werd bevolen, de 
manschappen van het transportschip Vrouic Maria, als bij 
gevecht van geen dienst zijnde, te verdeeten over de Bord- 
trecht en Trtmp , aan welke zeer veel volk door overhjden en 
kiekte ontbrak. ' Na de terugkomst der scheepscommandanten 
werd , daar de zon reeds ondergegaan was en het dus ver- 
moedelijk d^BQ dag tot geen gevecht zou komen, de aftrap 
geslagen , doch een gedeelte van het volk werd in de wape- 
nen, gehouden, met de brandende lonten bij de stukken. Op 
de meeste schepen waren de manschappen tot hiertoe rustig 
gebleven en op sommige bodems waren zij zelfs vol moeda 
en ijver om den vijand mannelijk het hoofd te bieden. Dit 
was echter geenszins het geval op het schip van den Schout- 
bij-nacht , waar zich , bij het verschijnen der Engelsche vloot , 
eeuige teekenen van misnoegen en wederspannigheid vertoond 
hadden , doch vooral op de Revolutie. Op dat schip , waar 
reeds tijdens het verblijf van het eskader ter reede van 
Groot Canarie een gedeelte der manschappen zich onrustig 
gedragen had , was door eenige matrozen de oproerige kreet 
van Oranje boven! weg met de Patriotten! aangeheven, en 
hadden de dekofKcieren zich zoo verre vergeten, dat zij ge- 
met 'geweid in de kajuit waren doorgedrongen en 



' De Trontp telde 00 doodco en 90 lielcen un wal, bebatve de uorbutidfcii un boord. 



1, Google 



2d2 geschiedenis van het 

den kapitein rtnbende smaadredeaen hadden toegedawd, 
wien bet niet dan met moeite gelukte, hen tot bedaren te 
brengen en de orde te heretellen. 

Onder deze bagcbebjke omstandigheden, terwijl 'sLands 
eskader was ingealoten , en sporen van oproer zich openbaar- 
den , werden de scheepscommandanten 's avonds ten df ure 
op nieavr aan boord van het vlaggeschip geseind, waar zij 
in krijgsraad vergaderden. Aan ben gaf de Schout-bij -nacht 
te kenoen, dat hij den krijgsraad had bijeengeroepen, om 
mede te deelen , dat dee middags in de Saldaaha-baai 
was binnen gekomen een groot Engelsch eskader, be- 
staande uit acht schepen van linie, vijf fregatten en eene 
brik , ' aangevoerd door den Yice-Admiraal van de Blaauwe 
vlag, OEOBGE KEiTB ELPHiNSTONE; dat er ecne vijandelijke 
krijgsmagt van 4000 man in de omstreken der baai gelegerd 
was , die zich trachtte van de waterplaats meester te maken , 
't geen tot dusverre door de Bellona belet was; dat men ech- 
ter geen sloepen meer aan wal kon zenden , en reeds 24 
man van de Dordrecht , die water haalden , met geweer en wape- 
nen tot den vijand ovei^eloopen waren; dat, volgens ont- 
vangen berigten, de Britten de Bellona uit eene op eene 
hoogte opgerigte batterij zoodanig beschoten , dat zij , niet- 
tegenstaande den tegenstand, welken de kapitein-luitenant 
DE FALCK bood, echter op den duur daartegen niet bestand 
zou zijn en das zou moeten terugtrekken; dat eenige van 



1 Dit eskider wu Bldaa zsmcageatcld : Voaorci 74, Viea-Admiml eIjPhikstons, 
TretMndout 74, 8. B. N. PBINoLk; America, Siattlt/ , JBsAy, IVidait en Sceptre, 
64 tot 6S; Commodore blankett , kapitein douglab, wallek, osbobne en ssaiKS- 
toN; Jt^iter 50, kapitein i.osack; C^eieenf 46, kipiteiu bullkii; Tier rr«gitt«ii vtu 
IG tot 28 gtakhen en eene aloep of krik Tan 6 alukken. Het Britaehe etkader voerde 
610 atnkkcn guchnt en 4661 man; bet Bataaftche daarent^n aleebti S48 ttokken en 
1B7S man , wiamn nog leer Tclen OTerleden of liek varen. De opgare dat Bl«rkte tui 
let Biituhe eskader in het Vervolg op waoenaab D. XXXVI, bl. £82 ia genach 
on niADW keurige die bfj bkknton , Naval hUi. ii onvoltedig; daarentegen die in de 
Ifedtrl. Jaarboekn 1706, bl. 2674, teer goed. De biermedegadeeldoopgaieiaontleeud 
nit »en Eapport van den Schont-bü-nacbt en uit eene Sgutative kaart van ldoab lel- 
vi;d en va» di:n kapitein iDilentnt dr FaLCK , TDorstellendc de poaitie der beide esksdert 
in de Salduhn-baai, gelfjk mede ait het United Service Journal, 1842, p. I. pag. 67. 



V Google 



MEOERLANDSCHE ZSEWSZEN. 263 

het bootsvolk aao zijn boord , "in hunneD vervloekten muit- 
Kuchtigen aard, de hoofden der stukken hadden gedreigd, 
wanneer het gevecht begon, beu voor den kop te zullen 
schieten , en dat zij eeoige van de oföcteren mede wel zou- 
den vinden, wanneer het er eena op aankwam," en dat 
bovendien eene zijner sloepen naar deo vijand was overge- 
loopen ; dat bij van den Ëngelscben Admiraal blphinstone 
eene schriftelijke opeiscbing tot overgave van het eskader 
ontvangen had , met bedreiging van, bij weigering, ten spoe- 
digste eenen ernstigen aanval te zullen aanvangen, waarvan 
de uitkomst , uit hoofde der groote overmagt van zijn eskader 
ligtetljk te gissen was; dat hij daarop een mondeling ant- 
woord had gegeven , met toezegging , zulks nader den volgenden 
morgen te zullen doen, nadat hij met den krijgsraad daar- 
over zou hebben geraadpleegd; dat de Admiraal elphinstone 
daarmede , naar bet scheen , niet tevreden was geweest , daar 
deze eenigen tijd later hem eene tweede opeiscbing had toe- 
gezonden, waarbij hij op een schriftelijk antwoord aandrong, 
zich genegen verklarende , de onderhandeUngen voort te zet- 
ten, de opgehescben vlag van wapenstilstand te eerbiedigen 
en tot bet aanbreken van den volgenden dag geene vijan- 
delijkheden te plegen , mits de Scbout-bij-nacht eene be- 
paalde verzekering gaf, dat er in dien tusschentijd geene 
Bchade zou gedaan worden aan eenige van 's Lands schepen , 
krijgsbehoeften of goederen; zonder welke verzekering hij 
zich verpligt zou achten , onmiddellijk eenen aanval te be- 
ginnen, en de gevangenen die in zijne handen mogten val- 
len, te behandelen op eene wijs, geenszins overeenkomstig 
zijne algemeene grondbeginselen of de bevelen Zijner Brit- 
scbe Majesteit; dat hij, Schout-bij-nacht, daarop eene schrif- 
telijke verzekering ' op zijn woord van eer aan den Admiraal 

■ Tme kifiteiim, xeltill en baisibb, g«tnigdea bQ de Vtibooren, dit ldcab 
dtu v«ne1ieriDg gif met toa9temm[ng der ledcu ven den Krftg*rud, doch de overig* 
*BrklurileD ttelÜg, dtt hfj dil op eigtn gtxag gedtui hid. Uil lutate ia het meeit 
«Mnch^iügk i wtnt, hos loa lucah inden, bjj het openen Tan den KrDgirud, un 
de kden beblxn kannen tnededeelen, dit zooduige ichrinelIJkB Tcnekering door bem 
un den ZogelietiMi Admirul gazonden wu, zoo els blfjkt ait de Notnlen fU) dien 



1, Google 



264 GESCHIKUKMIS VAN HET 

BLPHIN8T0NS gezoudeQ had, dat er geene schade hoegenaamd 
aan eenige der schepen van het eskader zou geschieden , en 
hij den volgenden morgen vroegtijdig een bepaald antwoord 
op de gedane opeisching zou geven; doch dat hij dit uitstel 
volstrekt noodig had , om de beide kapiteinen ' der fregat- 
ten , die op eenigen afstand in de baai verwijderd lagen , te 
ontbieden, tot bet beleggen van eenen krijgsraad ter zijner 
verantwoording.* De Schout-bij -nacht, dit alles hebbende 
voorgedragen, vroeg aan de leden van den krijgsraad bun 
gevoelen, wat in deze akelige omstandigheden te doen stond? 
Ka langdurige beraadslagingen, deed de kapitein rtnbbndk 
het voorstel, dat een ieder voor zich zelven zijn gevoelen 
schriftelijk zou oiededeelen , 't geen goedgekeurd werd , waarop 
de Schout-bij-oacht en verdere leden eenparig verklaarden : * 
Dat, naar hun oordeel, in de hagchetijke* omstandigheden, 
waarin zij zich thans bevonden , zoo door de zwakheid der 
equipagien, haren muitznchtigeu aard en het verloop onder 
het volk op het oogenblik van de aankomst des vijands , 
als uit hoofde van driedubbele overmagt der Britsche sche- 
pen aan den zeekant, en de menigvuldige vijanden aan de 
landzijde, waardoor 'sLands eskader van beide kanten gan- 
schelijk ingesloten was, er, teu einde zich niet op genade 
aan den vijand over te geven, niets anders overschoot, dan 
eene zoo voordeelig mogelijke capitulatie aan te gaan. Zij 
grondden dit hun gevoelen voornamelijk op twee omstandig- 



Kiijgarasd, beroatende in het Archief van ie Kn'me. tT> erennel mogelijk, dit hy 
BODimigt oBlciereD , vent ie een kwam iroegei. de aader later ud liJn baoTd, daar- 
OTGT geiprolieD heeft; maar dat die Teriekeriug met de toestemiDiDg Tan den Krggiraad 
IDB gegeven ï^d . houJc ik strijilig met ie waarheid. Lucia raakt dit punt in ijjn 
Qaitraal Bi^porl ileehls zjjdelinga taz; Sfoorb meeut, dit hy op eigen geia§ gc- 
handald heeft. 

' Hiermede werden bedoeld de kapitein- laitsnant de txLCn, Tan de Beüe»a, en da 
laitanant bebemer, van dt Manilc. 

9 Zie de brieTwiaaeling iDssehen den Viee-Admiraal elfhinbtohe en den S, B. N. lucas , 
in het Kapport van erooiia, bt. TT — 79. Overigens i> het voorgevallene in dezen Kr[iga- 
raad ontleend uit bet Oaneraal B^port van LUUl. 

> Deze Bchriflelyke advjcea of verklaringen bernaten in bet oonpranksmka, in bat 
Archief run fact Hoog Militair Geregtaliof te Utrecht, 

* Crifijtte. 



1, Google 



NBI)£ELAMDSCil£ ZEEWËZEN. 365 

heden , te weten : dat het beproeven , om door den vijand 
heen te slaan , ondoenlijk was uit hoofde der muitaucht van 
bet volk , daar er veel eer te duchten en te verwachten was , 
dat het zijne eigene officieren zou doodschieten dan vuur 
op den vijand geven; en dat het evenzeer onmogelijk vras 
de schepen op strand te zetten en te verbranden, aangezien 
de iegermagt der Britten den aftogt van de landzijde af- 
sneed. Om dus eeae "tnassacre" voor te komen, waren de 
tegenwoordig zijnde leden van den krijgsraad van gevoelen , 
dat er de hoogste noodzakelijkheid bestond om te moeten 
capituleren , waarvan de voorwaarden onmiddellijk ontworpen 
ea goedgekeurd werden. De kapitein-luitenant de fa].ck en 
de luitenant beseuek, die ontboden waren en korten tijd 
na het nemen van dit besluit aan boord van ldcas kwamen, 
vereenigden zich daarmede, echter niet dan nadat zij uit- 
drukkelijk betuigd hadden , als afwezig geweest zijnde , geens- 
zins verantwoordelijk te wezen voor hetgeen had kunnen en 
moeten gedaan zijn bij de ontdekking en eerste nadering 
der vijandelijke .schepen , en nadat zij te vergeefs op bet 
ontsohepen van bet volk op het Schapen-eiland en het ver- 
branden van 's Lands bodems hadden aangedrongen , 't geen 
wegens het door lucas gegeven woord van eer niet kon 
gedaan worden. ' 

Met dit ontworpen verdrag werd de kapitein ciaeis den 
volgenden morgen naar den Vice-Admiraal elphinstonb ge- 
zonden, waarin verklaard werd, dat de Schout-bij -nacht 
de schepen , tot zijn eskader behoorende , zou overgeven , 
mits , onder anderen , aan de officieren en de verdere equi- 
pagien een vrije aftogt naar Holland toegestaan wierd , en 
wel met twee cartelschepen , met name de beide fregatten , 
de Srat?e en de Syrene, die jia hunne komst in Holland, 
in de magt der Kroon van Engeland zouden gesteld wor- 
den. Doch de Vice-Admiraal elphimstonb verwierp deze 
en de meeste andere voorwaarden, verklarende, dat al de 



1 Uit eeae «oliriftelQkc uatekening itu dcu InpitMii-iuilMMiit se »lck, wurmede 
kMfdzakelOk OTeraensUml h<t Vuhoor ita den IniUiiknt b 



V Google 



3DD GESCUIBDENIS VAN HET 

officieren ea verdere equipagien zich krijgsgevaogen moeaten 
gevea, en wel om reden, dat de cartelechepen uit Toalon 
en verscheidene andere plaatsen, in strijd met de vetten 
des oorlogs en met de goede trouw der volken, aangehou- 
den en de equipagien in de gevangenis gezet waren. 
Hij zeide overigens, bijaldien de capitulatie aaDgeuomen 
wierd zoo ak hij die vooorstelde , alle mogelijke ondersob^- 
ding aan de officieren en hulpbetoon aan de manschappen 
die zulks behoefden toe. ' Hij meldde verder scbrifteiijk 
aan den Schout^bij nacht, en, gaf meer omstandig aau den 
kapitein claris mondeling de verzekering , dat hij den Schout- 
bij-nacht LUCAS en de verdere officieren bij de eerste gele- 
genheid, met Britsche of andere schepen, naar Europa zou 
doeo terugkeeren, mits zich op hun woord van eer verbin- 
dende, gedurende dezen oorlog of tot hunne uitwisseling 
niet tegen de Britsche natie te zullen dienen. Ten laatste 
voegde hij er nog bij , dat zoo men de door hem gestelde 
voorwaarden niet geliefde aan te nemen , de Schout-bij-nacht 
de vlag van onderhandeling slechts behoorde neder te balen , 
't geen tot sein zou strekken , dat de vijandelijkheden onmid- 
dellijk zouden aanvangen, doch alsdan moest de Schout-bij- 
nacht afwachten , hoe er met de equipagien van 's Lands 
schepen stond geleefd te worden , daar er aan wal geen 
kwartier was voor lieden van de Bataafsche constitutie, ge- 
lijk de bevelen van den Generaal, die in het gezigt van bet 
eskader gelegerd was , mede bragten , ingeval men mogt 
ondernemen, de schepen in brand te steken.* 

Met dit antwoord keerde kapitein claris des namid- 
dags naar het boord van den Schout- bij -nacht terug, waar 
hij den krijgsraad vergaderd vond. Lucas deelde dat ant- 
woord aan den Kaad mede, en tevens een brief van den 



) Zü dg fo«rg«ali^iM eipitaliitis bh bet «ntwoord rtn blprmrohs dutop ia de 
Deereten dtr Nol. Vergadering mn S2 en ïd het Dageer^aal ia hudelingcii van 
die Teig*dariijg, den 27 Dm. ITBS, alamede ïd de Std. Jaarh, 179fl, bl. 2683. Zie 
dit tmlnoord ook ia bet IRapport ooa bfookb , bl. SI en 02. 

3 Veiklwing tm den kipit«in CLjtus, in ijjD Vwhoor. 



V Google 



NEDER1.A.NDSCHE ZEEWEZEK. 207 

Generaal ceaiq, opperbevelhebber der Britscbe legermagt, 
waarbij deze den Schout-bij-nacht op hoogen toon aankon- 
digde . dat bijaldien er beproefd werd , om 's Lands schepen 
op strand te zetten of te vernielen , zulks door hem zou 
aangemerkt worden als strijdig met de wetten des oorloge, 
en waarbij hij dreigde, in dat geval aan niemand van bet 
scheepsvolk, bij zijne komst aan wal, kwartier te zullen 
geven. ' Bovendien werd door den Schout-bij-nacbt aan den 
krijgsraad bekend gemaakt, dat de weerspannigheid, die op 
sommige schepen reeds den vorigen dag had plaats gevon- 
den , zich op nieuw en wel sterker dan te voren geopenbaard 
had, bijzonder op bet vlaggeschip en het fregat de Castor , 
op welken laatsten bodem bet volk zich niet ontzien had 
gewelddadigheden te plegen , met het openbreken van luiken 
en inslaan van vaten, het aanheffen van oproerige kreeten 
en liederen. 

Netelig, ja wanhopend was thans de toestand van het 
eskader en van de otBcieren , die over en op hetzelve gebied 
voerden. Er werd nog wel door sommige officieren het denk- 
beeld geopperd, het uiterste te wagen en pogingen aan te 
wenden , om door den vijand heen te slaan ; maar de over- 
magt der Britten was zoo groot en de stelling, die hunne 
scbeepsmagt genomen had, van dien aard, dat de' meerder- 
heid van den krijgsraad meende, dat van zulk eene daad 
niets goeds te wachten was. Er waren er andere,- die den 
wensch te kennen gaven om, zoo het doorslaan dan onmo- 
gelijk geacht werd , ten minste tot handhaving der eere van 
de vlag eenigen tegenstand te bieden alvorens te strijken; 
doch de Schout-bij-nacbt verklaarde zich daartegen, "zulks 
als een kinderspel aanmerkende, waarmede de natie niet ge- 



) ZJB dïiCD brief in bet Support mm hpoobh, bl. SI. De ootapTODkeliJlfe brisT, in 
de EngeUdie lul geMhTeren, gelfjk mede ■! de brieTen vu den Adminel BLFUiiinoMi 
MD des -SebiMit-by-Bacht i,iro4> in deu twee noodtotlige dagen en gedntende den *erderen 
tfjd TUI iQn TerblQt un de Kup de Ggede Hoop, benutea in bat Aiebief i*ii bet 
BoDB Mitilur GeiegUbof te Utnebt. 



V Google 



UBSCHIEDENiS VAN HET 



diend werd." ' Het op strand zetten en vernielen der sche- 
pea werd mede, na de bedreigingen van den Britschen 
Generaal, ongeraden gehoaden; zoodat er, in- aanmerking 
nemende al die noodlottige omstandigheden, en daarbij ge- 
voegd de meer en meer toenemende kwaadwilligheid des 
volks, naar bet eenparig gevoelen der leden van den krijgs- 
raad, niets anders overschoot, dan de capitulatie door den 
Vice-Admiraal elpuinstomb voorgescbreven , hoe hard en 
vernederend ook, te moeten aannemen. Hiertoe werd das, 
na langdurige beraadslagingen, besloten. 

Terstond ua het nemen van dit besluit, werd eene witte 
vlag van top op de Dordrecht geheschfen, ten teeken van 
het aannemen der capitulatie, en het sein voor de schepen 
van het eskader gedaan, om bramstengen en onderra's te 
strijken. Tevens werd de kapitein-luitenant vALKENBUna af- 
gevaardigd naar den Vice-Admiraal klpuinstone met de 
geteekende capitulatie * en eenen brief, waarin de Schoat- 
bij-nacht te kennen gaf, dat het ongelukkkig lot des oorlogs 
hem voor zijne groote overmagt had moeten doen zwichten , 
en verzocht, dat de Vice-Admiraal hoe eerder zoo beter 
bezit van 's Lands schepen zou nemen , "daar hij niet lan- 
ger verantwoordelijk kok zijn voor een hoop volks, 't welk 
mij meer," aldus drukt© hij zich uit, "in de noodzakelijkheid 
gebragt heeft, mij aan u te moeten overgeven dan de groote 
magt van uwe schepen; want dit kan ik u, als een man 
*vBQ eer, verzekeren, dat als dit in orde geweest was, ik het 
lot des oorlogs zou beproefd hebben." * Bovendien werd aan 
den kapitein- luitenant valkenburg door den Schout-bij -nacht 
mondeling opgedragen , nader aan te dringen op het spoedig 
in bezit nemen der schepen, met name van- de Dordrecht, 
Bevdutie en het fregat de Caator , dewijl men aldaar niet 



1 Uit legt LUCAS leU in zyn' brUf uu hst CommitU tu Muine, tsd iO Aog. 
17M, guchiGran in d« Saldinbs -bui. 

* De ODTspronkeIjjïe, dooi lucab en elphisstohe oDdertoekends ctpitnlitie benut 
thani in bet Archief Tan bet Hoog Militair Gere;:tibof. 

■ Zie dezen brief in het Sappori van bpdoob , bl, S6. 



1, Google 



NEDEEtLANDSCHE ZEBWEZEN. 2u9 

meer meester was, en hij zijn gegeven woord van eer, dat 
asn de schepen geene schade zou komen , niet langer kon 
hoaden. ' Dien ten gevolge gingen vier Britsche liniesche- 
pen en drie fregatten onder zeil en kwamen op een pistool- 
schot van het Bataafsche eskader ten anker , van welke eenige 
sloepen met gewapende manschappen, nog dienselfden avond, 
naar de drie genoemde schepen gezonden werden , van welke 
zij bezit namen , de Bataafsche vlag streken en het volk 
ontwapenden, 't geen den volgenden dag, nadat de geheele 
vijandelijke vloot waa opgezeild , ook op de overige plaats 
vond. Van nu af hield op de meeste bodems alle krijgstucht 
op. Op sommige schepen werd de Bataafsche vlag door de 
met Oranje versierde manschappen onder de herhaalde kree- 
ten van : Oranje boven ! de dood aan de Patriotten ! ver- 
trapt, verguisd, verbrand of over boord geworpen. Op andere 
werden de als republikeinen bekend staande officieren be- 
dreigd , tot in hunne hutten vervolgd en gehoond , en onder- 
scheidene patriotsche dekofficieren , matrozen en soldaten 
geslagen, ja zelfs gewond of deerlijk mishandeld. Hier zag 
men de Patriotten zich vereenigen en met de wapenen in 
de hand hun leven verdedigen tegen de woede der Prins- 
gezinden. Daar hoorde men den Schout-bij -nacht voor eenen 
verrader uitkrijten en verwenschingen uitbraken over de laf- 
hartige overgave van 'sLands eskader. Bijkans overal werden 
luiken en spijskasten opengebroken, kisten en wijnvaten de 
bodem ingeslagen en alles wat onder de. hand kwam ge- 
roofd, gestolen of vernield. Dit getier en deze baldadighe- 
den , waarbij de Britsche schildwachten zelfs niet ontzien 
werden, duurden op eenige schepen den geheelen nacht en 
werden op sommige den volgenden ochtend hervat, totdat 
op nieuw ettelijke Ëngelsche sloepen met gewapenriè man- 
schappen kwamen opdagen, die aan de ongeregeldheden 
paal en perk stelden , zich van de belhamels meester maakten 
en de overige zeelieden, half goedschiks, half met geweld, 

' VcikbriDg T>n dan kipiUin-lnttenint vtLKEHiiuaa , by i^jn Vdfaoor. 



1, Google 



270 QESCaiEDINIS VAN AST 

in de sloepen overbragten en naar de Britsofae schepen 
voerdeo. ' 

De meeste dekofficieren en verdere manschappen namen , 
kort na de overgave van het eskader, dienst bij de EjogeL- 
schen, deels nit gehechtheid aan de zaak des verdreven 
Stadhouders, deels uit vrees voor krijgsgevangenschap, door 
geld, drank of bedreigingen. Wat de officieren betrof, huo 
vertrek van de Kaap de Goede Hoop werd door moeijelijk- 
heden van verschillenden aard vertraagd tot in wintermaand 
dea jaars 1796, wanneer de meeste met een cartelschip eerst 
naar Engeland , en na eenig oponthoud aldaar , naar Holland 
sdlden. De Schout-bij-nacht ldcas benevens de kapiteinen 
RTNBENDS, CLARIS eu eenïgo weinige andere officieren ver- 
lieten te gelijkertijd met een Amerikaansch schip de Kaap 
en kwamen in Februari) des volgenden jaars te Fl^'mouth 
aan, van waar lucas met eene Hollandscfae bomschuit onder 
Pruissische vlag naar Maassluis overstak. Terstond na zijne 
komst in die plaats, gaf hij daarvan kennis aan het Committé 
van marine , en tevens , dat hij aldaar de bevelen van het Com- 
mitté zou afwachten. Dan , weinige dagen later b^af hij zich 
naar Schiedam , de stad zijner woning , van waar hij eerlang 
door het Committé van marine naar 's Gravenhage opontboden 
werd. Aldaar gekomen , werd hij door het Committé gelast , 
zich , zonder dat daardoor iets omtr^t zijne schuld of on- 
schuld zou beslist worden , naar het huia in 't Bosch te be- 
geven en aldaar te verblijven tot na de uitspraak van den 
krijgsraad, die tot het regterlijk onderzoek over bet gebeurde 
met het eskader en wegens de overgave van hetzelve zou te 
zamengeroepen worden. Hier hield lucas zich bezig met het 
opstellen van een Algemeen Verslag ' over al hetgeen ge- 
durende zijnen ongelukkigen togt naar de Kaap en in de 
Saldanba-baai was voorgevallen, 't welk hij spoedig voltooide. 

■ Uit ds Jotntalm voh da Dordrecht, SeeoUUte, TVonp en Cattor , bvaateads 
in het Arcbitf itii hiit Dcpartemsiit der Marins. 

> Dit QmMraal Bapport, wiirfaa meemiaJEti bofcn ndding gemiakt werd, i) rs- 
d^tceksud uit het Haii in 'tBouh den IS April 1TB7 «o i» in bat oanpnMikelQIw 
nog is het Archief d«r Marine Toorhaaden. 



V Google 



MBDEBLANDSCHE ZEEWEZSN. 271 

2&jne gesondheid , die op de tiitreis raeds veel geleden had, 
doch voornamelijk door hetgeen bij en na de overgave van 
het eskader voorviel , zeer was geschokt en verzwakt , ' nam 
mtusscheo zoo merkbaar af, dat zjjne echtgenoot zich tot 
's Lands roering wendde met het verzoek , dat het aan den 
Schout-bij-nacht mogt vergund worden, zich tot herstel zijner 
gesondheid huiswaarts te doen vervoeren. Dit verzoek werd 
ingewilligd; maar aaauwelijks was lucas te Schiedam aan- 
gekomeu, of zijne ziekte verergerde zoo zeer, dat hij na 
verkx>p van weinige dageo, op den 21 Junij 1797, ia den 
ouderdom van 50 jaren bezweek. 

Zoodra men hier te lande bet berigt had ontvangen, dat 
bet geheele eskader zonder slag of stoot, en ze\h zonder 
eenige pogingen tot behoud of tot handhaving van de eer 
der vlag, aan den vijand was overgegeven, ging er, zoowel 
binnen als buiten de vergadering der volksvertegenwoordi- 
gers , een kreet van verontwaardiging op tegen officieren eu 
schepeUagen in het gemeen , doch bijzonder tegen den Schout- 
bij-oacht lucas , en van alle kanten des vaderlands verhief 
sicb ééne stem, die hunne en vooral zijne straf, tot voor- 
beeld en ten afschrik van anderen, vorderde. Onder dezen 
indruk werd door de Nationale Vergadering eene Commissie 
benoemd , ' aan welke werd opgedragen te onderzoeken en 
TOOT te stellen, welke maatregelen er behoorden genomen te 
worden ten opzigte der scheepsvolken van het eskader, 
wanneer eenige er van in het vaderland mogten terug- 
keeren. Oan langzamerhand bedaarde dé eerste opwelling der 
driften-, en men zag in, dat door het verloop van het mee- 
Teudeel der equipagien en de afwezigheid der officieren, deze 
Commissie bezwaarlijk zich van baretaak zou kunnen kwijten 
gelijk zij dan ook nimmer eenig voorstel gedaan heeft. Dat 



1 Keedi hl xync biinai nu dt KMp uu lat CommitU tbd mtrine klugda hg onr 
dan ilmmt K^ner gaaaiiéi n uhnef i^jna liakd^ke omitandiglMdM voonumcmic lan 
h«t gcbmrd* toa. Haenitl«D gtt hg durin ta IranDcii, dat hfj twyftlds of hy wbI lerend 
h« Vaderland loa limikni. "Ik icnmalt," uhnet bfj teo», "all maaDw toot dsian." 

I B4 decreet Ten des IS De«. 17S6. 



V Google 



272 QEStiHIEUBNIS VAN HUT 

er intusscheo eea onderzoek naar het gedrag der officieren, 
bepaaldelijk naar dat van den Opperbevelhebber , moest plaats 
vinden , begreep men algemeen en lag in den aard de zaak. 
Bovendien verlaugde de natie dit vurig, en lucas zelf bad 
zulks in zijne brieven meermalen gevraagd, ja herhaaldelijk 
daarop aangedrongen. Zoodra hij dua hier te lande was weder- 
gekeerd, gaf het Committé van marine, ook ter voldoening 
aan het [op nieuw te kennen gegeven verlangen van den . 
Schout-bij-nacht , der Nationale Vergadering in overweging : 
"Of niet een krijgsraad zou behooren te worden zamenge- 
roepen en belast met het onderzoek, niet alleen van het 
gedrag van den Schout-bij-nacht lccas, maar ook, voor 
zooverre noodig mogt zijn , van de Commandanten der schepen , 
die tot het eskader , in het vorige jaar bestemd geweest naar 
de Oostindtën , behoord hadden ; met verzoek , dat de Natio- 
nale Vergadering , ingeval zij daartoe mogt besluiten , alsdan 
zou gelieven te benoemen de leden, waaruit die krijgsraad 
20U samengesteld zijn." ' Dit voorstel droeg de goedkeuring 
der Nationale Vergadering weg , die besloot , dat er onmid- 
dellijk een hooge zee- en krijgsraad zou benoemd worden, 
om het bedoelde onderzoek te doen , en zoodanig vonnis te 
vellen als hij zou oordeelen te behooren, met bijvoeging, 
dat, hoezeer in andere gewone gevallen de benoeming van 
eenen zee-krijgsraad zou behooren te geschieden door het 
Committé van marine, er nogtans in dit buitengewoon en 
voor den Lande zoo aangelegen geval redenen genoeg be- 
stonden, om welke de Nationale Vergadering, overeenkom- 
stig den voorslag van het Committé van marine, voor dit- 
maal zelve de leden van den krijgsraad zou kiezen. * Door 
een verschil over de wijs van benoeming verliep er echter 
nog ruim eene maand , * alvorens die benoeming geschiedde, 



1 Dta-ete» der Nol. Vtrgaienng, SI Haart «n U April 1707. 

> Dterttn der Sol. Vergadtrimg nu U April 17S7. 

> Tot ilcQ 10 Mei 17S7, lid Deertfen ê«r Nat. Vergadering jta dien dag. Da 
beaoemds leiI«D waren : de Viee- Admiraal tAS siLa en willem tam dkb Bnn , en de 
kapileiDen a. i. tah otibtbldt, o. var (erchbk, i. a. okotinbaai, . 



V Google 



NEDZBLAMJSCH ZBEWEZEN. 273 

wanneer, eindelijk, zeven zee-officieren , waarvan twee met 
den rang van Vice-Admiraal en de overige met dien van 
kapitein bekleed waren, tot leden van den krijgsraad wer- 
den aangesteld, wordende aan den burger jacob spoors de 
betrekking van Fiscaal opgedragen. 

Zonder dralen ving de hooge zee-krijgsraad het onderzoek 
aan. Intusschen veroorzaakte de dood van den Schout-bij- 
nacbt LUCAS vele bezwaren, en welligt ware aan bet regts- 
geding , onder andere omstandigheden , wegens dat overlijden , 
geen verder gevolg gegeven, dewijl daardoor verviel het 
onderzoek naar bet gedrag van den man , aan wien in de 
eerste en voorname plaats het verlies van het eskader ge- 
weten werd. Men schijnt echter begrepen te hebben , dat het 
voor het Vaderland van groot gewigt was , het niet te staken. 
Bovendien achtte de krijgsraad zich verpligt het voort te 
zetten , dewijl aan denzelven , behalve het onderzoek naar de 
handelwijs van den Schoat-bij-nacht , ook de beoordeeting 
van die der overige officieren was opgedragen. De krijgsraad 
zette uit dien hoofde zijne werkzaamheden onafgebroken en 
met ijver voort. Er werden nogtans daarin eenige wijzigin- 
gen gebragt. £en eigenlijk vonnis toch te vellen over het 
gedrag van lucas, gelijk door de Nationale Vergadering 
voorgeschreven was, kon na zijnen dood niet meer te pas 
komen ,' waarom de krijgsraad aan den Fiscaal opdroeg, na 
het inwinnen van de noodtge inlichtingen en getuigenissen, 
een behoorlijk en aaneengeschakeld verslag op te maken 
nopens het door lccas gehouden gedrag, alsmede in hoe- 
verre hij al dan niet aan zijne Instructie had beantwoord, 
en mitsdien , of het ongeval , aan het eskader in de Saldaufaa- 
baai overgekomen, aan lucas moest worden geweten, of 
welke andere oorzaken het dan ook zouden teweeg gebn^ 
of verhaast hebben, ten einde, nadat dit verslag ingekomen 
en daarover geraadpleegd zou zijn, daarvan zoodanig gebruik 



en c. BTU.. Gboiih&aat cd uolIiAKD werden, «egmi dimitiakBii , later onteligen, 
m 1001 een tsd beiden de kapitein f. j. aiBTAAa benoemd; de inderc pliel* bleef, 
uu het achjjiit, onveivald. 

V. 18 



1, Google 



274 GESCHIEDENIS VAN HET 

als dienstig zou worden geoordeeld. ' De Fiscaal spoors , 
aan dezen last voldoende , diende aan den krijgsraad zoodanig 
zeer omstandig verslag in , 't welk door den krijgsraad naauw- 
keurig onderzocht werd, en waarmede de leden, na daarin 
eeni^re veranderingen gemaakt te hebben, zich eenparig ver- 
eenigden,' en waarointrent de krijgsraad verder besloot, 
het aan de Nationale Vergadering in te zenden , om daarvan 
zoodanig gebruik te maken, als zij zou vinden te behooren. 
Te gelijk nam de krijgsraad een besluit , waarin hij met 
weinige bewoordingen bijeentrok en opsomde de voornaamste 
verzuimen en misslagen, door den Schout-bij-nacht, naar zijn 
oordeel, begaan en breeder in het verslag van den Fiscaal 
aangewezen , met bepaling , dat ook dit besluit aan de Natio- 
nale. Vergadering zou worden medegedeeld. Eindelijk velde 
de krijgsraad vonnis o.mtrent het gedrag der kapiteinen en 
verdere scheepscommandanten van het eskader , waarin , naar 
aanleiding der voordragt van den Fiscaal, verklaard werd, 
dat zij zich gedurende de expeditie, en bijzonder bij bet 
aangaan der capitulatie, uit aanmerking der noodlottige om- 
standigheden, waarin zij op dat tijdstip gebragt waren, had- 
den gedragen overeenkomstig de regelen van den dienst, en 
dienvolgens vrijgesproken werden van alle bedenkingen , welke 
daartegen zouden hebbeti kunnen of mogen worden in bet 
midden gebragt. ' Deze stukken werden door den krijgsraad 
op den 19 December 1797 aan de Nationale Vergadering 
ingezonden, en daarbij het verzoek gevoegd, dat de hooge 
zee-krijgsraad mogt worden ontbonden; welk verzoek onmid- 
dellijk toegestaan werd. Omtrent de door den krijgsraad ingele- 

1 Bapporl va» Ètoata, bl. 2. 

! Dit ia mij gebleken oit eeaige firigmeDtcn der miaunt-Notnlen na den Kr^gsnai], 
ouder de aTchiven vaa hst Departement Tin Marino beirurd gebleven, aluneda nit bet 
in het net gebmgte Notultn-boak vm den krEjgBrud. 't welk, nerons andere atakken, 
tot dit regtigeding behoorendo, lyrusten in het Ansbiaf van het Hoog Militair Geregt*- 
hof te Utrecht. 

* Al deie «takken TÏndt nMn achter h»t Mapport va» apooni, gidrnkt ter Land* 
drokker^ in 1793. De oorapronkelyke, door de Leden ran den krüginud ondetteekande 
Senteotia over de Scheepacamaiandtaten ii nog roorhanden in het Archief Tan het 
Deparleiotnt Tan Harine. 



V Google 



NEDE&LANDSCBE ZEEWEZEN. 275 

verde stukken werd besloten , ze te doen drukken , voor zoo- 
verre 'sLands belang zulks toeliet, teo welken einde zij in 
handen zouden worden gesteld der Commissie van Buiten* 
landsche zaken, om de zoodanige die men zou vermeenen, 
dat voor alsnog geheim behoorden te blijven , daaruit te lig- 
ten en daarvan opgave in 'het Committé-generaal te doen.' 
Ëerat nadat een nader besluit deswege door de Consti- 
tuerende Vergadering, genomen was, werd hieraan gevolg 
gegeven, wanneer door de zorg van het QÏtvoeread bewind, 
aan 't welk zulks was opgedragen, eindelijk, het rapport van 
den Fiscaal spoors en de verdere daarbij behoorende be- 
scheiden , met weglating van sommige zinsneden , die voor 
den Staat of voor bijzondere personen konden nadeelig zijn , ' 
ter Lands Drukkerij het licht zagen. 

En hiermede eindigde de zooveel gerucht gemaakt heb- 
bende expeditie van de Saldanha-baai , die zeker moet gerang- 
schikt worden onder de ongelukkigste en minst eervolle, 
welke immer door 's Lands zeemagt ondernomen werden. 

Wanneer wij thans nog een blik terugslaan op de ge- 
dragingen van den Schout- bij -nacht lvcas gedurende den 
togt naar en het verblijf in de Saldanha-baai, en de over- 
gave van bet eskader, dan moeten wij betnigen dat, naar 
ons inzien, veel door hem verzuimd werd; dat de geest- 
kracht en voortvarendheid, die in eenen Opperbevelheb- 
ber gevorderd worden, hem bij deze gelegenheid ontbra- 
ken; dat achterhoudendheid en gehechtheid aan eigene 
denkbeelden op zijne besluiten en daden eenea nadeeligen 
invloed uitoefenden , en dat in het oogenblik des gevaars in 
hem gemist werd die koelbloedigheid, beradenbeid en stout- 

I DeenltK dtr Nat. Vergadering IS Dec. 1797. 

> Dcic tjja in het £appori ca» spoobb ungcdnid door pnnten, m bctreffeo tooi- 
niinelyk , gcl^lk mij uit de VerhoorBn en «ndere oorapronicclijke stukken ii gelilekeii, 
den Noard-AmerikuBachen CDuanl op de Ctnariiche eilindeD en eenigc ingaetencD un 
de Kiap de Qoede Hoop, met irie de Batlaflche offlcierui betrekkingen ungekDoopt 
of getracht bulden un te knoopeni lakeo die toen vin beUng «uea, doch tfasnt hmr 
gewigt Tetloien hebben. £en venlig omtrent boTcnTwmeld Bappoit wordt getoaden 
in de VadtTl. Lttttro^iting»* 179S, N». T. 

18* 



V Google 



376 UESCUIEDENIS VAN HBT 

beid, welke in den zeeofficier, vooral wanneer hij aan het 
hoofd eener scheepsmagt gesteld is, gevorderd worden. In 
één woord, het door den Schoat-bij -nacht ldcas gedurende 
dezen rampzaligen togt gehouden gedras draagt , naar ons 
oordeel, ofschoon er geene redenen, ook niet de verst ver- 
wijderde beataan , om zijne eerlijkheid en goede trouw te 
verdenken of aan zijnen persoonlijken moed te twijfelen , 
duidelijk het kenmerk, dat hij noch beleid, noch krijgskunde, 
twee zoo noodige vereischten in eeneu vlootvoogd, bezat, eii 
hij in geen opzigt berekend was voor de gewigtige betrek- 
king, die door 'sLands regering hem was toevertrouwd 
geworden. 

Van den anderen kant, bestaan er omstandigheden, die 
bij het beoordeelen van zijne handelwijs , naar ons inzien , 
niet mogen uit het oog verloren worden en welke zijn gedrag 
wel niet regtvaardigen , maar nogtans dat oordeel kunnen 
verzachten. Hiertoe behooren: 

1*. Dat LDCAs door zijnen dood, die in eenen tijd voor- 
viel, toen het regtsgeding slechts even was aangevimgen, 
zich niet heeft kunnen verdedigen tegen de bezwaren en be- 
schuldigingen , door zijne officieren tegen hem ingebragt. 
Het is waar, dat hij na zijne komst hier te lande en ter- 
wijl hem reeds het Fïuis in 't Bosch tot bewaarplaats was 
aangewezen, een min of meer omstandig verslag van het 
gebeurde opstelde , waarin hij een doorgaand verhaal van bet 
voorgevallene mededeelt en zijne besluiten en daden toelicht; 
maar dit verslag behelst geene eigenlijke verdediging, veelmin 
eene wederlegging van hetgeen door zijne officieren, waarvan 
nog slechts enkele door den krijgsraad opdat tijdstip gehoord 
waren, aangevoerd was. Hierbij komt dat bet belang dier 
ofBcieren medebragt, zich zelven zoo veel mogelijk vrij te 
pleiten , en de schuld op de schouders te werpen van hem 
die overleden was , daar zulks toch den doode niet kon schaden 
en dezen baiten staat was daarop te antwoorden. Wij be- 
weren hiermede niet, dat die officieren, dus doende, ter 
kwader trouw gehandeld hebben, doch het ligt in de men- 



vGoogle 



NEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 277 

schelijke natuur, zich zelven eoo veel doenlijk te verachoonen 
en op eeneu andereu de schuld te schuiveu , vooral waoueer aan 
dien anderen daardoor geen regtstreeksch nadeel berokkend 
wordt. Wij mogen dus aannemen, dat zij de handelwijs van 
LUCAS niet altijd Van de meest verschoonbare zijde zullen 
hebben voorgesteld , en bebooren aan hunne getuigenis geen 
onvoorwaardelijk geloof te hechten , vooral wanneer het blijkt , 
dat het verbaal, door ldcas, in zijn Journaal of Algemeen 
Verslag gegeven, daarmede in strijd is. Dezelfde opmerking 
geldt , ja Qog krachtiger,, omtrent bet Rapport van den Fis- 
caal BFOOBS, die zijn berigt voornamelijk putte uit de ver- 
klaringen der officieren, en bovendien als openbaar aankla- 
ger optredende, de gedragingen van den Schout -bij -nacht 
naar den aard der zaak uit een bepaald , wij durven haast 
zeggen, eenzijdig oogpunt beschouwde en voordroeg.' 

2°. De tweede omstandigheid, die tot verschooniog van het 
gedrag van lucas kan strekken, vinden wij in zijne instructie. 
Dit bevelschrift werd in November des jaars 1795 opgesteld, 
toen hier te lande geene berigten omtrent den toestand van 
de Kaap de Goede Hoop waren ontvangen, op welke men 
zich kon verlaten , en men zelfs vrij algemeen in het denk- 
beeld verkeerde, dat die gewigtige volkplanting nog in de 
niagt der onzen was. 

In dien geest werd dit bevelschrift hoofdzakelijk ingerigt, en 
er alleen eenige voorschriften bijgevoegd in de vooronderstelling 
van de mogelijkheid der vermeestering van de kolonie. Niet lang 
na het vaststellen der instructie kwam de noodlottige tijding , 
dat de Kaap door de Britten veroverd was. Wat'was natuurlij- 
ker geweest, dan dat men haren inhoud naar de veranderde 
omstandigheid gewijzigd , en aan i.dcas bepaalde en uitsluiten- 
de bevelen gegeven had, hoe thans bij zijne komst aan den zuide- 



' Het ia om dco lezen iezer GeacfaiedeDÏi zcWc beter te kuitnen Jmd Dordccten, ilitt 
wij in de unteekeningen onder deo tekit aommige bDiODderheden nit bet JonrnatJ en 
ktt AlgemeeD Rapport tsh lucii medegedeeld hebbcu, die niet oveTeeDkomni of zelri 
geheel in atrüd i^n met de geloigeoia zyier offlcieren. Winneer Luos wu bljjren leren , 
tanden deze ttej zeker liJn loegelicbt, doch na blijven ij) duieter. 



1, Google 



S78 GESCUIEUENIS VAN UBT 

lijkeQ uithoek van Afrika te handelen. Er kon toch nu alleen de 
rede zijn van verovering, niet van het behoud der volk- 
planting, waarvan de instructie in het breede sprak. Doch 
niettegenstaande het eskader eerst ruim twee maanden na 
het ontvangen der noodlottige tijding zee koos, bleef de in- 
structie, gelijk zij oorspronkelijk opgemaakt was. Onbegrij- 
pelijke nalatigheid van het Lands Bestuur, waardoor, nu de 
Kaap in de magt der Britten was, vele bepalingen duister 
en onzeker werden , en die stellig medewerkte tot het onge- 
luk van het Bataafsche eskader en van lccas. Had de Schout- 
bjj-nacht een meer dan gewoon doorzigt gehad, ware bij 
met geestkracht bezield geweest, dan had hij in de gege- 
vene omstandigheden zich meer gehouden aan het algemeene 
voorschrift, om soldaat- en zeemanschap te gebruiken, dan 
aan de letter zijner duistere en onzekere instructie. Maar 
hiertoe was hij de man niet. Niet onderscheidende waar hij 
dit doen moest, te veel hechtende aan sommige voorschriften 
en andere op den achtergrond stellende, weifelde hij, ge- 
raakte hij in verwarring, paste bij den zin zijner instructie 
verkeerd toe, en nam geene of ontijdige bestuiten. Deze 
handelwijs regtvaardigt zeker het door ldcas gehouden ge- 
drag niet, maar wie was daarvan de eerste oorzaak? Moet 
men niet erkennen, dat zijne misslagen eenige verontschul- 
diging vinden in de onverantwoordelijke achteloosheid derge- 
nen , die bet roer van den Staat in handen hielden ? ' 

3*. De derde omstandigheid die ten gunste van ldcas 
kan aangevoerd worden ,. bestaat in de zwakheid van het 
eskader en in de ijdele hoop op de hulp der Kaapsche in- 
gezetenen en op Franschen bijstand, waarmede men hem 
vóór zijn vertrek gevleid had, en waarop hij te veel ver- 



■ Uit het Bapport tam spoors, bt. 115, bljjkt, dat men in die dagen ook aumer- 
kÜJgïa geiDitkt heeft over het oaverandeid bllJTen der Insliuctie. en h)] erkent, dat 
die ïeraadsriDg gemakkelyk had kannen gesohieden. OTerigeni i> bet bieedToeri; be- 
toog, dat 3P0OBS in lijn Rapport noodig achtte om bet «are verstand tu de lortrao- 
tio t« doen kenDon, bet bette beiqta, dat et Teel doiiteie en onieken in wu. 



V Google 



MBDERLANDSCHE ZEEWEZBN. 379 

trouwen stelde. Naar het oordeel van deskundigeo , ' was 
het eskader onvoldoeDde, om de Kaap de Goede Hoop, 
zoo die volkplaatÏDg oog io de magt der onzen was, tegen 
eenen aanval der firitten behoorlijk te kuDneti beschermeo, 
en werd het nog veel ongeschikter geacht om de Kaap, bij- 
aldien zij in Ëngelsche handen was gevallen, te heroveren. 
Want , behalve dat er te weinig zware schepen in het eska- 
der gevonden werden, om aan de Britten, wanneer deze 
met eene scheepsmagt van slechts eenig aanzien kwamen 
opdien , het hoofd te bieden, of ze van de Kaap te kunnen 
verdrijven, zoo was het eskader geheel ontbloot van land- 
troepen , * zonder welke het niet denkbaar was de Kaap te 
hernemen. Het was op grond hiervan, dat sommige vlag- 
ofScieren den togt onraadzaam oordeelden , ' en dat andere , 
aan wie vóór ldcas het gebied over het eskader werd aan- 
geboden, dit, naar het schijnt, van de hand wezen. * Wei- 
ligt had i.üCAS dat voorbeeld gevolgd , en hoe wija zou hij 
daaraan gedaan hebben ! maar de hooge ingenomenheid van 
FiBTER PA0Lii$ en den Vice-Admiraal de winter, in wie 
LUCAS een onbepaald vertrouwen stelde, met deze onderoe- 
ming; de kleinachting van de magt der Britten, die in deze 
dagen vrij algemeen was, de overtuiging die men had van 
de goede gezindheid der Kaapscbe ingezetenen , * waarin t.vcas 
deelde, eo vooral ook de hoop die men hem gaf, dat eene 
Fransche scheepsmagt hem in zijne krijgsverrigtingen , zoo aan 



' Het name tid ieu Vice-Admirwl na sili, die op itrond ditrvan eo emdat hQ 

de gehntc oaderagmiDg via het Ik^d sf had afgEkeard , aan da Nit. VBrgadtrÏDg op 
dcu 86 Uei 1T9T variocht outaligen te «ordcy lan i|jn bEuoeniiiig tut Hd vm den 
krijgiraad in de laak van LUcas. 

- Het Engelache berigt ti>ch , dat ei lieh 8,000 man trccpen op het eakader bevoD> 
den, il te^ eeiiEnule itlfldig met de waarheid. 

> De boveoguiORDde Vice-Admiraal i, aaLa. 

* Dit »gt «FOOBB in itjn Bapport hl. 11, «el niet atelbg, miar achter zoo, dat 
nen dit voor waarheid Mhynt Ie knoDCU aannemen. 

> Een ingaietBa van de Kaap, die lich hiar te lande ophield en hoog opgaf van de 
RapnhlikeiDBcbe gezindheid der ingezetenen van die volkplanting , irat daarvan vooral 
de oonaak. 



1, Google 



2Ö0 GESCHIEDENIS VAN HET 

de Kaap als in Oostiudië hulp zou bieden , schijnen hem over- 
reed te hebben , het opperbevel te aanvaarden. Het blijkt intus- 
schen, dat lucas zelf vóór zijn vertrek uit deze landen de 
magt, over welke bij gesteld was, nadat de tijding, derinnemiog 
van de Kaap ontvangen was, te gering achtte' en dat hij 
zwarigheden opperde omtrent het genoegzame van den toe- 
gezegden bijstand der Franschen;' doch zijn verlangen naar 
meerdere schepen van linie bleef, niettegenstaande de om- 
standigheden merkelijk veranderd vraren, onvervuld, en men 
liet hem uitzeilen zonder hem eenige nadere en voldoende 
inlichtingen omtrent den aard der Fransche hulp te geven. 
Lucas koos dua zee met zijne betrekkelijk geringe magt, 
maar in het vertrouwen op de ondersteuning der Kaapscfae 
ingezetenen en der Franschen ; een vertrouwen , 't welk ken- 
nelijk invloed gehad heeft op zijn onwankelbaar besluit, de 
Saldanha'baai binnen te loopen, en op zijn langdurig verblijf 
aldaar; dat hem tot in de laatste oogenblikken bijbleef; 
waarmede hij , wat de Fransche hulp betreft , zich nog bij 
het opzeilen der Ëngelschen vleide, en dat hem niet eerder 
ontviel, dan toen de Britten reeds de baai binnen kwamen. 
Zeer zeker beging lucas een groven misslag met een ge- 
bied te aanvaarden over eene onvoldoende scheepsmagt, en 
zich onbepaald op de ondersteuning der Kapeoaren en den 
bijstand der Franschen te verlaten; maar wij vragen, of zij, 
die hem met zulk eede geringe magt deden vertrekken , en 



1 Dit geeft hg U keoBBa in tea' brief lui den k*pit«iD clihis, toen bet Kikidei 
nog in Teiel lig, schrtjvende, dat bet «el fan de pilertte nooduketykhüd iriie, dit 
het Eikader nog met twee linieschepeb Tenterkt wierd; "dan." voegt h|j er bg, "hoe 
daaraan te komen, weet ik niet; onn Marine ia eea kind in de geboorte." Brief aan 
kapitein clakis nit Texel, 26 Xor. 17BG, TOorkomende in itf Kopijhoek van Luua. 

* Uit deed hij ia een' brief un fieter p^ubim, toenmaligen preiidEDt ïid het 
Conmitli van Korine, nit Texe] 87 Ju. ITBfl, in het KopijboeJt cit. Diirid leeat 
meO: "Dat èn de Kaap in Trincooomale, ali het kan, moet beraomeD worden, isisker; 
maar is &u daar de prteientie van MoDsiear picuekon genoeg toe? Ik voor m^ geloof, 
hoe ligt altei geateld woidt, dat het toeb eoo gemakkelijlc n>at lat gaan. Ilr ben joiit 
niet zwBiTTDoedig , doei men moet den Beertnhuid niet deeUn vóÓr men i^m gnanffen 
ite/t." Het blijkt niet, dat piktib pauLUS op deie zininede geantwoord bedt. 



V Google 



N£D£RI.ANDSCU£ ZEBWEZEN. SM 

hem het vertroawen op die ondersteuniag en dien bijstand 
inboezemdeD , gaascbeüjk zijn vrij te spreken? Naar ons 
oordeel is lucas in dit opzigt als slagtoffer aan te merken 
ven zijn te groot vertrouwen , en dus meer te beklagen dan 
te veroordeeleD. 

4". Eene -vierde bijzonderheid mag niet voorbij gezien 
worden; zij betreft de weinige bekwaamheid der meeste 
hoogere en lagere officieren van het eskader, het gebrek aan 
overeenstem mmg onder hen en den geest van partijschap die 
onder hen heerschte. 

Wanneer lvcas zich had kunoen verdedigen, zou waar- 
schijnlijk het gedrag der hoogere en lagere officieren ten 
volle opgehelderd zijn, en deswege bijzonderheden aan het 
licht zijn gekomen, die zijne handelwijs vermoedelijk in 
zekere opzigten konden verontschuldigd hebben. * Thans is 
dienaangaande slechts - weinig bekend. Zooveel echter weten 
wij , dat er onder de scheepsbevelhebbers maar enkele bekwame 
waren ; dat eenige vroeger niet bij 'b Lands marine hadden 
gediend , en dat deze noch kunde , noch ondervinding genoeg 
bezaten, om zich op hen te kunnen verlaten; dat zij niet 
berekend waren, om den Schoat>bij-nacht met raad en daad 
bij te staan, in de moeijelijke omstandigheden, waarin hij 
gedurende de la^te dagen verkeerde; dat er tusschen de 
nieaw aangestelde officieren en die der vorige marine weinig 
of geene overeenstemming bestond ; dat het voor den dienst 
zoo noodzakelijke esprit de corps dien ten gevolge geheel 
ontbnüi; dat er onder de officieren der vorige marine som- 
mige waren, die den Stadhouder nog met hart en ziel toe- 
gedaan waren, en dat er vermoedens bestaan, dat één of 



1 Id MO brief ud het CominitU lan nuiDe, gMcbnvm dm 7 Dee. 1796 v>a de 
Kup de Goede Hoop, n& de otergtve vto het eakndei, beklugt lucai lich over bet 
gedng T«D aommige officiereD, en geeft by de boop te lieoDeD. dit het nuawkeiirig 
100 ondenocbt voeden. "Het ittit ," Kbfjjft bfj onder aoderen , "geen officier, ten mintte 
deinlks, welke mij geno«fxMin op de knieën bebben gebeden, dt Manacr» «elke itond 
te geMhieden, Toor te kamen, niet rrg, my in het openbaar of in t verborgen te 



V Google 



282 QESCUIEDENIS VAN HET 

meerdere van deze laatstee lïïcas niet altijd zoodanigen raad 
gaven , ' ats het belang des vaderlands acheen te vorderen. Bij al 
de overige omstandigheden mag deze bij de beoordeeling van 
het gedrag van lucas, niet iiit oog verloren worden. Die 
zamenstelling van het corps zeeofËcieren op het eskader kan 
loch hem niet geweten worden, maar was het Doodlottige 
gevolg van de dwaze en ontijdige ontbinding der voormalige 
marine in de eerste dagen der omwenteling. 

5°. Eindelijk, het oproerig gedrag van bet scheepsvolk, 
ofschoon, naar het schijnt, wel eeaigzins overdreven voor- 
gesteld, kan ook tot verschooning strekken der haodelw^s 
van den Schout-bij -nacht. 

Meermalen is gezegd, dat de zeelieden van oade tijden 
af zeer gehecht waren aan het Hois van Oranje; en dat zulks 
te dezen tijde nog het geval was, had zich geopenbaard 
bij de jongste omwenteling, toen het meerendeel van het 
scheepsvolk geweigerd had, onder bet nieuwe Bestuur te 
dienen. Door den stilstand van den handel en de zeevaart, 
werden echter vele ooderofKcieren en matrozen genoodzaakt, 
op nieaw in dienst te treden, maar daarmede hadden zij 
hunne vroegere gevoelens niet laten varen. Dit had t.ccas 
zelf ondervonden , toen hij nog ter reede van Hellevoetsluis 
lag, wanneer op zijn schip eene gevaarlijke zamenzwering 
ontdekt werd. Gedurende den togt naar de Saldanha-baai 
waren er op de Revolutie , gevoerd door den kapitein btnbbnde , 
mede duidelijke kenteekenen gezien van den afkeer dien het 
scheepsvolk der tegenwoordige orde van zaken toedroeg, eo 
van zijne genegenheid voor den verdreven Stadhouder en 
zijn Huis. Bovendien was het verloop op alle plaatsen, waar 
het eskader zich ophield , zeer groot. De vrees was dus niet 
geheel ongegrond dat , bijaldien het eenmaal tot een gevecht 



> In eenc mg med^edecldc unteakeiiiDg vke een' officier, die zich op bet eakite 
berood, lees ik omtrent ecD der foomumitcacheeptbevelbebben. dtt hjj de bekwumste 
lui alle offlciereD wu. "Ware hü." Toegt hy ei by, "een zoo goede TMtdunu gewewt, 
zon bet mÏDder noodlottig met het eaksdcr i^n afgeloopen." 



1, Google 



NÏDSRLANDSCHB ZEEWKZEH. Züö 

met de Britten mogt komen , er züh een geest vao kwaad- 
willigheid zou opeobareo, en meo zich weinig op het scheeps- 
volk zou kanoen verlaten. Hetgeen in de Saldanha-baai ge- 
betude, bevestigde zutksi want, alhoewel de opstand, bij 
de verscbijoing der Britten , verre was van algemeen te 
isiJQ, en op de meeste schepen de rust bewaard bleef tot 
na de overgave van het eskader , zoo staat het nogtans vast , 
dat op eenige der grootste schepen, met name op dat van 
den Schout- bij -nacht en van de kapiteinen rïnbendb en 
CLARIS, het volk aan het muiten sloeg, terwijl bet verloop 
van dag tot dag , ja van oogenblik tot oogenblik , op eene 
schrikbarende wijs toenam. Wat kon men hij zulk eene 
muitzucht van de equipagien dezer drie groote schepen ver- 
wachten? Stond het niet te duchten, dat zij 'zouden weige- 
ren te vechten? Lucas moge dan later, om ziJD gedrag te 
vergoelijken, de oproerige bewegingen eenigermate hebben 
overdreven; tegen te spreken is het nogtans niet, dat er 
b^inseleu van opstand geweest zijn, die, in verband ge- 
bragt met hetgeen vroeger op het eskader was voorgevallen , 
bekommering bij hem moesten verwekken, hem bet ergste 
deden vreezen en in het nemen van kloeke en afdoende be- 
sluiten belemmerden. Men moge dit afkeuren, ldcas zelf 
van kleingeestigheid beschuldigen . maar wie is hij , die kan 
verzekeren , dat hij , in dergelijke moeijelijke omstandigheden 
geplaatst, beter zoo gehandeld hebben? 

Er bestaan derhalve, naar ons inzien, zonder echter in 
het minste zijn gedrag te willen regtvaardigen , verschillende 
redenen, om do handelwijs van den Schout-bij -nacht lucab 
met meerdere toegevendheid en kalmte te beoordeelen, d^n 
zijne t^en hem hoog iugenomen tijdgenooten deden, die, 
met voorbijzien van de misslagen, door het bewind bij den 
aanleg van den togt begaan , en niet lettende op de verdere 
omstandigheden, die voor zijne verschooning pleitten, hem 
strengelijk veroordeelden en welligt, zoo de dood hem daar- 
van niet had gevrijwaard, door eene zware straffe daarvoor 
zonden hebben laten boeten. Beklagen wij dus den man , 



V Google 



284 GESCHIEDENIS VAN HET 

die eene betrekking en bet bestuur over eeuen togt op zich 
nam, waarvoor zijn schouders te zwak waren, en besluiten 
wij de beschrijving van deze jammerlijke onderneming met 
den wensch , waarmede de Advocaat-Sscaal spoors zijn ver- 
slag eindigde: "Dat het onheil, san ldcas wedervaren, ten 
spiegel moge verstrekken voor andere officieren!" 



ONDEENEMINQ TEGEN lEBIAND £N ZEESLAG VAN 
KAHPBRDUIN , 11 OCTOBEa 1797. 

De werkeloosheid van 'a lands vloot gedurende de twee 
afgeloopene jaren had velen in hunne hoc^ gespannen ver- 
wachtingen teleur gesteld, en de rampen, die de zeemagt 
der Republiek , bijzonder in het verlies van het eskader onder 
den Schout-bij -nacht lücas, getroffen hadden, verwekten 
algemeen misnoegen. Even gelijk zulks tijdens den Ëngel- 
schen oorlog had plaats gevonden, schreef men die werke- 
loosheid en die rampen grootendeels aan hen toe, die met 
het bestuur der zeezaken belast waren. Het onbepaald ver- 
trouwen, gedurende de eerste dagen der omwenteling in het 
Committé van marine gesteld, was sedert den dood van 
piETER PADLUB merkelijk verzwakt, en hield door het ge- 
beurde in de Saldanha-baai , bij de voorstanders der tegen- 
woordige orde van zaken bijkans geheel op. De aard en het 
gezag van dat collegie werden onvoldoende geoordeeld. Daar 
het Ck)mmitté toch verpligt was, in aangelegenheden van 
boitengewoon belang, telkens de bevelen der Nationale Ver- 
gadering te vragen en te ontvangen, bestond er, naar hun 
oordeet, niet die strikte geheimhouding omtrent de voorge- 
nomene ontwerpen , welke tot het welslagen noodig was. Daar- 



V Google 



NEDERI.ANDSCHE ZEEWEZSN. 3s5 

enboven miste het Committé die voortvareDdheid , welke ver- 
eischt werd, om tijdig en met voordeel van 'slands vloot 
gebruik te kunnea makea. Vrij algemeen was men diu van 
gevoelen, dat eene verandering wenschelijk ware, en bij de 
intrede van een meaw jaar, waarin men hoopte, dat de zee- 
magt eindelijk in de gelegenheid zou zijn, den trotschen 
Brit zijnen overmoed betaald te zetten, meenden velen, dat 
zulk eene verandering gevorderd werd. 

In dezen geest werd door de Commissie tot de Buiten- 
landsche Zaken op den 24 Februarij des jaars 1797 een 
voorstel aan de Nationale Vergadering gedaan. Daarbij wees 
zij de noodzakelijkheid en het nuttige van zoodanig eene ver- 
andering aan en droeg voor, haar, naar het voorbeeld van 
het Secreet Besogne der voormalige Staten-Generaal , te mag- 
tigen, om de Instructien voor den Commandant of Comiaan- 
d&ntea van 'slands vloot of eskader, door het Committé der 
marine ontworpen, te kunnen goedkeuren; welk voorstel on- 
middellijk aangenomen werd, met bijvoeging, dat de Com- 
missie tot de Buiten landsche zaken tevens zou vermogen, die 
Instructien zoodanig te veranderen , als zij zou meenen te 
behooren. ' 

Gewigtig besluit voorzeker, waardoor de magt, die de 
Nationale Vergadering tot hiertoe omtrent de aangelegen- 
heden van de zee bezat, overgebragt werd op de Commissie 
tot de Buitenlandsche Zaken, waarmede tevens aan haar 
onderworpen werd het Committé van marine , tot geen gering 
misnoegen der leden van hetzelve, en waardoor de beslissing 
over de hoogste belangen van 'slands vloot, die tot dus 
verre afhing van de gevoelens eener vergadering, uit ruim 
honderd twintig leden zamengesteld , toevertrouwd werd aan 
eene Commissie , uit niet meer dan zes personen bestaande. 
De uitwerking, die deze wijziging op het opperbestuur van 
'slands zeemagt had, openbaarde zich spoedig. Mogt slechts 
de Commissie tot de Buitenlandsche Zaken van de haar op- 



1 3eer. Bet. ITol. tergadering U Febr. 1797. 



V Google 



•286 OESCHIBDBNIS VAN HET 

gedragen magt steeds met beleid en vooreigtigfaeid gebruik 
hebben gemaakt! •* 

Zoodra de Commissie tot de BuitenlaDdsche Zaken zidi 
met deze wijd omvattende magt bekleed zag, begon zij te 
raadplegen over hetgeen, gedurende het na aangevangen jaar 
in het belang des vaderlands en tot afbreuk van den vijand 
zou kannen en behooren ondemomen te worden. Twee onder- 
werpen kwamen hierbij voornamelijk in aanmerking: 1*. bet 
zenden van een eskader, met het noodige krijgsvolk, naar 
de Westindische volkplantingen, tot aflossing van datgene, 
't welk in het vorige jaar derwaarts vertrokken was onder 
den Vice-Admiraal braak, die kort na zijne komst te Suri- 
name overleed, en tot verdediging dier kostbare bezittingen 
van den staat; 2*. het met het Franach bewind gemeen- 
schappelijk overleggen der krijgsverrigtingen , die in het op 
handen zijnde gunstige jaargetijde tegen Groot-Brittanje zou- 
den behooren ondernomen te worden. Tot beide einden 
meende de Commissie van de Buitenlandsche Zaken noodig 
te hebben de vrije beschikking over een gedeelte der krijgs- 
m^t van de Republiek , opdat zij , bij de uitvoering van 
eenige onderneming, daarvan zou' kunnen gebruik maken, 
zonder verpUgt te wezen de toestemming der Nationale Ver- 
gadering te vragen, waafmede het spoedig verwezenlijken der 
plannen vertraagd en het geheim verbroken zou kunnen wor- 
den. Ëea voorstel werd door de Commissie dienaangaande 
aan de Nationale Vergadering gedaan , die er geene zwarig- 
heid in vond, haar onmiddellijk te magtigen, zoodanige land- 
troepen te gebruiken , als welke zonder gevaar voor de v^g- 
heid naar buiten of van de binnenlandacbe rust zouden kun- 
nen worden gemist, en als meest voordeelig zijn zou \oat 
het ware welzijn der Republiek en tot afbreuk van den vijand ; 
wordende de Commissie, mede op haar voorstel, verder in 
dat geval gemagtigd tot het koopen of huren van transport- 
schepen. ' 

: BU 3vcTtU Bei. der NatUmale Vtrsaitnag Tan 27 Murt 1797, op welkn A^ 
ook liet voontel gedsui wsrd. 



1, Google 



MSD£RLANDSCHE ZEBWEZEN. 287 

I>oor dit beskit werd de magt , a&D de Commissie tot de 
Buitenlandscbe Zaken opgedragen, merkelijk vergroot, daar 
nu , \>)^ het aan haar reeds toevertrouwde opperbestaur over 
de zeezaken, nog de vrije beschikking over een aanzienlijk 
gedeelte van het krijgsvolk gevoegd werd. Zij achtte nogtans 
dit niet voldoende, om in haren werkkring vrij te kunnen 
handelen. Zoowel het Committé van marine als dat tot de 
algemeene zaken van het Bondgenootschap te lande, onder 
welks beheer de krijgsmagt stond , konden haar 'm hare ver- 
rigtingen belemmeren, en wie waarborgde het, dat de door 
haar gemaakte ontwerpen , wanneer zij aan die collegien 
moesten medegedeeld worden, geheim zoaden blijven P Zij 
noodigde dus' die beide Collegien uit, eene secrete Com- 
missie uit hun midden te benoemen, met welke zij zou kun- 
nen overleggen de gewigtige zaken, die haar waren toever- 
trouwd, zonder dat die Commissie verpligt zon zijn verslag 
te doen aan het Committé, waartoe zij behoorde, dan alleen 
in zoodanige gevallen, wanneer eenige bevelen door het Com- 
mitté zouden moeten worden gegeven. Ook dit vond geene 
zwarigheid, en de twee Committés benoemden de verlangde 
Commissien,' die van nu af, met en onder de Commissie 
tot de Buitenlandscbe Zaken , allea overlegden en regelden 
wat tot bevordering kon dienen van de twee groote onder- 
werpen, wier uitvoering men zich voorgesteld had. 

Met het eerste ontwerp , door de Commbsie tot de Buiten- 
landscbe Zaken gevormd, het zenden, namelijk, van het 
eskader naar de Westindische volkplantingen, stond het 
tweede, de verder te doene krijgsverrigtingen , in een naauw 
verband, daar het naar Westindic bestemde eskader, dat 
wegens de groote overmagt der Britten niet door bet kanaal 
kon loopen , maar de reis om de noord doen moest uit vreese 
van in 'svijands handen te vallen, tot zekere hoogte door 



I By bricTcn TiD dan 89 Murt 1T97. 

> Vin wage hat CommittC va» Xariae werden tot dit cinile beaoemd de barge» 
H. IIHIAI, A. O. BnlEK en q. yak OLlvua, en vin wrge het CommitU nn het 
BondgtDootiehip te luide de burgen c. h. tah skaitild en jacdbus si 



byGoogle 



GESCUIEDEMS VAN BET 



de vloot behoorde geleid te worden. Het was das uoodig, 
niet slechts het bedoelde eskader ten spoedigste uit te rusten, 
iGU einde het gunstige jaargetijde niet te laten voorbijgaan, 
maar tevens de vloot , welke dan ook de gevolgen van het g^ 
meenschappeltjk overleg met Frankrijk mogtea zijn, zonder 
uitstel tot den dienst op zee gereed te maken en zoo veel 
oorlogsschepen op één punt te vereenigen als mogelijk lijo 
zou, om aldus naar behooren het Westindische eskader te 
kunnen dekken en den vijand het hoofd bieden. 

Krachtig sloeg men de hand aan het werk tot bereiking 
van dit dubbele oogmerk. Dag en nacht werd gearbeid aao 
de uitrusting van het Westindische eskader 't welk zamen- 
gesteld zou zijn uit twee schepen van 56 , drie van 26 , drie 
korvetten van 18 stukken en vier gewapende Oostindievaar- 
dere , ' en waarover het gebied aan den Vice-Admiraal i. c. 
VAN BADERS opgedragen werd. Met niet niet minder ijver 
werd het in gereedheid maken der vloot voortgezet, en om 
aan deze de meest mogelijke sterkte te verleenen, liep de 
Vice-Admiraal reïntjes, bij afwezigheid van den Vice-Ad- 
miraa! de winter, op den 1 Maart met al de bescMlbare 
oorlogsschepen uit Texel, opdat de in de Maas liggende sche- 
pen, wie zulks tot dus verre door den vijand was belet ge- 
worden, zich met hem zouden vereenigen en naar Texd 
wederkeeren. Deze vereeniging vond den volgenden dag plaats 
zonder ontmoeting der Britten, en de gezamenlijke zeemagt 
kwam dien eigen dag behouden in ïeiel binnen. ' Hiermede 
verkreeg 's lands vloot eene aanzienlijke versterking , ' ioodat 
zij kon geacht worden in staat te zijn, wanneer 'Bvijands 
magt niet al te groot was, aan het Westindische eskader 
behoorlijk geleide te verleenen en verder die verrigtingen te 



I Nundljk: Dtlp en ds Saitmer vu G6i Seelor, Venui on B»]chtixt»naK, 
eo Alarm, Valk ea hst Zeepaard, tm 18 itnkksD. 

i Oartpronkelfjlie bruiTen nn den Vics-Adminil sithtjeb vin 1 Bs3Muitn>'i 
UQ da NktiouDlG Vergadering en aan fait Committj iin Mirine. 

3 Tc neten : de Brutiu , vnn 74 , da Jïerculei nu 6i , de Delft , van 64 , de Siteic<^ 
en de FurU van 86, Miaerva en Venut ™, 24 en de ealaihea van ]S slullH- 



V Google 



H£D£RLANI>SCH1 ZKBVTEZEN. 289 

ondernemen , velke na overleg met Frankrijk raadzaam zou* 
den geoordeeld worden. 

Het misnoegen onder een groot deel der bevolking van 
Ierland en de zucbt om het Britsclie jak af te werpen , had- 
deo sedert de vermeesteriDg van dat eiland door Koning 
wiLiiEM nimmer opgehouden en openbaarden zich telkena 
in dubbele mate, zöodra de gelegenheid zich scheen aan te 
bieden, om de voormalige onafhankelijkheid terug te beko* 
men. Nimmer echter was de geestdrift Toor die onafhanke- 
lijkheid sterker geweest dan na het uitbreken dec. Fransche 
omvrenteUng. De begrippen van vrijheid en gelijkheid en 
het gevoel van haat tegen de Britten, welke in Frankrijk 
heerschten , vonden luiden weerklank in de gemoederen der 
Ieren , die , door Franache zendelingen opgeruid , en met geld, 
wapenen en krijgsbehoeften heimelijk ondersteund , meenden, 
dat de dageraad hunner bevrijding weldra zou aanbreken, 
en met angstvalligheid het oogenbUk te gemoet zagen, dat 
eene meermalen toegezegde, doch lang te vergeefs verwachte 
krijgsmagt voet aan wal zou zetten, om openlijk den stand- 
aard des opstands te verheffen. Zulk eene onderneming had 
de Fransche republiek beproefd tegen het einde des vorigen 
jaars, toen eene aanziealijke vloot, aan boord hebbende een 
leger van 20,000 man , onder den Generaal nocHE , uit Breet 
in zee Uep en koers naar Ierland zette. Zonder tegenstand 
bereikten zij de kusten van dat etiand, en allea scheen aan 
te duiden, dat de onderneming zou slagen, doch verkeerd 
bestuur, ongelukkige keus der plaats en hevige stormen 
verijdelden de poging tot eene landing. De Fransche vloot 
zag zich genoodzaakt, onverrigter zake weder te keeren, 
gedurende welken terugtogt eenige bodems aan strand ge- 
dreven en vernield, en' nog meerdere door de Britten ver- 
overd werden. 

Met deze ramp was intusschen de zucht der Ieren naar 

bevrijding niet uitgedoofd , ja werd veeleer door de strenge 

maatregelen der Britsche regering aangewakkerd. De Fran- 

schen, van hunne zijde, lieten hiermede hunne plannen, om 

V. 19 



V Google 



390 GESCU1£DBNIB VAN UKT 

de Ieren tot opstand aan te zetten en daardoor Grtxd-Bnt- 
tanje den doodsteek toe te brengen , ook geenszins varen. T^ 
de lente des volgenden jaars weid een ander en veel oUgebni- 
der ontwerp gesmeed, waaraan de beide met de Franube 
republiek verbondene mogendheden, Spanje en Holland, dd 
zouden nemen , en waarbij de Bataafsche vloot eene gevig- 
tige rol spelen moest. 

Op den 4 April ontving de Commissie tot de Buitenland- 
sche zaken dienaangaande bet eerste voorstel van den ïiam- 
schen Minister van Marine, trogubt, die baar verrolgens 
onder de stiptste geheimhouding, met de door het Directoire 
bepaalde ontwerpen nader bekend maakte. ' Deze ontwerpen 
kwamen hierop neder: dat te Brest eene Fransche vloot 
zou uitgerust worden, bestaande uit 30 schepen van linie, 
een groot aantal fregatten en transportscbepen , strekkende 
tot overbrenging en geleide eener legermagt van 50,000 man 
Fransche troepen; dat zich bij die vloot zouden voeg«i 20 
Spaansche liniescbepen ; dat de Bataafsche republiek van bare 
zijde , zou wapenen al hare oorlogsschepen , fregatten en aadeie 
kleinere oorlogsvaartuigen , benevens een voldoend getal tiaos- 
portschepen tot overbrenging van 15,000 man Framch krijgs- 
volk ; dat de vereenigde Fransche en Spaansche vloot , die 
men rekende in de maand Julij gereed te kunnen zijn, bij 
de eerste gunstige gelegenheid eene laading in bet zuiden 
van Ierland zou doen, terwijl aan de Bataafsche vloot nenl 
opgedragen, zulke eene landing in het noorden van dat 
eiland te bewerkstelligen; vertrouwende het Directoire, dat 
deze dubbele onderneming , waardig den moed en der mig^ 
van de verbondene mogendheden , en in een gunstig jaarge- 
tijde ondernomen, wel zou slagen, "zonder dat de meoschffl 
of de elementen haar zouden kunnen verhinderen!" 

Bij de gezindheid der Commissie tot de Buitenlandsche 

1 Hat hkr medFsedeelde i> ontteoDd uit de oonpninksl|jke briersn , dooi dia lliv>- 
ter kchlsnolgent un de Commiuie lot de Buitsnlandiefae Zaken gsKhreiti, n» 
veU iDder* beUngrijke, tot dol vem ongebnukte, tot de expeditie uur lulndk' 

trekkelyke, offlciele atakkea. 



V Google 



NZDBRLANDScaE ZSBWÜZIIN. 291 

Zabü, om ^t jaar, met overig van Fraokiijk, ieta gewig- 
tigstot afbreuk van den geaLeeDschappelijken vijand teonder- 
oemoa, waartoe de haar vertrouwde magt haar ten volle ia 
stut stelde ; konden de voorstellen van den Franschen Minister 
van Marine haar niet anders dan welkom zijn. Zij keurde 
H doo ook, wat de hoofdzaak betrof, het onderoemen name- 
lijk eeaer landing in het noorden van Ierland door de Bataaf- 
gche vloot , goed , en ten blijke van hare bereidwilligheid , om 
illes wat daartoe vereiscbt werd , binnen den kortst moge- 
lijken tijd in gereedheid te brengen , gaf zij onmiddellijk na 
bet (HitvangeQ der eerste mededeeling, den last, 25 groote 
tnuisportvaartuigen te huren , ten einde het krijgsvolk in te 
schepett. Er rezen nogtans ernstige bezwaren tegen tweederlei 
Torderingoi van het Fransche bewind , te weten , om af te 
vm van het zenden van het eskader naar de Westindiën en 
OU 15,000 man Fransche troepen door 's Ijinds vloot naar 
l^aod te^doen overbrengen. Het eerste was door hetFransch 
bevind gevorderd , omdat het van oordeel was , dat dopr het 
lenden van dit eskader de magt der Bondgenooten tot vol- 
voenng der groote onderneming verzwakt en de Bataafsche 
Tloat verbrokkeld zon worden. De laatste vordering was door 
bet Directoire gedaan op grond, dat het de Fransche troe- 
yea voor zulk eene onderneming, wegens hunne meerdere 
geodfeadheid en oorlogsdaden, geschikter achtte dan het 
fistaafsche krijgsvolk, daar hunne tegenwoordigheid alleen 
gmoeg zou wezen, om den Britten schrik aan te jagen 
eo den Ieren moed in te boezemen. ' De Commissie was 
van gevoelen , de eerste vordering niet te kunnen inwilligen , 
dewijl Suriname en onzeoverigeWestiadische volkplantingen, 
die van de noodige verdedigingsmiddelen ontbloot waren, 
daarmede aan groote gevaren zouden blootgesteld worden. 
De tweede vond zij vernederend voor het Bataafsche leger, 
terwijl 2^ daaruit boveudiea voorzag nieuwe lasten voor het 



' Ognfiotkdjjke brief nu d«ii MmEetcr teuquct un di Commüiie tot de Buitso- 
Wméi Zües, S flomal au V de Ia SépulUfue. 



V Google 



2<J2 0ESCHIEUEN18 VAN HBT 

uitgepikte vaderland en moeijelijkhedeo vaa allerlei aard b^ 
de iascheping van het vreemde krijgsvolk op 's lands vloot. 
Daar intusscbea de Fransche Staatslieden hunoe vorderingoi 
volhielden, besloot de Commissie, den Vice- Admiraal dz 
WINTER en den Luitenant-Generaal da.bndels oavwwijld naar 
Parijs te zenden om, ware het mogelijk, de gerezeoe be- 
zwaren uit den weg te ruimen, zich vleijende, dat de» 
beide mannen, die zulk een levendig deel aan de omwen- 
teling genomen hadden en bij vele voorname Franschen in 
hoog aanzien stonden, zouden kunnen bewerken, hetgeen 
zij zelve tot hiertoe vruchteloos beproefd had. GeensuDS ag 
zij zich in hare verwachting bedrogen. De winter en daen- 
DELS slaagden na vrij hevige tegenkanting ' er in , het Fran- 
sche bewind te beween, om van de beide vorderingen af 
te zien, onder bepaling echter, dat, bijaldien de 15,000 
man Bataafsche troepen niet voldoende gerekend werden, 
deze met Fransch krijgsvolk zouden worden vermeerderd. 
Bovendien wisten zij te bewerken, dat zoo de groote expe- 
ditie, van de Fransche en Spaansche zijde, die t^^a het 
begin der maand Julij niet gereed mogt zijn, het Bataaf- 
sche bewind, in dat geval, over zijne vloot en ingescheept 
krijgsvolk naar welgevallen zou kunnen beschikken , en aUee» 
gevolg geven aan de voorgenomene onderneming tegen 
Ierland. De reden waarom zij, met voorkennis der Ck>m- 
missie tot de Buitenlandsche Zaken , op de toestemming van 
dit laatste hadden aangedrongen, was gelegen in de onge- 
reedheid der Fransche zeemagt, ten gevolge der verliezen 
bij de jongste mislukte landing op dat eiland, en in de 
nederlaag, onlangs door de Spaansche vloot bij Kaap St. Vin- 
cent geleden. .De Commissie en bijzonder de winter en 

> Id ds (wnproiikelfjke en belutgei^lM biicreD tui di wintks en daemdeu tam 
de CommiMie leut meii omfarsat den tegeaattad dien ifj oDdervoiiden, ondei uAenn, 
het aavolgende; "Wg hebben veel bardoekkigheid, eigenliefde, eigeDwysheid en een 
groot mislrouKen qiiui omtrent ouie militaira msgt, loo te ntXex ali te laode, geran- 
den." Tot OTerwinning van iüe bsrdnekkigbeid eui. maakten 1(1 gebniik ook *■■ ge- 
lieime midiieleu, welke bun, ua bnone terugkomst, tea bedrage van rnim ƒ9000 toI- 
duuii iteTden. SecreU Notale» der Connuju tot de £uilailaiuI«cAt Zakem 179T. 



V Google 



NEDERLAKDSCHE ZEEWF.ZEN. 298 

i>A£NDEi,s vreesden, dat door deze beide omst-andigheden de 
uitrastiogen dier twee Mogendheden of vertraagd , of daar- 
aan dit jaar selfs in het geheel geen gevolg zou g^even 
worden , waardoor de zware opofferingen , tot bereiking van 
dat doel hier te lande gedaan , gansch vruchtelooa zouden 
wezen. Om dit te voorkomen en aldus geene nieuwe st^ 
tot klagteu over de werkeloosheid der zeemagt te geven, 
was het, dat zij er op aandrongen en ook wisten te ver- 
werven, dat de Bataafsche vloot na zeker tijdsverloop de. 
ondememing tegen Ierland alleen zou kunnen ten uitvoer 
brengen. Stout, om niet te zeggen roekeloos ontwerp, * bij 
den zwakken toestand , waarin het vaderland zich thans be- 
vond, in vergelijking van het magtige Albion! maar een 
ontwerp, vraarvoor de opgewondene en verhitte denkbeelden 
dezer dagen niet terugdeinsden , en dat inderdaad zou be- 
proefd zijn , bijaldien 's vijands overmagt ter zee en andere 
omstandigheden zulks niet hadden verhinderd. 

Zoodra men hier te lande het berigt van den gnnstigen uit- 
slag der zending van den Vice^Admiraal de winter en van 
den Luitenant-Generaal dasddels verkregen bad, werden 
door de Commissie tot de Baitenlandscfae Zaken de noodige 
maatregelen genomen, om het krijgsvolk te doen inschepen 
en verder al datgene te verrigten wat vereischt werd tot het 
binnen den kortstmc^elijken tijd in gereedheid brengen der 
expeditie. Op haren last , werden nog eenige transportvaur- 
tuigen gehuiird. ' Aan 15,000 man Bataafsche troepen, zoo 



I Hot wM nkt h«t waige itoaCa, of Umrt n»kclMz« ontwcrpi ^^ ■" ^<" dtgcn 
gerormd werd. Toen in ds mMnd AngnitQ* illn nheni ud t« dniden, dit deeipeditis 
uit Tciel, beooordea Eogeliod om, Dur Ierland gteo gevolg ion liebben, itetde da 
GenenBl oAaHDEU un de Commüiie lot de BnitenluidKhe Zlken voor, de 16,000 
nu te Leith, ud den ooitkant lu Sdiotlind, Ie doni iBoden. en dit rijk dwirs te 
doen doortrekken, ie middelt eenige fregitten en nndere kleinere DorlogiTurtnigen om 
de njxird te zenden uur de bui -na Clyde, iin de iie>lzt|da tbd Sebotlaod, de troe- 
pen in transportichDpen , die men «Idiar gmxkkelyk mu vindrn, in te lehepeti eo lan 
dur nur lerlud over te brengen. Daikdeli DnUomda dit plu in ean' leer omftan- 
ügax blief, en aebtjnt Tin de nitroerburbeid nn t^n «ntwerf orertnigd te i^d gewee*t. 

- Hel geheele getal traDSporteebepen bedrog 28 tregattin en udere groote knop- 
nuden, nfltende ta urnen 1787 lut, tegen la gnlden in de mund elk )*it, 'tgeen 



V Google 



OESCRIEDENES VAN HET 



infanterie en srtiüerie, als cavalerie en rijdende artillerie, 
ingenieurs en pontonniers, ' werden bevelen aitge?aardigd , 
uit de verschillende oorden des vaderlands zich naar Texd 
te bleven eo zich aldaar op 'a I^nds oorlogsschepen ea 
transportvaartuigen in te schepen. Aan het Committé van het 
Bondgenootschap te lande werd opgedragen , 57 stokken g^ 
schut van 6 tot ISï pond, en 14 houwitsers van 24 pond, 
met het nood^ kruid en andere behoeften, te leveren. De 
provincie Holland werd uitgenoodigd , uit bare m^axijnen 
voor dezen t(^ te verstrekken 40,000 geweren, ten einde 
daarmede de Ieren te wapenen, benevens een aantal sffoiteD, 
voor wagens en wat verder voor den artillerietrein gevtn^ 
derd werd. Nog werd de Luitenant-Generaal daendiu tot 
opperbevelhebber van de in te schepen troepen benoemd en 
aan hem, als zoodanig, het bestuur der krijgsverrigtiD^ 
in Ierland toevertrouwd , en werden de Hoofdofficieren , die 
onder hem het gebied over het krijgsvolk zouden voeren, 
aangesteld. * Bovendien werd de burger c. h. van gras- 
TELU, lid der Secrete Commissie van het Committé van bet 
Bondgenootschap te lande, benoemd, om het oppertoeiigt 
te houden over de aangel^nheden , het beheer der krijgs- 
magt betreffende, en tot het besturen der staatkundige be- 
langen met de lerache opstandelingen. Eindelijk, werd eeoe 
proclamatie in de ËngeUche taal opgesteld en gedrukt, teo 
doel hebbende om haar , wanneer het leger voet aan wal lou 






in Mm Hiund un den Linde wsgena haar kostte / 110,805 e: 
Toor *e1ke de icbepen gebanrd «uen, /T00.830. 

■ T» «•teui 10 baUljom infkntcria, behoonndc tot TerKhiUande hilie bn^id», 
vMrin het toetToUr tbtni, Diar het Toorbeeld der Fnntclieii, verdeeliE •■>; ■ btii- 
joni jigera, t ngimenten ligte en iwire canJuie, doch zander pMrden, ji B«p<|- 
uien rydrade trllllerie, mede zonder psn^ni; ie^aieurt bd pontonnien. Osia ita 
troepen wirni b^repen, die roer de Weat bettemd «uren. Uit de Arohirai ra M 
CeatmitU va» ket Bondgateotiehfrf U Lande, tbni bf| het Deputemnt ra Ott- 
log beraiteDde. 

> Dme «sren: de loiteiiint-generul DuvoNOEtn, generul-mijiKir tak bdeco'.!"!' 
LBN TUI HTiTsLT en TAN BUiBiCKi; de koloneli d«r inrtnterifl biktteid a eiL^in, 
irelke lulate hst bevel ion voeren over de troepen, nwr Wettindie beetemd, da Mi- 
sett der emlerie dv kt en VAtoutcx; de Init-kolonel iRATBKHOFr, cotimudeKo'i 
n pontonnien. Uit het Axaln^ do» JM Dtparttmtia etm Oorbj- 



V Google 



NBDEELAND8CHE ZKtWEZKTf. 295 

geut hebben, onder de Ieren te verspreiden, en deze tot 
het opvatten der wapenen en de vereeniging en zamenwer- 
ting met het Bataafsche krijgsvolk aan te sporen. 

Id de eerste dagen van Jnlij had de inscheping van het 
krijgsvolk en al hetgeen verder tot den togt beDoodigd was, 
op de reede van Texel plaats , 't geen met zoo veel geregeld- 
heid en spoed geschiedde, dat de vloot en transportvaar- 
taigen reeds op den iS dier maand n^noeg gereed waren 
om m^ den eersten gunstigen wind zee te kiezen. Het leverde 
ecD treffend en indrukwekkend schouwspel op , waarin duizen- 
ia sich kwamen verlustigen, zoo vele oorlogsschepen en 
tnosportvaaitmgen , te zamen een getal van bijkans tachtig, 
b^Kwrlijk gewapende en wel toegeruste bodems uitmakende, 
«o op wdke een magtig leger ingescheept was, ter reede 
Tin Texel vereenigd te zien; een schouwspel, dat de reeds 
of^ewonde gemoederen der Kepubliekeinen nog hooger spande, 
eo de lang gekoesterde, maar telkens teleurgestelde hoop, 
drai trotschen Brit, eindelijk, zijn overmoed te zullen be- 
taald letten , bij menigeen verlevendigde', ja bijkans als zeker 
deed stellen. 

IntoBschen was er door de vermelde onderhandetingen met 
^nkrijk een kostbare tijd verloopen, en de onwil of het 
alvermogen van Spanje , de nalatigheid der Fransche Repu- 
bliek in de vervulling harer beloften , om van hare zijde thans 
ook eene teer aanzienlijke zee- en landmagt in de haven van 
Biest gereed te hebhen, haddra het gunstigste oogenblik 
verioren doen gaan , 't welk immer zich voor de verbondene 
Mogendheden opdeed , om met vertrouwen op eene goede uit- 
koDut eene landing in Ierland te doen , en Groot-Brittanje 
eldnstot den vred{i te dwingen. Er hadden zich, namelijk, 
in de helFt der maand April, kenteekenen van hevig mis- 
iHegen op een gedeelte der Engelsche vloot vertoond , welk 
nnsDoegen weldra in eenen openbaren opstand ontaardde, 
die van het eene schip tot het andere oversloeg, en zich 
Dinnen weinige weken uitbreidde over genoegzaam de ge- 
heefe Britsche zeemagt. Van nu af hielden alle krijgstucht 



V Google 



296 GESCHIEUeNlS VAN HET 

en .het gezag der otBcieren op , ja de vermetelbeid der moite- 
liogen ging zoo verre, dat bij hanne hoofden het ernstig ojnet 
schijnt bestaan te hebben, de vloot in handen des vijands 
over te leveren of met dezelve naar ver verwijderde oorden 
te zeilen.' Nimmer is, ook volgens de erkentenis der Eo- 
gelscben zelven, het Vereenigde Koningrijk van Groot-Brit- 
tanje nader bij zijnen val geweest dan gedurende dezen op- 
stand, die geene dagen, maar weken, ja zelfs maaodeo 
voortduurde. Hadden Frankrijk en Spanje daarvan gebruik 
gemaakt, ware de togt der Bataafache vloot door de bnder- 
handelingen met Frankrijk niet vertraagd , bet zou met Groot- 
Brittanje gedaan zijn geweest; of het zoii althans in solk 
eenen hagchelijken toestand gekomen zijn, dat het tot 
eenen vrede, op welke voorwaarden dan ook, zou verpligt 
zijn geworden. 

Nu de Bataafsche vloot en de transportvaartuigen gereed 
lagen, waren de omstandigheden tot het volvoeren der lan- 
ding in Ierland op verre na niet meer zoo gunstig. Het 
was, namelijk, den Britschen bewindslieden eindelijk ge- 
lukt, den opstand te dempen en het opperhoofd der muite- 
lingen had voor weinige dagen zijne wel verdiende straf 
ondergaan. Er bleef echter nog veel mienoegen heerscheo op 
de oorlogsacbepen , bijzonder op die , behoorende tot het eska- 
der van de Noordzee, 't welk een levendig deet aan den op- 
stand genomen had, en bovendien had bet gebeurde zulk 
eene groote verwarring veroorzaakt en de krachten der Brit- 
sche zeemagt zoodanig ontzenuwd , dat er nog eenige weken 
verliepen, alvorens de krijgstacht geheel hersteld kon wor- 
den , en de vijandelijke havens en zeegaten , met name Texel , 
gelijk vroeger, met eene aanzienlijke scheepsmagt konden 
bezet worden. De gewigtige vraag rees nu, of, daar noch 
Frankrijk noch Spanje aan zijne verpligtingen voldeed, het 
Bataafsche Gemeenebest, naar hetgeen aan hetzelve bij de 



> Hen TJndt eene btlin^ka betehryviDg tu den optUnd in T%» Natal Sicforj 
n BIENTOH Vol. I. 



V Google 



NEDERl.ANDSCHE ZKEWEZKN. 297 

onderhandelingea te Parijs was toegestaao, onder de tegea- 
woordige omstandigheden , alleen aan den voorgenomen togt 
naar Ierland gevolg zon geven , dan wel , of bet dien , naar 
het voorbeeld der beide andere Mogendheden, zou nalaten? 
De Commissie tot de Baitenlandsche Zaken besloot tot het 
eerste , na door nader ingewonnen berigten zich overtuigd 
te hebben, dat de Britsche zeemagt in de Noordzee wel in 
den laatsten t^d versterkt was geworden , maar dat zij ech< 
ter niet zoo talrijk was , ' dat er geene hoop op het welsla- 
gen der onderneming bestond. Zij gaf uit dien hoofde reeds 
op deazelfdeu dag, ' waarop het meerendeel van het krijgs- 
volk was ingescheept, den stelligen last aan den Opperbe- 
velhebber der vloot, den Vice-Admiroal de winter, zoodra 
weer en wind zulks zouden toelaten, met haar uit te loo* 
pen , en in zee gekomen zijnde , aan de transportvaartuigen, 
wanneer hij het geraden mogt oordeelen, bevelen toe te 
zenden om hem te volgen, al ware het dat er drie of meer 
mogten mtbreken , ten einde met deze vaartuigen en de onder j 

hem gestelde scbeepsmagt benoorden Schotland om , zich naar 
Ierland te begeven , en op de hem door de Commissie * i 

voorgeschrevene plaats, zijnde de baai van Lough Swilly, 
de voorgenomene landing te volbrengen. Diie dagen later 
werd die last herhaald en de Vice-Admiraal gemagtigd om , 
al ware het dat de magt des vijands, gelijk de jongste be- ! 

rigten inhielden, mogt aangegroeid zijn, doch sedert daarbij 
geene nieuwe versterking gekomen was, bij de eerste gun- | 

stige gelegenheid zee te kiezen en eenen zeeslag te wagen, I 

bijaldien hij , Yice- Admiraal , in gemoede van oordeel was , 
dat eene betamelijke zorg voor 's Lands vloot en de hand- 

' Din IS Jnly kfraiD de kipibnn-liittciunt avTflOB, die ila pkrlenniUir near ilcn ! 

Brittebm Adminal suscah gewseitvu, in Texel terag. Deit berigtte, dst d« Eogsl- ! 

■ehii Tloot tbtiii nit aiet meer din elf liDieschspen beitoDd, doch wuronJei éfn v^d \ 

ISO, twee Tin 80 m zeren vin 74 stukken, beneTens eenige mindne icfaepen en vur- 
tmgen. De Bituacba tIooI telde IS lininchepoi, wuronder riei zsTentigen, dmh ook 
ook rier T^ftigen. 

> Bfj Seervfe Ba. tan 18 JolQ 1797. 

> Bg Seerei» Sa. va» 10 Jaljj 1707. 



V Google 



ZVO 6ESCHIK0ENIS VAN BET 

having zijner eigeoe eer hem naar de regelen van ioldul 
en zeemanschap zulks veroorloofden. ' Meermalen werd di 
last daarna op nieuw en in aterke, ja dringende bewooi 
dingen aan de winter toegezonden. Ook werden hem é 
reden afgevraagd , waarom hij van de gunstige gel^abei 
die er, naar het oordeel der Commissie, bestaan bad, oi 
uit te loopen , geen gebruik had gemaakt. Bovendien wei 
een lid der Commissie naar Texel afgevaardigd , om in pej 
soon deswege inlichtingen te bekomen. Nog werd aan d 
WINTER voorgeschreven, dagelijks berigten nopens óea t« 
stand van zaken in te zenden , en hij op den 5 Augustna 
onder herhaling en bekrachtiging der vroegere besluiten e 
de daarin vervatte voorbehoudingen, gemagtigd uit te loc 
pen en de Britten aan te tasten, wanneer de vijandelijk 
vloot uit niet meer dan negentien schepen van linie of di 
in de linie slaan konden, bestond. Eindelijjc werd hem ta 
tweemalen toe, datzelfde bevel nogmaals toegezonden, me 
bijvoeging, zoo ras de kans maar eenigzins gunstig liji 
mogt, alleen met 'sLands vloot te kunnen uitloopen, dei 
vijand, tot herstel en bevestiging der eer van Neêrlands vlag 
slag te leveren, en eerRt na den uitslag van den strijd d 
transportvaartuigen zee te doen kiezen, tenzij het blijkei 
mogt , dat de Ëngelsche zeemagt de Noordzee verlaten had. 
De Vice-Admiraal db winter verzuimde niets, om aai 
deze , zoo dikwerf herhaalde en dringende bevelen te voldoen 
Meermaten deed hij het tuianker ligten , in de hoop , einde 
lijk, zijnen eigen' wensch en dien der Commissie tot d 
Buiteulandsche Zaken vervuld te zien; doch die hoop wen 
telkens verijdeld. Gedurende de zeven of acht weken dat d 
vloot gereed lag om uit te zeilen , woei het slechts een- o 
tweemalen eenen gunstigen wind , die zoo spoedig weder ver 
anderde, dat de Vice-Admiraal zich tot zijn grievend leed 
wezen genoodzaakt zag , van zijn vast voornemen om uit ti 

1 Secret, En. 16 Joly 1797. 

3 SeoreU Bei. der Ctmmürit lof de BnUtiandêekê Zake», *u 80 an >1 i^ 
4, 9 en IS Ang. «n I Sept. 1797. 



V Google 



HEDERT.ANDSCHB ZSBWXZEN. ^99 

loopen af te zieo , en hij het zelfs ongeraden achtte , zolks , 
termjl 'svijanda vloot, die in de laatste weken aanmerkelijk 
was versterkt, voor den wal kruiste, te beproeven. Geen 
wonder, dat, onder zulke omstandigheden en bij zulke naauw- 
gezette pligtsbetrachting , die herhaalde en dringende bevelen, 
in welke duidelijk wantrouwen omtrent zijne kunde, geest- 
krachten ijver doorstraalden, dë winter diep griefden. Doch 
dat wantrouwen kon hem niet bewegen , door het ontijdig 
doen aitïeilen der vloot, de zwaarste verantwoordelijkheid 
op zich te laden, den roem van het Qemeenebest en zijne 
eigene eer in de waagschaal te stelten , en 's Lands pas her- 
rezen zeemagt aan een bijkans wis verderf bloot te stellen. * 
Hij verdroeg die miskenning met eeue kalmte en bedaard- 
heid, welke bewondering verdienen en zonderling afsteken 
bij de opgewondenheid en verregaande drift, waarmede de 
Commissie tot de Buitenlandsche Zaken bezield was; eene 
kalmte en bedaardheid, die men naauwelijks had kunnen 
verwachten van een' man , vurig van geest , opgevoed in de 
Transche legers , en levende in eenen tijd . waarin zoo velen 
niet schroomden, de roekelooste ondernemingen te wagen. 

Ten gevolge dezer omstandigheden verliep het gunstige 
jaargetijde, waarin de onderneming t^n Ierland, benoor- 
den Engeland om, met eene talrijke vloot en zoo vele trans- 
portvaartuigen zou hebbeu kunnen. ondernomen worden. Db 



1 Sledbt» ceomui Uit di wriiTEB lich mEt eenigc hittcrhnd uit otw de miikeaiiag, 
btta ••DgBduD, en (rtd io ecucn brief vtn 2 Aag. ua d«n Borger tan i.(iueh, S«ere- 
ttrii der Camminie lot de Buileilindache Z*ken, *uria fa|j, oniti toiaea, icfaTeef: 
"Hst (Bell mfl , dudsnif; geoordeeld te worden , dat mea kio TerondentelleD , dit ik 
of te «diig earadar en ferveteyt londe Witten om t« Mjlen il* de wind en gelegen- 
luid goed wu, wanneer miaerabele loodsen edUu niet goedvonden, oIU mQ xoo onkos- 
dig auuien, dat ik de streeken en gelegcDthedoD niet londe kennen die er naodig liJn, 
om met een ewader ooriogeehepen ujt bet Teieliche get in tee te (tcekeo." Sn md 
het ilot Tu dien brief: "Men tnag lig applRDdiweren , zoo ili ik mQn ealTo doe, tm 
'tlaiteta ankor niet geligt te hebben om te probeeren; want de njtkomtt hn(t doen 
■ien, dal 'il^nds vloot niet alteen in getur loude geweat hebben, om eenige lehFe- 
pea Tait ta doan lejlen, maar door een ovBmiagUgen T^and, die voor het gat geita- 
dig oppaat , gdutl en wel «ctuuidetjk gealagen te worden , wautoe ik leel te veol '* T^ndi 
wemn, loem en mljM dgene eere waardeere, am deeie in bet mioite in de waag- 



V Google 



300 OESCHIEDEMS TAN HET 

WINTER zelf was hiervaa overtuigd , en had uit dien hoofde 
reeds vroeger ' aan de Comnitssie tot de Buitenlandscbe 
Zakeo voorgesteld , om , wanneer de tegenwinden bleven aan- 
houden, een smaldeel, bestaande uit zes fregatten , vier brik- 
ken en zes traasportschepen , aan boord hebbende ruim 2,000 
man uitgelezen' krijgsvolk, eenige veldstukken, eene groote 
hoeveelheid wapenen en oorlogsbehoeften, heimelijk oaar Ier- 
land te doen vertrekken, teneinde, bijaldien de groote onder- 
neming dit jaar niet mogt slagen , ten minste op deze wiji 
den vijand afbreuk te doen ; biedende hij zich zetven , zoo bet 
noodig geoordeeld wierd , tot Bevelhebber van dit smaldeel aan , 
daar hij verklaarde , geeue zwarigheid er in te maken , zich 
aan het hoofd van deze kleinere magt te stellen. Dan, dit 
voorstel, welks uitvoering in de tegenwoordige omstandig- 
heden misschien nuttig zou hebben kunnen zijn , werd van 
de hand gewezen , en de Commissie volhardde in haar besluit , 
de gansche vloot bij de eerste gunstige gelegenheid zee te 
doen kiezeh. Die gelegenheid bood zich nogtans niet aan, 
terwijl de levensmiddelen door het krijgsvolk inmiddels ver- 
teerd werden, en het, na reeds zoo vele weken te zijn in- 
gescheept, niet wel langer kon blootgesteld worden aan de 
ontberingen en ongemakken , die met zulk eene langdurige 
inscheping gepaard gaan. De gowigtige vraag moest dus 
beslist worden , of er nog een gegrond vooruitzigt bestond , 
de groote onderneming tegen Ierland in dit vergevorderde 
jaargetijde te kunnen volbrengen? Bij de aanzienlijke Biitsche 
magt , die thans voor Texel kruiste en zich daarvan niet dan 
bij de uiterste noodzakelijkheid min of meet verwijderde, 
was de hoop op het welslagen der onderneming merkelijk 
verflaauwd. Van de Fransche zijde was geene afleiding of 
ondersteuing te verwachten , daar het bleek dat , welke be- 
loften het Directoire ook gedaan had , er slechts twaalf linie- 
schepen en tien fregatten in Brest gereed lagen , en noch 
aldaar noch in andere Fransche zeehav^s transportvaartui- 
gen voorhanden waren , en er geene troepen zich gereed hiel- 

I In «ene DmiUndige Mtmaris, gcdagtsekcad d«D 11 Ang. 1797. 



V Google 



NÏDERLANDSCH ZSEWEZBN. 301 

den om ingescheept te wordea. Hierbij kwam, dat er onder 
het JBataafscbe krijgsvolk, waarbij tot dusverre een uitne- 
mende geest gebeerscht bad , door het langdurig werkeloos 
liggen, zich ontevredenheid begon te openbaren, en men bij 
de nadering van het ruwe aaizoen voor ziekten onder het volk 
vreesde. Boven dit alles oordeelden deskundigen het zoo al 
niet onmogelijk , dan toch om verschillende , ook staatkundige 
redenen , ' ten hoogste ongeraden , met eene talrijke vloot 
in dit jaargetijde zich benoorden Engeland om, naar Ierland 
te begeven. De Commissie tot de Baitenlandsche Zaken al 
deze omstandigheden in aanmerking nemende, en nader met 
den toestand van het krijgsvolk, eerst door den Vice- Admi- 
raal DE wiNTKK schriftelijk , en daarna door de Luitenant- 
G«oeraals daendels en ddmonceau in persoon, die zich 
daartoe opzettelijk naar 's Gravenhage begaven , bekend ge- 
maakt, werd eindelijk overtuigd, dat de geschikte tijd tot 
het volvoeren der groote onderneming voorbij was, en het 
krijgsvolk, zou de r&st onder hetzelve bewaard blijven, hoe 
eerder hpe beter behoorde ontscheept te worden. Zij vaar- 
digde daartoe den 9 September ' de noodige bevelen uit , met 
last , de troepen te legeren in de naburige püiatsen van Noord- 
holland en op de kusten van Vriesland en Overrijssel, opdat 
zij zich , bijaldien de expeditie naar Ierland nog voortgang 
mogt hebben , binnen twee of drie dagen weder aan boord 
zouden kunnen begeven. Deze laatste bijvoeging had eene 
tweeledige bedoeling, vooreerst, om de Britten, die door- 
gaans naaawkeurig bekend waren met alles wat hier te lande 
voorviel, in den waan te brengen, dat de regeridg van dit 
Gemeenebest geenszins van den voorgenomen togt had afge- 
zien , en hen aldus te noodzaken tot het honden van eene 



Hicrtoa behoorde Toonl de vneit, 3».t ie vloot niet ion knnnsn tcrngknran, en 
b Brut zoa mocteD OTcrwiskTmi, mardooi ds Stut byksDi geheel na ii|iie iMmtgt 
lOD Terltokm lyn, en huT in bindeo gnteld Tin eenen Bondgenoot, die onze Stwti- 
lieden , hoe boog iQ ook met hem iBgenomen mren , op dit pnnt niet geheel Tertronw- 
den. Winneer men hierby herdenkt het gebeurde met de expeditie tie Bre«t in 1783, 
nJ dit wel eene regtfur^igiDg zgn tid de hindeloyi der Staitelieden vun die dagen. 
i Secrele Be*, vin dieii dag. 



V Google 



30;ï Q£SCHIED£MS VAN HET 

aanzienlijke magt in de Noordzee; ten tweede, en wel voor- 
namelijk, om ten aanzien van den Franscben bondgenoot, 
die zelf niets gedaan bad , maar bij berbaling op de volvoe- 
ring van den togt naar Ierland aangedrongen had en nog aan- 
drong , den schijn aan te nemen , dat men dezerzijds steeds 
bereid was, dien bij de eerste gunstige gelegenheid te vol- 
brengen. 'Doch de Commissie tot de Buitenlandscbe Zakèu 
was te zeer overtuigd van de onmogelijkheid of ten minste 
van bet onraadzame daarvan, om hieraan nog ernstig te 
denken. Zij beschouwde die onderneming voor dit jaar als 
onuitvoerbaar, en er verliepes slechts weinige dagen na de 
ontscheping van het krijgsvolk, toen zij een tweede besluit 
nam , ' waarbij zij verklaarde , dat het jaargetijde te verre 
gevorderd was, om nog de groote expeditie ten uitvoer te 
brengen, en het Committé tot de algemeene zaken van het 
Bondgenootschap te Lande magtigde, de troepen, wegens 
de zware onkosten en den overlast, aan de ingezeteneQ daar- 
door veroorzaakt , de plaatsen waar zij tlfans ingelegerd waren 
te doen verlaten en naar hunne vroegere bezettingen te laten 
terugkeeren. 

Hiermede verviel de in die dagen zoo veel gerucht makende 
onderneming van Ierland , omtrent welke zoo vele gissingen 
gemaakt werden, maar waarvan het eigenlijke doel slechts 
aan weinigen bekend was; die bij de Commissie tot de 
Buitenlandscbe Zaken en de verdere leden van het Ho(^ 
Bestuur , die in het geheim ingewijd waren , zulke grootache 
verwachtingen deed ontstaan , doch die thans , nn zij gan- 
schelijk fiislukt was, aan menigeen ruime stoffe gaf tot 
schimp en bespotting, en die, 't geen het ergste waa, aan 
het onder den last der schulden zuchtende Vaderland tonnen 
schats kostte. 

De Commissie tot de Buitenlandscbe Zaken had, met het 
vervallen van de onderneming tegen Ierland , geenszins afge* 
zieo van het vertrek van het eskader naar de Westindiën. 

I Op d«o 2i Sept. 



V Google 



NI0ERLAND8CHB ZEEWBZSN. S03 

Integended wenschte zij daaraao , daar dit nu geheel op zich 
zelvQQ stond, zoo spoedig mogelijk gevolg te geven. Tot dat 
einde behoorde zulks aan de twee bataljons, die daartoe be- 
stemd, doch daarmede nog niet bekend waren, aaogekon- 
digd > en zij van het overige krijgsvolk vóór de ontscheping 
afgezonderd te worden. Dit geschiedde; doch au brak ei op 
een der transportvaartuigen een bedenkelijke opstand uit , en 
er veitooode zich op andere schepen een zoodanige geest vaa 
tegenkanting , dat men met reden beducht was voor eene alge- 
meene verspreiding van dat kwaad oader de beide bataljons. 
Gelukkig wist de Vice-Admiraal db wintbr het oproer door 
beradenheid en krachtige maatregelen spoedig ie stuiten. De 
twee Gompagnien die zich schuldig hadden gemaakt , werden 
op zijnen last ontwapend , en de voornaamste belhamels oogen- 
blikkelijk in hechtenis genomen en voor eenen krijgsraad ge- 
bragt 't geen zulk een' schrik onder het overige krijgsvolk 
verwekte, dat het onmiddellijk tot de vorige rust en orde 
terugkeerde. ' Door dézen opstand en de daaruit voortsprui- 
tende bezwaren, doch vooral door de opvolgende gebeurte- 
nissen, had het vertrek van het eskader naar de Westindien 
geen voortgang. 

Met het ontschepen van het krijgsvolk en het daardoor 
vervallen van de groote onderneming tegen Ierland, hielden 
de eigenlijke redenen op, om met 's Lands vloot in dit 
jaargetijde zee te kiezen, eu bleef daarvoor, zoo men dit 
volstrekt wilde, geene andere drijfveer bestaan, dan om de 
eer van 's Lands vlag te heratellen. Doch om dit met eenige 
hoop op eenen goeden uitslag te doen , behoorde^ de om- 
standigheden gunstig te zijn. En deze waren zulks geenszins. 
De berigten uit zee hielden in , dat de Britten steeds met 
eene aanzienlijke vloot, die de Bataafsche magt overtrof, in 
de Noordzee kruisten. Daarbij kwam , dat er aanmerkelijke 
gebreken aan één der zwaarste schepen van 's Lands vloot , 
de Siaten-Generaal van 74 stokken , ontdekt werden , welke 

1 BiieraB ran dui Vioe-AdmlTMl db wihibk «n vru 
Uu de CuminuuG tot de BuitcaUndMlM Ztfcm, Scpt. 1797. 



by,GoogIe 



QSSCffIKOENIS VAN HET 

tard waren, dat dit schip ia Ólen toestand on: 
uitloopen, waardoor de vloot merkelijk venu 
Vice-Adtniraal db winthb oordeelde, dat hi 
dbeid der zaken en bij de veraDtwoordelijkbeid i 
htervolgens ontvangen bevelen op hem rustte, 
ilen , 't geen de nog altijd voortdurende tegem 
pens tot hiertoe belet had. Doch toen op den 
de wind , eindelijk , naar het oost-noordoosten I 
j zich op zijn eigen gevoelen niet te mogen 
iep de vlagoiScieren bij zich aan boord, aan 
ag voorstelde , of het al dan niet raadzaam i 
)0t uit te toopen, onder de tegenwoordige omsi 
Deze vraag werd door allen ontkennend bei 
met eenparige stemmen besloten niei te zeil 
j onmiddellijk aan het Committé van Marine 
seie tot de Buitenlandsche Zaken schriftelijk I 
Bij dit gevoelen meende de winter te mn 
toen vier dagen later de wind wederom gnn 
jvende ' aan het Committé van Marine : "Dat 
isolatie gebleven was van niei te zeilen , dewij 
irten , alsmede de ordinaire kruisers hem beves 
de vijandelijke vloot superieur was." Van 
tot den 5 October ontving de Vice-Admiraal ge 
ingen uit zee ; zoodat hij meende het er voor te a 
, dat 's vijands magt nog dezelfde was , en hij 
len vond , om van zijn genomen besluit af te wijï 
[> het onverwachts ontving bij in den namid 
enoemden dag , ' door eenen renbode , uit 's C 

T>n 23 en 23 Scpt. 17ST. 

Tsn S6 S«pt. , beni*t«nde in b«t Archief T«a h«t Depu^ment nu Ui 
■ en sief van deo 4 October, geijjk mon leMt op bl. 8 en 4 ^ 
ie «t d« looI: vMi lUn Vice-AdmiTaai DB wihtbs. Uit da Se 
lommiuie tot de BaitenUiidscbe Z*kcn Tm den 4 blijkt toch, dil 
DE wlKTEK zoodanig bevel te geven , eerat in dat asond vu diei 
g, loodst de brief vtn het Committé, dis gedsgtcdend ii den 4, 
an verzonden lyn. Dk wjntkb ontving dien den 5 'a middag) tou 
irg«lük zü" verhul v*n den Zeeslag van 11 Oet. , achter het dut. 
vnn JOHN CLBRK, Krijgtkutidt (er iet of Zettacfitq. Ovwignn 



V Google 



NEDERLANDSCHS ZEBWEZKN. 3U5 

age het bevet van het Committé vao mariDe, om met 
eersten goeden wiod, die na de ontvangst des briefs 
jen zou, met 'sLands vloot, de twee vijftigers naar de 
tindiën bestemd, daaronder begrepen, zee te kiezen, 
ider daarvan zich door enkele praai-rapporten of andere 
elijke onzekere berigten van eene vijandelijke overmagt 
.ten weerhouden ;" met verderen last , om te trachten , 
ereeniging te bewerken met de Kssrtenaar van 68, en 
S'«/»o van 30 stukken , die in de Maas gereed lagen en 
wie het bevel gezonden was, mede in zee te gaan, om 
'Jb toopen , al mogt de Staten-Generaal nog niet hersteld 
, waaromtrent men echter hoopte, dat alte vlijt zoawor- 
aangewend , doch in dat geval aan den bevelhebber van 
schip den last te geven, dadelijk na het herstellen van 
;o bodem, zich bij de vloot te vervoegen; en om, ein- 
k, ÏD zee zijnde, zich te gedragen naar de artikelen 9, 
2n II der instructie, hem op den 10 Julij 1.1. gegeven, 
de krijgsverrigtingen in de Noordzee bepalende. ' 

t Dog aitdrakkeiyk in i^n' brief ran 6 Oet. mo de Comoiiuie tot cl« Buiteu- 

he Ziken, De aïtdrnkkiiig, die het Committé ren Hirins io lyuea brief stn 
[TtTRii beiigde, wu (00 itellig mogelyk: "Wij galatten U, om met den eeraten 
n vind mi." 

Ie Termelde ert. 9, 10 m 11 luiden *ldn>; Art. B. "In geralle bg, Tics-AdKi- 
lEt '■ Lands Tloot in de Noordiee ui liJn teraggekocnen (r«a den togt ntir ler- 

lal faij den i|jind ■!![ mogelijke ofbrcnk tiachtea te doen, en indien blJ onder- 
>1 i(jn, dkt '■ i^mdt megt loodanig «kre, d»t hg roet hoop op ToardMl een ge- 
kende unbieden. t«ntand loodinige eonri itelleii «!■ tot bereiking >in ditoagmerk 
bem nattig en dicnitig z>l geoordeeld worden. Hij inl ftlidan 'i vjjindi iloot, vut 
ie mogt Tinden , ili ook liJne gempende en ongewtpende achcpen en Tanrtnigen 
lecren, *araTenn of vernielen, ilt ook ilJne coioroercie eni. 
',. 10. "Hij lil igae opentien , zoo verre dezelve bem by deze inelrnetie niet 
lyk tgn Toorgetchreven , ïltfjd moeten iorigteo neir mite der «terkte «en 't v|jiDdi 
, 100 verre bj) die, Damelfik, nit i^ne ingewonnen bericbten iil kunnen opmikeo, 
BT voegen , dat b() , ingevelle vu ta groote luperioriteit der vQRndeljjke megt , bet 
ht voonicbtig TsrmQdeii ui, doeb i>l bjj durby in bet oog honden , boe 'a Lioda 
.voogden te meermalen tegeo eene zelfi aomB anperieare migt det vyandi, de eer 
^ederieodlcbe ving hebben geblndhtafd. 

t. 11. "Hy ui, 100 verre de oniitandTgheden nikt toelaten, den v^ind, in ge- 
v*D «en untegun geveebt, too nabf) de hivena deier Republiek trachten te kk- 

•1* Tolgtni de regelen van voorzichtigheid en krQgibeleid bevonden ui wordcD 
ilyk ta ign." Tergelyk de gedrukte Benlntie eit. van di vuitn. 

V. 20 



V Google 



306 



(3ESCHIEOBI4IS VAN HBT 



Bij het ontvangen van zulk een stellig bevel, na meerma- 
len het onraadzame van het uitloopen der vloot en zijn 'be- 
sluit om met te zeilen medegedeeld te hebben, schoot er 
voor o£ wiNTBR uiets anders over dan daaraan te voldoen, 
wilde hij het mistrouwen , dat reeds omtrent zijne kunde en 
ijver gerezen was, niet versterken, en zelfs zijnen moed in 
verdenking brengen. Zoo iang de beslissing over het al dan 
niet zee kiezen aan zijn oordeel en zijn soldaat- en zeeman- 
schap was overgelaten, had hij, hoewel zulks door de Com- 
missie tot de Buitenlandsche Zaken afgekeurd wierd , de 
groote verantwoordelijkheid, om eenen overmagtigen vijand 
te gaan bevechten, niet op zich willen laden, dewijl hij de 
omstandigheden daartoe ongunstig achtte en hij 's Lands 
vlag en zeemagt zonder noodzaak niet aan schande en eeoe 
nederlaag wilde blootstellen. Doch nu hij het stellige bevel 
had bekomen om uit te zeilen, aarzelde hij geen oc^enblik 
en liet hij, daar de wind vrij gunstig was, dadelijk van bet 
Admiraalschap de Vrijheid het sein doen, het dagelijksch 
anker te ligten en zich gereed te maken, om met het ocb- 
tendgetijde van den volgenden morgen onder zeil te gaan. 
Doch de wind liep dien dag te zuidelijk om zee te kunnen 
kiezen, waarom de schepen voor één anker bleven liggen, 
in de hoop, dat de gelegenheid den volgenden dag gunsti- 
ger zou worden, terwijl men iritusschen er in slaagde, de 
Staten-Generaal zoo verre in gereedheid te brengen, dat deze 
bodem met de vloot kon uitloopen. 

Inmiddels oordeelde de Vice-Admiraal, bij dit oponthoud, 
het van zijnen pligt om, zoowel aan het Committé van 
marine als aan de Commissie tot de Buitenlandsche Zaken, 
kennis te geven van het ontvangen van het bevel tot het 
in zee loopen en dat hij daaraan, zoodra de gelegenheid 
daartoe slechts in het minste gunstig was , zou voldoen , dat 
de vloot werkelijk reeds zeilree lag, doch dat de wiod dien 
dag ongunstig, en hij dus op dit oogenblik buiten de moge- 
lijkheid was om uit te loopen. Hij gaf daarbij verder zijne 
bevreemding te kennen over de uitdrukking, in het bevel 



V Google 



NEDBRT.ANDSCHK ZEBWEZEN. 307 

nnbet Committé van marine vervat, "dat geen praai-rap- 
porten of dergelijke onzekere berigten hem moesten weêrboa- 
dei." Nimmer had hij zich op praai- rapporten alteen verlaten , 
maar aan deze slechts in zoo verre geloof gehecht, wanneer 
lij overeenstemden met andere berigten , die hij als zeker 
toD en moest beschouwen. Een vertrouwd visscher, vergezeld 
iw een' opperstuurman , voordeelig bij hem bekend , was 
mi zee gezonden om 's vijands vloot te bespieden , doch 
deze waren nog niet terug. "Ik heb dus," alzoo vervolgde 
DK WINTER, "geene zekere noch onzekere rapporten, dat de 
vijandelijke magt verzwakt of versterkt is, en ben derhalve 
niet weinig verblijd , eene stetl^e orde te hebben ontvangen; 
die zekerUjk op nadere berigten van 's vijands magt gegrond 
tal zijn." Ten slotte vroeg hij aan de Commissie tot de 
Buitenlandsche Zaken inlichtingen , waarom bij niet van haar, 
maar van het Committé van marine alleen het bevel tot het 
uitloopen ontvangen had, daar hem dit onbegrijpelijk was, 
sedert het bestuur der zeemagt ook aan haar opgedragen en 
hij dus mede aan haar regtstreeksche verantwoording schuldig 
was? Deze brieven, ' die de gemoedsgesteldheid en denkwijs 
VAD DK WINTER iu dcze gewigtige oogenblikken zoo juist doen 
kennen, werden door hem in den vroegen morgen van den G 
raeteenen renbode naar 's Gravenhage gezonden, vermoedelijk 
in de hoop, dat het Committé en de Commissie het gege- 
ven bevel, dat hij gereed was uit te voeren, maar 't welk 
hem ligtvaardig toescheen , in nadere overweging zouden 
nemen, en hem een nader besluit, zoo mogelijk, nog vóór 
het vertrek der vloot zouden doen toekomen. Het is niet 
waarechijnlijk , dat de Vice-Admiraal het antwoord , door 
het Committé der marine op dit zijn schrijven gezonden. 



' Bt krUt IU it Coismjuie tot de BoitraluidtchG Zikcn ii nog lanweiig bh ge- 
*S«e»*oJ n» hourd tam 'iLandt Khip Vrijheid, dt» fl Oct. 1707, dirdi jaar 
dn- BiUisaficke Vrijheid, itr rttde van Ttxel, 'tmorgeia om 6 «ir; die un hst 

(■«niTBili Tu de nuine i) »ermorfelijk b|| den brand itn 8 J«n. 184* verowld. Ver- 

gdS* k Snlflrfie on ns nmtta. U. 6—7. 

20* 



V Google 



308 0£SCHIED£K[S VAN HBT 

vóór het vertrek der vloot of bij het uitzeileD ontvangen hebbe. ' 
Doch hoe dit wezen moge, dat antwoord bevestigde het 
vroeger gegeven bevel om met 'sLands vloot ait te loopen, 
en hield tevens eene verklaring in van de in dat bevel ge- 
bezigde woorden: "dat de Vice-Admiraal zich niet moest 
laten terughouden door enkele praat-rapporten of andere der- 
gelijke berigten;" betuigende het Committé dat, ofschoon 
deze woorden zoo duidelijk waren, dat zij door ieder zonder 
eenige nadere inlichting verstaan konden worden, het wel 
ten overvloede hierbij wilde voegen: "Dat daardoor niets 
anders was verstaan geworden, dan dat hij, Admiraal, zich 
door geenerlei berigten van vijandelijke overmagt zoa laten 
terughouden dan alleen door zoodanige onverhoopte en onver- 
moedelijke, welke door eene blijkbare en onwraakbare zeker- 
heid in alle opzigten werden bevestigd." ' De Commissie 
tot de Buiten landsche Zaken gaf, van hare zijde, den Vice- 
Admiraal hare bevreemding en haar leedwezen over den in- 
houd van zijn schrijven te kennen, met bijvoeging, dat het 
door het Committé hem toegezonden bevel, even als al de 
vorige betrekkelijk het uitzeilen der vloot, was vastgesteld 
na voorafgaand overleg met baar en op haren bijzonderen 
aandrang; dat het nader bevel, 't welk hij nu van het Com- 
mitté van marine zou ontvangen, insgelijks met hare voor- 
kennis en haar overleg was bepaald, en dat de Commissie 
derhalve hem, Vice-Admiraal, "op zijne verantwoordelijk- 
heid" aanbeval, zich daarnaar naauwkeurig te roeien.' Di 

' In lijne leedi aingebaalds Senttntit wordt inlki tt«11ig ontkend; doch di wihtii 
zegt, dlBcentegsD , in ilJn VerXaal nt» den Zeeilag n» II OctoUr, ttAXa de 'd- 
tiHng vin het nerk vm ClibK, door hem In ISOR uitgcgeien , dat b|j, ky het nil- 
leilïn, per sipresae md' oadaren brief Tan het Committé lan Marine ontving, beni- 
tij^ande de order van den 6. Ik geloof ecbter, dat de wihtee, dit na verloop vu te* 
jaren schryiende, lich vergist heeft, daar ik in de Secrelt Soitdea Aec Commiwie tot 
de BuitcniaDdsehe Zaken zie, dat bet Committé van de marine eertt den 7 door die 
Conimiuie gemagtigd werd, de winteb te antwoorden. Dewgl nn de vloot dei mor- 
gens ten bair tien van den T leedi in lee wa» gekomen, kan de wimteb niet wel dal 
antwoord hij het «ifznEcn ontvangen hebben. 

' Secrete Ifoftileti der Commütie tol de BuUaJandtche Zaleeit T Oct. 1?97- 

' Sevrelt 2fot%len denelfde Commiuie van denzelfden dag. 



1, Google 



N£UEai.ANUSCHE ZEEWEZEM. 



309 



wiNTEK ODtviug dit autwoord der Commissie uiet ; doch èn dit 
schiijven èa dat van het Committé doen klaarblijkelijk zien, 
dat het de vaste wil was der beide Staatsligchamen , en 
vooral der Commissie tot de Buitenlandsche Zaken, die nog 
steeds met het opperbestuur der zeemagt bekleed was, dat 
'sldiDds vloot zee zon kiezen en den vijand slag leveren. 
U£ WINTER zou dus, al ware het, dat hij dit nader bevel 
had afgewacht, ofschoon tegen zijne overtuiging, zich ge- 
noodzaakt gezien hebben uit te loopen, wilde hij zich niet 
blootstellen aan die verantwoordelijkheid, waarmede hij be- 
dreigd werd. Maar bij wachtte dit nader bevel niet af. In 
den morgen van den 7 was de wind gunstig, om met het 
ocbtendgetijde uit te toopen. De ankers werden dus geligt, 
de geheele vloot zeilde uit en al de schepen kwamen om- 
streeks tien ure behouden in zee. 

Zoodra de vloot in zee gekomen was , zond de Vice-Ad- 
miraal een advijsjagt naar de Maas, om aan den kapitein 
v&N QEOTENBAAï, bevelhebber van de Kortenaar, daarvan 
berigt te geven, welk berigt hij des avonds door een ander 
klein vaartuig op nieuw deed overbrengen, met den schrif- 
telijken last om zich bij de vloot te voegen. Inmiddels ont- 
ving DE WINTER door den uitgezonden , vertrouwden visscher 
de tijding, dat deze tot aan den buitenkant van de Bree- 
veertiea geloopen was, doch geene vijandelijke schepen was 
ontwaar geworden. Dit deed hem , in de veronderstelling dat 
er geene Ëngelsche schepen om de noord waren , besluiten 
zmdwaarts te stevenen en koers te stellen naar de vlakte 
van de Maas , ten einde de vereeniging van de Korienaar 
en de 8a^Q met 'sLands vloot te kunnen bewerkstelligen. 
Die vereeniging had echter geen plaatB, daar beide deze 
schepen, deels door tegenwind, deels omdat vijf vijandelijke 
schepen zich voor den wal vertoonden, verhinderd werden 
uit te loopen. ' Noodlottige omstandigheid, die 's Lands 

> Brief tu dn kipitdo t»N sBOTEiniAiI un het CoiDinitU im Msrine, ï«n 8 
OH. J7B7, geechreien ug lugrd vin de KoHeaaar, liggande in het Zuiderdüp toot 
Htlkroetalait. 



vGoo^. 



SlO OEKCHTBDÏNIS VAN HET 

vloot een zwaar schip deed missen , welks aan wèzigheid we 
ligt op de volgende gebeurtenissen eenen gewigtigeo invlot 
had kunnen hebben. 

Te dezer hoogte zijnde , ontdekte men , in den vroegt 
morgen van den volgenden dag, te windwaart van de viool 
op een' afstand van drie of vier mijlen, zes zeileo, d 
naderhand voor Engelsche 'schepen herkend werden, en b< 
stonden uit twee linieschepen , drie fregatten en een' kotte 
Kort daarop zag men een dier vijandelijke schepen m< 
kracht van zeilen den koers om de noordwest nemen, 'tgee 
vermoed werd te geschieden , om de Britscbe vloot van d 
verschijning der Bataafsche scheepsmagt in de Noordzee t 
onderrigten. De winter, van zijne zijde, deed het sein 
eerst aan de beste zeilers , daarna aan de geheele vloot , o 
die vijandelijke schepen te jagen, zoowel tot oefening e 
beoordceling der snelheid van 's Lands schepen , als om di 
vijandelijke schepen , kon het zijn , te achterhalen. Dit laatst 
bleek nogtans al ras onmogelijk te zijn, daar de Britscb 
schepen veel beter bezeild waren dan de onze, en steed 
denzelfden afstand behielden , ofschoon minder zeil voerendi 
De Vice-Admiraal , ziende dat zijne pogingen vruchteloc 
waren , gaf bevel het jagen te staken , waartoe hem ook voon 
bewoog de vrees, zich te veel te verspreiden, 't geen bij ht 
onverwachte opdagen van 's vijands vloot de ergste gevol 
gen zou na zich slepen. 

De beide volgende dagen bleef 's Lands vloot terzelfde 
hoogte kruisen, loopende tot elf of twaalf mijlen op zee 
zonder andere dan de bewuste vijandelijke schepen te ont 
dekken. Een van deze, die gedurig op twee of drie mijlei 
te loefwaart van de vloot bleven , roet het kennelijk oog 
merk haar gade te slaan, verwijderde zich in den middaj 
van den 9 met kracht van zeilen om de west, 't geen dei 
Vice-Admiraal deed veronderstellen, dat de Britscbe vloo 
met ongeduld verwacht werd. Vroeg in den morgen van dei 
10 liet DE WINTER de vloot zich in linie van bataïlle scharen 
en deed haar tot in den namiddag verschillende manoeuvre 



V Google 



NSDEKLANDSCUB ZBEWEZEN. 



311 



verrigten. ' Intusschen waren er na bijkans drie dagen ver- 
loopea, zonder dat de Britsche vloot was komen opdagen, 
niettegenstaande de wind , die steeds westelijk geweest was . 
haar daartoe de gelegenheid gegeven had. De winter meende 
Ueniit te kunnen opmaken, dat zij zich niet in zee be- 
voDd, maar dat zij in eeae der Ëngelsche havens, 't zij om 
nch op nieuw van leeftogt en andere behoeften te voor- 
lieo , 't zij om andere redenen , opgehouden werd. Dit deed 
bij hem het denkbeeld rijzen , om van den tijd der afwe- 
ligbeid van de vijaudelijke vloot gebruik te maken , om 
eenen aanslag te doen op het vijandelijke smaldeel, 't welk 
steeds in de nabijheid van 's Lands vloot bleef kruisen. Hij 
gaf dus in den namiddag van den 10 bevel aan den Vice- 
Admiraal reintjes, om met zijn hnieschip en vier andere 
der beate zeilers van de vloot gedurende den aanstaanden nacht 
kracht van zeil te maken, en zonder seinen te doen, alles 
wat noo(Kg was te verrigten , om vóór den dageraad , boven 
wiuds van de vijandelijke schepen te komen en deze als- 
dan aan te tasten , wanneer zij , tusschen dit smaldeel en 
ie \\oot ingesloten , onfeilbaar , naar het scheen , in de magt 
iei Bataven moesten vallen. 



' Ik tackn dit Toorat aan, oindtt na dcD atrijd, aan de viittib i 

nrattei scrd, dat h(j j66i het gciecfat da vloot zttlt niet mds de linii vio baUilIc 
kid Un Tormn, en dat dit eene der redenen wu, waarom die linie bfj den slig 
™pitKtU m. I^ beiehDldigiDg ia ongegrond. Behalve dat in i^ne Senitntia hl. li 
fPf^ viirdl , dat de Viea- Admiraal de vloot "eenige manoeDvrei en eiercitiro" had doen 
"Trigta^ u kg, in lijn Verhaal der Bafaiüt, aciiter bet werk van clebk, ge- 
Ingt, "hi. Je gtbeele dag lao deu )0 beatced werd in bet doen van arolotien ," wordt 
^> *i litdrakkdljker an v«t omitandiger, met medcdeeling der artikelen nit hel 
Sralotl [154. 694, 834, 636, 68B, 612 en IBS), opgegeven in bet oonpronkelijke 
''«Kiwl eoa M AdmiraaUchip de VrijAeid, Lcginnende met den 3 en eindigende 
^ Il OctoW, lm hair acht nre 'tmorgeni, dni weinig t(jd> r66r den aanyang van 
■^ ptMht. Dit belaggTJ k atok it «Tkomilig van den toenmaligen kapitein Initenint op 
•f yirjitid B, a. HOKA BiccAN*, «H i> mfj met vele andere betangrijke ilnliken en 
^o, ie MuUe van den 11 Ocl. belreflénde, op de miniaamate wlja medegedeeld 
*« njien Mn, Jonkh. o. nou aiccim, lid der Algemeene Rekenkamer. In een 
™'*^ nl kit Josniaal van dan kipitain Initeiant bitxst, toereride 'aluda brik 
il GalsiU,, mjj made door dien heer nit do papiaten van t^nta vader medegedeeld, 
•uri' u^ka tene omitandige opgave gevonden der vorabg fu do luie im batallle 
» lertere nanaeaina. 



vGoo^l 



ttl3 0£8CU1£D£NIS VAN HET 

Dan niet lang nadat dit bevel gegeven was, ontving de 
Vice-Admiraal het berigt door eenen Hollandschen visscher, 
dat dease des morgens, iu het noord-noordwesten, zestien 
mijIeQ van Texel, gezien had en voorbij gezeild waa de 
Britsche vloot, bestaande uit 19 zeilen, waaronder 15 drie- 
mastschepen ; welk berigt, door andere tijdingen bevestigd, 
allezins geloof scheen te verdienen. Naauwelijks had db win- 
ter zulks vernomen, of bij zond aan den Vice-Admiraal 
BEiNTJXs den last , den voorgenomen aanslag tegen het vijan- 
delijke smaldeel niet ten uitvoer te brengen. Hoe aanlok- 
kelijk die aansUg ook ware, heeft men niet zonder reden 
het gedrag van de winter in dit opzigt- berispt, en het ten 
hoogste onvoorzigtig genoemd, een aanzienlijk gedeelte der 
vloot af te zenden onder omstandigheden , waarin de Britsche 
vloot zich elk oogenblik kon vertoonen. Wat toch zou van 
de schepen des Vice-Admiraals rbintjes, wat van de ge- 
geheele Bataaf^he vloot geworden zijn, bijaldien bet berigt 
van de verschijning der Engelsche vloot eenige uren later 
ontvangen en het smaldeel vertrokken wareP 

Gedurende den nacht hielden de schepen, op last van den 
Opperbevelhebber, zich alle digt bij elkander, ieder onder 
zijne divisie, in de gewone marsch-orde , in drie kolommen. 
De koers werd bij den wind, die noord-noord<west of noord- 
west was , om bet noordoosten langs den wal naar de rigtïng 
van Texel gesteld. Dit geschiedde, naar hetgeen de winter 
later verklaarde , met het tweeledig oogmerk , vooreerst , om , 
ingevolge de ontvangen bevelen , den vijand het gevecht aan 
te bieden, wanneer men hem in dezen koers mogt ontmoe- 
ten, en ten tweede, om bijaldien dit niet mogt gebeuren, 
in Texel binnen te loopen. £en langer verblijf op de vlakte 
der Maas achtte i>E winter toch noodeloos , dewijl het sprïngtij 
verloopen zijnde, de Kortenaar en de Sdpio onmogelijk zee 
konden kiezen, en hij het nuttiger oordeelde, thans den 
Britten slag te leveren dan later, wanneer zij mogelijk ver- 
sterking zouden bekomen hebben. Mogt dit niet gebeuren, 
was het, naar zijn inzien, eervoller in Texel, waaruit de 



V Google 



N£DEEI<AND8CH£ ZEEWEZEN. 313 

iloot vertrokken was, terug te keeren, dan de wijk io de 
Maas of in Zeeland te nemen. ' > 

Met den dag was de wind noordwest, met onbestendige 
koelte , bnijen en eene ongemakkelijke , hooge zee. De vloot 
bevond zich toen omtrent acht mijlen dwars van Schevenin- 
gen, ea stelde koers om het noordoosten ten noorden in de 
rigting van Texel. De schepen van het vijandelijke smaldeel, 
dat tot dusverre steeds de vloot had gadegeslagen , stuurden 
met kracht van zeilen denzelfden koers , doch twee of drie 
streken hooger, zettende eenigen tijd later ieder eene roode 
vlag van top, waarschijnlijk {ïit een sein, dat zij de Britsche 
vioot in het gezigt kregen en tot hare waarschuwing, dat 
de Bataafsche vloot zich in de nabijheid bevond. Hiermede 
scheen nader bevestigd te worden het berigt van den aan- 
legt der vijandelijke magt. Kort daarop deed de winter 
het sein, dat de schepen zich in het kielwater van het schip 
aan het hoofd zonden rangschikken. ' Vervolgens hield de 
vloot, omtrent zeven ure des morgens, met klein xeil een 
weinig af naar het oosten ten noorden , zoo om het land te ver- 
kennen , ala om de beide schepen , Cerberus en Bel/i , die 
eenigen tijd te voren door hem uitgezonden waren , om twee 
koopvaarders te praaijen, doch verre achteruit en aan lij 
waren geraakt , te beter gelegenheid te geven , zich weder 
met de vloot te vereenigeB. Niet lang daarna kreeg de win- 
TKR het zekere berigt , dat de Engelsche vloot den vorigen 
middag gezien was, sterk 15 of 16 linieschepen , verschei- 
dene fregatten en kotters, stevenende oost ten noorden naar 
Texel. Op dat berigt, werden onmiddellijk de uitgezonden 
schepen teruggeroepen. * Ongeveer een uur later werd, toen 
men eenige vaartuigen vooruit zag, die echter voor visschers 
gehouden werden , het sein gedaan , dat de schepen , die op 
dat oogenblik min of meer zonder rangschikking in drie 

' ''•'*™' «• DE wDiTiB, lehtar h«t work na clebï, bl. 81, 
' Art. SM Ttn hst Generul Sdinboek. Dit mid weid, .olgens list Wichtboek vn 
* 'W*^, t.gni hüf „v.n ure ■. morpM gBd«n. 
> Mdhrt tdn N.. 8B8 v.n het Geotr»! Seinlwek. 



V Google 



314 UESCHIKDKNIS VAN HET 

kolommen zeilden , zich bij huDne bijzondere eskaders zouden 
voegen , ' en tïen miiuten daarna , om zich tot het gevecht 
gereed te maken , ' waarop alarm geslagen en alles slagvaar- 
dig gemaakt werd. Bijna gelijktijdig deed de Vice-Admiraal 
RBYNTJES het sein laud te zien, 't welk spoedig op vijf mijlen 
oost verkend werd te zijn de booge Wijker duinen , anders 
ook Kamper duinen geheeten, de plaats, in wier gezigt op 
dezen dag een der bloedigste zeeslagen zod geleverd worden» 
die haren naam aan dezen feilen strijd zou geven, en als 
zoodanig in 's Lands geschied bladen gedenkwaardig zal blijven. 
Omtrent ten half tien ure ontdekte men van top aan den 
gezigteinder, in het noord-noordwesten, op eenen afstand 
van vier of vijf mijlen, de Britsche vloot, sterk 32 schepen, 
komende met volle zeilen voor den wind af. Ten tien ure 
werd van het Admiraalschip het sein gedaan , dat de vloot 
zich zou scharen op de bij den wind linie van bataille , over 
stuurboord met bakboords halzen toe achter den anderen. * 
Ter gemakkelijke en behoorlijke bereiking van dit oogmerk, 
hield het Admiraalschip , 't welk aan het hoofd der middelste 
kolom was, twee streken van den wind, minderde zeil en 
braste tegen, om de loefwaartsche kolom, door den Scbout- 
bij-nacht johan arnold blois van teeslong aangevoerd, 
die volgens de vastgestelde marscb-orde de achterhoede zou 
hebben behooren uit te maken , doch thans de voorhoede 
werd , de gelegenheid te geven , door meerder zeil te voeren , 
af te kunnen houden en zich op behoorlijken afstand voor 
het Admiraalschip in linie te scharen. Drie schepen * der 
loefwaartsche kolom volbragten onmiddellijk dit bevel; doch 
de Brvtua , gevoerd door den Schout-bij -nacht bloïs, en 
zijn achterman, de Admiraal Tjerk Hiddes de Fries, kapi- 
tein ZEQERS , bleven te loefwaart met de marszeilen tegen 



1 Art. 3BS. 

i Art. 701. 

> Art. 6GB TtD het Qgncnul S«in1i«ek. 

* De Gelijkheid, kapilein laiteouit a. huibch; da Beaektrmer, k»pil«iD luituiut 

:nst en d« KerouUi, kapitein laiUnmt btsoort. 



)db, Google 



NEDERLAND3CH£ aEEWEZEN. 



315 



drijven. De Vice- Admiraal de winter dit ontwarende, her- 
haalde, Daar hetgeen door hem beweerd, doch door bi.ot3 
tegengesproken wordt, het laatst gedane sein , ' doch zonder 
het gewenschte gevolg. De Brutua bleef te loefwaart , tot hij , 
ingevolge het sein , 't welk blots beweerde ' door den Opper- 
bevelhebber gedaan te zijn en dat hem vrijheid gaf, zich 
met zijn schip in de linie te vervoegen , waar hij zulks het best 
oordeelde, in het achtergedeelte van het centrum plaats nam. 
Hiermede werd het corps de bataille versterkt doch de voor- 
hoede, daarentegen, over welke het gebied aan den Schout- 
bij-nacht nas toevertrouwd, aanmerkelijk verzwakt en zonder 
unioerder gelaten. Eenigzins later , ' toen de vloot reeds 
genoegzaam in linie gekomen was en de Brutits reeds plaats 
in het centrum schijnt te hebben genomen , deed de winter 
met den spreekwimpel het sein voor den Admiraal Tjerk 
Hiddei zeil te meerderen en zich naar de voorhoede te be- 
geven , waaraan door kapitein zegers voldaan werd; doch 
voor den Brutua werd zoodanig spreeksein niet gedaan , zoo- 
dat de Schout- bij -nacht blots in het achtergedeelte van het 
Mntrum bleef liggen. 

De voorhoede , die nu de achterhoede geworden was , staande 
onder het bevel van den Vice-Admiraal eetntjes, had zich 
intusschen achter het centrum in linie geschaard. Hieraan 
onlbnik nog de Delft, kapitein verdooren, die vrij ontij- 
d^, terwijl de vijand verwacht werd, in den vroegen mor- 
gen door den Opperbevelhebber uitgezonden was om èenen 
koopvaarder te praaijen en nog niet was wedergekeerd. Ten elf 
we kwam dit schip eerst terug en vatte post op de voor hem 
bestemde plaats , tusschen Atn Jupiter, Vice-Admiraal beïnt- 
'K, en den Cerberus, kapitein -luitenant jacobson; doch de 
Cerberus op dat ^ogenblik zijne zeilen hebbende tegenge- 
brast, bleef er geene voldoende ruimte voor de Del/é over, 
wodat VEEDOOREN, wilde hij van zijn voor- of achtermaa 

' T> vetu ,rt. m, TolgCU DB WIHIM. 

' *t- 035. Wj „llm op dit gewjgtig pont teragkoniEti. 
1 OntRnt td hitt elf bm. 



vGoo^k 



31Ö QEBCHIEDENIS VAN HET 

geene schade bekomen of hun aanrigteo, zich, zijns 
danks, genoodzaakt vond, eenigzins af te vallen. De V 
Admiraal reïntjes, dat ziende, deed door den bevelheb 
van het fregat MonnikeTidam aan verdooben gelasten, 
bij , daar bet bij de benadering des vijands onmogelijk i 
thans eenige verandering in de linie te maken , zijnen [ 
moest verlaten en zich achter de Mhnaar , zijnde het laa 
schip van de linie, plaatsen. Ofschoon dit bevel, wegeni 
nadeelige gevolgen die hij daarait voorzag, afkeuren 
meende verdooren verpligt' te zijn er aan te voldo 
"Als militair," dus schreef hij na den afloop van den slri 
"gehoorzaamde ik , doch vond , dat door de plaatsing 
twee vijftigers (hoedanige de Alkmaar en de Bel/i war 
achter, de Unie vrij zwak werd^" een gevoelen, dat d 
de uitkomst maar al te zeer bewaarheid werd , hebbende 
omstandigheid ongetwijfeld medegewerkt tot deo ongetat 
gen uitslag van het gevecht. 

Heerachte er bij de vorming van de linie in de voot- 
achterhoede niet die regelmatigheid , welke wenscbehjk : 
geweest zijn, ook bij den middeltogt of het centrum wi 
zij gemist. De Waaaejiaar kon, welke moeite de kapib 
HOLLA.ND aanwendde, door de ongemanierdheid van i 
schip, zijne hem aangewezen plaats niet bereiken. Uit d 
hoofde gelastte de Vice-Admiraal de winter, door mom 
linge toeroeping, den Schout-bij -nacht stobï, met wieD 
zulks reeds vroeger schijnt bepaald te hebben, zich n 
zijnen vier en zeventiger, rfe Stalen- Generaal , die het dei 
schip achter het Admiraalschip had hehooren te zijn, op 
plaats van den Wassenaar , dadelijk achter de Vrijkdd p 
te vatten. Hieraan werd voldaan , doch daarmede lagen t» 
vlaggeschepen nevens elkander en zou het achtergedeelte v 
het centrum merkelijk verzwakt zijn , bijaldien de Br^t 
doch ten nadeele der voorhoede, zich niet aldaar bevc 
den had. 

1 la ■iila Rapport aoHd^n Vice-Adniraalvt.viJHTt^otierdatZetiltigiadlli''''^ 



.y Google 



NEDERLANDSe HE ZEEWEZXN. 317 

deze wijs schaarde zich 's Lands vloot , verdeeld , vol- 
de jongste verordeningea , in drie eskaders, der roode, 
en blaauwe vlag , waarvan de wimpels , als ondersehei- 
teekenen door de Opperhoofden gevoerd werden, in 
van bataillè; hebbende de fregatten en andere ligtere 
rsvaartuigen aan lij, zoo om de seinen te herhalen, als 
en vijand, waar zulks noodig of nuttig mogt zijn, te 
Q bevechten. Nu hijschte de Vice- Admiraal de winter 
lijn schip de Vrijheid de Bataafsche vlag, welk voor- 
door de bevelhebbers der overige schepen gevolgd werd. 
ns op hetzelfde oogenblik overkwam aan het admiraal- 
het ongeluk, dat zijne groote marsra brak. Terstond 
alles in het werk gesteld om eene andere op te bren- 
doch' de vijand meer en meer naderende , was het 
)gelijk dit oit te voeren, een ongeval, dat niet zonder 
ed op het lot van den dag was. Intuaschen merkte de 
KR op , dat er door de afwezigheid van den Brutua eene 
:e ruimte tusschen de schepen van de voorhoede bestond 
at de afstand tusschen de Staten-Generaal , die ten ge- 
I van het breken der groote marsra op de Vrijheid, op 
van dat schip geschoten zijnde, genoodzaakt was ge- 
t eenigzins af te houden , en den Wassenaar in het 
um te groot was , gelijk mede tusschen de Haarlem en 
Jupiter in de achterhoede. Er werd om dit te verhelpen, 
den Opperbevelhebber eerst het sein voor de achter- 
e gedaan, om zeil te meerderen, ' en vervolgens voor 
e schepen , om digter in een te sluiten. * Niet lang 
na werd aan de Gelijkheid, die zich aan het hoofd der 
bevond , het sein gedaan * zeil te minderen , en tevens 
irik Athalaxte naar dien bodem gezonden, om dien nog- 
Is dat bevel over te brengen, en tevens aan de scbe- 
der voorhoede te z^gen , geene ruimte voor den Brutus 
1 te laten en digt bij elkander te sluiten , waaraan vol- 



V Google 



318 GESCUIEBSNIS VAN BET 

komen beantwoord werd. Daarentegen bleef de afstand ta 
schen de Staten-Generaal en den Waaaenaar , zoo wel a 
die tusschen de Haarlem en den Jupiter te groot , om «ell 
reden het sein, om zoo digt mogelijk in linie te sluitei 
nogmaals herhaald werd , ' 't welk tot op het oogenbhk vj 
den aanvang .des strijds van het adiniraalschip bleaf waaije 

Deze was de gesteldheid der Bataafsche vloot des middaj 
ten 12 ure, toen de vijand op den afstand van ruim et 
vierde 'mijl genaderd was. Zij zeilde vier mijlen dwars n 
den wal tusschen Xamperduin en Egmond aan zee in tin 
van bataille, met klein zeil, sturende vol en bij den wii 
om het noordoosten ten noorden, de Britten afwachtendi 
terwijl de wind west-noord- west tot noordwest ten noordf 
was , met marszeils koelte , hooge zee , biiijen ea regenvlagei 

De beide vloten , die gereed waren den strijd aan te vangei 
bestonden uit een gelijk getal linieschepen , tellende ieder ze 
tien. ' In fregatten was de Bataafsche vloot eenigzins sterkei 
daar deze er drie , de Britsche slechts twee bezat. De kle 
nere vaartuigen evenaarden elkander nagenoeg. De Engelsct 
vloot nogtans overtrof, naar de eenstemmige getuigenis va 
hunne en onze berigten, de Bataafsche ia sterkte, en d 
Britsche linieschepen , waarop het bij de thans gebruikelijli 
wijs van strijden vooral aankwam, gingen de Bataafschei 
grootte, in getal en kaliber van geschut en in manscbapp 
te boven. 

De Bataafsche vloot bestond uit vier linieschepen van 7 
tot 74 stukken ; uit zeven van 64 tot 68 , uit vier van 5 
tot 56 en uit één geraseerden zestiger van 44 stukken, bc 
nevens één fregat van 44 en twee van 32, twee korvette 
van 26 , vier brikken van 18 en een advijsjagt van 8 stuk 
ken. De Britsche , daarentegen , telde zeven linieschepen va 
74 , zeven van 64 en twee van 50 stukken , met één (k%i 

1 Art. 3GS. 

9 Il[ riDgachik hicroDder de twN Engelulie riJRigeri, afschaaD deic indrn door di 
Nitie niet onder de liniescbepeD gerekend verdeti , en het NederUDdschegrrueerdefrTii 
Mart, vocRnde M tcbttienponden, omdit date drie Kbepen in de Udm itiedn. 



1, Google 



I1SDERI.ANDSCH£ ZEKWBZUN. 319 

nn 40 , één van 28 , eene sloep van 14 stukken , vier kot- 
ters ea één logger. Dooreen gerekend, was dus de sterkte 
Tmig verscbillende; alleen was bet getal der zwaarste linie- 
■chepen van de Britten grooter dan dat der Bataven , als 
bedttende de eerste drie zeventigers meer dan de laatste. 
Dit verschil , ofschoon eenigzins opgewogen door de meerdere 
lijfiigers in de Bataafsche vloot, was nogtans van gewigt, 
daar de Ëugelsche zeemagt door het grooter getal van zware 
uhepm in staat was, krachtiger afbreuk te doen en door 
den slevigeren bouw van die schepen aan minder schade 
bloot stond. Het h toch eene door alle deskundigen erkende 
narheid, gelijk wij reeds bij vroegere gelegenheden hebben 
doen opmerken , dat grootere schepen het voordeel geven , 
Taa meerder eo zwaarder geschut te kunnen voeren , van , 
dieD ten gevolge, zwaarder kogels te kunnen schieten en 
den vijand meerder afbreuk te kunnen doen , terwijl zij zelven 
van bet hgter geschut en de ügtere kogels des vijands min- 
der te lijden hebben. Hierbij komt dat de zwaardere schepen , 
wegens hunnen sterkeren bouw, niet zoo zeer als de ligtere 
door 's vijands kogels worden geteisterd , steviger op het water 
liggen en daardoor beter doel trefien, welke laatste omstan- 
digheid, vooral bij vrij sterken wind, gelijk op den dag, 
waarop deze zeeslag geleverd wen}, een niet onbelangrijk 
voordeel oplevert. 

Dat de Britten inderdaad, door hunne grootere schepen 
tolk eene overmagt bezaten, blijkt duidelijk, wanneer wij 
de soorten van geschut , welke beide vloten voerden , nagaan. 
Zoowel de Bataafsche als de Ëngelsche vloot waren met 
twee en dertig, vier en twintig, achttien en twaalf ponders 
gewapend, en daarenboven de eerstgenoemde met acht, de 
laatste met negen en zes ponders Het getal van deze soor- 
ten van geschut was op de schepen die in linie vochten, 
«&Dt Tan deze spreken wij alleen, omdat zij voornamelijk 
deel san den strijd namen , nagenoeg gelijk , bedragende op 
de Bataafsche vloot 1034, op de Britsche 1064 stukken, 
«oodat de Britten slechts dertig stukken meer voerden. In 



V Google 



320 GESCHIEDENIS VAN HET 

twee en dertig ponders overtrof de Bataafsche nog ceui 
zÏDS de ËQgelsche vloot, daar deze slechts 196, gene 21 
stukken van dat kaliber bezat. Daarentegen waren de Br 
sche schepen met een dubbeltal vier en twintig ponders g 
wapend , voerende zij 236 zoodanige stukken , de Bataafse, 
slechts 104. Deze laatste wederom hadden een twinügl 
achttien ponders en 124 twaalf ponders meer dan deBrittei 
doch deze meerderheid , vooral van twaalf ponders , had 
eenen zeeslag weinig te beduiden bij de grootere meerde 
heid in vier en twintig ponders, en werd eeuigermate o| 
gewogen door het grooter aantal negen ponders , waarvan < 
Britten bijkans van een zeventigtal meer dan de Batavi 
voorzien waren. Doch bovendien hadden de meeste Enge 
sche schepen nog eenige caronnades aan boord, van wel) 
twee 68, en de overige 32, 24 en 18 pond schoten. D 
geschut, dat, om welke reden is onbekend, behalve c 
één enkel der ligte vaartuigen , op de Bataaische vloot ui 
gevonden werd, alhoewel het reeds, gelijk wij te lijni 
plaatse gemeld hebben , sedert den jongsten Ëngelscfaen ooi 
log bier te lande in gebruik was , versterkte de Britsche achepe 
aanmerkelijk, en gaf aan de zeventigers eene magt va 
tachtigers, aan de zestigers eene magt van zeventigers, e 
aan de overige een evenredig vermogen , 't welk zij tot vei 
derf d^ Bataven in dezen strijd, waarin van zeer nabij 
het eenige geval waarin caronnades van dienst zijn, aanwenddei 
Behalve deze voordeeten, bezaten de Britsche tinieschepe 
er nog een ander , te weten , dat zij talrijker en beter beraam 
waren dan de Bataafsche. Onze zeventigers voerden niet mee 
dan 550, de zestigers 450 man; de zeventigers der Engel 
schen daarentegen 590 tot 599, één zelfs 640 man; ^' 
zestigers 491. Het geheele getal der manschappen op di 
Britsche linièschepen bedroeg 8821 , ' dat op de Bataafscln 

) VolpDi eeoe uden opgiTs 8S15; loodkt tlidn ds Brituha aebepen tlMltiHK 
min mNr it-a ie Bit»riche zanden gebid hebben, doch ik meen in deun ^ ""l"' 
tljdigen «n niannkeDrigea Jamei te mogen volgen. Zie lerder de iterkte dtr w« 
Tloten in den achter dit de«t gevoegdea Stut. 



V Google 



KEOBRI.ANDSCHE Z££WEZEN. 321 

7175 zeeliedeQ, zoodat de eerste 1646 manschappen 
dan de laatste telden. Deze meerderheid op zich zelve 
rij aanzienlijk, en moest, de kaode en geoefendheid 
staande, den Britten in het uitvoeren der manoeuvres 
het bedienen van het geschut reeds een aaamerkelijk 
:el op de Bataven geven. Maar de Britsche vloot was 
ibovea zamengesteld uit geoefende zeelieden, uit kapi- 
en verdere officieren , die jaren lang ter zee gevaren 
iermalen gevechten bijgewoond hadden, en die door 
ingdurig verblijf in de Noordzee met de gebreken en 
eigenschappen hunner medeofficieren en hunner sche- 
] die hunner krijgsmakkers bekend waren ; terwijl aan 
(ofd dier vloot zich bevond een der ervarendste Opper- 
ebbers, welke Groot- Brittan je in dit tijdperk bezat, 
st volle vertrouwen zijner onderhoorige genoot en bet 
keerig in hen stelde. Het meerendeel der Bataaf- 
leelieden daarentegen had nimmer de zee bevaren, en 
ingeoefend, ' Vele mindere officieren waren nimmer in 
ds dienst geweest. De meeste kapiteinen hadden nooit 
schepen aangevoerd , veelmin eenen zeeslag bijgewoond , 
iren onbekend met de hoedanigheden hunner krijgs- 
:r3 eo de eigenschappen hunner bodems. De Opper- 
lebber eindelijk , zonder immer zelfs het bevel over een 
Van oorlog gehad te hebben , voerde voor het eerst 
ebied over eene vloot, die pas de zeehavens had ver- 
die hij slechts weinige manoeuvres had kunnen doen 
ten , en die bij dus geene zoodanige blijken had kun- 
even van zijne kunde en ervarenis, om aan de onder 
;estelde officieren en zeelieden vertrouwen in te boezemen , 
1 vertrouwen bij hen opwekken. Wat was anders onder 

kUgtcn der kapileioen demge wann ds den ZMslag ilgemeen , m ODdertcbci- 
nncr «hrevcn durun toe iet kwnlyk of langium aiBnoenirfren iid hnnne 

Kipitein zeokrs, van den Admiraal TyrrJc Midiet d» Vriei, getuigde toof 
gen lee-krygsrud , dst zyn volk, over bet 1 1 gemeen , d*pper geroehteD bad, 
t bet onbeTBren wai, ea foor het grootste geJcelie ze^iek «a> geweeit. En 
nder, dur er zich op de vloot weeakindereD en «ndere pertoDen beioiden, dis 

de eentemaal op lee wtran. 

V. 21 



1, Google 



322 OËSCUIEDEMS VAN HET 

zulke omstandigheden te duchteo, dao dat de Batacc 
hoe dapper zij zich ook mogten gedragen , in den nu 
handen zijnden strijd zouden te kort schieten? De ultkoi 
bevestigde dit , helaas ! maar al te zeer. 

Toen de Bataafsche vloot de reede van Texel verliet, i 
de Britsche zeemagt, die onder den Admiraal der blaau 
vlag, ADAM DüNCAN, gedurende bijkans twee jaren de fl 
laiidscbe kusten bezet had , niet , gelijk de Vice-Admit 
UK WINTER meende, in zee, maar was naar Yarmouth ; 
zeild, om zich aldaar van levensbehoeften en water te vo 
zien, en tevens eenige zijner schepen, die door het langdu 
kruisen in de Noordzee geleden hadden , te doen heratell 
Ddncan oordeelde dit zonder bezwaar te kunnen doen, 
het berigt ontvangen te hebben , dat de groote ondememi 
tegen Ierland geen voortgang zou hebben, waarmede, iii 
het scheen, het doel om in zee te loopen voor de Bata 
sche vloot io dit vergevorderde jaargetijde vervallen was. I 
liet nogtans een smaldeel van zes schepen , .onder deo ka| 
tein HENRï TROLLOPE, in wien hij een groot vcrtrou» 
stelde , ' achter , met last , om een wakend oog op de be? 
gingen des vijands te houden , en hem , zoo de Bataafse 
vloot mogt uitloopen, daarvan te verwittigen. Het was 
smaldeel , 't welk 's Lands vloot kort na zij in zee was j 
komen , in het oog kreeg , en waarvan onmiddeltijfc t" 
der kleinere vaartuigen naar Yarmouth gezonden werde 
ten einde aan den Admiraal van het in zee verschijnen c 
Bataafsche vloot kennis te geven. Naauwelijks bad dvk 
deze onverwachte tijding ontvangen, of hij ligtte in alle 
met zijne vloot, waarvan zes schepen naar den Teems 
elders tot herstel opgezonden , doch die kort daarna de 
drie andere vervangen waren , het anker en stelde regelrt 
koers naar Texel, om aan de Bataafsche vloot te belette: 



D 3er belte officierto vm de Billuhe leeml^it , onrW. ^ " 
van REar-Admird gf Schont-bu-nscht, bezilteode, in 1839. Iq het UitM ^^ 
JiMTaal Ttn 1810, vindt men i[Jni; leveowcfaets. 



„Google 



NEDERLANDSCHE ZEBWEZEI4. 323 

Q d&t zeegat terag te keeren, en haar slag te leveren, 
loogte van Texel in den nacht van den 10 gekomen, 

hij den volgenden morgen ten 9 ure het smaldeel van 
apitein trolt-ope in het gezigt, 't welk hem eerst door 
1 mededeelde, dat de vijand zich te Üjwaart bevond, 
ch vervolgenda met hem vereenigde. Nu gaf hij bevel 
>De algemeene jagt waarop alles bijgezet werd wat goed 
ioen en hij weldra de Pataafsche vloot ontdekte, ge- 
'd in linie van bataille en met het kennelijk voornemen 
af te wachten en slag te leveren, 
eene schijnbare verwarring ' kwam de Engelsche vloot, 
igende , met eenen gunstigen wind en volle zeilen , op 
ataafsche af. Op een vierde mijl nabij onze vloot ge- 
1, gaf DUNCAN bevel, zeil te minderen, reven in te 
1 en bij te draaijen, om zijne min of meer verstrooide 
en bijeen te verzamelen, Naauwelijks echter wns dit 
i geschied , of de Britsche Opperbevelhebber , met zijnen 
inden krijgsmansblik bemerkende, dat er geen tijd te 
men was, zou de Bataafsche vloot de kust, waarvan 
ichts vier mijlen verwijderd was, niet te zeer naderen , 
lede de gelegenheid tot eenen strijd zou verloren gaan , 

naar het voorbeeld van andere Engelsche zeevoog- 
die sinds eenige jaren met zoo veel geluk de stoute 
ïuvre van het doorbreken der Unie ten uitvoer hadden 
gt , ' het sein , alle zeilen op nieuw bij te zetten , de 
der Bataven door te breken en den vijand te lijwaart 
;e tasten, en dat ieder schip zijnen tegenstander van 



heel ongerangetrt , icgt de WINTER in zijae Stnttntit bl. 3SI cd 34, docli dit 
gevolg «BD jm spoed, dis by de algemeene jigt gemaakt werd. Ue orde, die 
e BrituchE iluit heersehie, terstond oadat duhCaN bet sein gedaiD had om leil 
«ren, toont aan, dat er geeoe verwarring bestond en deze ileebta sch^nbaar was. 
.da den betoemden zeeslag by het eiland Dominiqoe, door den Britscben Admi- 
IDNET aan den Franieben Admiraal de oiabsb geleverd, en nog ontangs, den 
r. van dit jaar, in den zeeslag bj) Kaap St. Vincent, door air jorn jervlb. 
raaf SI. vwoent, ten uitvoer gebngt. llaur ik in Dl. II. bl. 87— 118, breed- 
guproken heb over het djxirbreteit van de haU, h het niet noodig hierop 
e komen m verwgs ik daarheen. 

21* 



1, Google 



334 GESCHIEDENIS VAN HET 

ZOO nabij mogelijk behoorde aan te grijpen ' Nu was het 
beslissend oogenblik daar. Kon de Bataafsche vloot dezen 
eersten schok verduren, kon zij het doorbreken verhin- 
deren , wist zij van de verwarring , welke daaruit nood- 
wendig onder de Britsche schepen min of meer moest ont- 
staan , gebruik te maken , de overwinning behoorde haar toe. 
Doch was zij niet in staat het doortrekken te beletten , of 
kon zij de inbrekende vijandelijke schepen niet afsnijden , 
de weg tot ontkoming was versperd en bare nederlaag moei- 
jelijk te verhinderen. Wat meer is, de nederlaag werd ge- 
wis, bijaldien de niet in het vuur zijnde schepen door op- 
zeilen , wanneer zij zich in bet centrum of de achterhoede 
bevonden , of door wending , ingeval zij in de voorhoede 
waren, aan de door den vijand aangetaste bodems geeneo 
krachtigen bijstand boden, en aldus den beoedenwindschen 
aanvaller tusschen twee vuren bragten. Aldus was persoon- 
lijke dapperheid onvoldoende, om het verlies vanden zeeslag 
te voorkomen. Dit laatste gebeurde. De schok werd niet 
doorgestaan, het doorbreken der linie niet belet, en de 
onaangetaste schepen deden niets of konden niets doen tot 
het herstel der verbrokene orde ! 

Met den meesten spoed werd bet door den Britschen 
Opperbevelhebber gedane sein uitgevoerd. De Vice-Admiraal 
der roode vlag Sir kicbard onslow, met zijn schip the 
Monarch van 74 stukken, aan het hoofd zijner Divisie, hield 
het met kracht van zeilen op de achterhoede der Bataafsche 
vloot af, en drong ' omstreeks half één ure des namiddags, 
met ongemeene stoutmoedigheid door hare linie tusschen de 
schepen, de Jup.ter , gevoerd door den Vice-Admiraal eetnt- 
JES, ea de Haarlem, kapitein wiggerts, tusschen welke 

> Sar elote aeftou. Zie het 2apporl eau dunoah uu den Secralirii der AAmin- 
litcit, Ttn IS Oct. ITBT, te TiDdcn ialht Naviü BaitUt raa ca. mna, «■ in bbek- 
ton'r yaval JRtl. t. I, p. Sé9. Vergelijk ook the Naeal CArmiicU t. IV, wurhet 

Jonrnul na eta' dei oCRcicren vm het Britsetie Admirulachip gevoaden wordl. 

> Tot beter Tertttnd teiwyi ik Dur de neten ggsande fignntive kiirt, ar plan tib 
den leeiUg Tsn Kamperdaio , dit de beide vloten TiwTstelt op het oogenblik vu , af 
kort n« het doorbreken der Bals&fiohe linie door de Britten. 



„Google 



,^" 



Ji-^ ^ 



.KAlaa ril-hl! ' S töiH.-. 







1 Seli/Uield. 


K„fi iMit.llABiiüjrli 






I. Heidiernier. 


Hapi. Hm.tL 


Biii^6.-'S'"(U.-, 


4! 


3. Ilarah!. 


Kapt. LtUi. Sifsooii. later 




■? 1 


4 .ldniTirH.-IIUi.ies, 






^ 


de inis. 


K.ipi.lB.r^j»-s. 

\\t.4dm J%'deWinler.Opprrt- 


./rfm. orw {Ie HIaauwe «Itig. 




.;. A- Vrifheid. 




74 


& Stalen -CfHemal 


S h X .<amHd Merg. 
Ham. I.ud..l Holland 


Hapl. R.Biirtfcsf nul de Iri/, 








S4 


H. firaamtr. uit de linie 






tfeweke.n. 


Hnpl.luil.Sailer 








.U>.\:.I..IBIc!i>r.T,rdo>ia 








laler Hapl Luit Poliiers 


WiusHianr èulri/driidt. 




toLflen. 

II .Sfcai.iimuea-d 


Kapt Uut. J. I> .^luqiielier 








frq/ai iht a,tv. en tau brik. 
«wi vtrre m gteKta. intt den 




frrmi. Kapt. Luil.P.U Kdjf 
n /i7*ww veriaal de 


firiuia. Lfffdtn m ilcuxf. 




hmemudl eoondt-Kapi Luü Jar4é.iBn. 


i 'm Adin. nan <lt Koodt alaq. 






Vie ,idm II Ma/nt/ei 


Rick Oihilow. na kfl daorh^ntai 




,4 IharUxi. 


KofX. li'iqgerls. 




U 


.J Alkmaar. 


Kapt l.mi. J H- gra(fi 


Hrüjdt biiuaekip. dtil -hipiler 




,SMJÏ. 


Kapt G Vfrdaortii. 


Ie Icefwaait badatuiide 




17 Un/hatie..idmhM 










gmediL met de dne aditentr 




ig Daphiehrii. 


l.iiit t'rederdte 


sdiepm der Saiaa/jdic tiiür 




lo ËmbwKade. 


Kapt-LuU J Hu/fi. 


t . ÜKfX-F Fauerman. adutivm 
dl /iiue hopende. 




1, K«ikx«an<kad. 


Kapi LuiL.VIiim .Vieivp. 


w 


Ü'fci'^ 


I.aii Arkcnboul 


Hen Briudt bmatdiip, Delft 






Kopt Luit. F^lhnida. 






z4 Galalhh.brik- 


Kapt. 1,111/ Hioeiy 


Drie BriuSie totterr, eerieiixp 




iJ mdm. 


Knpt.Lut lliuiirml dr Usinlle 


^„.l^,r 




:6 JlAai»ae./«ii. 


Kapl.l.ml BlU'x. 



1, Google 



1, Google 



NKDERLANDSCHE ZKEWEZEN. 335 

schepen , niettegenstaande de herhaalde seineo des Opperbe- 
velhebbers tot opsluiting, bijzonder door de onbezeildheid 
van de Haarlem, eene te groote ruimte Vas blijven bestaan. 
De Admiraal nuNCAN, van zijne zijde, naderde te gelijk 
met de overige vijandelijke liniescbepen de voorhoede en 
het voorste gedeelte van het centrum der Bataafsche vloot, 
doch bleef een weinig tijds boven wind liggen , en hield ze 
met schutgevaarte zoo lang bezig, tot dat hij beapeurde, dat 
de onderneming van den Vice-Admiraal onslow geslaagd 
was. Naaowelijks was the Monarch door de linie in de ach- 
terhoede doorgebroken, of düncan stortte met zijn schip, 
the Venerahle , door eeaige zijner schepen gevolgd, op de 
voorhoede en het voorste gedeelte van het centrum , en trachtte 
ook hetzelfde aldaar te doen. Doch dit mislukte bij de voor- 
hoede en de twee eerste schepen van het centrum, zijnde het 
Admiraalschip de Vrijheid en de Siaien- Generaal , gevoerd 
door den Schout- bij -nacht story, die alle zoo digt op elkan- 
der gesloten waren , dat het doorbreken aldaar onmogelijk 
was. Vijf der Britsche schepen zagen zich dus genoodzaakt 
daarvan af te zien en de onzen te loefwaart langs de linie 
aan te tasten. Maar nuNCAN zelf baande zich eenen weg 
tnsschen de Staten- Geueraal , die, door het ongeval, aan de 
J^rijheid door het breken van de groote marsra overkomen , 
een weinig aan lijn was afgevallen, en den daarachter lig- 
genden Wassenaar, wetke laatste bodem, een zeer ongema- 
nierd en slecht zeilend schip, niet spoedig gaiioeg kon op- 
sluiten om dit te beletten. Hiermede was de linie der Bataven 
op twee plaatsen doorboord ' en het lot van den dag beslist, 

■ Vraand Uidm de woordm, Tooikomeade in den brief lao den Vic«-Adm[nal de 
wnm», wutlQ hfi kennii geeft Ten den nitileg dee (trjjdB: "De vyand ettiqaetrde 
hot achtente gednlte der linie en liep atontelük door de linie, hetwelk ik gaanu mg, 
dawij l ik immer ttrltoople, dat men op ttmde thiite*." In ijjne Sententie bl. 3S, 
■egt hfi in dcnulfden geot: "Dat by beaebrevene Tan deze ninaenvre dei vfjanda zicb 
in den beginH aUti goedt hetfl toorgetteld." Erkend ia bet gevaailybe der minoeavre 
vmii het doortidien der linie, en wenneer ig dis sangeTilIen Trorden, in kunde, geoe- 
feadheid en moed galgk tlau met de aUTillera of die OTertreffen, kan bet, naar bet 
oordeel van dnknndigen , ali boogat waenchgnlftk «orden aangenomen , dat hfj die doot- 



1, Google 



326 GESCHIEDENIS VAN HET 

ZOO geene zeer bijzondere omstaQdigheden eene gunstige 
wending ten voordeele onzer landgenooten gaven. 

Alhoewel dus de Batavea het doorbreken der linie niet 
hadden kunnen beletten, ontzonk aan de meesten hunner 
daarom de moed gee^nszins; ja, vele hunner handhaafden 
waardigljjk den roem der aloude Nederlandsche dapperheid. 
Op 'Benige uitzonderingen na, verdedigden zij zich met eene 
koelbloedigheid , die eene betere uitkomst verdiende. Omringd 
van vijanden, lieten de meeste kapiteinen niet na, eenen 
tegenstand te bieden, welke hun de achting en den eerbied 
zelfs van den vijand verwierf; ook de bevelhebbers der 
fregatten en kleinere oorlogsvaartuigen beijverden zich , den 
Britten alle mogelijke afbreuk toe te brengen; ja meer dan 
ééne korvet en brik schroomde niet, zich aan het vuur der 
vijandelijke linieschepen bloot te stellen, ten einde 'sLands 
vloot in den kampstrijd te ondersteunen. Een beknopt ver- 
haal van hetgeen met de verschillende schepen voorviel, zal 
het een en ander in een helder daglicht stellen. Begeven wij 
ons daartoe allereerst naar de achterhoede. 

Toen ONSi^w aldaar doorbrak , gaf hij, tusschen de Haar- 
km en den Jupiter inloopende, aan het eerste schip zijne 
geheele laag voorin, eu vuurde met zijne bakboordsbatterij 
op het achterschip van het laatste, waardoor beide bodems- 
aanmerkelijk geteisterd werden. Dan , bij bet doordringen 
stuitte de Britsche Vice-Admiraal op eenen tegenstander, 

bTMkt, lieli un eene volkomene nederlttg blootatfll. Hur kon de wintbb «erkelUk 
OTsrtuigd zQn tan de koDde en geoefendhsid zijner mede-oSciemn (njj spreken niet Ttn 
hDDDen moed)? Kon hg dit, iretBUde, dat de meetU nimmer eencD lecalig hiddtn b)|- 
gewoondF Kon bjj dit, kennende de ^roote bektrumbsden en de lingdmige geoefend' 
beid dca vyindtP Det gaantt iitit en dut alUt geeda ziek wtortUUen, kan dos neei 
*ta eene werking der «etbeelding dan ala eene gegronde hoop «orden aangenomen. Men 
vergeJyke voorts hetgeen de Vice-Admiraal se winter in i^ne vertaling van bet werk 
lau CLERK, Krijgthimde ter Zee, uf leetaelieq, U. II, bl. 112, in 18(J6 door hem 
ui^egeven, zegt omtrent dit doorbreken der linie, 't «elk hy niet alleen een atoot, 
doch roelceloot besinit, maar zelfa eene «lanhopige en trreguliere aitaqua noemt. Niib- 
MH dicbt er iniIeTi over, die, volgens CH, ekinb, Naoal Battlet, na den ilag van 
Abonkir aan ddhcah achreef: "ke had profiled by kit .examjJa i" (hy had zich zijn 
Twrbeeld ten nntt« gemankt). 



V Google 



NEDERLANDSCBK Z£EW£Z£N. 327 

hij waarschijnlijk aldaar niet verwacht zal hebben. De 
ein-luiteDant thohas lancester, bij bet afkomen des 
ds ontwaard hebbende, dat het vermoedelijk zijn voor- 
n was, de linie der onzen op dat punt wegens de aldaar 
ande tusscbenruimte door te breken , had zijn fregat 
likkendam , van 44 stukken , dat met de overige fregat- 
;n ligtere vaartuigen te lijwaart von de fiataafsche vloot 
zoo digt mogelijk aan den wind gehouden, teo einde 
het zijn, zulks te beletten, en bevond zich juist voor 
pening tusschen het achterschip van den Jupiier en het 
chip van de Haarlem , toen onslow de linie doorboorde, 
kmoedig wachtte bij den Britschen Vice-Adroiraal op, 

hij onmiddellijk voorin de volle laag gaf en vrij veel 
ie toebragt; doch op zijne beurt ontving hij, onder het 
Hen van den Monarch, uit dat linieschip een schrikkelijk 
terug, waardoor eene groote verwoesting op zijnen 
ikeren bodem aangerigt werd. De dappere lancestkr 
1 nogtans hierdoor niet vervaard. Hoeveel zijn schip en 

bij dezen ongelijken strijd ook geleden hadden, ging 
'oort, Mft Monarch te beschieten, zoo lang deze onder 
bereik van zijn geschut bleef. Doch, eindelijk van dien 
icbten vijand ontslagen , deed lancester zijn fregat 
:r de hj van de Alkmaar en Delft zakken, en onder- 
nde manmoedig die beide schepen in hunne verdediging. 
: daarop kwam een ander vijandelijk Unieschip, 't welk 
Bataafsche fregat met laag op laag begroette, langzaam 
achter opgeloopen , waarbij zich nog bet fregat Beaulieu 
de. T^en zulk eene overmagt was de reeds zoo zwaar 
isterde Monnikkendam niet bestand, vooral niet, nadat 
ithiiaar , door het verlies van zijn stuurrad en noodtalies 
[lende, kort te voren met volle zeilen het fregat achterin 
open was, den spiegel verbrijzeld en meer andere schade 
orzaakt bad. Lancester hield nogtans den strijd tegen 
overmagt vol, maar de verliezen waren zeer zwaar. Zijn 
;e officier sneuvelde, de tweede werd zwaar gewond, 50 
eden gedood, hij zelf nevens twee officieren en een zea- 



V Google 



328 GESCHIEDENIS VAN HET 

tigtal matrozen gekwetst; het tu^ werd gaasch reddeloos 
gescboten , de masteo stonden op het vallen , alle zeilen hin- 
gen aan darden, de meeste stukken werden onbruikbaar, 
en het water wies door grondscboten gestadig tegen de pom- 
pen aan. Ëene langere verdediging bij zulk eene gesteldheid 
zou roekelooB geweest zijn. Na ruim anderhalf uur zich manne- 
lijk verdedigd te hebben , besloot de kapitein-luitenant lances- 
TBR eindelijk te strijken, geeae mogelijkheid ziende, meer- 
deren tegenstand te bieden of den hem toevertrouwden bodem 
door de vlugt te redden. ' 

Gelijktijdig met het doorbreken der linie door den Vice- 
Admiraal onslow, zeilden twee vijandelijke schepen ^^ .Vo»- 
tague en Ihe PowerfuU, beide van 74 stukken , achter de Delft, 
het laatste der Bataafsche linie , om , nadat het eerste schip 
te vergeefs beproefd had, tusscben de Delft ea zijn' nevenman, 
Mkmaar , door te brekeu. Beide bodems tastten van de lijzijde 
de twee Bataafsche schepen aan, terwijl drie andere vijan- 
delijke schepen, waaronder the Buasell, kapitein tkollopb, 
van 74 stukken , doch 80 aan boord , waaronder twee caron- 
nades van 68 pond, de beide vijftigers benevens de Haarlem 
te loefwaart aanvielen , waardoor deze tusschen twee vuren 
geraakten, en, tengevolge van het doorbreken der Unie, van 
het overige gedeelte der vloot afgesneden werden. 

Tusschen deze vijandelijke schepen en ótAlktaaareaDelft, 
over welke de kapitein-luitenant jan wili.em kkaftt en de 
kapitein gerrit veroooren het gebied voerden, ontstond 
een allerhevigst gevecht, waarin die zeeofticieren toonden, 
geenszins ontaard te zijn van den heldenmoed van het 
voorgeslacht. 



1 De btjioaderhcdeii otntraat deze dappere rerdedigiog **□ de Momuklcmdat» liJn VMr- 
niaiemk ODtleend ait de rereerende Sententie, dooi den hoogen lee-krQgsnwd orar bem 
nitgaprokra , eo ait eeneitract uit het JoHraaol cao Jonkh. LOD. llDABLBtTANurroiiD, 
Jd leTen ondkipileiD ter lee, cd ia ITOT eli kidet op j^eouemd Khip dieDendej welt 
eitnet mfj met de meeite welwilleDdbeid door EJJDen broeder, Jonkb. J. i. quiilei 
TIK nrroftD, Stutiiud , Seereterii-gen. bf) bet DepiiiemeDt ran marine, medmedeeld 
weid. Genoemde kadet bekwam in bet gevecht eene iroade. De gefneDteUe offleJeren 



V Google 



NEDEaLANUSCHE ZEEWKZEN. 320 

e kapitein- luiteaant kraftt , aan beide zijden door ver- 
lende schepeu achtervot<jens aangetast, verdedigde zich 
irende ruim twee uren, tutdat verdere verdediging on- 
;elijk was geworden. Zijn schip werd gansch doornageld , 
bezaansmast en het tuig grootendeels afgeschoten , de 
:eiiiast wankelde, de meeste stukken werden onbruikbaar, 
eerste luitenaut en 30 onderofiicieren en matrozen sneu- 
len; 82, waaronder de dappere luitenant der mariaeuouis, 
den gekwetst. Tusschendeks kon niet langer worden ge- 
den; op het halfdek was geen man meer overig dan de 
slhebber en twee stuurlieden ; alles was vernield ; de Alk- 
:r was niet meer dan een wrak. In dezen uitersten toe- 
id liet de kapitein-luitenant kraftt zijne equipage, 

wie hij zich bij het naar zee zeilen verbonden had, de 
aafsche vlag niet zonder hare toestemming te doen neder- 
311, opkomen en vroeg haar, of er nog iets tot verdedi- 
g van de Alkmaar kon verrigt worden? £n het was niet 

nadat zij eenstemmig had uitgeroepen , ^dat er niets over- 
if dan te strijken, dat de moedige kraftt de vlag deed 
erhalen en zijnen doornagelden bodem overgaf. ' 
''EanooREN verdedigde zich even heldhaftig , maar hem 

geen beter lot. Steeds met drie of vier linieschepen in 
echt, die hem van stuur- en bakboord, van voren en van 
teren onophoudelijk met al de kracht van hun geschut 
roetten , werd zijn bodem binnen korten tijd ten eenemale 
deloos. "Het vuur des vijands," dus leest men in zijn be- 
. aan den opperbevelhebber, "was door driedubbele en 
jrdere overmagt ijsselijk. Alles werd aan stukken gescho- 
. Geen bras of schoot was meer heel. üe meeste hoofd- 
wen en alle stagen , opk het groote marszeilval eo draai- 
3 vernield, alle zeilen doorschoten; de bezaansroe door- 



D de esifte luitenast, sla eeraU offlcier dicnit dMDds, CHsimiiKBi: de tweede 
imt, dis eene doodeljjke wonde kreeg, *■■ ACKHHiiiNa geosimd, beide lloeke 
eren, die bauDeii pligt eervol lerrotden. 
Sapport van ibattt aa» dut Vtet-Admiraal DB «intek, tn Sentenltt van dtn 

en lee-trijgiraad. 



1, Google 



330 



GBBCUIBDENIS VAN UËT 



midden ; de bezaansmast op 't vallen ; ook de fokkemast sterk 
beschadigd; eene menigte grondscboten , bijoa oniuogelijk 
om te stoppen ; de helft der stukken onbruikbaar , velen ge- 
dood en gekwetst, waaronder drie luitenants, ■ ook de schip- 
per en vele onderofficieren." 

Niettegenstaande deze jammerlijke gesteldheid en alle uit- 
zigt verdwenen was, hield de moedige vkrdooben evenwel 
tot bet uiterste vol; docb ten laatste moest ook hij bezwij- 
ken. "Na twee groote uren en een hel van vuur, schroot, 
ijzer en Tcogels , tegen meer dan drie dubbele overmagt , boord 
aan boord geslagen te hebben , gaf hij , dewijl zijn schip 
reddeloos en er geen redding meer was, last zijne vlag te 
strijken." ' 

En inderdaad was er noch voor verdooren, noch voor 
KKAFTT , uitzigt op redding , toen zij zich verpligt zagen voor 
den vijand te bukken. De naast voor hen liggende schepen, 
Haarlem en Jupiter , hadden zich reeds vroeger aan de Brit- 
ten overgegeven; het daarop volgende, de Cerberus, had de 
linie verlaten en was vooruitgezeild ; andere schepen waren 
genomen of hadden zich verwijderd, zoodat de Del/i en 
Alkmaar geheet alleen lagen, afgesneden van de weinige 
overige Bataafsche schepen, die zich nog verdedigden en die 
bon onmogelijk bijstaad konden bieden. 

Zoodra de Vice-Admiraal onslow zich hersteld had van 
de schade , door het fregat Monnikkendam hem toegebragt , 
loefde bij op, en tastte den Jupter , zonder hem op zijde 
te komen, eenigzins van achteren, met hevigheid aan. Door 
deze gesteldheid des vijands, zag de Vice-Admiraal reïn- 
TJEs, bevelhebber van dat schip, maar wien, wegens zijne 
verzwakte gezondheid, de Schout-bij -nacht MEUREftwas toe- 
gevoegd, zich genoodzaakt, wilde hij niet, zonder zich te 
kunnen verdedigen , geheel reddeloos worden , af te draaijen , 
ten einde de stuurboords-batterij den Monarch te kunnen aan- 



t De derde Inilenant pietrkb en de Initentnt de mar: 
toniB en aROOTTSLS tncnTeideD , bcDeTcns 38 mil 

1 Woorden, vooTkoinetidE la het rermelde Rapporti 



IC BUPF£RT , de kadeti DK CRAHE, 

oien. en 87 werden getireW. 
n den Vice-Admiraal m wibtï». 



V Google 



NEBERLAND8CUE ZEEWEZEN. 331 

en. Tuaschen deze twee schepen, die niet verder dan 
snaphaanschot van elkander en soms ra aan ra lagen, 
een hardnekkige strijd aan, welke echter korter duurde 
men had kunnen verwachten van een zoo zwaar schip 
de Jupiler , waarop zich twee Vlagofticieren bevonden. ' 
e omstandigheden schijnen daartoe voornamelijk te hebben 
egewerkt. 1°, üe bevelhebber van het voor hem liggende 
p% de Cerberus, kapitein-Luitenant jacobson , meenende 
van het schip van de winter het sein voor de achterste 
spen gedaan was, om de voorste te hulp te komen, ver- 
, oa een zeer kortstondig gevecht met een vijandelijk 
p, de linie' en zeilde van den wind te lijwaart weg. 
ifdoor kreeg het vijandelijke schip , 't welk de tegenpartij 
den Cerberus had moeten zijn , de gelegenheid , den 
nter te loefwaart aan te tasten , zoodat de Vtce-Admiraal 
fNTJES thans tusscben twee vijanden geklemd lag, waarbij 
1 later nog een derde voegde. 3°. Ue Vice-Admiraal reïw- 
;a die, ofschoon kort vóór den uittogt door eene beroerte 
igetast, niet geaarzeld had mede in zee te gaan, werd te 
dden van het gevecht door den wind van eenen kogel aan 
3 buik gekwetst, aan welke wonde en toenemende ver- 
akking hij, na eenige weken lijdens, overleed. Weliigt 
ïft deze omstandigheid eene ongunstige uitwerking gehad 
zijnen anders gewonen ijver ea moed , en ook den geest 
r equipage verHaauwd. Hierbij kwam , dat de achter hem 
geade Maarlem , kapitein o. wiggerts, die eerst door twee, 
arna door drie vijandelijke schepen aangetast werd, genood- 
ikt was geweest, na een gevecht van ruim een half of drie 



' AdMjien der Icdfn van den bocgea lee- krijgsraad eo SenfentU i» de taah van 
rltdm Viee-Adairaal a. beintjes e» de» Sehout-bij-nachl r. i. VEfBEE. Vol- 
I «fl Eagilich berigt, wurop mia lich achiJDt U knnDcii vertalen, gif de Jnpiler 
I ten «en n(e 46 min aten , das db ecDC verdediging van een aui en een knartier, DV«r. 

JICOBSON beweerde, in lijn Rapport en voor den zee-krijgsraad . den Vice-Admi- 
I DNBLOW, vöór liij de linie terliet, door lijn Bcbip tot tweemalen toe voor of van 

■ind te bebben lalen vallen, voorin geuboten en aldna aan im Ji^ler bijstand 
lecad te bebben. Doch dit werd door de officieren van den Jupiter en andere naliij- 
;ende lebepen itelüg tegengeipioken. 



V Google 



332 



GESCHIEDENIS VAN HET 



kwartier uure ' en het verlies van eea aaazienlijk getal dooden 
en gekwetsten , om zich over te geven. Daarmede kregen de 
Britten de handen ruim , en lag de Jupiter geheel door 
vijanden omsingeld, zonder eenig uitzigt op redding. En in 
welk eene gesteldheid? Zijn gfooté mast was doorboord ; zijne 
bezaansmast, stagen en want en meest al het overige touw- 
werk aan stuk geschoten; het schip zelf zonder stuur; het 
meerendeel van het geschut onbruikbaar; vele manschappen 
gesneuveld of gekwetst * In dezen toestand oordeelde de Vice- 
Admiraal rbintjes het nutteloos, zijne equipagie, die zich 
tot dusverre getrouw van haren pligt gekweten had , langer 
aan het vuur der drie vijandelijke schepen bloot te stellen, 
en deed, na eene verdediging van ruim één uur, de vlag 
Btrijken. 

Hadden de bevelhebbers der vermelde schepen van de 
achterhoede zich, over het algemeen, kloek verdedigd, en 
twee hunner tot het uiterste toe de eer van 's Jjands vlag 
gehandhaafd, de kapitein- luitenant jacobson, voerende den 
Cerèeruê , het eerste schip der achterhoede , kweet zich geens- 
zins zoo getrouw van fijnen pligt. Twijfelachtige moge het 
zijn , of hij misdeed , door niet uit eigene beweging aan den 
Vice-Admiaaal reïntjes , die daartoe geen sein had gedaan , 
en aan de verdere bevelhebbers der achterhoede die in grooten 
nood verkeerden, behoorlijken bijstand te bieden; en of het 
hem vrij stond, op een onzeker sein van den Opperbevel- 

1 KapilcJD winOEETS beireerde ia igoe rapport ea voï voor den haogcn loe-krfigi- 
rtad, du bg züu «chip twee urea loiig lou verdedigd Itebbcn^ doah du krijgirau] tw- 
klurde, dut lulka un leer gEgroade bcdcolciagea ondorbeiig was, en lolgena it g*- 
tnigimi* van ODdelaeheideiie andere offleieren duurde het gevecht van de Saarlem bM 
langei dan een groot half- of uiterlijk drie kwartier ann. 

' Volgens het zoogenaamde VbU^dige Verilag tan da ttthaiaSte va» 1 1 Oct. , door 
Jut CommUti der moruw aan da Nationale Vergadering gedaan, gedrnkt in ITBT 
ter Lands-drokkerf) , bedroeg bet geUl geinenveldea 91. dat der ^knetsten 01; docb 
op* de opgaTCD in dit itnk, dat met Teel ophef geileld ia, kan men lich niet vella- 
teni bitlkende bet nit de Sententie van wglen den Viee-Admirail aeiHT/K en dea 
Sehont-bg -nacht meuber, dat deie laatate voor den krygsraad heelt getnigd, dat brt 
getal der geinenTeldeD en gekxettten weI ainmerkelljk , doch niet met lekerbeid bekend 
vu. Ue Jnpiltr werd h^ de Engelache zumagt apgenomen onder de benaniiDg vaa 
CaetperAnMi. 



V Google 



NEDEaLANUSCUE ZEKWEZEN. S'öó 

}er , door geen der naast hem liggende schepen opgemerkt, 
:n de linie te verlaten , aan lij te zakken en vooruit te 
IQ; doch zeer zeker maakte hij zich aan pligtverzaim 
tldig, toen hij, na de linie te hebben verlaten, niets deed, 
den Opperbevelhebber , die in deze oogeablikken met 
cbiliende vijandelijke schepen in een hevig gevecht ge- 
keld was, te ontzetten of hulp te verleenen aan de sche- 
der voorhoede, die ia geen minder gevaar waren. Het 
ige dat door hem verrigt werd , bestond in het wisselen 
eenige lagen of schoten met sommige Britsche schepen 
lij der Bataafache linie, doch verder gedroeg hij zich, 
ware hij niet verpligt geweest deel te nemen aan den 
jd, die nog zoo hevig woedde. ' 

3egeven we ons thans naar de voorhoede en het voorste 
leelte van het centrum, waar de Britsche Admiraal dun- 
!4 , gelijk gezegd is , de Bataafsche Unie had doorgebroken 
schen den Wassenaar, van 64 stukken, kapitein-luitenant 
LL\ND, en de Sloten- Generaal , van 74, gevoerd door den 
lout-bij-nacht samuel story. 

Zoodra de Admiraal duncan te dezer plaatse was doorge- 
)ken, plaatste hij zich met zijn schip iie Venerable , voe- 
lde 74 stukken, maar met zijne caronnades 80, even aan 
op de stuarboords windvering van de Staten- Generaal , 
n waar hij een hevig vuur op het achterschip van dien 
dem maakte, terwijl een ander vijandelijk schip het niet 
nder vinnig te ioefwaart aantastte. Story beantwoordde 
; dubbel vuur krachtdadig, doch daar hij, ia de gesteld- 
id waarin zijn schip zich bevond , buiten staat was , zich 
;en de the Venerable met vrucht te verdedigen, hield hij 



Hetgeen ik hier omtrent het gedrag van jACoeaoN zeg, en dat tijnregt in tegen- 
ui is met hetgeen men in het zoogenaamde Volledig Verilag bl. 13 leest, is ont- 
dd Dit de oorgprookelijke idvljzea der leden lan den haogen icekrügeruJ en uit zyno 
ilentiri van den 27 Maart 1709. Het wegzeilen vaa den CtTberui wurdt door de 
iTta, in zjia Varhaal van het gevecht, achter het werk vau clerk, ata eene der 
nitea van de nederlMg opgegeven. Hiermede vervalt het breedvoerige verhaal negens 
ïeldhaftigbeid van jacobsoh, voorkomende hg iNGiLBXETa, Qedettkitiik van Nt/r- 
vli Ueldtudade» Ier iet, D. II, hl. 451 in de noot. 



V Google 



334 



UESCHIEUENIS VAN H£T 



miQ of meer af. Op deze wijs bragt hij den Britschen Ad- 
miraal merkelijke schade toe, doch het gevolg liiervaa was 
tevens, dat de Staten-Generaal uit de linie, en zoo verre 
beneden den wind aan lij geraakte, dat story, 't zij door 
hetgeen zijn schip bij dit kortstondig, doch hevig gevecht 
geleden had, 't zij door den brand, die tot tweemalen toe 
op zijnen bodem uitbrak, doch telkens gehluscht werd, 't zij 
door die twee en andere oorzaken te zamen, verder geen 
deel aan den algemeenen strijd nam, en den Vice- Admiraal 
DE WINTER , wien hulpe zoo noodig was , geen bijstand bood. 
Er werd nog alleen eenig schutgevaarte door hem met som- 
mige Britsche schepen gehouden , totdat hij , ziende , dat de 
slag verloren was , het voor den wind hield , en het gros der 
Bataafsche schepen, die niet in 's vijands handen gevallen 
waren , verzamelde. ' 

Nadat dè Staten-Generaal aldus afgehouden had, zeilde /ie 
Venerable door tot onder de lij van het Admiraalschïp der 
Bataafsche vloot , de Vrijheid, 't welk reeds van bakboordzijde 
ineen heviggevecht met een ander Engelsch schip, the Ardent, 
gewikkeld was , 't geen met zulk een goed gevolg door de win- 
ter werd beschoten , dat de bezaansmast , de helft van den 
grooten mast en de voorsteng van den Engelschman over 
boord vielen. Tusschen de heide Admiraalscbschepen ontstond 
een hardnekkige strijd , die ruim een uur ' onafgebroken voort- 
duurde , en waarin the Venerable zoodanig gehavend werd , dat 
DUNCAN zich verpligt zag, tot tweemaal sein te doen , dat men 
ter zijner hulpe zou toeschieten. Een der Engelscbe schepen , the 
Powerfttll, van 74 stukken , voldeed spoedig aan dit sein , waar- 
toe de overgave van het nu 't naast bij de winter in het 

> McD lic het iDogcDUinids Velltdige Vardag, bl. 24, doch vergelybc d*amede 
het verhul <r«B dï vihteb by clerk, cit. D. II, bl. 98 en 114. Ik potte ook foar- 
DUnelijlc uit de SenteDÜe T»n btobt. 

3 Id ijjDe beiigten legt de wihtëb tvet aren, doch m die tui den ktpitein- luite- 
nant BicCAlfi , die de meeste byiondcrheden beiatten en mg Tooritonten bet hhDW' 
kenrigrte te zijn, wordt Btellig gezegd omtrent ten «ur, 'tgeen ook OTerecDkont ntf 
ds berigteo vsn andere officieren. Ust de opperbereibebbcr, die dit du ook te kennen 
geeft, in zolk een herig gevecht, nïct op den jaiiten tyd gelet hebbc, i* geen wonder. 



1, Google 



NEU£ELANDSCH£ ZEEWEZEN. 335 

trum liggende schip, de Wassenaar, en de schandelijke 
gt van den daarop volgenden Bataoier de gelegenheid gaven. 
Bij den aanvang van den strijd , werd de Wassenaar 6dAtV\\)L 
I bakboordzijde door een der EngeUche Unieschepen aan- 
'allen. Niet lang daarna Hep een ander digt achter hem 
, schoot hem zijne gansche laag in , en bleef aan staur- 
>rd van achteren hem beschieten. De kapitein-luitenant 
LI.AND zag zich das genoodzaaiit , terstond het hoofd te 
:den aan twee vijanden, waartegen zijn vier en zestiger 
it bestand was. De lafhartigheid of althans het verregaande 
gtverzoim van den kapitein-luitenant sodter, die bet bevel 
sr den naast hem liggenden Batavier, van 56 stukken, 
erde, was daarvan de oorzaak. Deze ofEcier, na twee of 
ie lagen op één der naderende vijandelijke schepen ge- 
it te hebben voor dat zijn geschut eenige uitwerking 
en kon, ontzag zich niet, terstond daarop van den wind 
t de linie te loopen , en aan lij niet slechts der groote 
liepen, maar ook der fregatten en mindere vaartuigen te 
ao leggen , zonder verder eenige pogingen aan te wenden , 
1 den Wassenaar, die door dit zijn bedrijf van twee kaa- 
n aangevallen werd en spoedig in zeer hagchelijke oinstan- 
gheden geraakte, te huipe te komen, of den in geen' 
inder benaauwdea toestand verkeerenden Opperbevelhebber , 
ien hij met zijn schip, dat weinig of niet geleden had, 
jstand had kunnen bieden, te ontzetten, of iets anders te 
)en, wat tot afbreuk van den vijand kon strekken. ' Kapi- 



> ^^Hef ickandtlgJc wegloopen va» htt tchip de Batavier, wordt doot di wihteb 
lijn Verhaal bij clere. bl. 111, of^tsld onder de oürzakcn t>p bet verliea i»n 
ü zetthg. Op bl. 92 tpriekt hj) in gelü'<ea zin '"d bet icegloopm Tan den Bata- 
er. Voorla ia b«tg«ii hier omtrent het gedrtg van den kapitein -luiteonnt «outkr 
legd wordt, ontlaead ait i^ne «erhooren en de conclnite lan eisch via den AdvocMt 
iieaal , ait de eeapari)te advijiea der leden vao dan boDgsn xe«-k rij paraad en nït bet 
irepronkelyke OTer bem gevelde Tonnii, Toorkomende in het SegUier van SerUentien. 
oor BOHTEB weid in zijaei veracbooniag beweerd, dat de fneede stnaruian 1* zonder 
ja neten en tegen i()n bevel, bet roer te loefwaart aao boord zon gegooid bebben, 
1 bet aehip dien ten gevolge nit de lioie loa geraakt zijn , donfa by bet regterlyk 
aderzoek ontbraken daarvoor de beirijzen, en alt alles bleek, dat by zich ua TCrre- 
und pligtterzaim acbaldig gemaakt had. 



1, Google 



SSQ GESCHIEDENIS VAN HET 

teiD HOLLAND was dus ten gevolge van het wijken van den 
Batavier verptigt, het hoofd aan twee vijandelijke schepen 
te bieden. Daar de Wassenaar zeer traag in het afvallen 
was, moest hij van het Engelsche schip, dat van achteren 
aan stuurboord lag, aanvankelijk het volle vuur doorstaan, 
zonder het voldoende te kunnen beantwoorden, tot dat bij 
er eindelijk in slaagde het op zijde te komen. Alstoen ont- 
stond een feite strijd tusschen deze twee schepen, die bij- 
kans ra aan ra lagen; een strijd, welke niet eerder ophield, 
dan nadat het vijandelijke schip den Wassenaar verliet en 
vooruitzeilde , en waarbij het Bataafscbe veel meer dan het 
Britsche had geleden, doordien kapitein holland, wegens 
het overhellen van zijnen bodem, geen gebruik van zijne 
onderste batterij had kunnen maken. Bij zulk eene omstan- 
digheid mogt de bevelhebber zich gelukkig achten, den 

Wassenaar behouden te hebben ; dan deze was nogtans ge- 
noegzaam reddeloos. Bovendien was een gedeelte van zijn 
geschut onbruikbaar geworden, al zijne officieren gekwetst, 
de eerste en tweede stuurman gedood, zeventig man ge- 
sneuveld , negentig gewond ; de kapitein bevond zich met de 
roergangers alleen op het halfdek ; op den bak was er niemand , 
in den kuil slechts één enkel matroos overgebleven. En of 
er nog iets aan ontbrake ; weldra ontdekte men , dat de 

Wassenaar lek was en onder het wegdrijven ontstond er 
brand in de voormara. Ofschoon tot dusverre behouden, was 
bet derhalve te duchten, dat een schip in zulk eenea toe- 
stand eenen prooi des vijands zou worden bijaldien er niet 
spoedig hulp kwam opdagen. Dit geschiedde niet en bet 
uitzigt daarop bestond geenszins. Het leed niet lang, of 
kapitein holland ontwaarde drie vijandelijke schepen, die 
van de achterhoede kwamen opzetten en hem omsingelden. 
Tegen deze zich met hoop op eene gunstige uitkomst te 
verdedigen, was onmogelijk; een langer tegenstand noodeloos 

bloedvergieten ; kapitein holland streek de vlag. 

Door het gebeurde met de drie naast achter hem gelegen 

hebbende schepen , kon de winter , die in zulk een' hevigen 



V Google 



NKDBar.ANDSCtfB ZÜBWEZEN. 



337 



[ gewikkeld was, geen bijstaad van die zijde verwacb- 
Evenmin kon hij zulks hopen van de schepen, die de 
loede uitmaakten. 

3 Britsche schepen, die bij den aanvang van het ge- 
t te vergeefs beproefd hadden , naar het voorbeeld van 
len Admiraal, ieder op zich zei ven , tusschen de schepen, 
de voorhoede der Bataafsche vloot uitmaakten, door te 
en , tastten achtervolgens den Admiraal Tjerk Hiddes 
'■^ries , den Herkules, den Beschermer en de Gelijkheid 
oefwaart aan. Het eerste en laatstgenoemde schip ver- 
gden zich kloek en tot het uiterste toe, doch moesten, 
I als de Hercules, die door een ontzettend ongelak ge- 
^en werd , ten laatste voor de overmagt des vjjands buk- 
, terwijl de Beschermer, na eenigen tijd te hebben ge- 
ien , de linie verliet en niet in handen der Britten viel. 
Ie Mmiraal Tjerk Hiddes, de voorman van de Vrijheid, 
A aanvankelijk door één Engelsch schip aan bakboord- 
e aangetast , doch het leed niet lang , of er kwamen andere 
ndelijke schepen ook aan lij opzetten, en eenigzins later 
d de linie, die tot dus verre tusschen den Admiraal en 
Vrijheid goed was gesloten gebleven , gebroken , zoodat 
iteih ZEGEES , die het bevel over den Tjerk Hiddes voerde , 
1 meest tusschen twee vuren bevond en eindelijk genood- 
kt werd, aan vijf Britsche schepen het hoofd te bieden. 
pper kweet zich de Bataafsche kapitein bij de vervuiling 
I dezen moeijelijken pligt, zijnde hij een dergenen, die 
len bodem tot het uiterste bleef verdedigen , niettegen- 
snde de groote verwoesting, die door het vijandelijke ge- 
lut werd aangerigt, en waaraan hij van de lijzijde door 
. sterk overhellen van zijn schip slechts gedeeltelijk kon be- 
;ffoopden. Omsingeld door de Britten , afgesneden van onze 
irige schepen, door allen verlaten, en met zijnen zwaar 
;eisterden bodem buiten staat langer aan de overmagt het 
jfd te bieden , schoot er aan den moedigen zeoers niets 
;r dan de vlag te strijken en zich over te geven , tellende 
genoeg dertig dooden en honderd gekwetsten. 
V. 22 



V Google 



aSü OfiSCUIBDSNlS VAN U£T 

Met geeae mindere oaveraaagdheid streed de kapitein- 
luiteoant hendkik alexander aurscH, voerende de GeUji- 
heid, het voorste schip der Bataafsche linie. Ook dit schip 
werd in den beginne slechts door één Brit te )oefwaart aan- 
getast , doch nadat de Seackermer , die achter de Gelijklieid lag , 
de linie verlaten bad, drong een tweede vijandelijke bodem 
daar ter plaatse door, en beschoot met de zware caronades, 
die hij op zijn bovendek voerde, de Gelijkheid van achte- 
ren, op den afstand van nog geen pistoolschot, zoo gewel- 
dig , dat daardoor veel volks sneuvelde , eenige stukken on- 
bruikbaar gemaakt en het tuig zeer geteisterd werd. Een 
derde vijandelijk schip voegde zich niet lang daarna bij dese 
twee, wier getal ten laatste aangroeide tot vijf, onder welke 
zich het Britsche Admiraalschip bevond. Rotsch verdedigde 
zich tegen deze groote overmagt met kalmte en standvastig- 
heid, en wendde zelfs, te midden van den hevigsten kamp- 
strijd, nog pogingen aan om den Vice-Admiraal de wintbk, 
die in grooteo nood verkeerde, en tusschen wien en de 
Gelijkheid geen enkel schip meer overig was, te hulp te 
komen. Doch alles wat hij tot bereiking van dat oogmerk 
deed was vruchteloos. Zijn schip, g&nsch reddeloos gescho- 
ten, bleef onbewegelijk liggen. In dezen, bijkans hopeloozen 
toestand vatte de kapitein-luitenant rdïsch nieuwen moed, 
toen bij den Brutus , den Cerberus en nog een ander Bataafsch 
schip, met alle zeilen -bij, te iijwaart van hem ontdekte. 
Ku verlevendigde zich , naar hetgeen Rvrscu in zijne ambts- 
berigten en voor den hoogea zeekrijgsraad verklaarde, het 
uitzigt op ontzet. Doch spoedig werd die hoop verijdeld, 
daar de Brutua wel eenige schoten deed op den vijand , die 
op de zijde van de Gelijkheid lag, maar hem niet aantastte 
en doorzeilde. Na deze teleurstelling, en terwijl geen der 
Bataafsche schepen zich meer tegen de Britten verdedigde, 
uitgezonderd alleen de Vrijheid, die reeds al hare masten 
had verloren en wier vuur aanmerkelijk verflaauwd was, 
besloot EDI8CH, daar alle middelen van verdediging ontbra- 
ken , tot de overgave , na een aanzienlijk gedeelte zijner man- 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 339 

sduppen verloren,' ea gedurende bijkans derde halfuur 
nch op de loffelijkste wijs van zijnen pligt gekweten te 
bebben. 

AaDvankelijk verdedigde de Beschermer, het tweede schip 
?aD de Bataafsche voorhoede, zich kloekmoedig tegen twee 
vijaDdelijke schepen , waarvan het eene te loefwaart , en het 
andere, dat de Unie had doorgebroken, aan Uj lag. Gedu- 
rende eeD uur* handhaafde de bevelhebber, kapitein hinxt, 
lich mannelijk tegen die overmagt; doch ongelukkig bekwam 
hij toen eene gevaarlijke wonde, waaraan hij later overleed. 
Deze noodlottige gebeurtenis verSaauwde den moed der zijnen. 
Kort daarop werd de bezaansmast omver geschoten, door 
■elk ongeval het gebruik van het roer belemmerd werd en 
^ Beachermer uit de linie afviel. Van dat oogenblik af 
"OD dit schip geen deel meer aan het gevecht, zijnde, voi- 
S^s de 'getuigenb van den bevelvoerenden officier, jacob 
oiuen , oiet in de gelegenheid geweest , om de zich nog 
'wedigende schepen der voorhoede of den Vice-Admiraal 
W WINTER bijstand te bieden, of den vijand op eenige 
""ere wijs afbreuk toe te brengen. ' 
öen Jlerculea, het tusscheu den Beachermer en den Jd- 
*t<ial J^jerk /fti^*, liggende schip, trof, gelijk wij zeiden, 
^ ontzettend ongeluk, waardoor dat schip in 's vijanda 
laodea viel. 



°** g«ta1 der gnncarddsn bedroeg DmtTCDt 00, dit der gdwettUn 70, wutod. 

'*'»clioid«ne iwamr gewonden , Tin welks er hier oierleJen. Ond«r Ae doeden b«- 

burden ^^ adclbont obooivjcld en de DppentanrmiD ; onder de iwur gefronden da 

luMint der marine holt*, de edelborrt tin kmkn, de eerste Khrljïer u^i^i. 

' Geen tiott oren. gelQk Dl wihieb in ifin Vtrhaal bij clebe «gt. Volgeni hel- 

jnde Initeunt oimin loor den lee-kr^ginad getuigde, gerukte de St$eiermer 

ntKQl(«ae on in gevecht, en werd kipilein HiNit toucben bïlf twee en Iweenra gekwetst. 

' ^enfeaiie tan den hoagea tet-irijyiraad in dé taak va» den overleden k^pUeim 

ixtvn «■ Imiltnatt oklsen. Het tpoedig wQken nn den Seiehemer (tOMcben helr 

tnt ra twee nn) wordt door dk wintki in lyn lengefauld Veriatd, bl. IIB, irer- 

fdAen Diet bl. lOB, onder de ooniken Tin het Terliea dei leealagi opgenoemd. Inlna- 

lAn werd otuM door den krt|jfintd Trygeaproken Tin de tegen bem ingebrigte be- 

KknUipnj, dit ki] zynea poat inde linie ontfjdig loo ntliten hebben. De Bemhermer 

«i« 1 iwiltE en 27 gekwetiten. 

22» 



vGoo^l 



340 



GESCHIEDENIS VAN HET 



])eze Bataafsche bodem werd allereerst door een Engelsch 
linieschip ven 70 stukken t« loef waart aangetast, met het- 
welk een hevig , doch kortstondig gevecht plaats greep , daar 
het spoedig den Hercules verliet en zeil maakte, om op 
zijde van den Beschermer te komen. Dit vijandelijke schip 
vrerd weldra door een tweede gevolgd , te weten , the Triumpi, 
kapitein essinqton, van 74, doch met zijne caronades, van 
80 stukken. Deze kwam achter den HerctUe» om loopen, 
doch werd op datzelfde tijdstip door den naastliggeoden Ad' 
miraal Tjerk Hiddes zoodanig waargenomen, dat hij geene 
gelegenheid vond den Hercuies van achteren in te schie- 
ten, en zelfs zoo geteisterd werd, dat hij zijn bezaansroe 
en kruissteng verloor en met zijnen spiegel naar de Hercdes 
liggen bleef. Van die ongunstige gesteldheid maakte de kapi- 
tein-luitenant rysoort, bevelhebber van den Hercules, ge- 
bruik, om twee lagen met schroot op den Triumph te los- 
sen, die zulk eene krachtige uitwerking deden, dat daar- 
door 50 man op het vijandelijke schip gekwetst werden, al 
de broekingen der onderste batterij sprongen , en kapitein 
sssiNQTON, volgens zijne eigene verklaring, ' op het pnnt 
stond zijne vlag te strijken. Dan, in dit hagchelijk oogen- 
blik gelukte het den Britschen bevelhebber met zijne acht 
en zestigponder caronades, die hij op zijne kampanje voerde, 
brand in de verschansing van de Hercules te schieten, en 
tegelijkertijd of zeer kort daarna werd aan den kapitein 
BTSOORT de linkerarm afgeschoten en de regter gekwetst. 
Door deze gevaarlijke wonden, waaraan hij later overleed, 
was die kapitein buiten staat, verder het gebied te voeren 
en zag hij zich genoodzaakt, het op te dragen aan den lui- 
tenant AREND MDBaoETiER, ecu' jcugdig officicr ,. doch door 
wien , bij de schrikkelijke omstandigheid waarin de Hercules 
geraakte, eene koelbloedigheid werd aan den dag gelegd, die 
de bewondering van het nageslacht verdient. Binnen weinig 



I Am den luiten«Dt i 
letaigde. 



mrsqusTiZK, gdjjk deic ixA\» *Dor dm ho^co iee-kri|girud 



V Google 



1, Google 



342 GBSUHIEDKHIB VAN HET 

werd bet op nieuw bij den wind te houden, tot geen' ge- 
ringen schrik van vriend en vijand, die den Hercules zorg- 
vuldig, soms met veel moeite, ontweken, en waardoor de 
weinige nog bij de Uataafsche schepen bestaande orde ten 
eenemale verbroken werd. Te midden van dezen hoogen 
nood werd de luitenant HCSaosTiBa bedacht, den deerlijk 
gewonden kapitein en de overige gekwetsten te behouden. 
Hij liet -met dat doel de kleine sloep gereed maken, doch 
zij werd terstond door zulk eene groote menigte overstelpt, 
dat zij omsloeg en negen man hun gr^ in de golven von- 
den. Niet ontmoedigd, deed hij een ander klein vaartuig 
met datzelfde oogmerk uitzetten , doch onderscheidene zeelie- 
den , door het dreigende gevaar bevreesd geworden , maakten 
zich daarvan ijlings meester en roeiden er mede naar den 
naastbijliggenden vijandelijken bodem , the Triumph. Inmid- 
dels werd de hoop op behoud van het schip niet opgegeven. 
De pogingen tot blussching werden met verdubbelden ijver 
voortgezet en ten laatste met de gewenschte uitkomst bekroond. 
Nadat de vlammen nog veel vernield en gedurende bijkans 
derde half aur wijd en zijd gewoed hadden , slaagde men er 
in , den brand eerst te stuiten en ten laatste te blusschen. Nu 
scheen het uitzigt te bestaan , den wel deerlijk geteisterden, 
doch nog zeilvaardigen Uerculea behouden in een van 's Lands 
zeegaten binnen te brengen, waartoe door den luitenant uce- 
QDETiER al hetgeen daartoe dienstbaar was gedaan werd. 
Doch de Britten, waarschijnlijk door de gevlugte matrozen 
verwittigd, dat het Bataafsche schip het kruid over boord 
geworpen had, en ontwarende dat de brand gebluscht was, 
sneden aan den weerloozen bodem den weg af, die, van alle 
middelen tot verdediging ontbloot, genoodzaakt was zich 
over te geven. Te rêgt roemde daarna de Opperbevelhebber 
van 'sLands vloot de bedaardheid en den moed van den 
luitenant HcsacSTiEE, ' en wie is er, die zich niet gaarne 
zal vereeningen met de uitspraak van den hoogen zee-krijgs- 

1 Vuhul TH DB WIHISB b( OLHK, Dl. IV, U. 90. 



V Google 



NBDBRI.ANDSCnK ZEEWEZEN. 



343 



nud, aangaande het door dien officier gehouden gedrag: 
"dat bij alles bad gedaan , wat hem in de zoo hagchelijke 
omBtaadigheden , waarin hij door den ontstanen brand op 
den ffercttiea gebragt was, tot redding van schip en volk 
doenlijk is geweest?" ' 

Door het hevig gevecht , waarin de Gelijkheid en de Ad- 
mraal Tjerk Hiddea de Fries gewikkeld waren en waaraan 
onderscheidene vijandelijke 'schepen, die vroeger de'Bataaf- 
sche schepea der achterhoede bevochten, deel namen, gelijk 
mede door het wijken van den Beschermer en den brand iti 
den Hercules, kon de Admiraal de winter dus evenmin 
vsn de voorhoede eenige hulp vervrachten , als hij die mogt 
lopen van de achterhoede, waar nog alleen de Alkmaar en 
k I>elft lich verdedigden. Het eenige uitzigt op redding 
boden nog de drie schepen van het achterste gedeelte van 
het centrum, de Brutus. Let/den en Mars aan, die, steeds 
vel gesloten blijvende en met den vijand in een geregeld 
gevecht gewikkeld , daartoe in staat schenen. 

De berigten nopens hetgeen door deze drie schepen , bij- 
Koder door den Bruins, overwien de Schout-bij-nacht johan 
"Noi.D BL0Ï8 TAN TRB8L0NG het gebied voerde, in dezen 
weslag verrigt is, zijn zeer tegenstrijdig, en er heerscht 
deswege zooveel onzekerheid, dat het den geschiedschrijver 
•"ïwaarlijk , om niet te zeggen onmogelijk is, de waarheid 
"'' die berigten te onderkennen. Intusschen staat bet vast, 
m de Britten in den beginne het achterste gedeelte van 
^^ centrum , eamengesteld uit de drie genoemde schepen , 
slechts van verre door vier schepen, waaronder twee zware 
"^tten, beschoten hebben, en hen wel bezig hielden, ' 

^^^Imtti» MM dm ioogt» x«»-irijgtraad , Dit welke ik vete beUngrijki bfjioDder- 
™a ontrent bat gebesTdi op deo SerruUt ontlrande. 

In ondtneheidHie rapporten ru onie afflrieren wordt dciwege gezegd , dit de Britten 

^ BedeeMe tu hel eenttam b|t den lantaDg Tin het gerecht ilechti «wKnviM. Dit 

pwedde niet, loo ■!• in wmmige ooier berigten beweerd wordt, toeiiUig, Teelmin 

bs gerdge nn («ikeerde manoeDTrea tui lommige Tyindel(jke Bcheepabeielhebbera , 

bW, m all duidelijk nit de Hngelache berigten Uijkt, op aitdrnkkelpea last Tin 

jo ïdninil ODHCiH, tot nitvDering fin wiena nitmoutend plin tid unvil bet wer- 

kdw) Ulu lu eta gedeelte Tin het Bttufaohe cenlram behoorde. 



vGoo^l 



344 ORSCHIEUENIS VAN HÏT 

maar oiet enistig aantastten. Zij schijnen dit met een d 
dubbel doel te hebben gedaan: 1°. om hunne eigene n 
zoo weinig mogelijk te verdeelen , ten einde die groetend 
te kunnen gebruiken ter bestrijding der voor- en achterhoc 
begrijpende dat, wanneer deze voor hunne wapenen 20a 
gebukt hebben , het eene gemakkelijke taak zou wezen , 
op dit gedeelte van het centrum de overwinning te beha 
2*. opdat een belangrijk gedeelte van de Bataafscbe vl 
bij den eersten schok werkeloos zou blijven eo als het « 
verlamd worden; 3°. maar tevens om, door eene voldoe: 
magt tegen het centrum over te stellen, den Bruttia, Le^ 
en Mare gade te kunnen slaan en bij de minste beweg 
die deze schepen mogten doen tot het te hulp komen 
overige Bataafsche schepen , ze oogenblikkelijk te kuni 
aantastten, waartoe zij, als zich te loefwaarts bevindeni 
in staat waren. Hierdoor konden deze drie schepen aaov 
keiijk niets anders verrigtea , dan op de over beo ligi^eo 
maar verwijderd blijvende Brttteo vuur, doch zonder v 
uitwerking, te geven, daar de pligt der ofHcieren van d 
bodems gebood, hunne plaats in de linie zonder uitdruk 
lijken tast van den Opperbevelhebber niet te verlaten , en zu 
ook bovendien bij de tegenwoordigheid der vier tegen o 
hen liggende, ofschoon verwijderde Engelsche schepen, hoo 
gevaarlijk zou geweest zijn. Het gevolg hiervan was, dst 
gedeelte van het centrum genoodzaakt werd, eenigen 1 
nagenoeg werkeloos te zijn, althans buiten staat was, < 
den vijand die afbreuk toe brengen, welke het anderz 
had kunnen doen; eene omstandigheid die, boe men ovi 
gens over het gedrag der bevelvoerders van deze scbepc 
en in het bijzonder van den Schout-bij-nacbt blois, m' 
oordeelen , gedeeltelijk verklaart , waarom die schepen , i 
name de Bnttua, in dezen strijd over het algemeen vm 
dan de verdere Bataafsche schepen geleden hebben. 

Jblerst nadat de Batavier de wijk genomen had en 
Waasenaar verpligt was geworden af te vallen , ving een e 
stig gevecht aan. De kapitein -luitenant d. h. koi.ff, voeiei 



V Google 



N£U£RI'ANÜ8CHE ZËEWEZ£N. öiO 

^raseerde fregat Mars, van 44 stukken, 't welk het 
^e van de drie schepen lag, werd aUtoen aan bakboord- 
aangetast door twee vijandelijke schepen , die zich tot 
verre boven den wind hadden gehouden, terwijl een 
e hein eenigzios later aan stuuiboordzijde aangreep. Twee 
Britsche schepen bleven echter niet lang bij den Mars, 
het den kapitein-luitenant kolff gelukte, aas een han- 
den bezaansmast neder te schieten , met dat gevolg , dat 
chip zich genoodzaakt vond, zijne zeilen tegen te brassen 
:ich achteruit te laten zakken, terwijl het tweede door 
Bataafsche' Admiraafóchip , dat van boven af kwam drij- 
, afgesneden werd. Met bet derde 't welk aan atuurboord- 
e lag, duurde de strijd nog eenigen tijd voort, wanneer 
vijandelijke schip, 't welk, volgens de getuigenis van 
I luitenant-kapitein eolfp, zich zeer slecht verdedigde, 
T den wind afhield, zouder dat de Mars, die aan tuig 
masten veel geleden had, en van wien des avonds de 
sansmast over boord viel , in staat was het te vervolgen, 
B&Q den Vice-Admiraal de winter, die door onderschei- 
ie vijandelijke schepen omringd was, kon huipe bieden, 
kapitein -luitenant kolpf besloot, uit dien hoofde, na 
beschadigde zooveel mogelijk hersteld te hebben , naar 
nabijliggende gros der Bataafsche vloot toe te houden, 
vereenigde zich daarmede. 

tiet tusscben de Mars en Bruins liggende schip Leyden , van 
stukken, kapitein-luitenant j. d. husquetier, werd, nadat 
strijd reeds eenigen tijd geduurd had, door een der uit 
achterhoede opkomende vijandelijke tiuieschepen aan stuur- 
jrdsijde aangevallen , waarmede hij in een scherp gevecht 
aakte en wiens bezaansmast over boord viel. Dit bragt 
]oemd schip in eenen zeer hagchelijken toestand, zoo zelfs 
t het , naar men op de Leyden meende gezien te hebben , zijne 
ig zou gestreken hebben. Dan op hetzelfde oogenbhk kwam 
1 ander vijandelijk schip opdagen , 't welk het ontzette. 
middels had het schip van hdsqübtier bij dezen strijd 
3 veel geleden , dat hij zich verpligt zag , de linie te ver- 



V Google 



346 OESOUIEDENIS VAN HET 

laten en aan lij te zakken , om de bekomene schade te her- 
Btellen. Sedert dien tijd werd bij niet tneei in een bepaald 
gevecht gewikkeld, en loste alleentijk eenige lagen op som- 
mige der Engelsche schepen, die hem voorbijzeilden of die 
hij ontmoettik , met name op het Admtraalschip the Venerahle. 
Ruim ten drie ure hield het gevecht , waarin geen zijner man- 
schappen gesneuveld, maar 21 gekwetst warep, voor hem op, 
wanneer hij de Fri/Aeu/ ontdekte, liggende masteloos op onge- 
veer anderhalve mijl te loefwaart. Musquetier beweerde, 
dat bij daarop pogingen had aangewend , om zijnen Opper- 
bevelhebber bijstand te gaan bieden, maar dat de reddeloos- 
heid van zijn scfaip hem belette zulks ten uitvoer te brengen, 
terwijl de ^ny^eirf daarenboven door vier vijandelijke schepen 
omsingeld was, waarvan hij met zijn geteisterd schip alleen 
hem niet kon bevrijden. Hij besloot dus, even ab de kapi- 
tein-luitenant KOLf F , zich naar het gros der Bataafsche vloot, 
dat zich onder den Schout- bij -nacht story verzamelde, te 
begeven, onder wiens bevelen bij zich stelde. 

Bestaat er meer of minder onzekerheid, of beide ver- 
melde officieren zich wel in alle opzigte van bunnen pligt 
hebben gekweten , nog moeijelijker valt het te beslissen , wat 
eigenlijk door den Schout- bij-nacht bloys van trbslong, 
en nadat deze gekwetst was, door zijnen eersten officier, 
den kapitein-luitenant folders , verrigt werd. Beiden , voor- 
al de Schout-bij-nacht, werden beschuldigd, niet naar be- 
hooren hunnen pligt te hebben betracht. 

Naar hetgeen de Schout-bij -nacht en de kapitein-luitenant 
in hunne berigten aan het Committé van marine ambtshalve 
mededeelden , en in het oorspronkelijke Journaal ' van den 



I Ik bedoel bier btjiooder bet nog ToorhindeD ilad-JoimaiU van den oppantmir- 
min van den Bntt»t, op gruuw papier geeobreven, igada zïja agt-Jawmaal door m' 
kanonkogiel gadaiande het gerecht «ernietd. Dit atak, benmeni esn eitract-joanul na 
den Scbout-by-naeht ea andere tot ijjn legtagediug beboDrende rtnkkeu, wirdeo m|j 
door den beer grtSer t. hoba biccama nit de ArchEveo lao het boog militair Geil- 
hof medegedeeld. 



1, Google 



NEDERJ.AND8CHE ZEEWEZEN. 347 

^viui omitandig staat opgeteekend , zou hetgeen door den 
BnUus gedurende het gevecht verrigt werd, uit het navol- 
gende bestaan hebben. 

N&dat dit schip , iu den aanvang van het gevecht , aan 
den Engelschen Admiraal , bij het afkomen , door een hevig 
iQur getracht had het doorbreken van de Bataafsche Unie 
Ie beletten, en vervolgens eenigen tijd met de vier tegen 
oier het centrum niet afkomende vijandelijke schepen Bchut- 
gevaute badden gehouden , week de voor den Bruins lig- 
gende Batavier uit de linie. Hierop geraakte de Schout-bij- 
nacht slaaga met den Brit, die deu Batavier bestreden had, 
doch die spoedig zich verwijderde. Kort daarna verliet ook 
de Waitenaar de linie. Nu zeilde de Brutua wederom voor- 
waarts en bevond zich weldra in de nabijheid van de Vrij- 
ieid, die te loefwaart van het Britsche Admiraalschip , tie 
Venerable, lag en in een hevig gevecht met hetzelve ge- 
wikkeld was. Den Bataafscben Opperbevelhebber van dezen 
gedachteD tegenstander te bevrijden was het doel , 't welk 
de Schoat-bij-nacbt, naar hij getuigt, zich voorstelde, tot 
berakiog waarvan hij reeds bij het opzeilen en vervolgens 
den Venerable met zijne jagers en boegstukken achterin 
schoot, bij de eerste schoten zijne jol wegveegde en onge- 
twijfeld veel schade aan zijn schip en volk veroorzaakte. 
Gelijktijdig geraakte hij met eenen anderen vijand, die den 
WanenaoT had beschoten , in strijd , wiens vuur zoo aan- 
merkelijk verflaauwde , dat er alle hoop scheen te bestaan , 
dit deie spoedig zou strijken. Da», tiende den benarden 
toestond waarin de Vrijheid verkeerde, verliet Bi.ors, naar 
«lij getuigt, dien Brit en vatte post te loefwaart. Doch nu 
ontwaarde hij den brandenden Hercules vooruit , die vriend 
en vijand wijken deed, opdat zijne vlammen tot hen niet 
ttogten overslaan. Ook dit geschiedde door den Brutus , die 
u poot gevaar geraakte, daar de brandende en bijkans 
Btutmooie bodem hem slechts op naauwelijks eene halve 
scbeepglengte van zijne bakboordsgalerij voorbij zeilde. Te 
gelijk hield de Vrijheid, naar hetgeen de Schout-bij-nacbt 



vGoo^I 



1, Google 



NEDJiKLANDSCHE ZEEWEZEN. 



349 



toLDïRS schreef ' "allen omtrent ten viei- ure oqs het slag- 
veld Heten." Na wendde de kapitem-luitenaot het voor den 
ffind om, en deed het, zooveel de toestand van tuig en 
mesten, die veel geleden hadden, gedoogden, om de west 
I^geQ , wanneer hij toen de kruiddamp was opgetrokken , 
eerst den Cerberus en daarna den Mars aan tij zag. Nage- 
noeg op hetzelfde oogenblik ontdekte hij in het zuidwesten , 
ongeïeer driekwart mijl van den Bruins, een zwart schip 
lODder masten , 't welk hij giste de Vrijheid te zijn , en op 
eeaegtoote mij! in bet zuid -zuidoosten het gros der Bataafsche 
tloot, waarbij hij de vlag van den Schout-bij -nacht stort 
opmerkte. Zooveel de omstandigheden toelieten , deed poluers 
hel tuig herstellen en hield het , met voorkennis en goedkeu- 
ring van den Schout-bij-nacht,' tusachen half vijf en vijf 
ure, op de mastelooze FriJ/ieid a&n , om, ware het mogelijk, 
liur te ontzetten. Doch niet lang daarna ziende, dat het 
Bstaafscbe Admiraalschip door drie vijandelijke schepen , die 
nog weinig schenen geleden te hebben, ooiaingeld was, en 
Bcbter hen de geheele Engelsche vloot , liet hij , wederom 
met voorkennis en goedkeuring van den Schout-bij-naclit, 
liJD voornemen varen, aU niet in staat, met den Brutus 
illeen, dien hij niet dan van den wind kon besturen, den 
Vice-Admiraal de winter te ontzetten. De kapitein-luitenant 
PoiDiRs hield daarop af naar het gros der Bataafsche vloot , 

' 1» «n imUDdiK idrlJfeD un bet CommitU T«n de merioe, gedigteekend 15 
^- nn, Ug had Trocgtr, den 13 Oct. . teer kort nt bet binDeniallen lan den 
-^u, «d' iDdenD brief isd betielfde Commitle' geictirerrD, velke kennelijk in heut 
BBmtateld iterd sd mfrin leer weinige bgioDderheden werden inedegedeeld nopens 
Kt M, <twt1k de SrWat iid den leeslig genomen had. Tieie brief werd door bet 



Committé ii 



Mieht gegerea, tchter het reedi t 



B Volledige Vertlag, 



"'m ttgHi dm Sebont -bij- nicht bLOI» in. Pliglrostiger en Bdelmoedigcr zon het Com- 
■''<* pWdeld Lebben, met het nnder «chrüien iin pöldïbs, »an den 1 5 , er l)(j te 
't wpB, wuniit men het gedrag T>n den Schoat'bU nicbt jqister h«d kanoen beoor- 
^In. De hooHukelijle inhond nn dat achryven i* in den Ukit opgenomen, waar- 
"<^ d( liiirf ^ d„ Sehont-I)|j-nicbt Mn het Committj van marine, vnn IS Not. 
''■Tl tgie ntUiringsn Toor den hoogen iee-krUg>rwd , het op den BriUtu geboa- 
■1 Jomn] n indeie tot deie laak betrekkelfke itokken OTereenstemmen, 
- TolpDi brt utwoord nn den School- by- nacht op liet 78' Traagpnnt, hem b|j lijn 
"* 'tiboor gcdiiD. Meu «as toen h'zig hem lijuen arm af te letlen. 



ijGoogl 



350 



OESCHIEDENIS TAN HET 



als zich daarmede het meest verantwoord rekenende , en opdat 
hij aan den Schout-bij -nacht stort het ongeval aan sijnen 
bevelhebber overkomen , zou kunnen mededeelen en zich 
onder zijne bevelen stellen. Wat verder den jB«tó«s overkwam , 
welke hevige tegenspraak dit verhaal nopens het deel, dat 
door den Schout-bij-nacht bloïs en den kapitein •luitenant 
POLDERS aan het gevecht zou genomen zijn, ondervond, en 
welke beschuldigingen en verdenkingen daaruit voortsproten, 
zullen wij te zijner plaatse vermelden. Zien wij nu, hoe de 
Vice-Admiraal de winter , van alle hulp verstoken en over- 
gelaten aan zijn eigen lot, zich kweet van de moeijelijke 
taak, welke op hem rustte. 

Zoo als gezegd is , was de Frijkeid in een hevig gevecht 
gewikkeld met het schip van den Admiraal duncan en the 
Pcnoerfull, waarbij zich nog een derde voegde. Met onwan- 
kelbare standvastigheid zette ue winter dien ongelijken strijd 
voort en verdedigde zich gestadig van beide zijden , niettegen- 
staande de ontreddering der batterijen , en ofschoon het dek 
met dooden en gekwetsten bezaaid werd , van welke laatste het 
getal zoo sterk toenam , dat zelfs zeer gevaarlijke langen tijd 
zonder hulp moesten blijven. Gedurende dit hevig en onop- 
houdelijk vuur sneuvelde de luitenant der marine kranen- 
BT)R6, door denzelfden kogel, waarmede de Secretaris van 
*3 lands vloot , do cloux , gekwetst werd. Niet lang daarna 
werd de dappere en kundige kapitein-luitenant tadewijk 
wiLLEH VAN RossEU , vlagkapiteïu van het Admiraalschip , 
doodelijk gewond, aan welke wonde hij den volgenden dag 
overleed. De eerste officier , de kapitein-luitenant harco hila- 
Rrus hora biccaha , nam in zijne plaats het bevel van de 
Vrijheid op zich, en volbragt dien- moeijelijken pligt met 
ijver en onversaagdheid. Op het halfdek was alles wegge- 
schoten ; in de kuilbatterij zoo veel volks buiten gevecht ge- 
raakt , dat er weinig meer uit te rigten viel ; op den bak was 
de kadet strick van linschoten, die zich tot den laatsten 
man had verdedigd, alleen overgebleven. Het was omtrent 
dezen tijd, dat de Vice-Admiraal de winter, die tot dus 



V Google 



NBDEBLAMD8CHE ZBEWEZEN. 



351 



vene in eenen zwareu kruiddamp gelegen had , toen de rook 
m ffemig was opgetrokken, bemerkte, in welk eenen hag- 
cheljjkeD toestand hij verkeerde. Hij zag, dat de Batavier, 
de Cerberus en de Beschermer de linie verlaten hadden, de 
Slatei-Generaal zich aan lij bevond , er zich nog slechts enkele 
schepen der achterhoede verdedigden, de Gelijkheid en de 
Mmraal Tjerk Hiddea ia eenen hardnekkigen strijd gewik- 
keld varen, en de Hercules in brand stond. Ër was dus van 
geen dezer schepen eenige hulp te wachten, en zijne hoop 
vestigde zich alleen op den Brutus, de Leyden en den 
Man. Dit alles ontwarende, geeft de winter oogenblik- 
kelijk bevel , aan deze drie schepen sein te doen om zeil 
te vermeerderen , op te komen en te sluiten , doch zonder 
liet geweoBchte gevolg, daar de seinvlaggen, herhaaldelijk 
opgehaald, maar naauwelijks boven boord geheschen, door 
iiet Tijaodelijk schroot en kogels telkens afgeschoten worden. 
Door het veranderen van den wind , die van het noordwesten 
tot het noorden liep, of om den brandenden Hercules te 
DQtwijken, ' of wel door beide oorzaken te zamen, deinst de 
^''rijieid, die kwalijk meer te besturen was, eerst terug en 
ïïlt naderhand voor den wind. Hiermede wordt de Admiraal 
DE wiNTKR bevrijd van de drie Britsche schepen , waarmede 
tiij sIb^ geweest was , naardien zij te veel geleden hadden 
om hem terstond te kunnen volgen. Nu wendt hij pogingen 
na, om zich achter den Mara , het laatste der drie Bataafsche 
Bchepen, aan te sluiten, doch te vergeefs, en het gelukt hem 
liet dan met de uiterste inspanning vao krachten , den bran- 
denden Hercules, voor wien vriend en vijand vlugten, te 
vermijdeD. Na het mislukken dezer poging, nu de drie 
Bataafsche schepen van hunne zijde niets doen om hem 
bijstand te verleenen ; nu het gros van 's lands vloot werke- 
loos aan lij blijft liggen , en hem de middelen tot zelfbehoud 
ot bevelen buiten boord te geven ontbreken , — na begint 
Dï wiHTKR te wanhopen aan zijne redding en voorziet het 

' H.1 lente beneeit de wistkr ; het IwUlc de Schout- ig-DMbt bloïs. 



vGoo^l 



t>02 QESCUIEDBKIS VAN HET 

lot, 't welk beiQ zal treffen. Maar noch hij, nocli zijne brave 
equipagie , verliest daarom den moed , en , toen de Dood het 
hoogite was geklommen, blijft zoowel den Opperbevelhebber 
als de officieren en het scheepsvolk diezelfde geestkracht be- 
zielen , waarmede zij tot hiertoe alle gevaren getrotseerd hadden. 
Het lijdt niet lang, of the Birecior,* kapitein williak 
BLioB, van 64, doch met zijne zware caronades 70 stukken 
voerende, een der vijandelijke schepen, die met den Brutua, 
Leyden eo Mars in gevecht waren geweest, komt van boven 
den wind op de Vrijheid af, en geeft haar, te ïoefwaart 
langs het Bataafsche Admiraalschip loopende. de volle laag, 
waardoor de groote- en fokkemast, met zeil en treil, kort 
boven het dek af, overboord geschoten en het getal der 
dooden en gekwetsten aanmerkelijk vermeerderd wordt. Dat- 
zelfde schip loopt daarop onmiddellijk voor over .de Vrijheid, 
plaatst zich aan stuurboordszijde en lost zijne andere laag, 
met die uitwerking, dat de bezaansmast op de campagne 
Qederstort , aan sommige batterijen drie of vier man te gelijk 
gedood of gekwetst worden, en de reeds zoo zwaar geteis- 
terde bodera ten eenemale reddeloos wordt. Andere vijaa- 
delijke schepen, waaronder the Venerable, volgen den Direc- 
tor en omsiogelen het doornagelde en gansch verdedigloos 
geworden wrak , beukende het onophoudelijk met al de kracht 
van bun geschut. En toch houdt de dappere de winter nog 
gedurende ruim een half uur vol , niettegenstaande meer dan 
de helft zijner bemanning is gesneuveld of gekwetst, ' bet 
meeste geschut onbruikbaar ia geworden, men zich slechts 

1 In ds mccite berigten wordt dit aan bat BritMhe Adnirulichip to^etdinmn, 
doch de kipitcin-laitemnt aicciHi nMmt in lya rapport bd in tii«e brieven den IHrmfor, 
CB voegt daarby zulke omatandigbaden , dat er niet aan te tir^relen sch|)nt, of het wa* 
dit (chip , dat de Vfijkeid die mare ramp toebragt. 

: Br anenvelden ap de Vrijheid BS mtn; bet getal der gskwetitcn badroeg BS. Onder 
d«ie laattle bevond rieb de kidet ?. dk babqiih, neef van di irintSB, die, of- 
toboon ileohU 12 jaren ond, blyken gaf van bnitengenone geeatkraobt. Alboeirst hem 
lelfen bet linkerbeen <rai argeachoten, vermaande hQ. Doder de hevigste «Darten, de 
gekwetito leelieden tot volharding ain, doortellfene de kmt van: Leoe de B^tuiütk! 
aan te heffen. De moedige jongeling stierf, m eenige tnaaaden lydena, mq de gevol- 
gen tijaa wonden. 



1, Google 



K£U£Ri.AND8CHE ZE£W£ZEN. 353 

ut^ vao eenige weinige stukken kan bedienan, het schip 
bewegeloos ligt, alles verwoest en vernield is, en er geen 
het miuste uïtzigt op ontzet bestaat. Langzamerhand echter 
' letfiaauwt het vuur, daar de Britten, die zich meest voor 
en achter de Vrijheid ophouden, alleenlijk nu en dan met 
de enkeb nog bruikbare stukken kunnen getro£fen worden. 
Eindelijk zwijgt het geschut, na eenen roemrijken strijd van 
bijkans drie uren, ' van zelf of op bevel van den Yice-Ad- 
miraal, ' opdat zijn dapper scheepsvolk , 't welk tot de laatste 
wgeDblikken met onverschrokken moed had gestreden en 
nog vao geestdrift blaakte , ' niet noodeloos zou opgeofferd 
wordea. 

Naaawelijks had het kanon gezwegen, of alle officieren 
Enellea naar boven, en nu heeft er een aandoenlijk tooneel 
plaats. De Admiraal en de overige bevelhebbers, diep ge- 
roerd door het ongeluk dat hen trof, maar tevens bewust, 
licb vao hunnen pligt te hebben gekweten, en met blijd- 
schap vervuld over het ontkomen aan zoo schrikkelijke ge- 
larea, vliegen elkander in de armen. Kort daarop begeeft 
»ch DB WINTER om laag, om zijnen vriend en vlagkapitein, 
den deedijk gewonden van rossdm en de overige gekwet- 
iteo te zien, zijn medelijden te betuigen en op te beuren. 
^n deze oogenblikken loopt een vijandelijk linieschip boven 



' ^ IwigUu dnwcge rerdchillcD , doch meo achijiit ts kaoDiui «wUtellcn , dat het 
IV der Vrijkeid, dat omtrent kwartier ^66t (éti nrc hid ungeviDgen, toHohen bilr 
'Wen rier art ophielJ. 

Ook bïerointreDt loopen de beiigten uiteen , loodstdienaaiigUDdegeeDe xekerheidbestMi. 
"■* KecstdriR wiu builengewoon , xoo op hel Admiiattichip ata op tommige andere 
"""'». Ut nitolgende bijiondtrheid werd m|j door ceo' geloofwaardig' persoon mede- 



W*kU. E,e' 



a bet 1 



tijgtn 



1 het k 



!a, leunende o' 






u Inurige houding, met ttaaeo in de oogen, lekei nit gevoel Van leedweien en ler- 
oïtiutdiging oier deo oïtalag v»d hetgeueeht, wannter «en kloek matrooa heoi naderde 
o wie: "Aimraal.' koe tla je zool zult je dit schoont ïciip non de EngtUcht 
k«i« •ntfsac*7 gttf mi} Uut c» ik lUek den irand j» htl kruid." Een tweede 
i"pliike misndwheid . wurvan ook dB Engclaehe herïgten ipreken, werd mfj Terbsald. 
Of « Mkmaor rund meo, na de orergava van d»t aehip, een jongen beiig met het 
o?»liwm tu de aluten der kmiilkamcr , «an welke eea reeda door hem opengebro- 
" "«. GeTn»|d. waarom hy dit deed, antwoordde hj): "Om het wiip in de lutht 
w ««« oliyia." Zulke trekken heriDDereo den onden tjjd! 

V. 23 



ijGoogl 



354 QSüCHIEDENIS VAN HET 

den wind , waaruit in het Hollandsch wordt toegeroepen , 
of de Vrijheid zich had overgegeven? waot strijken was 
onmogelijk geweest, daar de laatste vlag gedeeltelijk weg- 
geschoten, gedeeltelijk weggewaaid was, en de wiïitbb, bïj- 
aldien er nog ééne gestaan had, welligt nooit er zou toe 
overgegaan zijn , haar neder te halen. De kapitein-luitenant 
siccAMA, wien zulk eene vraag, kennelijk door eenen land- 
genoot gedaan, stootte, beantwoordt haar met het dubbel- 
zinnig gezegde; Wat dunkt er u van? dewijl men besloten 
bad , zoo de vijand het gevecht mogt hervatten , zich , hoe 
gering ook de middelen waren, tot den laatsten man te 
verdedigen. Doch dit gebeurde niet; maar weinig tijds daarna 
komt een Engelsch officier ' met eene sloep van het fregat 
de Oircé aan boord van de Vrijheid, die, in naam van den 
Britschen Opperbevelhebber, den Vice-Admiraal de winter 
l^njg^gsvangen neemt en hem naar het Ëngelsche Admiraalschip 
overbrengt. ' Een ander vijandelijk ofdcier neemt kort daarna 



1 D«M HU de eentc laitensnt van ds Cirei , crailm itCBiBDiOH, later Schoat- 
bg-nacbt (Rtir-Adininal} , die' in IBU Dog Imfde. De reden, mtrom een officier nn 
de Cirei en niet vut t\t Yenerable den Admirtul di irlitTBa kwun anialeB , was 
durin gelegen, dat el de iloepen van dit laattte schip waren aan itnk gtscbolMi, en 
de CWcé op dit oogenblik het eeniga eehip wat, dat aan ]j) ren da Vrijheid lag, tbd 
welkca ktnt illeen men wegens den hevigen wind en de hooge aee aan boord Tin het 
Batiarache Admiraal achip koD komen. Richahdsoh , Treeienda, dat oi wihtek aoma 
aiD trachten te ontsnappen, venocht en Tsrkreeg de toaitemniing tid x^nen kapitein, 
zoodra het vunr ophield, om zich in eene kleine aloep, met tier rrywilligera bemand , 
nur dé Vrijh^ te begeren, ten einde dit te beletten. Volgens hetgeen bjj Terxekert , 
kwam hy jnist ter goeder nre. dur hjj dea Admiraal met eenen timmerman beiig vond 
met de Tervaardigiog Tin eene soort Tan tIü(. nit balken of planken iimengeileU, om 
daarmede, zoo mogelijk, te onlkumen. Deze byzon dorheid , nit den mond rin den SchoDt- 
bij-oacht mcHAHUsoji leUen opgeleekend, wordt Termeld in bet Uniltd Sarvice itaga- 
xine 1844 p. I, p. GS&, doch de geloofwaaidiglicid >*n deze laatste omstandigheid komt 
i^y om meer dto éene reden hoogst (wyfelaehtig voor; leker Tindt men er niets «an 
in onie beriglen. 

: By dit overbrengen zoa db wchtib b^ksns door een toeTil bet leren Terloren, 
of zicb leUen van het leren hebben willen beroaven. Naar bet verhaal van den Sobout- 
bjj-nicht siCHallliaoH , in boven vermelde ümted Sertiiee Magazatc 184i, p. I, 
p. SCG, moeit dk wiKtiB, om van de Vrij\eid in de Engeltcbe sloep te komen, «ver 
de sfgecchüten masten en het aan stuk geiefaoten taig van bet Bataafoebe Admiraal- 
sehip henen gsm, doeh had hjj daarbij het ongeink, op een stok hout te stappen t melk 
kantelde, waardoor by, ofschoon door een Engelsch matroos aan iederen kant ondw- 



V Google 



NEDEBLANDSCHE ZBKWEZEX. 355 

it van het scbip ea zeodt den kapiteia-luitenaDt siccaha 
de verdere officieren naar den Director. Treffend ia het 
:heid tusschen den Vice-Adiniraal en de zijnen , hartver- 
eurend zijne overvoeripg naar tie Venerable, maar waar- 
de houding, daarbij door hem aangenomen, en hoogst 
eerend de wijs, waarop hij op het vijandelijk Admiraal- 
ip en door den Britachen Opperbevelhebber ontvangen 



ld, door het tuig b km viel. Ongetngfeld zon hij, Tolgena dit ferliMl, tbt- 
Icen Efjn, bijsIdieD de twee Engeliche inïtrnien hem niet dadeiük Dageiprongeo 
a, m ih buDiier, op het oogenblik dat hfj met bet hoofd nit de golven om 
: reea, het xeil wurdoor hg bedekt werd, niet doargeBoedeo en hem gegrepen 

Onie geMbiedacbrüier» spreken «in dit oogeril niet, dacb de Eaarlemmer 
raiU TUI !S Oet. 1797 mukt er onder bare Engeliche tierigtea melding ran. 

6 NoT. 17BT knain bg de Nationale Vergadering (zie DeertU» lan dien 

ecD reqnest Tin den hernchten uiSFE in, Terzoekende; "dat aan de twee Engel- 
i matioien, die den Vice-Adminal de «iNTtit, in het nitente gevur dea lereai, 
1 iij ach M lei wieTp, gered hadden, een blyk Tan erkentenis en rer^lding mDgt 
lerekend worden." Volgen» hïbpe dna, zon ra wtbtïs zelf lieh in lee ga- 
len hebben, Temioedelljk om de achands van de krlJgsgeTangenichap te ontgaan. 
welken grond hkbfe dit getaigde, bljjkt niet, en de NalJonale Vergadering nam, 

IDO Terre ik heb knonan nagaan, geen bealoït op zyn lerzoek. Doch wat ii «r 
iran de zaak? welke 'bd deze beide verhalen verdient geloof, of heeR er nïeta van 
■lies pUatB gehad? Om deiwege eenige nadere berigteo te bekomen, wendde ik my 
den heer Mr. p. w. peot6 ituiT, presideot lan het proTinciaal ger^hof van 
rdhalland, dien ik wist, dat in oaanwt TTieodichappclijke betrekkingen niet DB 
TiR gestaan had, en in wiens hoi) somi de Adisiiaal weken, ja maanden Tertoefde. 
c ichreef mg , dat hg meende de door UEBPI Termelde poging tot Terdrinken stel- 
le knnnen tegenspreken. Ook betwüfelt hg de waarheid van bet in lee Tallen en 
eert, naar het^euD de ttintzs hem zelf gezegd bad, dat er niets anders b|J het 
aten tsd de Vrijheid was toorgeiallen , dan dat de Admiraal, niet weinig iü de 
ontroerd , bij bet in de sloep gaan , niisstajite en daardoor eén zijner of beide zyne 
,ea nat werden. Daarentegen berigtte mij de heer raaih kluit, wederom ali ge- 
rd uit den mond van de itinter zeWen, dat. toen de Vrijhtid als een wrok, ge- 
i;iaam weerloos en Teltaten Tan zgne medemakkeri, ta midden van den v^and 1^, 
men hem aankondigde, dat er eene sloep waa ailgezet om hem te komen afhalen, 
moed éen oogenblik aan den ÜpperbeTelbebber ontzonk, de wanhoop zich Tan hem 
!sler maakte, en hij, terwijl hy alleen in de k^nit was, een van zijne twee pisto- 
grcep, om er lich mede door bet hoofd te schieten. Fiotseliog echter keerde hij 
r het dek terng, om den waren toestand nader Ie vernemen, kwim op hetzelfde 
enblik tot inkeer, zag bet lage en verachtelijke van eenen zelfmoord in, wierp, 
r zich zeWen verontwaardigd, de pistool, waarvan de wedergn door se wintiik aan 
. beer PüOtA kluit vertoond werd, achter zich over in zee, en herstelde zich ge- 
'1. terwijl bet denkbeeld hem voor den geeat spiegelde: "M^a ongeluk is groot, 
ar misschien komt er nog Tiel eens een t)Jd!" 

23» 



1, Google 



33 (i 



ÜESCHIEDËNil 



wordt. De gansche equipagie staat , bij zija aaD boord komen , 
met ODgedekten hoofde, hem alzoo in diepe stilte eene wel- 
verdiende hulde toebrengeade , en doncan , de heldhaftigheid 
van DB WINTER op geen minderen prijs stellende, treedt 
hem te gemoet, drukt hem, toeu deze, kalm en met edele 
fierheid, hem zijn zijdgeweer aanbood , in geestdrift de hand, 
en voegt er deze woorden bij: "sir! vergun mij uw zwaard 
terug te geven, 't welk ik u verzoek te ontvangen als een 
bewijs van den eerbied, dien ik toedraag aan een dapperen 
en hooggeachten tegenstander;" eeue onderscheiding , ook 
aan andere fiataafsche bevelhebbers op dezen dag te beurt 
gevallen, en die tot lof strekt, zoowel voor de overwinnaars 
als voor de overwonnenen. ' 

Met de overgave van de Vrijheid eindigde deze zeeslag , 
de laatste, door de Nederlanders tot op den huldigen dag 
geleverd. Zwaar was het verlies , 't welk door de Bataafsche 
vloot daarbij geleden werd, daar negen van de zestien linie* 
schepen, waaruit die vloot vóór den aanvang van den strijd 
bestaan had, benevens één fregat, ' in 's vijands handen 
vielen. Ban, deze scheper, hadden grootendeets hunne vlag- 
gen voor de Britten niet gestreken dan na eene heldhaftige 
en roemrijke verdediging, en de meeste hunner waren niet 
meer dan bijkans zinkende wrakken. Het getal dergenen, 
wier bloed voor het Vaderland gevloeid had, was insgelijks 
groot. Ruim twaalf honderd man waren op de geheele vloot 
gesneuveld of gekwetst; ruim vier honderd werden op de 
veroverde schepen alleen gedood, meer dan zes honderd ge- 
wond. Maar smartelijk vooral was de nederlaag, niet alleen 



' Die oudnracbeiding ticI, onder «ndereu , t< beurt ai 
AJimaar, Gelijkheid en Waeatnaar. Met byiondcre 
rcD, bUconder de wihtbb, behandiU. Volgem brenti 
ndl 1S1I, sten de beide AdmirHsIs, nadat de plïgten 
endemve wfj) en beilolen zü de 



i de bevelhebbtn van de Jielfl , 
miDEiRinbeid werden de oQieie- 
s en het United Service Jtmr- 
nn den dag ver^nU «aren,, te 
aTond met het ipelcn 



party irbiit. Wie Tan beiden ion durbg wel hel meeste geoDcgen sa de meeilc opmerk- 
(tamheid gehad bebbedF 

* ri» meetto Bngeliebe lebrflreM «preken lan elf schepen die londen genomen ifjn, 
en geren ali zoodanig ooit op bet frrgit de Emhiucade; doch dit ia onjniit, daar bet 
met den Schont-by-n»cbt stokt in Teiel terugkwam. 



V Google 



KRDEBLANDSCHE ZSKWEZEX. 357 

undat verschillende verdienstelijke ofGcierea bij dtt hardaek- 
kig gevecht het leven hadden verloren of kort daarna be- 
iwekea, maar ook, en wel vooraamebjk, dewijl de Opper- 
beielhebber, ' eenc ia de geschiedenis van het Nederlandache 
leetrezen onbekende gebeurtenis , benevens twee vlagofficieren, 
knjggf^vaDgcn naar Engeland veivoerd werd. 

VïD den anderen kant bad de Britscbe vloqt mede zeer 
Teel geleden. Volgens de bekentenis van doncan zelven, 
nm de onder hem gestelde schepen zwaar beschadigd aan 
muten.ra's en touwwerk, en sommige, vooral het AHmi- 
rulxhip, zoodanig met kogels doorboord, dat zij met 
moeite door gedurig pompen boven water konden gehouden 
vorden. Ook haar verlies in manschappen was zeer aanmer- 
kelijk. Door de Engelschen wordt in eene uitvoerige lijst het 
getil der gesneuvelden en gewonden op ruim acht honderd, ' 
aooreen' hunner meest onpartijdige schrijvers, op 1040, door 
«e onzen op negen honderd of duizend begroot. Bovendien 
™d zij onderscbeidene verdienstelrjke officieren te betreuren, 
"i/wnder den kapitein burgess, bevelhebber van the Ardeni, 
"fit schip , dat een der eerste de Vrijheid aangetast en de 
S^wtste verliezen geleden had. * 

Het vallen van den avond, de toestand van de meeste 
hunner schepen , maar vooral het stormachtig weder , de 
nooge zee en de nabijheid der HoUaadsche kusten, maakten 
net den Sritten onmogelijk, de aan lij zich ophoudende Bataaf- 



I Dit wa« hstgcen ia die dipD ook iod lyioDJar griefde. Oc repreaeotent baiknk 
timAa het , in i^d voontel un de Nitiontle Vergsdering «n 18 Ooi. "eoü' ondn- 
^ken hooa, dit de Ailnirul der Bituhohe oorlogtvloot thna 'a dn magt vtn den 
i^un *u, in hiDdui iin den voor tWe Nitieo ondrageliJkeD , trotMbee en vemder- 
>gbn Brit, «(Uk ijjneu roem fateruirer, tot i^ricving von ieder wiar Beteer, ie de 
^«iie xeitld iil nitbeioiaeti." Zin Dag^mrhaid ven dien deg. 

: ^Dl;cni KDB omtteedige l|jit, Tuorkomeade io bet UiiUtd Strmce Magaiin» (in 
lUl, p. 1, Mrocg het getil der geeDtaTcIdea 204, dit der gckvetaten 624, 1« umin 
SïS. Op tt« VnerahU werden IE men gedood en GS gekntit, op l\e Xaaarch 36 
pdood, en IDO ^kwetit. Jamis in ijjn Jfaval Siafarg alelt liet Tetlie* itjner tend- 
fODOtn )iDO|er, te weten: 9!8 geeneoTelden en SI2 gekweteten, wiuonder 18 dia 
na iMM ■ondtn orerieden. 
> Op den Ardnt ineDrelden 42 mui eu werdeD 107 gekiretat. 



V Google' 



35Ö GESCHIEDENIS TAN HBT 

sche 8chepeD diea dag of ook den volgenden na te zet 
Zij hadden werks genoeg te zorgen, dat hunne eigene si 
pen alsmede de gemaakte prijzen , van welke de meeste d 
nageld, sommige masteloos en enkele bijkaus in zinken 
staat waren , niet aan lagerwal vervielen of eene prooi 
golven werden. Daardoor kreeg de Schout-bij-nacht st 
de gelegenheid zeer vroeg in den morgen van den 13, 
bet gros der overgebleven Bataafsche schepen , ten getale 
vier linieschepen , even zoo veel fregatten en twee brikkc 
den koers naar Texel te rigten, waar hij nog dienzell 
middag , zonder verdere ontmoeting , behouden binnen kw 
en waar hii ten anker vond liggen den Cerbertts en den Mi 
die reeds derwaarts op eigene gelegenheid gevlugt warer 
De Bratus had , met de brikken Athalanta en het Hoü 
eenen anderen koers genomen en bereikte geenszins oc 
stoord eene veilige haven. Terwijl de kapitein-luitenant r 
OERS, bij het eindigen van den strijd, trachtte het gros 
Bataafsche vloot te bereiken , overviel hem de donker, waard 
hij het overige der vloot miste , 't geen hem deed verondersi 
len , of dat het naar Goedereede of den Deurloo , beide plaat 
onder den wind, had afgehouden, of dat hij het voorbij { 
zeild was. Hij besloot om deze reden en dewijl hij ( 
vijandelijke schepen, niet verre van hem verwijderd, in 
ontdekte , zich naar Goedereede te begeven. Ten 6 ure > 
morgens bevond hij zich bij den hoek van Holland , van w 
hij nog dien eigen dag de Maas zou hebben kunnea h 
nenloopen, bijaldien de loodsen niet zeer laat waren uil 
komen. Hierdoor en door het westelijke van den wind ; 
de Brutüs , om niet op den wal bezet te geraken , nich i 
noodzaakt, des middags beneden het gat van Goederei 
tegen den Hinder te ankeren. In die ongunstige stelli 
kwam een Britsch fregat, the Endyviion van 44 stukken, i 
geen deel aan den zeeslag genomen had en uït Engele 

1 Ie welen, de liDJEBchepea de Slotat-aeneraal, Leydtn, J«»c4»nMr m 5»'*' 
lic fregBtUn Emlnitcade, Heldin, Waa]ciaamheid en HTtHorta, en de britVu 
Aiax en Dapkné. 



V Google 



NEDERl.ANDSCHE ZBEWEZKN. 359 

ild waa om de vijandelijke vloot te versterken, op liet 
lafsche schip af, en gaf het tot drie malen de laag voorin, 
rtegen de Brutwê zich niet eerder met goed gevolg kon 
edigea dan nadat de vijandelijke bodem , door den strooni 
jne nabijheid gebragt, in zijne stuurboordsbatterij verviel, 
neer de manschap van den Brutus, aangemoedigd door 
;egenwoordigheid van den Schout- bij -nacht bloïs, die 
hoon door het verlies van den regterarm zeer verzwakt, 
naliet op het balfdek te komen, vol geestdrift, den 
;el8chraan zoo geweldig achterin begroette, dat hij in 
'ijl het ruime sop koos, doende seinschoten, om bijstand 
irlangen. Daar die bijstand spoedig kon komen opdagen, 
Brutm, vooral in deze gesteldheid, daartegen niet bestand 
, en het nazetten van den Brit ongeraden was, otudat 
1 dan ligtelijk in 's vijanda vloot kon vervallen, ligtte 
UERS nog dienzelfden avond het anker, en had het geluk 
volgenden morgen , nevens de brikken de Aihalante en 
Haasje, voor Hellevoetsluis behouden en ter goeder ure 
te komen , daar zich dien eigen morgen drie vijandelijke 
jatten en een klein vaartuig vertoonden op de plaats, 
ir de Brulus den vorigen avond gelegen had. 
nmiddels had ook de Britsche zeemagt met de door haar 
Dverde Bataafsche schepen het slagveld verlaten. Gedu- 
de twee dagen had zij met ruw weder, tegenwind en 
ige zee te worstelen, waardoor sommige der Ëngelsche 
epen zelve in gevaar geraakten , maar vooral hunne prij- 
vreeselijk geteisterd werden. De meesten dezer verloren 
me wankelende masten en moesten op sleeptouw genomen 
rden. Van eenige zag men zich verpligt, een deel van 
geschut over boord te werpen om niet te zinken ; alle 
iden sleckts met gedurig pompen boven water worden 
lüuden. Op deze wijs bereikten de Britsche vloot en de 
'meesterde Bataafsche bodems, na verloop van vijf of zes 
gen, Yarmouth , behalve de Delft en de Monnikkendam, die 
ide een prooi der golven werden. 
De Delft behoorde onder die Bataafsche schepen , welke 



V Google 



1, Google 



N&DKai.ANDSCHE ZEEWEZEN. 30t 

bezet , die al hetgeen aan stuk geschoten was , zooveel moge- 
lijk herstelden en den koers naar den Teems rigtten. Dan 
dit fregat, 't welk mede zeer veel schade had bekomen, 
was evenmin bestand tegen den storm , die deze dagen in 
de Noordzee woedde, als tegen het holle water, 't welk het 
geweldig slingerde. De Ëngelschen besloten dus in Zeeland 
bioDea te loepen , liever dan het leven te verliezen ; doch , 
CHibekend m^ de gronden, stuurden zij kwalijk en geraakte 
het schip nabij Westkapelle op strand, waar het door de 
zee verbrijzeld werd , doch met behoud vau allen die zich 
aan boord bevonden, aan wie uit Vlissingeo tijdige liiilp 
toegezonden werd. 

Tot lof der Britten moet gezegd worden , dat zij de krijgs- 
gevangen Bataven, zoo officieren als gemeenen , na hunne 
komst in Engeland, met de meeste voorkomendheid behan- 
delden en buD ve|e bewijzen van achting, ja zelfs van be- 
wondering voor de aan den dag gelegde dapperheid gaven. 
De berigten en brieven der officieren weiden daarover in 
het breede uit. De Admiraal de winter werd door ddncan 
als een wapenbroeder en vriend aangemerkt, en de lords 
der Admiraliteit beijverden zich, niet alleen zijnen toestand, 
maar ook dien der verdere officierea, zoo veel mogelijk te 
veriigten. Op last der Engelsche regering werden hospitalen 
en zelfs huizen van bijzondere personen voor de gekwetsten 
in gereedheid gebragt , en de ingezetenen vonden er een ge- 
Doegen in , dagelijks door allerlei vervei-schingen en het bij- 
eenbrengen van het noodzakelijke, bet leed dier ongelukki- 
gen te verzachten , wordende bovendien inschrijvingen gedaan 
ten behoeve der gewonden van beide vloten zonder onder- 
scheid. ' 

Intosschen was de vreugde over het behalen der overwin- 
niog in Engeland zeer groot. De behaalde zege, de eerste 
na den algemeenen opstand der . vlotelingen , nam alle vrees 

I lUpport fan den lecretarii der rloot, i>u Cboui, «n brief t>d den ViM-Admirul 
Dl wiirreit un de NatJontle Vergadering, T«n 18 Dec. 1T9T, m i^ne leiogkonut 
Utr te lude gctrhrereD. 



V Google 



UESCIMEDENIS VAN HET 

nrust weg en deed het vertrouwen in de zeem 
:ndien werd de nationale hoogmoed niet wei 
'loot geslagen en zoo vele oorlogsschepen ven» 
een volk , waarmede Brittanje zoo dikwerf ee 
mpstrijd gevoerd, welks scheepsmagt ia 
<^, op Doggersbank, zulke onmiskenbare be' 
enmoed aan den dag gelegd had, en dat i 
k van zijnen voormaligen luister vervallen, d 

een gevaarlijke mededinger aangeinerkt m 
er; door deze overwinning werden de plan 
republiek en hare Bondgenooten tot verovei 

en bijzonder tot het in opstand brengen 
;helijk verijdeld, en het Britsche rijk, dat 

dit jaar op zijne grondvesten gewankeld h: 
t iii staat gesteld , om aan zijne vijanden 
jn. Geen wonder, dat er alomme luide jui 
a aangeheven, en dat Koning en Natie: 
in de overwinnaars hunnen dank te betoon 
tot Baron, enter gedachtenis aan de doorb 
;e, tot Burggraaf van Kamperduin verhev 
iraal onslow werd tot Baronet, de kapit 
PE , die 't eerst het berigt van het uitloopen 
]t gegeven had , tot Ridder benoemd. De verd 

het meest hadden uitgemunt, werden bev 
gedenkpenningen geslagen en vereerd aan 
)bers en de kapiteinen. De beide Huisen ' 

betuigden openlijk hunne erkentelijkheid i 
, de overige officieren en het scheepsvolk, 
schonk aan duncan en omslow het burgerr 
kostbaar zwaard, en eerlang werd een hidsU 
tluskerk der hoofdstad gehouden , om deu 
de in dit jaar ter zee behaalde overwinning! 

de Bataafsche vloot, te danken, die door ( 
Ie leden van het vorstelijk geslacht, de be 
fficieren der Kroon en vele andere aanzienli 
d bijgewoond, en waar ook tegenwoordig ' 



.yGoogle 



NEDERLANDSCnB ZEEWEZEN. 363 

de Admiraal ddncan, dragende eene der in den zeeslag van 
Kimperduin veroverde vlaggen. ' 

Geheel anders was de indruk, dien de uitkomat van den 
strijd Id het Vaderland maakte, hoewel ook aldaar die ge- 
beurtenia eene levendige geestdrift, verwekte. De tijding der 
mddaag klonk als een donderslag in de ooren en veroor- 
nüte eene diepe verslagenheid in de gemoederen dergenen , 
dieaaD bet roer van den Staat stonden of de bestaande orde 
•m zaken waren toegedaan. De verwachting toch aangaande 
de bedrijven der vloot was bij velen ten hoogste gespannen 
geweest, ja het ontbrak niet aan dezulken, die het genoeg- 
mm alt zeker badden gesteld , dat de Britten zouden ver- 
slagen vorden en de Bataafscbe vloot zegevierend teragkee- 
i^,' of dat althans de uitslag van den strijd even roemrijk 
sis die van Doggersbank zou geweest zijn. Hoe groot moet 
Wfialve de teleuratetling , hoe grievend de smart gevï^eest 
"ja, toen de mare zich door het Vaderland verspreidde, dat 
slands zeemagt niet, gelijk men verwacht had en valscbe 
«jdingen aanvankelijk • schenen te bevestigen , eene luisterrijke 
Oferwinning behaald , maar eene zware nederlaag geleden had. 
De eerste zekere tijding der nederlaag werd door een' brief 
'Wi den Vice-Admiraal de winter zclven, geschreven aan 
'"twd van het Engelsche Admiraalschip , * ontvangen. Met 

' Bbknxw, Kit, Hittorj vol. I, p. 35S sn 356. 
It> dien gerfl gchrecf it comniisMria vid het Cotnmitté vm de niBriDe, D. spek- 
LiT|Li>. vag j„ Helder, op dep T Oct. uu de eommiaue tot de BoiteollDdache Zikrn , 
Ifl S^<!BvixIie)d dit hg het ailieilen der ïloot bcrigtte: "Eerlang of binnen kort hoop 
^ «MeJes itnihtr zegepralende ierngkomtt te kunnen tnededeelen." De meer be- 
nia^ haitdni eene tweede DoggenUnk gehoopt of Terwaebt. 

> WO wu er te Rotterdim e«p brief ontrangen, Dur het heette, geschreven door 
tta' illcier vu de 3lalen'€hneraal , Sehont- bij -nacht STORi, vm den 1!, nil ds 
Noorine, die oimiddellfjlt gedrnkt en onder het votk rertpreid wrrd, wairin het ge- 
iwbl caner Mdulang yan de Bataaheha vloot ten itelligtte te^UKCSprokea rn mat bj)- 
n>e|U>{ na smitiiidigbedea gefoeld verd. dat de onzen eene loisteriijke overwinning 
baUo bcLulj, Ten gevolge van dien werden de vl^(gen in genoemde itad nitgeito- 
kW' "B derjelyk gemeht liep te Haarlem, waar men den leetlag van den toren aan- 
«iona iai. Zie tik sbk u, Oeeehiedenii m» den Oorlog, D. V, bl. STO. 

' »a 1! Oct., aan het Commttte' van marine. Dl wihtek onderteakmde dieni 
PUfip fl^MiH^ Admiraal. 



V Google 



364 0K8CIIIEDEMIS VAN UBT 

levendige aaodoeDing werd dat berigt vernomen, doch de 
daarbij gevoegde verzekering, dat de Bataafsche zeelieden 
heldhaftig gestreden en niet dan na eene manneHjke verde- 
diging voor den vijand gebukt hadden, verzachtte niet slechts 
het leed , maar beurde de verslagen gemoederen geheel op , 
ja deed op nieuw de bijkans uitgebluschte geestdrift ont- 
braiiden. De Nationale Vergadering weergalmde weldra van 
den lof des ongelukkigen Vlootvoogds en zijner dappere lot- 
genooten , van de roemrijke nederlaag door hen geleden , 
en van de wraak, die op het trotsche Albion en zijn inge- 
beeld gebied ter zee behoorde genomen te worden. In dien- 
zelfden geest werd eene groote menigte verzoekschriften uit 
alle oorden des Vaderlands aan haar ingediend, en door ver- 
schillende leden voorstellen gedaan, waarvan sommige, als 
min gepast en overdreven, niet in aanmerking genomen 
werden, ' doch waarvan andere, na langdurige raadplegingen 
goedgekeurd en als besluiten aangenomen werden. Hiertoe 
behoorde , dat eene Nationale Commissie zou worden benoemd 
tot ontvangst van vrijwillige giften ter ondersteuning, zoo 
van de weduwen en weezen van in den zeeslag gesneuvelden, 
als van de gekwetsten, verminkten en in Engeland krijgs- 
gevangen zeelieden ;' dat de Commissie tot de Buitenlandsche 
Zaken werd gemagtigd , onderhandelingen te beginnen tot 
lossing der krijgsgevangenen * en inmiddels, met toestemming 
der Britsche regering, eenen Commissaris aan te stellen, tot 
ri:;tige uitreiking der van hier overgemaakte gelden aan de 
ongelukkigen, zoo gekwetste en verminkte, als gezonde krijgs- 
gevangenen : dat een gedenkteeken zou worden opgerigt , ter 

> Zoo Bla: dat dg Kationale Vei^adeiiog en Teidere boogs coUegiau den rono ran- 
den unnemen; dat er een uatiDDial rouwfeert loa gtvistd vorden) dat er een gedeok- 
penning EOD guligea CD nilgedMld wordeo atn al degenen , die den iMtlaghlddcD bygewoood. 

9 Ddib commiatiE rotkto die giften, na hare iniameling, Dit aan eumiDiiiariuen tot 
het Ifatitmaal Fond!, tot aamiKKdiging van den ZetdUnsl i» I7S1 , ten gsTolgB 
ran den leeilag van Doggenbank, ts Haarlem en Amsterdam opgerigt, door wie Uiau 
nog jaarijjki ondenteaning gegeven wordt aan de OTergebleTcn leelieden, welke dsa 
i«alag Tan den 11 Oct. hebben bygewoond. 

> In liet bealnit staat: OMfr jmangene ZatheUa» U Ulitt*, 



1, Google 



K£U£RI.ANDSCHE ZËEWK^EN. 305 

e^eDtenis van den moed en de dapperheid , door 's Lands vloot 
io den jongsteo zeeslag betoond , en ter dankbare nagedach- 
tenis aan de daarin gesneuvelde helden; ' eindelijk, dat een 
dsdelijk blijk van de goedkeuring der Nationale Vergadering 
UQ *8 Lands vlotelingen zou gegeven worden voor de bra- 
voure, door hen in den zeeslag betoond. * 

Dan, welke juichtoonen en loftuitingen er ook aangeheven 
wierden, en hoe ook degenen, die aan het hoofd van het 
bestanr stonden, den ongunstigen indruk, dien de onver- 
wachte uitslag van den zeeslag bij velen gemaakt had, op 
deze wijs trachtten weg te oemen , het kon toch niet ont- 
kend worden , en niemand durfde het tegenspreken , dat de 
Balaafscbe vloot op den 11 October eene zware nederlaag 
geleden had. Wat was dus natuurlijker dan dat , zoowel in 
de Nationale Vergadering als daar buiten , de vraag geopperd 
werd , wie de oorzaak ' van dat verlies waren P of de Com- 
missie tot de Buitenlandsche Zaken , die , gelijk het gerucht 
wilde, waut over hare handelingen lag een digte sluijer, de 
bevden tot het uitloopen der vloot gegeven had , als de 
eerste aanleiding tot die gednclite ramp moest beschouwd 
worden? en of het gedrag van alle officieren gedurende den 
strijd wel van dien aard geweest was , dat zij konden ge- 

' Htt Toonlel der eommiuie nit de Nitionklo Vergadtring, dia rapport tuer den 
"■t utbngt, htd voorgeatald , dit dit gcdsakteekea ion wordsD opgertgt op mne der 
'"V* duwt fuwcim Egnumd en Wijk op Zea; doch deze ïy voeging, gelyk de 
P*"» Tiwrdrtgt lot oprigting jm een moDoment, vond herige tegenapitak en werd 
" tuidaj^k uigalitag. Een dar iprekcja merkta niet ten onngte aan, dat, hoe dapper 
?" ■eeheldEn magtan gestreden hebben, men het zich echter niet kon ontveinien , dat 
^' 'loot Kna gevoelige nederlaag geleden had; eeoo nederlaag, waarvan geen voor- 
^Mirhaoden waa in de Jaarboeken van dit Gemeenebeat. "En inlleo wQ dan," riep 
Hut, "fiugtri Repreaentanten ! gedenkteekeua oprigt«n van ome eigen nedellalg? — 
P*»Heeltein, die den trolach »an eenen i^pralenden ijjand zonden atreelen," t 



^ileres 



■pnken in denielfden geeil, doch de meerderheid begreep liet anderi. doch 



*™" iMpalicg van da plaata, dia zeker niet gclokkig zou gcwee» tiin. Het n: 
**"' WBTd ncoit opgarigt. 

<-ie bet Rapport der genoemde commisaie en hare vooratellea, in de Bijlage aebler 
^ '^'crrin dar NatümaU Vergaduring van Hd Oct. ITST. ea de daarop genomen 



WllnlUa { 



de vermelde Becrele*. van 9 en 20 Not. ITST. Vergelijk ook, 



IfcttfcSilaginp, dienaangaande, de DagvtrhaUn tn Handelingen tan dt SationaJt 
rerjaivi^ ,ui g Not. 1707. 



V Google 



ö66 UESCUIEDENIS VAN HET 

zegd worden , zich aan geeae pligtverzaim te hebben schuldig 
gemaakt? Gevrigtige vragen, die ook in de Nationale Ver- 
gadering ter sprake kwamen. 

Wij zullen in geene bijzonderheden treden omtrent de 
raadplegingen, die aldaar plaats hadden over het al dan niet 
raadzame en vooraigtige, om van de Commissie tot de fiui- 
tenlaudsche Zaken rekenschap te vorderen wegens het doen 
uitloopen der vloot. ' Het zij genoeg , dat na zeer levendige 
beraadslagingen door de Nationale Vergadering besloten werd ; 
"dat de Commissie tot de B uiten landscbe Zaken zou wordra 
verzocht, gelijk thans geschiedde, opening te geven van dé 
redenen êie zij had gehad, om de vloot te doen uitzeilen, 
in zoo verre die opening , zonder 's Lands dierbaarste belan- 
gen in de waagschaal te stellen, kon gegeven worden, en 
waarom vóór het uitloopen der vloot geen generaat-embargo 
op alle schepen was gelegd geworden? ' Na verloop van 
eenige dagen ' voldeed de Commissie aan dat verzoek bij 
een omstandig verslag. 

Wat bet leggen van een embargo betrof, zulks had zij 
niet gedaan uithoofde van bet nadeel en de moeijelijkbedea 
die daardoor aan de scheepvaart zouden veroorzaakt zijn. 
Ook had zij het nagelaten, omdat zulk een embargo de aan- 
dacht des vijauds zou hebben opgewekt, terwijl het boven- 
dien van geen bet minste nut zou geweest zijn, dewijl de 
Britten steeds in de gelegenheid waren om , door middel 
van hunne ligte vaartuigen, die bestendig voor de kusten 
en zeegaten bleven kruisen , oogenblikkelijk van het uitloopen 
der vloot onderrigt te worden. 

Hare verantwoording omtrent het doen uitloopen der vloot 
was van algemeenen en bijzonderen aard. De algemeene gronden 
door haar aangevoerd, waren hoofdzakelijk de navolgende : 



1 Ucn tie hieroTcr bet Dojfverhaal der SoiMHiigtn van i« JTofwiMfe Vergadt, 
rtv ""> 10 NoT. 17B7. 

! Bj) IwilDit TRn den 10 Not. 17B7. 

3 0[) deu £3 Nov. 1797. Men kan <]it Ra|>part vinden in de Dtertltn der Jfatio- 
HaU Vergadtri»g nn 33 Not. , en in bst Dagverhaal cit. nu 14 Uec. 1797. 



V Google 



NEDERLANDSCUE ZEEWÜZËN. 267 

Zou men den handel beschennen, de volkplantingen beveili- 
gen, het Vaderland wezenlijk aan zijne Bondgenooten nuttig 
doen zijn en die aan zich verbinden, zou men, eindelijk, 
den natuurlijken fijaad bet hoofd bieden , dan moest de zee- 
magt in dadelijke werking gebragt worden. Geschiedde dit 
niet , dan zouden de groote sommen gelds , aan 's Lands 
vloot ten koste gelegd, nutteloos besteed zijn; de schande- 
lijke werkeloosheid van den laatsten Ëngelschen oorlog op 
nieuw plaats grijpen ; de zeemagt , met werkeloos binnen- 
gaats gehouden te worden, zich aan bespotting van vrieod 
en vijand bloot stellen. Maar daarenboven de allergebiedenste 
noodzakelijkheid vorderde, dat de eer en aloude roem der 
Sataafsche vlag, vooral na het zoo vernederend verlies inde 
Saldanba-baai ondergaan , bij de eerste geschikte gelegenheid 
hersteld, en de goede naam der officieren en der vlotelingen, 
door zoo velen verdacht, van nog aan Oranje te zijn toege- 
daan, gehandhaafd werd. Dit was dan ook de wensch en 
de verwachting der natie, die sinds lang met ongeduld het 
oponthoud der vloot binnen Texel had aangezien , en met 
blijdschap haar naar zee gaan vernomen had. 

De bijzondere redenen kwamen hierop neder : 't Was wereld- 
kundig , dat er in den afgeloopen zomer een plan tot bet doen 
eener groote en gewigtige onderneming bestaan had, maar 
die, immers voor als nog, door eenen misschien voorbeelde- 
loos langdurigen tegenwind, vervallen was. Doch zou daar- 
mede de geheele zee-kampanje weder vruchteloos hebben moeten 
afloopen ? Zou de trotsche Brit zich beroemen , 's Lands zee- 
magt een geheel jaar in onze havens gehouden te hebben? 
Zou de billijke verwachting en zoo lang gekoesterde hoop der 
natie geheel worden teleurgesteld? De Commissie had begre- 
pen, dat het een onverantwoordelijk verzuim zou geweest zijn , 
bijaldien niet de eerste gelegenheid ware waargenomen , om 
de vloot te doen uitloopen en den vijand, wanneer zulks 
naar de regels van soldaat- en zeemanschap, met gegronde 
hoop op eene goede uitkomst, kon geschieden, te bevechten. 
AUes op de vloot , van den Opperbevelhebber tot den minsten 



V Google 



368 G£Si:UI£DJiNI8 VAN HET 

schepeling, brandde van verlangen, den Brit onderde oogen 
te zien. De bevelvoerende officiereo, herhaalde malen ge- 
raadpleegd, waren eeoparig en steeds van oordeel geweest, 
dat het uitzeilen der vloot niet behoefde nagelaten te worden, 
wanneer eene gelijke of zelfs eeaigzins sterkere vijandelijke 
magt aanwezig was. Hieruit koude valschheid derzookwaad- 
aardigtijk uitgestrooide geruchten afgeleid worden, dat de 
Vicc- Admiraal de winter, tegen zijne voorgewende vertoo- 
gen aan, tot het uitloopen zijns ondanks gedwongen zou ge- 
weest zijn. Daarenboven was het oogenblik, waarop de vloot 
was uitgeloopen, allergunstigst, daar de vijandelijke scheeps- 
magt toen niet sterker was dan de onze , en door haar lang- 
durig verblijf in zee zoo veel geleden had, en vooral door 
hevige stormen zoo zeer geteisterd was geworden , dat som- 
mige harer schepen buiten staat geraakt waren , langer zee 
te bouwen. Hen wist voorts met zekerheid, hoedanig en op 
welke plaatsen de overige magt des vijands verdeeld was, 
zoodat men kon vaststellen, dat er thans niets te vreezen 
was. Ook waren de bevelen, aan den Opperbevelhebber 
voorgeschreven, van dien inhoud, dat de vloot, eenmaal in 
zee zijnde, niet roekeloos behoefde gewaagd te worden. Al 
deze omstandigheden te zamen hadden de Commissie over- 
tuigd, dat het uitloopen der vloot ten hoogste nuttig en 
noodzakelijk was; dat daartoe geen gunstiger tijdstip zijn 
kon , en dat zij zich aan een onverantwoordelijk pligtver- 
zuim zou hebben schuldig gemaakt, bijaldien zij zich daar- 
van niet had bediend. 

Buiten dit alles bestonden er nog redenen van staatkun- 
digen aard, die de Commissie, ter harer voorname verant- 
woording, zou kunnen en moeten aanvoeren, te weten: 1'. 
het onmiddellijk verband tusschen het uitloopen van 'ü Lands 
vloot en de betrekkingem met de buitentandsche Mogend- 
heden. Daaruit zou dan kunnen blijken, welke de redenen 
geweest waren, dat de inmiddels in Engeland binnengevallen 
vloot van duncan zoo spoedig was versterkt geworden ; 2°. de 
naauwkeurige opgave van den inhoud der geheime bevelen 



.y Google 



NP.UERI.AT)DSCHE ZESWEZEN. 369 

san den Opperbevelhebber der vloot gegeven; 3'. het onmid- 
dellijk verband tusschen het uitloopen der vloot en de verdere 
ontworpene, ailemoodwendigate verrigtingen der zeemagt. • 
Dao de Commissie zag zich, zoo wel door de duidelijke let- 
ter van het door de Nationale Vergadering genomen besluit, 
aU door het gevoel van oQ vermij delijken pligt genoodzaakt, 
deswege het stilzwijgen te bewaren; liever zich daardoor aan 
blaam en verdenking bloot stellende, dan dat zij door eene 
onherstelbaar nadeelige openhartigheid de dierbaarste belan- 
gen des Vaderlands op het spel zou zetten. 

Dit verslag vond warme Verdedigers, maar ook hevige 
bestrijders. Onder deze laatste waren er, die aan de Com- 
missie het regt betwistten, om de vloot, ingevolge de op 
haar in het begin des jaars verstrekte magt ter beschikking 
over de zeemagt en een gedeelte des legers, te kunnen 
uitzenden , nadat het plan der expeditie tegen Ierland ver- 
vallen was. Anderen duidden haar ten kwade, dat zij de 
vloot zee had doen kiezen, in een zoo ver verloopen jaar- 
getijde, zonder uit echte, berigten den toestand des vijands 
te kennen en zonder dat daartoe eenige gewigtige drijfveer be- 
stond. Had die uitzending plaats gevonden , om eea verwacht 
rijk konvooi veilig binnen de havens van het Oemeenebest te 
brengen, of om eene vijandelijke, zwak beschermde koop- 
vaardijvloot te onderscheppen , of om eenen gemeenschap- 
pelijk met de Bondgenooten overtegdei^ aanslag wel te doen 
gelukken, dan zou de handelwijs der Commissie ten hoogste 
goed te keuren zijn. Doch niet één dezer beweegredenen 
had bestaan of was in hare verantwoording aangeduid. Naar 
hun oordeel, had dus het uitloopen van 's lands vloot geen 
ander oogmerk gehad dan, gelijk de Commissie dit uit- 
drukte, om de eer en den aiouden roem der Bataafsche 
vlag te herstellen, en den onregtvaardig verdachten goeden 
naam der officieren en verdere zeelieden te handhaven. Voor* 



> Hieroiede bedoelde de commiasis veimDcdel|jlc het zoo gcircDachte nittoopen v 
eik*der naar de Weit. 

V, . 24 



V Goog Fe 



370 GESCHIEDENIS VAN HET 

zeker een prijzenswaardig doel; maar, moest dit ten koste 
van zoo vele millioenen schata bereikt worden? Om deze en 
andere redenen , verklaarden de bestrijders het verslag der 
Commissie onvoldoende en stelden zij voor, drie of vier leden 
te benoemen, aan wie de Commissie nadere en meer volle- 
dige opening zou geven , ten einde vervolgens aan de Ver- 
gadering te kunnen berigten , of zij al dan niet zich te 
vreden stelde met deze nieuwe mededeelingea. Doch de 
meerderheid verzette zich tegen dit voorstel , zoodat , na ' 
langdurige en hevige beraadslagingen , eindelijk , een besluit 
genomen werd, waarbij de Vergadering betuigde, met het 
gedane verslag genoegen te nemen. ' 

Wanneer wij thans de door de Commissie tot de Buiten- 
landsche Zaken aangevoerde redenen nader overwegen en 
vergelijken met de daartegen geopperde bedenkingen, dan 
zal men , naar ons inzien , moeten erkennen , dat die redenen , 
at mogten zij op zich zelve en uit een algemeen oogpunt be- 
schouwd, op waarheid berusten, niet kunnen gezegd wor- 
den van dien aard te zijn, dat zij voldoende mogen gere- 
kend wordïsn , om het uitzenden der vloot in de toenmalige 
omstandigheden te regtvaardigen , en dat sommige der be- 
denkingen, daartegen in het midden gebragt; allezins ge- 
grond zijn. Het kan toch niet ontveinsd worden, dat er, 
gelijk te regt gedurende de beraadslagingen werd aange- 
merkt , geene bepaalde , geene alles overwegende drijfveer 
bestond, om in die oogenblikkeu de vloot in zee te zenden. 
De vraag, of raen den vijand, door de vloot zeilree in Texel 
te houden en de Britten daardoor te noodzaken , steeds eene 
aanzienlijke scheepsmagt voor onze kusten en zeegaten in 
dit vergevorderde jaargetijde te houden, geene meerdere 
afbreuk en den Bondgenooten meerder voordeel zou toebren- 
gen, dan met haar aan eene onzekere krijgskans bloot te 
stellen, schijnt daarbij uit bet oog te zijn verloren. Ook 
schijnt men geen of weinig acht geslagen te hebben op de 

1 Decrettn der Haiionale Vargadering IQ Dte. IT97. 



V Google 



NEDEKLANDSCHE ZEEWEZEN. 371 

oobevarenheid van bet meerendeel der manschappen en op 
het gebrek aan oefening en ondervinding der meeste offi- 
cieren ; en met geringschatting der Ëngelsche zeemagt , een 
denkbeeld, 't welk in die dagen zeer algemeen was, zich 
ten volle te hebben verlaten op den moed en de vader- 
landsliefde on^er schepelingen, in het vertrouwen, dat die 
beide hoedanigheden gemakkelijk zouden opwegen tegen de 
meerdere kunde en de ervaring des vijands. 

AU een der gewigtigste gronden voor haar besluit wordt 
door de Commissie aangevoerd, dat zij tot het doen uit- 
zeiien der vloot geene bevelen gegeven had, dan na de be- 
velvoerende officieren herhaalde malen geraadpleegd te heb- 
ben , en nadat deze eenparig en aanhoudend betuigd hadden , 
dat het in zee zenden niet behoefde nagelaten te worden , 
wanneer eene gelijke of zelfs eenigzins sterkere vijandelijke 
raagt aanwezig was; verheffende zij zich op dien grond ten 
sterkste tegen de kwaadaardig uitgestrooide geruchten, dat 
de Vice-Admiraal de winter , tegen zijna voorgewende ver- 
toogen aan, tot het uitloopen, zijns ondanks, gedwongen 
Bou geweest zijn. Ër bestaan afdoende redenen om als waar- 
heid aan te nemen, dat de bevelvoerende officieren, gelijk 
de Commissie zegt,' geraadpleegd zijn, en dat hun ant- 
woord was van dien inhoud, zooals de Commissie dat mede- 
deelt. Men mag het ook aannemen , dat dit antwoord eene 
der voorname redenen is geweest , waardoor de Commissie 
' bewogen werd , bij den Vice-Admiraal herhaalde malen en 
in sterke bewoordingen aan te dringen om zee te kiezen, en 
eindelijk, hem daartoe eenen bepaalden last te geven. * Dan, 
die raadpleging was niet geschied kort vóór de laatste be- 
paalde last was uitgevaardigd, maar reeds een geruimen 
tijd vroeger, zoodat deze bewering der Commissie met dien 



■ Het «enige nog lertnde lid der DommiiiiB tot de BaitGolandicha Zaken, Hr. ai7ao 
iTEia, lid f*D deo biwgen raid, verzekerde mfj inlki en VMgdb er b|), dat bg 
■meoi die eommitsie hdg couferenlie met de TDorouaiate ite-officielen bkd gehsd, 
D dat ifl ia dien geeat >1< da eomniiisLe Termeldt, hadden geantwoord. 
Ook dit fenekerde my de beer gistem. 

24" 



1, Google 



372 OESCUIEÜENIS VAN HET 

last iü geeD regtstreeksch verband staat. Ook was het aat- 
woord der zee^officieren steeds voorwaardelijk geweest, te 
weten , dat het uitzeilen der vloot niet behoefde nagelaten 
te worden, bijaldien eene gelijke of zelfs eenigzins sterkere 
vijandelijke magt aanwezig was. Dan, wij hebben te zijner 
plaatse onwedersprekelijk ' aangetoond, dat de wintek over- 
tuigd was, dat de magt der Engelscheu de onzen overtrof; 
dat hij , zoo lang de verautwoordelijkheid op hem persoon- 
tijk gelaten werd, uit hoofde van die overtuiging, gemeend 
bad , met 's lands vloot niet te moeten aitloopen , en dat 
hij zulks meermalen en uitdrukkelijk aan de Codimissie tot 
de Buitenlandsche Zaken gemeld had. De tegenspraak der 
Commissie van het gerucht, 'dat de Vice-Admiraal tegen 
zijne vertoogen en zijns ondanks zou gedwongen zijn geweest 
zee te kiezen, moge dan in zeker opzigt waar zijn, niet 
minder waar nogtans is het, dat de winter meermalen 
zwarigheid tegen het uitloopen gemaakt bad ; dat hij , nog 
weinige dagen vóór hij het bevel om uit te loopen ontving, 
bij herhaling aan de Commissie meldde, niel te zullen uit- 
zeilen; dat dit bevel, waarvan de uitvoering zelfs niet eens, 
gelijk doorgaans, aan zijn soldaat- en zeemanschap werd 
overgelaten , voor hem zeer onverwacht ' was , tegen zijn ge- 
voelen streed, en hij daaraan alleen voldeed, dewijl hem 
een stellige last gegeven was. De Commissie moge dus op 
sterken toon tegengesproken hebben , dat de Opperbevelheb- 
ber van 's Lands vloot, zijns ondanks, zee zou gekozen heb- 
ben, het staat evenwel vast, dat bij dit gedaan heeft tegen 
zijne overtuiging en enkel om te gehoorzamen aan den stel- 
llgen last , die hem was toegezonden , of wil men het in 
zachtere bewoordingen uitdrukken, "tegen hetgeen door hem, 
als Opperbevelhebber, geadviseerd was," zoo als de winter 
zelf betuigt In het verhaal van den zeeslag, negen jaren later 

> Zie U. SU en Tolg. 

' Dit Mgt bfl nitdrakkeljjk in i^n Veriaal Ttn den ecwI*;, tchtcr het wak vta 
CLiRE. Uet blykt bovendien onlc dssmit, dat by in een' brief tsd den £8 Sept. au 
het CammitM tbd mirinc spreekt: cbm dtxt a« bijna afgtiaopt» eampoffnt. 



1, Google 



NEDERLANDSCÖE ZEEWEZEN. 373 

door hem uitgegeven. ' Ea vervalt hiermede niet een der 
voornaamste gronden, waarop de Commissie tot de Buiten- 
landsche Zaken zich tot hare regtvnardiging beroept? 

De Commissie voert al verder tot hare regtvaardiging aan, 
dat het oogenblik, vraarop de vloot uitliep, allergunstigst 
was, daar de magt des vijands toen niet sterker vraa dan 
de onze, de Britsche vloot door stormen zoo veel geleden 
had , dat zij buiten staat was langer zee te bouwen , en 
men met zekerheid wist , waar 's vijands overige scheepsmagt 
zich ophield, zoodat er niets te vreezen was. Deze gunstige 
berigtea waren gegrond , deels op tijdingen , door eenen 
kruiser , visschers en schippers uit zee aangebragt , deels op 
nieuwstijdingen, uit Eugelsche dagbladen ontleend, waarop 
èn de geheime Commissie van het Committé van marine, 
èn de Commissie van Buitenlandsche Zaken, ofschoon zij 
in strijd waren met de berigten, die de Opperbevelhebber 
van 'slands vloot dagelijks uit zee ontving, vermeenden zich 
zoozeer te kunnen verlaten , dat de eerste Commissie daar- 
door bewogen werd, aan de laatste het voorstel te doen, 
tot het uitvaardigen van eenen stelligen last tot het uitloopen 
van 'slands vloot, en deze zich onverwijld met dat voorstel 
vereenigde, * De uitkomst bewees , dat de berekening , waarop 



■ Acbter hat mrk nn clibk. 

) M«t Tooiatel der comiiiiuiG vin bst CommitU >sd minna, door de drie !ed«D, 
AKNm, VAH OLlTiBB en BESlïR, DDileitcekcnd , berust iu het uorgprunkelijk otider 
de Arehiien van bet DepBrtement van BarlenlsDdschs Ziken. Dtie eonimiBBia ging loo 
Tcrre, dit lil voorsloeg, om un DB wihteb Ie berden. lee te kieien . "zoniler lich 
te J*ten terngboDdeo door de berigten nn v||RndeIijke laperiorileii ," 't geen de com- 
miiiie tot de Battenlandichc Zaken te sterk vond, en aldus veranderde; "dat bij zich 
aiet ]ate (erngbonden door enkele prani rapporten of andere dergel^ke onzekere lierigten 
Dopeoi de Ttlandelfjke inperioriteit." Zeer opmerkeljjk ijjn de volgende linaneden , ont- 
leend uit eiDan brief van den toeBmaligeD kapitBin-lnitaDant hora biccaha , den 8 \ov. 
179T oit YarmoDth un een' iljaer bloedverwanten geschreTen: "Wfj niDeeten naariee, 
hoeieer men reeds te veel begon ia te tieo . dat er geen voordeeliger krnistocht koude 
gadun worden, dan met itil op de rheede te blyven loggen, eo diirdoor den T{]and 
te Dooditkni, Bltoo* sobepen in lea te bonden. De Natie, ik meen de denkende, knn- 
digc bn^an begonnen dit ook reeds te begrepen en tot hnn voordeel in (e zien. lieden 
tot de Bnitenludiehe Zaken badden (te meer, daar nn die andere vrienden [de Fran* 



V Google 



374 G£SCmËUBN16 VAN HÏT 

dit bevel steunde, niet geheel juist waa, althans kon falen. 
Het schijnt, dat de eigenlijke vloot der Noordzee onder 
DUNCAN niet veel sterker was dan de onze. en dat zij zich 
naar Yarmoath had begegeveo, om de geleden schade te 
herstellen , die echter misschien met opzet in de Engelsche 
bladen breed was uitgemeten, doch voornamelijk, om zich 
van nieuwe behoeften te voorzien. Dan , de leden der geheime 
Commissie vau het Committé van Marine en de Commissie 
tot de Buitenlandsche Zaken badden te ligtvaardig geloof 
geslagen aan de berigten omtrent de plaatsen waar zich 
's vijands overige scheepsmagt ophield, uit welke zij meen- 
den te mogen besluiten, dat van deze niets te duchten was. 
Hadden zij , gelijk baar pligt was , het noodige onderzoek 
gedaan, dan zou het haar gebleken zijn, dat het Britsche 
eskader, dat tot dus verre de haven van Brest bezet hield, 
van daar vertrokken en naar de Ëngelsche havens in het 
Kanaal teruggekeerd was , zoodra de aldaar liggende Fran- 
sche vloot had onttakeld, en zij zouden alsdan de moge- 
lijkheid hebben ingezien, dat de schepen onder duncan, al 
ware het dat deze alle of gedeeltelijk niet langer zee konden 
bouwen , door andere uit het van Brest wedergekeerde kon- 
den vervangen of versterkt worden. Maar zulks schijnt bij 
de hevige drift om de vloot, het kostte wat het wilde, in 
zee te zenden, niet in de gedachten gekomen te zijn. En 
ziet, dit vond juist plaats: ter vervanging van de meest 
beschadigde schepen van dümcan's vloot, werden zoo vele 
der van Brest teruggekeerde schepen in allerijl bij de vloot 



•ebsD JD Breat] , dooi do oinitudighcdeD niet kannen kUsr komca, er tbim geen bat 
wu), reeda met deo Admiraal goedgedBcht, praviaiooeei niet» meer te doea. D*n op 
den 4den (ieea 6) Del. kwam er legea den siond een eipreue vun 'tComniitté, ds 
order brengende, om met 'a Landa vloot len apoedigsle en «el bij de eerste wind na 
xea te gaaD. Ongelukkig, dat de wind goed lïep, ieta waarna njj loo lang gewaiit had- 
den, en 'a Landa iloot, met loo Teel moeite laamgebrajct, leilde dna zonder eenig be- 
rigt »a den ifjand, DitKenomen dat, 't welk de burgera olitckb en bi.bieb nit de 
Bngelaebo nieawipapieren badden, daar tog geen ataat op te maken is, en dit nog «el 
aan den Admiraal pet eipressc apart draden weten, om zig bier na Ie reguleren; een 
maoy itak aaa een' Bamniandant en Chef, en van een Commilt^. {Ctniraiiieiinieuici,')' 



1, Google 



NEUERLANDSCUE ZEBWEZEN. 375 

der Noordzee gevoegd als noodig gerekend werd om aau de 
fiatavQQ slag te kunneo leveren; ' de overige werden binneQ 
vier en twintig aren voorzien van alle behoeften; de wel 
toegeruste vloot koos oogen blik keiijk zee en bragt aan de 
Bataafsche eene nederlaag toe, wier gelijke nimmer door de 
Nederlanders was geleden. En kunnen dan de beide Coni- 
missiea, kan dan vooral de Commissie tot de Buitenlandüche 
Zaken gezegd worden, met die kalmte en dat beleid te zijn 
te werk gegaan , welke men regt had te vorderen van haar , 
aan wie zoo dierbare belangen toevertrouwd waren? 

De Commissie beroept zich, eindelijk, op het verband 
tuaschen het uitloopea van 's lands vloot en de betrekkin- 
gen met de Buitenlandsche mogendheden. Kennelijk deed 
zij dit, om daardoor te doen voorkomen, als of het door 
haar uitgevaardigde bevel in betrekking stond met de ont- 
werpen der Bondgenooten , met name der Fransche Repu- 
bliek, tegen Groot-Brittanje. Maar zij wist, toen zij dat be- 
vel gaf, met zekerheid, dat er van de Fransche zijde dit 
jaar niets van aanbelang zou of kon ondernomen worden; 
ja, op denzelfden dag, waarop zij het besluit nam, om aan 
den Vice-Admiraal de winter te gelasten zee te kiezen, 
werd zij daarin nader bevestigd door een schrijven van den 
Franschen minister van marine , die aan baar een plan mede- 
deelde der uitrustingen en krijgsverrigtingen voor het vol- 
gende jaar. ' Men kan dus deze beweegreden , evenmin als 
de vorige , als gegrond erkennen , en moet aannemen , dat 
het onverwachte bevel tot het doen uitloopen van 's lands 
vloot, in een zoo ver gevorderd jaargetijde, tegen het ge- 
voelen van den Opperbevelhebber, en op berigten die alles 
behalve zeker waren, eene daad is geweest, die op zich 
zelve stond, en waarvoor andere beweegredenen hebben 
bestaan. 



' Ktpüdn TBOLLOFK hkd . bij bet berigt run bet aittoopea der vloot, ook bet getal 
en de aterkte der Bitufuha ichepeD un den AdmiTMl duncah toegexondeii. 

* Dit itok, dea 4 Oet. ontTaDgen, beriut io bet Aiobief van het Departement tii 

Buitenlandtelie Zaken. 



1, Google 



376 6Ë8CHIE0ENIS VAN HET 

Deze meenen wij voornamelijk te vinden in de ontevredenheid 
en het gemor over het blijven liggen der vloot; ia het mis- 
noegen deswege tegen het Committé van marine, maar bij- 
zonder tegen de Commtaaie tot de Buitenlandache Zaken; 
in den wensch dier beide staatsligchamen om, door eene 
stoute daad, die ontevredenheid, dat gemor en dat mis- 
noegen te doen ophouden, en in het vurig verlangen der 
heethoofdigen , aan wie het in deze dagen aiet ontbrak, om 
den Brit te tuchtigen en alzoo de eer te herstellen der in de 
Saldanha-baai jammerlijk verguisde Bataafsche vlag ; redenen , 
grootendeels wel in de verantwoording der Commissie aan- 
geduid, maar zoo diep ingewikkeld en vermengd met zoo 
vele andere , dat zij niet als de ware en bijkans eenige drijf- 
vereD kunnen herkend worden. 

Er waren nu bijkans twee jaren verloopen na de groote 
omwenteling , en in al dien tijd was door 's lauds zeemagt 
nog niets verrigt; integendeel had zij gevoelige en vernede- 
rende verliezen geleden. Dit gaf aan velen, wier verwachting 
hoog gespannen was geweest, niet alleen eene grievende 
teleurstelling , maar verwekte ook , vooral door het gebeurde 
iu de Saldanha-baai, ontevredenheid. Nadat echter in het 
begin des jaars het beleid van het zeewezen aan de Com- 
missie tot de Buitenlandsche Zaken was opgedragen , de vloot 
op nieuw was gereed gemaakt en versterkt, en er eene mag- 
tige uitrusting gedaan was, wier eigenlijke bestemming wel 
niet bekend was, maar van welke men de grootste verwach- 
tingen voedde, verlevendigde zich de hoop, dat de Bataaf- 
sche zeelieden den Brit van onze kusten, die hij tot hiertoe 
naauw bezet hield, zouden verdrijven, en dat de Bataaf- 
sche vlag , gelijk weleer , in alle zeeën sou wapperen en wel- 
haast op nieuw de schrik des Oceaans worden. Dan van dil 
alles gebeurde niets. De vloot liep niet uit, en van de ge- 
heime onderneming werd afgezien. Nu klom de ontevreden- 
heid tot gemor. Onbekend met de ware redenen, beschul- 
digde de menigte, welligt opgestookt door de vrienden van 
Oranje, het Committé van marine, maar bovenal de Com- 



V Google 



nedehlandscue z££wf.z£K. 877 

missie tot de BuiteDlansche Zaken, van laauwheid en pligt- 
verzoim. Men verweet baar de zware lasten, waaronder de 
Natie ten behoeve van de vloot en de uitrusting gebukt 
ging en die^ vergeefs opgebragt waren. Men stelde op bare 
rekening de werkeloosbeid der zeemagt, die in den jongsten 
Engelscben oorl(^ zoo veel misnoegen verwekt had en nu 
niet minder was. Men vroeg, waartoe dan de omwenteling 
gediend had , wanneer dezelfde kwalen , die door de tegen- 
woordige regenten aan het vorige Bestuur zoo vinnig aan- 
getijgd waien , zich thans op -nieuw vertoonden P De heet- 
hoofdigste leden der Vertegenwoordiging deelden in deze 
gevoelens en verzwaarden daardoor niet weinig de moeijelijke 
taak der Commissie tot de Buitenlandsche zaken. Wat zou 
zij. in deze hagcfaelijke omstandigheden doenP Aan eene met 
Frankrijk en Spanje gemeenschappelijke onderneming tegeo 
den vijand, was in dit jaargetijde niet te denken. Stit te 
zitten en de tegen haar ingebragte beschuldigingen lijdelijk 
te dragen, dit was zeker het wijste, maar hiermede liep zij 
gevaar, zich aan nog heviger verwijtingen in en buiten de 
Nationale vertegenwoordiging blootgesteld te zien; ja die 
hjdelijke stelling kon, bij de bestaande verdeeldheid en het 
algemeen misnoegen over vele andere aangelegenheden, 
haren val en weltigt dien van den geheelen tegenwoordi- 
gen Regeringsvorm berokkenen. Om zich uit dezen hag- 
chelijken toestand te redden , besloot zij , na den Opper- 
bevelhebber herhaaldelijk, doch vruchteloos, tot het uitzeilen 
op zijne verantwoordelijkheid vermaand en sterk bij hem 
daarop aangedrongen te hebben , eenen beslissenden stap te 
doen. ' Zij gaf aan de wiAtee den stetligen last,- met den- 
eersten goeden wind in zee te loopen. Bij de gunstige 
berigten die zij bekomen had, en die zij, in hare opge- 
wondenheid, als onfeilbaar aanmerkte, hoopte, ja vertrouwde 



< Een 3ei warmile verdedigen ita dtn mutrcgel der commiiaie tot de BnitenUDd- 
■ ebe TtkeD, de hxagei t«ii hooff, voert de bier opgegevenc redenen nitdrokluiyli ili 
eese der drijfveren aao, wurdoor de commiuie tot het oittenden der vloot liewogen 
werd. Zie Dagvrrhaal ven 19 Deo. 1797. 



V Google 



378 OBSCMIEDBNIS VAN BBT 

zij , dat 's iands vloot gemakkelijk den verzwakten vijand 
KOU overninoen en eerlang zegevierend wederkeeren. Daa zou 
de eer en roem der Bataafsche vlag hersteld zijn; dan zoa 
de ontevredenheid eo het gemor ophouden; dïln vervielen 
al de tegen de Commissie ingebragte beschuldigingen; dan 
werd haar gezag gehandhaafd, de tegenwoordige orde van 
zaken bevestigd, den aanhangers van Oranje alle hoop be- 
nomen, en de vrienden en voorstanders der omwenteling 
zouden met nieuwe kracht en nieuwen ijver worden toegerust. 

Deze redenen mogen aan de Commissie, uit baar stand- 
punt beschouwd , voldoende gronden hebbén opgeleverd om 
de vloot te doen uitloopen; ons, op een meer verwijderd en 
onzijdiger standpunt geplaatst, schijnen zij, als strijdig met 
bet wel begrepen belang des Vaderlands, geenszins te regt- 
vaardigen , daar hiermede de zeemagt van den Staat , die met 
zoo veet moeite en kosten was toegerust , ligtvaardig en onbe- 
raden aan de onzekere kans des oorlogs gewaagd werd, ten 
einde aan de inzigten der menigte te behagen en zich in het 
gezag te handhaven. Dit zoo zijnde, wie kan de Commissie 
tot de Buttenlandscfae Zaken vrijspreken, de eerste oorzaak 
te zijn geweest van de geduchte ramp , die 's Lands vloot in 
den zeeslag van Kamperduin trof? 

De tweede vraag, of het gedrag van alle officieren gedu* 
rende den strijd wel van dien aard geweest ware, dat zij 
konden gezegd worden , zich aan geen pligtverzuim te heb- 
ben schuldig gemaakt? gaf aanleiding tot het benoemen van 
eenen Hoogen Zee-krijgsraad , waartoe men te eerder over- 
ging, omdat sommige der ofBcieren zelve verzocht hadden 
zich te verantwoorden. ' 

Niemand zal verlangen, dat wij in bijzonderheden treden 

> By Dterttt der KatitmaU Vergadering ihm im 9 Nov. 1707. Dan S9 Ütc. 
duTOpTolgtiHic werden de leden benoemd, lynde da Vice-Admiruli ». s, tah kidku, 
preüdmt, J. beu en w. tin des BiiTa, de Schout -bij -nx^t ^- >■ okmtiis, en ds 
ktpitdn 1. K. Tin obotsnraat, i. clakis en c. btll, wurran lommigen, in den 
krap *Mt bet legttgeding merleden , of nndere beitemmiiigen kregen en door andere Ter- 
TuiiteD werden; tot FÏkuI werd Mr. t. l. TitkiMSA, en door den kiygerud tot 
•eereUrii ungelteld Mt. □. COSTiBDa. 



V Google 



NEDERLANÜSCHB ZEBWEKBH, 379 

omtrent de verrigtingen van dezen hoogen zee-krijgsraad , 
wier werkzaamheden ruim zestien maauden voortduurden. ' 
Wij zullen dus slechts in het algemeen zeggen , dat onder- 
scheidene bevelhebbers van linie- en andere schepen met 
meerderen ' of minderen lof vrijgesproken werden ; dat de 
verantwoording van eenige onvoldoende werd geacht, sommige 
dezer tot vernederende straffen, één hunner tot eene ont- 
eerende straf' veroordeeld werd. Deii verderen inhoud dier 
vonnissen gaan wij met stilzwijgen voorbij , maar bepalen ons 
liever tot hetgeen bij den hoogen zee-krijgaraad voorviel 
omtrent twee personen , die eene voorname rol in den zee- 
slag van den 1 1 October hadden gespeeld , waarvan de een , 
als held , in deze dagen luide toegejuicht en hemelhoog ver- 
heven werd , en waarvan de ander als de voorname oorzaak 
der nederlaag uitgekreten, en reeds voor de uitspraak des 
krijgsraads genoegzaam openlijk veroordeeld w,erd. Wij be- 
doelen den Opperbevelhebber van 's Lands vloot, jan wil- 
lek DU WINTER en den Schout-bij-nacht johan arnold bloïs 

VAN TRESIjONO. 

De Vice-Admiraal de winter keerde in het begin der 
laatste maand van het jaar 1797 uit Engeland terug, na het 
geven van zijn woord van eer, om niet tegen Groot-Brittanje 
gedurende den oorlog te zullen dienen. Overal waar hij zich 
vertoonde, werd hij met de levendigste geestdrift ontvangen 

■ HQ Rcrd by bcsinit tbd bet ailvoerend bevind (in 10 M«j 179(1 antbuodsD. 

i Dit vu küzonder bet geval met de kipiteinen ZEOEts ea vtBnooKKif , en de kapi- 
UiD-taitcDinti «DLLiMD, HüiscH en taiiCESTBB, TBu wie de krpg«r«»d TerklsBrde, 
"dat xfl licb ten nitente toe kliwkmoBdig bsdden verdedigd , en bnnne bgdemg niet 
eerder nui den ryud baddeii overgegeven, din toen alle middelen van defeniie' ontbra- 
koi." Al de offleleren van de Vrij&eid nerdea meds met lof vrijgesproken. 

> Dit lot trof den kapiteiu-lnitenint soutki, bevelbebber (ID den Saiavier, dis 
raroordeeld werd om. nadat door den tcherpregtcr op een acbavot zijn zydgeReer voor 
■Qm voeten zoa gebroken jyn . mei bet maard over bet boofd te worden gcalraft. en 
«ntolgena gednrende tien jaren in een raspbuïi t« worden opgnloten; welk vonnii, 
nadat hy g«vlugt, doeh neder gevat waa, aan bem voltrokken «erd. BIJ bet door- 
dring der Eogeluben in Noord- Holland in 1799, werd aan souteb, op zijo renoek, 
door den priiu van Oranje de vrijheid gciefaonkeni doeh b|j verkooi dien naebt nog in 
het gevaigenhaii te blyven, en den volgenden dag kwamen de Franacben terng, waar- 
door bg in lechlcnis bleef. 



„Google 



380 OEBCHIBDENIS VAN UET 

ea hem eeae eer bewezeo, die gewooolijk wel deo overwin- 
naar, doch zelden of ooit den oagelukkigen krijgsman te 
beurt valt. Bijzonder was zulks te Amsterdam het gevat. 
Was men ergens van bewondering opgetogen over het held- 
haftig gedrag van de winter, het was voorzeker in die 
stad, van waar de jongste Omwenteling voornamelijk was 
uitgegaan. Reeds toen hij zich nog in Engeland bevond, 
werd aan het stedelijk bestuur de wensch te kennen gegeven, 
hem met de ondubbetzinnigste bewijzen van den eerbied, de 
achting en de erkentelijkheid van Amstels burgers bij zijne 
terugkomst te ontvangen. Aan dien wensch werd voldaan. 
Op den 7 December, in plegtigen optogt, met gewapende 
burgers en krijgsvolk omstuwd, en onder het aanheffen van 
vreugdemuziek , van zijne woning naar het huis der Gemeente 
en in de Raadzaal, waar de voornaamste lands en stedelijke 
overheden vereenigd waren, geleid, werd hij door den Voor- 
zitter des Raads met eene aanspraak begroet, waarin de 
dank der Natie in het algemeen, en der burgers van Am- 
sterdam in het bijzonder, in de warmste taal betuigd werd. 
Vervolgens plegtstatig naar buiten gebragt. werd hij door 
een der leden ' van de Commissie tot aanmoediging van 
's Lands zeedienst , namens den Raad en van wege vele bur- 
gers, die zijne dapperheid bewonderden, meteen gouden 
degen, tot een gedenkteeken van zijnen beproefden moed, 
onder de luide toejuichingen der zamengevloeide bevolking, 
begiftigd. Een prachtige maaltijd werd daarna op het raad- 
huis aangerigt; in den schouwburg des avonds onder het 
daverend handgeklap der tallooze menigte een Vaderlandsch 
tooneelspel ter zijner eere opgevoerd en een toepasselijk dlcht- 
stuk tot zijnen lof uitgesproken, wordende de dag besloten 
met een luisterrijk feest, waarop eene bnrgerkroon hem werd 



> Mavbit* coïhilis tak hall, wiena uoipnak, hy die gcIsgeDhud gehondm.tB 
TJadan i> in de bierondir ungetuslde AmiterdimKhe citra-cootint. 

' De bfjiondBrbeden omlTBiit d«ie reertTisring kooien, behklTe In het DagUad dar 
vergaderivge» oan dm Baad der Oimetn t » chm AmMterdiim, 7 Deo. ITBT. voor ia 



1, Google 



NEDERLANDSOBE ZEEWEZKK. 381 

Bij deze hooge iDgeaomeafaeid met hetgeen door hem in 
den zeeslag van den 11 October, niettegenstaande den onge- 
lukkigen uitslag van den strijd, bedreven werd, was voor 
DE WINTER naanwelijks eene regterlijke uitspraak noodig. Hij 
verzocht nogtana aan de Nationale Vergadering een onder- 
zoek Daar het door hem gehouden gedrag, 't welk hem, 
gelijk aan de overige officieren, gereedelijk toegestaan werd. 
Bij zijne waarlijk heldhaftige verdediging en de algemeene 
stemming der gemoederen, was niet anders te verwachten 
dan dat dit onderzoek gunstig en de uitspraak der regters 
voor hem loffelijk zijn zou. En dit geschiedde ook. De Hooge 
Zee-krijgsraad verklaarde: dat de Vice-Admiraal de winter, 
in persoon , het gedrag , door hem in den zeeslag van dea 
11 October gehouden, zoodanig had verantwoord, dat het 
den raad ten volle gebleken was , dat hij , zoo wel in 
hoedanigheid van Commandant en Chef van 'sLands vloot, 
als in bet bijzonder met betrekking tot de verdediging van 
's Lands schip de Vrijheid, zich van zijnen pligt in dien 
zeeslag naar behooren had gekweten, mitsgaders de eer van 
de Bataafsche vlag naar zijn vermogen tot het uiterste ver- 
dedigd had; waarom de hooge zee-krijgsraad den Vice-Ad- 
miraal vrijsprak van alle verdenkingen , die ten opzigte van 
zijn gedrag zouden hebben of mogen geopperd worden. ' 



da Amitardamêelit Kctra-couraid tu O Dsc. ITST. Zie ook Vervolg op de Vaderl. 
SM. D. XXXVIH. bl. 2TT. Opmerkelyk i) ie udlgheïd, die io de intwoorden van 
Dl wiHTEK op de UD faem gerigte unapnkeD dooritrult, gelyk mede d« edelmoedige . 
bilde, die hjj ook by deie gel^enbeid twweea un de ueDichlieoenbeid der Brilteo ten 
MBiïen'TUi de krUgtgeiingeneo ; tieide doen i(|a btrt en verstand eer aan. De ler- 
dieuteljjke ArcbiTkrins f. (cueltev* deelde inlj omtrent deze feestelijkheden nog 
neerdere byioaderheden mede, docb die te breedvoerig zQn om bier tairoiden opgenomen. 
> De geheele sententie ia gedrakt ea nitgegereD te Amaterdam in I7BS. De oor- 
tpronkelDïe , door de leden tm den kr^geraid ondertcekeade , ii nog voorhinden in 
het originele Begitia- dar Senlmtie» van den zaa-krijgtraad 11 Oit. ITBT , I D. 
in fol-, bernitende in bet Archief van bet boog milittir geregtabof. Ala eene niet be- 
konde blJnindBrheid meen ik Uer te moeteD byvoegen , dat de vrfjiprsak van de wih- 
TmK wgnmk abxibta geaehiedde met eter t^en drie atemmen , varklarende da Tiee- Ad- 
miralen aiu en vak dbb bbrts met den kapitein aoHiinHOUi, dat i^ bnn advya 
weigerden uit ta brengen, "niet loa uer nït oonake van eenige bedenkel ijk beid ten 
opiicbte van bet gedrag, door den Commandant en CbeT in de actie van den 11 Oot, 



V Google 



öd2 G£Süai£U£NIS VAN HET 

Er zal wel niemand, ook in onze dagen, zijn, die deze 
uitspraak niet; zal billijken, voor zoo verre zij het gedrag 
van DE wiNTBR, ats Opperbevelhebber, en de verdediging 
van 'sLands schip, de Vrijieid, in den zeeslag van denJi 
October betreft. De toestand waarin de Bataafsche vloot en 
ia het bijzoader zijn bodem spoedig na den aanvang van 
den strijd geraakte. Het toch niet toe, dat van zijne zijde 
pogingen aangewend werden, om den doorgebroken vijand 
af te snijden of. te overvleugelen, en stelde, wat meer is, 
hem buiten staat , daartoe aan de overige schepen seinen te 
geven. En wat de verdediging van de Vrijheid aangaat , de 
onverschrokkenheid daarbij door hem aan den dag gelegd , 
de heldenmoed daarbij door hem betoond, werden door 
vriend en vijand niet slechts erkend, maar hoogelijk bewon- 
derd en toegejuicht, zoodat allen daarin overeenkwamen, 
dat hij zich, gelijk de regteriijke uitspraak naar waarheid 
zegt , tot het uiterste verdedigd had , niet dan toen alle mid- 
delen ontbraken, was bezweken, en hij de eer der Bataaf- 
sche vlag, den alouden roem der Nederlandschen zeemagt, 
waardiglijk gehandhaafd had. 

Ëene andere vraag is het , of het gedrag van de winter , 
van den tijd dat hij met 's Lands vloot uit Texel liep tot 
op het oogenblik dat de strijd een' aanvang nam, allezins 
goed te keuren zij, en of hij daarbij die voorzigfigheid, die 
kunde en dat beleid aan den dag gelegd hebbe, welke men 
van eenen Opperbevelhebber kon en mogt vorderen ? in andere 
woorden, of de handelwijs van den Vice- Admiraal vóór den 
zeeslag ook medegewerkt hebbe tot de gedachte ramp, door 
welke de vloot van den Staat op den 11 October getrojfen 

gchondeo, ili vel, omdït lU tltoreni ds cancloiiea rao ciich tegtD de andeK Cotn- 
muduitea irildcn eiuniacren." ZQ groodeD dit huD geraïleD duiop. dat >ü mfende^, 
dan ecnt het gsdrag Tan DE «tirriK juist ea dui truiheid ts knnniD heoardeslan, 
waDDser het gedrag der oierige vlag-offlcleren cd icheepibevïUiebben . 't welk daarmede in 
hït naanirate rerband atond, behoorlyk ion ondsnoaht ii)n. Doch de meerderheid be- 
greep dit andera, naarop het Tonnis opgemaakt en door alle ledea ooderteekend «erd, 
wurmede ie zaak <aa dk nrnTER, een' geruimen Igd lAdr die der overige offlcieren, 
argedaan werd. 



V Google 



NBDEai.AND8CU£ ZEEWEZEN. 383 

werd? De hooge zee-krijgsraad onthield zich zorgvuldig van 
een onderaoek daarnaar, en bepaalde zich tot het letterlijk 
voorschrift, door de Nationale Vergadering gegeven i "om 
het gedrag, door den commandant en Chef der vloot en 
de verdere officieren in den jongBten zeeslag gehouden , te 
onderzoeken. "De taak van den geschiedschrijver strekt 
zich verder uit ; want op hem rust de verpligting , ook 
te vermelden, welke bedenkingen en beschuldigingen tegen 
het gedrag van de winter vóór den zeeslag werden geop- 
perd, en op welke wijs hij die heeft wederlegd, ten einde 
het thans levend geslacht in staat zij te beoordeelen, in 
boeverre dat gedrag moet gerekend worden, eenen meer of 
min oDganstigen invloed op het gebeurde bij den zeeslag 
van Kamperduin gehad te hebben. 

Men acht, in de eerste plaats, het gedrag van den Vice- 
Admiraal de wimsr hierin onvoorzigtig , dat hij de gansche 
vloot, toen zij na het uitloopen uit Texel, op de vlakte van 
de Maas gekomen was, om zich met de in die rivier lig* 
gende oorlogsschepen te vereenigen, jagt deed maken op 
eeoige vijandelijke schepen , die zich op drie of vier mijlen 
afstands ophielden. Dat jagen op die schepen , welke ken- 
nelijk zich aldaar bevonden, ten einde de bewegingen van 
's Landa vloot gade te slaan , had tweederlei gevolgen : voor* 
eerst , dat de oorlogsschepen zeer verspreid geraakten , 't geen 
bij de onzekerheid, waarin men omtrent de Biitsche vloot 
verkeerde, zeer gewaagd'moet geacht worden. Maar vooral 
wordt het, ten tweede, als onvoorzigtig beschouwd, dewijl 
door dat jagen de Bataafsche vloot ongemerkt zuidwaarts 
afviel en zich tot elf of twaalf mijlen van den wal verwij- 
derde, waardoor, bijaldien de Britten zich onverwacht met 
eene groote overmagt mogten vertoonen, de terugtogt zeer 
bezwaarlijk zou kunnen gemaakt, en de vijand in staat ge* 
Bteld worden , de vloot van Texel' af te snijden. 

Dit laatste had werkelijk plaats. Naar het oordeel van 
deskundigen, zou de winter, toen hij in den avond van 
den 10 October de tijding van het opkomen dei Britsche 



V Google 



384 0£ScmED£N13 VAN HET 

scheepsmagt 'OQtving , vermoedelijk de gelegenheid gehad 
bebbea, met de vloot,' wanneer zij niet zoo diep in zee 
geweest ware, Texel te bereilcen, bijaldien hij zulks raad- 
zaam had geoordeeld, zonder dat Lord duncan hem dit had 
kunnen beletten. ' En meende bij, naar den inhoud zijner 
voorschriften den vijand slag te moeten leveren, dan zou 
hij, nader bij de kusten zijnde, de meest voordeelige stel- 
ling hebben kunnen nemen, ten einde, bij eene nederlaag, 
eene veilige haven voor de wijkende schepen geopend mogt 
blijven. Doch nu was noch het een noch het ander mogelijk, 
zoodat DE WINTER zich genoodzaakt zag , de Britten af te 
wachten op eene plaats en onder omstandigheden van weêr 
en wind, die hoogst ongunstig, ja zelfs, naar het gevoelen 
van sommigen , van dien aard waren , dat zij de vermeeste- 
ring of vernieling der geheele vloot hadden ten gevolge kun- 
nen hebben, en dit misschien zouden gehad hebben, bijal- 
dien storm en andere toevallige oorzaken zulks niet hadden 
belet. 

De tweede beschutdigiag , die men tegen het gedrag van 
DB WINTER vóór den zeeslag inbrengt , is deze : Men meent, 
dat hij zeer kwalijk en onvoorzigtig handelde met, na hij 
het berigt van den aantogt der Ëagelsche vloot gekregen 
had, van den wind gestuurd te hebben om land te halen, 
waardoo/ hij noodwendig aan lij van den vijand moest ver- 
vallen en onvermijdelijk verpHgt werd, bijzonder wegens de 
bekende bezeildheid der vijandelijke schepen, slag te leveren. 
Naar het oordeel dergenen die dit beweren , had de winter, 
nadat hij de tijding van de verschijning der Britten beko- 
men had, bij den wind op moeten steken, om aldus den 
loef te winnen; eene stelling, die door onze vermaardste 
zeelieden, met name door den grooten de ruiter, steeds 
ats de voordeehgste werd aangemerkt , tot wier bekoming 
die beroemde Vlootvoogd alle krachten inspande, die bij 

1 Hat eerale «aaroii Lord dvnoiic, Tolgaaa ifjne officiële berigten, lich toslcidc, 
ma, ïlln in het «erk te stellen, wat in iljn rcrmogen wu, om de Bata&bcha floot 
van Texel al te inUdeil, waaiin fa^ mui il te zeer slaagde. 



V Google 



NEDERLANDSCHË ZZEWEZEK. 385 

den tegeawoordigen toestand der vloot , waarop zich zoo vele 
jeugdige officierea en onbevaren matrozen bevonden , meer 
geschikt om den vijand aan te vallen dan af te wachten , 
dubbel wenscheiijk scheen, en die bij de ruwheid van het 
weder , den wind die er woei eii de hooge zee , meerder kans 
tot de overwinning scheen aan te bieden dan het bevechten 
der Britten aan lij. 

Ten derde is men van gedachte , dat de winteb roekeloos 
handelde met, toen de vijand in den vroegen morgen van 
den 11 October zich op eenen afstand van vier mijlen ver- 
toonde en met volle zeilen naderde, hem drijvende of met 
klein zeil af te wachten. Naar bet oordeel van een' zijner 
regters, den Vice-Admiraal jan sbls,' was dit drijvend 
afwachten een zeer nadeelige manoeuvre , en had de winter, 
bij de weinige ervaring van vele zijner kapiteinen, bij de 
ougeoefendbeid der meeste van het scheepsvolk , bij de blijk- 
bare sterkte des vijands en de ongunstige omstandigheden van 
plaats, wind en weder, wel verre van de Britten af te wach- 
ten, veeleer moeten bedacht zijn op eenen veiHgen aftogt, 
waartoe, naar zijne meening, ook nog de gelegenheid be- 
stond , toen de Bataafsche vloot reeds in Unie geschaard was. 
Dan zou hij, voor den Deurlo gekomen zijnde, de vloot 
andermaal in slagorde hebben kunnen scharen , en op deze 
plaats, die vrij wat voordeeliger was, den strijd hebben kan- 
nen afwachten i of, bijaldien de Omstandigheden zulks mogten 
onraadzaam maken , tot voor Vlissingen hebben kunnen terug 



> Da ViM-Admintl iah mu Terontichaldigdï lich in MDen brief uu ds Nationtk 

TergidcnDg tbu 9 Jm. 17B6, nn i|jne benoemÏDg tot lid vu dcD boageo ice-krygl- 
imai, op groDd , dat ti|) niet Dmtjdig rrsa, daar bj) meende, bet gedrag ibd dea Vice- 
Adiniraal de «ihtke, vóór den leealig, om de ïd den tekit vermelde redenen , te moeten 
mAeuRn, en liet zieh dïe benoeming niet eerder welgevallen dnn nidit hij de veneke- 
ling bid bekomen, dat de krfjgtraad alleen het gedrag der leeofficienm is den zeeaUg 
non behooren te ondeTzaeken. Verder ontvoawde hfj bet bier medegedeelde gevoelen in 
bet breede in xijn Adnt in de laak van dea Schoitt-bij-nacM nLOls tam tbkslono, 
net byvo^ng <an acne ecbeta-teekening , waarin by de mogelijkheid van den terng- 
togt in bet gmigt dea vijauda en de manoeDirei , die tot bereiking van dat o<^inerk 
ioot de fiataafache vloot hadden behooreu Terrigt te worden, anodnidl. Dit AdcU en 
deze a eheti-t«ekening boniaten in bet Archief van het hoog militair geregtihof. 

V. 26 



1, Google 



SOD QEScaiEDBNIS VAN H£T 

trekken, waardoor, naar zijne meening, 'sLands vloot, wd 
verre van haar, gelijk nu, aan een bijkans wis verderf bloot 
te stellen , geheel of althans grootendeels zou behouden ge- 
worden zijn. 't Is waar, op deze wijs werd geenszins eene 
overwinning bevochten, waarvan zoo velen zich verzekerd 
hielden ; den opgewondenen in den lande zouden kreten van 
veroQtwaardiging hebben aangeheven ; de trouw , misschien 
zelfs de moed van de wintbr zou verdacht zijn geworden; 
maar bet verlicht en weldenkend gedeelte der Natie zou zijne 
voorzigtigheid en zijn beleid hebben geprezen; de zeemagt 
van den Staat zou bewaard zijn gebleven voor de geduchte 
ramp die haar trof, en weUigt had zich spoedig eene gun- 
stiger gelegenheid opgedaan , om den vijand afbreuk te doen. 

Nog wordt het gedrag van ds v/ivtss. voor den zeeslag 
daarin afgekeurd, dat bij de onder hem gestelde scheeps- 
magt niet genoeg oefende , en drie kostbare dagen Uet voorbij 
gaan , zonder dat er groote manoeuvres door de vloot verrigt 
werden. Eerst op den vierden dag hield hij haar daarmede 
bezig, en wat kon men dan verwachten van officieren, van 
wie slechts zeer weinigen eenen zeeslag hadden bijgewoond, 
waarvan de meeste nimmer het bevel over een linieschip ge- 
voerd badden, en die nooit dan op dien vierden dag geza- 
menlijk in linie zich geschaard hadden ? De langzame en ge- 
brekkige vorming der linie op den dag des strijds, met de 
noodlottige gevolgen die daaruit voortsproten , wordt gedeel- 
telijk aan dit verzuim van oefening toegeschreven. 

Eindelijk beging de winter, naar het oordeel van des- 
kundigen, nog eenen miaslag, met het afzenden van twee 
linieschepen , den Cerberus en de Delft , in den morgen voor 
het gevecht , ter praaijing van twee koopvaardera , en met het 
zoo laat doen vormen der linie. 

Wat D£ winter bewoog, op een oogenblik dat hij, vol- 
gens zijne eigene bekentenis, ' meerdere zekerheid van de 
nabijheid der vijandelijke vloot had bekomen , twee liniesche- 

1 In zyne SemUiUie, bl. 16. 



V Google 



NEDERLANOSCHE ZEEWBZXN. S87 

peo , in plaats van twee fregatten of ander klein vaartuig 
tot bet gezegde doel nf te zenden , behoort tot de diiister- 
heden, die thans bezwaarlijk kunnen opgehelderd worden. 
Doch dit afzenden had zeer nadeelige gevolgen , daar het de 
vloot, om zich met de uitgezonden schepen te kunnen ver- 
eeoigen , noodzaakte , van hare genomen stelling af te houden , 
en in het bijzonder de vorming der linie vertraagde. Boven- 
dien was het eene der oorzaken van de ongeregeldheid in 
de slagorde en van de zwakheid der achterhoede ^ want een 
dezer linieschepen , de Delft van 54 stukken, kon door zijne 
verre verwijdering niet dan zeer laat de voor hetzelve bestemde 
plaats bereiken, vond die gedeeltelijk ingenomen, moest daar- 
door afvallen , en werd toen verpligt , zich aan bet einde der 
linie te scharen. Welk eenen schadelijken invloed het een 
en ander op den uitslag van het gevecht had, is te zijner 
plaatse aangewezen. 

Uit verschillende berigten blijkt, dat de Bataafsche vloot 
in den vroegen morgen voor het gevecht in drie kolommen 
zeilde, doch dat slechts enkele schepen, gedeeltelijk wegens 
het buijige weder en de holle zee, de marschorde hielden 
en weinige zich op 'hunnen post bevonden. Onder deze om- 
standigheden en bij de geringe ervaring der scheepshevel- 
hebbers , had men kunnen en mogen verwachten , dat de 
WINTER, zoodra hij de zekerheid had van het naderen des 
vijands, ten spoedigste bevel zou gegeven hebben, om zich 
in slagorde te scharen, ten einde aan de kapiteinen gerui- 
mea tijd te verleenen tot vorming der linie , en opdat hij zelf 
de gelegenheid mogt hebben , de misslagen die daarbij begaan 
werden, te doen herstellen. Dan de winteb deed dit niet. 
Eerst na het verloop van bijkans drie uren gaf hij het sein , 
dat de vloot zich in linie zou scharen. Dit tijdverlies was 
van het uiterste gewigt en wordt als eene der oorzaken van 
het verlies des zeeslags aangemerkt. Door verschillende om- 
standigheden werd dat bevel langzaam ten uitvoer gebragt; 
eenige schepen namen andere plaatsen in , dan voor hen be- 
stemd waren; sommige bleven buiten de linie of vielen af; 

25* 



V Google 



388 QBSCHIEDBNIS VAN HUT 

de voorhoede zeilde te sterk vooruit; de achterhoede kwam 
niet genoeg op ; de meeste schepen sloten zich niet voldoende 
aan; hier en daar bleven bedenkelijke tusschenruimten. Deze 
misslagen kunnen wel niet op rekening van de wintbr ge- 
steld worden; maar, bekend met de ongeoefendheid van de 
meeste scbeepsbevelbebbers en het gemis van overeenstem- 
ming en zamenwerking in de vloot , had hij kunnen en moeten 
voorzien, dat er dergelijke misslagen welligt zouden begaan 
worden en het sein tot vorming der Unie vroegtijdig behoo- 
ren te geven om de fouten te kunnen verhelpen , alvorens de 
vijand te zeer genaderd was. Docb, nu de linie zoo Iaat 
gevormd werd, was hij daartoe buiten staat en, gelijk hij 
zelf verklaart,' niet in de mogelijkheid, vele veranderingen 
te maken , omdat de Engelsche vloot reeds te nabij gekomen 
was. Hij mogt nu sein op sein doen, om tegen te brassen 
en ineen te sluiten , bet was te laat om alles te herstellen 
en de linie zoo te verbeteren , dat er voor de ervaren Brit- 
ten geene gelegenheid overbleef, om op twee plaatsen door 
te breken. Dat het tot van den dag daarmede grootendeels 
beslist werd, heeft het verhaal van het gebeurde duidelijk 
aangewezen. 

Wanneer men deze bedenkingen en beschuldigingen tegen 
de handelwijs van den Vice-Admiraal de winter voor den 
zeeslag als gegrond aanneemt, dan zeker moet men erken- 
nen dat, hoe loffelijk zijn gedrag in den strijd ware, hij niet 
kan gezegd worden gedurende de d^en, welke den strijd 
vooraf gingen, die voorzigtigheid , dat beleid en die kunde 
te hebben aan den dag gelegd, welke in eenen Opperbevel- 
hebber gevorderd worden; zoodat hiermede bet oordeel van 
onpartijdige tijdgenooten en ook van later levende deskun- 
digen zou worden bevestigd, dat de wintee bij deze gele- 
genheid getoond heeft, wel een onverschrokken en heldhaftig 
krijgsman te zijn, doch geenszins een ervaren zeevoogd. En 
geen wonder. Van waar toch zou hij de noodige kunde ver- 



V Google 



NBDEBTiAKDSCHE ZEBWEZEN. SS9 

kre^ 60 te wetkeo tijde de vereischte ondervinding opge- 
daan hebben P hij , die slechts eenmaal eenen zeeslag ' had 
bijgewoood, die sedert den zeedienst vertiet, zich aan den 
oorlog te lande toewijdde en alleen ten gevolge der groote 
omwenteling tot Opperbevelhebber van 'sLands vloot verhe- 
ven werd. Opregte hulde bewijzende aan zijnen onwankel- 
baren raoed , aan zijne regtschapenheid , goede trouw en vele 
andere uitstekende hoedanigheden die hij , naar de getuigenis 
van tijdgenooteo, bezat, kunnen wij dus, wanneer die beden- 
kingen en beschuldigingen als gegrond worden aangenomen , 
geenszins in de winter den ervaren zeevoogd erkennen , en 
schijnt aan zijn gemis van kunde, beleid en voorzigtigheid 
vóór den zeeslag de nederlaag der Bataafsche vloot op den 
11 October gedeeltelijk toegeschreven te moeten worden. 

Was het pligt, deze bedenkingen en beschuldigingen te 
doen kennen, wij mogen noch willen terughouden de ver- 
dediging, door DB wiNTBB tegcD sommige dier bedenkingen 
en besobuldigingen in het midden gebragt. Tot regtvaardi- 
ging van ziJQ gedrag beroept hij zich op de stellige bevelen, 
waarbij de vloot in zee gezonden was en op den aard der voor- 
schriften, hem gegeven. Volgens die voorschriften vermogt hij 
geene vijandelijke magt, die gelijk , ja eenigzins sterker in getal 
dan de zijne was, ontwijken, moest hij Haar het gevecht 
aanbieden ea in geval van een' aan te ganen strijd , trachten , 
den vijand zoo nabij mogelijk de Bataafsche havens te lokken , 
ten einde bij eene al te groote overmagt den strijd te kunnen 
vermijden en in eene van 's IJands zeegaten de wijk te kunnen 
nemen. De overmagt der Britten was niet zoo groot, dat db 
WINTBB daarin vrijheid vond om het gevecht niet aan te bieden , 
en de standplaats die hij tot den strijd had gekozen, was, 
naar hij beweerde, juist van dien aard, als in zijne voor- 
schriften hem bevolen was. 

Db wintee verdedigde zich evenzeer tegen de beschuldi- 
ging , dat hij , bij het ontvangen van het berigt der nadering 

> All tmtnunt, bj) dni 1npit«iii bbi«E, op dsn Xr^fyriiu, k ien leeilig tid Dog- 
gmlMok, A». IT81. 



dby Google 



390 G£8CaiEDKNIS VAN BET 

vsQ de Britten, niet van d^n wind had beboorea te stureii, 
om land te halen , waardoor bij noodwendig aan lij van den 
vijand moest vervallen, maar dat bij bij den wind had moe- 
ten steken, om aldus den -loef te winnen. Hij verzet zïcb 
ten sterkste tegen die beschuldiging. Wanneer bij dit ge- 
daan bad, dan zou bij zich op groeten afstand in zee heb- 
ben moeten begeven , en de Engelscbe vloot aldus tusschen 
Texel en 'sLands zeemagt, of tusscheo de Hollandsche kust 
en 's lands vloot gekomen zijn , waardoor bij van alle havens 
bad kannen afgesneden worden , en hem de mogelijkheid van 
eenen terugtogt benomen zijn. Bovendien was 's Lands vloot 
samengesteld uit een aantal logge en slecht bezeilde schepen , 
die weinig geschikt waren , om cenen stouten en ervaren 
vijand te verschalken , terwijl het gemis van geoefendheid en 
zamenwerking bij de bevelhebbers het tevens onraadzaam 
maakte, den bekwamen en ondernemenden Britten de plaats 
van het gevecht te betwisten. Daarentegen leverde de stand 
onder den wind het voordeel op, dat men den vijand door 
het overhellen zijner schepen in het afkomen kon ontredde- 
ren,' zonder zelf veel schade te bekomen; dat men zelf 
met nut van de loefbatterijen kon gebruik maken en, 't geen 
bij de gesteldheid der Bataafsche vloot vooral van aanbelang 
was., dat deze geene andere bewegingen of manoeuvres be- 
hoefde te verrigten , dan zich in linie of slagorde te schare» 
en gesloten te blijven. 

De wintek beweert verder, dat bij de gelegenheid om de 
onder hem gestelde officieren te oefenen gedurende de weinige 
dagen, der er tusschen bet in zee raken der vloot en het 



■ Dit geschiedde echter wetmg of niet, elthtn* in de lehterhoede. Hen duidde het 
den CommiDdwitea tïd den Jupitsr ea SaarJem, tuuclen welke (chepen de Vice- 
Admirad □nsi.ow doorbrak, icer Imalijk, dat deic ie linie dooraoeed téór dit éia 
enkel achot uit bnone whepen Redean wu. Sominige officieieo bewceriisn intnuchea 
Toor des lee-krflgtrud, dat m wimtee het win tot Toren te laat gaf, «aartegen de 
Vice-Adjniiul zich in igne Sententie Tstdedigt, en dat dunan dit indonin* onbe- 
gr^pelyk Tcnoim der beide CommandaatBu moeat taegeiebreTen worden. Dat onslow 
doorbrak y66i de twee genoemde icbepen tnor gSTsn, is ww oDbatwiathan daadMak, 
die door ondenebeiden ooggetuigen bereatigd wordt. 



1, Google 



HEDERT.ANDSCHE ZEEWEZÏN. 391 

gevecht verliepeo, geenszins verzuimd heeft, en de late en 
gebrekkige vorming der Unie schrijft hij voornamelijk toe 
aan het niet naleven zijner bevelen, bepaaldelijk aan de 
handelwijs van den Schout-bij -nacht blots. "Daar is alle 
redenen te gelooven," dus besluit hij* zijne verdediging 
omtrent hetgeen vóór, in en na den zeeslag gebeurde, "dat 
wanneer de bevelhebber van 's Lands vloot naauwkeung in 
zijne orders en meening was gehoorzaamd en opgevolgd ge- 
worden, door wel op de distantien tusschen de schepen, in 
linie liggende, te letten, digt ineen te sluiten en den vijand 
allen cordaat en wel te ontvangen, het geschut juist te poinc- 
teren , op 't gunstigst oogenblik los te branden , en daardoor 
den vijand te dwingen te locfwaard der Bataafsche schepen 
te moeten blijven; of, zoe er al één of twee hier en daar 
door de linie waren gebroken , zich zulks niet te bekreunen, 
maar weder op te stuiten en dus doende, die schepen , welke 
doorgedrongen waren , af te snijden , maar niet met die vijan- 
delijke schepen mede af te houden tegen de gemanifesteerde 
meening van den Opperbevelhebber , veelmin en vooral niet , 
af te honden , weg te loepen of langzaam het gevecht te ont- 
wijken en anderen in den steek te laten, maar, ingevolge 
de door den bevelhebber van 's Lands vloot zoo menigmaal 
herhaalde schriftelijk? en mondelinge ordres, elkander oor- 
deelkundig, gezwind en met trouw bij te staan, onderlinge 
hulp toe te brengen , om de onverwachte rampen of onge- 
vallen zooveel mogeUjk daardoor te herstellen en zich, door 
bedaardelijk aanhouden, de zege niet te doen ontmkken 
— dan zou het er zeker geheel anders uitgezien hebben 
voor de Nederlanders; gewisselijk was aldan deze zeeslag 
waardig geweest door eenen historieschrijver, zoo vermaard 

■ In d« Aammerleiiigeit vm «n xm-ogtcier , op hft veriaal d» eorrtei^M^iMi mit 
'* Ltmdr viool, tóSr,*»»!» na de» zteilag oon d«n \\ Oct. 1T97 . la mnden in 
de getMadeiüt fKM den jongil geêindigde'n oorlog, door c. vih deb ai, Amgtct- 
dam bfj «. HOCiTEOP ISOS, Bo. De ama vid den schr^rar wordt niet ReDDemd, doch 
in de Mdeiiering;«n die in dst werkje vaorkameD, èu ds toon die durin beencbt, heb- 
bon my oTertnigd, dat niemind anden dnn dje wintee de >chtgfer er lan k*a xi)n, 
dat het ■kfaans onder zijn oog en met ifjiie goedkeaiiiig is nitgsgeven. 



V Google 



GESCHIEDENIS VAN BET 



als BRANDT, Op het papier gebragt te worden eo tot een 
bewijs te strekken, dat in het Bataafsche Gemeenebest zich 
nog zeeofficiereQ bevinden, welke hua Vaderland en de eet 
der brave en verongelijkte Natie hoog achten en wreken 
wilden ; pogingen doende om van verre de voetsporen te vol- 
gen van den onsterfetijken de bdijter, dieèn gunstiger èn 
voortreffelijker dagen mogt beleven." ' 

De waardering van deze verdediging des Vice-Admiraals 
laten wij, even als de beslissing wegens het al dan niet ge- 
gronde der tegen hem geopperde bedenkingen en beschul- 
digingen, aan bet oordeel van meer kundigeo over. Ons is 
het genoeg, die met onpartijdigheid te hebben medegedeeld. 

Wij gaan thans over tot hetgeen met den Schout- bij-nacht 
BLOYS VAN TRESI.ONG vooiviel , ua ziju binnenvallen met den 
Brutus en bij den hoogen zee- krijgsraad. 

Aanvankelijk deelde bloïs in den lof, met ruime mate 
toegezwaaid aan al de ofKcieren en manschappen , die den 
zeeslag van den 11 October hadden bijgewoond. Zelfs een 
der welsprekendste redenaren bragt , nog bijkans eene maand 
na den strijd, ' openlijk in de vergadering der volksver- 
tegenwoordigers eene zeer vereerende hulde toe aan de dap- 
perheid en koelbloedigheid van den Schout-bij-nacht en der 
equipagie van den Brutua. Dan, spoedig veranderde die 
gunstige denkwijs, In een omstandig verhaal nopens het ge- 
beurde in den zeeslag, geschreven door een* der officieren, 
die bij het gevecht waren tegenwoordig geweest, doch na 
in Engeland krijgsgevangen en door een der voornaamste 
Nederlandsche dagbladen ' medegedeeld , werd de Schout- 



' Ue puntcD TSD verdediging, door dc «rnrriR RiDg«>o«rd, ijjii ti vïadeB ÏD i^ns 
Benttnüt bl. 18 en volg. , mnr breedvoerig in ipc Aauntr]n»ge<» op Kei gnegi na* 
Il Oot. ITST, lebter hst door bem verluide Kerk vin clerk, en in de xoo even un- 
geiiulde Janmtrkuigem van tsn itt-offlcier. 

- EiNTïbiAB, in de xitting van dea 9 Nov. 1797; lie bet Dageerhaal na dien 
dig. Hy noemdn h^ dmt dapperen blots , den leaardigan officier. 

» Dit Relut of Vcrbiïl zag bet licbt in de Saarlevuc^e Courant van den St Nor. 
1T97, dos twaalf dagea na de door eahtklaax gebonden lofrede. Het «u nit Londea 
den 8 Kot. gedagteekend. 



V Google 



NEDKRLAND8CUB ZEEWEZEN. 393 

bij-nacbt blots beschaldigd, de bevelen van den Vice- Ad- 
miraal DE WINTER, die later verklaarde de schrijver vao het 
verhaal te zijn,' in het vormen der linie niet opgevolgd, 
daardoor verwarring veroorzaakt, geenen behoorlijkeii bijstand 
attn den Opperbevelhebber der Bataafsche vloot verleend en 
heoa in den nood verlaten te hebben. De bijzondere brieven 
der zich in Groot-Brittanje bevindende zeeofficieren en hunne 
ocfatervolgens inkomende ambtelijke berigten behelsden der- 
gelijke en nog andere beBchuIdigingen. Nu ging een kreet van 
verontwaardiging tegen den Scbout-bij-nacht uit alle oorden 
des Vaderlands op. Men verweet hem verregaand pligtvernuim 
en merkte bem aan, ja verklaarde hem, ook zonder eeoig 
onderzoek, voor de eerste en voornaamste oorzaak van het 
verlies van den anderzins in vele opzigten roemrijken strijd. 

Het was voor den aan zijne zware wonden nog steeds 
lijdenden blots eene moeijelijke taak, zijn gehouden gedrag 
bij zulk .eene stemming der gemoederen te kunnen regt- 
vaardigen, ja hij moest bijkans wanhopen daarin te ziiUeD 
slagen. Niet minder moeijelijk was het voor deo hoogen 
zee-krijgsraad , zich niet door het heerschende gevoelen te 
laten wegsiepen, en bij de beoordeeling der handelwijs van 
den Schout-bij-nacht die onzijdigheid in acht te nemen , 
welke van regters gevorderd wordt. 

Naar aanleiding van hetgeen in het verhaal van den 
krijgsgevangen officier vermeld, en nader bij het regterlijk 
onderzoek bekend werd, bestonden er twee hoofdbeschuldi- 
gingen tegen den Schout-bij-nacht bloys van tresi.ong. De 
eerste bestond hierin: Dat hij, niet voldoende aan de vroeger 
gegeven bevelen van den Vice-Admiraal de winter, en niet 
gehoorzamende aan de door dien Opperbevelhebber gedane 
seineo , zich geenszins met zijn schip BnUua in de linie ge- 
plaatst had op den post die voor hem bestemd was, maar 

1 Bfj unkondiging in de Saatlntêciis Cimraat tu T Dec. 179T, in ■ntwoord op 
bot Kapport *ui den ScboDl-b^-nuht blots ssd bel Committa tsd marine en op eene 
Ugnipmk ven bet vermelde Btlaia , welke dew oDeier in de SaarhmwIU ComramUa 
na Si en SS Nof. bed doen plaitno. 



V Google 



394 GESCHIEDENIS TAN HET 

op eeneo aadereti, waardoor aanleiding tot verwarring was 
gegeven; 't geen veroorzaakt bad, dat de achterhoede, ver- 
zwakt was, de vijand gelegenheid gevonden had, aldaar 
te breken en aldoa de nederlaag was voorbereid. 

Drie maanden vóór het uitzeïlen, op den 6 Julij, had de 
Vice- Admiraal de winter, met de vloot ter reede van Texel 
liggende en gereed om met haar zee te kiezen , een schrif- 
telijk bevel uitgevaardigd, waarbij bepaald werd de marsch- 
of zeilorde voor 'slands schepen, die plaats zou grijpen, 
zoodra de vloot in zee zou zijn gekomen , of wel zoodra er 
sein zou worden gedaan , dat zij , 't zij geheel , 't zij bij wijze 
van eskaders, hare ankers zon ligten en onder zeil gaan, en 
waarbij mede vastgesteld werd , hoedanig de linie van bataille 
uit die marsch- of zeilorde zou gevormd worden. Elf dagen 
later, op den 17 derzelfde maand, vaardigde de Vice-Admiraal 
een nader schriftelijk bevel uit, waarbij hij "uit hoofde de 
omstandigheden bet , naar zijn oordeel , noodig maakten , dat 
er èij het vUzélen van *a lands vloot , in de bij de looporder 
van den 6 Julij bepaalde linie van bataille eentge verandering 
behoorde te worden gemaakt," eenige nieuwe schikkingen 
voorschreef, voornamelijk daarin bestaande dat, terwijl de 
vloot , volgens het eerste bevel door een jonger officier zou ge- 
leid woi'den , dit volgens het laatste zou geschieden door den 
Jutter , gevoerd door den Vice-Admiraal retntjes , een oud 
en ervaren ofScier, en dat de aanvoerder der eskaders, aan 
wie bij het bevel van 6 Julij eene plaats in het midden van 
hun smaldeel was aaugewezen, volgens dat van den 17 zich 
aan het hoofd van hun eskader zouden béhooren te plaatsen. 

Bij bet vormen van de linie op den 11 October regelden 
zich al de bevelhebbers der liniescbepen naar bet schrifte- 
lijk bevel van den 6 Julij , uitgenomen de Scbout-bij-aacht 
STORT met zijn schip de Staten-Generaal , die, gelijk later 
beweerd werd , op mondeliogen last van den Opperbevel- 
hebber, naast de Vrijheid, in plaats van twee schepen meer 
in het centrum, post vatte; de Delft, kapitein vsanooREN, 
die op bevel van den Vice-Admiraal retntjes zich niet tus- 



V Google 



NSDEELAND8CHE ZSBWEZBN. 395 

Bcheo den Cerberas en den Jupiter , maar aao den staart der 
lioie plaatste, en eindelijk, de Schout* bij- nacht blots met 
ziJD schip den Brutvs. 

Deze laatste vlagofficier , wij volgen hier zijn verhaal , zoo als 
hij dit voor zijne regters deed en later door den druk bekend 
maakte, in het denkbeeld verkeerende , dat door bet bevelschrift, 
van den 17 Julij dat van den 6 vervallen en vervangen wss, 
meende, dat de vloot, toen het sein tot het vormen der 
linie van bataille gedaan was, zich behoorde te rangschik- 
ken naar de orde bij het bevel van den 17 voorgeschreven, 
waarin hij , niets van den mondelingen laet aan story wetende, 
versterkt werd, toen hij dien Schout-bij -nacht met de Staten- 
Generaal zag post vatten achter de Vrijheid, welke juist de 
plaats was, die aan dat schip bij het genoemde bevelschrift 
was aangewezen, en toen eenige andere schepen, met name 
de Wassenaar, Batamer , Ledden en Mars, in wier nabij- 
heid hij zich bevond, zich mede, naar het hem voorkwam, 
volgens dat bevel rangschikten, doch voor wie in beide be- 
velschriften dezelfde plaatsen bestemd waren. Op deze gron- 
den maakte blots, nadat het sein van het Admiraalschip 
gedaan was, ' om zich over stuurboord met bakboordshalzen 
toe in linie te scharen, een' aanvang, om zich te rangschik- 
ken achter den Mars, zijnde de plaats, die voor hem bij 
het bevelschrift van den 17 JuÜj bestemd was, toen van 
zijn schip een tweede sein, ' insgelijks van de Vrijheid ge- 
daan, gezien werd, hierin bestaande, om de linie van bataille 
daar te stellen op de bakboords- bij de wind linie achter 
den anderen, "zonder de bevorem bepaalde schikkingen of 
roMgscUkHngen in acht te nemen." Bloïs, het er voor houdende, 
dat de Opperbevelhebber dit tweede sein deed om, bij de 
nadering des vijands, zoo spoedig mogelijk een einde aan 
de in de vloot heerschende wanorde te maken, daar som- 
mige schepen zich naar het bevel van den Ö, andere van 



1 Art. flSG. 
'Art. o». 



V Google 



396 OESCBIXDENIS VAN HKT 

den 17 Julij regeldeo, en zijn genoegen daarover aan 
eenige zijner officieren te kennen gevende, meende, dat bij 
door het laatste sein de vrijheid verwierf, met zijn schip te 
gaan liggen waar het hem goed dacht. Daar hij nu opmerkte, 
dat er onder de zes voorste schepen der linie zich reeda 
twee vtaggeschepen , die van den Vice-Admiraal de winter 
en van den Scbout-bij-nacht btort , ' en onder de negen 
achterste slechts één, dat van den Vice-Admiraal betntjks, 
bevond , en het dus niet raadzaam was , dat hij , als derde 
vlagofficier , in de voorhoede post vatte , besloot hij , zich 
met den Srulus in het midden van het centrum te plaat- 
sen , en wel tusschen den Batavier en de Ledden , zijnde de 
plaats, die door de kapiteins dezer beide bodems voor het 
schip van den Schout-bij -nacht stort, volgens de loopordei; 
van den 6 Julij, was opengelaten. Hij ging, naar hetgeen 
bij verklaarde, daartoe te eerder over, omdat hij zag, dat 
dit gedeelte der vloot, waar een vijftiger en het geraseerde 
fregat Mar» van 44 stukken kort bij elkander lagen, zeer 
zwak was en het meest versterking behoefde. 

Dit post vatten van den Brulm in het centrum in plaats 
van in de voorhoede, werwaarta hij volgens de bepalingen 
van het bevelschrift van den 6 Julij zich had behooren te 
begeven, en waar henen zich ook achtervotgens begaven de 
vier overige schepen der divisie , over welke het gebied hem was 
toevertrouwd, werd aan den Schout-bij -nacht bi,ot8 zeer ten 
kwade geduid. Men beschuldigde hem, dat hij de door het 
Opperhoofd der vloot vóór het uitzeilen en bij het scharen 
in linie gegeven bevelen niet gehoorzaamd had. Men ont- 
kende , dat het tweede sein , van de Vrijheid gedaan , dat- 
geen zou geweest zijn , ' waarvoor bloyb het gehouden en 
waarnaar bij gehandeld bad, en beweerde, dat dit tweede 
sein betzelfde als bet eerste en niets anders dan eene her- 
haling daarvan geweest was. ' Men verweet hem , dat hij , 

1 Nimalyk *rt. 6S6, om de linii iux t« itcllcn loadct ïniolihiciniiig du bBTORM 
bepulde ruigscbikkiDg. 
i Ti weten art. UG. 



V Google 



NEDBKLAMDSCUB ZKKWEZBN. 397 

door in het centram te gpn liggen , aanleiding gegeven had , 
dat de Delft genoodzaakt was geworden , de voor dat schip 
bestemde plaats in de linie te verwisselen met eene audere 
en zich te vervoegen naar het einde der linie , 't geen het 
gevolg had, dat twee vijftigers aldaar naast elkander lagen , 
tot geene geringe verzwakking der Bataafsche magt op dat 
punt. Men schreef, eindelijk, aan dat gaan liggen in hef 
centrum toe, dat de schepen Jwpiter en Haarlem, op hel 
oogeoblik van den aanval des vijands, niet voldoende opge- 
sloten waren; dat er eeae opening was tusschen de Staten- 
Generaal en den Wassenaar, en dat daardoor èn de VicC' 
Admiraal onslow , èn de Admiraal dunc&n gelegenheid hadden 
gevonden , in de achter- en v-r' 'hoede door te breken. In 
één woord: de verwarring, die er in de rangschikking der 
linie plaats had gegrepen, werd geheel op rekening van den 
Schout-bij- nacht bloïs gesteld, en hij dien ten gevolge be- 
schuldigd, de eerste en voornaamste oorzaak te zijn geweest 
der nederlaag welke 's lands vloot trof. 

Wanneer wij ons wilden verdiepen in een volledig onder- 
zoek van het moeijelijke vraagstuk over de zoo zeer bespro- 
kene handelwijs van den Schout-bij-nacht bij deze gelegen- 
heid, aan wier geheeie oplossing wij ook dan nog zouden 
meenen te moeten wanhopen, zou er meerdere ruimte ver- 
eischt worden, dan men aan dergelijke zaken in eene alge- 
meeue geschiedenis van het Nederlandsche zeewezen kan 
geven. Onder verwijzing dus naar de geschriften , ' waarin 



I Ik Icdoel d« ^«drukte StntmUU mm si wintrb ; Voorlaopig herieM va» den 
Semtif 8c)u»U-b^-nac\t i. a. blots tan truloho ook d* Sataafscke Natie, tot 
^Mierlegffiag dtr beiehuldigingeit , iigtn hem ingtbragt bij dtf SMtentit con den 
üoegtn zie-iri}giraad sni. Iiejdeii 1799; md wel gesteld itnk ni dit, bos men ore- 
rigMl) ook DTST SL0I8 moge oordcelen , leer verdient gBlngn en ovenrogen l« wordsDi 
de T««d* MUigduildB Aanmerkingen tan een lee-offieief op het verhaal dfr verrich- 
tingen met 't Land* eloot, vóór, in e» na den zeetlag van 11 Oct. 1797, t* vinden 
in de ffetchiedenie van den jongat geêindigden Oorlog, door o. tan vkb ia, tt 
vergdykea met gtnoamd werk Tin tan dIb aa, D. V. (bidelgk, bet neermalen ver- 
ueM Verkaal van het gevecht fnaehen de Bata^eeSe en EngeUehe vtooten, door 
VE wuiTiJt, acbtci ij)na Terfailug tui hat wgrk Ttu cuai. 



V Google 



398 Q£SCUI£D£NIS VAN HET 

dat vraagstuk breedvoerig behandeld wordt, zullen wij ons, 
ter toelichting van de eerste hoofdbeschuldiging, tot eenige 
weinige opmerkingen bepalen. 

1". Wat betreft de beschuldiging, dat de Schoat-bij-nacht 
niet gehoorzaamd zou hebben aan de bevelen , die door den 
Opperbevelhebber vóór bet uitzeilen en bij het scharen' in 
linie gegeven waren ; hieromtrent voert blots ter zijner ver- 
dediging aan, dat, zoo zolks al het geval mogt geweest 
zijn, 't geen hij echter ontkent, dit grootendeels moet toe- 
geschreven worden aan bet bestaan van de twee vermelde 
marsch- of zeilordea, die in sommige zinsneden bijkans ge- 
lijk luidende en in andere opzigten tegenstrijdig waren, 
waardoor zij ligtelijk tot misverstand aanleiding konden geven ; 
dat daarbij niet duidelijk bepaald was, wanneer de eene of andere 
verviel, en waarin bovendien, wat de laatste betreft, voorschrif- 
ten voorkwamen, die hij, als oud zeeofficier, niet kon voor- 
onderstellen , dat uitsluitend voor bet bedoelde geval gegeven 
waren, dewijl zij alsdan onuitvoertijk, * ja ongerijmd waren. 
Doch , hoe men over den zin dezer marschorden mogt den- 



' Dk itihtb» beweatd» en i» meardtihod hd dan kiijgCTud begTMp bet ook, dat 
it mtnab- of leilorde nn dan 17 Joly aUa» gegeven «m voor eeo bepuld genl, 
te welen, Toor bet uitxeUai der Tloot, lernyl de EogetaeheD oog het zeegat nn Teiel 
beieltedeo. B1.0TS, eo hiermede Tereenigden lieh drie leden van den krQgiraad (geljjk 
blylit nit hnnne m. a. advyzen) , beweerde daarentegen, dit xSj ook Uter, cd wel by 
de ontmoeting van den vgand na bet nitieilea te pai Itwam, en dat door hiar dia van 
den e Jnly vervallen wB>. Hj) grondde voominiFl^k dit i\ia gevoelen og de nitdrak- 
kingen, voorkomende ïn de maricfaorde isn den 6: Dat de vloot de toen bepiildomaneh- 
orde zou in aeht nemen , loodra er tan zon gedun worden , "om anJteri te ligtn en 
ondtr teil te gaa»," die nagenoeg gelylc waren met degene, voorkamende in de marsoh- 
orde van den 17, wiarin gezegd werd: dat er "iy hat «ifinln cao 't Landa vUot," 
eenige verandering in de bepaalde tinie van bataille behoorde gemaakt te worden; aoo- 
dat de bewering van de wihtkb, alt of de maneborde van den IT aUeen beilsmd vaa 
voor bet bepaalde gei&l van het uitceile» der vloot, naar ijjne meeniog, onaanneme- 
mk WB>. Verder beweerde hij, en drie leden van den kr|jg>nad beaamden dit inige- 
llike, dat het nitzeilen nit Teiel in linie iin bataille, met fregatten en kleinere vaar- 
tnigen te loefwaart, geljjk in de marechorda van den 17 ward vooTgesehreven , vooral 
in tegenwoordigfaeid dea v^anda, ounitToetlük wa*, en dat derhalve wanneer men aan- 
nam, dat dia roarsehorde tdf^en en tiithiUeiid voor het uitxaiU» der vloot nit Teiel 
behoorde in acht genomen te zyn, men aan den opperbevelfaabber eena oi 
•n onkunde zon loetebr^ven , die men niet kon of mogt vooronderitellen. 



V Google 



MEDERLA.NDSCH£ ZEEWEZEN. 399 

ken, BiATs beweerde, ea drie zijoer regters deelden in dit 
gevoeleo , dat de Vice-Admiraal db winter een' misslag be- 
ging met twee zoodanige marsch- of zeilorden uit te vaar- 
digen en vooral met ze, na in zee te zijn gekomen, beiden 
te hebben laten bestaan, zonder den inhoud daarvan te ver- 
duidelijken eu onwedersprekelijk aan te wijzen, wanneer en 
in welk geval een van beiden verviel. Is bi^ts ter goeder trouwe 
te werk gegaan, dan kan zijne handelwijs aan misverstand 
toegescbreveo worden , en verontschuldiging vinden in het 
beataaa dier beide marschorden , en iu hare onduidelijk- 
heid en tegenstrijdigheid. Heeft hij daarentegen zich met 
opzet gehouden aan de marschorde van den 17 Julij, ten 
einde verwarring te stichten , dan is zulks hoogelijk af te 
keuren; maar dan heeft de winter, het aan zich zelven te 
wijten , dat hij door het uitvaardigen en vooral door het laten 
bestaan van twee zoodanige marschorden hem daartoe de ge- 
legenheid gegeven, althans daarin een niet verwerpelijk mid- 
del tot regtvaardiging van zijn gedrag verschaft heeft. Maar 
Btxiïs houdt staande en verklaart bij al wat heilig is, dat 
dat hij ter goeder trouwe is te werk gegaan en zich naar 
de zeilorde van den 17 Julij heeft geregeld, zoowel omdat 
hij de innige overtuiging had , dat dit de bedoeling van den 
Opperbevelhebber was, als onder anderen ook, omdat hij, 
niets wetende van den moudelingen last des Vice-Admiraals 
D£ WI.NTSE aan den Schout-bij-nacht stort, om zich met zijn 
schip te rangschikken echter d^ Vrijheid, de Staten-Generaal 
zag post vatten daar, waar de zeilorde van den 17 Julij 
dit had voorgeschreven. 

Wij zouden kunnen onderzoeken, of de Vice-Admiraal de 
winter, toen hij het bevel tot het scharen in Hnie gaf, wel 
het juiste sein gedaan hebbe, waaraan door sommigen ge- 
twijfeld wordt, en of hij in de orde, waarin 's Lands vloot 
toen zeilde , geen ander sein ' had behooren te doen , waar- 



> Db wnrrn deed bet um No. BSE, 'twsTk ipnekt vbd: de vloot t» dt JTomocii- 
«rda of ongtrangeerd lijnda; maar de Tloat tsilde cii«t ü koDvooi, mur in marseh* 
orde, in drie kalomneo, loodat d« Vice-AdnirMl niet N*. C&6, mui SBI ot 862 had 



Digi-izcclIjyGOO^Ie 



400 GESCUIEDENIS VAM H£T 

door alle verwarring zou zijn vooigekomea ; eene omstandig- 
heid, die het gedrag van den Schout-bij -nacht zou kunnen 
verontschuldigen. Daai" bloïs echter zich noch voor den 
hoogen zee-krijgsraad , noch in zijne geschriften, hierop immer 
beroepen heeft, gaan wij dit met stilzwijgen voorbij, alhoe- 
wel misschien het onjuiste sein van den Opperbevelhebber 
kan hebben medegewerkt tot de verwarring, die bij het vor- 
men der linie in de Bataafsche vloot ontstond. Wij zullen 
liever hier nog bijvoegen, wat de Schout-bij -nacht verder tot 
verdediging van zijn gedrag aanvoert. Hij beweert namelijk, 
dat, indien de Opperbevelhebber, die zelf voor den hoogea 
zee-krijgsraad verklaard had , vóór den aanval gezien te hebben, 

. dat BLOTs met zijn schip Bruius zich niet in de voorhoede, 
maar in het centrum bevond , zoo veel gewigt aan zijne ver- 
keerde plaatsing hechtte, dat hij daaraan later grootendeela 
het verlies van den strijd meende te moeten toeschrijven, 
deze alsdan ruime gelegenheid had gehad, om hem, even 
als hij zulks gedaan had met het schip de Tjerk Hiddei de 
Vries, door een der ligte vaartuigen of met den spreekwim- 
pel te gelasten, het centrum te verlaten en zich naar den 
hem bestemden post in de voorhoede te zeilen. Ëen' gerui- 
men tijd toch vóór den aanvang van het gevecht bevond bloïs 

, zich, naar hij beweert, reeds op de door hem ingenomen 
plaats van bet centrum, en niets werd door den Opperbe- 
velhebber gedaan, waaruit hij kon opmaken, dat deze zijn 
postvatten aldaar niet billijkte; wat meer is, het sein werd 
door den Vice-Admiraal voor de achterhoede en het centrum, 
waarbij de Brutua zich thans bevond , gedaan , om meer op 
te sluiten, waarin btx)ï8 meende, eene goedkeuring zijner 
handelwijs te zien. 

bchoorcn ta Kinsn. Dit wu onder kaderen het gsmelen nn deo onlugi in B7 jarigan 
ouderdom orcrlBdcn kipiteiD a. kckisiihout, kh Ati leden ntt den hoogen lee-krljgi- 
tud, terwijl een ODtel kundigate lee-oBIcierFn , <ralke vui die deakwjj* vm eculiBuoui 
nieti iriJt, mtj ook dat geroelen niededeelde. Bg&ldien nx wihteb een dezei beide idnai 
g«dun bid, üon, uur liet geroelen dier beide officiersn, alie tn^jfel liJn weggenomen, 
ook BLO» een atellig bevel antvuigea,eD de tcgeuetrydige bepilingea »a O en 17 JnlQ 
opgebonden hebben. 



1, Google 



NEDEttLANbSCHB ZEBWÈZÏli. 4Ö1 

MeQ kaa niet oatkeoDeu, dat bet door blois omtrent het 
eerste punt zijner beschuldiging tot zijne verdediging aan- 
gevoerde, 't geen niet, althans uiet voldoende, wederlegd is, 
van veel belang is tot verklaring en zuivering vau zijn ge- 
drag; doch het blijft, van den anderen kant, nog steeds 
een raadsel, 't welk geenszins door heoi opgelost is, waarom 
hij niet is gevolgd de scbepea, waarover hem het gebied 
was opgedragen , of liever , waarom bij , ziende dat zij vooruit 
zeilden en dus naar zijne begrippen kwalijk handelden , hen 
niet, als bevelhebber dier divisie, teruggeroepen en bij zich 
gehouden heeft. Hij moge ter goeder trouw zich naar de 
marschorde van 17 Julij geregeld, en volgens het tweede 
sein zich in het centrum geplaatst hebbeu , het onverhinderd 
doen wegzeilen der hem toevertrouwde divisie, waardoor de 
voorhoede gedurende den strijd zonder aanvoerder was ,' en 
het alleen postvatten in den middeltogt zonder een eenig 
zijner schepen, blijft een bezwaar, dat door zijne verdedi- 
ging niet uit den weg geruimd en, naar ons inzien, hem 
te regt ten kwade geduid is. 

2". Eene tweede opmerking betreft de beschuldiging die 
tegen den Schout-bij-nacht blots ingebragt werd : Dat het 
sein' waarnaar hij meende de vrijheid te hebben, in de 
linie post te vatten waar hij zulks verkoos en ten gevolge 
van hetwelk hij zich in het centrunf plaatste, niet van het 
Admiraalschip gedaan , maar slechts de herhaling van het 
vorige sein' geweest zou zijn, zoodat bij, met te handelen 
naar een sein, 't welk niet was gegeven, grootelijks mis- 
daan had. 

De Vice-Admiraal de winter en de Secretaris van 's Lands 
vloot DU CLonx verklaarden, tot staving van dit gevoelen, 
dat bet bedoelde sein niet van het schip de Vrijheid gedaan 
was; al de bevelhebbers der linieschepen , uitgenomen bi,oï8, 
betuigden het niet gezien, de meeste de herhaUng van het 



V Google 



403 GÉSCHIBDENIS VAN HlSt 

vorige sein ' opgemerkt te hebbea. Daarentegen verklaarde 
de kapitetD-iuiteoaDt lancesteb, bevelhebber van het fregat 
Monnikendam, voor den hoogen zee-krijgsraad , dat het be- 
wuste sein ' gegeven was. De Schout- bij -nacht van zijne 
zijde, betuigde voor zijne regters en bevestigde het nader in 
het door hem uitgegeven verdedigingaschrift , ■ dat het be- 
doelde sein door hem, door zijnen schrijver, die voorname- 
lijk belast was met het gadeslaan der seinen, door zijnen 
opperstuurman ea door één zijner luitenants * duidelijk en 
met eigeo oogen gezien was, en dat hij bovendien aan de 
twee eerstgenoemden , aan eenen anderen luitenant en aan 
eenen kadet , ' nadat dit sein gedaan was , zijn genoegen 
daarover had te kennen gegeven, met bijvoeging dat de 
Admiraal zeker dat sein had gedaan, dewijl hij bemerkte, 
dat de vloot in wanorde was en om des te gemakkelijker 
de linie te doen vormen. ' Hij beriep zich , eindelijk, ook op 
de getuigenis van den tweeden , stuurman van zijn repeteer- 
fregat de Embuacade, dat achter den Brutus had gelegen, 
als die dit sein mede zou gezien hebben. Deze zes getuigen, 
voor den hoogen zee-krijgsraad gehoord, bevestigden niet 
alleen die verklaring op den eed reeds aan den lande ge- 
daan, of met aanbieding van eed, maar vier hunner daar- 
enboven deelden de onderscheidene kenteekenen van het 
eerste en van het tweede ■ sein omstandig mede , opgevende 



1 65G. 

ï GïS. Seie getaigenis komt Tuor ïn ijjae ScDtentie, te rindeu in het SeDlentieboeb 
taa den hoogen ue-ïrijg>rMd. 
' Voorloopig bvriekt, enz. eit. 

* LniteDUit u. billk. 

> I)e luitentnt xelub «n it kndet PiVLUS vkeedi. 

• Vjjf en dertigite antwoord ran het eente Verhoor ï«n den Schont.bjJ.nacht blots, 
beruitende onder de oor9ptODltel||ke papieren, hetrekketijk zjjn rcgtegcding , ter gtiOie 
van het hoog milibur geregtBhof. 

7 Nunelijk van aein GEB en 635. Dcie fier «aren, de tcbr^jver kkaiestbin, de 
oppentannMD PLVsa en de Initeniirt billk, van den BrutiM, en J. B. etbu, tneede 
atonrmBD lan de Embuicad^. J)b kapiteia-Juitcnaat huts, «an genoemd fregot, ver- 
klaarde, "dat art. flSb door de ttnnrlieden der Embtucadt wel genotterd iris, inion- 
dcrheid door den tweeden >lnümiaB werd itaande gehonden, dat bfj dit aein lelr go- 



1, Google 



N£D£KLAKD8ÜU£ Z££W£Z£N. 40^ 

de kleurea der vlaggen, met dea wimpel tusschenbeiden , 
beaevens de tabel, waaruit de beide seinen waren zamenge- 
Bteld geweest. 

Het is zeker zonderÜDg, dat van den Brutus alleen, door 
den bevelhebber van de Monnikendam en door een enkel 
of ten hoogste twee of drie peronen van het fregat de £lm- 
èuscade, zou gezien zijn een zoo gewigtig sein, als het naar 
willekeur zich scharen in de linie, en wel omtrent tien mi- 
nuten na het vroegere sein, om de linie naar de voorge- 
schreven orde te vormen, gedaan was. Dan , is dit voldoende , 
om de verklaring van den Schout-bij-nacht bi^ïs van tres- 
long , een' man , die tot dus vetre algemeen geacht was en 
wiens karakter en gedrag vlekkeloos en lofwaardig waren, 
voor valsch en onwaarachtig te houden ? Is dit voldoende , 
003 de getuigenis van een' zeeofficier als lancester, die in 
geene betrekking tot bloys stond en ook geen bijzonder be- 
lang in de zaak had, en van zes andere onbesproken per- 
sonen , wel van minderen rang , doch die zeiden , met eigene 
oogen bet sein gezien te hebben, en dit met eede bevestig- 
den of den eed daarop aanboden , voor nietig te achten , 
dewijl anderen verklaarden het niet gezien te hebben ? Is 
dit voldoende, om het besluit van de meerderheid der reg- 
ters ' te wettigen , dat al hetgeen door den Schout-bij- nacht 
was bijgebragt tot staving, dat het bedoelde sein werkelijk 
gedaan was, "niet alleen onbewezen, maar in der daad met 
de waarheid strijdig wasP" Wij beslissen hier niets. Twee 
omstandigheden zijn er intusschen , die de mogelijkheid kun- 
nen doen vooronderstellen , dat het bewuste sein van de Vrij- 



ncn htA, maat dat noch hij, niHsti x|jne offleiann idII» itaoburTeerd hebbende, hiin 
twyfelacfatig ii vourgekomeD , of men de repelilie yid het aeÏD uit ait. 655 niet ver- 
keerdelijk had HDgezien voor art. G:fa." De oonpronltelijke verklaringen van de genoemde 
zet getnigen z^a voorliandeD ia !iet Archief van het hoog militair geregtabof. Volgent 
betgeen de Viec-Admtraal bels in i^n advyg in de mak van blots zegt, bad men de 
verklaringen det vier voomaamtCe getnigsD willen doen beeedigen . doeh de meerderheid 
v&D deo krUggraad bid dit niet kannen goedvindea. Uie meerdetheiil nu het, dis elots 

1 Vier tegen drie. 

26» 



1, Google 



404 GESCUllSDEHIS VAN HKT 

/teid geheschen en van den Brulits, de Monnikendam en de 
Smhtiscade gezien is, zonder dat de Vice-Admiraal de win- 
ter of de Secretaris van 's Landa vloot zulks geweten en 
de overige bevelhebbers het gezien hebben. 

Zoowel SLOYS zelf als zijne getuigen verklaarden eenparig , 
dat het bedoelde sein slechts kortstondig gewaaid had, eu 
een huaner voegde er bij , dat het niet geheel opgebeschen 
werd. Nu getuigde de Secretaris van 'a Lands vloot voor 
den hoogen zee-krijgsraad wel onder eede, dat al de door 
hem aangeteekende seinen , waaronder het bedoelde zich niet 
bevond, werkelijk op de Vrijheid gedaan waren, doch wei- 
gerde volstandig, toen dit'van hem gevorderd werd, de ver- 
klaring af te leggen , dat er geene aodere seinen van bet 
Admiraalschip op den 11 October zouden gedaan zijn^ er 
verder, toen in zijne verhooren bij hem aangedrongen werd 
om meerdere inlichtingen te geven, bijvoegende, dat de 
overleden vlagkapitein van eossdm aan den Opperbevelheb- 
ber voorgesteld bad , bet bewuste sein ' te doen , om de ver- 
warring te doen ophouden die bij het vormen der linie plaats 
greep , naardien sommige schepen , waaronder de BnUm , 
zich niet spoedig genoeg naar hunne posten vervoegden , 
doch dat de Vice-Admiraal de wintee dit niet goedgevon- 
den en gelast had, het eerste sein * te herhalen. Behoort 
het tot de onmogelijkheden, dat onder de omstandigheden, 
waarin de fiataafsche vloot op dat oogenblik verkeerde, te 
midden van de drukte, het rumoer, om niet te zeggen de 
verwarring , die van de toebereidselen tot eenen hevigen strijd 
bijkans onafscheidelijk zijn, de kapitein tan bossdm, het 
antwoord van den Opperbevelhebber niet wel verstaande of 
uit andere toevallige oorzaken , het bedoelde sein * tot zekere 
hoogte heeft doen ophijschen , doch dat hij , vernemende de 
1 esG. 

) OSG. D« Sehont-ly-Dkclit sLOn ipreekt, in i||n Voorloopt litrwht, bl. SB tu 
dcu bclingrtjïe titJionderliedeTi ilecliti b1i ran een vrQ &lg«[D«eii bekend gtrneht, doeh 
oit de pronutukken ia het my atellig gebleken , dat de McreUrii DV cloui het hier 
nwdi^edeeldc «Brkeljjlc Toor den hoogsn leekr^jgirud getnigd heeft. 

< 63K. 



V Google 



NKDERT.ANDaCBE ZEEWEZEN. 405 

afkeuring van den Vice^Admiraal de wintkr, onmiddellijk 
het bevel g^even heeft, bet weder neder te balen en door 
het eerst gegeven sein ' te doen vervangen P Wij beslissen 
hierin ook niets, en me kan hierin beslissen? Maar mogt 
de zaak zich aldus hebben toegedragen, dan verklaart het 
zich waarom het bewuste sein slechts kortstondig van den 
Sratus , de Monnikeadam en de Smbuscade gezien is; dan 
ia de reden duidelijk, waarom het niet geheel ,werd opge- 
heachen ; dan konden dk winter en zijn Secretaris te goeder 
trouw zeggen , dat het niet van de Vrijheid gewaaid had ; 
dan is het te bevatten, dat de overige bevelhebbers hebben 
kunnen getuigen , dat zij dat sein niet gezien hadden ; maar 
dan ook hebben de Schout-bij -nacht blotb, de kapitein- 
luiteDant lancestbr en de vermelde getuigen naar waarheid 
kunnen verklaren, dat zij dit sein met eigen oogen aan- 
schouwd hadden. 

3" Wanneer het bewuste sein werkelijk mogt gedaan zijn, 
dan vervalt het zwaarwigtige der verdere beschuldiging , tegen 
BI.OTS ingebragt, dat hij, door in het centrum te gaan lig- 
gen, aanleiding gegeven heeft, dat At Delft genoodzaakt was 
geworden, de voor dat schip bestemde plaats in de linie te 
verwisselen met eene andere en zich te vervoegen naar het 
einde der Unie , tot geene geringe verzwakking der vloot op 
dat punt; dat hij door diezelfde daad de oorzaak was ge- 
weest van de tusschenruimten , die hier en daar in de linie 
bestaan hadden en welke den vijand gelegenheid gaven om 
door te breken ; in één woord , dat hij ook daardoor voor 
de eerste en voornaamste oorzaak moest gehouden worden 
der nederlaag van 's Lands vloot. Is dat sein toch werkelijk 
gedaan , dan heeft, btk)ys de vrijheid gehad , post te vatten 
waar het hem goed dacht en waar hij het 't meest voordeelig 
keurde, en alsdan kan bet hem niet ten kwade geduid wor- 
den dat hij zich in het centrum plaatste daar , waar de Schout- 
bij-nacht stort had moeten liggen, en waar de linie zich 



V Google 



406 GESCHIEDENIS VAN HET 

het zwakste bevond. En kan dan billijkerwijs op zijne reke- 
ning gesteld worden, dat het schip Delft, 't welk nog niet 
van zijnen praaitogt teruggekeerd was, geenszins op de 
voor hetzelve bestemde plaats kon komen? Moet het hem 
dan geweten worden, dat er voor en achter hem tusschen- 
ruimten overbleven, waardoor de vijand doorbrak? Kan hij, 
om die reden, de eerste en voornaamste oorzaak der neder- 
laag genoemd worden? 

Doch laten wij aannemen , dat het bedoelde sein niet ge- 
daan was, en zien, in hoe verre, bij die vooronderstelling, 
de aangevoerde beschuldiging tegen bj.0Y3 gelden moet. 

Het postvatten in het centrum werd den Schout-bij-nacht , 
behalve omdat het eene willekeurige, met de bevelen van 
den Vice-Admiraal de winter strijdige daad was, vooral 
ook ten kwade geduid, dewijl door zijn indringen in den 
middeltogt het schip Delft zou genoodzaakt geweest zijn , 
de voor hetzelve bestemde plaats in de achterhoede te verlaten 
en aan het einde der linie zich te rangschikken achter de Alk- 
maar, waardoor twee vijftigers zich nevens elkander bevon- 
den . tot merkbaar nadeel voor 's Jjands vloot. 

Bloys ontkende zulks, bewerende voor zijne regters, dat, 
daar hij met den Brtttua slechts de voor het schip van den Schout- 
hij-nacht stort bestemde plaats had ingenomen , de Delft 
onmogelijk dien ten gevolge genoodzaakt was geworden , zich 
naar het einde der linie te begeven. Bovendien besloegen de 
drie op hem volgende schepen , naar hij beweerde , eene vol- 
ledige ruimte voor vijf schepen, zoodat de Delft zich gemak- 
kelijk achter die drie schepen , zijnde de post welke dat 
schip was aangewezen, had kunnen voegen, bijaldien de 
Jvpiter en de verdere schepen der achterhoede zoo veel aU 
noodig was hadden opgeschoven of ruimte gemaakt. De 
kapitein verdoorbn, bevelhebber van de Delft, erkende, 
bij zijne verhooren , geenszins de noodzakelijkheid van zijnen 
post te hebben moeten verlaten en zich naar het uiteinde 
der linie te begeven. Toen hem het bevel daartoe van wege 
den Vice-Admiraal beïntjes werd overgebragt, was hij van 



V Google 



NEDKRLANDSCHB ZEÏWEZEN. 407 

die noodzakelijkheid in geenen deele overtuigd en gehoor- 
zaamde met tegenzin , wegens de nadeelige gevolgen die hij 
daaruit voorzag, aan' dien last. Eindetijk verklaf^rde hij nog 
voor den krijgsraad , dat bij door het tegenbrassen van den 
Cerberus uit voorzigtigheid een streek had afgehouden , alzoo 
bij geen oorzaak van verwarring wilde zijn , doch dat de Detfi 
spoedig weder op zijne plaats zou gekomen zijn, omdat die 
bodem beter dan onderscheidene andere schepen in staat 
was ioef te houden, en waartoe tijds genoeg was, daar de 
vijand eerst een half uur later de Bataafsche vloot aantastte. ' 
De Schout-bij-nacht heurer, die tot bijstand van den Vice- 
Admiraa) retntjes, zich aan boord van den Jupiter bevond, 
getuigde, dat er mogetijk nog wel tijd zou geweest zijn, 
de Delft in de linie op de bestemde plaats post te doen vatten , 
doch dat de vrees, dat zulks niet spoedig genoeg zou ge- 
schieden , den Vice- Admiraal retntjes , die later was over- 
leden , bewogen had , de Delft naar het einde van de linie te 
zenden; een last, die door den krijgsraad, bij vonnis, aan 
beide Ylagofficieren ten kwade geduid werd. * Ten laatste , 
de bevelhebbers van twee der drie naast achter den Brti- 
tita liggende schepen. Ledden en Mars, ontkenden uitdruk- 
kelijk voor den hoogen zee-krijgsraad , dat het postvatten 
van den Schout-bij-nacht bldys in het centrum veroorzaakt 
zou hebben, dat er geen plaats voor de Delft was es dat 
dit schip daardoor zou verpligt zijn geworden, zich achter 
aan de linie op te sluiten. ' 

Wanneer men al deze getuigenissen van verschillende officie- 
ren , die geen belang hadden, iets ten voordeele van den Schout- 



1 Art. 10 CD 11 Tin het Vefhoor tid kspitcED terdookeh. Hst «Ifde Tindt men 
in igoe gedrukte S«ntftie 11. 3 en 4. 

9 Orifinele Sententie in de lUk vu den OTerleden Vice-Admirul keintjis en dm 
S«boat-bg -nacht meuheb. 

1 Oorsprookelilke Sententie vnn den- kapitein i, D. NUsquETiEB en den kapitcin-lai- 
tenant lOLir. De kipilcin-lnilenBut iicobbon, bcTclheblier ran den Cerleru», die 
schtel den Mart lig en s6&! de plaati vttiAx Delft had inoeten poit vatten, aprcckt 
niet HW nitdntkkelijk , maar hnn^i ook nicti ten bezvare van blois bf), icpgende 
alleen, dat itDilft i^ne pl»te niet aehlcr hem hid ktuincn innemen, "omdat de J«pt(«r, 
aehter den Certersi opiinitende, de pliati van de De\ft faad ingenomen." 



V Google 



408 0£SCHIE0£N18 TAN HET 

bij'Haclit BLOT8 bij te brengen, overweegt, en men ziet den 
boogen zee-krijgsraad zelvea bet gedrag van den Vice-Admi- 
raai rbtntjes en van den Schout- bij 'nacht heüess, ten 
aanzien van het wegzenden van de Delft, afkeuren , welk onpar- 
tijdige zal dan durven staande houden dat, al mogt blots 
misdaan hebben door in het centrum post te vatten, bij 
voor de oorzaak moet gehouden worden van het verlaten der 
linie door de Helft en van de nadeelige gevolgen , die daaruit 
TooF de Bataafsche vloot ontaproten? 

Even ongegrond ia, naar ons inzien, de beschuldiging, 
dat aan het postvatten van den Srutus in het centrum moet 
geweten worden, dat er tusschen den Jupiier en de Haarlem 
in de achterhoede, en tusschen de Slaien-Generaal en den 
Wmaenaar in het centrum, eene ruimte bleef, waarvan de 
vijand zich bediende om door te breken. 

Bijaldien de opening, waardoor de vijand tusschen den 
Jwpiter en de Haarlem doorbrak , toe te schrijven is aan de 
verwijdering van het schip Delft , dan kan zulks , na hetgeen 
gezegd is, niet aan bloïs geweten worden. Doch, volgens 
hetgeen de Schout-bij -nacht mburer , een der gezagvoerders 
van den Jupiler , en de kapitein-luitenant lancbstse, bevel- 
hebber van het fregat Monnikendam, dat aan lij tusschen 
den Jupiter en de Haarlem lag, ja zelfs de kapitein-luitenant 
WIQ6ERTS, die over de Haarlem gebood, getuigen, gaf de 
verwijdering van de Delft geenszins aanleiding tot de bestaande 
opening. Eenparig verklaarden zij , dat de oorzaak daarvan 
was de slechte bezeildheid en ongemanierdbeid van At Haar- 
lem, welk schip, na eerst den Jupiter bijkans aan boord te 
zijn gekomen en alles te hebben tegengebrast om zulks te 
beletten, vervolgens wel volgebrast en zeil gemaakt had om 
weder op te sluiten , doch dit niet zoo spoedig had kunnen 
volbrengen , om den Britschen Vice-Admiraal onslow te ver- 
hinderen, plotseling daar ter plaatse door de linie te breken. ' 



I OoriproiikalykB SontentieD ïid den Sehont-by-Mcht h 



1, Google 



KEDERI.AHDSCHE ZEZWEZEN. 409 

Een dergelijke reden bestond er voor bet doorbreken van 
de linie in het centrum , tusschen het schip van den Schout- 
bij-nacht 6T0RT en den kapitein bolland. De Staten'Gene- 
raal, het schip van den eerstgenoemde, vf as , door het breken 
van de groote marera der Vrijheid, op zijde van het Admi- 
raalschip geschoten, en daardoor genoodzaakt eenigzins af 
te houden. Van den anderen kant schoot de Wassenaar, 
een der slechtst bezeilde en ongemanierdste schepen van de 
vloot, niet genoeg op. Deze dubbele omstandigheid gaf aan- 
leiding, dat er op het oogenblik toen de vijand zeer nabij 
genaderd was, een vrij aanmerkelijke ruimte tusschen die 
twee bodems bestond , waarvan de Admiraal duncan gebruik 
maakte, om op dat punt door de fiataafsche linie te breken. 

Kan nu het toevallig afhouden van de Staten-Gmeraal , 
kunnen de onbezeildheid en ongemanierd beid van de Haarlem 
en van den Wassenaar op rekening van bloys gesteld wor- 
den? De beantwoording dier vraag laten wij aan een ieder 
die onbevoordeeld is over. Ware de vijand doorgebroken in 
de voorhoede, waar de Schout-bij-nacht bloys had behooren 
te zijn, met reden had men de gevolgen daarvan hem kun- 
nen toeschrijven ; doch zulks geschiedde niet. Hadden de 
Britten het ceiitrum doorsneden ter plaatse waar hij zich 
bevond, en had een of ander door hem aldaar begane mis- 
slag daartoe aanleiding gegeven , men zou hem daarvan kunnen 
beschuldigen. Maar de Brutns en de twee achter hem lig- 
gende schepen , Legden en Mars , bleven van al de Bataaf- 
sche bodems de laatste in linie. En zal men dan den Schout- 
bij-nacht BixiTS, omdat door omstandigheden, van hem 
onafhankelijk , de linie op twee plaatsen doorgebroken en de 
nederlaag der vloot aldus voorbereid werd , redelijkerwijs 
knnnen en moeten houden voor een der voornaamste oor- 
zaken van de treffend» ramp, welke 'sLands zeemagt op 
den 11 October trof? 

De tweede hoofdbeschuldiging, tegen den Schout-bij-nacht 
BL0T8 aangevoerd, was deze: Dat hij weinig deel aan het 
gevecht genomen had ; dat hij , noch aan den Vice-Admirasl 



V Google 



410 OESCHISDENIS VAN HET 

DE wiKTER, noch aaa andere Bataafsche bevelhebbers, toen 
deze door versehillepde vijandelijke schepen aangetast wer- 
den, bijstand verleende, en meer in het bijzonder, dat hij, 
of v^el na zijne verwonding zijn plaatsvervanger, de kapi- 
tein-luitenant F0LUER3, met zijn medeweten, weggezeild w^s, 
zonder pogingen aan te wenden om den Opperbevelhebber, 
toen deze in den uitersten nood verkeerde, te ontzetten. 

Het werd aan den Schout-bij -nacht bloïs betwist, dat 
de Srulus zulk een levendig deel aan den strijd genomen 
had , als hij en de kapitein-luitenant folders beweerden. ' 
Men beschuldigde hen , dat zij zeer weinig in het vuur ge- 
weest waren , geen aanboudenden strijd , gelijk zij voorgaven , 
met een eenig Engelsch schip geleverd, en slechts in het 
voorbij zeilen met sommige vijandelijke schepen enkele lagen 
gewisseld hadden. In het bijzonder werd het aan den Schout- 
bij-nacht ten kwade geduid, dat hij, vóór hij gekwetst werd, 
geene pogingen had aangewend , om aan de Vrijheid en 
andere Bataafsche schepen, die in een bevigen strijd tegen 
overmagtige vijanden gewikkeld waren, bijstand te bieden, 
waartoe de Brutits ten volle zou in staat geweest zijn en 
zoo als zijn pligt gebood. Den kapitein-luitenant verweet men , 
dat hij, toen hij met het gebied van den Brutus belast was, 
geene pogingen had in het werk gesteld, om de Gelijkheid 
te hulp te komen en den Tjerk Hiddeê de Vnes te her- 
nemen, noch iets had gedaan, om den Vice-Admiraal de 
WINTER , wien hij door een drom van vijanden omsingeld 
zag, te ontzetten. Deze handelwijs van bix)ts werd niet toe- 
geschreven aan gebrek aan moed of bekwaamheid, hiervan 
had hij vroeger te veel bewijzen gegeven, maar aan afgunst 
en naijver. De Schout-bij -nacht bloïs toch, dus sprak men, 
kon aan de winter niet vergeven, dat deze, vroeger slechts 
luitenant , thans met den rang van Vice-Admiraal hekleed 
was , en dat hij bovendien tot Opperbevelhebber van 's Lands 
vloot was verheven , wiens bevel hij , een ofiicier die den 

I Zie het verboBl dnamc b1. 346 en lóif,. 



V Google 



KEDÏRLANDSCBB ZEEWEZEN. 411 

Staat gedarende eene reeks van jaren gediend had , moest 
geboorzamen. Om die redenen verdachten velen den Schout- 
bij-nacht, met opzet de eer van 'sLands vlag aan eigene 
in2igteQ opgeofferd te hebben. Daarom beschuldigde men 
hem, willens en wetens, den Vice-Admiraal de winter aan 
zijn lot overgelaten en hem ter prooi des vijands overgege- 
ven te hebben. Het gedrag van por.DERS werd toegeschreven 
aan de ongeschiktheid , om het bevel in de toenmalige ge- 
wigtige omstandigheden over een groot schip te voeren en 
aan pligtverzuim. 

Tegen deze beschuldigingen staat het omstandig verhaal 
van den Schout-bij -nacht Br.0TS en van den kapitein-luitenant 
POLDERS over, gelijk zij dit aan het Conimitté van "marine 
na den zeeskg inleverden, 't welk wij ter zijner plaatse hoofd- 
zakelijk hebben medegedeeld, en dat nog onlangs, na ver- 
loop van 45 jaren, "door genoemden kapitein-luitenant, thans 
lid van het hoog militair Geregtshof en met den rang van 
Vice-Admiraal bekleed, uit de onder hem berustende be- 
scheiden op nieuw bevestigd werd. 'Voor' den zee- krijgsraad 
geroepen , hielden beiden de waarheid van dit hun berigt 
vol , en staafden het met hetgeen in het Journaal vnn den 
Bnttuê opgeteèkend stond en met de getuigenis van al de 
officieren van dat schip. Bi.ors betoogde, daarenboven, dat 
hij , alhoewel er geene seinen van het Admiraalschip ' ge- 
daan waren en hij dus, naar de bestaande verordeningen, 
zonder zoodanige seinen de Unie niet mogt verlaten , nog- 
tans , uit eigene beweging , herhaalde pogingen had aange- 
wend, om den Opperbevelhebber bijstand te bieden en te 
ontzetten; doch dat hij daarin VHas verhinderd geworden 

■ In md', ia den jin 1842, tirioid^rlgk gedtnkt itDkje, tot titel voerende: Eange 
tMtUetktnii^en op tuu HÜviijdiag , te Amiterdam in 1840, bij de Wed. O. KuUtuan 
KeuU» nUgtgttan, btireffende' htt leagnecht ep den 11 Oct. 1TB7, enz. gerigt tegen 
eemige liaiDsdsn in bet verbul nopeoa dien leetlig, dofr den kapitein ter lee vek- 
HUSLL, directeur der muiBB te Botteidam, voorkamende in ijjn iBTeaiberigt van dan 
Viea-Admirul bdtsch. 

: Dt «imreB erkent, dit tfj wel getracht bid aeinen te doen, doch dit de aein- 
tliggci, irinneer ijj nMnwelgkt boven boord wuen, telkeni werden weggaieboten. 



„Google 



412 OKSCHIEUENI8 VAN HET 

door deo brandeoden Hercules, het omhoadeD vaD de Vrij' 
heid voor den wind, ' eo dewijl bij gedurig dan eens met 
twee, dan met drie vijaodelijke schepen slaaga was geweest. 
Van zijne zijde wederlegde poldees de bewering, tegen hem 
vooral in het midden gebragt, dat bij de Gelijkheid bad 
kunnen te hulp komen en den reeds gestreken hebbende yyeri 
Hiddes de Fries zou hebben kunnen heroveren. De toestand , 
waarin de Brutus na een gevecht met zoovele schepen zich 
bevond, maakte dit onmogelijk, al ware daartoe gelegenheid 
geweest, 't geen hij ontkende. En wat betrof het bevrijden 
van het Admiraalscbip, toen dit in het gros der Ëngelacben 
masteloos lag: dit had hij met toestemming van den Schout- 
bij-nacht beproefd, doch de gesteldheid van den Bruin» be- 
lette zulks. En hoe zou bovendien dit schip alleen daarin 
geslaagd zijn, terwijl geen der overige fiataafsche schepen 
daartoe eenige pogingen aanwendde; terwijl de Schout-bij- 
nacht STORY, die het gros van 's Lands vloot bijeen ver- 
zameld had, niets deed, om dat doel te bereiken; terwijl 
de Vrijheid in de nabijheid van de gebeele Britsche vloot 
lag, en drie of vier vijandelijke schepen, die weinig deet 
aan het gevecht schenen genomen te hebben, haar omring- 
den? Welk ander gevolg zou dit gehad hebben, dan dat 
de Brutus, even als de reeds vermeesterde schepen, in ban- 
den der Britten gevallen en in Engeland opgebragt zou zijn ? 
Bedoelde men, dat hij op zulk eene wijs zich had moeten ge- 
dragen , dan , dit verklaarde de Sehout-bij-nacht , durfde bij 
er openlijk voor uitkomen, meer overeenkomstig den pltgt van 
een' bezadigd en kundig bevelhebber gehandeld, meer nat 
aan zijn Vaderland toegebragt te hebben , met zijn wrak 
schip en overgebleven gezonde manschappen in eene veilige 



■ Dit voor dcD oind bonden werd Ut^r «tellig door di «intik ontkend; dooh i^ 
merkelyk n het, dat bg in zgnen eenten brief, Aea IS Oct., en dm H» dig na den 
Keealag, na bet boord van den Engelicben ümirul gesehreTen, legt: "'aLandi ubip 
Sara^ ratkte in de vlim en dreef verrolgeni nt m^ toe. Ik moot ditt too pmI 
Moyelijk wijteen, aaardoor ik bij em viardt Hngtlieh fcAip, tijnde d«t voa dtn 
Admiraal, haam." Dit werd onder den Tcnehen indmk vu het gebenide geecfareran, 
en komt vry «el OTereen met hetgeen bloib eteedi bleef be«eten. 



V Google 



NEDEELANDBCUE ZBEWEZEN. 413 

haven der republiek te geleiden , dan schip en volk roekeloos 
en met opset aan den vijand over te geven. 

£d na vragen wij : wat is waarheid ? De betuigingen van 
een' onpartijdig persoon ouitreot den toestand van den Bru- 
tua bij zijne komst te Heltevoetsluis na den zeeslag, scbij- 
Den aan het verbaal van blois en folders, dat zij een 
levendig deel aan bet gevecbt geoomen baddeo, geloof bij 
te zetten. Wij bedoelen den bevelhebber van het aldaar 
liggende wachtschip, ' die vier uren na het binnenvallen van 
den Sruiua schreef: "Men behoeft geene vertellingen gehoor 
te geven, maar alleen dit schip te zien, om zich te overtui- 
gen, dat de equipage van hetzelve zich alles behalve lafhar- 
tig gedragen heeft." De gesteldheid van den 'Bi-utm , zoo als 
die na een opzettelijk onderzoek bleek te zijn, schijnt dat 
verhaal nader te bevestigen. Op menigte plaatsen, waaronder 
eenige tusschen water en wind, was het schip doorschoten. 
0e groote mast , de groote en fokkera waren door eene menigte 
kogels beschadigd ; de fokkemast door elf kanonkogels door- 
doord en dreigde te vallen; het tuig was ontredderd; veer- 
tien hoofdtouwen , meest alle stagen en verder staand en 
loopend want, benevens alle ankers en stokken, één uitge- 
zonderd , stukgeschoten ; de zeilen door meer dan 370 kogels 
bijkans aan flarden; ruim 900 kardoezen in het gevecht ge- 
bruikt; 10 man gesneuveld, 58, w^ronder de Schont-bij- 
nacht zelf en een luitenant, gekwetst, van welke nog tien 
aan hunne wonden overleden. * En hier moet men nog in 
aanmerking nemen, dat de BnUue door de wijs, waarop de 
Britten de Bataafsche vloot aangetast hadden, later dan de 



■ Be IniteuBDt h. boliin, commindaiit f*a htt Wacltictip Sotterdam, scbreef 
dit un dcD commiuarii der miiiiis ncoBSOH, Ie Rütterdam. T)e brief berust in het 
DonpTDokdijk» op het Ryki Arcbief. 

* De omitaodige IQtt deier xibade beinit onder da papieren van bat regtigeding tib 
4v SchoDt-bfj-luaht. Vergelijk ook het Vocrlocpiy hariehl aan de Sataafsche Natie , 
Se dndc bl. 117 < waar bf| liob bero^t op de berinding «nu den tcbeepi' constructeur 
olxiVIKAHl, «ien by Tcrlronwde, dat da wiarheid nopena den toettand Tan den Sfuiut 
niet wa Terbei^n ; alimede de AatiteekaMtgtn cit. bl. 1 van den te^nwoordigen Vire- 
Admiraal poldkhs. , 



V Google 



414 0£aCHISD£NI3 VAN HET 

meeste overige schepeD in gevecht was. DocK is dit alles 
genoeg oot de bepaalde en herhaalde beweriDgen eD beschul- 
digingea van deo Vice-Amiraal de winter en van sommige 
der Bataafsche scheepsbevelhebbers tegen blots en poldbrs 
aangevoerd , te ontzenuwen en te niet te mfijten P Strekt dit 
alles tot voldoend bewijs, dat de Schout-bij-nacht, en na 
zijne verwonding zijn plaatsbekleeder , niets nagelaten en de 
uiterste krachten ingespanaen hebben , om den vijand afbreuk 
toe te breagen, de door de Britten met overmagt aangetaste 
kapiteinen bijstand te bieden en den Opperbevelhebber te 
ontzetten? Van beide kanten wordt staande gehouden en 
met getuigen en redenen gestaafd, dat de door ieder der 
partijen gegeven berigten , mededeelingen en verklaringen op 
waarheid gegrond zijn en niets dan de waarheid behelzen. 
Wie is er, die ontkennen zal, dat de beoordeeling in deze 
zaak, vooral na een' verloop van vijftig jaren, hoogst be- 
zwaarlijk, eene beslissing onmogelijk is. Wij zullen ons dan 
ook geeoe bepaalde uitspraak veroorloven. Wel schijnen ons 
de meeste beschuldigingen van de wintkk onbewezen, althans 
overdreven en niet van eenzijdigheid vrij te pleiten^ maar 
de wederlegging daarvan door bloys komt ons, daarentegen, 
niet altijd afdoende, op sommige punten zwak voor, en wij 
voor ons zijn door zijne verdediging niet ten volle overtuigd 
geworden, dat hij in een langdurig en aanhoudend gevecht 
met één eenig der Britsche schepen is gewikkeld geweest, 
alhoewel wij er verre af zijn van het gevoelen des Vice-Ad- 
miraals te beamen , dat de Schout- bij-nacht bijkans geen deel 
aan den strijd zou genomen hebben. Aan anderen dus de 
beslissing overlatende, zeggen 'wij met twee leden van den 
hoogen zee-krijgsraad : ' /'dat de geheele zamenhang der zaak , 
wegens de verschillende rapporten en responsiven , mitsgaders 
eenigedeclatoiren, dan eens zoo strijdig, dan eens (om geene 
andere termen te gebruiken) wederom zoo duister is voorge- 



1 <lcD Schoat-biJ-Dicbt b 



1, Google 



NEDEALAND9CHE ZEEWZZEN. 415 

komen, dat met volkonieo zekerheid daaruit niet beslist kan 
wordea." 

Dao, hoe mea over bet gedrag van den Schoat-bij-nacht 
BL0Ï9 vóór en gedurende den. zeeslag oordeelde, bewijzen 
bestaan er niet, dat bij uit afgunst en naijver de eer van 
'eLands vlag met opzet aan eigene inzigten zou opgeofferd 
en DE WINTER, willens en wetens, aan zijn lot overgelaten 
en ter prooi des vijands zou overgegeven hebben. Niet één 
enkel der vele bescheiden , tot zijn regtsgeding betrekkelijk , 
geeae gezegde in zijne verhooren , geen der door den boos;en 
zee-krijgsraad geroepen getuigen geven aanleiding om de 
verdenking, die deswege bij de winter en vele anderen be- 
stond, in het minste te wettigen. Zoolang er dus geeae 
bewijzen, op daden of gezegden rustende, worden aange- 
voerd, meenen wij aan de gegrondheid van die verdenking 
te moeten twijfelen , en haar te moeten houden voor een uit- 
vloeisel van den bevigen partijgeest, welke in die dagen 
heerschte. Het gold toch bier een man, uit een oud, aan- 
zienlijk geslacht voortgesproten; eene voldoende reden in die 
tijden van omwenteling , om hem geen goed hart toe te dra- 
Ngen en van vijandschap tegen de bestaande orde van zaken 
te verdenken. Bloys was daarenboven een van de weinige 
hoofdofficieren der voormalige marine, die tot den Bataaf- 
schen zeedienst waren overgegaan. Tusschen deze en de 
nieuwere officieren bestond weinig overeenstemming. De nieu- 
were verdachten die van het vorige zeewezeu steeds van ge- 
hechtheid aan het Stadhouderlijk bewind; de oudere zagen 
neder op de jongst aangekomen eu zoo schielijk bevorderde 
officieren, onder welke er zich bevonden, wie de noodige 
kennis en ervaring ontbraken. Het een en ander verwekte 
wantrouwen , zelfs afkeer tusschen de officieren van het Ba- 
taafsche zeewezen, waarin bloïs mogelijk gedeeld heeft. Maar 
levert dit alles bet bewijs op, dat de Scbout-bij-nacht met 
opzet en willens en wetens tegen eer en pligt gehandeld 
heeft? Straalt er daarentegen geene groote partijdigheid in 
door, dat de Vice-Admiraal de winteb openlijk den Schout- 



V Google 



416 GESCHIEDENIS VAN MET 

bij-nacht bloys beschuldigde, bijkans geen deet aan het ge- 
vecht genomen , niets gedaan te hebben , om hem en andere 
scheepsbevelhebbers te ontzetten, ea geen dergelijk beklag 
inleverde tegen de Schout- bij -nacht stobt, die, dit staat 
vast, veel vroeger dan bloys de linie verliet, die daarna 
geen deel aan den strijd meer nam , geene pogingen aanwendde 
om met het gros der Bataafsche vloot, dat bij om zich vér< 
zameld had, den Opperbevelhebber te ontzetten, en wiens 
vroegtijdig wljkeo uit de linie en bet stil aanschouwen van 
het uiteiude van het gevecht, door de wintee zelven ' als 
eeae der oorzakeo van de nederlaag opgegeven wordt ? Waarom 
moet het gedrag van bloys aan afgunst en naijver toege- 
schreven worden, terwijl geene beschuldiging van dien aard 
tegen story, die betzelfde gedaan of liever nagelaten had, 
werd geopperd ? Wij laten de beantwoording dier vraag wederom 
over aan het oordeel van den onpartijdigen onderzoeker der 
geschiedenis. Ons komt bet zeer denkbaar voor , dat de Schout- 
bij-nacht, aangenomen, dat hij niet zoo veel gedaan heeft 
als men reden had van hem te verwachten en zijn pligt ge- 
bood , even als bij vóór het gevecht bij het vormen der linie 
ter goeder trouwe kan zijn te werk gegaan, ook gedurende 
den strijd door omstandigheden, van zijnen wil en bedoelin- 
gen onafhankelijk, kan verhinderd zijn geworden, om den 
vijand meerdere afbreuk toe te brengen , sommige kapiteinen 
bijstand te bieden en den Opperbevelhebber te ontzetten. 

Ofschoon er dus, bijaldien het gedrag van den Schout- 
bij-nacht BLOYS en van den' kapitein- luitenant polders al 
niet geheel als geregtvaardigd kon aangemerkt worden, nog- 
tans gewigtige redenen schenen te bestaan, om de handel- 
wijs dier zeeofBcieren met een verschoonenden blik te be- 
schouwen , begreep de hooge zeekrijgsraad dit echter anders. 
Hij verklaarde, met verzwaring van den eisch des Advocaats- 
fiscaal,* den Schout-bij-nacht, wegens verregaand pligtver- 

> Dit doet by, onder udenn, lütdntkkeltjk in lyn VttJLaal, Bchtsr bet wtrk na 
CLïE», U. M, 87. 114. 

i Dew had den'mscb gedaan, dat blotb gedurende vQf jtien in lyne betrekking nn 
Schoot- bjj-nseht ton geicbant worden, met gimii fan alle jurvsdden eo mdenTooTdeeltoi. 



V Google 



NKDBRLANDaCHE ZEEWEZXN. 417 

2uim en ongehoorzaamheid aan de bevelen van den Opper- 
bevelhebber, vervallen van al zijne militaire betrekkingen en 
veroordeelde hem in de kosten van het regtsgeding. De kapi- 
tein-luitenant-, wiens gebeele vrijspraak door den Advocaat- 
fiscaal vras voorgedragen, werd door den hoogen zee-krijgs- 
raad, wegena nalatigheid en begane misslagen, uit gebrek 
aan de noodige ondervinding voortgesproten, veroordeeld, 
gedurende den tijd van twee jar«i den Lande in geene 
hoogere betrekking dan die van tweeden officier op een der 
oorlogsschepen van den Staat te kunnen of te mogen dienen, 
alsmede in de helft der kosten. ' Geenszins echter werden 
deze beide vonnissen met eenparigheid van stemmen geveld. 
lot^eadeel geschiedde zulks slechts met de meerderheid van 
^ne stem , daar drie leden , waarbij de Voorzitter zich voegde , 
deze uitspraak deden , terwijl de drie andere ' de verant- 
woording van het gedrag, zoo van den Schout-bij-nacht als 
van den kapitein-luitenant, voldoende verklaarden en hen 
mitsdien vrijspraken van alle bedenkingen , die daartegen zou- 
den kannen worden gemaakt. Wat meer is, deze laatsten 
vorderden, dat dit hun gevoelen, schriftelijk uitgebragt, in 
de Notulen van den hoogen zee-krijgsraad zou worden opge- 
genomen, en weigerden de beide vonnissen, als re^elregt 
tegen hunne meening strijdende, te onderteekenen, "latende 
het aan de meerderheid en ter harer verantwoording over, 
om zoodanig in de zaken van den Schout-bij-nacht biats 
TAN TKBSLONO en den kapitein-luitenant fouixes te vonnis- 



I Bdde ToimiNeD, den 81 Oct. ITSS genU ea den t Nor. durunTolgaide nitga- 
•prokto, komen vooi in bet mwrmahn ungehMlde n. ). Begiitar der SemtaUiv» #«z. 

> De drie, die beo Tïroordeelden , wkren de jongate leden, do ktpiUinen tin aioriH- 
■«AT, i. tmnts, dezelfde, die het eskider in de Saldnh*-bMi hielp oveigeTen, en 
c Bidt, «Mrby lich de VoonilteT, de Vica.Admirul 7. e. T4H bidibs voegde. Do 
drie leden, die roor d« TT^iiirMk itemden, mreo! de Vice-Adoiinlen tan dbb bbbm 
e» siLa en de kipitein sckiikkout, gelQk mf| nit bnnne oonpronkelfjke sdTfftn il 
gebleken. Niet t«D onngte merkt bloti het, in tgn Voorloopiff hericht bl. tS, tli 
eene wnderliDge en onbeUiMlyke «Hs Tkn handelen un, dat de drie loden die hem 
reroardeelden , ft «mMi» it» geeombineerd ad^jt nitbrigten, velk idifji nog bemit 
omder de (takken ven bet regtageding. Al hetgeen blots I. e. sopeva bet gebeurde bff 
z^n Tonni* al* een gernchf opgeell, il mQ gebleken eene etellige narbetd Ie iVn. 

V. ■ 27 



1, Google 



4ld OSSCHIEDSNIB VAIf H£T 

sen, als zij in hare wijsheid en overeenkomBtig haren eed 
en pligt zou vermeeneti te behooren." ' 

Nog TÓór het voimis gewezen waa , had de Schout-bij-nacht 
BLOTs, nadat hij den eisch van den Advocaat-Fiscaal bij ge- 
ruchte vernomen had, zich tot den hoogen zee-krijgsraad en 
vervolgens tot het Vertegenwoordigend Ligchaam des Bataaf- 
schea Volks gewend met bet verzoek om , overeenkomstig de 
Lands wetten , in eën gewoon regtsgeding te worden ont- 
vangen, ten einde daardoor tot eene volledige verdediging, 
die hij beweerde niet te hebben gehad, in staat gesteld te 
worden. Doch deze verzoeken werden van de hand gewezen , 
even ala een ander, na zijne veroordeeling, aan de Eerste 
Kamer van het Vertegenwoordigend Ligchaam ingediend, 
waarbij |hij aandrong, dat hem de weg tot hooger beroep 
geopend of bevel tot herziening van het vonnis verleend mogt 
worden.* Het vonnis behield dus kracht van gewijsde, tot 
dat Koning ixïdewijk napoleon, op zijn verzoek, bij be* 
sluit van 1 October 1808, het vernietigde en hij in zijnen 
goeden naam en faam hersteld werd , "uit aanmerking ni^ 
alleen van het loffelijk en moedig gedrag, waardoor hij zidi 
in 's Lands zeedienst gedurende 34 jaren had onderschei- 
den , maar ook bepaaldelijk wegens de blijken van trouw en 
dapperheid, in den zeeslag van 11 October 1797 aan den 
dag gelegd;" wordende hij tevens in den rang van Schont- 
bij-nacht hersteld. ' 

Wij besluiten het verhaal wegens het gebeurde in den 
zeeslag van Kamperduin en hetgeen dienaangaande later voor- 
viel met eenige weinige aanmerkingen. 



1 OortpronkOiji! Declaraloir tu den Vicc-Admirt>3 tAS UU, 3m 80 Oet. 1708 
tijj den boogcD iee-kr(|giraid ingeleverd. Dergelijke decUntoirea wwden door den Vica- 
Admirul van dsb astn en den liepitein ecuiiuiBOUT gedaan. 

1 Ue daartoe betrdEkelDke (tnUiMi iQb uawedg onder de beeeh^den , tot het rsgtage- 
ding behDonmde. ÏAt er meerder tu reilangt ts wsten , ku dit ciadeQ in het Voor- 
loopig beriekl van blotb, twelk door hem na al dit.gebenrde nitgegtren werd tot 
wederlegging der t^n hem bQ if|n Tonnii ingebragte beubaldigingen en tot betoog 
Tan de onbeataan baarheid der ploeedniea, tegen hem geroerd. 

' Zie Ko». CiMTami va» 14 Nov. ISOS. 



V Google 



HBDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 419 

Bij eeoe oplettende overweging van dat gebeurde, schijnt 
het onbetwistbaar dat, hoe men over bet gedrag van den 
Schout-bij-nacbt bloys moge oordeeten, zijne handelwijs niet 
als de eenige aanleiding tot de nederlaag der Bataafache 
vloot kan beschouwd worden , maar dat verschillende om- 
standigheden en oorzaken te zamen hebben gewerkt tot die 
noodlottige uitkomst ; omstandigheden en oorzaken , welke 
in die dagen grootendeels werden voorbijgezien, doch die 
in latere jaren , toen de driften bedaard waren , zelfs door 
DE WINTER ' erkend werden. 

Als de eerste en voornaamste oorzaak merken wij aan het 
ontijdig en ligtvaardig besluit der Commissie van de Buiten- 
landsche Zaken tot den uittogt der vloot tegen het gevoelen 
van den Opperbevelhebber. De meerdere of mindere missla- 
gen, door den Vice-Admiraal de winter sinds hetuitloopen 
tot op het oogenblik van den strijd begaan, hadden mede 
invloed op bet lot van den dag. Het stoffelijk overwigt, 
't welk de Britache vloot op de Bataafscbe bezat , en de meerdere 
geoefendheid en ervaring van den vijandelijken zeevoogd,der 
verdere Engelscbe officieren en manschappen , moeten insge- 
lijks niet uit het oog worden verloren. Voegt hierbij de ver- 
warde en onregelmatige vorming der Bataafsche linie en het 
niet behoorlijk opsluiten van sommige schepen, den voor de 
Britten gunstigen , voor de onzen nadeeligen wind , de be- 
zeildheid der vijandelijke, de traagheid en ongemanierdheid 
van sommige Bataafsche schepen , h&t voordeel van den met 
juistheid en snelheid volbragten aanval, het stoute, bijkans 
aan roekeloosheid grenzende, en voor de onzen gansch on- 
verwachte * doorbreken der linie , en de daardoor verbroken 
orde en afscheiding in de Bataafsche vloot. 

■ Byionder in zjjn Verhaal non dat lealag, achter het werk Ttn clbri. 

1 Uit xtlea a h«t dnidel^k, dit iÜ doorbreken VOOB di wihtii uer ooveiKKht 
wu ni tg neb had Tenekerd gsboadeo, dkt d« *yatid, eren >li in den uaUg tui 
Doggcnbcnk, wumn in dü dagen veel gaproken wetd en dien men hoopte ander- 
maal te lieii herlataD, langi de linie >on Joopen en de vloot uitalDitend te loefwaart 
aantaiten. Daar de Britten dit niet deden, VBrvtelen biermede de plnnnen, die MT. tih- 
ler gerormd had, en er ontitond Ternirring. 



1, Google 



430 eESCHIEDENIS VAN HET 

Maar er was nog meer, waardoor de nederlaag veroorzaakt 
werd. Hiertoe behoort, volgens de getuigenis van den Opper- 
bevelhebber zélven , het afhouden van den Jufnter en van de 
Siaten-Generaal , het wegzeilen van dien laatsten bodem, 
het vooruitschieten van den Cerberus, de schandelijke vlugt 
van den Satctoier , het in brand raken van den Hercules en 
de daardoor bewerkte uiteenspatting der weinige nog in linie 
liggende schepen, de doodelijke verwonding van den moedi- 
gen vlagkapitein en kundigen raadsman des Opperbevelheb- 
bers, van ROBSCM, het niet tijdig zich vereenigen der nog 
strijdbare schepen tot gemeensch appel ij ken tegenstand des 
vijands en ontzet der iu nood verkeerende wapenbroeders, 
het lijdelijk aanzien, eindelijk, van bet gevecht door het 
gros onder stort. 

At deze omstandigheden en gebeurtenissen bereidden voor , 
bevorderden of voltooiden de nederlaag, op welke het gedrag 
van Bi.oï6 eenen nadeeligen invloed kan gehad hebben, maar 
. die op zich zelve genomen, van dien aard waren, dat, naar 
ons inzien, ook al had de Schout-bij-nBcht zich in alle op- 
zigten van zijnen pligt gekweten, eene overwinning dezer- 
zijds niet waarschijnlijk was. De magt en de geoefendheid 
toch waren daartoe te ongelijk , de omstandigheden te ongun- 
stig; want de dagen waren voorbij, toen een trohp en dr 
BOTTER met eene kleinere vloot over hunne mededingers 
zegevierden. Dat deden die zeehelden door hunne meer- 
dere bekwaamheid en door hunne meerdere ondervinding! 
maar deze waren juist in den slag van Kamperduin de eigen- 
dom der Britten , die tevens de meeste stoffelijke krachten 
bezaten. Wij deelen uit dien hoofde niet onvoorwaardelijk 
in het toen vrij algemeen verspreid gevoelen, dat bijaldien 
alle scheepsbevelhebbers zich even heldhaftig ats de Vice- 
Admiraal de winter en de verdere officieren, die genood- 
zaakt waren voor den vijand te strijken, gedragen hadden, 
de uitkomst gansch anders zou geweest zijn. Wij geven toe 
dat wanneer ' dit geschied ware , de kans weifelachtiger en 
de strijd roemrijker zou geweest zijn; maar om daaruit te 



V Google 



NKDERI.AHDSpHE ZEËWRZKN. 421 

besluiten, dftt de overwinning door de onzen zou behaald 
ziJQ, achten wij gedaagd. Behalve dat het geenszins uitge- 
maakt is, dat alte scheepabevelhebbers , wier bodems in 
's vijands magt vielen, zich zoo kloekmoedig verdedigden 
als toen beweerd werd , zoo zouden al de schepen de 
noodige hoedanigheden hebben moeten bezitten om de be- 
volen manoeuvres juist en tijdig uit te voeren , 't geen 
door de oobezeild- en ongemanierdheid van sommige niet 
kon geschieden, en zouden bovendien al de vlagofficieren 
en scheepsbevelhebbers met dien moed en die bekwaam- 
heden, welke vereischt werden om het hoofd te bieden aan 
eenen zoo dapperen en ervaren vijand als de Britten, heb- 
ben behooren toegerust geweest te zijn , 't geen mede geens- 
zins , de geschiedenis leert dit duidelijk , het geval was. 
Maar daarenboven , de linie op twee plaatsen verbroken wor- 
dende en de meeste schepen tusschen twee vuren geklemd, 
ontstond er zoo groot eene wanorde, dat gelijk een der leden 
van den hoogen zee-krijgsraad zich uitdrukte , de vloot sederf 
dat oogenblik als geslagen moest aangemerkt worden. De 
meeste scheepsbevelhebbers, van welke slechts zeer enkele 
eeaen geregelden zeeslag hadden bijgewoond, waren van nu 
af uitaluitead op eigene verdediging bedacht en niemand^ 
wendde pogingen aan tot afsnijding en overvleugehng des 
vijands, of tot herstel der gebrokene linie. De overmagt 
moest dua alhier beslissen, en daar deze onmiskenbaar aan 
de zijde der Britten was, kon men geene andere uitkomst 
verwachten, dan dat de Bataafsche vloot eindelijk voor die 
overmagt bukken moest. 

Het is er intusschen verre af, dat wij hiermede den wel- 
verdienden roem zouden willen verkleinen van den Vice-Admi- 
raal de winter en der verdere zeeofficieren , die in dezen zeeslag 
tot het uiterste toe de hun vertrouwde bodems met voorbeelde- 
looze hardnekkigheid verdedigden , en niet dan toen geene mid- 
delen meer overschoten , voor 's vijands geweld bukten. In- 
t^^ndeel , wij doen in ruime mate hulde aan hunne dapper- 
heid; zeggen gaarne met den Opperbevelhebber van 'sLands 



V Google 



42% GBSCHIBDENIS VAN HBT 

vloot : * "dat boe ongelukkig de uitkomst ook geweest zij , die 
uitkomst heeft bewezen , dat de aloude heldenmoed , staudvas- 
tigheid en volharding, over het algemeen, ïu deze dagen 
aan de Bataafsche zeelieden even eigen was, als houderd 
vijftig en twee honderd jaren geleden" , en vereenigen ons 
met het gevoelen van het Committé van marine: ' "Dat de 
dag van den 11'October in de Gescbiedboeken van het 
Vaderland den voorouderlijken heldenmoed geene oneere zd 
aandoen , en dat alle regtschapen Nederlanders dikwijls met 
dankbaarheid zullen gedenken aan alien , die aan dezen onge- 
lukkigen, doch hardnekkigen zeestrijd hebben deel gehad, 
en in het bijzonder aan hen, die hunne vaderlandsliefde en 
moed met hun bloed verzegeld hebben." Regtmatig derhalve 
was de lof, door landgenoot m vijand aan den heldenmoed van 
den Vice-Admiraal ob wikteb en zijn wapenbroeders toege- 
bragt , en bet streelt den Nederlander , wanneer hij , na ver- 
loop van eene halve eeuw, de Britten nog van de kloeke 
daden, door de Bataven in den zeeslag van Kamperduia 
bedreven, met ophef boort gewagen. ' 

1 In ijfB mMmtlsn vcnnstd Varh<iol, ichtcr het wsrk tu club. 
* In bet llot Ttn ilja Verilag aait de Sati<mah Vergai^rutg. 
■ Dit gnehisddB io ds TcrMbiUcndg door on* Tsnnelds werken lan jamm , BkiRTOM 
BB udenu, CD bfjioiider in hst Utnttd 8erme«Jour»alvaMaganiia,'nB IS40— ISU. 



V Google 



ZESDE TIJDPERK. 

(TEHVOLQ). 



iEBEURTENISSEN NA UEN ZEESLAG VAN KAMPERDÜIN , 11 OCTO- 
BEB 1797; OVERGAVE VAN 's LANDS ESKADER BIJ DE VLIE- 
TER; VHEDE VAN AM1EN3 , 27 MAART 1803. 

Onder den eersten indruk der treffende tijding wegens de 
lederlaag, welke 's Lands vloot bij Kamperduin geleden had, 
vas aan de Nationale Vergadering de moed Diet ontzonken , 
m aam zij het besluit , om het trotsche Albion ,' met hulp 
mn de trouwe Bondgenooten der republiek , in zijn ingebeeld 
jebied ter zee te beteugelen. ' Drie dagen later werd door 
3en aanzienlijk getal leden een bepaald voorstel in dien geest 
gedaan, hierin bestaande, dat eene Commissie zou benoemd 
(vorden , om ten spoedigste middelen te beramen tot herstel 
van bet geleden verlies, en om geldehjke maatregelen uit te 
denken en vast te stellen, door welker uitvoering de repu- 
bliek in staat zou gebragt worden , niet alleen hare scheeps- 
magt wederom in goede orde te brengen , maar om haar te 
vermeerderen en geducht te maken , opdat het Vaderland uit 
zijne rampen zou gered worden. * Dit besluit en dat voorstel 
vonden weerklank bij vele ingezetenen , vooral bij de warmste 
voorstanders der omwenteling , zoodat uit alle oorden verzoek- 
schriften werden ingezonden, waarbij de Nationale Verga- 
dering verzocht werd , met terugzetting van alle andere zaken , 
de meest geschikte middelen aan te wenden, om ten spoe- 

I Dfcreleii HationaU Vergadering 18 Oct. 1797- 
: Decrttm SatioaaU Vergadtring ]G Del. 1797. 



V Google 



424 QESCHIBDKNrS VAN HET 

digste 's Lands vloot te bemaDnen en weder in staat te stel- 
len, den vijand op te sporen en met verdubbelde magt te 
keer te gaan , en dat zij , tot bereiking van dat oogmerk , 
des Qooda in weerwii der Provinciale besturen, eene alge- 
nieene vrijwillige opbrengst zou uitschrijven over alle bewo- 
ners van Nederland. 

De hoogste Laads vergadering was het dus met vele bur- 
gers eens , -dat de vloot van den Staat , tot herstel van het 
geleden verlies, ten spoedigste op nieuw behoorde in gereed- 
heid gebragt en hare magt vermeerderd te worden. Dan , om- 
trent de daartoe aan te wenden middelen heerschte er een 
aanmerkelijk verschil van gevoelen; een verschil , dat in naauw 
verband stond met de uiteentoopende staatkundige denkwijs , 
die er in deze dagen bestond. 

De veelvuldige en telkens herhaalde opofferingen, welke 
men aan Frankrijk sedert de omwenteling had moeten doen; 
de zware inlegering der vreemde troepen , het onderhoud en 
de verbetering van het leger en meer bijzonder de sterke 
uitrustingen ter zee , hadden 's Lands schatkist tot den bodem 
toe uitgeput. Hierdoor was het onmogelijk, uit de gewone 
inkomsten de zeemagt te herstellen en te vermeerderen , en 
moest men, wanneer men dat doel wilde bereiken, tot bui- 
tengewone middelen de toevlugt nemen. Ook daaromtrent 
dacht men vrij eenstemmig, doch geenszins over het vraag- 
punt, waarin die buitengewone middelen zouden bestaan en 
langs welk eenen weg zij verkregen zouden worden. 

De voorstanders der nieuwe orde van zaken waren in twee 
partijen verdeeld, waarvan de eene de aloude inrigtingen 
van het voormalig Gemeenebest, voor zoo verre zulks met 
den tegenwoordigen toestand mogelijk was, met name de 
onafhankelijkheid der gewesten, wilde behouden; en waarvan 
de andere, al wat Provinciaal was verwerpende, de één- eo 
ondeelbaarheid des bestuurs, der geldmiddelen en wat ver- 
der daartoe betrekking had, voorstond. Deze droegen den 
naam van Uniiarissen , gene van FoedercUisten. De strijd tus- 
schen deze beide partijen was levendiger geworden, naar 



V Google 



NEDERLANDBCUE ZEEWEZEN. 429 

uiate den keer, welken de ümweateUag in Fraukrijk had ge- 
nomen , en deze strijd was , toen 's Lands vloot uitüep , vooral 
zeer hevig, ten gevolge van gebeurtenissen, te Farija, die 
door de Unitarissen zeer toegejuicht werden. De noodzake- 
lijkheid om buitengewone middelen tot herstel en versterking 
der zeemagt te verschaffen, gaf aan die verdeeldheid eene nieuwe 
kracht. De commissie, benoemd tot onderzoek van het ge- 
dane voorstel. ea der ingediende verzoekschriften, om mid- 
delen te beramen tot herstel der vloot, droeg tot bereiking 
van dat oogmerk voor om, met afwijking van de van ouds 
bestaande wijs van opbrengst der benoodigde gelden , door 
ieder der Provinciën voor dat gedeelte , 't welk zij gerekend 
werden verschuldigd te zijn, eene algemeene geldheffing over 
de gebeele republiek uit te schrijven van acht ten honderd 
der jaarlijkscbe inkomsten van elk der ingezetenea. Dit voor- 
stel, waardoor, bijaldien het wierd aangenomen, de onaf- 
hankelijkheid der provinciën en der gewestelijke bestaren 
ten eenemale zou te gronde gaan, ontmoette den bevigsten 
tegenstand bij de Foederalisten, die er aanvankelijk in slaag- 
den, hetzelve, hoewel met eene zeer geringe meerderheid, 
te doen verwerpen. Dan , de Unitarissen , door deze neder- 
laag niet afgeschrikt, wisten te bewerken, dat een dergelijk, 
doch eenigzins gewijzigd voorstel spoedig op nieuw gedaan 
werd, 't welk na langdurige en hevige beraadslagingen, met 
eene aanzienlijke meerderheid aangenomen werd. Hiermede 
was de overwinning der Unitarissen beslist; het gezag en 
de invloed der Foederalisten daalden van dat oogeobUk af 
meer en meer, en de kort daar op gevolgde gewelddadige 
omwenteling van den 32 Januarij 1798, waarbij het stelsel 
van één- en ondeelbaarheid ten volle zegevierde, werd daar- 
door voorbereid en bevorderd. 

Op deze wijs kwam een krachtige maatregel tot stand, 
om de noodige geldmiddelen te bekomen tot herstel en ver- 
meerdering van 's Lands vloot. Doch dit was niet genoeg; 
men behoorde te overwcjjen, wat er tot dat herstel en die 
vermeerdering behoorde gedaan te worden; men moest de 

27* 



V Google 



426 QESCBIKDEKIS VAK HBT 

hand aan het werk slaan, om de uit den zeeslag tenigge- 
gekomen, maar beschadigde schepen op nieuw in gereed- 
heid te brengen , om de nog op stapel liggende af te bouwen 
en de afgewerkte toe te tosten. 

Dezelfde Commissie, die het voorstel omtrent eene alge- 
meene geldheffihg had gedaan, droeg deswege voor: dat er 
eene buitengewone herstelling , aanbouw ea uitrusting van 
oorlogsschepen zou plaats hebben , om 's Lands zeemagt op 
zulk eenen eerbiedwekkenden voet te brengen als bevonden 
was in de tegenwoordige omstandigheden mogelijk te zijn, 
met magtiging van het Committé der marine, daarvan 
eene behoorlijke begrooting op te maken, en inmiddels met 
allen spoed al hetgeen tot het dadelijk uitvoeren van zoo- 
danige herstelling, aanbouw en toerusting vereischt werd, 
onverwijld te doen in 't werk stellen. Deze voordragt werd 
door de Nationale Vergadering, ofschoon niet zonder hevige 
tegenkanting , op denzelfden dag * waarop het gedaan werd , 
aangenomen, zoodat van nu af, zooder eeoig uitstel, het 
werk vaio het herstel en de vermeerdering der vloot kracht- 
dadig kon aangevangen worden. 

Het Committé van marine deed zulks ook met onvermoeiden 
ijver. Keeds terstond na het invallen der uit den zeeslag terug- 
gekeerde oorlogsschepen, had het daartoe voorloopige maatrege- 
len genomen, welke nu onafgebroken voortgezet werden. De 
binnengevallen schepen werden spoedig hersteld; twee linie- 
. schepen, thans als wacht- en kostschepen gebruikt, werden voor 
den dienst ter zee gereed gemaakt ; de noodige bevelen gegeven , 
om de op stapel liggende lioieschepen met den meesten spoed 
af te timmeren , en tot den bouw van vier nieuwe achtenzes- 
tigers werd besloten, terwijl drie fregatten, en onderschei- 
dene ligte vaartuigen onverwijld afgemaakt of opgezet werden. 

Aldus bestond, naar het scheen, de gegronde hoop, dat 
's Lands vloot weldra op nieuw in eenen achtbaren toestand 
zou geraken. Doch, het was gemakkelijker, bevelen van dien 



I ]itt*et NaHonaU VtrgadtfiM^ U Not. 1TV7. 



V Google 



NSDBRLANDSCHE ZIBWXZBN. 427 

aard te geven eo maatregelen te nemeo , dan ze uit te voeren , 
vooral bij het groote geldsgebrek en de tegenkanting, welke 
de algemeene heffing ontmoette. Met inspanning van krach- 
ten slaagde men echter beter dan men onder zatke omstan- 
digheden had kannen verwachten. 

Vroeg in het voorjaar waren voor den dienst in de Noord- 
zee in volkomen gereedheid twee liniescbepen van 76 , zeven 
of acht van 68 , twee van 56 , twee geraseerde schepen van 
44, zes fregatten van 22 tot 36 en vier brigantijnen van 
16 tot 18 stukken, te zaoien, ongerekend een aantal kanon- 
neerbooten, uitmakende een getal van 34 schepen van oor- 
log, onder welke zich eenige nagelnieuwe bevonden. Boven- 
dien werd onophoudelijk op 's Lands werven gearbeid aan 
bet opzetten of voltooijen van de verdere linie- en andere 
schepen , van welke eenige nog in den loop des jaars 1798 
te water gelaten werden. In één woord, het was blijkbaar, 
dat de nederlaag van den elfden Octoher den moed en ijver 
dergenen , aan wie de hooge belangen des Vaderlands waren 
toevertrouwd, geenszins uitgebluscht had. Integendeel, die 
nederlaag scheen den moed en ijver veeleer aangewakkerd , 
en de zucht opgewekt te hebben om , door het toerusten en 
aanbouwen eener magtige vloot, zich op de Britten over die 
nederlaag te wreken. * 

Maar de zorg voor het zeewezen bepaalde zich te dezen tijde 
niet enkel tot oogenblikkelijke herstellingen vermeerdering; er 
werden ook maatregelen genomen om het inwendig bestaan 
van het zeewezen te verbeteren. Wij bedoelen hieriAede in 
het bijzonder 't geen men in deze dagen verrigtte tot weg- 
neming der gebreken in de haven en het dok van Helle- 



1 Het vardieiit vgrniald te wordsn, wclire ■cbepgn in 1TB7 en 1T9S op itipsl geiet 
of Tolbonwd , ■fgcloopen en geJeeltelljlc in diËiijt gnteld itJD : De Wrttlctr , later Ko». 
SoUaidtT, en Zo%lman 90 (tokken, WatMngton li . Dogger abank , Oldtnbarntesldt , 
Joon de Wltt, ITtplnma, SehriJneneekter , ffertteUer, Beeolulie, Pieter PemUu 
en Plmio, *aa 68 rtakhen, Amphitrite en Bendrofft vin 4*; Juno en PAoemx >in 
SS, B^ipomtiia tu IS, Spion en Scho na 16, Oier Ttn 14, ryf icboenen en een 
•dTjibrik viD fl, ttk xbt kenonneerbooten *h B (tukken i te iimen IE linieiebepen , 
4 Iregttten, 4 korvetten, ,Mne brïk en 14 kleinen nirtaigen. 



V Google 



428 OESCHIEDBKIS VAN aBT 

voetsluis en tot vergrooting van de aldaar bestaande in- 
rigtingen. 

De gunstige lig^ng van Hellevoet voor de zeemagt van 
het Genieenebest had de Staten van Holland bewogen , reeds 
vóór de helft der zeventiende eeuw aldaar een dok en andere 
werken ten dienste der oorlogsschepen aan te leggen. Van 
tijd tot tijd werden die werken verbeterd en uitgebreid, met 
name tusschen de jaren 1723 en 1725, toen het Dok uit- 
gediept en hersteld en eene zware zeesluis gebouwd werd. 
Sedert dien tijd was Hellevoet de voorname wapen- en uit- 
nistingaplaats der Admiraliteit van de Maze, en vele oor- 
logsschepen werden aldaar, wegens de aanslijking der rivier, 
vertimmerd en opgelegd. De haven van Hellevoetsluis was 
dus, tijdens de omwenteling, reeds eene der belangrijkste 
inrigtingen van het zeewezen , en werd teregt door de Com- 
missie, tot het onderzoek en de opneming van den toestand der 
seehavens benoemd , als zoodanig geprezen Er bleef nogtans 
veel te wenschen over , zoo als bij voorbeeld , dat de zeesluis , hoe 
doeltreffend anderzins, te naauw was, om de grootste acfaepea 
door te laten ; dat door het Dok de uitloozing moest geschieden 
van het overvloedige water der oabij gelegene polders en derge- 
lijke. Deze gebreken hadden de aandacht van het voormalige 
Bestuur tot zich getrokken, en vier jaren vóór de omweDteling 
was zelfs aan de regering een volledig ontwerp aangeboden tot 
wegaeming dier gebreken. ' Vermoedetijk zou dit tot stand 
gekomen zijn, doch de oorlog met Frankrijk en de kort 
daarop gevolgde ommekeer van zaken verhinderden zulks. 
Het bleef dus voor het nieuwe bewind bewaard , daaraan ge- 
volg te geven. Eene Coramiasie, * uit deskundigen bestaande. 



1 Dmt dan toenmiHgra Mnteo Initenmt en opiigter nn 'i Ludi Tsttingwarkm ts 
Bri«11c ea HclI«io«tdui) , i. blankeh, jz. 

* Teifrgl deie cominUiiB , dU Tin <rege bet proiinciul beitanr »n Halliod en Tin 
bet Committj nn maritie benoemd was, tieh met dat oDderiaek beiig hield, gif de 
sa tot kohnal bevorderde i. blabkih, je., tid visD reede iroeger geecbrilten, iau- 
toe min of meer betrekkelijk, het licht ngen. eene Terhudeliug nït. Over het aan- 
leggen en maieii va» zoogenaamde Drooge Dokte» ta de SoUandn^e Zeeiavene, 
inel name te MettevoetiUiit. Te gelykert^d gtt de CoDatmcteur- Generaal glavikims 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 421^ 

deed het noodige onderzoek , ontwierp de vereischte plannen 
en voegde daarbij alle zoodanige voorateUen als zij wensche* 
lijk en noodzakelijk oordeelde. Deze plannen en voorstellen 
werden goedgekeurd en tevens besloten , zonder verwijl de 
hand aan het werk te slaan. ' In den jare 17U7 maakte men 
een begin tnet het aanleggen eener bijhaven, ten einde de 
polders laogs dezen weg eene nieuwe uitwatering te bezor- 
gen en het dok daarvan te bevrijden. In het volgende jaar 
werd de verwijding der groote zeestuis * ondernomen , aan 
de roltooijiog van welk kostbaar en aanzienlijk, doch hoogst 
nuttig werk twee jaren besteed werden. Terstond hierna ging 
men over tot den aanleg van een droog dok , tot het uit- 
diepen der haven en tot andere daarmede in verband staande 
werken; met wier voleinding eenige jaren verliepen. In 1806 
was een en ander voltooid , en zag men voor 't eerst , 's Konings 
fregat Euridice , vao 36 stukken, met volle equipagie op de 
helling in het nieuwe drooge dok brengen , dat , eenigen tijd 
later, gevolgd werd door den Komnklijken Hollander van 90 
stukken, welk zwaar schip met het gelukkigste gevolg in en 
uit het drooge dok gehaald werd. Door deze verbetering werd 
Helievoetaluis eene der voornaamste en voortreffelijkste zee- 
havens van het Nederlandsch zeewezen. 

Dit groote werk te Hellevoetsluis was naauwelijks aange- 
vangen, of het bestuur van het zeewezen onderging eene 
aanmerkelijke verandering. De overgave van het eskader in 
de Saldanha-baai , de ongelukkige uitslag van den zeeslag 
van Kamperduin en de verdere rampen , die het zeewezen 
sedert de omwenteling getroffen hadden , werden , althans 

UD atok uil 0T«r hetzeirde onderwerp i beide ze«r belsogrijke geschrifteD. Aan blanebh 
werd de niCioeriiig tu het groote verfc te Heil eioetil nis opgedrageo, die zich dsarvtn 
loOklUk k«eet. 

' AlToren» tot een beahit oier te gaan , werd de Eqnipagie-nieeBter J. p. asmus , 
neTcu twee eodere desknadigee , eaar de Daordelyke Franacbs baveng gezonden , om de 
aldaar beittande groote zeewerkeo iu oogenachonw te Damen, 

' De grocte Slnia werd thana op eeoe wDdte van 54 Toet tnsscben liare rcglstaDda 
BiDren gemaakt. De onde bod slecbts eene w^dta van BI) voet, 't geen toen voldoende 
«aa, daar er geen tchip grootere wijdte beiat dio tid 49 of 49^ voet. Nu. in tegen- 
deel, had e<a aebip van 80 rtokken, SI lot 68 voet wijdte. 



V Google 



430 OE8CHIBDKNI8 VAN HET 

gedeeltelijk, op rekening van bet Committé van Marine ge- 
steld. Hierbij kwam, dat velen de zameosteliing van bet 
Committé, uit een en twintig leden bestaande en in drie 
takken verdeeld , omslagtig , langzaam werkende en niet 
doeltreffende oordeelden. Het een en ander was genoeg om, 
met voorbijzien van het vele goede, dat waarlijk door het 
Committé verrigt was, en van den onvermoeiden ^ver van 
de laden, eene wijziging in het bestuur der zeezaken 
te verlangen ; eene wijziging , die vermoedelijk na verloop 
van eenigen tijd toch zou plaats gehad hebben, zelfe bijal- 
dien dé omwenteling van 20 Januarij 1798 daartoe geene regt- 
streeksche aanleiding gegeven had. 

Deze omwenteling, door welke eene gansche verandering 
in 's Lands bestuur bewerkt werd, deed baren invoed ook 
op dat van het zeewezen gevoelen. Naar aanleiding van de 
staatkundige denkwijs der Unitarissen en het door hen inge- 
voerde regeringsstelsel, werden alle Committé's, behalve dat 
voor de volkplantingen, afgeschaft.' Nu werd het hoofdbe- 
stuur van het zeewezen, onder het uitvoerend bewind, op- 
gedragen aan een aanzienlijk ambtenaar, die den titel van 
.4?^»' d*w marine voerde , tot welke gewigtige betrekking de 
burger jacob spoors benoemd werd, die echter niet dan na 
hevige tegenkanting, en zelfs na roet ballingschap bedreigd 
te zijn geworden, overgehaald werd, den hem opgedragen 
post te aanvaarden. ' 

Abd dezen Agent werd, van wege het uitvoerend bewind, 
het algemeene toezigt opgedragen over alles wat den oorlog 
en de verdediging van den Staat te water betrof, als : over 
het bouwen , herstellen , uitrusten , in dienst brengen , be- 
mannen en opleggen der schepen en vaartuigen van oorlog, 
mitsgaders over het onderhouden van 's Lands werven , arse- 

' Het blwf tot d«a 19 «f SO Ftbraar^ in lUnd, wudmt het door den Agent tbt- 
Ttngïii werd. 

) Lfot» mm Mr. s. l, -wiamus, door p. tin limbdbs bhodwiis, bl. 105. Men 
had itvoraDa «iSELtus, uit wi«n* mgcliUn pipiereti itte byionderheid ontleend 11, 
getnieeict, je ulb met bedruginnn Terioeht, de betrekking Ttn Ageot Tin nwrine op 
zich te nemen, doeb deie had lolki Toirttndig geweigerd. 



1, Google 



NEDBRLAKBSCHK'ZEE WEZEN. 431 

nalen , magaziJDen , gebouwen en inrigtingen , tot bet zeewe- 
zen behoorende. Verder werd hij belast met de voordragt 
der scheeps- eo mindere bevelhebbers, en met de zorg voor 
de betaling en voeding van het zeevolk. Het geven van be- 
velen tot het uitloopen van vloten, eskaders, schepen en 
vaartuigen van oorlog, werd mede aan hem toegestaan, 
doch niet dan op last en magtïging van het uitvoerend be- 
wind. In vele opzigten werd aldus in den persoon van den 
Agent alleen, onder het uitvoerend bewind, vereeoigd de 
magt, welke in vorige dagen de coUegien der Admiraliteit 
onder de Staten-Generaal en den St-adbouder, en laatstelijk 
het Committé van Marine onder de ^'atioaale Vergadering 
of de van wege haar benoemde Commissie tot de Bniten- 
landsche Zaken , wier invloed op en magt over het zeewezen 
tbans ook verviel, bezeten had. Een aanmerkelijk verschil 
nogtans was er gelegen in het aan hem toevertrouwde gezag 
en dat der vorige besturen, dat, namelijk, bet beheer der 
in- en uitgaande regteu' niet langer met dat der marine ver- 
eenigd bleef, maar aan een daartoe opzettelijk benoemd Hg- 
chaam opgedragen werd. 

Inmiddels hadden er gewigtige gebeurtenissen op het vaste 
land plaats gehad. De oorlog van de Franache republiek met 
den Keizer van Duitschlaod was geëindigd en de vrede te 
Campo Formto gesloten. Nu scheen er hoop te zijn, dat 
ook het uitgeputte vaderland eenige verademing zou erlan- 
gen, en dat die vrede de voorbode wezen zou van bet sta- 
ken der vijandelijkheden met den Britschen nabuur. Het 
waa er echt^ verre af, dat die boop verwezenlijkt werd. 
Denzelfden dag , waarop bet ibet den Keizer gesloten verdrag 
te Parijs bekend gemaakt werd, benoemde bet Directoire 
den Generaal bonapakte, die zich in den laatsten krijg 
eenen onsterfelijken roem verworven bad en aan wien men 
deu DU gesloten vrede verschuldigd was , tot Opperbevelhebber 
ova het dus genoemde Ëngelsche leger, 't welk op de noor- 
delijke kusten van Frankrijk vereenigd was , met bet doel, om 
eene landing tn het Vereenigde Koningrijk te bewerkstelligen. 



V Google 



43S qescuiedenis van het 

Ter verwezealijking van dat groot ontwerp moest ook, 
volgeus de planaen van het Directoire, de Bataafsche en 
Spaansche zeemagt medewerken, gelijk die beiden in het 
vorige jaar waren bestemd geweest, om de landing in Ier- 
land krachtig te ondersteunen. Het was in de laatste dagen 
des jaars 1797, dat men bier te lande de voorloopige mede- 
deeling van deze plannen ontving, die eerst meerdere ont- 
wikkeling kregen, nadat de Generaal bonaparte tot Opper- 
bevelhebber der onderneming benoemd was. Deze wendde 
zich regtstreeksch tot het Bataafsch uitvoerend bewind , zond 
twee zijner meest vertrouwde onderbevelhebbers, forfait en 
ANDREOssi, herwaarts, om met het bewind te overleggende 
maatregelen , die tot bevordering der onderneming dezerzijds 
behoorden genomen te worden, en noodigde het tevens uit, 
binnen drie weken naar Ostende te zenden een getal van 
twee honderd of twee honderd vijftig visscbersvaartuigen , in 
staat om ieder 80 tot 100 man te bevatten en verdeeld in 
divisien , aangevoerd door Bataafsche zeeofficieren. Bovendien 
vorderde hij eene groote menigte balken, masten, ankers en 
andere behoeften tot uitrusting der Fransche scheepsmagt. 
Door deze middelen en met de medewerking der Texelsche 
vloot en der transportschepen , die aldaar een legercorps aao 
boord zouden nemen, twijfelde bonaparte niet, gelijk bij 
zich in eenen brief aan het uitvoerend bewind uitdrukte, in 
vereeniging met deFransche flotille en de vloot, die teBrest 
gereed gemaakt werd , te zullen slagen in het gewigtige werk 
dat hem was opgedragen , "en eerlang de Kaap en de overige 
Bataafsche volkplantingen te veroveren, en den gemeenschap- 
pelijken vijand der vrijheid te vernederen."' 



I De oonpTonkelylce brief van BOHtFtKXE aia bet Directoire eiJODtir de li repn- 
bliqne, BiUve, gBJ');teekeiid 21 Plureose an VI, ie nog aanwezig. De tooo Tan dien 
brief is gebee] andert dan die, «ellien bonaparte liter voerde. Onder anderen aehreef 
hy : "L'eipoir que j'ai d» rêuinr dam etlle fnüriim imporiattte ett en portie fotdt 
mr Vi^ipui gae j'tip^e irotntr de Ut part de nolre brave Ao^n el en parlieulier 
de lei iUustTea magiatrat)." En later iprekende van de lending van rsKFAEt en 
ANFisEoasl: "Je luU /dcM que pour cel inatarU je ne puiiie m'g rendre nioi-mime." 



1, Google 



NEDESLAND8CBE ZEEWBZETT. 4S3 

Niettegeaataande de uitputting vaa 's liEnds schatkist en 
de zware ramp, welke de vloot van den Staat in den zee- 
slag van Kamperduin geleden had, zag het Bataafsch bewind 
zich dus aodermaal genoodzaakt, mede te werken tot eene 
onderneming , waarvan de gunstige uitkomst na het gebeurde 
in het vorige jaar, ten minste hoogst twijfelachtig moest ge- 
acht worden. Men liet intusschen niet na, gehoor te geven 
aan het uitgedrukt verlangen van het Fransche Directoire, 
welks wenschen in deze dagen voor bevelen gotden. In allerijl 
werden de bruikbare linieschepen , fregatten en andere oor- 
iogsvaartuigeu in gereedheid gebragt , * van welke het mee- 
rendeet in Texel vereenigd en waarover het gebied aan den 
Schout-bij -nacht storï opgedragen werd. Eeu voldoend ge- 
tal transportschepen , geschikt om 15000 manFraosch krijgs- 
volk in te nemen , werd gehuurd ; * masten , ankers en andere 
becoodigdhedea naar Ostende gezonden, en geschikte vaar- 
tuihen geprest; alles ter voldoening aan de aanvrage van den 
Generaal bonaparte. 

Dan , deze uitrustingen , die aan het vaderland wederom 
tonnen schats kostten , bleven zonder gevolg, even als die, 
welke het vorige jaar tot ondersteuning der Ieren gedaan 
waren. Bonaparte had den schijn aangenomen, de door 
het Directoire hera opgedragene onderneming tegen Engeland 
met ijver te zullen volbrengen; maar een ander, niet minder 



■ Vnlgcna «ene mededeeliDg van den Ageut tbc marine un bet nilroennd bewind , 
*ip 1d Febr. 1798. konden binnen twes inianden Toor den dientt in de Noordiet ge- 
reed iQb: twe« aohepaB nn IS, vier vm 68, twae iitn &fl, twee fsn 44, acbietcndc 
SO pond, ÜD Ttn 86, twm van 8S, twee ven SB cd ^'n van 22 atnlclcen, bcDerene 
vier brigiDtgueu van IS tot 18 «tukken en ile uoodige >dirfajagten. Waarlijk geece 
oDwnxienlijke magt ni zulk eene zware r*mp alg die van den 11 October. 

* Da Fnowbe gezant de la cboix en de generul joubebt te 'iHage vorderden, 
dat er, behtlve de noodige transportiehepen by de vloot van Teiel tot overbrenging 
TiD ISOOO man troepen, nog dergelijke vaartnigea zonden worden ingehnaid tot ber- 
ging van SSOO paarden, en wel, tot overbrenging van 81)0,000 lut ammunitie enz. 
De igent van DuriDe berekende, dat tot een en andsr niet minder dan 880 achepen 
van 3 tot 400 laat noodig londen lyn, en dat de koaten van inhnring, wurborg, eni., 
60 millioen louden bedragen. Dit onder hunne aandacht gebragt alJnde, ichrecf de u 
CBOix, JU» e'HiritKu erreur, en dat men bedoeld had 300 , ia plaata van 800,000 laati 

V. 28 



1, Google 



434 QESCHIEDENIS VAN HET 

groot, niet miDder reusachtig ontwerp, dat in vreemdsoor- 
tigheid eene landing in Engeland overtrof, vervulde zijne 
geheele ziel en deed hejn van die onderneming afzien. Hij 
stelde zich voor de verovering van Egypte met al de gewig- 
tige gevolgen , die hij zich daarait voorspiegelde , zoo teD 
aanzien der staatkunde als des handels. Het kostte hem nog- 
tans veel moeite , de toestemming van het Directoire tot dieD 
togt te erlangen, doch eindelijk slaagde hij er in, en met 
zijn vertrek en een aanzienlijk gedeelte van het leger ver- 
traagden eerst de toebereidselen tot de landing en werdeQ 
zij vervolgens, althans tijdelijk, gestaakt. De uitrustingen 
in deze gewesten hielden daarmede insgelijks op. 

Het Fransche bewind, hoewel dus de groote onderneming 
tegen Engeland opgevende, zag daarmede niet af van de 
ondersteuning der lersche opstandeHngen. Het gelukte drie 
fregatten, in de maand Augustus 1798, eene kleine afdee- 
ling krijgsvolk onder den Generaal hcmbert op de noord- 
west kust van Ierland aan wal te zetten, welk corps aan- 
vankelijk eenige voordeelen behaalde, doch daarna, even als 
een tweede, dat sterker was, door de Britten geslagen 
en grootendeets krijgsgevangen gemaakt werd. In de helft 
der maand September liep een eskader uit Brest, bestaande 
uit één schip van linie, acht fregatten en eene brik, 4000 
man troepen en een' grooten voorraad van wapenen en andere 
krijgsbehoeften aan boord hebbende. Ook dat eskader, dat 
krijgsvolk en die wapenen waren voor de lersche opstande- 
lingen bestemd ; doch op de kusten van dat eiland door 
eene Britsche scheepsmagt ontmoet en aangetast , viel dit 
geheele eskader in de magt des vjjands, uitgenomen twee 
fregatten en de brik , die ter naauwernood het gevaar ont- 
snapten. 

De fransche regering, verlangende dat ook van deze zijde 
iets zou gedaan worden , om hare pogingen tot bijstand der 
Ieren te ondersteunen , noodigde het Bataafsch bewind uit , 
twee der in Texel gereed liggende fregatten , met zoo veel 
krijgsvolk , wapenen en verdere oorlogsbehoeften , als zij kónden 



V Google 



NEDERT.ANDSCHE ZEEWEZEN. 4d5 

bevatten, oaverwijld met hetzelfde doel naar dat eilaad te 
zenden. Hoewel de Agent van marine daar tegen gev?ig- 
tige bedenkingen in het midden bragt, voornamelijk gegrond 
o|) de nabijheid van de vele vijandelijke schepen , die het 
zeegat van Texel bezet hielden, besloot het uitvoerend be- 
wind ' nogtaas eindelijk , op den herbaalden aandrang der 
Fransche regering, hanr te wille te zijn, en kozen, na lang- 
durig wachten op eene gunstige gelegenheid , in den laten 
avond van den ^3 October, de twee fregatten, de Furie, 
vroeger de Wïlhelmina , van 36 , en de Waakzaamheid vao 
24 stukken , gevoerd door den kapitein -luitenant bartholo- 
HEUS PLETsz eu den kapitein MEiNDEaT van nierop, zee; 
beide aan boord hebbende eenig Bataafsch en Fransch krijgs- 
volk, met een goed getal officieren, veldgeschut, wapenen, 
kruid en andere benoodigdheden tot onderstand der Ieren. 
De uitkomst bewees, dat de door den Ageat van marine* 
geopperde zwarigheden gegrond waren. 

De uitslag dezer onderneming hing grootendeels af van 
de geheimhouding der bestemming van de beide schepen en 
van de wijs, waarop zij uitgevoerd werd. Om het geheim 
te bewaren, werd voorgegeven, dat de fregatten voor de 
Westindische volkplantingen bestemd waren, en opdat de 
goede uitvoering zoo veel mogelijk zou worden bevorderd, 
werden door den Schout-bij-nacht story aan den kapitein 
VAN NIEROP en den kapitein-luitenant fletsz omstandige 
voorschriften gegeven. Daarbij werden zij , onder anderen , 
gelast, Hewijl het wel of kwalijk gelukken der onderneming 
daarvan vooral afhing, om, zoodra de twee fregatten zouden 
in zee gekomen zijn, koers te stellen digt langs den wal tot 
af en aan bet Viie, ten einde, wanneer zich in dien tus- 



> In July 179S. 

> Wunige dagen na het nitloopcD itx beide fregatten kreeg dicd hier te lande de 
tjjdÏDg Tin het iniBlnkken der Frenaeha anderneaiin^n trgen Ierland, waarop door den 
Agent TH marine een nentraal vaartotg de fregatten achter na gezonden verd , met 
laat, M^CDhlikkelyk terng te kccren of in eene der Nuordsehe leehaïena bianea te lD(i|ien, 
doch dit vu te Uut. Sacrale NotuUn van hat Mtvoarand hetomd, B Mot. 17BS. 

28» 



1, Google 



436 OSBCflIEDENIS TAN HET 

scheatijd een overmagtige vijand mogt vertoonea, aldaar binneii 
te loopeD , tot zoo laag de vijand van daar verwijderd zou 
zijn en zij hunnen togt met den meesten spoed zouden kun- 
nen vervolgen ; en verder om , indien zich tot op de hcxigte 
van het Vlie geen vijand mogt vertoond hebben , hunnen 
koers langs den wal voort te zetten tot aan het eiland Rot- 
tum, ten einde van daar hunnen koers te stellen noordwest 
of noordwest ten noorden, naar het eiland Fayerhill, om 
tusschen dat eiland en Hitland door te loepen en van daar 
verder benoorden om zich naar de Noordoostkust van Ier- 
land te begeven, zich aldaar in betrekking met de Insur- 
genten te stellen, en vervolgens het krijgsvolk, geschut en 
vetdere behoeften in eene der havens van die kust te ont- 
schepen. ' Om de beide Bevelhebbers in de gelegenheid te 
stellen , deze bevelen naauwgezet en zonder gevaar ten uit- 
voer te brengen , gelastte de Schout-hij-nacht stoby aan 
een der bekwaamste en meest vertrouwde loodsen , met zijn 
vaartuig de twee fregatten vooruit te zeilen en hun den weg 
langs den wal te wijzen, tot zoo lang de omstandigheden 
het raadzaam zouden doen achten en de beide schepen het 
ruime sop konden kiezen. 

Naauwelijks waren de Waakzaamheid en de Furie in zee 
gekomen, of de loods 'begaf zich aan boord van eerstge- 
noemd schip en deelde 'aan den kapitein van nieeof, als 
den oudsten der twee bevelhebbers, mede den last, die hem 
door den Schout- bij 'Dacht was opgedragen, hem radende.' 
lang den Haaks af te houden , waartoe de wind gunstig was , 
'ten einde eerder oost te kunnen krijgen gedurende den nacht 
en alzoo te spoediger in veiligheid te geraken voor de Ëngel- 
scbe schepen, van welke bij berigtte, eenige voor twee of drie 
dagen een eind wegs ia zee gezien te hebben. Aanvankelijk 
gaven van nieeop en pletsz aan dien raad gehoor; maar 
het leed niet lang, of eerstgenoemde stak met de Waak- 



< uit d« gewont en Mcrete arden en ÏDitractien *ru den ScboDt-blJ-nuht stokt 
DT d« CommanduiUa d» twee fregttUo , gedagtesliBtid 31 July 17II8. 



V Google 



HEDERLANDSOHE ZSEWEZKN. 437 

zaamieid op zee, geheel in strijd met de ontvangene 
bevelen, en rigtte den koers noord-noord-west regelregt 
naar Fayerhill, welk voorbeeld door den kapitein-luitenant 
PLETSZ, uit hoofde van het verkeerde begrip, dat hij ver- 
pligt was, den kapitein van nterop, ah ouder officier, in 
elk gevat te gehoorzamen en bij hem te blijven, met de ^un> 
gevolgd werd, verliezende zij aboo het vooruitzeïlende loods- 
vaartaig ait het gezigt en verwijderende zich tevens meer 
en meer van den wal. Deze strafwaardige handelwijs was voor 
beiden zeer noodlottig ; want , reeds den volgenden morgen , 
te» zeven ure , werden aan lij eenige vreemde schepen , waar- 
onder twee van oorlog, ontdekt, die men weldra herkende 
voor een engelsch konvooi. Kort daarop ontwaarde men vooruit 
een kloek vijandelijk fregat, dat later bleek te zijn de Sirim 
van 44 stukken, gevoerd door kapitein riuhard king, als- 
mede een kotter, die beide tegen de Bataafsche fregatten 
inleiden en met volle zeilen er op aankwamen, terwijl 
nog te loefwaart zich een ander zwaar oorlogsschip vertoonde. 
Zoodra nibrop en fletsz deze schepen zagen , staken zij 
met kracht van zeilen bij den wind oost ten noorden op om , 
kon het zijn, den vijand te ontvlieden en den wal te nade- 
ren. Doch deze poging mislukte door de meerdere bezeild- 
heid en het beter manoeuvreren van het engelsche fregat. 
Hierdoor schoot aan de Bataafsche schepen geen ander red- 
middel over, dan zich zoo naauw mogelijk aan elkander te 
sluiten en gemeenschappelijk ' den vijand het hoofd te bieden. 
Maar ook dat redmiddel hielp niet, zoo wegens de onbe- 



' Deie gemeeDscIiappelijke verdediging wsj te meer Doodig, omdat de Sirinl veel 
■terkei wsj din één der Bi'sarache fregatten op zich zelrea. Volgens saENTON voerde 
de Siriui niet meer dan SU stukken, doch tan nfehop en pletsz ïtrkltarden , ieder 
in het bijzonder, dit bij met 44 itukken genapetid nas, eo wel met 20 acbltlen pon- 
ders, 10 negnipoDden en 8 carunnades van 32 pond. \1e WaaJctaatnheid , daarcnlo- 
gen, voerde alechts S4 lebtpooders en 2 zespondcrs^ ie Furie 26 slakken van Iwiiir- 
en tien van 6 pond. Afzouderlijk waa iaa ia de Waatiaamieid in de Furie niet 
tegen den Siriut bestand; maar vereroigd kondeo deie beide fregatten, indien i|j 
goed afngïvoerd werden, het vgudelljk Mhlp het hoofd bitdea en mogelijk TermeMte- 
rsD, vooral ook, omdat zQ dooi het aan boord t^nde krggsvolk alerk hBmaud wtxta 
en dMnnede den Sirau veel afbnnk konden toebrengen. 



„Google 



438 GESCHIEDENIS VAN HÏT 

zeildheid van de Furie , als door de verkeerde maatregeleo 
vau de twee bevelhebbers. De Bataafsche fregatten geraak- 
ten van elkander verwijderd, en hierdoor kreeg de kapitein 
KiNG gelegenheid, het een na het andere aan te tasten en 
voor zijne overmagt te doen bukken. Eerst naderde hij de 
Waakzaamheid, wier verovering hem weinig moeite kostte. 
Onbeschrijfelijk toch was de verwarring die in dat oogenblik 
op dit fregat heerschte , welke zoo groot waa , dat men eene 
vijandelijke gewapende sloep voor de overgave aan boord 
toeliet, zonder de manschappen krijgsgevangen te maken. 
Die verwarring werd grootendeela veroorzaakt, dewijl het 
water, vermoedelijk ten gevolge van kwalijk herstelde grond- 
schoten, bij den zeeslag van 11 October . bekomen , sinds 
men aan het vlugten was geslagen, met kracht in het schip 
drong en reeds eenige voeten tusschendeks stond , waardoor 
het fregat zoodanig overhelde , dat de trompen der stukken van 
de batterij waarmede men slaan moest , in het water sleepten. 
In dien toestand en bij het achterblijven van de Furie, die geene 
pogingen aanwendde om hem te ontzetten , achtte vamn[Beop 
verdediging onmogelijk en streek hij de vlag, zonder dat van 
zijn schip 'of van dat des Engelschen bevelhebbers één enkel 
kanonschot gedaan werd. 

Na het nemen van de Waakzaamheid zette RiNode JWn'e, 
die het nog altijd bij den wind hield, in plaats van ruim- 
schoots henen te houden en te beproeven om aldus den vijand 
te ontkomen , met kracht van zeilen na en achterhaalde haar 
even voor het vallen van den avond. Nu tastte de Siriva het Ba- 
taafsche fregat, dat steeds bij den wind bleef voortzeilen en 
geene voordeeliger stelling om den vijand af te wachten , 
genomen had , dan eens aan stuur- dan weder aan bakboords- 
zijde aan, waartegen de Waakzaamheid, wegens hareongun- 
stii^e ligging, slechts weinig tegenstand kon bieden, schoot 
het mecrendeel der brassen en het loopend touwwerk af en 
bragt haar eenige grondschoten toe, waarop de kapitein-lui- 
tenant Pi.ETz, na vier dooden en zestien gekwetsten te heb- 
ben bekomen en na het berigt , dat het water zich in zijnen 



V Google 



NEDERLANDSCHE ZEEWEZEN. 439 

bodem begon te vertoonen , 'besloot , de vlag neder te balen 
en zich aan den vijand overgaf. ' 

De overgave van deze twee fregatten aau één enkel Britscb 
fregat , na geene of luttele verdediging en ten gevolge van eene 
openbare overtreding der gegevene bevelen , verwekte bij de 
regering hier te lande , en niet zonder reden , een hevig mis- 
noegen , ' zoodat de Commandanten , terstond na het ontvan- 
gen der tijding, in hunne betrekkingen geschorst werden. 
Later werd hun gedrag aan een regterlijk onderzoek onder- 
worpen. Beiden werden schuldig verklaard: pletsz door eenen 
hoogen zee- krijgsraad , en uit dien hoofde, gelijk mede wegens 
verregaande onbekwaamheid, van zijne betrekking en rang 
van kapitein -luitenant tot die van eersten luitenant verlaagd, 
met verbod om gedurende de vijf eerstkomende jaren eentg 
's liands schip uf vaartuig van oorlog te bevelen.' Van nierop 
werd door de hooge militaire vierschaar schuldig verklaard 
aan ptigtverzuim , het niet nakomen der hem van hooger 
hand gegevene bevelen , meest voortspruitende uit onbekwaam- 
heid of ongeschiktheid , en aan het overgeven van zijn schip, 
waarvan de verdediging echter , door den grooten aanwas van 
het water en de verwarring , die bij de benadering des vijands 
aan boord heerschte, niet mogelijk was, welke omstandig- 
heden tot zijne verontschuldiging moesten strekken. Van 



> Het vcTkut TBD dit QDgelakkïg voorvtl is ODtlecnd ait de rapporten van viN HltBOF 
en FLKTBZ aan iea Schont-bij- nicht STORI. en ait hunne veihonren en daarop gent- 
ten Sententien vin den hoogen zee- kr|jf>raBd en der hooge militaire vieracbaar , berm- 
tende in het Arohiet van het hoog militiir gersgtthaf. VergelQk bbehton 1. I. vol. 
I. hl. 418. 

■ De Vice- Admiraal dk vintek wbi, "over de onkunde en lafhartigheid der heide 
bereihebben" loo verontwaardigd, dat hg aan de hooge regering bet voontel deed, om 
eene wet te maken, dat al wie een gewapend «hip vaa den Staat overgaf, alvorene 
alle middelen van terdediging oitgepot waren, londer genade met den dood ion gC' 
Itnft worden. Het üitioerend Bewind weigerde echter mik eene wet voor te dragen , 
mmnende, dat de bettaaode wetten voldoende waren, doch dat het tot doa verre aan 
hare taeptuiog ontbroken bad. Seereta Neltle» ean htt üittotreud Bamitd 2S 
Nov. i798. 

> By Yonnii van den boegen lee-kiijgBraad, onder voorzitting van den Viee-Admi- 
raal ns wi>itsx, gehonden aan boord van 'iLands sohip van oorlog OUm&anMtwIA, 

ter leede vin Helleroetiluii , den 23 Oct. ISDl. 



V Google 



440 ' OESCHIEDSNIS TAK HET 

NiBROP werd ait dien hoofde vod de betrekking, door hem 
als kapitein ter zee bekleed, gecasseerd, en wijders onbe- 
kwaam verklaard , het Land in eenigeQ militairen post weder- 
om te kunnen dienen. ' 

Men zou hebben kunnen verwachten, dat het Fransche 
Directoire, na zoo vele mislukte pogingen, het geliefkoosde 
plan, de lersche opstandelingen te ondersteunen, en dat 
eiland van het Vereenigde Koningrijk af te scheuren, zou 
opgegeven hebben. Dit was echter geenszins het geval. In 
den herfst des jaars 1798 werd een nieuw ontwerp gevormd 
en wel op grootere schaal dan nog dit jaar geschied was. 
Maar het Fransch Bewind wilde tevens dat, ^ even als vroe- 
ger, Spanje en de fiataafscbe Republiek het bij deze nieuwe 
onderneming krachtig zouden ondersteunen. 

De eerste mededeeling deswege ontving nten dezerzijds in 
de helft der maand October door den Bataafschen gezant te 
Parijs, RUTOER jan scuiumelpennince , die dringend aan- 
raadde, zich bereid te toonen om aan deze aanzoeken te 
voldoen , daar het eene verkeerde en vergeefsche poging zou 
zijn, zich daartegen te verzetten, en tevens het beste mid- 
del, om zich te zuiveren van den blaam van Ëngelschge- 
zindheid, door sommigen het Bataafsche Bestuur aangewre- 
ven. * Het Uitvoerend Bewind gaf aan dien raad gehoor en 
bepaalde, dat er tot dat doel ia gereedheid zouden worden 
gebragt: vijf linieschepen van 56 tot 68, twee geraseerde 
fregatten van 44 stukken, ééne korvet en elf grooteodeels 
gewapende transportschepen , te zamen bemand met 2800 
zeelieden, en ingerigt, behalve tot bet vervoer van eenen 



1 Bg TODD» TtD 10 JnliJ lSa«, ep iMlcrftcbtlgd door h«t SUttibeiriDd d«n IS Jnly 
Tin dtt jati. B«b>lvB de Ftirie au d« Waaktaamitid . nd nog m 1T9S in 'irilnds 
huden ds Irik de Ctmriar, laitcDent j. lasBAHDa. Ook ODtTing men de lildiog lan 
WD berig geieebt in de Weitindiin , tniicben de brik Ondtnindiiig , kapileia-laite- 
nut BEBUiTBlus GD de EogeUche koriet de Scorpion. HcSHUSlus vcrdedigda licb dap- 
per aa iloag den oTermigtigen iQaDd at, doch werd door eenen kogel getroffen, die 
bem bet laren bmam. 

> Zie KDTonE JAH BCdiKHiLFiflnmcE «« aatiga fftbmrUniuen wut igne» tyd, 
D. I. bl. IM. 



V Google 



NEDBRLANDSCHE ZBEWBZBN. 441 

aaazienlijken voorraad krijgsbehoeften , tot overbrenging vao 
5000 man Bataafsche troepen , zoo voetvolk als ruiterij , artil- 
leristen ea ingenieurs. Het opperbevel over de geheele expe> 
ditie vrerd toevertrouwd aan den Luitenant-Generaal daen- 
DBLS , en onder hem , voor zoo verre de scbeepsmagt betrof, 
aan den kapitein ter zee ^gioics van braam , die onlangs met 
den voormaligen kapitein ter zee, theodorus franciscus van 
CA?Ei.i.EN en eenige vreinige andere voormalige zee-ofticieren 
in dienst der Bataafscbe Republiek getreden waren , na zulks 
ten gevolge der onberaden ontbinding van bet gebeele corps 
der marine in de eerste dagen der Omwenteling, vroeger 
geweigerd te hebben. Aan daendels werd gelast, ' de onder 
hem gestelde krijgsmagt op de lersche kasten te doen lan- 
den, docb te gelijk hem de vrijheid gegeven om, bijaldien 
eene vijandelijke overmagt zulks belette, of de bij hem in- 
gekomen berigten bet onraadzaam mogten maken, alsdan 
met de drie oudste zee-officieren te overleggen, of er met 
mogelijke hoop op eenen gewenschten uitstag een aanval op 
andere gedeelten van de Britsche bezittingen , 't zij New- 
foundland, 't zij Canada, zou kunnen ondernomen worden; 
in welk geval hij gemagtigd werd, datgene te verrigten wat 
tot afbreuk van den gemeenen vijand en tot bevordering van 
de welvaart en de eer der Bataafsche natie zou kunnen dien- 
stig geoordeeld worden. ' 

De voor dezen togt bestemde schepen werden in Texel 
gereed gemaakt en het krijgsvolk in de nabuurschap bijeen 
gebragt, om op bet eerste bevel te kunnen aan boord gaan. 
Dan , even als de vroegere , bleef ook deze onderneming zon- 
der gevolg , dewijl het Fransch bewind , van welks willekeu- 
rige beslissing thans alles afhing, het noodig achtte, dal 
de expeditie, immers vooralsnog, geen voortgang zou heb' 
ben , waarvan de mislukte togt van den Franschen Admiraal 
BRuix, die in April desjaars 1799 met eene vloot uit Brest 



V Google 



442 nESCHIEDENlS VAN HET 

ia zee liep, om eene landitig in Ierland te doen , ak de naaste 
oorzaak moest aangemerkt worden. 

Hetzelfde lot, dat de onderneming tegen Ierland ten deel 
viel , trof ook een ander ontwerp , 't welk in den beginne 
van het zoo even genoemde jaar 1799 gevormd werd. 

Na het mislukken van den togt van den Schout-bij- nacht 
LCCAS, was men reeds meermalen bedacht geweest , hulp in 
schepen en krijgsvolk naar Oostindië te zenden, ten einde 
de nog overgebleven gewigtige volkplantingen in die oorden, 
welke genoegzaam weerloos waren , zoo mogelijk voor het 
Moederland te behouden. Dan verschillende ongunstige om- 
standigheden hadden zulks telkens belet. In Augustus 1796 
drong het Committé tot den Oostindischen handel en be- 
zittingen met den meesten ernst wederom op dien bijstand 
aan , en betoogde van tijd tot tijd bij herhaling de volstrekte 
noodzakelijkheid van zoodanige hulp. Zoolang het voornemen 
bleef bestaan tot de uitvoering der expeditie naar Ierland, 
waartoe een aanzienlijk gedeelte van 's lands vloot en van 
• het leger moest gebezigd worden , was het onmogelijk aan 
deze herhaalde verzoeken te voldoen. Het uitvoerend bewind 
zeide echter aan het Committé tot den Oostindischen handel 
toe dat, bijaldien de genoemde expeditie geen voortgang 
mogt hebben, van de daartoe in dienst gestelde schepen en 
troepen zoo veel als noodig mogt zijn , zouden bestemd wor- 
den voor den verlangden bijstand. ' Het l'itvoerend Bewind 
ging verder. Het besloot, ' in de veronderstelling, dat de 
onderneming tegen Ierland van de zijde der Fransche rege- 
ring geen plaats meer zou hebben, en dat deze geene be- 
denkingen zou in het midden brengen tegen de uitrusting 
voor Indtë, als hinderlijff aan andere ondernemingen tegen 
den algemeeaen vijand, voor den togt naar Java te bestem- 
men vijf linieschepen van 68 tot 74 , twee van 54 , twee 
fregatten van 44, een van 32, vier van 24 stukken, de 



I aecrale lfoi»im cm» M MwMTmiA hewiad, 22 Ang., 27 Nov. en ieD«c.l7SS. 
> 3^ StereU Ba. vid 3S Jan. 1799. 



V Google 



NBDSRLAND8CHE ZBKWKZBN. 443 

vijf laatste als fluitschepen gewapend, benevens twee advys* 
jagten. Over dit eskader werd tot bevelhebber benoemd de 
Scho